Groninger Kerken janjuair 2013

Click here to load reader

  • date post

    05-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    230
  • download

    3

Embed Size (px)

description

Het januarinummer van Groninger Kekren - testfase

Transcript of Groninger Kerken janjuair 2013

  • 1twaalfde eeuw de baksteenbouw in zwang raakte.5 De bak

    stenen toren van de kerk te Stedum is rondom gefundeerd

    op twee lagen tufsteen. Drie van de vier hoeken van de fun

    dering zijn van roze zandsteen, evenals tufsteen een natuur

    steensoort die in de elfde en twaalfde eeuw over de Rijn werd

    ingevoerd. Daarmee is niet bewezen dat deze bakstenen ker

    ken tufstenen voorlopers hadden, want tufsteen van elders

    werd destijds gretig hergebruikt.6

    Baksteen, tufsteen, zandsteen De Bartholomeuskerk in Noordlaren is evenals die in Stedum

    opgetrokken uit baksteen. In Stedum is nooit archeologisch

    bodemonderzoek verricht, in Noordlaren wel.4 Behalve de

    zojuist genoemde sarcofaag zijn daar sporen gevonden van

    een houten voorloper van de huidige kerk. De toren van

    Noordlaren bevat kraagsteentjes van tufsteen, het materiaal

    waarvan stenen kerken werden gebouwd voordat in de

    Stainen ien SteemRomaanse elitegrafcultuur in en om de kerk te Stedum

    Wie als buitenstaander de Bartholomeuskerk in Stedum bezoekt, komt doorgaans voor het praalgraf

    dat Rombout Verhulst in 1670 voor jonker Clant maakte, of voor de vijftiende-eeuwse gewelf-

    schilderingen.1 De huidige kerk is in de dertiende eeuw gebouwd. De heiligennaam Bartholomeus

    doet vermoeden dat hier al eerder een kerk stond. Deze heilige was omstreeks 1100 in de mode.

    Ook de twaalfde-eeuwse kerk in Noordlaren is aan hem gewijd. Daar is in 1976 een romaanse stenen

    doodkist (sarcofaag) uit die tijd opgegraven.2 In Stedum heeft P.G. Heinsbroek onlangs tijdens

    een grondige inspectie met de plaatselijke kerkgids T. Burgstra nog meer sporen van romaanse elite-

    grafcultuur gevonden. Met zijn instemming vatten we deze vondsten hieronder samen.3 Ze geven

    een beeld van het rijke parochieleven uit de tijd van vr de huidige kerk.

    1 J. Kroesen en R. Steensma, red., De Groninger cultuurschat. Kerken van 1000 tot 1800 (Assen 2008) 101-102, 132-133.2 K. Kuiken, Middeleeuwse zandstenen grafkisten in Groningen, Groninger Kerken 21 (2004) 13 (Noordlaren A).3 P.G. Heinsbroek, Stedum. Rapport Ned. 222. Gr. 32 (uitdraai Vlaardingen 2012), aanwezig in mediatheek SOGK.4 Over de restauratiegeschiedenis van de Stedumer kerk onder meer: K. van der Ploeg, Kerkrestauraties in Groningen tot ongeveer

    1955, in: R. Steensma e.a., red., Kerkrestauraties in Groningen (Zutphen z.j.) 13-15.5 H. de Olde, Tufstenen kerken in Groningen, Groninger Kerken 19 (2002) 5, 28.

    1 De kerk van Stedum uit het zuiden. Foto Regnerus Steensma.

    Kees Kuiken

  • 2 3

    bruikt. In de kerk te Engelbert zijn in 2004 brokstukken van

    een romaanse sarcofaag teruggevonden als achterwand van

    de sacramentsnis.13 De kerk in Stedum is op grond hiervan

    eveneens onderzocht op hergebruikte sarcofaagbrokken.

    Twee romaanse hagioscopen (kijknissen) in de westmuur

    van het noordertransept bevatten rode zandstenen lateien

    met het soort frijnwerk (Gardinenschlag) waarmee ook de

    binnenwanden van veel volmiddeleeuwse zandstenen sarco

    fagen zijn versierd. Mogelijk zijn ook voor de bodemplaten

    van deze kijknissen afgedankte sarcofaagbrokken gebruikt.

    Deze roze zandstenen platen zijn nu echter glad afgesleten.

    Als er al een versiering was, is deze verdwenen, maar het is

    ook mogelijk dat de bij het onderzoek niet genspecteerde

    onderzijde versierd was. De roze zandstenen lateien zijn on

    geveer 80x30 cm groot. Een ervan zou een wandfragment

    kunnen zijn van de sarcofaag Stedum A. Het frijnwerk ver

    schilt van dat op het fragment Stedum B. Wij zien vooralsnog

    geen aanleiding om deze vondsten een nieuw catalogus

    nummer te geven.14

    Slijtplekken in de bovenrand van n fragment van de

    sarcofaag Stedum A zouden kunnen wijzen op hergebruik als

    veedrenkbak, zoals ook elders wel gebeurde. Hiertegen lijkt

    te pleiten dat de drie Amsterdamse fragmenten van deze

    De Stedumer sarcofaagfragmentenIn 1992 inventariseerde ir. S. Lammers met medewerking van

    de provinciaal archeoloog drs. J.W. Boersma de nog aanwe

    zige zandstenen sarcofagen in en uit de provincie Groningen.

    Het Rijksmuseum te Amsterdam bleek drie brokstukken te

    bezitten van een roze zandstenen sarcofaag uit Stedum. In

    1970 is op de Niehof te Stedum nog een vierde sarcofaagfrag

    ment uit de kerk (in 2004 gecatalogiseerd als Stedum B)

    tentoongesteld.10 De fragmenten uit het Rijksmuseum ( Ste

    dum A) zijn in 1999 overgedragen aan de huidige Rijksdienst

    voor het Cultureel Erfgoed.11

    Het begraven in zandstenen sarcofagen raakte in de loop

    van de twaalfde eeuw uit de mode, zowel aan het Duitse kei

    zershof als bij de hoge adel en geestelijkheid. De grafcultuur

    van deze elites werd in de loop van de late Middeleeuwen

    persoonlijker en uitbundiger. Een relatief anonieme bijzetting

    in een in de kerkvloer of het kerkhof ingegraven sarcofaag,

    gedekt met een met simpele abstracte motieven of liturgi

    sche symbolen versierde grafplaat, voldeed niet langer. Elite

    families investeerden nu liever in bovengrondse grafcultuur

    zoals beeld en wapenzerken.12 Veel oude sarcofagen maak

    ten plaats voor grafkelders en werden afgedankt (zie bijvoor

    beeld de fragmenten van Stedum A en Stedum B) of herge

    meer (familie)graven onderhield.7 Deze zandstenen sporen in

    en uit Stedum kunnen worden genventariseerd als:

    a zandstenen sarcofaagfragmenten, nu in depot bij de Rijks

    dienst voor het Cultureel Erfgoed;

    b zandstenen sarcofaagfragmenten, hergebruikt in nissen

    (hagioscopen) in de huidige kerk;

    c fragmenten van zandstenen romaanse grafplaten, herge

    bruikt als stapstenen op het kerkhof.

    Van dit zelfde type roze (of bonte) zandsteen zijn in Stedum

    nog enkele objecten gevonden:

    d voormalige zandstenen altaarstenen (mensae), waarvan

    n hergebruikt als wapenzerk;

    e diverse zandstenen bouwelementen in de dertiendeeeuw

    se toren en in de torentoegang.

    Van een afwijkend, lichtgeel gekleurd type zandsteen zijn

    drie (veel) later gedateerde objecten:

    f drie grafplaten van gele zandsteen in de kerk, gedateerd

    1471, 1512 en 1694.

    Omdat vanaf omstreeks 1200 in Bentheim lichtgele en grijze

    zandsteen is gewonnen die in grote hoeveelheden naar de

    Nederlanden werd uitgevoerd, lijkt het aannemelijk dat de

    grafplaten onder f. zijn gemaakt van Bentheimer zandsteen.

    De roze zandsteen van de volmiddeleeuwse objecten heet in

    de literatuur ook wel bontzandsteen of Bremer zandsteen.

    Deze laatste term is in 1937 gentroduceerd door de archeo

    loog Van Giffen bij de vondst van een zandstenen fragment in

    de kerk van Eelde.8 Er zijn echter geen aanwijzingen voor de

    invoer van sarcofagen vanuit Bremen. Bremen zou in de late

    Middeleeuwen een stapelmarkt voor zandsteen zijn. Toch is

    in de Dom, de voornaamste volmiddeleeuwse elitebegraaf

    plaats van die stad, geen enkel sarcofaaggraf bekend.9

    Maar of de voorloper van de bakstenen Bartholomeuskerk

    in Stedum nu van hout of van tufsteen was, de zandstenen

    sporen van een rijke elitegrafcultuur laten geen ruimte voor

    twijfel. De Stedumer kerk was al in de eeuwen vr 1200 (de

    zogeheten volle Middeleeuwen) een plaats waar minstens

    n en misschien wel een groep adellijke families n of

    10 Kuiken, Groningen 12-14.11 Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, depot Schaarsbergen, inv. nrs. BK NM 8644-1, 8644-2 en 8644-3.12 K. Kuiken, Prominentie en paupertas. De grafcultuur van een twaalfde-eeuws adelsnetwerk, Virtus 11 (2004) 13-17.13 K. Kuiken, Middeleeuwse zandstenen grafkisten in Groningen (2), Groninger Kerken 22 (2005) 75-76.14 We maken van deze gelegenheid gebruik om de catalogus aan te vullen met het in april 2010 onder het Martinikerkhof Z.Z. te

    Groningen (archisnr. 41117) opgegraven voeteneinde van een sarcofaag (Groningen F; zie voorlopig M. Hoexum Bijzondere vondsten op Martinikerkhof, Dagblad van het Noorden (22 april 2010) 24).

    15 Aantekening op inventariskaart Rijksmuseum nr. 8644, d.d. 10 april 1880.

    6 De Olde, Tufstenen kerken 25-26.7 Over deze adel recent R.H. Alma, De Ommelander hoofdeling: edelman of boer? Stad en lande 21/3 (2012) 11-15.8 K. Kuiken, Zandstenen grafkisten in middeleeuws Drenthe, Nieuwe Drentse Volksalmanak (2006) 154-156.9 Kuiken, Groningen 6; K.H. Brandt, Ausgrabungen im Bremer Dom 1973-1976, in: idem, Der Bremer Dom (Bremen 1979) 56-85. Dat

    Bremen een (laatmiddeleeuwse?) stapelmarkt voor zandsteen was, zoals J. Benders, Een economische geschiedenis van Groningen Stad en Lande 1200-1575 (Assen 2011) stelt, blijkt niet uit Benders annotatie.

    2 Plattegrond van de kerk van Stedum (voor restauratie) waarin

    aangegeven de zandstenen sporen: 1 Praalgraf van Adriaan Clant,

    1669-1672 / 2 Grafplaat van gele zandsteen, met in opschrift 1471

    / 3 Grafplaat van gele zandsteen met ornament van Johan Clant,

    1694 / 4 Altaarsteen / 5 Altaarsteen / 6/7 Hagioscopen in nissen /

    8 Tegels / 9 Tegels voor zuidelijke toegangsdeur toren / 10

    Verticaal geplaatste altaarsteen / 11 Latei boven mansgat / 12

    Afwijkende hoeksteen toren / 13 Hoekstenen toren van rode (bont)

    zandsteen / 14 Stapstenenpad over kerkhof.

    3 De romaanse nissen in de westmuur van het noordertransept.

    Op de bodem platen van rode (bont)zandsteen. Dit materiaal is

    ook gebruikt als latei van de eigenlijke kijkvensters (hagioscopen).

    Foto P.G. Heinsbroek.

    4 Het stapstenen pad ge