Brief Provinciaal Groninger

download Brief Provinciaal Groninger

of 4

  • date post

    11-Jan-2017
  • Category

    Documents

  • view

    214
  • download

    1

Embed Size (px)

Transcript of Brief Provinciaal Groninger

  • m provincie groningen

    Gedeputeerde Staten

    Aan Provinciale Staten

    Datum Briefnummer Zaaknummer Behandeld door Telefoonnummer E-mail Antwoord op Bijlagen

    Onderwerp

    2 4 MEI 2 016 2016-28.477/21/A. 15, RS 633413 M.M. Woppenkamp (050) 316 4128 m.m.woppenkamp@provinciegronin9en.nl

    Provinciaal Groninger Studiefonds

    Geachte dames en heren,

    1. Samenvatting In het schooljaar 2015 - 2016, waarvan nog een klein deel voor ons ligt, wordt het Studiefonds geconfronteerd met externe wijzigingen in het onderwijsbekostigingssysteem. Er is sprake van een toenemend aantal aanvragen, hogere toekenningen, vragen van andere onden/vijsvoorzieningen over aanpassingen peiljaar, extra toekenningen openbaar vervoer MBO-leerlingen, tot aan een wijziging in de landelijke wetgeving met als gevolg een aanzienlijke verslechtering van de financiering van studiekosten voor een deel van de doelgroep. In de afgelopen periode is het Studiefonds, dat een sluitpostvoorziening is waarop voor een tegemoetkoming een beroep kan worden gedaan indien er geen enkel andere voorziening voorhanden is, geconfronteerd met de hiervoor genoemde wijzigingen en gevolueerd tot een instantie met een meer actieve taakuitoefening die meer en beter aansluit bij de werkelijkheid van alledag.

    Het vorenvermelde heeft uiteraard gevolgen voor het Studiefonds, zowel voor de inhoud als voor de administratieve werkwijze: er worden extra middelen voor het fonds beschikbaar gesteld met Ingang van het komende schooljaar 2016 - 2017 en daarna volgende jaren. Wij zullen met het bestuur en de gemeenten bekijken of de opzet van het Studiefonds aanpassing behoeft. In het vervolg van deze brief zullen wij dit nader adstrueren.

    2. Doel en wettelijke grondslag Deze brief dient ter informatie over de ontwikkelingen bij het Studiefonds in het huidige studiejaar zoals hiervoor in de samenvatting weergegeven en om u te informeren over ons standpunt met betrekking tot de ontstane lacune in het onderwijsbekostigingssysteem als gevolg van gewijzigde Rijkswetgeving. Wij geven met onze voorstellen invulling aan de wensen die zijn geuit vanuit uw Staten.

    3. Procesbeschrijving en planning De door ons gekozen insteek, zoals hiervoor verwoord, betekent een deels nieuwe werkwijze van en bij het Studiefonds, waarbij naast de gebruikelijke tegemoetkoming in de kosten van OV ook reparatie plaatsvindt van de verslechtering van de financiering van de studiekosten. Omdat het Studiefonds niet over eigen medewerkers beschikt en de provincie (i.c.de afdeling R & S) alle uitvoerende taken voor het Studiefonds verricht, zal de verbetering van de beheersmaatregelen door de provincie zelf ter hand worden genomen. Voor de beheers- en beleidsmaatregelen geldt dat deze van kracht zullen zijn in het aanstaande nieuwe schooljaar 2016 - 2017.

    Martinikerkhof 12 9712 JG Groningen

    Sint Jansstraat 4 9712 JN Groningen

    Postbus 610 ^ 9700 AP Groningen

    Telefoon 050 316 4911

    www.provinciegroningen.nl info@provinciegroningen.nl

    De provincie Groningen werkt volgens normen die zijn vastgelegd in een handvest voor diensWertening. Dit handvest vindt u op onze website of kunt u opvragen bij de afdeling Bestuur, Jundische Zaken 4 Communioalle 050 316 4160 BTW: NL0019.32.822,B01 / KvK: 1182023 / IBAN: NL84 ABNA 0446 0456 91 / BIC: AflNANL2A

  • Wij zullen met het stichtingsbestuur en ook de betrokken gemeenten bezien of een wijziging van de opzet van het Studiefonds wenselijk is om het fonds beter te laten aansluiten op de veranderende omgeving. Omdat het wellicht ook gaat om juridische kwesties, betekent het dat wij mogelijk een taak zien voor onze afdeling BJC.

    4. Begroting Het Studiefonds valt onder het thema Sociaal beleid van het programma welzijn, sociaal beleid, jeugd en cultuur 2016.

    5. inspraak/participatie Niet van toepassing.

    6. Nadere toelichting Het gaat in hoofdzaak om een drietal ontwikkelingen.

    Digitalisering

    In het huidige schooljaar 2015 - 2016 heeft de door het vorige college van GS doorgevoerde mogelijkheid van digitalisering van de aanvragen (moderner en klantvriendelijker) onmiskenbaar een opwaartse druk gehad op het aantal aanvragen. Het vereenvoudigen van de papierenaanvrage met de vele vragen voor de verschillende vormen van onderwijs, naar de digitale mt de gerichte vragen en de druk op de knop, blijkt voor de jongeren n/of hun verzorgers te werken. In het jaarverslag en de jaarrekening van het Studiefondsbestuur over genoemd schooljaar, zal hierover nadere informatie worden verstrekt. Omdat deze tendens bij de uitvoering van het Studiefonds onvoldoende tijdig is onderkend, er zijn nog committeringen in vervolgrondes, zoals tot nog toe in ieder schooljaar gebruikelijk bij het fonds, aangegaan, heeft er een overschrijding van het beschikbare budget plaatsgevonden.

    Ook de algemene reserve van het fonds, die in de jaren vanaf 2008 is ontstaan toen de openbaar vervoersregeiing voor MBO-leerlingen is ingesteld (100% vergoeding van de OV-kaart) met de aanvullende regel dat het fonds eventueel resterende middelen van een studiejaar mag behouden en doorschuiven naar het volgende, hetgeen in de eerste jaren van de regeling zich telkenjare voordeed, liet in de loop van het huidige schooljaar een tekort zien. Hierna wordt bij het Onderdeel van de Financin op de gevolgen hiervan nader ingegaan.

    Inmiddels zijn er dusdanige beheersmaatregelen genomen, dat een dergelijk incident zich niet nogmaals kan voordoen. Wel kan in het algemeen worden opgemerkt dat het verheugend is, dat meer leerlingen die de bijdragen van het Studiefonds het meest nodig hebben de weg naar het fonds hebben weten te vinden, met als gevolg dat het beschikbare budget van het fonds (van 146.000,-) voor het schooljaar 2015 - 2016, ontoereikend is gebleken.

    Peiljaarverlegging

    Door het Hindrik Schollemafonds, een hulp- en steunfonds voor de leerlingen van het Noorderpoortcoilege, is aan het bestuur van het Studiefonds gevraagd naar de mogelijkheid van peiljaarverlegging bij het Studiefonds om aan te sluiten bij de peiljaren die bij het Schollemafonds en de DUO (Dienst Uitvoering Onderwijs) worden gehanteerd. Een verzoek dat ook vanuit uw Staten ons heeft bereikt. Tot nog toe was gebruikelijk dat bij het Studiefonds het peiljaar wordt gehanteerd dat twee jaren achter het vigerende dienstjaar ligt. Voorgesteld wordt om de keuzemogelijkheid te bieden twee peiljaren te hanteren (1 of 2 jaar terug), waardoor er meer recht wordt gedaan aan de flexibiliteit op de arbeidsmarkt en beter wordt bijgedragen aan het streven om jonge mensen kansrijk te laten opgroeien. Het bestuur van het Studiefonds heeft hiermee inmiddels ingestemd.

    De extra kosten die hiermee zijn gemoeid, bedragen 13.000,-. Dit bedrag is een raming en gebaseerd op de ervaring met de peiljaarverlegging bij het DUO (daar ging het in 2014 om 6% van de aanvragen). Dit zou

  • voor het Studiefonds betekenen dat het om ongeveer 25 gevallen gaat (met een gemiddelde toekenning van 517,-)-

    De suggestie om een expliciete hardheidsclausule te formuleren in verband met de peiljaardiscussie, nemen wij niet over. In de statuten van het Studiefonds wordt een dergelijke mogelijkheid van het opschorten en opzij zetten van alle regels, voorwaarden en normen in zeer bijzondere gevallen, niet aangegeven. Wij achten het voldoende dat in de beschikbare informatie over het Studiefonds (folder e.d.) duidelijk staat aangegeven dat in geval van uitzonderlijke persoonlijke omstandigheden met het fonds contact kan worden opgenomen.

    Lacune in de Rijkswetgeving

    In de vergadering van de Statencommissie Bestuur, Financin en Veiligheid, najaar 2015, is de vraag gesteld of het Studiefonds in verband met gewijzigde landelijke regelgeving van de studiekostenvergoedingen nog voldoet aan de ondersteuning van ouders en leerlingen, zoals die tot nog toe voor ogen staat.

    Wat is het geval? De inkomensafhankelijke tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS) voor ouders met kinderen jonger dan 18 jaar is vanaf het schooljaar 2015 - 2016 budgetneutraal gentegreerd in het kindgebonden budget. Het kindgebonden budget voor kinderen van 16 en 17 jaar is om die reden vanaf 1 augustus 2015 opgehoogd met maximaal 116,- per jaar. In het schooljaar 2014-2015 was het maximale bedrag aan WTOS per leerling 690,93 per jaar.

    Aangezien het kindgebonden budget andere toekenningscriteria kent dan de WTOS is de doelgroep gewijzigd en kunnen nu alle minder daadkrachtige ouders van kinderen van 16 en 17 jaar een extra bedrag via het kindgebonden budget ontvangen, ongeacht welke soort onderwijs het kind volgt. Dit komt neer op en gedeeltelijke compensatie voor de groep ouders die eerder WTOS voor zijn of haar 16 en/of 17-jarig kind ontving.

    Omdat hiermee de doelgroep is vergroot en de overheveling van de WTOS naar het kindgebonden budget budgetneutraal heeft plaatsgevonden, leidt dit voor sommigen helaas tot een verlaging van de bijdrage. En deze verlaging wordt door het ministerie van SZW wel erg gemakkelijk geaccepteerd met de redenatie dat een deel van de doelgroep die wei aanspraak had op de WTOS daarvan wegens onbekendheid met de regeling geen gebruik maakte. Dat niet-gebruik wordt door het ministerie op 40 tot 50% geschat. Deze redenatie vervolgend komt het er in wezen op neer dat in de nieuwe situatie ook ouders die eerder geen gebruik maakten van de WTOS maar daar wel voor in aanmerking kwamen, er op vooruit gaan, omdat het kindgebonden budget (inci. de verhoging van 116,-) in bijna alle gevallen ambtshalve wordt toegekend.

    Wij volgen noch delen deze mening van het ministerie en sluiten aan bij de door de Tweede Kamerleden Jadnanansing/Siderius ingediende motie bij de Vaststelling van de begrotingsstaten van het ministerie van OCW voor het jaar 2016. In de motie