Gronings Goud

Click here to load reader

  • date post

    07-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    225
  • download

    1

Embed Size (px)

description

Ervaringen met Welzijn Nieuwe Stijl.

Transcript of Gronings Goud

  • Ervaringen met Welzijn Nieuwe Stijl

  • 88

    September 2012

  • 99

    Ervaringen met Welzijn Nieuwe Stijl

    Hoe maak je optimaal gebruik van het netwerk van de hulpvrager?

    Antwoorden uit de praktijk in Groningen

  • Colofon

    Tekst: Peter Verschuren en Ina HoltropVormgeving: Niels Knelis MeijerDeze uitgave is mogelijk gemaakt door:Nationaal Programma Ouderenzorg

  • Inhoudsopgave

    I Goud delven: laten zien wat je doet 5 Inleiding: over welk goud hebben we het?II Welzijn Nieuwe Stijl: koers zetten langs acht samenhangende bakens 7 De achtergrond van de omslag in het sociaal werkIII Gronings goud, de opbrengst 12 Drie kenmerkende verhalen uit de praktijkIV Stofgoud 20 Meer voorbeelden van de nieuwe werkwijzeV De omschakeling 25 Hoe ervaren de werkers het?VI Hoe benut je de kracht van het informele netwerk? 32 Echt goud, dat voor het oprapen ligtVII Wat is wat? 40 Toelichting op gebruikte namen en begrippen

  • 5In reactie op een erg kritisch rapport over het welzijnswerk in Rotterdam concludeerden in 2005 enkele welzijnswerkers: Blijkbaar laten we niet goed genoeg zien wat we doen. En

    vervolgens gingen ze daarmee aan de slag. Ze ontwikkelden een aanpak waarin hulpverlening, handelingsonderzoek en het naar buiten brengen van verhalen uit de praktijk van het maatschap-pelijk werk gecombineerd werden. Die aanpak kreeg de naam Goud Delven omdat de initiatiefnemers van mening waren dat de praktijkkennis van maatschappelijk werkers en kwetsbare bewo-ners goud waard is, en dat die kennis relatief makkelijk te delven is. Goud Delven is in de afgelopen jaren verder ontwikkeld en uit-gegroeid tot een vaste waarde in het Rotterdamse welzijnswerk. De aanpak heeft twee keer de Marie Kamphuis Prijs gewonnen, die toegekend wordt aan succesvolle vernieuwende methoden in het welzijnswerk.

    Gronings Goud is de weerslag van een serie gesprekken die gen-spireerd is door de Rotterdamse aanpak. In vijf bijeenkomsten van twee uur besprak een vaste, divers samengestelde groep welzijn- en zorgprofessionals onder leiding van een coach hun werk. >>

    I Goud delven: laten zien wat je doet

  • 6Daarbij ging de aandacht speciaal uit naar de wijze waarop ze invulling geven aan n van de bakens van Welzijn Nieuwe Stijl: het vinden van de juiste verhouding tussen formele en informele hulp. De deelnemers brachten casussen in, reageerden daarop, zochten samen naar de suc-cesfactoren die uit de praktijkvoorbeelden naar voren kwamen en gaven elkaar adviezen. Op de bijeenkomsten werden aantekeningen gemaakt voor dit boekje. Ook zijn daarvoor enkele klanten gesproken en werkers genterviewd los van de bijeenkomsten. Het initiatief voor de bijeen-komsten is genomen door Ina Holtrop in het kader van haar Masterstudie Social Work aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. De deelnemers aan de bijeenkomsten waren naast Ina Holtrop en gespreksleider Sharon Jongsma: Marieke van Barneveld, buurtwerker zorgondersteuning MJDWobbe Cazemier, begeleider NOVOHeleen Damminga, nait soezen-verpleegkundige, TSNJoanna Goebertus, buurtwerker zorgondersteuning MJDJannie Heemskerk, teamcordinator / verpleegkundige NOVOSieka Lantinga, buurtwerker zorgondersteuning MJDPetra Lok, nait soezen-verpleegkundige TSNTine Masselman, Wmo-consulent gemeente Groningen Mariska Roossien, buurtwerker zorgondersteuning MJDWouter Wever, buurtwerker zorgondersteuning MJD. Een bijdrage is verder geleverd door Robin Kleian, buurtmaat-schappelijk werker en Janina Schnieders, opbouwwerker.

  • 7De gesprekken over de dagelijkse praktijk van het welzijns-werk in Groningen vonden plaats tegen de achtergrond van een omslag in het denken en doen. Sinds enkele jaren

    waait er een nieuwe wind in zorg- en welzijnsland waardoor de nadruk in toenemende mate verschuift van individuele zorg naar meer collectieve vormen van ondersteuning. Zelfredzaamheid en participatie komen daarbij centraal te staan en het nieuwe begrip samenredzaamheid geeft de omslag in denken helder weer: niet langer de overheid, maar de buurt of de familie moet zich in eerste instantie bekommeren om de kwetsbaren in de samenleving. Een nieuwe visie die voortkomt uit het idee dat de kosten van de zorg in bedwang gehouden moeten worden, maar ook uit het groeiende besef dat mensen gelukkiger zijn als ze zelf hun problemen oplo-sen of zich nuttig maken voor anderen.

    Wmo moet voor trendbreuk zorgen.De nieuwe aanpak is nauw verbonden aan de Wmo, de Wet maat-schappelijke ondersteuning die vanaf 2007 in een aantal stappen wordt ingevoerd. De Wmo bestrijkt een breed terrein op het snij-vlak van zorg, welzijn en participatie: >>

    langs acht samenhangende bakensII Welzijn Nieuwe Stijl: koers zetten

  • 8bevorderen van sociale samenhang, opvoedingsondersteuning, ondersteuning van mantelzorgers, informatie, advies en clint-ondersteuning, verslavingsbeleid, openbare geestelijke gezond-heidszorg, huiselijk geweld en voorzieningen vr en bevorderen vn het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking.

    Een belangrijke trendbreuk die de Wmo tot stand wil brengen, is het vervangen van het recht van de individuele burger op zorg door de plicht van de gemeente om de zelfredzaamheid en de participatie in de samenleving van die burger te bevorderen. Waar voorheen de Algemene wet bijzondere ziektekosten (Awbz) onder-steuning regelde bij zaken als het huishouden, de activering en de dagbesteding, is het nu in de eerste plaats aan de burgers zelf om hiervoor de verantwoordelijkheid te nemen. De gemeente heeft daarbij de taak om de voorwaarden te scheppen waaronder dat mogelijk is. Participatie, eigen verantwoordelijkheid, mantelzorg en vrijwilligerswerk zijn daarmee kernbegrippen geworden in het zorg- en welzijnsbeleid.

    Stimuleren en inspireren Nieuwe verhoudingen en nieuwe regels betekenen ook een nieuwe werkwijze. Zelfredzaamheid bevorder je niet met hulpver-leners die meteen met oplossingen komen of met instellingen die elke hulpvraag zo definiren dat zij er het juiste antwoord op hebben.

  • 9Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft daarom een stimuleringsprogramma gelanceerd onder de naam Welzijn Nieuwe Stijl. Het programma moet ervoor zorgen dat de mogelijkheden van de Wmo optimaal benut worden, en wil daar-voor stimuleren, inspireren en concrete handreikingen bieden. Wat werken volgens Welzijn Nieuwe Stijl inhoudt, is vertaald in acht punten, de acht bakens van Welzijn Nieuwe Stijl genoemd.

    Als je werkt volgens de 8 bakens, dan:1. richt je je op de vraag achter de vraag. Wat is het werkelijke probleem? Dat onderzoek je samen met de burger. Je voorkomt dat het aanbod van de instelling de vraag stuurt. 2. kijk je nadrukkelijk naar de mogelijkheden van de burger. Je gaat na wat hij zelf kan (met hulp van de directe omgeving) en bepaalt daarna of verdere ondersteuning nodig is. 3. ga je erop af. Je benadert ook mensen die niet om ondersteuning kunnen, durven of willen vragen. 4. zorg je voor een optimale verhouding van informele en formele hulp. Je bekijkt wat het sociale netwerk van de burger kan doen en neemt dat niet over als professional. >>

  • 10

    5. doe je collectief wat collectief kan, en bied je individuele hulp als dit nodig is. 6. bied je samen met de andere betrokkenen de keten- en netwerkpartners een samenhangend en volledig pakket van ondersteuning, waarin de regie duidelijk is geregeld. 7. werk je resultaatgericht: met concrete doelen voor de korte en lange termijn en een plan om ze te halen.8. heb je als professional de ruimte om te werken op basis van je eigen kennis, ervaring en vaardigheden.

    Een revolutionaire breuk met het verleden zijn de bakens van Welzijn Nieuwe Stijl niet: de richting die ze aangeven was in grote lijnen al de route waarlangs het welzijnswerk zich aan het ontwikkelen was. De bundeling in acht punten geeft wel helder de samenhang aan tussen de verschillende ontwikkelingen en helpt daardoor het proces versnellen. Een proces dat leidt tot hulpverleners die stimuleren dat de burger en zijn netwerk de pro-blemen zelf oplossen, en die pas ingrijpen als het echt nodig is maar dan ook als de burger daar niet eerst zelf om gevraagd heeft.

  • 11

    Speciale aandacht voor verhouding formeel informeel

    Ondanks de samenhang tussen de bakens werd er in de gesprek-ken vooral op n ervan gefocust: de optimale verhouding tussen formele en informele hulp. De toelichting die het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport er in het stimuleringsprogram-ma op geeft, is de volgende:

    Het kenmerk van de Wmo is dat de participatie wordt bevorderd niet alleen door een beroep te doen op de eigen mogelijkheden van de burger of de inzet van professionals, maar ook op de inzet van sociale netwerken, vrijwilligersinitiatieven en wijkverbanden. In Welzijn Nieuwe Stijl wordt gezocht naar de optimale verhouding tussen wat burgers (onderling) zelf kunnen en wat professionals moeten. Ook dit baken betekent voor burgers, professionals en gemeenten een forse verandering van houding en aanpak, die breekt met de traditie van recht, of vanzelfsprekend een beroep kunnen doen op professionele ondersteuning. Het past bij Welzijn Nieuwe Stijl dat de professional zich terughoudend opstelt. Zijn of haar kracht ligt er juist in om sa-men met burgers te bezien op welke wijze de burgers zelf de proble-men of klachten kunnen oplossen. Het probleemoplossend vermo-gen, zowel van individuen als groepen moet geactiveerd worden. Het voorkomt daarnaast structurele afhankelijkheid van de professional. Eenzaamheid kan mogelijk beter bestreden worden door het herstel-len van sociale netwerken.

  • 12

    Ik ga u helpen na te denken wie wat voor u kan doenEen alleenstaande 65 jarige man kwam met de