Geweld tegen werknemers in de (semi-)openbare ruimte

Click here to load reader

download Geweld tegen werknemers in de (semi-)openbare ruimte

of 242

  • date post

    11-Jan-2017
  • Category

    Documents

  • view

    217
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Geweld tegen werknemers in de (semi-)openbare ruimte

  • GEWELD TEGEN WERKNEMERSIN DE (SEMI-)OPENBARE RUIMTE

    Bureau Driessen

  • Geweld tegen werknemers in de (semi-)openbare ruimte

  • GEWELD TEGEN WERKNEMERS INDE (SEMI-)OPENBARE RUIMTE

    Een onderzoek in opdracht van het Ministerievan Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en

    van het Ministerie van Justitie

    L.K. MiddelhovenF.M.H.M. Driessen

    Bureau DriessenSociaal Wetenschappelijk Onderzoek

    Utrecht, 2001

  • ISBN 90-73259-26-6

    Bureau Driessen, Utrecht, 2001.

    Bureau DriessenSociaal Wetenschappelijk OnderzoekHironymusplantsoen 83512 KV Utrechttelef.: 030 - 2 33 47 79internet: http://www.bureaudriessen.nl/e-mail: bd@bureaudriessen.nl

  • Voorwoord

    De maatschappelijke zorg om het geweld neemt toe. Feit is echter dat er veelonduidelijkheid bestaat over de omvang en ontwikkeling van het geweld. Dat geldtook voor het geweld tegen werknemers die werkzaam zijn in de openbare ruimte ofin voor het publiek vrij toegankelijke ruimtes, zoals bijvoorbeeld winkels, ziekenhui-zen of treinen en die veel met hen onbekend publiek te maken hebben.

    Om in deze kennisleemte te voorzien hebben het Ministerie van Binnenlandsezaken en Koninkrijksrelaties en het Ministerie van Justitie opdracht gegeven eenmonitor te ontwikkelen om de omvang van het geweld tegen deze werknemers in de(semi-)openbare ruimte vast te stellen. Met de ontwikkelde monitor is vervol-genseen eerste meting verricht. Dit rapport bevat de resultaten van deze meting bij achtberoepsgroepen.

    Kort samengevat blijkt uit de onderzoeksresultaten dat de omvang van hetgeweld tegen de werknemers in de (semi-)openbare ruimte zeer aanzienlijk is. Datgeldt voor verbale vormen van geweld, zoals schelden en seksuele en discrimine-rende opmerkingen. Maar het geldt ook voor fysiek geweld, zoals spugen, fysiekhinderen, slaan en dergelijke. Het geldt voor beroepsgroepen waarvoor de omgangmet geweld van oudsher tot de functie behoort, zoals politieagenten en penitentiaireinrichtingswerkers, maar het geldt evenzeer voor beroepsgroepen waarvoor deomgang met geweld niet tot de functie behoort, zoals treinconducteurs en zieken-huismedewerkers. Zelfs bij de groep die het minst van alle onderzochte groepen metfysiek geweld wordt geconfronteerd (de verkoopmedewerkers), wordt een op detien werknemers ieder jaar slachtoffer van fysiek geweld. Gezien deze hogegeweldsniveaus is het niet verwonderlijk dat veel werknemers regelmatig toegevenaan bedreiging met geweld door reizen zonder kaartje te tolereren, geen bekeuringuit te schrijven, een geneesmiddel voor te schrijven en dergelijke.

  • Bij dit laatste - het zwichten voor geweld - zou een aanknopingspuntvoor algemeen beleid gevonden kunnen worden. Aanbevolen wordt een positieveuitkomst van het geweld zoveel mogelijk te verhinderen door per beroepsgroepmaatregelen te nemen die de werknemers in staat stellen een duidelijk 'nee' te latenhoren als zij bedreigd worden.

    Zoals gebruikelijk werd het onderzoek begeleid door een commissie die als volgtwas samengesteld:

    mr O. van den Brink Ministerie van Justitie, Dienst Justitile Inrichtin-gen

    L. Esveld Vereniging Nederlandse Gemeenten, OpenbareOrde en veiligheid

    drs R. van der Sluys Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegen-heid, Directie Arbo

    K. Stegen Ministerie van Binnenlandse Zaken, AlgemeneDirectie van de Algemene Rijkspolitie, Belgi

    drs W. Verkooijen Ministerie van Binnenlandse Zaken en Konink-rijksrelaties, Directie Personeels managementRijksdienst

    G.C.K. Vlek directeur Programma Politie & Wetenschap, Apel-doorn

    mr drs H. Waayers-van Dijk Ministerie van Justitie, Directie Opsporingsbeleid

    mr dr F.W. Winkel (voorzitter) Vakgroep Klinische Psychologie, Vrije Univer-siteit, Amsterdam

    drs M. Wong Ministerie van Binnenlandse Zaken en Konink-rijksrelaties, Directie Politie

    De commissie was behulpzaam bij het opstellen van de monitor en becommen-tarieerde een eerdere versie van dit rapport, waarvoor mijn hartelijke dank. Vooralle resterende onvolkomenheden en voor de conclusies en aanbevelingen isuiteraard alleen Bureau Driessen verantwoordelijk.

    Drs Laura Middelhoven nam de dagelijkse uitvoering van het onderzoek voorhaar rekening. Mr dr N. Uildriks (Juridische Faculteit Utrecht) was als externadviseur van Bureau Driessen bij het onderzoek betrokken. Functionarissen vanwinkelbedrijven, NS Reizigers, ziekenhuizen, politieregio's, de Rijksverkeers-inspectie, het Nivel en gemeentelijke sociale diensten waren behulpzaam bij hettrekken van de steekproeven en motiveerden vaak werknemers om de vragenlijst inte vullen. Daarnaast namen 2418 werknemers de moeite een vrij lange vragenlijst inte vullen. Zonder al hun inspanningen was dit onderzoek niet mogelijk geweest.

    drs F.M.H.M. DriessenUtrecht, 2000

  • Inhoudsopgave

    1.Inleiding 1

    Vraagstelling 2Opbouw rapport 3

    2.Beroepsbeoefenaren in de semi-openbare ruimte 5

    Beroepsbeoefenaren in de (semi)-openbare ruimte 5Selectiecriteria 7

    Selectie van de onderzochte beroepsgroepen 10

    3.Onderzoek naar geweld tegen beroepsgroepen 13

    Geweld tegen beroepsgroepen in de semi-openbare ruimte 13De aard van het geweld 14Omvang van het geweld 17

    Preventie- en nazorgmaatregelen 20Eerder onderzoek naar de geselecteerde beroepsgroepen 23

    Geweld tegen politieagenten 23Geweld tegen penitentiaire inrichtingswerkers 28

    Geweld tegen openbaar vervoerpersoneel 31Geweld tegen sociale dienstmedewerkers 36

    Geweld tegen artsen 39Geweld tegen ziekenhuismedewerkers 44Geweld tegen verkoopmedewerkers 49

    Geweld tegen taxichauffeurs 52Samenvattend overzicht 55

  • 4. Onderzoeksopzet en respons 57

    Inhoud vragenlijst 57Vooronderzoek 59

    Steekproef 60Respons 64

    Samenvatting 65

    5.Confrontatie met vormen van geweld 67

    Het voorkomen van geweldsvormen 67Frequenties van geweldsvormen 75

    Indexen verbaal geweld, serieuze bedreigingen en fysiek geweld 76Samenvatting 78

    6. Geweldsincidenten 81

    Zwaardere geweldsincidenten 81Het geweldsincident dat veel indruk heeft gemaakt 88

    Geweldsincidenten in de afgelopen vijf jaar 91Samenvatting 92

    7.Geweld tussen collegas 95

    Geweld tussen collegas 95Geweld van collegas en van het publiek 97

    Samenvatting 99

    8.Kenmerken van het slachtoffer 101

    Sekse 101Leeftijd 103

    Bevolkingsgroep 103Opleiding 105

    Samenvatting 107

  • 9.Kenmerken van het werk 109

    Verstedelijkingsgraad 109Aard van de functie 111

    Werkruimte 121Samenvatting 121

    10.Het onderlinge gewicht van de risicofactoren 127

    Regressieanalyse 128Samenvatting 130

    11.Onveiligheidsgevoelens 131

    Onveiligheidsgevoelens op het werk versus landelijke onveiligheidsgevoelens 131Fysiek geweld en onveiligheidsgevoelens 132

    Samenvatting 133

    12.Preventie 135

    Preventiemaatregelen 135Training 136

    Het waarborgen van de veiligheid 140Samenvatting 141

    13.Nazorg 143

    Nazorgmogelijkheden 143Samenvatting 145

    14.Toegeven aan geweld 147

    Toegeven aan geweld 147Het beleid van de organisatie 149

    Datgene wat wordt toegegeven 149Toegeven aan geweld en confrontatie met geweld 150

    Samenvatting 150

  • 15.Samenvatting en conclusies 153

    Het onderzoek 153Resultaten 155

    Verschillende geweldsvormen 155Geweldsincidenten 157

    Geweld van collegas 158Risicofactoren: kenmerken van het slachtoffer 158

    Risicofactoren: kenmerken van de werkomgeving 158Onveiligheidsgevoelens 159

    Preventie 159Toegeven aan geweld 160Toename van geweld 160

    Evaluatie 161Beleidssuggesties 162

    Afsluiting 166

    Bijlagen 169

    Bijlage 1. Inventarisatie van bestaand onderzoek naar geweld tegenberoepsgroepen die niet voor dit onderzoek zijn geselecteerd 171

    Internationaal onderzoek 171Onderzoek in Nederland 174

    Toezichthouders 175Bewakingspersoneel 177

    Deurwaarders 179Controleurs en inspecteurs 180

    Thuiszorgmedewerkers 184Verslavingszorgmedewerkers 185

    Maatschappelijk werkers 186RIAGG-medewerkers 187

    Medewerkers in de psychiatrie 190Personeel van woningcorporaties 192

    Horecapersoneel 194Leerkrachten 197Bankpersoneel 201

    Prostitues 202Advocaten 204

    Postbodes en bezorgers 204Kermispersoneel 205

    Tabellen 206

    Literatuur 217

  • 1

    1.

    Inleiding

    De maatschappelijke zorg om het geweld in de samenleving groeit. Dit geweldneemt dan ook toe. In de periode 1990 - 1996 liep de index voor totalecriminaliteit op van 100 naar 102, maar diefstal met geweld steeg van 100 naar 113,mishandeling naar 132 en bedreiging naar 157. De groei heeft vooral plaatsgevonden in de periode 1990 - 1994, in 1996 treedt een stabilisatie op1. Historischgezien, bijvoorbeeld vergeleken met de vorige eeuw, is het geweldsniveau in de hui-dige samenleving nog steeds laag, maar het ligt voor de hand dat deze groei zorgenbaart. Deze bezorgdheid hangt deels ook samen met algemenere maatschappelijketrends, zoals het uit de mode raken van een laissez faire, laissez passer filosofie.

    De aandacht voor het geweld vertaalt zich met name in het streven naar grotereveiligheid in de openbare ruimte. Dit komt bijvoorbeeld tot uitdrukking in de roepom 'meer blauw op straat'. Dit is logisch, want een groot deel van het geweld speeltzich af op straat (45%; IVR, 1996). Maar het feit dat een groot gedeelte van hetgeweld zich in de openbare ruimte afspeelt is niet de belangrijkste reden voor degrote aandacht voor de veiligheid op straat. Een onveilige openbare ruimte wordtook gezien als ontwrichtend voor het maatschappelijke leven: Als de burgers zichniet meer veilig over straat kunne