De essentie van zes jaar geneeskunde Compendium Geneeskunde · PDF fileOtosclerose 24...

Click here to load reader

  • date post

    17-Dec-2018
  • Category

    Documents

  • view

    229
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of De essentie van zes jaar geneeskunde Compendium Geneeskunde · PDF fileOtosclerose 24...

Compendium Geneeskunde

De essentie van zes jaar geneeskunde

Dermatologie Endocrinologie Gastro-enterologieMedische ethiek en wetenschapsfilosofie

Orthopedie Reumatologie

KWALITEIT

DOOR

SPECIALIST

EN

GEWAARB

ORGD

Rome Snijders & Veerle Smit

Voor studenten door studenten

INK

IJK

EXEM

PLA

AR

INK

IJK

EXEM

PLA

AR

// //32

In dit inkijkexemplaar hebben we verschillende disciplines gecombineerd om jullie zoveel mogelijk te laten zien. Daarnaast is het belangrijk om te weten dat we de inhoud op een beknopte, visuele en schematische manier weergeven. Elke discipline heeft een eigen kleur en we maken veel gebruik van icoontjes. Deze werkwijze sluit aan op de vraag van geneeskundestudenten om naast de kernboeken een overzicht te hebben om te gebruiken bij het voorbereiden van tentamens, studiegroepen en voortgangstoetsen.

1. Inhoudsopgave uit de discipline KNO2. Anatomie uit de discipline Gastro-enterologie3. Aandoeningen uit de discipline Dermatologie en

Gastro-enterologie4. Klinisch redeneren uit de discipline KNO

Bijna elke discipline is op dezelfde manier ingedeeld. De discipline begint met de hoofdstukken Anatomie, Embryologie, Histologie, Fysiologie en Diagnostiek. Daarna worden op een logische wijze de aandoeningen weergegeven. Tenslotte kun je op het eind van elke discipline jezelf toetsen door oefenvragen te beantwoorden en klinisch redeneren tabellente bestuderen.

Om belangrijke informatie beter te onthouden, benadrukken wij ezelsbruggetjes, omschrijvingen van typische patinten en weetjes. Zie onderstaand de icoontjes.

De aandoeningen worden op de volgende manier besproken:

Aandoeningen Algemeen

Epidemiologie

Symptomen

Risicofactoren

Oorzaak

Diagnostiek

Behandeling

Prognose

Denk aan/cave/pas op

A

E

S

R

O

D

B

P

!

Weetje

Omschrijving van de typische patint

Belangrijk/alarm

Ezelsbruggetje

Inhoudsopgave van het inkijkexemplaar:

03/Keel-, neus- enoorheelkunde (KNO)

Inhoud/Keel-, neus- en oorheelkunde (KNO)

Anatomie 6Evenwichtsorgaan 7Mondholte, keel en hals 8Neus 7Oor 6

Embryologie 10Neus- en mondholte 11Oor 12Pharyngeale bogen 10Sinussen 11Speekselklieren 11Thyrod 10

Histologie 13Gehoor- en evenwichtsorgaan 13Luchtgeleidend gedeelte van het ademhalingssysteem 13Mond 13Speekselklieren 13

Fysiologie 15Farynx 18Larynx 18Mond en speekselklieren 18Neus 18Oor 15Slikken 18Stembanden 18Vestibulair systeem 16

Diagnostiek 19Otitiden 20

Otitis externa 20Otitis media 20

Overige oorontstekingen 22Chondrodermatitis nodularis helicis 22Mastoditis 22Myringitis 22Perichondritis 22

Oortraumas 23Barotrauma 23Exostose 23Othematoom 23Ototoxiciteit 23Rotsbeenfractuur 23

Slechthorendheid 24Cerumen 24Cholesteatoom 24Lawaaislechthorendheid 24Otosclerose 24Presbyacusis 24Sudden deafness 24

Evenwichtssysteemaandoeningen 25Evenwichtsaandoeningen 25BPPD 25Labyrintitis 25Ziekte van Mnire 25Neuritis vestibularis 25

Reukstoornissen 26Rhinitis 27Overige aandoeningen vanneus en neusbijholten 28

Epistaxis 28Polyposis nasi 28

Traumatische neusafwijkingen 28Mond- en tongaandoeningen 29

Aften (stomatitis aphtosa) 29Angio-oedeem 29Candidose 29Leukoplakie 29Ranula 29Tongafwijkingen 30Hoofdhalstumoren 30

Speekselklieraandoeningen 31Pleiomorf adenoom 31Sialoadenitis 31Sialolithiasis 31Speekselkliertumoren 31

Farynxaandoeningen 32(Faryngo)tonsillitis 32Maligne farynxaandoeningen 32

Larynxaandoeningen 33Slikproblematiek 33Globus 33Orofaryngeale dysfagie 33Maligne larynxaandoeningen 33Stemstoornissen 33Acute laryngitis 34Functionele laryngitis 34Noduli vocales 34Pseudocyste 34Reinkes oedeem 34Stemplooipoliep 34

Zwelling in de hals 35

Benigne lymfeklierzwelling enoverige benigne zwellingen 35Schildklier- of bijschildklieraandoeningen 35Maligne lymfeklierzwelling 35

Pediatrische KNO 37Corpus alienum 37Adenotonsillitis 37Cerumen 37Epiglottitis 37Congenitale afwijkingen 38Gehoorverlies 38Schisis 38Larynxstenose 38Choanaal atresie 38Cysten hals 38Laryngitis subglottica 38Mastoditis 38Otitiden 38

Klinisch redeneren 39Slechthorendheid 39Oorpijn 40Tinnitus 41Duizeligheid 42Neusverstopping 43Heesheid 44Keelpijn 45Zwelling in de hals 46

Bronvermelding 47

A

B

C

D

E

FG

H

I

J

K

L

MN O

INK

IJK

EXEM

PLA

AR

INK

IJK

EXEM

PLA

AR

// //98

Mond- en keelholteZie de discipline KNO.

OesofagusDe oesofagus is een intra-thoracaal gelegen,

buisvormige structuur die loopt vanaf de farynx tot

aan de maag. De oesofagus is gemiddeld 20-25

cm lang en bevindt zich achter de trachea en het

hart, maar voor de grote vaten. De oesofagus

bevat twee sfincters: de bovenste oesofagale

sfincter (UES), die wordt gevormd door een deel

van de m. cricopharyngeus, en de onderste

oesofagale sfincter (LES), die wordt gevormd

door het diafragma en een verdikking van de

circulaire spierlaag. De arterile bloedvoorziening

verloopt via takken van de a. thyreoidea inferior,

de a. gastrica sinistra en de aorta. De veneuze

bloedvoorziening verloopt via de v. azygos

naar de v. cava superior. De n. vagus zorgt voor

de parasympatische innervatie van de tractus

digestivus.

MaagDe oesofagus mondt uit in de maag. De maag

is een intraperitoneaal orgaan, dat zich hoog in

de linkerbovenbuik bevindt. De maag ligt aan de

bovenzijde tegen het diafragma aan en aan de

onderzijde tegen de pancreas (zie afbeelding 1).

Het omentum majus, dat het merendeel van de

darmen bekleedt, is opgehangen aan de maag.

De arterile bloedvoorziening verloopt via takken

van de truncus coeliacus (zie afbeelding 2). De

veneuze drainage verloopt via de v. lienalis naar

de v. porta (zie afbeelding 3). Vanuit lymfeklieren

rondom de maag vloeit lymfe af in de ductus

thoracicus. De maag wordt anatomisch gezien

in vijf delen opgedeeld: cardia, fundus, corpus,

antrum en pylorus. De pylorus is een sfincter, die de

gecontroleerde passage van maaginhoud naar het

duodenum faciliteert.

Dunne darmDe dunne darm beslaat een groot deel van de

onderbuik, is meer dan 5 m lang en bestaat uit drie

delen: het duodenum, het jejunum en het ileum.

Het duodenum is het eerste deel van de dunne

darm en is 30 cm lang, C-vormig en verbindt de

maag met het jejunum. Het duodenum bestaat uit

vier delen: pars superior, pars descendens, pars

horizontalis en pars ascendens. Deze laatste drie

delen liggen retroperitoneaal. Bij het ligament

van Treitz (m. suspensorius duodeni) gaat het

duodenum over in het jejunum. Het achterste 1/3

deel van de dunne darm is het ileum. Het jejunum

heeft een dikkere wand en een grotere luminale

diameter dan het ileum. Bij de klep van Bauhin

(valvula ileocaecalis) gaat het ileum over in het

coecum van de dikke darm. Het mesenterium

is de gemeenschappelijke ophangband van de

dunne darm. Hierin lopen de aan- en afvoerende

bloedvaten, maar ook de lymfebanen en zenuwen

(zie afbeelding 2 en afbeelding 3).

Dikke darmDe dikke darm is het laatste onderdeel van het

gastro-intestinale systeem en omvat 1/5 van de

totale lengte van het gastro-intestinale stelsel.

De dikke darm loopt door de gehele buik en

bestaat achtereenvolgens uit het coecum met de

appendix vermiformis, het colon ascendens, het

colon transversum, het colon descendens, het

sigmod en het rectum. De flexura hepatica vormt

de scheidingslijn tussen het colon ascendens

en transversum, de flexura lienalis tussen het

transversum en het descendens. De ophangband

van het colon is het mesocolon, terwijl het

colon transversum ook vastzit aan het omentum

majus. Afgezien van het colon ascendens, colon

descendens en het rectum is de dikke darm

intraperitoneaal gelegen.

Lever en galblaasDe lever is intra-abdominaal gepositioneerd en

bevindt zich in de rechterbovenbuik. Het is het

zwaarste solide orgaan en kan tot 1,5 kg wegen. De

lever is opgehangen aan meerdere ligamenten, is

bekleed met visceraal peritoneum en is opgedeeld

in acht segmenten (zie afbeelding 4). De lever

wordt voor meer dan 2/3 deel van bloed voorzien

door de v. porta, de rest door de a. hepatica.

Drainage verloopt via de v. hepatica in de v. cava

inferior. De kleinste functionele eenheid waaruit

het leverweefsel is opgebouwd, is de lobulus (zie

afbeelding 9).

Onder de lever hangt de galblaas; een gespierde

holle zakvormige structuur met een inhoud van

ongeveer 100 ml. Aan de bovenkant staat de

galblaas via de ductus cysticus in verbinding met de

ductus hepaticus communis. Dit is de afvoerende

galgang van de lever. Deze vormt samen met

de ductus choledochus de gemeenschappelijke

galgang die uitmondt in het duodenum.

PancreasDe pancreas is