311109 COS CosunMag 9 - Cosun - Ledensite...Zuid-Beveland Ynego Brouwers 06 - 20369834 Walcheren,...

16
MAGAZINE ”Bietenquotum sterke basis” Bietenzaad tijdig bestellen Calamiteitenregeling 44 e jaargang / december 2010 / nr. 9

Transcript of 311109 COS CosunMag 9 - Cosun - Ledensite...Zuid-Beveland Ynego Brouwers 06 - 20369834 Walcheren,...

  • MAGAZINE

    ”Bietenquotum sterke basis”

    Bietenzaad tijdig bestellen

    Calamiteitenregeling

    44e jaargang / december 2010 / nr. 9

  • Contact

    Colofon

    Cosun Magazine is een uitgave van Koninklijke Coöperatie Cosun U.A. voor leden van Cosun

    Vormgeving en drukVAN AS, Oud-Beijerland

    RedactieraadJan Willem van Roessel hoofdredacteurPRLT Communicatie eindredactiePieter Brooijmans Ynego BrouwersJan HazenDirk Jan Kemp HakkertGert Sikken

    Fotografie in dit nummer Royal Cosun, Suiker Unie, IRS en Twan Wiermans

    © Koninklijke Coöperatie Cosun U.A., 2010

    CSV COVAS-voorzitter Jan Voncken en zijn zoon Jan-Willem

    In dit nummer

    ’Substantieel bietenquotum sterke basis onder bedrijf’ 4

    Bestel bietenzaad tijdig en via internet 6

    Calamiteitenregeling voor vorstbieten 7

    Oostenrijk half november klaar met rooien 8

    Loonwerkers hebben handen vol aan moeizaam oogstjaar 10

    Bietenvervoer wordt duurzamer 11

    Rassenkeuze: resistentie staat voorop 12

    Bijzonderheden uit de bietenkliniek 14

    Heb ik speciaal pillenzaad nodig? 15

    Vraag & Antwoord en Kort Nieuws 16

    Cosun hoofdkantoorPostbus 3411 076 - 530 32 224800 MG Breda [email protected] www.cosun.nl

    Secretariaat raad van beheerT: 076 - 530 33 07 [email protected]: 076 - 530 33 00 www.cosun.nl/agrarisch

    Suiker Unie secretariaat agrarische dienstPostbus 100 4750 AC Oud Gastel T: 0165 - 52 52 52 [email protected]: 0165 - 52 50 28 www.suikerunie.nl/agrarisch

    BietenadministratieJohn Ernest 0165 - 52 52 74Hans van Hassel 0165 - 52 52 70

    Financiële administratiePiet Santbergen 0165 - 52 51 23

    TeeltzakenSjaak Kolff 0165 - 52 52 65

    SuikersysteemHelma Braat 0165 - 52 52 73

    Management agrarische zaken Rik Gengler (gebied Noord) 050 - 556 14 22Arno Huijsmans (gebied Zuid) 0165 - 52 52 67 Pieter Brooijmans 0165 - 52 52 78(centrale agrarische dienst)

    Agrarische dienst in de regio’sGebied NoordRobert Verberg 06 - 51367564 Noord-Holland en Holland middenPeter Koopmans 06 - 51244830 Oostelijk en Zuidelijk FlevolandKees Geschiere 06 - 53725231 NoordoostpolderAlex Kroon 06 - 53342619 Groningen west en noord, FrieslandPeter Roelfsema 06 - 53963367 Groningen noordoost en -oostHarry Visser 06 - 53308161 Drenthe noord, -midden en -west, Friesland zandWim Schrijvers 06 - 53912813 Drenthe oost en -zuidoostJan Albert te Velde 06 - 22204649 Drenthe zuid, Overijssel, Gelderland noord en middenGebied Zuid Jurgen Michielsen 06 - 51505371 West Zeeuws-Vlaanderen René van den Eijnden 06 - 51545273 Oost Zeeuws-Vlaanderen en

    Zuid-BevelandYnego Brouwers 06 - 20369834 Walcheren, Noord-Beveland,

    Schouwen Duiveland en Goeree Overflakkee

    Teun Kleinjan 06 - 22396239 West-Brabant en TholenJohan Mol 06 - 22371515 Midden-Brabant, Betuwe,

    Utrecht en VeluweArno Huijsmans 06 - 53963368 Zuid-Hollandse Eilanden en

    Zuid-Holland vast

    CSV COVAS 0493 - 34 89 89 Gelderland-Zuid, Oost-Brabant en Limburg

    2 december 2010 nr. 9

  • Als akkerbouwers weten we dat we meer dan andere grondgebonden agrarische sectoren, afhankelijk zijn van de weersomstandigheden. Het bepaalt onze werkbare dagen, onze opbrengsten, de kwaliteit van onze producten, onze capaciteit, onze markten, ons gemoed en de toekomstverwachtingen. In 2010 zijn alle facetten wel aan de orde gekomen.

    De markten lijken zich positief te ontwikkelen, mede dankzij de vroeg ingevallen vorst. En dan is het heel bepalend of je alles hebt kunnen oogsten of slechts een deel. En welk deel. Product dat in de grond blijft zitten, roept de vraag op hoe daarmee om te gaan. 1020% niet geoogst is nog op te vangen binnen de marge van ’de huidige betere markt’. Meer kan voor het individuele bedrijf een probleem worden, afhankelijk van de ontwikkelingsfase (Startend? Beëindigend? Overdracht aan de opvolger?) en de financiële resultaten in voorgaande jaren. Een totaalbeeld geven is moeilijk. Maar de conclusie dat 2010 een moeilijk jaar voor de akkerbouw is, is zeker gerechtvaardigd. Is het niet financieel, dan geldt dit toch zeker voor de oogst.

    VorstbietenDe suikerbieten kunnen we meestal buiten beschouwing laten. De oogstmachines kunnen onder bijna alle omstandigheden hun werk doen. Maar ook hierin is 2010 een uitzondering. Ruim 4.000 ha bieten zat nog in de grond op het moment dat het ging vriezen. We moeten terug naar 1998 voor vergelijkbare omstandigheden. Toen hebben we als coöperatie achteraf (in februari) gezocht naar acceptabele oplossingen voor door deze uitzonderlijke omstandigheden getroffen telers. Ditmaal zoeken we voor alle partijen van meet af aan een acceptabele en werkbare oplossing. De 4.000 ha zijn zodanig door vorst aangetast dat ze op basis van de leveringsvoorwaarden niet geaccepteerd zouden kunnen worden. Bij de beoordeling in het tarreerlokaal krijgen dergelijke partijen vorstcode 2 of 3.Als ze gaan ontdooien, zijn ze voor de fabriek niet meer te verwerken. Meer dan 10% rottende bieten maakt dat de filters dichtslaan, waardoor er helemaal geen suiker meer kan worden geproduceerd. Daarnaast vormen ze een te zware belasting voor het waterzuiveringssysteem. Een dergelijke partij kan dus niet worden geaccepteerd.Zolang de bieten bevroren zijn, zijn ze nog verwerkbaar. Zij het tegen extra kosten. Zo moet het logistieke systeem

    worden aangepast. Ook komt de fabriekscapaciteit onder druk te staan. Als vorstbieten beginnen te ontdooien moet bovendien dextranase, een duur middel, worden gebruikt om de fabriek aan te gang te houden. Onder deze omstandigheden wordt het rendement van de fabriek stukken minder.

    Calamiteitenregeling We hebben gezocht naar een oplossing die voor alle partijen aanvaardbaar en voordelig is.• Zolang de bieten nog bevroren zijn, worden ze met voor

    rang opgehaald. De teler wordt niet geconfronteerd met vorstcodes. Wel wordt 10 euro per ton bieten in rekening gebracht. De bewaarvergoeding wordt niet uitbetaald. Het voordeel voor de teler is dat het risico wordt weggenomen van te bewaren bieten, die mogelijk ontdooien en rotten voordat ze op het afgesproken tijdstip worden opgehaald. Dit soort partijen wordt niet afgenomen.

    • De telers die moeten wachten, omdat de afhaalschema’s worden vertraagd, krijgen naast de reguliere bewaarpremie 50 eurocent extra per ton.

    • Suiker Unie heeft zo in het laatste deel van de campagne minder problemen met ontdooide bieten en kan meer suiker maken, die op een aantrekkelijke wereldmarkt kan worden verkocht. De extraopbrengst zien alle telers terug in de bietenprijs.

    We hebben door de jaren heen een systeem ontwikkeld dat voor iedereen herkenbaar en aanvaardbaar is en is geaccepteerd. Slechts bij hoge uitzondering moet je daarvan afwijken. De raad van beheer vindt de omstandigheden van afgelopen periode zeer uitzonderlijk en doet daarom dit voorstel aan de telers met bevroren bieten. Toch is het aan de individuele ondernemer om een keuze te maken. Het afgesproken systeem blijft de basis. Er wordt een extra mogelijkheid gegeven om grote schade te voorkomen, zolang deze bieten te verwerken zijn. Een coöperatieve oplossing. Ik wens u goede feestdagen en voor 2011 een gelukkig en voorspoedig jaar.

    Een coöperatieve oplossing

    Jos van Campen

    Van de voorzitter

    3 december 2010 nr. 9

  • ’Substantieel bietenquotumsterke basis onder bedrijf’

    CSV COVAS-voorzitter Jan Voncken

    4 december 2010 nr. 9

    Het besluit om over te stappen is genomen in turbulente tijden. In de melkveehouderij speelde de discussie over de afschaffing van de melkquotering in 2015. In de akkerbouw zorgden de hervormingen van de suikermarktordening voor zorgelijke blikken. ”De overstap is uiteindelijk een rationele, zakelijke afweging. Ik moest een keuze maken”, vertelt Jan Voncken. ”En mijn plannen om het bedrijf uit te breiden en te verplaatsen liepen vast in de ruimtelijke ordening. In vijf jaar was ik nog geen stap verder gekomen. Ik was groot genoeg, vond men. Voor de levensvatbaarheid van het bedrijf op de langere termijn was groei noodzakelijk.” De doorslag gaf uiteindelijk Jans zoon, JanWillem (toen 15), die aangaf dat van hem de koeien ”niet per se” hoefden. Voncken, destijds kampend met hartproblemen, verkocht zijn 95 melkkoeien en investeerde in bietenquotum, zoals hij dat eerder ook om de basis onder zijn bedrijf te versterken in melkquotum had gedaan.Inmiddels teelt hij 18 hectare bieten en verder graan, maïs en (16 hectare) fritesaardappelen. ”Om in de akkerbouw stappen te kunnen zetten moet je een substantieel bietenquotum hebben. Suikerbieten is een basisgewas. Het is financieel goed renderend”, vertelt Jan. ”De overstap is achteraf bezien een goede keuze geweest. Toen ik zag hoeveel suikerfabrieken in

    Europa dicht gingen, wist ik dat er perspectief was. Een fabriek opstarten is zeer kapitaalintensief. Dat doe je niet na een paar jaar zo maar weer opnieuw. Dat gaf me een goed gevoel over de toekomst. Ook, omdat Europa niet meer zelfvoorzienend zou zijn in de suiker.”

    HeuvellandschapHet bedrijf van Voncken (70 hectare) ligt op de lössgrond in een zeer idyllisch deel van het ZuidLimburgse heuvellandschap. ”Löss is mooie grond. Wij hebben de iets zwaardere variant”, vertelt Jan. ”In enkele percelen zit kleefgrond. Die is minder geschikt voor de aardappelteelt, maar bieten gaat prima.” In verband met de bijzondere natuurwaarde mag niet alle grasland omgezet worden in akkerland. Voncken heeft langs sommige percelen bovendien grasstroken ingezaaid. Deels verkoopt hij het gras aan melkveehouders die wel konden uitbreiden en voer moeten bijkopen. ”De natuurlijke omstandigheden maken het wat complexer om economisch verantwoord bezig te kunnen zijn, maar het kan. Het is iets meer zoeken”, aldus Voncken. ”Je hebt hier veel ecologische verbindingszones met graften en struiken. De natuurgrond ligt op amper vijftig meter van je akker.”Jan: ”Er liggen hier nogal wat natuurclaims op landbouwgrond. Voor sommige percelen moet je dan de bedrijfskansen zien in natuurbeheer. Als ik natuurbeheer kan doen tegen een redelijke vergoeding, heb ik daar weinig moeite mee. Maar ik heb er ook geen moeite mee dat staatssecretaris Bleker de natuurontwikkelingsambities tempert. Bij de recente herinrichting in dit gebied zijn natuurstroken van de landbouw overgegaan naar de gemeente. Die zit er nu mee in zijn maag vanwege het onderhoud.”

    PloegenOm erosie tegen te gaan past Voncken nietkerende grondbewerking toe. ”Ploegen mag alleen nog onder bepaalde omstandig heden. Bijvoorbeeld als je in het najaar graan inzaait.” Als het aan de provincie ligt, is het ploegen vanaf 2013 helemaal verboden. ”Dat is een stap te ver”, vindt Voncken. ”Waar het op aankomt, is dat je de juiste bewerkingsmethode op het juiste tijdstip doet. Dat is cruciaal. Je moet kunnen blijven werken met gezond boerenverstand. Het probleem met het overheidsbeleid is dat de natuur niet altijd te sturen is. Die leg je niet vast in regels. Als ploegen op een bepaald moment beter is, moet je de vrijheid hebben om te kunnen ploegen.” Overigens zijn de erosiemaatregelen, zoals die nu zijn genomen effectief, zo blijkt uit berichtgeving van de provincie naar aanleiding van de hevige regenval in november.

    Jülich of DinteloordVoncken zaait zijn bieten (Arrival, Fernanda, Emilia) in na mosterd. ”Dat maak ik eerst kort. Meestal klap ik het.” Daarna

    Melkveehouders die met hun bedrijf volledig overschakelen

    op akkerbouw, zijn een zeldzaamheid. De nieuwe CSV

    COVAS-voorzitter Jan Voncken (54) uit Trintelen bij Eys

    deed het in 2006. Hij heeft er geen spijt van.

    In de stal staan nu koeien van een ander melkveebedrijf

  • 5 december 2010 nr. 9

    volgt een nietkerende grondbewerking. De bieten worden deels verwerkt in de suikerfabriek in Jülich, deels in Dinteloord. ”Dat bepaalt Suiker Unie. Naar Dinteloord is zes uur heen en weer met de vrachtwagen. Jülich is twee uur. Waar ze naartoe gaan wordt in goed onderling overleg bepaald. Dat werkt prima. Wat mij betreft, mag de situatie, zoals die nu is, zo blijven. Het enige dat telt is hoe en waar de bieten het meeste opbrengen.” Over het suikerpercentage van zijn bieten is Voncken zeer te spreken: ”16,12% in de vroeglevering. De laatste levering zat op 18%. Dat had ik niet verwacht.”

    Regionaal akkerbouwplatformCSV COVAS organiseert zelf het bietenvervoer. Jan Voncken: ”Zolang wij als coöperatie voor onze leden door een eigen organisatie logistiek toegevoegde waarde kunnen leveren, moeten we dat zeker blijven doen”, gaat Voncken verder. Die toegevoegde waarde gaat overigens verder dan alleen maar het gladjes organiseren van het bieten en perspulptransport en de verkoop van Betacal en bietenafdekzeil. De coöperatie is onder meer ook actief in de bemiddeling in aardappelen, het cichoreitransport en als intermediair voor brouwgerst voor Gulpener. Jan: ”Wij zijn ook een regionaal akkerbouwplatform van waaruit

    allerlei specifieke, regionale akkerbouwzaken worden georganiseerd en gefaciliteerd. Wij kijken onder andere of we via dit platform ook voor andere teelten een verbindende schakel kunnen zijn. Bijvoorbeeld in de logistiek. Maar de suikerbiet is de hoofdzaak.” Zo zet de coöperatie de tanden onder meer in een regionaal biovergistingsproject. Het project zit ”in een aftastende fase”. Jan Voncken: ”Je hebt bij dit soort projecten te maken met overheden en energiebedrijven. Bij een deelname gaat het dan bijvoorbeeld over de vraag: Ben je slechts toeleverancier of deel je als een gelijkwaardige partner mee in de toegevoegde waarde?”

    Ervaren bestuurderVoncken, in juni tot voorzitter gekozen van de Cosunkring, is geen onbekende in het CSV COVASgebied. Bij Campina was hij kringvoorzitter van de kring Limburg en OostBrabant. Ook was hij vijftien jaar lid van de raad van commissarissen. Voncken: ”De telers voelen zich zeer betrokken bij CSV COVAS. De opkomst bij de vergaderingen is goed. Die is zeker zo goed als bij Campina, waar de leden voor hun inkomen voor tachtig, negentig procent afhankelijk zijn van het resultaat van de co öperatie. Dat zegt wel wat over de betrokkenheid van bietentelers bij hun coöperatie.”Voncken is een fervent voorstander van de coöperatieve samenwerkingsvorm. ”De coöperatie is de prijszetter. Ook voor particuliere bedrijven. De kracht van een coöperatie is dat ze marktmacht opbouwt. Dat kun je als enkeling niet. Als boer heb je er bovendien belang bij dat de verwerking en afzet van je product gewaarborgd blijft. Een coöperatie doet dat. Een particulier bedrijf is alleen eurogedreven. Daar maakt het niet uit waarmee het geld verdiend wordt.”Hij vervolgt: ”We zitten in een steeds verder liberaliserende markt. Daarvoor heb je als primaire sector een gezonde, sterke coöperatie nodig, mede aangestuurd door professionals uit de primaire sector. Daar moet je met zijn allen in investeren. Het zou voor de landbouw een geweldig gemis zijn als er geen mensen tussen de 30 en 50 meer te vinden zijn die willen meebesturen. Gelukkig zijn we nog steeds in staat ze te vinden.”Over Cosun zegt hij verder: ”Cosun is niet een van de grootste, maar qua rendement wel een van de beste suikerbedrijven van Europa. Voor de akkerbouw is het een toonaangevende coöperatie die voor de sector echt stappen vooruit kan maken.”

    Ton SchönwetterJan Voncken: ’Bietenteelt is perspectiefrijk’

    Jan en Jan-Willem Voncken: Keuze voor de akkerbouw

  • Ook reactie van vroegbestellers vereist

    Bestel bietenzaad tijdig en via internet

    Half december heeft u een mailing ontvangen met de leveringsovereenkomst 2011 en de zaadbestellijst. Daarbij zat ook informatie over de beschikbare rassen in 2011. Als de percelen en het areaal bekend zijn, is het belangrijk eerst het areaal met de bijbehorende ligplaats(en) in te vullen op de leveringsovereenkomst. De leveringovereenkomst moet ingevuld en verzonden worden naar Suiker Unie ook als u al in september de totale hoeveel heid bietenzaad heeft besteld.

    VroegbestellingHet aantal door u in september bestelde pakken bietenzaad en het ras staan op het bestelformulier, zodat hiermee bij een eventuele aanvullende bestelling rekening gehouden kan worden. Te laat binnen gekomen vroegbestellingen zijn hierin niet opgenomen. U moet dan nog een volledige bestelling plaatsen. U heeft hierover eerder al bericht ontvangen. Wijziging van de vroegbestelling is niet mogelijk.

    Rassenonderzoek 2010De resultaten van de rassenproeven van de afgelopen drie jaar zijn verwerkt tot de rassen lijstcijfers. Hoewel dit jaar relatief veel rassen goed gepresteerd hebben, zijn er maar enkele in geslaagd het assorti ment echt te verbeteren. De nieuwe rhizomanie resistente rassen Heron, Bernadetta KWS, Cellina KWS

    en Kathrina KWS behaalden een iets beter resultaat dan het gemiddelde van de A en Nrassen van vorig jaar. Nieuwe rassen met resistentie tegen aaltjes zijn Constantina KWS en Bever. Een nieuw rhizoctoniaresistent ras is Isabella KWS. Bij deze dubbelresistente rassen geven de nieuwe wel een betere financiële opbrengst.Van aaltjesresistente rassen wordt ook de vermeerdering van de aaltjes onderzocht. Van rhizoctoniaresistente rassen wordt de mate van aantasting bepaald. RassenkeuzeKijk voor een keuze van de meest geschikte rassen voor uw percelen in het IRSartikel: ’Rassenkeuze: resistentie staat voorop’. Onder ’Vermelde rassen’ op het bestelformulier is een voorselectie gemaakt op basis van uw resultaten in het verleden. Behalve de rassen uit de rassenlijst worden ook Piranha en Silotta aangeboden, evenals (op beperkte schaal) enkele rassen die voor het derde jaar in beproeving zijn. Deze laatste staan op de nominatie om volgend jaar opgenomen te

    worden op de rassenlijst. Voor informatie hierover kunt u terecht bij de agrarische dienst. Of lees het rassenbulletin op de website van het IRS.

    Reageer snel!Op de mailing van half december dient u te allen tijde te reageren. Ook als u geen bietenzaad nodig heeft. U kunt dit op twee manieren doen. De eenvoudigste methode is via http://agrarisch.suikerunie.nl/ (login leden/telers). Vul eerst de leveringsovereenkomst in. Daarna kunt u de bietenzaadbestelling invoeren. Van beide ontvangt u een bevestiging in uw mailbox. Op het bestelscherm staat ook wat u al heeft besteld. De snelle manier van online gegevensverwerking vergroot de kans dat het gewenste ras nog in voorraad is.Per post bestellen kan ook, maar die verwerking verloopt met vertraging. Uiterlijk 5 januari moet de bestelling bij Suiker Unie binnen zijn. Na deze datum kunnen alleen nog leveringen vanuit depot plaats vinden. Hiervoor wordt een toeslag van vijf euro per eenheid in rekening gebracht. Bovendien is de rassenkeuze uit depot zeer beperkt.

    Beperkt leverbare rassenVan een aantal rassen is mogelijk niet voldoende zaad beschikbaar. Ze zijn dus beperkt leverbaar. Als de internetbestelling van een ras wordt bevestigd, betekent dit dat dit ras ook geleverd wordt. Bij een bestelling per post dient u voor de volgende rassen een alternatief in te vullen: Shakira, Emilia KWS, Fernanda KWS, Kathrina KWS, Cellina KWS, Constantina KWS.

    Sjaak Kolff

    Rhizoctoniarassenproefveld

    December is voor iedereen de maand

    van de definitieve areaalplanning, de

    perceelkeuze, de bijhorende rassen-

    keuze en de zaaizaadhoeveelheid.

    Reageren via internet gaat het snelst.

    6 december 2010 nr. 96

    Rassen- en zaadsoortkeuze vroegbestelling september 2010

    Rhizomanieresistent % Zaadsoort %Emilia KWS 20 Standaard 21Shakira 11 Insecticide 79Fernanda KWS 19Sabrina KWS 5Silotta 10

    Aaltjesresistent (wbca)Theresa KWS 34

  • Winterse weer zorgt voor oogstproblemen

    Calamiteitenregeling voor vorstbieten

    De oogstproblemen zijn ontstaan door een combinatie van overvloedige neerslag, gevolgd door matige tot strenge vorst. Een deel van de telers heeft daardoor niet tijdig kunnen rooien. De bietenoogst verliep de hele herfst in veel regio’s al moeizaam. Eind november viel er vooral in Zuidwest en WestNederland veel neerslag, waardoor de oogst van veel gewassen ernstige vertraging opliep of zelfs helemaal niet mogelijk was. Ook de bietenoogst, die normaliter toch ook onder minder goede omstandigheden nog doorgang kan vinden, werd op veel percelen onmogelijk.In 2010 was de bietenoogst aanzienlijk later dan in de voorgaande jaren. Detailcijfers per regio en de kwaliteitscijfers van de bieten staan op www.suikerunie.nl/agrarisch.Bij het intreden van de vorst, in het weekeinde van 27 en 28 november, moest er

    nog zo’n 4.400 ha worden gerooid. In de daarop volgende twee weken is tijdens de vorst en in korte periodes van dooi nog ca 3.000 ha geoogst.

    CalamiteitenregelingOmdat bij de intrede van de vorst nog veel bieten in de grond zaten heeft Cosun/Suiker Unie een calamiteitenregeling ingesteld. Telers die door neerslag en vorst niet tijdig konden rooien en vervolgens bevroren bieten hebben geoogst, kunnen hier een beroep op doen. Voor de bieten die onder de regeling vallen, zijn de premies en vorstcoderingen komen te vervallen. Suiker Unie laadt deze bieten met voorrang op en brengt een bijdrage in de verwerkingskosten in rekening van 10 euro per ton bieten. De verwerking van vorstbieten leidt namelijk tot extra kosten, verminderde verwerkingscapaciteit en hogere suikerverliezen.

    Veel telers, vooral die in het zuidwesten, maken gebruik van de regeling. Het alternatief (bieten laten liggen tot de normale afnamedatum) is veel te risicovol en de kans op afkeuring is zeer groot.

    Reguliere leveringenOm ruimte te maken voor de afname van deze bieten is de planning aangepast en is de reguliere afname vertraagd. Hiervoor ontvangen alle telers van reguliere leveringen vanaf 4 december een compensatie van 50 eurocent per ton netto bieten. Suiker Unie heeft in regio’s waar veel bieten in de calamiteitenregeling vallen extra oplaad en vervoerscapaciteit ingezet. In de tweede week van december is de capaciteit in Zeeland zelfs verdubbeld om na de vorst gerooide bieten snel op te kunnen laden. De komende weken blijft het van groot belang om de kwaliteit van de bieten die aan de hoop liggen goed te volgen. Dat geldt ook voor bieten die voor de vorst gerooid zijn. Houd ze vorstvrij maar vermijd ook een te hoge temperatuur. Kijk regelmatig onder het afdekmateriaal en gebruik een insteekthermometer.

    Surplusbieten Suiker Unie schat de totale suikerproductie nu in op 860.000 ton suiker. Daarbij is rekening gehouden met een verlies van enkele honderden hectares door vorst en teruglopende bietenkwaliteit. Door de slechtere kwaliteit zal er minder suiker en juist iets meer melasse geproduceerd worden. Maar er is nog één maand campagne te gaan, met onzekerheid over capaciteit en rendement.In ieder geval zullen alle surplusbieten tegen de afgesproken prijs van 25 euro per ton (basisprijs) uitbetaald worden.Niet alle telers zullen hun toewijzing vol kunnen leveren. Door deze onder schrijding zal er voor de bepaling van de hoeveelheid af te rekenen quotumbieten een herverdeling komen. De omvang hiervan is pas na afloop van de campagne bekend.

    Gert Sikken Bevroren bieten in de grond

    Cosun/Suiker Unie heeft een calamiteitenregeling ingesteld om toch nog zoveel mogelijk bieten met vorstschade te

    kunnen verwerken. De regeling voorziet in een zo groot mogelijke beperking van de financiële risico’s voor de totale

    keten. Op 27 november zat nog 4.400 ha bieten in de grond.

    7 december 2010 nr. 9

  • Bieten opgeslagen in decentrale opslagcentra

    Bij Oostenrijk denk je eerder aan

    bergen dan aan bietenteelt. Toch

    worden er in dat land 45.000 hectare

    bieten verbouwd. Doorgaans zijn ze

    half november gerooid in verband

    met de vroeg invallende vorst.

    Oostenrijk half november klaar met rooien

    De Oostenrijkers telen bieten vooral in het noorden en oosten, in het lager gelegen deel van het land. 80% van de bieten groeit in een straal van 60 km rondom Wenen. De bieten worden verwerkt in twee fabrieken van Agrana: in Tulln, 40 km noordwestelijk van Wenen, en Leopoldsdorf, 20 km ten oosten van Wenen. Beide hebben een verwerkingscapaciteit van 12.500 ton per dag.

    AgranaAgrana is de enige suikerfabrikant in Oostenrijk. Het bedrijf heeft fabrieken in Oostenrijk, Hongarije, Tsjechië, Slowakije en Roemenië. Ook is Agrana medeeigenaar van een suikerraffinaderij in BosniëHerzegovina. In de suikeractiviteiten wordt ongeveer een derde van de omzet gerealiseerd. De rest komt uit zetmeelactiviteiten en fruitverwerking.Het bedrijf heeft een ingewikkelde eigendomsstructuur. Van de aandelen is 24,5% vrij verhandelbaar op de beurs. De rest is in handen van een onderneming die voor 50% eigendom is van Südzucker. De andere helft is

    grotendeels eigendom van Raiffeisenholding. De bietentelers hebben hierin een belang van bijna 22%. Omgerekend hebben ze zo een belang van ruim 8% in Agrana. De telers hebben daarnaast een belang van 25,1% in een bioethanolfabriek die eigendom is van Agrana.

    Vergelijkbare ontwikkelingDe bietenteelt in Oostenrijk heeft vergelijk bare ontwikkelingen doorgemaakt als Nederland: minder telers,

    minder hectares en een stijgende opbrengst. Sinds 1999 is suikerquotum verhandelbaar zonder grondtransactie. Nu zijn er in Oostenrijk nog 8.000 telers met in totaal 45.000 hectare bieten. De opbrengsten variëren onder

    invloed van de neerslag (soms is het te droog). De gemiddelde opbrengst over de laatste drie jaar is 11,3 ton suiker per hectare. Dit met een gemiddeld suiker gehalte van 16,6%. Dit jaar wordt een opbrengst van 11,7 ton suiker per hectare verwacht (69 ton bij 17% suiker).De telers zaaien tussen eind maart en begin april. De kans op vorstschade in het voorjaar is groter dan in Nederland. Eind april kan het nog heel koud worden, waardoor de bieten sneuvelen. De Oostenrijkers zijn er aan gewend dat een deel van het areaal vanwege de vorst opnieuw gezaaid moet worden. De bieten worden verbouwd in een 1 op 4 of 1 op 5rotatie met verder vooral granen. Net zoals in Nederland zijn rhizomanieresistente rassen standaard. Verder is vooral cercospora een grote bedreiging.

    Zowel aanvoer per vrachtwagen als per trein

    De suikerfabriek in Leopoldsdorf

    8 december 2010 nr. 9

  • Decentrale opslagDe vorst komt vroeg in het najaar. Op 9 november was dan ook al 80% van de bieten gerooid. Normaal zijn vrijwel alle bieten half november uit de grond. In Oostenrijk rijden ongeveer zeventig 6rijige bietenrooiers. Veel telers rooien hun bieten zelf. Een groot deel van de bieten wordt opgeslagen bij de twee fabrieken en op een van de 62 decentrale ontvangstcentra. Zo’n ontvangstcentrum

    heeft een capaciteit van maximaal 50.000 ton. Van hieruit gaan de bieten naar de fabrieken. De fabriek geeft de telers op hoeveel bieten ze naar de opslagplaatsen of de fabriek kunnen brengen in een leverings periode. Vanaf 6 november mogen ze alle overige bieten afleveren. De telers hoeven de bieten dus niet lang op het bedrijf te bewaren. Ruim de helft van de bieten wordt vanuit de ontvangstcentra per trein vervoerd

    naar de fabrieken. De telers voeren zelf 15% aan. De rest gaat per vrachtauto.Bij de ontvangst van de bieten worden boven uit de vracht een aantal bieten gepakt (handmatig of met een bakje). Tarra en koptarra worden geschat bij het lossen van de bieten. De analyses vinden plaats in het centrale laboratorium in Leopoldsdorf.

    Late analyseVanwege de korte aanvoerperiode worden niet alle bietenmonsters direct geanalyseerd. Het lab heeft daarvoor niet voldoende capaciteit. Van de aangevoerde monsters wordt een brijmonster ingevroren dat later wordt onderzocht. Eind december zijn alle monster uitslagen bekend. Achteraf vindt er nog wel een verrekening plaats van het suikerverlies tijdens de opslag. Er wordt een vergelijking gemaakt tussen de theoretische hoeveelheid suiker die in de bieten gemeten werd op het moment van levering en de werkelijke suikerproductie. Het gemiddelde suikerverlies wordt verrekend in de bietenprijs die de telers ontvangen.

    Biologische suiker136 Oostenrijkse bietentelers leveren biologische suikerbieten (746 ha). De 35.000 ton biologische bieten worden verwerkt in een kleine fabriek net over de grens in Hongarije, met een capaciteit van zo’n 5.000 ton bieten per dag. De biologische bieten worden verwerkt tussen 15 en 22 oktober. Voor en na de verwerking van de biologische bieten moet de fabriek helemaal schoon gemaakt worden om vermenging met andere suiker te voorkomen. Jaarlijks wordt ongeveer 4.500 ton biologische suiker geproduceerd.

    Jan Willem van Roessel

    Monstername bij de aanvoer Grote opslagplaats bij de fabriek

    9 december 2010 nr. 9

    Afschaffen bepaling koptarra?De technische en ontvangstcontrolecommissie van CIBE (de Europese

    organisatie van bietentelers) vergaderde op 9 en 10 november in Wenen.

    Een belangrijk onderwerp was de bepaling van de koptarra van de bieten.

    Zowel in Frankrijk als in Duitsland is er discussie over de overgang naar een systeem, waarbij de koptarra niet meer gemeten wordt, maar de gehele biet wordt betaald, met een standaard aftrek voor koptarra. In Zweden wordt een dergelijk systeem al jaren gehanteerd. Ook Pfeifer & Langen in Duitsland werkt al een aantal jaren met dit systeem.Door de bieten alleen maar te ontbladeren kan er meer van de gegroeide massa tot waarde gebracht worden. Belangrijk is wel dat voorkomen wordt dat bieten worden aangeleverd met teveel blad op de biet. Hiervoor moet een goed controlesysteem opgezet worden. Het systeem met de bepaling van koptarra met behulp van een camerasysteem heeft nergens in Europa navolging gekregen.

    Langere campagnesOveral in Europa zijn de campagnes langer geworden. Campagnes tot half januari zijn inmiddels in veel landen standaard. In Engeland gaat de campagne door tot eind februari. Wat dit betekent voor de telers, verschilt van land tot land. De situatie in Finland is uiteraard anders dan in België of Nederland. In Zuid-Duitsland wordt meestal afgedekt met fleecedoek. Onder de Nederlandse omstandigheden biedt fleecedoek onvoldoende bescherming tegen vorst, vooral bij wind. Naast vorstvrij bewaren is het ook zaak om het suikerverlies tijdens de opslag zoveel mogelijk te beperken. Belgisch onderzoek liet grote verschillen zien onder invloed van het rooiwerk (beschadiging en tarra), de buitentemperatuur en het bietenras.

  • 10 december 2010 nr. 9

    Grote werkdruk door beperkt aantal rooibare dagen

    Loonwerkers hebben handen vol aan moeizaam oogstjaar

    ”Het was een jaar waarin je het juiste moment optimaal moest benutten om te oogsten”, schetst Wim van Nieuwenhuizen van Loonbedrijf Van Nieuwenhuizen in Uithuizen de situatie. ”Hollen en stilstaan dus. En veel overleg met de teler en de agrarische dienst om tot een goede afstemming te komen. Wij rooien in een brede strook langs de Waddenkust met drie bietenrooiers: een 12, een 9 en een 6rijige machine. Dat geeft in het veld extra mogelijkheden”, vertelt hij.

    RooiplanningVan Nieuwenhuizen is zeer gehecht aan overleg met de agrarische dienst om tot een optimale rooiplanning in zijn bedrijf te komen. ”We krijgen in augustus een overzicht van de route voor de nieuwe campagne. Voor ons is dat van belang, want we kunnen zo daarmee rekening houden in onze rooiplanning.”Hij vervolgt: ”Natuurlijk blijft de teler zelf verantwoordelijk voor de rooiafspraak, maar we kunnen wel meedenken en het zo goed mogelijk op elkaar afstemmen”. Het loonwerk stond dit jaar op de rooibare dagen flink onder druk door het grote aantal telers dat tegelijkertijd wilde rooien. ”Dat gaat dus zo maar niet. Op zo’n moment is goed overleg met Suiker Unie belangrijk. ’Waar is de kraan? En wanneer is welke teler aan de beurt?’ Het

    overleg verliep ook dit jaar weer naar volle tevredenheid. Natuurlijk is het ook belangrijk achteraf de gang van zaken nog eens te evalueren. Ik ben bijvoorbeeld erg geïnteresseerd in de tarrapercentages van de diverse partijen”, vertelt Van Nieuwenhuizen. ”We kunnen daar veel van leren om ons werk te optimaliseren.”

    ReservemachineJan Tamminga van Loonbedrijf Tamminga in Harkstede en Zijldijk beaamt het moeizame verloop van de oogst dit jaar. ”Normaliter hebben we de beschikking over drie Vervaetrooimachines, maar dit jaar hebben we de tweefase reservemachine weer ingezet om op de lichte zand en dalgronden te rooien”, zegt Jan Tamminga. ”Alle hens aan dek dus op de momenten dat het kon. De druk was groot, maar wij proberen daar flexibel mee om te gaan.”Tamminga heeft door zijn grote werkgebied te maken met diverse kraanroutes van Suiker Unie. ”Dat kan in de spreiding van de rooidata een voordeel zijn, maar evengoed een nadeel. Dat laatste is

    het geval als er in ons werkgebied op de drie routes gelijktijdig bieten opgeladen worden.”Suiker Unie probeert daar op in te spelen door de startplekken in de route zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. Bovendien is er altijd overleg mogelijk over het rooien van de percelen. ”De ’mannen in het veld’ zijn daarop goed aanspreekbaar”, is de ervaring van Tamminga. ”Soms is het handig om met een collega te overleggen en de rooiers over en weer in te zetten. Zo kun je over en weer de rustige momenten beter benutten.” Voor de toekomst ziet Tamminga mogelijkheden om het transport van de bieten naar de opslag nog verder te optimaliseren. Jan Tamminga: ”Grote kippers voorzien van meerdere assen en goede banden geven minder structuurbederf, zeker in een herfst als deze. We kunnen dan een nog completer pakket aanbieden voor de bietenoogst en zo nog beter inspelen op de wensen in het veld.”

    Alex Kroon & Peter Roelfsema

    2010 was een uitzonderlijk oogstjaar met veel neerslag en slecht oogstweer. Voor de loonwerkers was het alle zeilen

    bijzetten in dit lange en moeizame oogstseizoen. Onder hen Wim van Nieuwenhuizen en Jan Tamminga.

    Jan Tamminga (l) in gesprek met Peter Roelfsema van Suiker Unie

    Vlnr: Be Oosterhuis, Marcel van Kempen, Alex Kroon (Suiker Unie) en Wim van Nieuwenhuizen bespreken de rooiplanning

  • Maatregelen Suiker Unie in convenantafspraak effectief

    Bietenvervoer wordt duurzamerDe maatregelen om het totaalgewicht van vrachtwagens die suikerbieten vervoeren terug te dringen, hebben effect.

    De vermindering is onderdeel van een convenant dat vorig jaar is afgesloten met de inspecteur-generaal van het

    ministerie van Verkeer en Waterstaat.

    Als Suiker Unie en de vervoerders de doelstellingen van het convenant realiseren, wordt het bietenvervoer niet langer systematisch en doelgericht gecontroleerd. Voor de inspectie betekent dat tijdwinst. Ervoor in de plaats komt een systeemcontrole. Suiker Unie rapporteert dan periodiek over de genomen maatregelen en de bereikte resultaten. De Inspectie Verkeer en Waterstaat gaat Suiker Unie dan jaarlijks auditeren. Suiker Unie heeft met alle vervoerders overlegd over de realisering van de doelstelling.

    Maximale betalingIn 2010 is onder meer de maximale betaling verlaagd van de vervoerde suiker bieten per vracht. Belading boven het afgesproken totale gewicht van de vrachtwagen plus lading heeft daardoor geen zin meer, omdat deze extra tonnen per vracht niet worden uitbetaald. Te zwaar beladen vrachtwagens zijn niet goed voor de wegen. Overbelading is bovendien concurrentievervalsend. De betalings regeling is voor alle vervoerders gelijk. Met de kanttekening dat vervoerders die geïnvesteerd hebben in lichter materieel een betere marge kunnen behalen. Immers binnen het totaalgewicht (treingewicht) is er meer ruimte voor lading. Vervoerders die zich nog niet goed houden aan de maximale belading, worden rechtstreeks aangesproken door de agrarische dienst. Na de campagne volgt met iedere vervoerder een evaluatie.

    StimuleringspremieAls onderdeel van de vervoersovereenkomst is met de vervoerders afgesproken, dat de vervoerder een stimuleringspremie ontvangt, indien hij deze campagne met nieuw en lichter materieel bieten rijdt. Een groot deel van de vervoerders gaf afgelopen voorjaar aan deze campagne nieuwe lichtgewicht trailerkippers in te willen zetten. Op dit moment rijden er al zo’n vijftig nieuwe trailerkippers naar de fabrieken. Dit is ongeveer een kwart van alle wagens. De nieuwe trailers wegen leeg zes ton, de oudere types negen ton.Een aantal vervoerders reed al met lichter materieel. Met deze miljoeneninvestering geven vervoerders er blijk van, dat ze serieus omgaan met het verlagen van het toegestane totaalgewicht. Voor de vervoerders bieden de nieuwe trailerkippers de mogelijkheid toch het gewenste ton nage te halen ten opzichte van combinaties die een te hoog eigengewicht hebben.Met de aanschaf van de nieuwe trailerkippers is de trend gezet naar lichter materieel. Voor het gecombineerd vervoer van bieten en perspulp, wordt doorgaans het type walking floor ingezet. Deze trailers lossen horizontaal. Het is niet goed mogelijk lange trailerkippers in te zetten voor perspulp, omdat de losplaatsen niet

    altijd vlak zijn. Dit levert bij het lossen risico’s op.

    Lichter materieel beterSuiker Unie vervoert jaarlijks acht miljoen ton grondstoffen en eindproducten over de weg. In de campagne wordt jaarlijks meer dan een half miljoen ton perspulp vervoerd als retourvracht op bieten. De auto’s met walking floor zijn doorgaans zwaarder dan de nieuwste lichtgewicht trailers. Daarom zoeken de transportbedrijven actief naar een vervanger voor de walking floor. Tijdens de campagne is geëxperimenteerd met een bandlossysteem dat in Amerika is ontwikkeld. In dat land rijden al tienduizenden wagens met dit systeem, onder andere voor agrigrondstoffen. Dit type trailer is lichter en ook veiliger bij het lossen dan een trailerkipper. Dit nieuwe type lichtgewicht trailer kan allerlei soorten los gestort product vervoeren. Ook bijvoorbeeld grondstoffen voor vergisters. Hiermee worden de trailers breder inzetbaar en worden ook de mogelijkheden van retourvracht vergroot.In de komende jaren gaat Suiker Unie samen met de vervoerders ook bespreken of het rijden op een combinatie van biogas en dieselolie de bedrijven voordelen oplevert en bijdraagt aan een duurzamere productieketen.

    Bert Weegenaar

    11 december 2010 nr. 9

    Bietenvervoer met lichte trailer

  • Rassenkeuze: resistentie staat voorop

    12 december 2010 nr. 9

    Welke resistentie is nodig?Alle rassen die momenteel worden aangeboden, zijn resistent tegen rhizomanie. Deze resistentie is niet volledig, dat wil zeggen niet in alle planten aanwezig. Het is normaal dat er op elk perceel een klein aantal planten voorkomt met de ouderwetse rhizomaniesymptomen: geel, stijl opgaand blad, insnoering van de wortel en baardvorming. Dit zijn de zogenaamde blinkers. Rassen die alleen resistent zijn tegen rhizomanie, zijn bedoeld voor percelen waar geen problemen te verwachten zijn met rhizoctonia of witte bietencysteaaltjes. Zijn die wel te verwachten, dan is het verstandig te kiezen voor een ras met resistentie hiertegen (zie figuur 1).

    Neem geen risico met rhizoctoniaWaren er op uw bedrijf al eens problemen met rhizoctonia, kies dan voor een rhizoc toniaresistent ras. Ook als in de regio rhizoctonia voorkomt en de voorvrucht was maïs, grasland of een andere waardplant van rhizoctonia, kies ook dan

    een rhizoctoniaresistent ras. Een daadwerkelijke aantasting door deze schimmel is moeilijk te voorspellen. In sommige jaren is de aantasting minder erg, maar als de bodemschimmel voorkomt zijn de gevolgen groot (foto 1). Bij meer dan 10% geheel of gedeeltelijk rotte bieten is de partij niet leverbaar. Als de besmetting ernstig is kunnen overigens ook bij rhizoctoniaresistente rassen rotte bieten voorkomen. De resistentie is namelijk partieel en dus niet volledig. Ook zijn de

    rassen niet resistent tegen vroege plantwegval door rhizoctonia. De resistentie wordt pas na het zes tot achtbladstadium effectief.

    Schade door witte bietencyste-aaltjes Zijn er op een perceel witte bietencysteaaltjes aanwezig, dan zullen de wortels van de bietenplanten worden aangeprikt. De aaltjes voeden zich met voedingsstoffen uit de wortel en vermeerderen zich.

    De nieuwe rassenlijst biedt de teler

    meer keuze dan vorig jaar. Bij de

    rhizomanierassen zijn er vier nieuwe

    bijgekomen en bij de witte bieten-

    cysteaaltjesresistente rassen twee.

    De lijst van rhizoctoniaresistente

    rassen telt er nog steeds drie, waarvan

    er één nieuw is. Bij de keuze voor het

    volgende teeltseizoen is de resistentie

    van het ras het belangrijkste.

    Vervolgens kan binnen de categorie

    worden gekozen voor de hoogste

    financiële opbrengst of voor een van

    de andere eigenschappen.

    Rubriek onder verantwoordelijkheid van IRSPostbus 32, 4600 AA Bergen op ZoomTelefoon: 0164 274400 Fax: 0164 250962E-mail: [email protected] Internet: www.irs.nlEindredactie: Jurgen Maassen

    i n f o r m a t i e

    Figuur 1. Beslisboom voor de keuze van de benodigde resistentie.

    Figuur 2. Relatieve financiële opbrengst van de (partieel) bietencysteaaltjesresistente rassen in vergelijking met vatbare rassen op proefvelden met en zonder besmetting met witte bietencysteaaltjes. Gemiddelden van de rassenproeven in de periode 2007-2010.

  • informatie

    13 december 2010 nr. 9

    Dit kan zich in gunstige seizoenen met voldoende hoge temperatuur enkele (drie tot vier) keren herhalen. Bietenplanten ondervinden hiervan schade, vooral doordat de opname van voeding en water door de wortel is verstoord (foto 2). In droge jaren is de schade het grootst. De aaltjesresistente rassen op de lijst zijn beter bestand tegen schade door witte bietencysteaaltjes. Onder nietbesmette omstandigheden leveren deze rassen een lagere opbrengst dan vatbare rassen, maar bij een besmetting zijn ze juist veel beter (zie figuur 2). In droge jaren kan het verschil met de vatbare rassen meer dan 20% zijn. Het advies is om bij een besmetting vanaf 150 eieren en larven per 100 ml grond een bietencysteaaltjesresistent ras in te zetten.

    Aaltjesdruk blijft bestaanEen andere eigenschap van de resistente rassen is dat de witte bietencysteaaltjes zich er minder goed op vermeerderen. Jaarlijks wordt in een klimaatkamer bij de resistente rassen en een aantal vatbare rassen het aantal cysten dat is gevormd op de wortel, geteld. Cysten zijn het uitgegroeide achterlijf van een aaltje (met het blote oog als speldenknop zichtbaar op de wortel; zie foto 2C). Hierin bevinden zich enkele honderden jonge eitjes en larven.

    Bij de resistente rassen is het aantal cysten ruim 25% lager en bovendien bevatten deze cysten 50% minder eieren. De vermeerdering is dus minder dan bij de vatbare rassen, maar is zeker geen nul. Daarom spreken we ook over een partiële resistentie. Bij een eenopvierteelt met vatbare rassen zal de aaltjesdruk fors toenemen, met resistente rassen zal deze in stand blijven. Om de aaltjesdruk te verminderen zijn aanvullende maatregelen nodig (zie kader ’Maatregelen om bietencysteaaltjes aan te pakken’).

    Ruime keus in overige kenmerken Binnen elke resistentiegroep is een keuze mogelijk uit meerdere rassen. Het belang

    rijkste kenmerk is de financiële opbrengst. Daarin zijn suikergehalte, grondtarra en winbaarheid meegenomen op dezelfde manier als waarop dat bij de uitbetaling door de suikerindustrie gebeurt. Doordat bij de berekening uitgegaan is van gemiddelde leveringsgegevens,

    kan het cijfer voor financiële opbrengst bij sterk afwijkende kwaliteit iets verschillen. Om voor iedere uitgangssituatie de financiële prestatie van de rassen te kunnen vergelijken, kan men gebruik maken van de Betakwikmodule ’Rassenkeuze en optimaal areaal’ (www.irs.nl).Tenslotte zijn er kenmerken die voor sommige telers interessant kunnen zijn. Een hoog cijfer voor de vroegheid grondbedekking kan gunstig zijn bij de onkruidonderdrukking. Het effect moet men echter niet overschatten. De kophoogte kan van belang zijn in verband met de rooibaarheid. Een H betekent dat de biet vrij hoog boven de grond staat en een L dat de biet vrij diep in de grond zit.

    Noud van Swaaij

    Maatregelen om bietencysteaaltjes aan te pakken

    Voor het aanpakken van witte bietencysteaaltjes zijn naast rassenkeuze aanvullende maatregelen nodig:• bemonster op witte bietencysteaaltjes om de besmetting

    te volgen;• teel kruisbloemige resistente groenbemesters. Zij lokken

    de bietencysteaaltjes uit de cysten, maar deze kunnen zich vervolgens niet vermeerderen. Dit verlaagt de populatie;

    • kies voor een zo ruim mogelijk bouwplan. Doordat ieder jaar een deel van de bietencysteaaltjes in de grond sterft, neemt de populatie af.

    Foto 1. Rot als gevolg van aantasting door rhizoctonia. Bij meer dan 10% rotte bieten wordt de partij bieten geweigerd. Dit risico is te verkleinen door een rhizoctoniaresistent ras te zaaien.

    Foto 2. Beeld van symptomen van witte bietencysteaaltjes: A. valplek, B. veel zijwortels aan de biet en C. cysten op de zijwortels. Bij meer dan 150 eieren en larven per 100 ml grond is een witte bietencysteaaltjesresistent ras aan te bevelen.

    A

    B

    C

  • Late aphanomyces Eén van de monsters bevatte bieten met onregelmatige knobbels aan de bovenkant van de biet (foto 1). Dit is veroorzaakt door een late aantasting van de schimmel aphanomyces. In Nederland zijn alle bietenzaden behandeld met het fungicide Tachigaren (hymexazool). Deze fungicide geeft gedurende circa vier weken bescherming aan de kiemplant tegen deze schimmel. Doordat de bieten dit jaar traag van start zijn gegaan, heeft aphanomyces na vier weken toch nog kunnen toeslaan. Gelukkig leidde dit niet meer tot wortelbrand, maar deze bieten hielden daar wel misvormingen aan over.

    Rups van de bruine herfstuilNormaal gesproken zien we rupsenvraat alleen in de zomer. Dit jaar kwam er al vroeg in het groeiseizoen een melding van schade door rupsen aan kiemplanten (foto

    2). De schade trad vooral op rondom een rij essen langs een bietenperceel. Na determinatie door PPO Lisse bleek het te gaan om de rups van de bruine herfstuil. Deze leeft normaal gesproken van maart tot juni op diverse loofbomen, zoals iep, populier en es. Ze laten zich soms ook op de grond vallen en eten dan van kruidachtige planten totdat ze zich in de grond verpoppen. In dit geval stonden er alleen bieten en hebben de rupsen hieraan gevreten. Gelukkig zijn rupsen in bieten goed te bestrijden en kon het probleem worden aangepakt.

    Grijze bolsnuitkeverDe grijze bolsnuitkever (foto 3) vreet planten al aan in het jonge plantstadium. Deze snuitkever lijkt veel op de taxuskever, maar is kleiner (58 mm groot). Hij vreet voornamelijk aan de bladeren.

    De kevers kruipen eind april/begin mei uit de poppen en beginnen dan te vreten aan diverse gewassen, zoals bieten, bonen, grassen en naaldbomen. Deze kever is niet te bestrijden. Speciaal pillenzaad (pillenzaad met insecticiden) werkt onvoldoende tegen snuitkevers. Waartegen speciaal pillenzaad wel en hoe het werkt, vindt u in het artikel ’Heb ik speciaal pillenzaad nodig?’ op pagina 15.

    StengelaaltjeOok in het najaar kwamen enkele bietenmonsters binnen met koprot, veroorzaakt door het stengelaaltje (foto 4). Bij een lichte aantasting is dit moeilijk te zien. Bovenaan de kop ontstaat verkurkt weefsel met verticale scheurtjes. Snijdt men een dun plakje van de biet af, dan zijn bruine vlekjes in de biet te zien (foto 5). Bestrijden van het stengelaaltje is moeilijk. Schade in bieten is te beperken door

    het granulaat Vydate met het zaaien in de zaaivoor toe te dienen.

    Herken problemenVoor een goed rendement van de bietenteelt is het belangrijk problemen zoveel en zo snel mogelijk aan te pakken. Twijfelt u over de oorzaak van een probleem, neem dan altijd contact op met uw teeltadviseur. Hij of zij kan een monster insturen naar de afdeling diagnostiek van het IRS.

    Elma Raaijmakers

    informatie

    Heeft u ze wel eens gezien?

    Bijzonderheden uit de bietenkliniekBij de bietenkliniek zijn dit jaar ruim 230 bietenmonsters onderzocht. Daarbij ging het onder andere om plantwegval,

    slechte groei, bladvlekken en wortelrot. Net als in voorgaande jaren zaten er ook dit jaar opmerkelijke ziekten en plagen

    tussen. Hieronder volgt een overzicht van de meest bijzondere.

    Foto 1. Late aantasting door de schimmel aphanomyces.

    Foto 4. Koprot veroorzaakt door het stengel-aaltje. Op foto 5 is te zien hoe dit er aan de binnenkant uitziet.

    Foto 2. Rupsenvraat aan kiemplanten door de rups van de bruine herfstuil.

    Foto 5. Is een biet door het stengelaaltje aangetast en niet te rot, dan zijn er als men een stukje van de kop afsnijdt bruine verkurkte plekjes terug te vinden.

    Foto 3. De grijze bolsnuitkever (5-8 mm groot) vreet aan de bladeren van jonge bietenplanten.

    14 december 2010 nr. 9

  • Een overzicht van de werking van speciaal pillenzaad

    Heb ik speciaal pillenzaad nodig?

    Tabel 1. Werking van standaard en speciaal pillenzaad tegen insecten.

    standaard speciaal werking tegen: pillenzaad pillenzaad

    aardvlo, bietenvlieg, bladluizen (en daardoor vergelings - ziekte), schildpadtorretje, wantsen en bietenkevertje 0 +++

    ritnaalden, springstaarten, wortelduizendpoten en miljoenpoten 0 ++

    0 = geen werking; + = matige werking; ++ = redelijke werking; +++ = goede werking.

    informatie

    15 december 2010 nr. 9

    Speciaal pillenzaad werkt gedurende tien weken goed tegen aardvlooien, bietenvliegen, bladluizen, schildpadtorretjes, wantsen en bietenkevertjes (tabel 1). Het heeft een redelijke werking tegen ritnaalden, springstaarten, wortelduizendpoten en miljoenpoten. Bij zeer zware druk van deze vier laatst genoemde insecten kan er dus toch nog schade ontstaan.

    Insecticiden werken tien wekenDe insecticiden in speciaal pillenzaad werken tot ongeveer tien weken na zaai. In figuur 1 is de werking van speciaal pillenzaad te zien. De insecticiden uit de pil lossen op in de bodem. Vervolgens nemen de wortels deze insecticiden op en transporteren ze door de plant. Zodra een insect aan de plant vreet of zuigt, krijgt deze de insecticiden binnen en gaat dood. Een insect dat niet vreet of zuigt aan de bietenplant, gaat dus ook niet dood.

    Vroege aantasting zwarte bonenluisBij een vroege aantasting door de zwarte bonenluis kan schade ontstaan, omdat de luizen aan de bladeren zuigen. Als speciaal pillen zaad is gebruikt, gaan de luizen dood. Echter, bij standaard pillenzaad zullen de bladeren kroezen en omkrullen als gevolg van de zuigschade (foto 1). Speciaal pillenzaad zorgde er in 2009 tot zeker half juni voor dat de hoeveelheid zwarte bonenluizen op onze proefvelden beneden de bestrijdingsdrempel lag.

    Larven van bietenvlieg gaan doodSpeciaal pillenzaad werkt ook tegen de bietenvlieg. Deze legt haar eitjes op de bietenbladeren. Zijn de eieren bol, dan

    zit hierin nog een levende larve (foto 2). Deze larven kruipen na een tijdje uit deze eieren en veroorzaken dan schade aan bieten (foto 3). Bij gebruik van speciaal pillenzaad gaan ze zodra ze aan de biet vreten dood door de opname van insecticiden (foto rechts).

    Meer informatieMeer informatie over speciaal pillenzaad en voor welke gebieden het wordt aanbevolen, vindt u in Betatip hoofdstuk 5.2.5 ’Speciaal pillenzaad’ op www.irs.nl.

    Elma Raaijmakers

    Figuur 1. Werking van speciaal pillenzaad. Het insecticide uit de pil lost op en wordt door de wortels opgenomen en in de pijlrichting getransporteerd.

    Foto 1. Het effect van standaard (rechts) en speciaal (links) pillenzaad op de zwarte bonenluis.

    Foto 3. Schade aan de kiembladeren door de larve van de bietenvlieg.

    Bij de rassenkeuze dient u aan te geven of u standaard of

    speciaal pillenzaad wilt bestellen. Standaard pillenzaad

    heeft geen insecticiden. Speciaal pillenzaad bevat een insec-

    ticide (Poncho Beta of Cruiser). Welke dat is, is afhankelijk

    van het ras dat u bestelt. In proeven hebben wij geen ver-

    schillen aangetoond tussen deze twee middelen. Dit artikel

    geeft een overzicht tegen welke insecten speciaal pillenzaad

    effectief is en aan de hand van voorbeelden kunt u lezen

    hoe het werkt.

    Foto 2. Als de eieren van de bietenvlieg bol zijn, dan zit hierin nog een levende larve (links). Bij platte eieren, is de larve er al uit (rechts). Of ze bol zijn is te zien met een loep.

  • VRA

    AG

    & A

    NTW

    OO

    RD

    Suiker Unie plaatst op de website regelmatig nieuwsfeiten over de bietenteelt. Meldt u aan voor het attenderingssysteem hiervoor. Zodra er een nieuw bericht wordt geplaatst, ontvangt u een mailtje. Gemakkelijker op de hoogte blijven van de actualiteit, kan niet. Ga naar www.suikerunie.nl/agrarisch en klik op ‘Aanmelden voor het laatste nieuws’.

    Deelnemen aan Unitip levert gemiddeld een meerop-brengst op van 200 euro per hectare dankzij onder andere perceelgerichte tips. Laat die kans niet liggen. Hebt u een persoonlijke toegang tot het voor u afge-schermde deel van de Suiker Unie-site? Kies dan na het inloggen ‘Unitip’. Vervolgens kunt u uw teelt-gegevens registreren. Lukt het niet direct? Bel dan met (0165) 52 52 70 of met uw buitendienstmedewer-

    ker. Als u nog geen persoonlijke toegang tot de site hebt, moet u zich eerst hiervoor aanmelden via: www.suikerunie.nl/agrarisch.Maakt u gebruik van een eigen bedrijfsmanagement-systeem? Dan kunt u de teeltregistraties rechtstreeks doorsturen naar Unitip. De rapporten en analyses van de teelt kunt u bekijken via de site van Suiker Unie.

    Ook in 2011 zijn er subkringvergaderingen. Het gespreksthema is de teelttechniek. Daarnaast is er een terugblik op de campagne en een vooruitblik op uitzaai 2011. Leden, contractanten, bedrijfsopvolgers en loonwerkers zijn bij deze van harte uitgenodigd.

    Datum Tijd Locatie Plaatsdinsdag 4 januari 19.30 Golfpark Almkerk Almkerkwoensdag 5 januari 19.30 Wouwse Tol Wouwdonderdag 6 januari 19.30 Hotel Het Gemeentehuis Uithuizendonderdag 6 januari 19.30 De Schakel Dirkslandmaandag 10 januari 19.45 De Oude Duikenburg Echteldmaandag 10 januari 19.30 Gasterij Smits Midwoldadinsdag 11 januari 19.30 Schier Stee Wehe den Hoorndinsdag 11 januari 19.30 De Halle Axelwoensdag 12 januari 13.30 Hotel Braams Gietenwoensdag 12 januari 19.30 De Rendering Vlagtweddedonderdag 13 januari 13.30 De Hongerige Wolf Stegerendonderdag 13 januari 19.30 Zaal Meursinge Westerborkdonderdag 13 januari 13.30 Mauritshof Yzendijkemaandag 17 januari 13.30 Best Western/de Giraf Emmenmaandag 17 januari 19.30 De Schaapsberg Zandbergdinsdag 18 januari 19.30 Dorpshuis Ons huis St. Annaparochie

    Alle telers hebben vorige week de leveringsovereenkomst en de bietenzaadbestelling ontvangen. Daarop is ook de toewijzing in quotumbieten vermeld. Niet ver-meld is dat Cosun in 2011 gegaran-deerd 7% surplusbieten afrekent. In oktober is aan alle telers een toewijzing gestuurd waarop beide hoeveel heden zijn vermeld.De basisprijs voor de surplusbieten in 2011 is 25 euro per ton. Surplusbieten boven 7% zullen

    waarschijnlijk doorgeschoven moeten worden van 2011 naar 2012. Doorschuiven kost 5 euro per ton. Baseer het areaal 2011 op de toewijzing + 7% surplusbieten en de gerealiseerde hectare opbrengst van de laatste drie jaren.Stuur de zaaizaadbestelling met de gewenste eenheden zaaizaad en het areaal zo snel mogelijk in. Doe dit bij voorkeur via internet. Dat gaat het snelst. U loopt bovendien geen risico dat uw formulier via

    de post vertraagd binnenkomt bij Suiker Unie.

    Data subkringvergaderingen 2011

    KO

    RT N

    IEU

    WS

    Hoe ontvang ik automatisch actuele bietenberichten?

    Hoe doe ik mee met Unitip?

    Rassenkeuze en areaalopgave 2011

    16 december 2010 nr. 9