Wereldreis februari 2007

download Wereldreis februari 2007

of 14

  • date post

    19-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    217
  • download

    2

Embed Size (px)

description

Lesbrief Wereldreis over China - Tibet en het thema 'dans'

Transcript of Wereldreis februari 2007

  • WereldreisMaandelijkse lesbrief voor de basisschool bij de Wereldkalender van 11.11.11 ISSN : 1375-2219 - Afgiftekantoor Brussel X - 20ste jaargang - FEBRUARI 2007

    Reistips voor de eerste graad

    DANSEN BIJ DE KALENDERFOTO

    De leerlingen brengen muziek mee waarop zij graag dansen. Leg per dag een ander genre op : van kinderhit en radiotopper naar Griekse muziek, wijsjes uit het Andesgebergte, klassieke stukken uit bekende ballet-ten van bv. P. Tchaikovsky, A. Adam, L. Delibes, C. Saint-Sans ... Dansen doen we allemaal : met wat sterk geritmeerde dansmuziek ontstaat er meteen een plezierige en feeste-lijke sfeer waarop kinderen bewegen en heupwiegen.

    Allemaal dansen Laten we samen met de kinderen ontdekken op welke momenten er nog gedanst wordt. We dansen niet alleen op feesten, in andere culturen dansen mensen ook. Dans als religieuze verering : bv. de regendans, een trancedans.Dans als expressie van sensualiteit : net als bij de dieren dansen mensen ook om hun partner te leren kennen, te behagen ... net daarom doen mensen feestkledij aan om te gaan dansen.Dans als sociale bevestiging : ten tijde van de ridders en jonkvrouwen mochten enkel de edelen dansen ...Dans als sociale en recreatieve uitlaatklep : eenvoudige bewegingen die snel geleerd zijn maken het succes van de macarena, de vogeltjesdans, de pizzahut Dans als middel tot integratie : hand in hand of handen op de schouders, al dansend maken we contact.

    Dans als kunstvorm : een dansvoorstelling in een theater, een bekend ballet. Dans als entertainment : de showbusiness, de hits, de videoclip. Dans als oefenen en demonstreren van fysieke

    capaciteiten en vaardigheden : wie kan er iets heel bijzonders, is leniger dan de andere ? Dans als middel tot opvoeding : bv. de bewegingspe-dagogiek van Veronica Sherborne. Dans als therapie : dansen geeft je levensvreugde en een goed gevoel, maar ook bejaarden dansen en is er rolstoeldansen ...

    Hop met de beentjes Je kunt overal dansen : zet een paar stoelen aan de kant en je hebt een dansruimte ! Met werelddans en volksdans kun je snel een groepsdans aanleren. Met een sprookje kom je

    sneller tot individuele dansexpressie. Met bewegingsspel ontdekken kinderen hoe leuk het is om te oefenen naar evenwicht, lenigheid, kunde ... Danspunt.be, danskant.be of nevofoon.nl bieden een schat aan mogelijkheden om aan het dansen te gaan !

    Ter voorbereiding van werkblad 1 kun je muziek ge-bruiken uit de cd Quidam van Cirque du Soleil of Do, re, mi uit de cd van The Sound of Music. Als we samen dansen, gebruiken we richtingen : rechts en links, net als bij schrijf- en leesrichting. Kies twee voorwerpen die een groot verschil vormen bv. een stok en een bal of een geel en een blauw lapje stof. Zet vrolijke muziek op en laat de kinderen dansen in de zaal, zwaaiend met het ene voorwerp. Als de muziek stopt, wisselen zij van hand : ook de andere hand kan zwaaien ! Lenigheid en kracht zijn nodig om bij het dansen hoog of ver te kunnen springen. Laat alle kinderen met een aanloop springen zo ver zij kunnen. Met de benen toe gaat minder ver dan met de benen wijd open.

    Leg een verzameling aan van prenten van dansende mensen : Indische danseressen in feestkledij, ballet-dansers met toppen of pointes, hiphoppers De kinderen lossen werkblad 2 individueel op. Houd hierover een klasgesprek. Wat denken we over de mannen op de foto ?

    China : TibetThema : DANS

  • Reistips voor de tweede graad

    DANS DE MAAND IN

    De activiteit begint in een ruimte die mogelijkheden tot bewegen biedt. De leerkracht zorgt voor ritmische muziek en eventueel ritmiekinstrumenten. Doel is de leerlingen te laten bewegen, de ruimte te verken-nen en de kans te geven om hun lichaam creatief te gebruiken.

    De leerlingen verspreiden zich over de ruimte, zonder elkaar te raken als zij met hun armen wijd open een draaibeweging maken. Als de muziek start, beweegt iedereen zich door de ruimte, als

    de muziek stopt, bevriest iedereen. Staan alle kinderen wel goed verspreid of wordt er samengetroept ? Het is de bedoeling de volledige ruimte te benutten !

    Iedereen zoekt zijn of haar manier van voort-bewegen. Bij het signaal gaan leerlingen per twee staan in een bepaalde houding, bv. arm in arm. Herhaal deze opdracht verschillende

    keren, maar duid telkens aan welk lichaamsdeel de leer-lingen moeten gebruiken : handen geven, rechtervoeten tegen elkaar, oren aanraken, rug aan rug, geknield, met armen op elkaars schouders, buik, ellebogen, neus, rug van de hand

    Zonder muziek : bij het rondstappen kun je ook met tempoversnelling en -vertraging werken. Geef daarvoor impulsen : je bent erg gehaast, je wandelt op de maan

    Iedereen beweegt op muziek. Wanneer je nmaal in de handen klapt, kruipen, sluipen of springen de leerlingen laag en dicht bij de grond. Wanneer je tweemaal in de handen klapt, bewegen de leerlingen zich hoog in de ruimte

    voort, de voeten blijven wel op de grond.

    De kinderen verzinnen zelf een dans zonder dat er ingewikkelde bewegingen bij te pas komen. Vertrek van de uitbeelding van een handeling bv. etsen : op de ets springen, in gang trappen, bellen, draaien, remmen, stoppen en afstappen.

    Beeld hetzelfde uit op de maat van muziek - matig tempo, daarna traag en dan weer vlug. Er is een groot verschil tussen het trage en het vlugge tempo, alsof het om iets totaal anders gaat. Je kunt bij elk een verhaal vertellen : Waarom ets je, waar naar toe, welk soort ets, wat zie je onderweg ... ? Bewegingen worden een dans door het hele lichaam te benutten, de ruimte rondom te gebruiken, guurtjes te herhalen ... op de maat van de muziek.

    Aan het eind laat je iedereen op de grond liggen. Voelen de kinderen waar hun lichaam de grond raakt ? Zij denken aan iets heel leuks dat zij ontspannend vinden. Na een aantal minuten gaat iedereen rustig in een kring zitten.

    DE FOTO EN DE BRIEF VAN LIEN Nu haal je de kalenderfoto met de brief (werkblad 3) tevoorschijn om te bekijken, lezen en bespreken. Terug in de klas vullen de leerlingen werkblad 4 in. Zij zoeken zelf meer info over elk on-derwerp.

    PUBLICITEIT

  • Reistips voor de derde graad

    BIJ DE FOTO EN HET VERHAAL

    Kijk met je leerlingen naar de kalenderfoto. Wat valt er op ? Waarom zouden die mannen met hun merkwaar-dige hoeden en kleurrijke kleren dansen ? Wat voor muziek zou er klinken ? Hoe zie je dat de mensen op de foto bewegen? Ken je nog andere mogelijkheden om beweging weer te geven op een foto of tekening ? Denk aan gemengde kleuren, lichtstralen van autos in het donker, streepjes naast stripguren, strepen op een foto die de contouren laten vervagen, je kennis van de zwaartekracht die je

    doet aeiden dat die auto in de lucht vermoedelijk valt Lees het verhaal op Werkblad 5 en 6 over de Dans van de Zwarte Hoeden.

    DANSEN

    met een hoed op Laat je leerlingen allemaal een hoed meebrengen (of een ander hoofddeksel dat los op hun hoofd staat).- Als starter dansen zij met de hoed op door de zaal.

    Stopt de muziek, dan leggen zij hun hoed op de grond. Start de muziek opnieuw, dan rent ieder naar een andere hoed, zet hem op en danst verder.

    - Moest jij je hoed vasthouden tijdens het dansen ? Bleven alle hoeden bij de vorige opdracht op de hoofden staan ? Ga eens na welke bewegingen je nog gemakkelijk kunt uitvoeren als je een hoed op hebt zonder dat je hem vasthoudt. Welke lichaams-delen zijn er nog vrij om te bewegen ? Kun je nog springen ? Kun je nog rollen over de grond ?

    - Er zijn culturen waar een dans juist heel spannend wordt door een voorwerp op het hoofd te plaatsen. Zo bestaan er in Europa dansen met een waterkruik of mand op het hoofd. Op deze manier tonen de uitvoerders hun behendigheid zonder dat de kruik valt

    - De leerlingen maken eerst een leuke dans en dansen deze met hun hoofddeksel op. Na wat bijsturing komen zij tot een dans waarbij zij door elkaar wan-delen en om de beurt een pet opzetten. Zij hurken op n knie, geven hun hoofddeksel onder hun been door naar hun andere hand, zetten het weer op, draaien de hoed achterstevoren, gaan weer door elkaar wandelen en gooien als slot hun hoofddeksel de lucht in.

    Danskledij Op de foto wordt er gedanst met brede gewaden die uitnodigen tot zwieren en zwaaien. Er bestaan ook oude

    Chinese dansen waarbij de mouwen heel lang zijn. De leerlingen brengen een kledingstuk mee dat heel ruim zit. Denk aan een heel brede rok die je tot onder je oksels kunt optrekken, een hemd waarvan de mouwen tot over je handen hangen, een oude broek waarbij je een gat tussen de benen knipt. Je steekt je hoofd door het gat en je armen door de pijpen In de zaal kun je volgende opdrachten uitvoeren : - De kinderen dansen met hun kleding individueel

    door de zaal. Als de muziek stopt, blijven zij als een standbeeld staan, maken alle leerlingen met eenzelfde kledingstuk samen een standbeeld

    - Laat de leerlingen per twee werken : n danst en zwiert vrij door de zaal ; de andere zit aan de kant en tekent het parcours dat zijn partner aegde.

    - Idem, maar nu kiest de danser n soort bewe-ging:o ter plaatse ronddraaien met een brede rok o rondrennen en terwijl ronddraaien met de lange-

    mouwen-armen De partner probeert de beweging in enkele lijnen

    weer te geven. - Leg de tekeningen uit de vorige opdracht bij elkaar.

    Welke beweging zouden de lijnen weergeven ? Wie doet voor ? Zijn er meerdere bewegingen voor n tekening mogelijk ? Kan de kijker herkennen welke tekening de danser koos en nu uitdanst ?

    - De rokkendansers, broekendansers, hemdendan-sers staan elk in een andere hoek van de zaal klaar. Als de muziek start, komen de kinderen uit de eerste hoek en dansen individueel rond. Stopt de muziek, dan staan zij als een standbeeld stil. Wanneer de mu-ziek opnieuw start, komt de tweed