Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

of 29 /29
Technische Technische Infrastructuur in de Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening Ruimtelijke Ordening Ruimtelijke Ordening als instrument voor Duurzame Mobiliteit

description

Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening. Ruimtelijke Ordening als instrument voor Duurzame Mobiliteit. Ruimtelijke Ordening als instrument voor Duurzame Mobiliteit. RO en Duurzame Mobiliteit Locatiebeleid Keuze bouwlocaties Slotopmerkingen. De opgave. - PowerPoint PPT Presentation

Transcript of Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Page 1: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Technische Infrastructuur in Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordeningde Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke Ordening als instrument voor Duurzame

Mobiliteit

Page 2: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke Ordening als instrument voor Duurzame Mobiliteit

• RO en Duurzame Mobiliteit

• Locatiebeleid

• Keuze bouwlocaties

• Slotopmerkingen

Page 3: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

De opgave

• Individuen moeten zich kunnen ontplooien

• Diversiteit, samenhang en duurzaamheid van de samenleving (en het fysisch milieu) waarborgen

• Optimaal functioneren van gebieden (afgeleide opgave)

• Vraag: in hoeverre is er sprake van maakbaarheid van de samenleving

Page 4: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheid

• Verkeers- en vervoerstelsels hebben een belangrijke sturende en structurerende kracht in de ruimtelijke ontwikkeling op de lange termijn

Bereikbaarheid als sleutel voor gewenste ruimtelijke ontwikkeling

• Gebieden met hoge functiedichtheid goede bereikbaarheid• Gebieden met lage functiedichtheid beperkte bereikbaarheid

• Het is tevens van groot belang om zowel de interne als de externe bereikbaarheid van een gebied in beschouwing te nemen

Page 5: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheid

Afwikkelingverkeer innetwerken

Mobiliteit

Infrastructuur-netwerken

Dynamisch verkeersmanagement

Vervoers- management

Ruimtelijke structuur

Dagelijksactiviteitenpatroon

Dynamischeherkomst-

bestemmingsmatrix

Page 6: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Duurzame mobiliteit

• Betekent een sterke beperking van de schadelijke milieueffecten van mobiliteit

Door:

• Minder verplaatsingen

• Kortere verplaatsingen

• Gebruik milieuvriendelijke vervoerwijzen

• Technologische verbeteringen

Page 7: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Mobiliteit: gedrag van mensen

• Toenemende spreiding van activiteiten is haast onontkoombaar

• Schaalvergroting en toenemende interactie tussen stedelijke gebieden: overlappende stadsgewesten

• Het bieden van goede bereikbaarheid leidt tot meer mobiliteit

• Het verslechteren van bereikbaarheid leidt tot verlies aan leefbaarheid

Page 8: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Ruimtelijke Ordening als instrument voor duurzame mobiliteit

• Verplaatsen is geen doel op zich; verplaatsingen gaan van herkomst naar bestemming

• Ruimtelijke ordening stuurt de ruimtelijke spreiding van herkomsten en bestemmingen

• Ruimtelijke ordening kan dus wellicht de mobiliteit beïnvloeden: aantal verplaatsingen afstand vervoermiddel

• Echter niet direct: de keuze om een verplaatsing te maken, met welk vervoermiddel en waar naartoe blijft een vrije keuze.

Page 9: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Lange termijn instrument

• Ieder jaar wordt slechts een klein deel van de gebouwde omgeving gewijzigd (een klein deel aan de gebouwde omgeving toegevoegd)

• Die wijziging/toevoeging staat er dan wel voor 50 jaar

• Op korte termijn niet zoveel effect

• Effect wel voor lange termijn gegarandeerd

• Besluiten zijn praktisch onomkeerbaar: weet wat je doet

Page 10: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Locatiebeleid

Idee:

• Activiteiten verschillen in de mobiliteit die ermee samenhangt• Locaties verschillen in bereikbaarheid

De juiste activiteit (het juiste bedrijf) op de juiste plaats

• Kantoor met hoog potentieel OV-gebruik: bij NMBS station

• Industrie met veel aan- en afvoer van goederen: bij autosnelweg

• Mobiliteitskenmerken van bedrijven: Mobiliteitsprofielen

• Bereikbaarheid van locaties: Bereikbaarheidsprofielen

Page 11: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheidsprofielen (1)

A-locaties:

• Optimaal door OV ontsloten (bijv. snelle en frequente verbindingen met andere stedelijke centra)

• Ontsluiting voor autoverkeer is van ondergeschikt belang

• Stringent parkeerbeleid

• Goede OV-verbinding met park-and-ride voorzieningen gelegen aan de rand van de stad

• Inrichting bevordert gebruik openbaar vervoer en langzaam vervoer

• Voorzieningen in omgeving station hebben stedelijke allure (aantrekkelijke verblijfs- en werkomgeving)

Page 12: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheidsprofielen (2)

B-locaties:

• Ligging op knooppunt stadsgewestelijk/stedelijk OV-lijnennet

• Ligging aan stedelijke hoofdweg of nabij afslag autosnelweg

• Beperking parkeerfaciliteiten, afgestemd op type bedrijven dat voor vestiging in aanmerking komt

• Inrichting moedigt gebruik openbaar vervoer en langzaam vervoer aan

• Goede bereikbaarheid per OV en redelijke bereikbaarheid per auto

Page 13: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheidsprofielen (3)

C-locaties

• Optimaal ontsloten over de weg (ligging direct of in de nabijheid van afslag autosnelweg)

• Geen eisen m.b.t. kwaliteit ontsluiting OV (evt. gebruik OV voor wo-we verplaatsingen bevorderen)

• Parkeerfaciliteiten zijn afgestemd op type bedrijf (weinig werknemers per oppervlakte eenheid)

• Congestievrije aansluiting op hoofdtransportassen (ter vermijding congestie openbaar vervoer inzetten voor niet-noodzakelijke autoverplaatsingen)

• Gelegen in of aan de rand van het stedelijk gebied

Page 14: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Mobiliteitsprofielen (1)

Vastgesteld voor bedrijf of publieke voorziening

• Potentieel OV-gebruik van werknemers en bezoekers van bedrijf of voorziening

of

• Reële auto-afhankelijkheid die nodig is voor bedrijfsvoering

Page 15: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Mobiliteitsprofielen (2)

Hoofdkenmerken:

• De arbeidsintensiteit (aantal werknemers per oppervlakte-eenheid beïnvloedt potentieel gebruik OV)

• De auto-afhankelijkheid van de bedrijfsvoering (vooral zakelijke auto-afhankelijkheid)

• De bezoekersintensiteit (veel bezoekers scheppen kansen voor OV)

• De afhankelijkheid van goederentransport over de weg

Page 16: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Afstemming bereikbaarheids- en mobiliteitsprofielen

Legenda

Arbeidsintensiteit1 = extensief > 100 m2/werknemer2 = matig intensief 40 – 100 m2/werknemer3 = intensief < 40 m2/werknemer

Zakelijke auto-afhankelijkheid1 = minder dan 20% van het aantal werkzame personen is auto-afhankerlijk2 = 20 - 30% van het aantal werkzame personen is auto-afhankerlijk3 = meer dan 30% van het aantal werkzame personen is auto-afhankerlijk

Bezoekersintensiteit1 = extensief: vrijwel nooit of incidenteel bezoekers in kader van bedrijfsvoering (> 300 m2/bez.)2 = regelmatig: regelmatig contact met klanten of relaties die het bedrijf bezoeken (100-300

m2/bez.)3 = intensief: dagelijkse stroom bezoekers is substantieel onderdeel van de bedrijfsvoering;

bedrijfsactiviteit direct gericht op klanten/bezoekers, baliefuncties, e.d. (< 100 m2/bez.)

Goederenvervoer over de weg1 = nauwelijks belangrijk2 = mogelijk belangrijk3 = belangrijk

Page 17: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Afstemming bereikbaarheids- en mobiliteitsprofielen

Mobiliteits-kenmerken

Locatie

Type A Type B Type c

Arbeidsintensiteit

Zakelijke auto-afhankelijkheid

Bezoekersintensiteit

Wegontsluiting

(goederen)

3

1

3

1

2

2

2

2

1

3

1

3

Page 18: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Locatiebeleid: gangbare praktijk

Ontsluitingskenmerken

• A-locaties: binnen 15 minuten van IC station

• B-locaties: binnen 800 meter van station/busknooppunt en bij de autosnelweg

• C-locaties: bij afslag autosnelweg

Page 19: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Het zwarte gat van de B-locatie

• Ontwikkeling A-locaties vaak moeizaam

• Onderscheid A- en B-kantoren moeilijk

A-kantoren mogen ook op B-locaties

• Op B-locaties hoog auto-aandeel Autobereikbaarheid vaak erg goed OV-bereikbaarheid slechts redelijk Fietsbereikbaarheid geen criterium

• De meeste regio’s hebben geen of weinig B-locaties

eisen OV versoepeld of gekoppeld aan toekomstig OV

• Resultaat: A-kantoren op ‘B’-locaties met ‘C’ modal split

Page 20: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Locatiebeleid: alternatieve aanpak

• Onderscheid maken naar doelstellingen

zakelijk verkeer (niet aan tornen) versus mobiliteitsgeleiding

• Zakelijk verkeer: ontsluitingskenmerken of positie in het netwerk zijn belangrijk

• Mobiliteitsgeleiding: actuele bereikbaarheid is belangrijk Waar woont het personeel Voor welk deel is de fiets een reëel alternatief (< 5 km) Voor welk deel is OV een reëel alternatief (VF < 1,5) Resterend deel is afhankelijk van de auto

Page 21: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Bereikbaarheidsprofielen

Alleen binnen invloedssfeer

stedelijke hoofdweg

Binnen invloedssfeer autosnelweg

Binnen invloedssfeer A knooppunt OV A A

Binnen invloedssfeer B knooppunt OV AL B

Buiten invloedssfeer knooppunt OV R C

Page 22: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Plaatswaarde en Knoopwaarde (Bertolini)

• Plaatswaarde: stedenbouwkundige kracht als vestigingsplek Bedrijven, type werkgelegenheid Diensten Wonen

• Knoopwaarde: de vervoerscapaciteit Hiërarchie knooppunt Multimodale ontsluiting Situering in netwerk Bereikbaarheid andere locaties

Page 23: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Plaatswaarde en Knoopwaarde (Bertolini)

Page 24: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Voorbeeld: regio Eindhoven

Oude label

Autokilometers pppd Norm

autokm

pppd1993 2010 Beter OV en P

Wat kun je bereiken

Centraal station

A 10 12 10 0

Strijp B 13 16 14 6

Poot van Metz

B 20 21 18 10

Ekkersrijt C 21 23 20 17

Page 25: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Conclusie werklocaties

• Locatiebeleid kan heel effectief zijn

• Infrastructurele ontsluiting zegt niet alles

• Nabijheid en kansen fiets cruciaal

• Parkeerbeleid cruciaal

• Methoden beschikbaar om zicht te krijgen op kansen voor mobiliteitsgeleiding

Page 26: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Overzicht

Het probleem• Uitdijende steden en specialisatie (suburbanisatie = vraag)• Toenemend autogebruik (massamotorisering = vraag)

De opties• Terugdringen verplaatsingsafstanden• Beïnvloeden modal split

Huidige beleidskeuzen• Wonen: Nabijheid boven bereikbaarheid• Werken: Bereikbaarheid boven nabijheid

Page 27: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Primaat bij nabijheid

Wonen• Reductie autokilometers• Draagvlakversterking grootstedelijke voorzieningen• Vergroting bereik inwoners

Werken• Reductie verplaatsingsafstanden• Meer mogelijkheden voor langzaam verkeer• Versterking concurrentiepositie openbaar vervoer

Page 28: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Tekortkomingen en dilemma’s

• Wonen: de prijs van nabijheid

Bouwlocatie Autokm. Draagvlak Kosten Termijn

Land. West

Nieuw Oost

Amstelveen

Haarl.meer

Almere

++

+

+

0

-

+

++

+

-

-

-

--

0

0

+

-

-

0

0

+

1. ‘beter’ is ook duurder en tijdrovender

2. Ontsluiting ‘nabije’ locaties past vaak slecht in netwerkconcept

3. Infrastructuur uitbreidingen dienen primair het ‘bestaande’ te verbeteren, niet het nieuwe te ‘ontsluiten’

Page 29: Technische Infrastructuur in de Ruimtelijke Ordening

Tekortkomingen en dilemma’s

Werken:

• Gebrekkige koppeling indicatoren voor ABC aan doelstellingen

• Mogelijkheden van Langzaam vervoer en Nabijheid onderschat

• Gevaar voor overconcentratie