Syllabus Wiskunde B vwo-def 2019-03-15آ  concept syllabus vwo wiskunde B 2 1. Inleiding De...

download Syllabus Wiskunde B vwo-def 2019-03-15آ  concept syllabus vwo wiskunde B 2 1. Inleiding De herstructurering

of 22

  • date post

    29-Jul-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Syllabus Wiskunde B vwo-def 2019-03-15آ  concept syllabus vwo wiskunde B 2 1. Inleiding De...

  • concept syllabus vwo wiskunde B 1

    Syllabus Wiskunde B vwo definitief concept, 31-05-2006 CEVO commissie herziening examenprogramma 2007 wiskunde B vwo Martin Kindt (Freudenthal Instituut), voorzitter Marian Kollenveld (docent, vaksectie CEVO) Kees Rijke (docent) Arie Sterk (docent) Peter Kop (docent, vaksectie CEVO) Jenneke Krüger (SLO), secretaris Henk van der Kooij (CEVO) Kees Lagerwaard (Cito) Voorwoord (door de CEVO te schrijven) Inhoudsopgave (later in te vullen)

  • concept syllabus vwo wiskunde B 2

    1. Inleiding De herstructurering van de Tweede Fase 2007 geeft aanleiding tot herziening van alle wiskundeprogramma's. Het voor u liggende programma is gebaseerd op het programma wiskunde B1,2 vwo dat is ingevoerd in 1998. Een commissie vernieuwing wiskundeonderwijs werkt aan nieuwe examenprogramma's voor wiskunde. De invoering van nieuwe programma's is na 2010 te verwachten. . De plaats van het vak in de tweede fase vanaf 2007 Wiskunde B is profielvak in het profiel NT (Natuur en Techniek) naast de vakken natuurkunde en scheikunde. Desgewenst mag in de twee profielen EM (Economie en Maatschappij) en NG (Natuur en Gezondheid) in plaats van wiskunde A het vak wiskunde B als profielvak worden gekozen. In het profiel CM (Cultuur en maatschappij) mag het profielvak wiskunde C worden vervangen door wiskunde B (of wiskunde A). . De omvang van het programma Het vak wiskunde B voor vwo heeft een omvang van 600 studielasturen. Het komt in de plaats van het huidige profielvak wiskunde B1,2 in het profiel NT. De studielast van wiskunde B1,2 was 760 uur. . Een korte toelichting bij de herziening van het programma Een van de uitgangspunten van deze herzieningsoperatie was dat het nieuwe programma is opgebouwd uit bestaande (sub)domeinen. Er mag dus geen nieuwe leerstof worden toegevoegd. Vergeleken met het huidige programma wiskunde B1,2 moest er, gelet op het kleinere aantal studielasturen, een aanzienlijke reductie van het programma plaatsvinden. Daardoor is er geen plaats meer voor onderwerpen als combinatoriek en kansrekening, statistiek, continue dynamische modellen en voortgezette analyse. Voorts is een deel van het meetkundeprogramma geschrapt. Er zal in de komende jaren een profielkeuzevak wiskunde D voor het profiel NT worden ontwikkeld. De leerlingen in het profiel NT mogen dan 1 profielkeuzevak kiezen uit het viertal informatica, biologie, natuur,leven&technologie en wiskunde D. . De leerstofdomeinen voor CE en SE Het examenprogramma bestaat uit domeinen en subdomeinen. In onderstaand overzicht staan voor de domeinen nog de lettercodes die gebruikt werden in het examenprogramma wiskunde B vwo dat in mei 1998 is gepubliceerd. Het domein A Vaardigheden neemt een bijzondere positie in. Informatie-, onderzoeks- en technisch-instrumentele vaardigheden komen zowel in CE als SE aan bod, maar niet steeds op precies dezelfde manier. Subdomein A4 zal niet in het centraal examen worden getoetst. Subdomein A5 is nieuw en geeft aan dat algebraïsche vaardigheden ook onafhankelijk van de grafische rekenmachine (GR) of andere ICT-middelen moeten worden beheerst. Specificaties van deze eisen worden in hoofdstuk 3 beschreven.

  • concept syllabus vwo wiskunde B 3

    domein subdomein

    A1: Informatievaardigheden A2: Onderzoeksvaardigheden A3: Technisch-instrumentele vaardigheden A4: Oriëntatie op studie en beroep

    A Vaardigheden

    A5: Algebraïsche vaardigheden Bg1: Standaardfuncties Bg Functies en grafieken Bg2: Functies, grafieken, vgl en ongelijkheden

    Cg Discrete analyse Cg1: Veranderingen

    Bb1: Afgeleide functies Bb2: Algebraïsche technieken

    Bb Differentiaal- en integraalrekening

    Bb3: Integraalrekening Db Goniometrische functies Db1: Goniometrische functies

    Gb1: Oriëntatie op bewijzen Gb Voortgezette meetkunde Gb2: Constructie en bewijzen in de vlakke meetkunde

    Fb Keuze-onderwerpen

    Bij wiskunde B zal het gehele examenprogramma centraal geëxamineerd worden, behalve die onderdelen die zich door hun aard niet lenen voor een schriftelijk examen zoals het domein Keuze-onderwerpen. Van de (sub)domeinen die in het centraal examen worden getoetst staat een gedetailleerder beschrijving in hoofdstuk 2. De CEVO stelt de tijdsduur van de zittingen van het centraal examen vast. Het schoolexamen heeft betrekking op domein A in combinatie met - ten minste de domeinen Bb, Db en Gb; - het domein Fb; - indien het bevoegd gezag daarvoor kiest een of meer van de overige domeinen en subdomeinen. In de Handreiking voor vwo wiskunde B (SLO) wordt het schoolexamen toegelicht. Het eindexamencijfer voor het vak zal het gemiddelde zijn van schoolexamen en centraal examen. Een globale formulering van eindtermen van alle subdomeinen (het examenprogramma) staat in de bijlage. Een nadere uitwerking van voor wiskunde B relevante algebraïsche specifieke en algemene vaardigheden is te vinden in hoofdstuk 3.

  • concept syllabus vwo wiskunde B 4

    2. Specificatie van de globale eindtermen voor het centraal examen VOORAF . hulpmiddelen Bij het centraal schriftelijk eindexamen mogen de kandidaten gebruik maken van een grafische rekenmachine en een formulekaart. De CEVO publiceert jaarlijks een lijst van toegestane grafische rekenmachines. De formulekaart wordt aan het nieuwe programma aangepast. . significantie Er wordt van kandidaten bij wiskunde B niet verlangd dat zij kennis hebben van regels voor het aantal significante cijfers. Daarom zal bij vragen op het centraal examen worden aangegeven in welke nauwkeurigheid een antwoord dient te worden gegeven of er zal genoegen worden genomen met antwoorden in uiteenlopende aantallen decimalen. Bij wiskunde B wordt vaak in een zuiver wiskundige setting gewerkt. De gegeven waarden zijn dan exact en uitkomsten kunnen dan ofwel exact worden berekend danwel worden benaderd. In het laatste geval valt er over significantie weinig zinnigs te zeggen. Wanneer er echter vanuit een context wordt gewerkt waarin grootheden aan bod komen, is de situatie anders. Omdat daarbij vaak niet-exacte meetwaarden worden gebruikt in een wiskundig model, is hier de problematiek rondom significantie complex1. . bekend veronderstelde basiskennis Het examenprogramma bouwt voort op veronderstelde basiskennis die in de onderbouw van vwo is verworven. Zo wordt er bijvoorbeeld van uitgegaan dat de kandidaat berekeningen kan uitvoeren met en zonder rekenmachine. Ook het feit dat de oppervlakte van een driehoek ½ x basis x hoogte is, is een voorbeeld van bekend veronderstelde basiskennis. Ook wordt er vanuit gegaan dat de kandidaat kennis heeft van het metrieke stelsel. Op dit punt is er geen enkel verschil tussen de huidige examenprogramma’s wiskunde en het nieuwe programma wiskunde B. . algebraïsche vaardigheden Hoewel de grafische rekenmachine een krachtig hulpmiddel is, ook bij het oplossen van vergelijkingen, dient de kandidaat ook te beschikken over algebraïsche vaardigheden. Het gaat hier om het opstellen van formules op basis van in tekst, tabel of formule verstrekte gegevens, het omvormen van formules en om het exact oplossen van vergelijkingen. In hoofdstuk 3 is dit thema nader uitgewerkt. . ICT Zolang het centraal examen schriftelijk is, wordt met ICT in het centraal examen de grafische rekenmachine bedoeld.

    1 Zie bijvoorbeeld in het eindexamen wiskunde B1,2 tijdvak 1 van 2005 de drie vragen van de opgave ‘Inademen’.

  • concept syllabus vwo wiskunde B 5

    De domeinen en subdomeinen domein A: Vaardigheden Subdomein A1: Informatievaardigheden Globale eindterm: De kandidaat kan, mede met behulp van ICT, informatie verwerven, selecteren, verwerken, beoordelen en presenteren. Specificatie De kandidaat kan 1 artikelen of berichten uit (nieuws)media of vakliteratuur waarin wiskundige presentaties, redeneringen of

    berekeningen voorkomen, kritisch analyseren. 2 informatie verwerven en selecteren uit schriftelijke, mondelinge en audiovisuele bronnen, mede met behulp

    van ICT. Waar het een schriftelijk eindexamen betreft, beperkt deze eindterm zich tot het selecteren van informatie uit een gegeven context.

    4 benodigde gegevens halen en interpreteren uit grafieken, tekeningen, simulaties, schema’s, diagrammen en tabellen, mede met behulp van ICT.

    5 gegevens weergeven in grafieken, tekeningen, schema’s, diagrammen en tabellen, mede met behulp van ICT.

    6 hoofd- en bijzaken onderscheiden. 7 feiten met bronnen verantwoorden. 8 informatie analyseren, schematiseren en structureren. 9 de betrouwbaarheid beoordelen van informatie en de waarde daarvan vaststellen voor het op te lossen

    probleem of te maken ontwerp. Subdomein A2: Onderzoeksvaardigheden Globale eindterm: De kandidaat kan een gegeven probleemsituatie inventariseren, vertalen in een wiskundig model, binnen dat model wiskundige oplostechnieken hanteren en de gevonden oplossingen betekenis geven in de context.

    Specificatie De kandidaat kan

    12 logische relaties tussen gegevens, beweringen en resultaten aanbrengen en beoordelen en relevante gegevens scheiden van minder relevante gegevens.

    13 gegevens met elkaar en met de probleemstelling in verband brengen, op grond daarvan een passende aanpak kiezen en deze zo mogelijk opsplitsen in deeltaken.

    14 in een tekst verstrekte gegevens doelmatig weergeven in een geschikte wiskundige representatie (model). 15 vaststellen of een gekozen model voldoet en, indien nodig, een bijstelling hierv