Samenvatting Sociology of the Arts

download Samenvatting Sociology of the Arts

of 28

  • date post

    25-Jun-2015
  • Category

    Documents

  • view

    2.953
  • download

    3

Embed Size (px)

description

Sociology of the arts, Victoria D. Alexander

Transcript of Samenvatting Sociology of the Arts

Samenvatting Sociology of the art (Victoria d. Alexander) H. 1 Wat is kunst?

Definitie kunst in dit boek: tastbare, zichtbare en/of hoorbare producten of creatieve activiteiten. (hoge, populaire en volkskunsten) sociaal gedefinieerd, en dus inconsequent. (kunst, object, werk) Definitie sociology in dit boek: Onder andere de studie naar de maatschappij, van menselijke systemen, hoe mensen betekenis geven, en naar sociale ongelijkheid. Becker: Context is het belangrijkste aspect van kunst, de mens bepaalt wat kunst is, en kunst is gedefinieerd door groepen mensen die zich in een kunstwereld bevinden. Karakteristieken van kunst: Er is een artistiek product Het communiceert met een publiek Het wordt voor plezier ervaren Kunst is een expressieve vorm Kunst is gedefinieerd door zijn context In dit boek vallen onder kunst: 1. Fine (high) arts 2. Populaire (massa) kunst 3. Volkskunst (deze vormen van kunst kunnen allemaal vanuit dezelfde sociologische concepten begrepen worden.) Sociologische theorieen: Sociologie spant zich in om theorieen te genereren Sociologie kijkt naar systemen, structuren en cultuur. De connecties tussen individuen, de patronen in sociale interactie, en gedeelde betekenis. Theorie: Een abstracte en algemene set van preposities die de samenhang van de relatie tussen een gedefinieerde set van concepten specificeert. Versimpelde versie van de werkelijkheid (metafoor van de wegenkaart, n kaart is geschikt voor n situatie en n doel, voor een andere situatie heb je weer een andere kaart nodig. Geen van de kaarten is volledig.) De opvattingen van sociologen over groeps/individu onderzoek en de mogelijke generalisatie van onderzoek zijn assumpties metatheorie. Benadering: een groep theorieen die naar dezelfde sociale fenomenen kijken vanuit dezelfde metatheorieen. Alle benaderingen bevatten 'gecodeerde' metatheoretische assumpties, vaak vallen theorieeen niet precies in het hokje van n van de benaderingen, maar ze kunnen wel diagonaal tegenover elkaar staan, en dus niet te verenigen zijn.

4 benaderingen in de sociologie: Positivisme Emile Durkheim Natuurkundige benadering Abstract en generaliseerbaar empirische bewijzen Kwantitatief onderzoek meten van variabelen directe verbinding tussen kunst en maatschappij onderzoeken alleen objectieve aspecten van de kunstwereld doel: voorspellen van menselijk gedrag, door het generaliseerbaarheid. Interpretatieve benadering Max Weber Vraag naar betekenis Hermeneutisch interpretatie van 'tekst' om betekenis te achterhalen Mensen zijn rationele wezens die vanuit eigenbelang omgaan met keuzemogelijkheden. De manier waarop ze hiermee omgaan is afhankelijk van hun cultuur of ideeen. Onderzoek helpt begrijpen, en daardoor gedrag verklaren. Betekenis is niet generaliseerbaar Onderzoeken zijn niet voorspellend (realiteit wordt gecreerd in het sociale) Foucault ontstaat uit interpretatieve en kritische benadering modernisme industrieel, massagericht, rationalisme, productiemaatschappij Postmodernisme consumptiemaatschappij Ontkennen elke vorm van generalisatie Reflectiviteit: Onderzoek zelf is ingebed in een sociale context, reflectief onderzoek neemt het effect van het onderzoek en de onderzoeker mee in de resultaten. Power-knowledge: zijn onlosmakelijk verbonden deconstructietechniek: om powerknowledge te ontdekken in verhalen

Kritische benadering Karl Marx Klassestrijd (kapitalisme/proletariaat) Kapitalisten maken misbruik van het proletariaat Ontwikkeling in de maatschappij proletariaat is verdeeld in klassen Praxis politieke actie ondernemen (belangrijk onderdeel van Marxistische benadering) Vals bewustzijn (false consciousness): arbeiders zien hun eigen uitbuiting niet (culturele controle) Kritiek op massacultuur: niet authentiek en verschillende klassen gebruiken kunst op een verschillende manier. (voordeel voor hogere klassen)

Postmodernisme

H. 2

Reflectie benadering

Reflectie theorie: kunst zegt iets over de samenleving Reflectietheorie vanuit Marxisme: De superstructuur (ideologie van een samenleving) reflecteert de basis (de economische relaties). Bv. Arbeiders voeren saai werk uit dus is massacultuur ook saai. Arbeiders zijn zo vermoeid door het saaie werk, dat ze niet op zoek gaan naar authentieke cultuur. Onderzoeksstrategieen 1. Interpretatieve analyse

Aantal kunstwerken gedetailleerd onderzoek om betekenis te achterhalen, het combineren van gegevens met historische data, en daarmee de samenhang tussen schilderij en samenleving laten zien. (Bv. Helsinger's onderzoek naar engelse landschappen) 2. Inhoudsanalyse onderzoekt verandering over tijd Gaat uit van betekenis op de oppervlakte Vanuit positivisme (emperisch onderzoek) Coderen van factoren, en daarna vergelijken maken van kwantitatieve uitspraken (bv. Onderzoek van Lowenthal naar coverfiguren op twee amerikaanse tijdschriften, van actieve naar passieve idolen) 3. Structurele semiotiek onderzoekt verandering over tijd Gaat ervan uit dat betekenis verborgen is Betekenis is te vinden in de narratieve structuur van verhalen Opposities in verhalen reflecteren de conflicten in de samenleving Geinspireerd op het base-superstructure model (Bv. Onderzoek van Wright naar Western films in Amerika, verandering in verhaallijn laat verandering in het kapitalisme zien) 4. Begrijpen van rituelen Hyperritualisatie in reclame laat de onderliggende sociale relaties in de samenleving zien (Bv. Goffman -Hoogteverschillen tussen mannen en vrouwen om rollenpatroon aan te geven.) 5. Combineren van methoden moeilijker dan het gebruiken van n methode Versterkt het uiteindelijke onderzoek (Bv. Onderzoek van Entman en Rojecki naar reflectie van rascisme in film en televisieshows) Kritiek op de reflectiebenadering 1. Zo wijd gedefinieerd dat niet te achterhalen is over welk aspect van de samenleving het gaat. (12 verschillende manieren die de samenleving zouden kunnen reflecteren- welke is de goede?) 2. Literatuur = fictie, niet te achterhalen of situaties in de literatuur echt de samenleving reflecteren, of dat ze een artistieke functie vervullen (Bv. Grote gezinnen zorgen voor meer dramatische interacties in een serie) 3. De reflectiebenadering gaat ervan uit dat kunstenaars in contact zijn met de realteit en deze als waarheid weergeven. 4. Good practise in reflectieonderzoeken: onderzoekers staan open voor bias het onderzoek wordt beinvloedt door de onderzoeker zelf, of de manier van onderzoeken. 5. Kunst wordt zowel gedistribueerd als gepercipieerd en wordt dus beinvloed door beide kanalen. Een rechte lijn van samenleving naar kunst is dus niet mogelijk. H. 3 Creatiebenadering

De kunst beinvloedt de samenleving. (ook een rechte, causale lijn tussen samenleving en kunst) Grotendeels (doch niet geheel) gericht op het negatieve effect van kunst op de samenleving.

1.

2.

Arnold n van de grondleggers van de creatiebenadering. cultuur = Fine arts verbeterend effect op de mens culture and civilization approach: verschil in klassen Cultuur heeft invloed op alle klassen, maar op elke klasse anders Theorieeen van de culturele 'highbrows' High art is goed, massacultuur is slecht Verschuiving van het verbeterende effect van fine art, naar het destructieve effect van massacultuur

Marxisme de superstructure is een instrument van controle, in plaats van een reflectie van de base (reflectiebenadering) Hegemony: Vorm van culturele controle (gramsci) De elite regeert door leiderschap en overtuiging (ipv kracht en geweld), door gebruik te maken van de superstructure, implementeren zij hun ideeen in het proletariaat, die op deze manier niet doorheeft dat dit niet hun eigen ideeen zijn, maar ze aannemen als een vanzelfsprekendheid. (Bv. Werk iedereen zoekt ernaar en betwijfelt niet het nut van werk) Elites zijn instrumentaal in het creeeren en distribueren van culturele producten. The Frankfurt School en de kritische theorie culturele industrieen: produceren massacultuur voor winst, deze producten zijn homogeen, gestandaardiseerd en voorspelbaar. Concept van Marx centraal: Commodity fetishism: mensen waarderen dingen in waarde van geld. culturele producten worden gewaardeerd om hun handelswaarde. Gestandaardiseerde cultuur vereist geen kritisch denken. Volgen Adorno in zijn idee dat massacultuur gebruikt wordt als sociale controle over het proletariaat (zie ook reflectiebenadering) Adorno (maar ook andere Marxisten) zien de creatiebenadering en de reflectiebenadering dialectisch aan elkaar (kunnen naast elkaar bestaan, en elkaar aanvullen) Kunst samenleving Creeeren van false needs het vervangen van een verlangen naar autonomiteit door een verlangen naar consumptie. Tegenstelling met Leavis (massacultuur is slecht voor de maatschappij, omdat het de culturele autoriteit van intellectuelen ondermijnt) FFS: De massacultuur versterkt de hand van de elite. Culturele kritiek (Op) Massacultuur: Idee dat massacultuur gestandaardiseerd, homogeen en kinderachtig is en geconsumeerd wordt door een passief en onverschillig publiek. Massacultuur kritiek lijkt heel erg op de ideeen van de Frankfurter School. (Op) Media effecten De media wordt als machtig gezien, omdat ze allesdoordringend zijn.

Presenteert modellen voor menselijk gedrag en kunnen daarin partijdig zijn. Kunnen voorkomen op individueel niveau en mondiaal niveau. Zowel de literatuur over massacultuurkritiek en mediaeffecten richt zich op de populaire kunst. Kritiek op de creatiebenadering 1. Methodologische problemen Theoretici noemen alleen het effect van de media op de maatschappij, maar onderbouwen dit niet met gegevens. Langetermijn effecten van de media zijn zeer moeilijk te meten, omdat het niet mogelijk is het effect van andere (sociale) factoren uit te sluiten. De onderzoeken verschillen in uitkomsten door hoe zij variabelen meten. Er is ook een effect op de uitkomsten van het onderzoek door de instelling d