Richtlijn: Angst (1.0)

download Richtlijn: Angst (1.0)

If you can't read please download the document

  • date post

    11-Jan-2017
  • Category

    Documents

  • view

    214
  • download

    1

Embed Size (px)

Transcript of Richtlijn: Angst (1.0)

  • AngstLandelijke richtlijn, Versie: 1.0

    Datum Goedkeuring: 25-06-2009

    Methodiek: Consensus based

    Verantwoording: Redactie palliatievezorg; richtlijnen voor de praktijk

  • InhoudsopgaveColofon...........................................................................................................................................................1

    Inleiding..........................................................................................................................................................2Reactieve angst..................................................................................................................................2Angststoornis door een somatische aandoening en/of een middel....................................................3(Andere) angststoornissen.................................................................................................................3

    Vrkomen.....................................................................................................................................................5

    Oorzaken........................................................................................................................................................6

    Diagnostiek....................................................................................................................................................8

    Beleid en behandeling..................................................................................................................................9Integrale benadering..........................................................................................................................9Behandeling van uitlokkende factoren.............................................................................................10Niet-medicamenteuze symptomatische behandeling.......................................................................10Medicamenteuze symptomatische behandeling..............................................................................11

    Benzodiazepines........................................................................................................................11SSRI...........................................................................................................................................12Overigen....................................................................................................................................12

    Stappenplan.................................................................................................................................................13Bewijsvoering...................................................................................................................................13

    Samenvatting...............................................................................................................................................14

    Referenties...................................................................................................................................................16

    Bijlagen........................................................................................................................................................19

    Disclaimer....................................................................................................................................................23

    i

  • ColofonDe richtlijn Angst, versie 1.0 werd in 2008 geschreven door:

    M.S. Vos, psychiater, ziekenhuis Bronovo, Den Haag P. Seerden, consultatief psychiatrisch en oncologisch verpleegkundige, Nederlands KankerInstituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis

    Commentaar werd geleverd door:

    J. Dalmeijer, huisarts np M. van Dijk, internist-hematoloog M. van der Haar, cordinator Steunpunt Geestelijke Verzorging L.A. Hartman-Barkema, specialist ouderengeneeskunde/hospicearts J.V.M. van Leer, huisarts J.B. Prins, klinisch psycholoog H. Schreiber, specialist ouderengeneeskunde A.M. van Swaay, GZ-psycholoog P. Swart, psycholoog G. Uyttewaal, oncologieverpleegkundige P.E. Voerman, nurse practitioner i.o. H. Vos,specialist ouderengeneeskunde

    08/16/2011 Angst (1.0) 1

  • InleidingAngst is in het dagelijks leven een normale menselijke reactie op dreigend gevaar. Angst kan een prikkelzijn tot adequaat handelen, bijvoorbeeld naar de dokter gaan wanneer men zich ongerust maakt over eenlichamelijke klacht. Een ongeneeslijke ziekte is een dreiging die existentile onzekerheden en ingrijpendeveranderingen in het leven met zich mee brengt. Vooral bij veranderingen in het ziekteproces of bij deaanvang van een nieuwe behandeling komen gevoelens van angst en spanning veel voor. Het wachten inde wachtkamer op de uitslag van een CT-scan die gemaakt is om het effect van de behandeling tebeoordelen, is voor veel patinten een zenuwslopende gebeurtenis. Voor de eerste chemokuur zijn demeeste patinten nerveus. Wanneer de eerste kuur is meegevallen kan de patint enigszins gerustgesteldzijn. Maar als de eerste chemokuur gepaard ging met nare bijwerkingen, zoals misselijkheid, braken,mucositis, haaruitval of neuropathie, kan de patint voor de volgende kuur aan anticipatieangst lijden,waardoor het ondergaan van de chemotherapie een kwelling wordt.Wanneer duidelijk is geworden dat de ziekte niet meer kan genezen en de patint en zijn naasten zichrealiseren dat het einde nadert, spelen angsten voor het komende lijden en het verlies van autonomie enwaardigheid vaak een rol.

    Wanneer de angst zo hevig wordt dat het dagelijks functioneren belemmerd wordt of de angstdisproportioneel is ten opzichte van de bedreiging wordt gesproken van een angststoornis. Bij eenlevensbedreigende ziekte is de norm van disproportionaliteit niet bruikbaar. De grens tussen normale enpathologische angst bij patinten met een levensbedreigende ziekte kan beter worden bepaald door demate waarin het dagelijks functioneren wordt verstoord. Fysiologische equivalenten van angst kunnen zijn:moeheid, spanning, transpireren, hartkloppingen, benauwdheid, duizeligheid, frequente mictie, diarree,slikproblemen, rillingen, verhoogde prikkelbaarheid en slaapproblemen. Bij de exploratie van angst of eenangststoornis dient er rekening mee gehouden te worden dat deze symptomen ook veroorzaakt kunnenworden door het onderliggend lijden of bijwerkingen van de behandeling kunnen zijn.Voor de beschrijving van deze richtlijn gebruiken we de volgende indeling van angst:

    reactieve angst: gevoelens van beklemming en vrees in reactie op dreigend onheil of gevaar angststoornis door een somatische aandoening en/of een middel: angst als directefysiologische consequentie van een somatische aandoening of een geneesmiddel

    andere angststoornissen: vormen van angst die een hoge lijdensdruk veroorzaken en/of continueaanwezig zijn en/of het dagelijks functioneren belemmeren.

    In de palliatieve zorg zijn vooral de reactieve en angststoornis door een somatische aandoening en/of eenmiddel van belang. In wetenschappelijke studies wordt het onderscheid tussen deze twee vormen vanangst en de aanpassingsstoornissen met angst en angststoornissen veelal niet gemaakt. In deze richtlijnzal de focus liggen bij de reactieve en angststoornis door een somatische aandoening en/of een middel.Voor de beschrijving en het beleid bij existentiele angst verwijzen we naar de richtlijn Spirituele zorg.Angst en depressie gaan vaak samen. In de literatuur wordt de term distress' gebruikt voor de mate vangevoelens van spanning en onbehagen, die overlappen met symptomen van angst en depressie. In derichtlijn zal deze term vanwege de overlap niet worden gebruikt.

    Reactieve angst

    Bezorgd', zenuwachtig', gespannen', bang', geschrokken' en eng' zijn termen die iemand gebruikt als hijeen bepaalde mate van angst ervaart. In de palliatieve fase worden patinten geconfronteerd metonzekerheden en existentile vragen. Het is normaal dat dit gepaard gaat met gevoelens van verdriet,somberheid, boosheid en angst. Deze angst is veelal gericht op te verwachten omstandigheden, zoalsangst voor het komende lijden, onzekerheid, controleverlies, verlies van waardigheid, verlies vanautonomie, afscheid nemen, het sterven en de dood.Veelal vinden patinten en hun naasten zelf de goede manier hoe om te gaan met deze vormen van angst.Met elkaar de zorgen bespreken, voorbereidingen treffen op het naderende einde, zaken regelen, aanartsen en verpleegkundigen uitleg vragen over de mogelijkheden van symptoombestrijding kunnen totgeruststelling en afname van de angst leiden. Momenten van angst kunnen afwisselen met periodes vanrust, aanvaarding en het beleven van vreugde. Het aanpassingsvermogen van patinten met eenongeneeslijke ziekte is vaak verrassend groot.

    08/16/2011 Angst (1.0) 2

    http://www.pallialine.nl/index.php?pagina=/richtlijn/item/pagina.php&richtlijn_id=627

  • Angststoornis door een somatische aandoening en/of een middel

    Over de relatie tussen biologische factoren en angst is de laatste jaren meer bekend geworden. Uitneurobiologisch onderzoek blijkt dat verschillende hersengebieden, zoals de amygdala, de prefrontalecortex en de hippocampus betrokken zijn bij het ontstaan en uitdoven van angst. De neurotransmittersgamma-amino-boterzuur (GABA), serotonine (5HT) en glutamaat spelen een belangrijke rol bij de regulatievan angst. Op grond van deze bevindingen wordt verklaard waarom benzodiazepinen, die aangrijpen op deGABA-receptoren en serotonine reuptake inhibitors (SSRI's) effectief kunnen zijn bij de behandeling vanangst.In de klinische praktijk spreken we van een angststoornis door een somatische aandoening en/of eenmiddel wanneer duidelijk is dat symptomen van de onderliggende ziekte en/of medicatie een belangrijkeoorzaak van angst zijn (zie Oorzaken). Over de prec