Po-e-zine 2. Stilte

download Po-e-zine 2. Stilte

of 82

  • date post

    24-Jul-2016
  • Category

    Documents

  • view

    231
  • download

    6

Embed Size (px)

description

 

Transcript of Po-e-zine 2. Stilte

  • Po

    e-zi

    e

    Uitslag Dichtwedstrijd! Themanummer: stilte Jaargang 2, Nummer 2, 1 mei 2013 Biografie: Jan Slauerhoff

  • een elektronisch magazine over alles wat met pozie te maken heeft...

    waar diversiteit in het spelen met woorden en taal voorop staat...

    Verschijnt 6 maal per jaar, met bijdragen

    in het Nederlands, Afrikaans en Engels

    Een uitgave van:

    Pastuiven Verkwil & R&Productions 2013

    NIETS uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en- of openbaar ge-

    maakt worden op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke

    toestemming van de auteurs!

    Gratis abonnee worden?

    Stuur dan een e-mail naar:

    hetnieuwepoezine@gmail.com

    (ook voor alle andere correspondentie)

    Aanleveren kopij:

    Tekst alleen als DOC bijlage

    Beeldmateriaal alleen als JPEG/JPG bijlage

    Internet:

    http://hetnieuwepoezine.wordpress.com/

    https://www.facebook.com/Poezine

    Veerle van den Buys

    Cover: Rob Fink, http://robfink.exto.nl/

  • Meewerkenden aan dit nummer: Rob Fink, Veerle van den Buys, Dorine Lintelo, Bert

    Waber, Vincent Jongman, Dimph Jansen, Anke Cant, Carl Olen Nel, Mark Boninsegna, Corry

    Broer, Andr Smucki, Hilly Nicolay, Johann P. Boshoff, Emile Umberto Matinaglia, Linda

    Neill, Magda Thomas, Marleen Ooms, Nancy Meelens, Jan van Well, Ria Hooghiemstra, Ludy

    Bhrs, Harald Calle, de Wandelaar, Bart Ensing, Marion Steur, Barend van der Merwe, Pe-

    tra Fenijn, Ria Giskes-Pieters, Frans Terken, Sijke Van t Ven, Rudolf Dierckx, Anneke Haas-noot, Rijmelarijntje Bakker, Pastuiven Verkwil, Vlinderwindekind Kerima Ellouise, Yoel Tordj-

    man, Ruud Poppelaars, Michael Karstanje, Wouter van Heiningen, Mieke Merkx, Sjaka S.

    Septembir, OnlyMie, Bert Deben, Amanda Tuinstra, Mirjam van Benthem, Inge Boulonois,

    martsarts, Peter Hendriks, switi lobi, Pim Leefsma, Monique van der Kubbe, Elbert Gong-

    grijp, Marije Hendrikx, Matthijs Wateler, Guido Utermark, Lenjef, Astrid van Rijn, Manja Her-

    stel, Froukje Vos, Anne Vellinga, Karin van der Veur, Jelou, Charles Binoir, Helle van Aarde-

    berg, Pierre Rossouw, Marieke Noppen, Alle deelnemende dichters aan de Dichtwedstrijd

    Corrector: Bert Waber

    Consultant: Vincent Jongman

    Lay-out: Pastuiven Verkwil

    Woorden mogen alleen dienen om de stilte te verbeteren. (Karel Jonckheere)

    Wat moet ik dan nog schrijven...?

    Ik koester mijn stilte en die van anderen; er is geen groter goed tegenwoordig.

    Dit 2e nummer van Po-e-zine is gewijd aan de stilte, zowel in woord als beeld; vanuit de

    regels en alinea's druppelt stilte je tegemoet. 35 dichters hebben in de Dichtwedstrijd

    getracht stilte te vangen, alle werken worden in dit nummer geplaatst en natuurlijk de

    winnaar die het schitterende schilderij van Jan van Well ontvangt!

    Alle dichters die werken hebben ingestuurd n de juryleden: Jan van Well, Petra Fenijn,

    Reineke Gevers, Jan Bontje en ondergetekende, dank ik met een groot Dank Je Wel voor hun deelname en inzet tijdens het beoordelen! Voor mij zeer de moeite waard om te

    herhalen!

    Po-e-zine heeft momenteel een lezerspubliek van ongeveer 400 personen, voor een

    nieuw magazine niet slecht!

    Na rondvraag bleek dat de meeste van jullie het magazine gewoon in de postbus willen

    blijven ontvangen. Dat gaat dus ook gebeuren. Voor diegene die daar niet de mogelijkheid

    toe hebben ontvangen na aanvraag een link waar het magazine op de site te downloaden

    is.

    Om misverstanden te voorkomen vraag ik jullie vriendelijk bij het insturen van kopij dui-

    delijk het woord KOPIJ te vermelden :)

    Klaar. Ik weet niets meer te vertellen... ben stil... geniet van dit overvolle nummer:) En

    jullie weten het: voor feedback en tips e.d. stuur je me gewoon een mailtje :)

    Het thema van Po-e-zine nummer 3? Ik droom een Toekomst.

    Pastuiven Verkwil

  • Dorine Lintelo

  • Student, schrijver, scheepsarts, woningloze

    J. Slauerhoff (1898 1936) geldt als n van de belangrijkste Nederlandse dichters uit het interbel-lum. Zijn werk wordt (neo)romantisch genoemd; Weltschmerz en verlangen komen telkens boven-

    drijven. Slauerhoff: dichter, schrijver, scheepsarts, ongelukkige (Alleen in mijn gedichten kan ik wonen, nooit vind ik ergens anders onderdak).

    Op 14 september 1898 wordt Jan Jacob Slauerhoff geboren in Leeuwarden als vijfde van zes kinderen. Zowel

    de familiegeschiedenis van zijn moeder als die van zijn vader zijn doorsneden van zeevaart. In die zin is de

    liefde van Slauerhoff voor de zee en het varen een logisch, haast genetisch gevolg. Al snel na zijn geboorte

    blijkt dat hij lijdt aan astmatische aanvallen. Zijn moeder en oudere zus Lise nemen de extra zorg die hij

    nodig heeft op zich. Zijn astma brengt ook een grote mate van eenzaamheid met zich mee. Enerzijds werkten

    zijn astmatische aanvallen afschrikwekkend voor zijn omgeving; anderzijds verkoos hij zelf de eenzaamhe-

    den om zijn ziekelijkheid verborgen te houden.

    Slauerhoff onderhoudt, ook na zijn jeugd, een relatie van aantrekken en afstoten met zijn zorgverleners. Aan de ene kant verplicht hij hen hem te helpen, maar aan de andere kant ervaart hij de bekommernis als

    beknellend.

    Hij doorloopt tussen 1911 en 1916 de HBS in Leeuwarden. In diezelfde tijd raakt hij genspireerd door de Rus-

    sische literatuur (vooral Poesjkin, Tolstoj en Toergenjev, maar ook Gorki, Gogol en Lermontov) en de symbo-

    listische Franse dichters Baudelaire, Rimbaud en Verlaine. Zijn (kennelijk vooruitstrevende) leraar Neder-

    lands op de HBS laat hem kennis maken met de Tachtigers Van Eeden, Gorter en Van Deyssel. Ook raakt hij

    genteresseerd in Oosterse filosofien.

    In 1916 verhuist hij naar Amsterdam om geneeskunde te studeren aan de Universiteit van Amsterdam. Hij

    woont het eerste jaar bij een verre oom en tante, over wie hij enkele jaren later spottende gedichten publi-

    ceert. In deze jaren ontwikkelt Slauerhoff zich als dichter; er verschijnt proza en pozie van zijn hand in

    Propria cures en de jaaralmanakken van U.S.A., de studentenvereniging waar hij (kritisch en dwars) lid van

    is. Hij zetelt enige tijd in de redactie van Propria Cures.

  • Samen met Darja

    Vanaf 1919 stort hij zich op de studie. n op de liefde. Hij verlooft zich met Truus de Ruyter, een studente Nederlands

    tegen wie Slauerhoff heel erg opkeek. In 1922 verbreekt zij de verloving omdat Slauerhoff haar geen zekerheid kan

    geven dat hij bij haar zal blijven. Ook in 1922 verschijnen gedichten in Het getij, een literair tijdschrift (en geen studen-

    tenblad zoals Propria cures). Zijn bijdragen aan Het getij zijn Slauerhoffs eerste serieuze stappen in de literatuurwe-

    reld. In 1923 komt zijn debuutbundel uit: Archipel.

    Slauerhoff schrijver, scheepsarts

    In 1924 maakt hij zijn eerste reis als scheeparts, naar Nederlands-Indi. Slauerhoff wordt echter doodziek op deze

    zeereis. Toch voelt hij zich opgetogen als hij vaart: Onder het zonnezeil, verrukt door den wind/voel ik me gelukkig. Latere reizen brengen hem in China, Japan, Rusland en de Portugese kolonie Macao, waar hij in aanraking komt het

    werk van Cames, de grote Portugese dichter uit de zestiende eeuw bekend van omvangrijke epos Os Lusadas (1572).

    Slauerhoff herkent in Cames een geestverwant. Hij keert weer terug naar Nederland in 1927, na heel ziek te zijn ge-

    worden op n van zijn reizen als scheepsarts. In 1928 gaat hij weer varen, deze keer naar Zuid-Amerika en later ook

    naar Portugal. In Portugal maakt hij kennis met de fado, het Portugese levenslied. Hij maakte een aantal vertalingen en

    hertalingen van fados. Tijdens zijn reizen en op de momenten dat hij zich in Nederland terugtrok in het Noord -Hollandse plaatsje Bergen werkt hij aan zijn gedichten. In 1929 kwam Fleurs de marcage uit (een bundel met Franse

    gedichten), en in 1930 verscheen Yoeng poe tsjoeng (Van geen nut), een bundel met (heel vrij) vertaalde Chinese ge-dichten.

    In 1929 gaat hij als assistent aan het werk op de afdeling dermatologie van het Academisch Ziekenhuis Utrecht. Tijdens

    zijn Utrechtse periode komt hij echter, tot zijn grote onvrede, nauwelijks aan schrijven toe. Veel ideen blijven onuitge-

    werkt, mede ingegeven door de grote stapel ongepubliceerd (maar af) werk dat bij de uitgeverij klaar ligt. En zijn

    werk in de kliniek levert noch hemzelf noch zijn werkgevers voldoening op.

    1930 is wat publicaties betreft Slauerhoffs topjaar: Het lente-eiland en andere verhalen, Saturnus, Schuim en asch,

    Serenade, Yoeng poe tsjoeng en zijn vertaling van Don Segundo Sombra van de Argentijnse schrijver Ricardo Guiral-

    des. In het voorjaar van datzelfde jaar voltrekt zich ook een belangrijk gebeurtenis op het persoonlijke vlak: hij ont-

    moet de danseres Darja Collin. Het blijkt geen tussendoortje: We zijn er beiden eigenlijk rotsvast van overtuigd, dat het duren zal, en () dit verwondert ons beiden. In september 1930 trouwt Slauerhoff met haar. De jaren daarna wor-den gekenmerkt door financile malaise: Slauerhoff vaart en schrijft om aan geld te komen en om zo veel mogelijk bij

    Darja te kunnen zijn.

  • In deze jaren schrijft Slauerhoff een toneelstuk over Jan Pietersz. Coen (1931) en de aan Darja Collin opgedragen

    roman Het verboden rijk (1932). Veel vertaalvoorstellen worden door verschillende uitgeverijen afgewezen. Intus-

    sen komen de eerste scheurtjes in het huwelijk tussen Slauerhoff en Darja aan de oppervlakte. Zo is Slauerhoff