Plezierig oud worden - Vilans · Veel ouderen hebben levenswijsheden ontwikkeld of levenslessen...

of 173 /173
Plezierig oud worden Met levenservaring als krachtbron Werkboek voor ouderen die willen leren van elkaar Februari 2007 Herziene uitgave Vilans Postbus 8228 3503 RE Utrecht (030) 789 23 00

Embed Size (px)

Transcript of Plezierig oud worden - Vilans · Veel ouderen hebben levenswijsheden ontwikkeld of levenslessen...

  • Plezierig oud worden Met levenservaring als krachtbron

    Werkboek voor ouderen die willen leren van elkaar

    Februari 2007 Herziene uitgave

    Vilans Postbus 8228

    3503 RE Utrecht (030) 789 23 00

  • Het levenslesprogramma, waarvan dit werkboek deel uitmaakt, is mogelijk gemaakt dank zij financiering van de Stichting Sluyterman van Loo, vanuit het subsidieprogramma Levenskunst.

    Het programma is uitgevoerd door KITTZ, Groningen. KITTZ is per 1 januari 2007 samengegaan met KBOH en NIZW Zorg en gevestigd in Utrecht onder de naam Vilans. ISBN 9789088390036 Het materiaal in deze informatiemap is volgens de laatste, ons bekende inzichten samengesteld. Toepassing en gebruik van de omschreven informatie is op eigen risico. Vilans accepteert geen enkele burger- of strafrechtelijke aansprakelijkheid, verband houdende met dan wel voortvloeiende uit enige publicatie of het gebruik of de toepassing van de daarin vastgelegde informatie. De hier beschreven informatie mag als voorlichtingsmateriaal of werkmateriaal ten behoeve van het organiseren van levenslessen zonder toestemming worden vermenigvuldigd, mits dit gepaard gaat met bronvermelding (Vilans, Postbus 8228,3503 RE Utrecht,(030) 789 23 00). Vermenigvuldiging van het materiaal voor commerciële doeleinden is niet toegestaan.

  • Met dank aan

    Verschillende mensen en organisaties hebben hun bijdrage geleverd aan het realiseren van het Levenslesprogramma en het tot stand komen van dit werkboek. Vilans ontwikkelt al haar producten in samenspraak met de eindgebruikers, om ervoor te zorgen dat de mensen voor wie het product bedoeld is er ook daadwerkelijk mee kunnen werken. In dit project is dat bij uitstek essentieel, omdat de opzet is dat zoveel mogelijk ouderen gaan meedoen aan de levenslesbijeenkomsten of zelf het initiatief nemen een levenslesgroep op te zetten. Aan de voorbereiding en het bepalen van de aanpak werkten mee: � Sabine Craenmehr en Liesbeth Huijts, Unie KBO, ’s Hertogenbosch � Gert Los, SOOG, Samenwerkende Ouderen Organisaties Groningen � Loes Janssen en Saskia Nijburg, Maatschappelijke en Juridische Dienstverlening,

    Groningen � Femke Verleg, Seniorweb.nl, Utrecht � Floriske van der Wind, 50plusnet NIGZ, Woerden Leden van de klankbordgroep, ingesteld voor het testen van het lesmateriaal: � Jaap Corstiaansen, op persoonlijke titel � Mevrouw Kwikkel, op persoonlijke titel � Ans Jongerhuis, op persoonlijke titel � Git Schuitemaker, op persoonlijke titel � Aletta van der Stap, op persoonlijke titel � Gerben Sterringa, ’t Gilde Groningen, (Humanitas) En verder dank aan: � Alle deelnemers van de eerste levenslesgroepen � Alle mensen die hebben meegewerkt aan een interview voor het schrijven van de

    voorbeeld levenslesverhalen.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 5

    Inhoudsopgave

    Aanleiding........................................................................................................................................... 9 Het levenlesprogramma: de context van dit werkboek .................................................... 9 Ouderen delen levenservaringen met elkaar....................................................................10 Ouderen delen levenservaringen met scholieren ............................................................10 Hoe we het levenslesprogramma hebben opgezet .........................................................11

    1 Introductie ..............................................................................................................................13 1.1 Het werkboek .................................................................................................................15

    Voor wie is het werkboek?...................................................................................................15 Wat staat er in het werkboek? ............................................................................................15

    1.2 Zelf levenslesbijeenkomsten organiseren ..................................................................16 Een handleiding voor de aanpak.........................................................................................16 Een netwerk voor levenskunst opbouwen........................................................................16 Andere initiatieven................................................................................................................16

    1.3 Stappenplan voor het organiseren van een levenslesbijeenkomst .......................17 1.4 Levenskunst en levenskunstenaars .............................................................................19

    Wat is levenskunst en is levenskunst te leren?.................................................................19 Levensdomeinen ...................................................................................................................19

    2 Aan de slag met de voorbereidingen..................................................................................21 2.1 Wie begint?.....................................................................................................................23

    Wat heb ik zelf nodig om te beginnen?.............................................................................23 Aantal deelnemers per bijeenkomst ..................................................................................23 Het aantal bijeenkomsten en de tijd tussen de bijeenkomsten.....................................23 Begint u alleen of met hulp van een organisatie? ............................................................23 De bijeenkomsten met twee personen leiden kan ook...................................................24 Voorzitterschap rouleren .....................................................................................................24 De kosten waarmee u te maken krijgt...............................................................................24

    2.2 Werven van deelnemers...............................................................................................25 Eigen vrienden en kennissen benaderen ...........................................................................25 Momenten benutten, waarop ouderen elkaar treffen ...................................................25 Poster maken en verspreiden ..............................................................................................25 Folder kopiëren en verspreiden ..........................................................................................25 De regionale omroep inschakelen......................................................................................25 Huis-aan-huisblad inschakelen...........................................................................................26 Samenwerken ........................................................................................................................26

    2.3 Bepalen datum en tijdstip eerste bijeenkomst..........................................................27 Aanmelden of niet? ...............................................................................................................27 Bevestiging sturen voor eerste bijeenkomst?....................................................................27

    2.4 Regelen ruimte en materialen voor bijeenkomsten ................................................28 Eisen aan ruimte ....................................................................................................................28 Materiaal.................................................................................................................................28

    2.5 Kosten voor deelname ..................................................................................................29 Subsidie aanvragen ...............................................................................................................31

    2.6 Voorbeelden van informatiemateriaal voor het werven van deelnemers ................ ..........................................................................................................................................32 2.7 Voorbeeld wervingsposter ...........................................................................................35 2.8 Voorbeeld bevestigingsbrief ........................................................................................36

  • 6 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    3 Programma maken en oefeningen gebruiken 37 3.1 Programma eerste bijeenkomst voorbereiden .........................................................39

    Tijdschema maken ................................................................................................................39 Onderdelen uitwerken .........................................................................................................40 Algemene tips ........................................................................................................................40

    3.2 Gesprekstechnieken en oefeningen............................................................................42 Een beknopte geschiedenis van de levenskunst-oefeningen ........................................42 Indeling bevat bewuste opbouw van oefeningen............................................................42 Overzicht van de gesprektechnieken en oefeningen.......................................................43

    3.3 Welke oefening kies ik? ................................................................................................44 Ervaringen delen....................................................................................................................44

    4 Kennismaken met elkaar......................................................................................................45 4.1 Een eerste kennismaking ..............................................................................................47 4.2 Groepsgesprek over verwachtingen ...........................................................................48 4.3 De vijf geboden ..............................................................................................................50 4.4 Een unieke belevenis .....................................................................................................51 4.5 De eerste reactie.............................................................................................................53 4.6 Wat vertelt het voorwerp ons?....................................................................................54 4.7 Breng het goede leven in beeld ...................................................................................56

    5 In gesprek over levenskunst.................................................................................................57 5.1 Levenskunst onder de loep...........................................................................................59 5.2 Wat is een gelukkig leven? ...........................................................................................61 5.3 Levenswijsheden en spreuken .....................................................................................66

    Kaarten met levenswijsheden (Bijlage bij 5.3) .................................................................68 5.4 Wie ben ik? .....................................................................................................................75

    6 In gesprek over persoonlijke ervaringen ...........................................................................77 6.1 Teken de levenslijn ........................................................................................................79 6.2 Thema’s en afbeeldingen..............................................................................................82

    Voorbeeldfoto’s (bijlage bij 6.2) .........................................................................................84 6.3 Teken de vijf identiteitzuilen......................................................................................108

    Achtergrondinformatie (zie ook 10.2).............................................................................108 6.4 De SWOT- Analyse ......................................................................................................110

    7 De laatste bijeenkomst en oefeningen voor thuis .........................................................113 7.1 De laatste bijeenkomst................................................................................................115 7.2 Praktische oefeningen voor thuis..............................................................................117 7.3 Dagboek ........................................................................................................................118 7.4 Briefwisseling................................................................................................................119 7.5 Aantekenboek...............................................................................................................120

    Achtergrondinformatie ......................................................................................................120 7.6 Het filosofische huis ....................................................................................................122

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 7

    8 Voorbeelden: levensverhalen van ouderen .............................................................127 8.1 Waarden en inspiratie ................................................................................................129

    Levensles mevrouw Korneille, uit Leeuwarden, 92 jaar ...............................................129 Levensles van mijnheer Mandenmaker uit Makkum, 83 jaar .....................................131 Levensles van mevrouw Alonda, uit Eindhoven, 79 jaar ..............................................133

    8.2 Arbeid en prestatie ......................................................................................................134 De heer Rademaker, Utrecht, 52 jaar...............................................................................134 Levensles van mevrouw Perenboom, uit Arnhem, 68 jaar...........................................136 Levensles van mevrouw Martinez uit Maastricht, 70 jaar............................................138 Levensles van mijnheer Ferwerda uit Bolsward, 72 jaar...............................................140

    8.3 Materiele situatie .........................................................................................................141 Levensles van mevrouw Bakker uit Middelburg, 59 jaar..............................................141 Levensles van mijnheer Goedhardt, uit Biddinghuizen, 83 jaar ..................................143

    8.4 Sociale relaties ..............................................................................................................144 Levensles van mevrouw Meerwijk uit Groningen, 84 jaar...........................................144 Levensles van mevrouw Warmink uit Venlo, 69 jaar ...................................................146 Levensles van mevrouw Bartelds, uit Nijverdal, 80 jaar ...............................................147

    9 Verder gaan met levenskunst ............................................................................................149 9.1 Lichaam en geest..........................................................................................................151 9.2 Sociale relaties ..............................................................................................................152 9.3 Materiële situatie .........................................................................................................154 9.4 Arbeid en prestatie ......................................................................................................155 9.5 Waarden en inspiratie ................................................................................................156

    10 Lezen over levenskunst..................................................................................................159 10.1 Levenskunst, een beknopte geschiedenis............................................................161

    Filosofie .................................................................................................................................161 10.2 De zuilen van Petzold, wat kunt u ermee? ..........................................................163

    Verandering en identiteit ...................................................................................................163 Identificatie en identificeren..............................................................................................163 Storingen in de identiteit: ..................................................................................................164 De zuilen van de identiteit: eerste kennismaking ..........................................................164 Beperking van de ontwikkeling van -enkele- zuilen......................................................165 Verlies van zuilen van de identiteit...................................................................................165 De zuilen van de identiteit: nadere kennismaking.........................................................166

    10.3 Literatuurlijst algemeen over levenskunst ..........................................................168 10.4 Materialen voor werken aan levenskunst ...........................................................169 10.5 Artikelen levenskunst..............................................................................................170 10.6 Literatuur over gespreksmethodieken.................................................................171 10.7 Adressen van de ouderenbonden .........................................................................172

  • 8 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 9

    Aanleiding

    Er zijn ouderen - levenskunstenaars - die ‘de kunst van het leven verstaan’. Zij genieten van het leven en beleven een goede tijd. Ook al zijn ze op leeftijd, ook al komt ouderdom met gebreken en neemt het aantal vrienden mettertijd af. Andere ouderen hebben het helemaal niet zo naar hun zin. Zij zitten de tijd die hen rest uit, soms zelfs met tegenzin. Hoe kan dat? Daar is geen pasklaar antwoord op. Is er iets aan te doen? Misschien wel. Dat is de inzet van het Levenslesprogramma. Dit werkboek biedt ouderen handvatten om met elkaar in gesprek te raken over hun levenservaring. Wat heeft het leven ons gebracht, wat hebben we geleerd van verschillende belangrijke gebeurtenissen. Veel ouderen hebben levenswijsheden ontwikkeld of levenslessen opgedaan die van waarde zijn. Als krachtbron voor zichzelf, maar ook – vaak zonder erbij stil te staan - voor anderen. Het Levenslesprogramma brengt ouderen bij elkaar, om elkaar te stimuleren en samen te werken aan prettiger, zelfbewuster oud worden; met meer levenskunst.

    Het levenlesprogramma: de context van dit werkboek

    Het werkboek is een belangrijk instrument dat daal uitmaakt van het Levenslesprogramma. Het doel van het Levenslesprogramma is om ouderen met elkaar in gesprek te brengen over hun levenservaringen, elkaar daarmee te stimuleren, de eigen kracht te ontdekken en meer van het leven te kunnen genieten. Ouderen kunnen met behulp van het werkboek zelf het initiatief nemen om met andere ouderen over hun levenservaringen en levenswijsheid te praten en zo hun eigen kracht te ontdekken.

    Het olievlekprincipe: geef het idee door, of meld u aan De opzet is dat er uit de eerste gespreksgroepen weer mensen opstaan die zelf een nieuwe groep opzetten. Andere mensen uitnodigen, zodat het levenslesprogramma zich al een olievlek uitrolt en zoveel mogelijk ouderen bereikt die uiteindelijk zelfbewuster en gelukkiger oud worden. Het kan ook zo gaan dat mensen uit een bestaande groep, die ervaring hebben opgedaan met het praten over hun levenservaring, bereid zijn andere ouderen te ondersteunen die zelf een groep willen opzetten. Deze mensen kunnen zich aanmelden bij Vilans. Vilans zal ook, via artikelen in bladen en via websites, mensen oproepen een groep te starten en hen daarbij ondersteunen met advies en materiaal.

    Vilans website Levenskunst

    Voor het levenslesprogramma is een speciale website gemaakt: www.vilans.nl/levenskunst. Hier vindt u informatie over de voortgang van het project, weblinks naar andere initiatieven rond levenskunst, voorbeeldverhalen en een plek om ervaringen met het gebruik van het werkboek uit te wisselen.

  • 10 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    Ouderen delen levenservaringen met elkaar

    De gedachte achter het organiseren van bijeenkomsten waarin ouderen onderling hun levenservaringen bespreken is dat ouderen elkaar kunnen inspireren en stimuleren om met meer plezier oud te worden. Er zijn mensen die van het leven weten te genieten, het leven waardevol blijven vinden. Ook als ze ouder worden. En ondanks tegenslagen, ouderdomsgebreken en het langzaamaan afnemend aantal vrienden. Zij hebben levenswijsheden ontwikkeld of levenslessen opgedaan, die van waarde zijn. Voor zichzelf, maar ook – vaak zonder erbij stil te staan – voor anderen. Bijvoorbeeld voor mensen die het moeilijker vinden om te blijven genieten van het leven als ze ouder worden. Mensen die zich afvragen wat de waarde van hun leven eigenlijk is, vooral nu ze oud zijn.

    Oud worden hoe doe je dat? We hebben van ouderen suggesties gekregen om het programma te noemen: “Oud worden, hoe doe je dat?” Want ‘levenskunst’ is een tamelijk hoogdravend woord voor veel mensen. Maar zo’n titel dekt de lading niet. Oud worden we namelijk vanzelf, daar hoeven we niets voor te doen. Maar oud worden op een voor onszelf waardevolle manier, dat is toch een kunst. Daar moeten veel mensen wel iets voor doen. Wat dat precies is? Ieder leeft zijn eigen leven, op zijn eigen manier en doet allerlei ervaringen op. Die ervaringen vormen onze persoonlijkheid, verschillend als we zijn. Zelfs mensen die dezelfde soort ervaring hebben, verwerken deze niet gelijk, trekken er andere conclusies uit, gaan er anders mee om. De een is in staat het voor zichzelf zo prettig mogelijk te maken, de ander niet. De bijeenkomsten zijn bedoeld om ouderen met elkaar in gesprek te brengen over hun levenservaringen. Wat hebben de ervaringen hun opgeleverd, hoe staan ze nu in het leven? Hoe ouder mensen worden, hoe meer levenservaring ze vaak hebben opgedaan. Niet iedereen is zich daarvan bewust. Er is niet altijd een aanleiding om uitgebreid na te denken over de wijsheid en ervaring die is opgedaan. Praten over de lessen die het leven leert, maakt dat mensen zich bewuster worden van de wijsheid die zij bezitten. Het kan zelfs ook achteraf nog ervaringen verhelderen. Dat kan kracht geven om problemen beter aan te kunnen. Problemen waar zij zelf - en andere mensen met wie zij hun ervaringen delen - nu, of in de toekomst, mee te maken krijgen. Praten over wat het leven mooi maakt, kan ook inspiratie geven om een oude of nieuwe hobby op te pakken. Of om elkaar te blijven ontmoeten om levensthema’s te bespreken. Het idee van dit werkboek is dat u, als initiatiefnemer, zo’n bijeenkomst begint en in dit werkboek voldoende handvatten vindt om dat ook te kunnen doen. Hoe vaak u bij elkaar komt is afhankelijk van uw eigen inzicht en van de wens van de deelnemers.

    Ouderen delen levenservaringen met scholieren

    Dit project heeft als eerste doel ouderen met elkaar in gesprek te brengen over hun levenservaringen om elkaar daarmee te stimuleren, de eigen kracht te ontdekken en meer van het leven te kunnen genieten. Als tweede doel willen we door het uitdragen van de levenswijsheid van ouderen ook de maatschappelijke waardering voor ouderen bevorderen. In de tweede fase van dit project willen we daarom scholen interesseren voor levenslessen, waarin ouderen hun levenservaring delen met jongeren. We denken daarbij aan middelbare scholieren in de leeftijdsgroep van 12 tot 18 jaar. De insteek daarbij is, dat jongeren een bepaalde verwachting van het leven hebben. Maar het leven loopt niet altijd zoals je hoopt. Wat doe je dan? Hoe ga je met tegenslagen om en wat kun je ervan leren?

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 11

    Ouderen die hebben meegedaan aan de levenslessen, of ouderen die zich zonder dat al bewust zijn van hun levenservaringen en deze willen delen met scholieren kunnen zich bij Vilans aanmelden. Vilans legt contact met scholen die een les willen besteden aan toekomstverwachting en levenservaring en ondersteunt ouderen bij de voorbereiding van de les.

    Hoe we het levenslesprogramma hebben opgezet

    We hebben eerst met ouderenbonden en regionale ouderennetwerken besproken wat een goede manier is om ouderen met elkaar in gesprek te brengen over hun levenservaring. Zouden de ouderenbonden daartoe, met geschikte middelen in handen, het initiatief kunnen nemen? Uit de gesprekken die we voerden, is naar voren gekomen dat we het beste materiaal kunnen maken waarmee iedereen die dat wil levenslessen kan organiseren. Iedereen, betekent bijvoorbeeld een regionale ouderenbond die een activiteit wil organiseren, een individuele oudere, een medewerker van een ouderenorganisatie, de activiteitencommissie van een serviceflat of de begeleider van ouderen in een verzorgingshuis. Om dit te bereiken ontwikkelden we dit werkboek. Het werkboek bevat achtergrondinformatie, interviews met verschillende ouderen over hun levenskunst, methodieken om met elkaar in gesprek te raken, materiaal zoals voorbeeldfolders om deelnemers te werven en wat er nog meer nodig is. Het werkboek bevat ook informatie over andere initiatieven die er in het land zijn voor mensen die manieren zoeken om plezierig oud te worden.

  • 12 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 13

    1 Introductie

  • 14 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    Toelichting bij de foto’s Aan het begin van ieder hoofdstuk staat een foto van een poes om het boek op te fleuren. De foto’s zijn meteen bedoeld als inspiratiebron. Kijk eens hoe de poes op onderzoek uitgaat, speelt, spint - helaas hier niet te horen - luiert, zich een gezellig plekje zoekt, water drinkt waar het hem uitkomt en genoeglijk geniet. Hij kan zelfs filosofisch kijken, getuige de foto bij hoofdstuk 7. De poes staat symbool voor het goede leven en redt zichzelf in allerlei omstandigheden. Niet voor niets kennen we diverse spreekwoorden over de vindingrijke poes of kat: � Een kat komt altijd op zijn pootjes terecht; � Een kat heeft negen levens. En misschien weet u zelf nog meer spreekwoorden. Suzanne Oosterhuis maakte de foto’s van haar eigen huisgenoot. De poes draagt de illustere naam ´Muis´.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 15

    1.1 Het werkboek

    Denkt u ook dat het nuttig kan zijn bewust na te denken over de levenswijsheid die u hebt opgedaan en erover te praten met anderen? Dat dit kan helpen om je bewust te worden van je eigen kracht en meer plezier in het leven te krijgen? Dan is dit werkboek voor u geschreven!

    Voor wie is het werkboek?

    Het werkboek dat nu voor u ligt, gaat over levenskunst. Het is geschreven voor ouderen en ouderenwerkers. Met dit boek kunt u, als oudere of ouderenwerker, aan de slag om met ouderen bijeenkomsten rondom levenskunst te houden. Bijeenkomsten waarin ouderen met elkaar in gesprek gaan over hun levenservaringen. Zo kunnen ouderen van elkaar leren hoe zij hun leven zin kunnen blijven geven en met problemen kunnen omgaan, zoals ziekte en het verlies van dierbaren, het zinvol invullen van je leven als je niet meer hoeft te werken. Iedereen die levenslesbijeenkomsten wil organiseren, kan met dit werkboek aan de slag. Bijvoorbeeld: een regionale ouderenbond die een activiteit wil organiseren, een individuele oudere, een medewerker van een ouderenorganisatie, de activiteitencommissie van een serviceflat of de begeleider van ouderen in een verzorgingshuis.

    Wat staat er in het werkboek?

    Dit werkboek beschrijft hoe u bijeenkomsten met ouderen kunt organiseren. Het bevat tips en materiaal voor het werven van deelnemers, suggesties op welke manieren u met elkaar over levenskunst kunt praten (gespreksmethoden), levensverhalen van anderen als inspiratiebron en achtergrondinformatie. Ook oefeningen voor mensen die zelf thuis iets aan hun levenskunst willen doen en verwijzingen naar andere initiatieven die er in het land zijn.

  • 16 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    1.2 Zelf levenslesbijeenkomsten organiseren

    Een handleiding voor de aanpak

    Er is geen vast kant-en-klaar stramien hoe de bijeenkomsten of levenslessen verlopen en hoe vaak de deelnemers bij elkaar komen. Dat bepaalt u als initiatiefnemer zelf, samen met de deelnemers. In dit werkboek vindt u suggesties wat u in de bijeenkomsten kunt doen vanuit het idee dat de deelnemers met elkaar gaan filosoferen over het leven. Omdat zij veel van elkaar kunnen leren, ook als het om de eigen persoonlijkheid en persoonlijke gebeurtenissen gaat, door met elkaar te praten. Tijdens de bijeenkomsten bespreken de deelnemers met elkaar de levenskunsttechnieken, oefenen, wisselen ervaringen uit, stimuleren elkaar, geven elkaar raad en advies over allerlei aspecten van het leven. Suggesties voor verschillende gespreksmethodieken vindt u in dit werkboek. In hoofdstuk 4 tot en met 7.2. De methodieken zijn bruikbaar in groepen vanaf minimaal vier personen. De deelnemers kunt u zelf werven of zoeken in uw omgeving. U kunt ook ‘iets met levenskunst doen’ in een bestaande groep. Praktische tips voor het werven van deelnemers staan in dit werkboek in hoofdstuk 2.2. U bepaalt dus zelf de inhoud van de bijeenkomsten en maakt een keuze uit het aanbod van verschillende technieken. Het is goed mogelijk om naar aanleiding van dit programma te besluiten om verdere verdieping te zoeken in zelf gekozen onderwerpen. De verwijzingen naar relevante activiteiten en literatuur in dit werkboek kunnen u daarbij helpen. De volgende hoofdstukken in dit werkboek bevatten praktische informatie en helpen u met het opzetten van de bijeenkomsten.

    Een netwerk voor levenskunst opbouwen

    Met het Levenslesprogramma willen we levenskunst stimuleren bij zoveel mogelijk ouderen. We hopen dat veel mensen met dit werkboek aan de slag gaan en het initiatief doorgeven. Als uit iedere groep iemand bereid is een nieuwe gesprekgroep over levenskunst op te zetten, of een ander vindt die dat wil doen, ontstaan er steeds meer groepen mensen die met elkaar over levenskunst praten. Het is de bedoeling dat dit initiatief zich als een olievlek verspreidt. Doordat uit een groep steeds mensen opstaan die nieuwe groepen gaan opzetten, ontstaat een heel netwerk in het land. Een netwerk van enthousiaste ouderen die bereid zijn hun levensverhaal te delen met groepen andere ouderen. Uit de groep cursisten zijn dus steeds weer nieuwe mensen nodig die hun levenskunst willen delen. Uit een groep deelnemers die een keer bij elkaar is geweest, kunnen ook meerdere kleine groepen ontstaan die verder gaan met andere thema’s vanuit de levensdomeinen, of die gezamenlijk activiteiten gaan ondernemen.

    Andere initiatieven

    Er zijn in het land allerlei initiatieven voor mensen rondom levenskunst. In hoofdstuk 9 kunt u, geordend naar de verschillende levensdomeinen, hierover meer informatie vinden.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 17

    1.3 Stappenplan voor het organiseren van een levenslesbijeenkomst

    Dit is een lijstje met stappen voor het organiseren van een levensles. De stappen worden uitgebreid toegelicht in het Werkboek plezierig oud worden.

    Stap 1. Afweging maken of u een levenslesgroep gaat opzetten.

    Wilt u met anderen praten over de lessen die het leven u geleerd heeft? Wilt u ervaringen delen over wat het leven u gebracht heeft? Zo ja, ga door naar stap 2. Weet u het nog niet? Lees meer over levenskunst, de bedoeling van praten over uw ervaringen en de mogelijke inhoud van gesprekken met andere ouderen in het Werkboek plezierig oud worden. Of kijk op www.vilans.nl.

    Stap 2. Bedenk wat u nodig heeft om te kunnen beginnen.

    Pakt u het alleen aan of samen met iemand anders? Het kan prettig zijn om met iemand anders samen te werken. Samen de groep op te zetten en de gesprekken voor te bereiden en in goede banen te leiden.

    - een vriend of vriendin - een ouderennetwerk in de buurt

    Een ruimte zoeken om samen te komen Bijvoorbeeld in het wijkgebouw of een zaaltje. Werkt u samen met een ouderenorganisatie, dan is daar vaak ook een ruimte beschikbaar.

    Het benodigde budget berekenen Zet op een rij met welke kosten u te maken kunt krijgen en hoe u die kosten gaat dekken. Moeten deelnemers gaan betalen of zoekt u een organisatie die u ook bij de kosten steunt.

    Stap 3. Het aantal bijeenkomsten bepalen: 1x of vaker?

    U bent helemaal vrij om zelf te bepalen hoe vaak u bij elkaar komt. Bijvoorbeeld in overleg met de deelnemers. Het kan bij 1 bijeenkomst blijven. Maar als het klikt en u wilt dieper ingaan op wat u bezighoudt, kan het goed zijn vaker bij elkaar te komen. Het werkboek bevat verschillende tips en methoden om met elkaar in gesprek te komen. Van kennismaken en het onderwerp verkennen tot het delen van zaken die u persoonlijk raken.

    Stap 4. Deelnemers werven

    Als u zelf al deel uitmaakt van een groep vrienden, bekenden, een discussiegroep, een leesclub, kunt u in de groep voorstellen dit onderwerp eens centraal te stellen. U kunt dan verdere wervingsacties nalaten. Om andere mensen te bereiken kunt u allerlei acties ondernemen: � Een foldertje en affiches kopiëren en verspreiden in het buurthuis, bij leden van de

    ouderenbond, in de supermarkt; � Een oproep laten plaatsen op websites die bezocht worden door ouderen;

  • 18 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    � De redactie van het Huis-aan- huisblad bellen en uw plan vertellen, zodat het in de krant komt;

    � Het persbericht uit het werkboek of van de website halen en het verspreiden onder regionale kranten.

    Stap 5. De eerste bijeenkomst voorbereiden

    Het werkboek bevat een voorbeeld van het programma van de eerste bijeenkomst en ideeën voor de manier waarop de deelnemers met elkaar kennis kunnen maken, het onderwerp kunnen verkennen. Kies uit het werkboek een manier die bij u past.

    Stap 6. Het idee en het Werkboek plezierig oud worden doorgeven

    Was het praten over levenservaringen een stimulans voor u? Heeft u nieuwe inspiratie opgedaan? Is er in uw groep iemand die een nieuwe groep wil starten? Iemand die het een uitdaging vindt om andere mensen bij elkaar te brengen, zodat zij ook elkaar kunnen stimuleren, de kracht in zichzelf ontdekken? Geef dan het werkboek door, of biedt aan deze persoon te helpen bij het opzetten van de eerste bijeenkomst. Zo bouwt u samen verder aan een netwerk van ouderen die proberen het beste uit het leven te halen. Mensen die elkaar stimuleren om plezierig oud te worden.

    Stap 7. Levenslesverhaal vertellen op school

    Vindt u het een uitdaging om uw levenservaringen te delen met scholieren? Dan kunt u zich aanmelden bij Vilans. Wij leggen contact met scholen die een les maatschappijleer willen besteden aan een gesprek tussen de leerlingen en een oudere. De toekomstverwachtingen van de scholieren vormen het aanknopingspunt voor het gesprek. Het leven loopt niet altijd zoals je graag zou willen, je maakt ook nare en verdrietige dingen mee, tegenslagen. Hoe ga je daarmee om en wat kun je ervan leren? Hoe kun je er sterker door worden. Zulke gesprekken tussen jong en oud bevorderen ook de waardering van jongeren voor ouderen en verlagen de drempel om eens vaker de eigen grootouders om advies te vragen.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 19

    1.4 Levenskunst en levenskunstenaars

    Een korte introductie over levenskunst en wat ervoor nodig is om levenskunstenaar te worden.

    Wat is levenskunst en is levenskunst te leren?

    Sommige mensen vergelijken levenskunst met het maken van een kunstwerk. Bijvoorbeeld zoals een beeldhouwer zijn beeld hakt uit een ruwe steen. Hij hakt niet zomaar wat in het wilde weg, maar gaat voorzichtig en volgens plan te werk en vormt zo gaandeweg zijn kunstwerk. Een andere vergelijking is die van een tuinman, die zijn tuin onderhoudt. Hij weet op de juiste tijd te zaaien en oogsten en de planten te snoeien om ze beter en mooier te laten groeien. Deze mensen streven naar een zo mooi en goed mogelijk resultaat, gebruiken hun kennis en vaardigheden om dit resultaat te behalen. Er is een wezenlijk verschil tussen de kunstenaar die zijn steen bewerkt met gereedschap en de levenskunstenaar die als het ware zijn eigen persoon als instrument of gereedschap ziet en het leven als grondstof om mee te werken. Daardoor is het eigenlijk onmogelijk om de levenskunst als een kant en klare theorie aan te leren en de vaardigheden simpelweg af te kijken bij anderen. Het is nodig om zichzelf te kennen of beter te leren kennen, om op gebeurtenissen en ervaringen terug te kijken, de eigen mening zo nodig te herzien, opnieuw de richting en de doelen in het leven te bepalen. Levenskunst vraagt een actieve inzet van de mens en het gevoel verantwoordelijk te zijn voor het eigen leven. Lang niet alle mensen hebben zo’n actieve levenshouding. Iemand die zichzelf als slachtoffer ziet van de omstandigheden waarin hij verkeert, zal weinig leren van het leven. Hij ziet de kansen of uitdaging niet om te groeien en sterker te worden van het leven. Ziet niet dat hindernissen er juist zijn om ze te overwinnen. Maakt dat het verschil tussen mensen die wel, en anderen die niet van het leven kunnen genieten? Wij hebben als schrijvers van dit werkboek, die wijsheid niet in pacht. De gedachte achter dit werkboek is dat juist oudere mensen, die al veel hebben meegemaakt, hierover goed met elkaar zouden kunnen praten om zich zo meer bewust te worden van hun eigen kracht en levenskunst. Dat stimuleert henzelf en anderen om ervoor te zorgen dat het leven zo aangenaam mogelijk is. Om ‘levenskunstenaar’ te worden, is het belangrijk om bewustzijn en vaardigheden aan te leren waarmee de kansen die het leven biedt, benut kunnen worden voor persoonlijke groei, ontwikkeling, levenskunst of hoe je het wilt noemen. Maar van even groot belang is, om kennis te hebben of te krijgen over hetgeen voor u zelf een mooi en goed resultaat is van het leven. Ieder mens is anders en er is geen blauwdruk voor een goed leven. Er is dus werk te doen! Oude wijsheid “Van het concert des levens, krijgt niemand een program.”

    Levensdomeinen

    Om enige ordening aan te brengen in het begrip levenskunst, wordt vaak een indeling in vijf levensdomeinen gebruikt1. Deze worden wel de Petzold-zuilen genoemd, omdat hij ze samen met Maslov beschreef. De vijf levensdomeinen zijn belangrijke thema’s die bepalen of mensen zich goed voelen. Deze indeling komt u in het werkboek regelmatig tegen. De vijf levensdomeinen zijn:

    1 Houben PPJ, Levensloopbeleid. Maarssen: Elsevier, 2002.

  • 20 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    � lichaam en geest (gezondheid); � sociale relaties (gezin, familie, vrienden); � materiele situatie (inkomen, huisvesting); � arbeid en presteren (vrijwilligers-, huishoudelijk of betaald werk, studie, hobby’s); � waarden en inspiratie (tevredenheid, zelfstandigheid,veiligheid, verenigingen). Welke onderwerpen en thema’s bij deze vijf domeinen horen vindt u in hoofdstuk 6.2 in de bijlage ‘gespreksonderwerpen bij de 5 domeinen van levenskunst. Om het begrip levenslessen, levenskunst wat concreter te maken, vindt u levensverhalen van oudere mensen in hoofdstuk 8. Zij vertellen over hun leven, hun levenservaring en levenskunst: inspirerende levensverhalen. In de achtergrondinformatie ‘Overzicht van filosofen die over leefregels geschreven hebben’, leest u hoe er door de eeuwen heen over levenskunst gedacht is. In de hoofdstukken 3 tot en met 7 van dit werkboek, de gesprektechnieken en oefeningen, staan handvatten waarmee u en de deelnemers zelf kunnen nadenken over uw eigen levenskunst.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 21

    2 Aan de slag met de voorbereidingen

  • 22 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 23

    2.1 Wie begint?

    Iedereen kan een levenslesgespreksgroep opzetten, of een levenskunstgroep als u die naam beter vindt. Dit werkboek is zo geschreven dat iedereen er de informatie in kan vinden die nodig is op met elkaar in gesprek te kunnen gaan over de kunst van plezierig oud worden. In dit hoofdstuk komen de praktische zaken aan bod. Zoals: hoeveel deelnemers heb ik nodig, hoe kom ik aan deelnemers, wat moet ik vooraf regelen, met welke kosten moet ik rekening houden, wat ga ik de eerste bijeenkomst doen?

    Wat heb ik zelf nodig om te beginnen?

    Maar misschien vraagt u zich eerst wel af wat u zelf in huis moet hebben om zoiets te gaan doen? � Bent u enthousiast voor het onderwerp levenskunst? � Wilt u leren van uw eigen en andermans levenservaring? � Bent u wegwijs in dit werkboek? � Kunt u goed organiseren? � Kunt u een groepsgesprek in goede banen leiden? Dan kunt u aan de slag.

    Aantal deelnemers per bijeenkomst

    Het gewenste aantal deelnemers is ongeveer 10 ouderen per bijeenkomst. Met een minimum van 4 en een maximum van ongeveer 12 personen, inclusief uzelf. Een intieme, gemoedelijke sfeer is belangrijk. Een te grote groep mensen remt om openhartig levenservaringen te delen. Ook praktisch gezien is er een maximum in verband met de verstaanbaarheid in de groep en het zorgen dat iedereen aan bod komt. Het minimum aantal deelnemers is nodig om toch een groep te vormen en ervaringen te kunnen delen. De leeftijd van de deelnemers is geen discussiepunt. De bijeenkomst is bedoeld voor ouderen en wie interesse heeft, meer uit het leven wil halen, is welkom.

    Het aantal bijeenkomsten en de tijd tussen de bijeenkomsten

    Dit werkboek is gemaakt vanuit de gedachte dat iedereen vrij is de levenslesbijeenkomsten in te vullen naar eigen kunnen en inzicht. Er is niet vooraf bepaald dat een vast aantal bijeenkomsten nodig is om succes te hebben. Het boek biedt handvatten om met een groep mensen in gesprek te gaan over levenservaringen en daaruit inspiratie op te doen voor een zinvolle en prettige invulling van de toekomst. Tijdens de eerste bijeenkomst kunt u met elkaar overleggen of u nog eens bijeen wilt komen. Als het onderling klikt, is een vervolgbijeenkomst een logische stap. Als u of de deelnemers niet door willen gaan, moet dat ook mogelijk zijn. Ook de tijd tussen twee bijeenkomsten spreekt u samen af. Als u samen dieper op het onderwerp in wilt gaan bent u al snel vier of vijf bijeenkomsten verder. Misschien wilt u elkaar daarna toch ook nog af en toe treffen om ervaringen te blijven uitwisselen.

    Begint u alleen of met hulp van een organisatie?

    U kunt helemaal op eigen houtje en naar eigen inzicht werken. U kunt een paar vrienden inschakelen of steun vragen van een (ouderen)organisatie of wijkcentrum bij u in de buurt.

  • 24 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    Een ouderenorganisatie of ouderenbond kan bijvoorbeeld goed helpen bij: � het vinden van deelnemers; � beschikbaar stellen van ruimte; � koffie en thee regelen; � helpen folders en affiches te kopiëren en te verspreiden; � beschikbaar stellen van postadres en telefoonnummer voor aanmeldingen; � het verspreiden van een persbericht; � of misschien een gespreksleider leveren die de bijeenkomst leidt.

    De bijeenkomsten met twee personen leiden kan ook

    Of u gaat samenwerken met een organisatie, of niet, het is het overwegen waard om niet alleen te werken. U kunt ook een partner zoeken in uw vriendenkring. Dan kunt u de voorbereiding samen doen, dingen overleggen en ook de groep samen leiden. Als de een het even niet weet, kan de ander inspringen. U kunt ook beiden opletten of het gesprek goed loopt, of iedereen aan bod komt, zorgen dat u zelf niet teveel betrokken raakt. Ook er samen op letten dat het gezellig blijft en geen therapie wordt. Het gaat erom ervaringen uit te wisselen, samen inspiratie en motivatie op te doen.

    Voorzitterschap rouleren

    Misschien is het wel mogelijk om niet steeds zelf de bijeenkomst te leiden en voor te bereiden. Mogelijk zijn er in uw groep andere deelnemers die met behulp van het werkboek de volgende bijeenkomst willen voorbereiden. Dit is een idee voor een groep die regelmatig bij elkaar komt en waarvan de mensen elkaar al goed kennen. Deze mogelijkheid kunt u pas overwegen als de groep al functioneert. Het is iets om in gedachten te houden.

    De kosten waarmee u te maken krijgt

    Een ruimte huren, folders en affiches kopiëren, gasten voorzien van koffie en thee. Dat kost geld. Als u samenwerkt met een organisatie, kan het zijn dat deze zaken worden aangeboden. Maar ook dan is het goed daar wel vooraf afspraken over te maken. Organiseert u de bijeenkomsten helemaal zelfstandig, dan is het handig een begroting op te stellen en wellicht een bijdrage van de deelnemers te vragen. Een voorbeeld daarvan geven we in hoofdstuk 2.5 Kosten voor deelname.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 25

    2.2 Werven van deelnemers

    Mogelijk hebt u al een groep geïnteresseerde deelnemers bij elkaar. Dan kunt u dit stuk tekst overslaan. Maar als er nog geen, of te weinig, deelnemers zijn om een bijeenkomst te houden, hoe komt u dan aan deelnemers? Er zijn verschillende manieren om deelnemers te werven. De keuze ervan hangt af van uw mogelijkheden. U kunt met de meest eenvoudige stap beginnen en als dat onvoldoende reactie oplevert, verder gaan met volgende stappen.

    Eigen vrienden en kennissen benaderen

    U kunt proberen deelnemers te werven via uw eigen persoonlijke contacten, vrienden, kennissen, buurtgenoten. Een persoonlijke benadering werkt meestal het best. Er kan ook een nadeel kleven aan een groep die is samengesteld uit uw vrienden en kennissen. Er zijn mensen die juist niet open praten met bekenden, het liever vrijblijvender houden.

    Momenten benutten, waarop ouderen elkaar treffen

    Voor het werven van deelnemers kunt u ook een bijeenkomst bezoeken waar ouderen elkaar al treffen, zoals bij het biljarten, de jaarvergadering van een vereniging of bij de soos. U kunt er foldertjes uitdelen of mondeling uw idee toelichten en vragen wie er belangstellig heeft.

    Poster maken en verspreiden

    Een kleine poster maken op A4 formaat, met behulp van het voorbeeld in dit boek (hoofdstuk 2.7) U kunt de tekst aanpassen aan uw eigen situatie. Op de website van Vilans vindt u het digitale document waarin u de datum en plaats kunt aanpassen. Deze kunt u ophangen bij: � Supermarkten; � Wijkcentrum; � Bibliotheek; � Ontmoetingscentrum ouderen; � In de hal van serviceflats, verzorgingshuizen. Het is wel goed om altijd vooraf toestemming te vragen of u iets mag ophangen.

    Folder kopiëren en verspreiden

    Een foldertje maken met behulp van het voorbeeld in dit boek (in hoofdstuk 2.6) en de digitale versie op onze website. Dit foldertje kunt u verspreiden via dezelfde punten als hierboven genoemd. Het is ook hier correct om niet zonder overleg folders achter te laten.

    De regionale omroep inschakelen

    U kunt telefonisch contact opnemen met de redactie van het activiteitenprogramma van uw regionale omroep en vragen of men aandacht wil besteden aan levenskunst. Wanneer wordt gevraagd schriftelijke informatie te sturen, gebruikt u het foldertje. Soms wordt u in de gelegenheid gesteld naar de omroep te komen en er op de radio over te praten. Dit levert vaak veel reacties op. Wees ook vooral niet bang om naar de radio te

  • 26 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    gaan. De programmamakers zijn gewend met mensen te praten die nog nooit eerder op de radio waren. Zij zijn erin bedreven u op uw gemak te stellen. En.. u bent weer een ervaring rijker als u gaat.

    Huis-aan-huisblad inschakelen

    U kunt ook bellen met de krant. Zowel het officiële dagblad als de huis-aan-huiskrant kunnen geïnteresseerd zijn. Het telefoonnummer van de redactie vindt u in het colofon van de krant. Ook hier geldt dat u het foldertje kunt gebruiken als men schriftelijke informatie vraagt. Zowel als e-mail (van de Vilans website halen) of geprint te versturen. Dit kunt u in feite allemaal op eigen gelegenheid doen. Laat u niet te snel ontmoedigen. Begin gewoon en zet een volgende stap als dat nodig blijkt.

    Samenwerken

    Voor het werven van deelnemers kunt u ook overleggen met, of hulp vragen van: � ouderenbonden. U neemt contact op met de afdeling bij u in de buurt. Het adres of de

    contactpersoon kunt u vragen bij de landelijke organisaties. Kijk bijvoorbeeld op de websites www.pcob.nl, www.uniekbo.nl, www.anbo.nl.

    � levensbeschouwelijke instellingen. Denk hierbij aan kerken, of aan het humanistisch verbond en dergelijke.

    � bibliotheken. Bibliotheken organiseren steeds meer activiteiten en zijn vaak blij met een initiatief. Zij hebben eigen mogelijkheden om activiteiten aan te kondigen, kunnen ruimte en soms zelfs ondersteuning ter beschikking stellen.

    � UVV, Unie van Vrijwilligers. � de thuiszorgorganisatie of de wijkverpleegkundige in uw buurt. � plattelandsvrouwen, vereniging van huisvrouwen. Deze adressen en contactpersonen

    vindt u vaak in de gemeentegids. � serviceflats, verzorgingshuizen, woningcorporaties. Ook deze kunt u vinden in de

    gemeentegids. � gemeentelijke organisaties voor ouderenzorg. In elke gemeente heten deze weer

    anders. Ouderenwerkers kunnen deelnemers benaderen via ouderenhuisbezoeken of via een lokaal initiatief zoals de Steunstee.

    � het wijkcentrum bij u in de buurt. Is er een wijkcentrum in de buurt? Dan maakt u goede kans dat u daar ook terecht kunt en dat de coördinator u graag helpt om daar een activiteit als deze te organiseren.

    � Verzorgingshuizen. Verzorgingshuizen zetten de deuren naar de wijk steeds verder open. Zo kunnen wijkbewoners er soms eten en deelnemen aan allerlei activiteiten. Ook hier kan uw initiatief welkom zijn.

    � de activiteitencommissie van een serviceflat. Bewoners van serviceflats hebben vaak een eigen activiteitencommissie. Wellicht wil men meewerken en is er ook een gezamenlijke ruimte waar u terecht kunt.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 27

    2.3 Bepalen datum en tijdstip eerste bijeenkomst

    De eerste bijeenkomst moet niet te kort en niet te lang duren. U kunt het beste uitgaan van een programma van 2 uur. Met de mogelijkheid om nog wat na te praten. Voor een geschikte datum en een handig tijdstip overlegt u desgewenst met ouderenwerkers uit de wijk of het dorp. Waarschijnlijk is er voorkeur voor een tijdstip overdag. Houdt u bij het kiezen van een tijdstip er rekening mee of er tussen de middag warm wordt gegeten of ’s avonds. Suggesties zijn: ’s morgens van (half) tien tot (half) twaalf en ’s middags van twee tot vier. Als u een ruimte gebruikt in een wijkcentrum, of een zaaltje in een café, overlegt u natuurlijk ook met de beheerder van de ruimte, wanneer de zaal vrij is.

    Aanmelden of niet?

    U kunt ervoor kiezen dat mensen zich vooraf aanmelden. Voordeel is dat u weet hoeveel mensen u kunt verwachten. Handig in verband met de benodigde ruimte en het verzorgen van eventuele koffie of thee. Noodzakelijk is het niet. U kunt zich ook laten verrassen.

    Telefonisch of schriftelijk Als u wilt dat mensen zich aanmelden, kan dat door hen een briefje naar een postadres of e-mail naar een mailadres te laten sturen. Of u vermeldt uw telefoonnummer of dat van de organisatie waarmee u samenwerkt. Het voordeel van telefonische aanmelding is dat u nog een toelichting kunt geven, vragen kunt beantwoorden en alvast een persoonlijk contact legt. Dat is prettig als u elkaar de eerste keer treft. Vergeet niet om in alle gevallen te vragen om naam, adres en telefoonnummer en eventueel het e-mailadres van deelnemers.

    Bevestiging sturen voor eerste bijeenkomst?

    Als u ervoor heeft gekozen dat mensen zich vooraf aanmelden is het correct de deelnemers ongeveer een week voor de eerste bijeenkomst, ter herinnering aan hun opgave voor deelname, een bevestigingsbrief te sturen. Hierin vermeldt u de definitieve plaats, het tijdstip van de bijeenkomst en eventuele kosten. Een voorbeeld van zo’n bevestigingsbrief staat hierachter in hoofdstuk 2.8. Als u aanmeldingen per e-mail ontvangt, kunt u de bevestiging als antwoord mailen. Bijvoorbeeld: ‘Met dank voor uw aanmelding, ontvangt u hier de definitieve informatie’. Het sturen van een bevestigingsbrief is geen verplichting. De keus is aan u. U kunt ook vermelden in de folder dat de aanmelding niet bevestigd wordt.

  • 28 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    2.4 Regelen ruimte en materialen voor bijeenkomsten

    Het is handig als deelnemers niet ver hoeven te reizen voor een bijeenkomst. Probeert u een ruimte te regelen in het dorp of de buurt, bijvoorbeeld via: � thuiszorg: een wijkgebouw; � steunpunten voor ouderen; � bibliotheek.

    Eisen aan ruimte

    U kunt het beste van tevoren de ruimte gaan bekijken, zodat u niet voor verrassingen komt te staan. De ruimte moet aan een aantal voorwaarden voldoen: � de entree, de gang, de ruimte en de toiletten zijn goed toegankelijk en doorgankelijk,

    ook voor een rolstoel en scootmobiel; � het gebouw is makkelijk bereikbaar; � het gebouw is ‘neutraal’ in de zin dat mensen niet laten weerhouden er naar toe te

    gaan; � u kunt er vrij met elkaar praten, ongestoord; � de sfeer in het gebouw is goed, u voelt zich er prettig; � in de ruimte is een goede akoestiek, zodat u elkaar kunt verstaan; � er is genoeg ruimte voor een opstelling van een vierkant van hoge tafels met stoelen

    rondom; � er zijn voorzieningen voor koffie en thee (of zorgt u daar zelf voor?).

    Materiaal

    Waarschijnlijk heeft u, afhankelijk van de oefeningen die u kiest, ook materialen nodig. Dat kan zijn: � een flapover standaard met papier en stiften; � of een schoolbord waarop u kunt schrijven. Muziek en film zijn door ons niet opgenomen in de oefeningen. Maar misschien kent u een mooie film die u wilt laten zien en waarover u wilt praten. Of wil iemand uit de groep de favoriete muziek laten horen waar hij altijd erg van op knapt. Zorgt u dan voor: � een cassetterecorder om muziek te luisteren; � een videorecorder als u een stukje film wilt laten zien. Wellicht kan de persoon in kwestie zelf een apparaat meenemen.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 29

    2.5 Kosten voor deelname

    U overlegt met de beheerder van het gebouw over eventuele kosten voor het gebruiken van de ruimte, koffie/thee e.d. Als u denkt technische apparatuur, zoals een videorecorder, nodig te hebben, kunt u dat ook alvast bespreken. Om de kosten van de eerste (en mogelijk ook de volgende) bijeenkomst(en) te dekken, kunt u met een organisatie overleggen of zij de kosten voor hun rekening willen nemen. Zie ook de opmerkingen over samenwerking zoeken met een organisatie op bladzijde 16 en 17. Anders zult u een bijdrage van de deelnemers moeten vragen.

    Een begroting maken Met een begroting maakt u een overzicht van de kosten die u verwacht. Het volgende voorbeeld bevat mogelijke kostenposten. U kunt vervolgens zelf nagaan wat u in uw geval moet betalen en zo uw eigen berekening maken. De kosten in dit voorbeeld zijn dus alleen bedoeld om u een idee te geven waar u mee te maken kunt krijgen en hoe u rekent. Het kan zijn dat er voor u nog andere kosten bijkomen, omdat uw situatie anders is. Ga dus stap voor stap na wat u moet of wilt doen om de bijeenkomst te organiseren. Vraag ook bij u in de buurt de kosten van bijvoorbeeld kopieerwerk. Eenmalige kosten per stuk/

    per keer aantal totaal

    Voorbereiding) 75 folders kopiëren op gekleurd papier, dubbelzijdig: aantal x 2

    0,055 150 8,25

    Gekleurd papier kost extra 0,5 75 3,75 10 affiches A3 kopiëren, enkelzijdig

    0,15 10 1,50

    Gekleurd papier A3 extra 0,10 10 1,00 Telefoonkosten voor het bellen met organisaties, krijgen van een publicatie in de krant, terugbellen belangstellende deelnemers (schatting)

    10,00

    Eventuele reiskosten om ruimten te bekijken, krant te bezoeken (schatting)

    15,00

    Onvoorzien 10,00 Totaal 49,50 Wat de uitkomst van uw berekening ook is, het loont altijd de moeite als u probeert samen te werken met een organisatie, die daarmee wellicht ook de kosten overneemt. Het komt regelmatig voor dat organisaties blij zijn met uw initiatief en het graag steunen door bijvoorbeeld het kopieerwerk te doen en een ruimte ter beschikking te stellen. Er wordt vaak gezocht naar goede ideeën voor activiteiten en dit kan zo’n idee zijn dat welkom is. De mogelijke samenwerkingspartners hebben we al op een rij gezet in hoofdstuk 2.2 Samenwerken. Nu bent er nog niet. De kosten per bijeenkomst moeten nog op een rij gezet.

  • 30 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    Kosten per bijeenkomst per stuk/

    per keer aantal totaal

    Huur ruimte 50,00 1 50,00 Koffie en thee, 2 per persoon. Uitgaan van 10 deelnemers is 20 keer.

    1,50 20 30,00

    Huur materiaal

    1 Flapover standaard 15,00 1 15,00 Kopiëren van lesmateriaal e.d. stelpost

    5,00

    Onvoorzien 10,00 Totaal 110,00

    Inclusief voorbereidingskosten bij 5 bijeenkomsten (zie toelichting)

    10,00

    Totaal 120,00

    In dit voorbeeld gaan we ervan uit dat u als gespreksleider werkt op vrijwillige basis, dus geen honorarium in rekening brengt. Als de gespreksleider wel betaald moet worden, komt dat erbij als kostenpost.

    Besparen kan Ook voor de kosten per bijeenkomst geldt dat besparing mogelijk is door samen te werken met een organisatie die blij is met uw initiatief, waardoor de zaalhuur vervalt en mogelijk alleen de consumpties betaald moeten worden. Dat kunnen de deelnemers dan zelf doen. Als uw groepje uit vrienden en bekenden bestaat, kunt u ook om de beurt bij een deelnemer thuis samenkomen en worden de kosten op die manier over de groepsleden verdeeld. In dat geval heeft u waarschijnlijk ook geen wervingskosten voor folders en dergelijke.

    Kosten per deelnemer, per bijeenkomst De voorbereidingskosten moeten verdeeld worden over het aantal bijeenkomsten dat u houdt. Het aantal bijeenkomsten kunt u zelf bepalen, of in overleg met de groep. (zie hoofdstuk 2.1) Als u wilt beginnen met 5 bijeenkomsten, gaat de kostenberekening als volgt: Voorbereidingskosten á € 49,50, afgerond € 50,- Delen door 5 (=het aantal bijeenkomsten) = € 10,-. Optellen bij kosten per bijeenkomst = € 120,00 per keer. Als er tien deelnemers zijn, zouden zij € 12,00 per persoon moeten betalen om de kosten te dekken. Dat is voor veel mensen een groot bedrag en zal een reden kunnen zijn waarom mensen niet willen of kunnen meedoen. Hoe lager u de kosten weet te houden, hoe beter het is. De bedragen in dit voorbeeld zijn royaal gesteld. De kopieerkosten zijn reëel voor november 2005. Het beste is als deelname gratis is en mensen alleen hun consumpties betalen. Er wordt wel eens gezegd dat het beter is mensen vooruit een bedrag te laten betalen, zodat ze ook echt elke keer komen. Maar bij een onderwerp als dit, mag u er best van uit gaan dat mensen uit zichzelf komen. Slecht gemotiveerde deelnemers zijn bovendien geen fijne gesprekspartners waar u iets aan heeft.

  • © Vilans / Werkboek plezierig oud worden 31

    Subsidie aanvragen

    Als u geen organisatie vindt om mee samen te werken, kunt u subsidie aanvragen voor de bijeenkomsten. U beschrijft uw plan, bijvoorbeeld op basis van de tekst uit de folder, voegt de begroting erbij en stuurt het met een verzoek om steun naar een sponsor. Bijvoorbeeld: de gemeente, de plaatselijke of regionale Rabobank die vaak actief is op sociaal vlak. Ook andere banken steunen vaak initiatieven met een sociaal karakter. Of bij een fonds zoals het Nationaal Fonds Ouderenhulp, het Oranje Fonds. Fondsen hebben vaak een standaardformulier dat u kunt invullen. U kunt de foldertekst dan apart meesturen.

  • 32 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    2.6 Voorbeelden van informatiemateriaal voor het werven van deelnemers

    Op de volgende bladzijde staat een voorbeeld van een folder. Als u uw eigen gegevens erop invult, datum en plaats aanpast, kunt u hem kopiëren. Er is een A4 blaadje gebruikt, dubbelzijdig gekopieerd. Daarna vouwt u het dubbel en kunt het uitdelen of ergens neerleggen waar veel mensen komen die mogelijk interesse hebben. N.B. In dit gedrukte voorbeeld kunt u de tekst niet veranderen. Daarom staat op www.vilans.nl/levenskunst een digitale versie. Die kunt u naar uw eigen computer kopiëren, oftewel downloaden, en daarna bewerken zo u wilt.

  • Oproep

    Wilt u uw levenservaring delen met andere ouderen en zo werken aan de kunst van plezierig oud worden? Meldt u dan aan voor onze gespreksgroep die start op < dag, maand, jaar>.

    Voorbeeld: ‘ik ga door’.

    In NRC handelsblad stond op 10 september een uitgebreid interview met Eric Albada-Jelgersma, de grondlegger van supermarktconcern Laurus waartoe bijvoorbeeld Super de Boer, Konmar en Edah behoren. ‘Ik ga door’ was de kop van het artikel. Tegenslagen zijn aan de orde van de dag. Nadat hij grote zakelijke verliezen leed, kreeg hij een ongeluk en brak daarbij zijn nek. Nu is hij verlamd, leert zijn computer en telefoon te besturen door te blazen in een rietje en vecht hij om zelfstandig te kunnen ademen. Pas daarna kan zijn revalidatie beginnen. Enkele citaten: “Als ik niets doe, ga ik dood. Ik moet aan het werk”. “Er zijn zoveel mensen waarvan ik hou, ik heb een bedrijf waarvan ik geniet. Ik ga vechten.” En: “Het heeft wel zin. Het heeft toch zin. Het is een heel korte overweging geweest. Maar ik weet: ik ga door”. Verschillende lezers werden gesterkt door zijn verhaal en reageerden naar de krant. Ton Bos schreef bijvoorbeeld: Het artikel `Ik ga door' komt op een moment dat ik zelf pech heb. Door een heupoperatie mag ik mijn been drie maanden niet gebruiken. Ik ben zelf ondernemer en dan is het zeer lastig als je zo afhankelijk bent. Zoals het er nu naar uitziet, kom ik weer tot lopen maar helaas ontkom ik soms niet aan sombere buien. Als 48-jarige vind ik mij nogal jong om heupproblemen te hebben en bepaalde sporten en bewegingen niet meer te kunnen en mogen doen. Bij het lezen van het artikel vind ik motivatie en kracht om niet bij de pakken neer te zitten en te werken aan de toekomst en te genieten van wat ik wél kan. Een belangrijke spreuk voor mij als het tegenzit is: zonder weerstand geen vooruitgang. Dan neem ik het verlies en ga weer verder.

    Senioren leren van elkaar

    De kunst van plezierig oud worden

    Gezocht:

    Deelnemers

    < Op de plek van het Vilans logo kunt u uw eigen logo plaatsen en in het adresblok onderin uw eigen gegevens>

    Vilans, Catharijnesingel 47, Postbus 8228, 3503 RE Utrecht Tel. 030-789 23 00 , www.vilans.nl

  • Aan de slag met de kunst van plezierig oud worden

    Hoe ouder mensen worden, hoe meer levenservaring ze hebben opgedaan. Er zijn mensen – levenskunstenaars - die ‘de kunst van het leven verstaan’. Ook al zijn ze op leeftijd, ook al komt ouderdom met gebreken en neemt het aantal vrienden mettertijd af. Zij hebben levenswijsheden ontwikkeld of levenslessen opgedaan die van waarde zijn. Voor zichzelf, maar ook – vaak zonder erbij stil te staan - voor anderen. Het Levenslesprogramma brengt ouderen bij elkaar, om samen te werken aan prettiger, zelfbewuster ouder worden; met meer levenskunst. Wat is levenskunst? � in moeilijke omstandigheden het hoofd boven water weten te houden? � op veel momenten van het leven weten te genieten? � de kunst kennen om gelukkig te leven? � op uw 90e jaar nog een muziekinstrument bespelen of nog een buitenlandse

    reis maken? � goed voor uzelf kunnen opkomen? � ……………………………………..

    Levenservaring met elkaar delen

    Niet iedereen is zich zo bewust van zijn levenservaring en de waarde daarvan. Want er is niet altijd een aanleiding om uitgebreid na te denken over de wijsheid en ervaring die in het leven is opgedaan. Wat heeft het leven u eigenlijk geleerd? Hebt u dat wel eens op een rij gezet? Misschien bent u wel veel sterker dan u denkt. Met anderen praten over de lessen die u uit het leven hebt geleerd, maakt dat u zich bewuster wordt van de levenswijsheid die u bezit. Dat kan kracht geven om problemen waar u mee te maken krijgt, beter aan te kunnen. Praten met andere ouderen over wat het leven mooi maakt, kan ook inspiratie geven om een oude of nieuwe hobby op te pakken. Of om elkaar te blijven ontmoeten om levensthema’s te bespreken.

    Uitnodiging voor de eerste bijeenkomst

    In starten we op een levenskunst gespreksgroep. U bent van harte welkom. Er zijn geen kosten aan verbonden en voor koffie of thee met koek wordt gezorgd. Kom gerust, er zijn geen verplichting aan verbonden. Aan het einde van deze eerste bijeenkomst bespreekt u met elkaar of er een vervolg komt en hoe u dat organiseert.

    Voor vragen en aanmelding kunt u bellen naar < wie?>

    Of u stuurt een e-mail naar . Vergeet dan niet uw naam, adres met postcode en telefoonnummer te vermelden, zodat we u kunnen bereiken.

    Vilans website Levenskunst

    Op de website www.vilans.nl/levenskunst vindt u informatie over levenskunst, met artikelen, achtergrondinformatie en links naar andere items over Levenskunst die op internet staan.

    Vilans verbetert de kwaliteit van leven van mensen met beperkingen zoals chronisch zieken, mensen met een handicap en ouderen. Kijk op www.vilans.nl.

  • Senioren leren van elkaar

    Plezierig oud worden

    Uitnodiging voor de bijeenkomst

    van .. tot .. uur

    U kunt zich aanmelden bij: …….

    Een folder met uitgebreide informatie is verkrijgbaar bij : ……………

    2.7 Voorbeeld wervingsposter

  • 36 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    2.8 Voorbeeld bevestigingsbrief

    Geachte , Fijn dat u mee doet aan de bijeenkomst ‘De kunst van plezierig oud worden’ waarin u samen met andere ouderen praat over uw levenservaring. Wij hopen op een inspirerend gesprek met elkaar. De eerste bijeenkomst is op . Voor koffie en koek wordt gezorgd. Er zijn geen kosten verbonden aan uw deelname. Het doel van de levenslesbijeenkomsten is dat mensen elkaar inspireren om op een prettige manier oud te worden. Dat kan zijn door zin te blijven geven aan het leven, je gewaardeerd te weten, leuke dingen te doen of wat u zich er zelf dan ook bij voorstelt. Wij kijken ernaar uit u te ontmoeten op Tot ziens. Met vriendelijke groet,

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 37

    3 Programma maken en oefeningen gebruiken

  • 38 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 39

    3.1 Programma eerste bijeenkomst voorbereiden

    Als u voldoende deelnemers hebt gevonden en een goede ruimte, kunt u de eerste bijeenkomst gaan voorbereiden. U bepaalt, al dan niet al in overleg met de deelnemers, wat het inhoudelijke thema voor de eerste bijeenkomst is. Als de deelnemers elkaar nog niet kennen, is er tijd nodig voor kennismaking. In hoofdstuk 4 vindt u suggesties hoe u zo’n kennismaking kunt doen. In de daarop volgende hoofdstukken staan ook technieken uitgewerkt hoe u een inhoudelijk thema in de groep kunt bespreken. Een goede voorbereiding is het halve werk! U kunt van tevoren een tijdschema maken en alle onderdelen/stappen uit het programma uitschrijven.

    Tijdschema maken

    U maakt een tijdschema waarin u de verschillende onderdelen van de bijeenkomst uitwerkt met de benodigde tijd. Hieronder staat een voorbeeld. Voorbeeld van een tijdschema

    Tijd in minuten

    Onderwerp Methode Benodigd materiaal

    Voor-af Koffie/thee schenken; muziek (levensliederen) draaien? Vraag deelnemers zelf hun naam op naambordje te schrijven.

    koffie/thee koek naambordjes, bijvoorbeeld een dubbel gevouwen blaadje/ stiften

    5 Welkom heten Voorstellen initiatief-nemer/gespreksleider Uitleg programma

    Initiatiefnemer / gespreksleider

    introductietekst

    30 Kennismakingsronde deelnemers Ieder stelt zich kort voor: zie voorbeeld-methodieken

    60 Thema Zie voorbeeld-methodieken

    5 Afronden Gespreksleider bundelt reacties

    flap over met stiften

    15 Wensen voor vervolg bespreken Vervolgafspraken maken

    Vragen of er behoefte is opnieuw bij elkaar te komen. Zo ja, wat gaan we dan doen.

    Kijk eens naar de verschillende gespreksoefeningen bij 5 ‘in gesprek gaan over levenskunst

    5 Afsluiting

  • 40 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    Onderdelen uitwerken

    De onderdelen van de bijeenkomst werkt u uit in stappen. Daarbij geeft u steeds aan ‘wie wat doet’. Bijvoorbeeld:

    Stap 1 De initiatiefnemer van de te organiseren bijeenkomsten heet iedereen welkom en stelt zichzelf voor. Vertelt in het kort iets over zichzelf. Bijvoorbeeld: leeftijd, woonplaats en de reden van belangstelling voor dit programma. Als iemand anders de gespreksleider is, stelt deze zich ook voor.

    Stap 2 Vertel wat de bedoeling is van het levenslesprogramma. Besteed aandacht aan de volgende punten: � Bedoeling: gezamenlijk erachter zien te komen hoe het leven voor ieder zo aangenaam

    mogelijk ingevuld kan worden en op welke wijze deelnemers hieraan kunnen werken. � De initiatiefnemer heeft het werkboek in zijn bezit. In deze bijeenkomsten zullen aan

    de hand van verschillende gesprekstechnieken uit het werkboek levenswijsheid en levenservaringen worden besproken. Ook kan men zelf thuis met oefeningen aan de slag.

    � Na afsluiting van deze bijeenkomsten, kan ieder die dat wil, zelf ook initiatiefnemer worden en deze bijeenkomsten weer gaan organiseren voor anderen.

    Stap 3 Kies een onderwerp en een methode om het onderwerp van uw keuze te bespreken. In hoofdstuk 3 tot en met 7 vindt u uitwerkingen van mogelijke gesprekstechnieken en oefeningen die u kunt gebruiken.

    Stap 4 Sluit deze eerste bijeenkomst af en vraag wie belangstelling heeft om verder te gaan. Noteer namen en adressen en telefoonnummers, als dat nog niet gebeurd is. Spreek af: � hoeveel bijeenkomsten zijn er gewenst? � wat is de tussenliggende periode van bijeenkomsten, wekelijks of eens in de twee

    weken? � hoe lang duurt een bijeenkomst? � waar worden de bijeenkomsten georganiseerd? Blijven we in deze ruimte?

    Algemene tips

    Voor het houden van bijeenkomsten met een groep geldt een aantal algemene regels. Kijk welke voor u van toepassing zijn en in uw situatie bruikbaar zijn. � Leg alle benodigde materialen van te voren klaar. Test of de technische apparatuur

    werkt. � Zorg dat u zelf een half uur voor de bijeenkomst begint, aanwezig bent. Sommige

    mensen komen graag vroeg. � Zorg dat iedereen in de groep elkaar goed kan zien. Een of meerdere hoge tafels in het

    midden met hoge stoelen eromheen, geeft een gevoel van veiligheid. Zorg voor voldoende plek aan tafel voor rolstoelen of een scootmobiel.

    � Wees erop bedacht dat niet iedereen goed kan schrijven; bijvoorbeeld door beverig handschrift, onzekerheid over spelling, moeite met het vasthouden van een pen. Bedenk zonodig een mondelinge variant op een schriftelijke oefening.

    � Praat niet te snel en let op of de deelnemers elkaar goed kunnen verstaan.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 41

    � Zorg dat u als gespreksleider niet teveel en te lang aan het woord bent. Vraag om reactie uit de groep door vragen als: “Herkent u dit?” of “Ervaart u dat ook zo?” of “Hoe gaat u daarmee om?”.

    � Leg een opdracht of oefening kort en bondig uit en geef zo mogelijk een voorbeeld. Herhaal daarna de uitleg nog een keer in andere woorden.

    � Bespreek aan het einde van de bijeenkomst altijd hoe het is gegaan. Ruim tijd in voor een korte terugblik. “Wat heeft deze bijeenkomst u opgeleverd?”, “Is het geworden wat u ervan verwacht had?” En spreek af of er nog een bijeenkomst volgt en maak daar duidelijke afspraken over.

  • 42 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    3.2 Gesprekstechnieken en oefeningen

    De 4 hoofdstukken die hierna volgen, bevatten verschillende gesprekstechnieken en oefeningen die u in de bijeenkomsten over levenskunst kunt gebruiken.

    Een beknopte geschiedenis van de levenskunst-oefeningen 2

    Al in de verre oudheid zijn allerlei oefeningen ontwikkeld om praktische wijsheid te bevorderen. Zoals het gezegde luidt: ‘oefening baart levenskunst’. De geschiedenis van levenskunst biedt een aantal richtlijnen bij het ontwikkelen van deze ‘moderne levenskunsttechnieken’. Deze richtlijnen liggen ten grondslag aan de oefeningen die we u aanbieden in dit werkboek. De spirituele oefeningen kan men in drie groepen onderverdelen; � Intellectuele oefeningen; � Praktische oefeningen; � Meditaties. De intellectuele oefeningen waren geheugentrainingen, oefeningen in verbeelding, in het filteren van voorstellingen. Waar komt deze voorstelling vandaan, wat is zij waard en wat doe ik er mee? Andere intellectuele oefeningen hadden betrekking op de taal en waren lees-, schrijf- en gespreksoefeningen. De praktische oefeningen hadden betrekking op het beheersen van emoties. Maar ook waren dit oefeningen die betrekking hadden op natuurbeschouwing, om ons te herinneren aan het feit dat de mens een natuurwezen is. De meditaties waren bijvoorbeeld oefeningen in stilte, luisteren, aandacht en overdenkingen. Mensen leerden zichzelf deze oefeningen aan in groepsverband. Deze spirituele oefeningen, ook wel technieken genoemd, waren gericht op praktiseren van zelfkennis, om jezelf en elkaar te leren neutraal te staan tegenover wat er niet toe deed, om te beheersen wat men ook werkelijk kon beheersen, en uiteindelijk intens te leven in het hier en nu.

    Indeling bevat bewuste opbouw van oefeningen

    De gesprekstechnieken en oefeningen zijn ingedeeld in vier groepen: � Kennismaking met elkaar; � In gesprek over levenskunst; � In gesprek over persoonlijke ervaringen; � Praktische oefeningen voor thuis. De kennismakingsoefeningen kunt u gebruiken om elkaar goed te leren kennen en voor een veilige en vertrouwde sfeer in de groep te zorgen. Een vertrouwde sfeer tijdens de bijeenkomsten is van belang, opdat mensen open durven te zijn over wat er zich afspeelt in hun dagelijks leven. Dan volgt een serie oefeningen die gericht is op algemene levensvragen, om zo een aanloop te nemen naar de persoonlijkere levenservaringen en keuzes. Deze volgorde is bewust zo neergezet. Het praten over algemene levensvragen is eenvoudiger dan praten over zaken die je persoonlijk raken. Zaken die over jezelf gaan. Het is beter dat pas te doen

    2 Levenskunst: innerlijk op orde. Franse filosoof Pierre Hadot over echte wijsheid. – Joep

    Dohmen.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 43

    als je aan elkaar gewend bent. Naast de kennismakingsoefeningen, dragen ook de gesprekken over algemene levensvragen eraan bij dat mensen elkaar leren kennen. Bovendien maken de deelnemers beter bekend met het onderwerp. De laatste oefeningen kunnen de deelnemers thuis zelfstandig uitvoeren, om actief bezig te blijven en bewust te blijven van de eigen invloed op de belevingswereld van zichzelf.

    Overzicht van de gesprektechnieken en oefeningen.

    Kennismaken met elkaar � Een eerste kennismaking � Groepsgesprek over verwachtingen � De vijf geboden � Een unieke belevenis � De eerste reactie � Wat vertelt het voorwerp ons � Breng het goede leven in beeld

    In gesprek over levenskunst � Levenskunst onder de loep � Wat is een gelukkig leven? � Levenswijsheden en spreuken � Wie ben ik?

    In gesprek over persoonlijke ervaringen � Levenslijn � In gesprek aan de hand van een aantal thema’s en foto’s � Teken de 5 zuilen � SWOT-analyse � Laatste bijeenkomst

    Praktische oefeningen voor thuis � Dagboek � Briefwisseling � Aantekenboek � Het filosofische huis

  • 44 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    3.3 Welke oefening kies ik?

    Welke techniek of oefening u in welke bijeenkomst gebruikt, zal afhangen van uw persoonlijke voorkeuren, samenstelling van de groep, wensen van deelnemers enzovoort. Bij iedere oefening staat een schema dat inzichtelijk maakt wat de inhoud van de oefening is. Hoe lang de oefening ongeveer duurt en wat u ervoor nodig heeft. Zo kunt u in één oogopslag zien waar de oefening over gaat en of de oefening aansluit bij de groep. De meeste oefeningen vragen enige voorbereidingstijd. De oefeningen variëren. Sommige oefeningen zijn meer gericht op de mogelijkheden van de mens en daardoor meer gericht op het actief vormgeven van het eigen leven en de toekomst. Andere oefeningen zijn gericht op de beleving van gebeurtenissen in het leven. Meer praktische tips over het starten van bijeenkomsten en begeleiden van gespreksbijeenkomsten kunt u elders in dit werkboek nalezen.

    Ervaringen delen

    Op de website www.vilans.nl/levenskunst kunt u op het discussieplatform ook uw ervaringen met de gesprekstechnieken delen met anderen of nieuwe suggesties en tips toevoegen.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 45

    4 Kennismaken met elkaar

    Deze technieken en oefeningen zijn bedoeld om een veilige omgeving binnen de groep te creëren, waarbij men behulpzaam voor elkaar is en elkaar kan stimuleren. Deze technieken zult u dus waarschijnlijk vooral in de eerste bijeenkomst(en) gebruiken. � Een eerste kennismaking (4.1) � Groepsgesprek over verwachtingen (4.2) � De vijf geboden (4.3) � Een unieke belevenis (4.4) � De eerste reactie (4.5) � Wat vertelt het voorwerp ons? (4.6) � Breng het goede leven in beeld (4.7)

  • 46 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 47

    4.1 Een eerste kennismaking

    Beknopte inhoud Een oefening om met elkaar kennis te maken.

    Doel Op een leuke en gemakkelijke manier met elkaar kennis maken.

    Tijdsduur

    30 tot 45 minuten

    Praktische benodigdheden voor deelnemers

    geen

    Voorwaarden voor deelname geen

    Aandachtspunten en voorbereidingen voor de gespreksleider

    Stap 1 en 2 zijn twee verschillende manieren om met elkaar kennis te maken. U kunt hieruit een keuze maken. Let er op dat mensen niet te veel over zichzelf vertellen en zich achteraf verschrikt afvragen: "Wat zullen ze wel niet van me denken?" U kunt dit voorkomen door zelf het eerste initiatief te nemen.

    Inleiding

    Het is belangrijk dat u tijd neemt voor de onderlinge kennismaking. Ook als sommige deelnemers elkaar wellicht al kennen, is het aan elkaar voorstellen een belangrijk onderdeel van een eerste bijeenkomst. Er zijn verschillende mogelijkheden om zichzelf aan de groep voor te stellen

    Stap 1

    Geef de deelnemers de gelegenheid om zich één voor één aan de andere groepsleden voor te stellen. U kunt aan de deelnemers vragen om hun naam te zeggen en in het kort iets over zichzelf te vertellen. Doe dit voorstellen bijvoorkeur door het maken van een rondje: iemand begint en geeft het woord door aan de buurman of buurvrouw. In een afgesproken richting, bijvoorbeeld met de klok mee.

    Stap 2

    Verlegen mensen, die niet gewend zijn om in een groep te praten, kunnen de voorstellingsronde moeilijk vinden. Een plezierige manier van kennismaking, waarmee u de eerste spanning van het 'praten in een groep' kunt wegnemen is de volgende. U vormt tweetallen (mensen die naast elkaar zitten) en vraagt een ieder of die zich in twee tot drie minuten aan de 'partner' wil voorstellen. Na ongeveer 5 minuten vraagt u de deelnemers om één voor één aan de groep te vertellen wat men zojuist gehoord heeft. Zo stelt een ieder zijn of haar buurman of buurvrouw voor.

  • 48 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    4.2 Groepsgesprek over verwachtingen

    Beknopte inhoud Iedereen vertelt iets over zichzelf en zijn verwachtingen van de komende bijeenkomsten.

    Doel Het uitwisselen van gedachten over de komende bijeenkomsten.

    Tijdsduur

    30 minuten

    Praktische benodigdheden voor deelnemers

    U kunt de vragen op een flap schrijven en ophangen, of op een blaadje. Bedoeld als geheugensteun.

    Voorwaarden voor deelname Deze oefening is juist geschikt als groepsleden onzeker zijn over wat komen gaat. Ruimte geven voor het uiten van hun verwachtingen en hun laten vertellen wat ze gehoord hebben over de bijeenkomsten is belangrijk. Negatieven dingen mogen ook gezegd worden. De gespreksleider probeert dan niet verdedigend of rechtzettend te reageren.

    Aandachtspunten en voorbereidingen voor de gespreksleider

    - Deze oefening kan het beste gedaan worden na een introductie op wat komen gaat, dus niet aan het begin van een bijeenkomst. - Het gaat er bij deze oefening om aandacht te besteden aan de verschillende gevoelens, gedachten en verwachtingen die in een beginnende groep kunnen leven zoals:

    Waarom zit ik in deze groep? Wat wordt er van mij verwacht? Wat moet ik hiermee gaan doen?

    Literatuur Oefeningenboek voor groepen- Lex Mulder, Wicky Voors, Herma Hagen. Bohn Stafleu Van Loghem, 2001 blz 39.

    Stap 1

    U vraagt aan elke deelnemer iets te vertellen over zichzelf en zijn verwachtingen van de komende bijeenkomsten. U kunt als gespreksleider met een bepaalde vraag sturen wat iemand over zichzelf vertelt. Bijvoorbeeld: Waarom wilt u aan deze bijeenkomst meedoen? � Wat verwacht u van de bijeenkomsten? � Wat denkt of hoopt u te leren? � Waar ziet u tegenop? � Wat wilt u echt niet? Tip: eventueel kunt u de vragen op een flap schrijven. U kunt de deelnemers ook helpen door zelf even door te vragen als ze een vraag overslaan.

    Stap 2

    U stimuleert de andere groepsleden om vragen aan elkaar te stellen door zelf af en toe ook om verduidelijking te vragen.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 49

    Stap 3

    U rondt af door de verschillende verwachtingen van de groepsleden samen te vatten.

  • 50 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    4.3 De vijf geboden

    Beknopte inhoud

    Gezamenlijk de groepsregels vaststellen.

    Doel Helder maken van in de groep heersende normen en gedragsregels.

    Tijdsduur

    15 tot 25 minuten

    Praktische benodigdheden voor deelnemers

    Pen en papier

    Voorwaarden voor deelname

    Aandachtspunten en voorbereidingen voor de gespreksleider

    Literatuur Oefeningenboek voor groepen- Lex Mulder, Wicky Voors, Herma Hagen. Bohn Stafleu Van Loghem, 2001 blz 107.

    Stap 1

    U vraagt alle deelnemers op te schijven welke ‘5 geboden’ hij vindt gelden voor de groep. Bijvoorbeeld: elkaar uit laten praten, respect en begrip hebben voor iemands mening, op tijd komen, niet achter iemands rug om kwaad spreken enzovoort. Het is de bedoeling dit op een korte kernachtige wijze te doen. De groep kan zich laten leiden door zich af te vragen: wat heb ik nodig om een vertrouwde en veilige sfeer te ervaren in deze groep?

    Stap 2

    U nodigt iedereen uit op te lezen wat hij geschreven heeft.

    Stap 3

    U bespreekt welke normen en gedragsregels overeenkomen. U overlegt welke regels men zou willen instellen als algemene gedragsregels in de groep. En stelt deze vervolgens gezamenlijk vast.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 51

    4.4 Een unieke belevenis

    Beknopte inhoud

    Ieder vertelt over een eigen unieke gebeurtenis.

    Doel Nader kennismaken en betrokkenheid op elkaar vergroten.

    Tijdsduur

    30 minuten

    Praktische benodigdheden voor deelnemers

    Pen en papier om de puntentelling bij te houden.

    Voorwaarden voor deelname

    Aandachtspunten en voorbereidingen voor de gespreksleider

    Literatuur Oefeningenboek voor groepen- Lex Mulder, Wicky Voors, Herma Hagen. Bohn Stafleu Van Loghem, 2001 blz 41

    Stap 1

    De groepsleden zitten in een kring. U vraagt hen een eigen belevenis te bedenken waarvan zij denken dat deze uniek is. Dat wil zeggen dat zij verwachten dat (bijna) niemand van de groep dit beleefd heeft. U legt uit dat juist de uitzonderlijkheid van de belevenis van belang is. Als een deelnemer zijn unieke belevenis vertelt en geen van de andere deelnemers heeft dit meegemaakt, dan krijgt de verteller het volle aantal punten. Het volle aantal punten is gelijk aan het aantal deelnemers. Bestaat de groep bijvoorbeeld uit 8 deelnemers, dan zijn er steeds 8 punten te vergeven. Andere groepsleden kunnen hiervan één punt verdienen, als zij de belevenis ook hebben meegemaakt. Bij een echt unieke belevenis krijgt dus geen van de anderen een punt en gaan alle 8 punten naar de verteller.

    Stap 2

    Om de beurt vertellen alle groepsleden hun unieke belevenis. Iemand houdt ondertussen de puntentelling bij.

    Stap 3

    U bespreekt deze oefening kort na. Wat vond men ervan?

    Stap 4

    Deze vierde stap is een optie: Wat maken we op uit de belevenissen? Goed passend bij het feit dat u bij elkaar bent en kennis maakt om samen over levenslessen te praten, kunt u er tot slot samen over nadenken of deze bijzondere belevenissen ook iets zeggen over ons leven. U gaat dan al meteen in gesprek over levenskunst. Op een veilige manier, nog niet al te persoonlijk. U kunt als volgt doorvragen: � Wat maakt een situatie tot een uitzonderlijke situatie? Zijn het toevalligheden die

    samen komen, is het een bijzondere samenloop van omstandigheden of hebben de personen er zelf de hand in gehad. Bewust naar dit resultaat toegewerkt.

  • 52 © Vilans /Werkboek plezierig oud worden

    � Kunnen we hier al lessen over het leven uit opmaken? Samen enkele wijsheden opschrijven die op een tegeltje aan de wand niet zouden misstaan?

    Tip: Hierop sluit oefening 5.3 over levenswijsheden en spreuken ook goed aan.

  • © Vilans /Werkboek plezierig oud worden 53

    4.5 De eerste reactie

    Beknopte inhoud In het kort schriftelijk reageren op een zin van een deelnemer.

    Doel Inzicht verkrijgen in hoe iemand meestal reageert. Vaak zit daar een patroon in.

    Tijdsduur

    30 minuten

    Praktische benodigdheden voor deelnemers

    Pen en papier voor de groepsleden om hun reacties bij te houden.

    Voorwaarden voor deelname

    Aandachtspunten en voorbereidingen voor de gespreksleider

    Literatuur Oefeningenboek voor groepen- Lex Mulder, Wicky Voors, Herma Hagen. Bohn Stafleu Van Loghem, 2001 blz 50

    Stap 1

    U deelt aan iedere deelnemer pen en papier uit. U nodigt iedereen stuk voor stuk uit, in één zin, in het kort iets over zichzelf te zeggen.

    Stap 2

    Als één iemand iets zegt, schrijven alle anderen in het kort hun eerste reactie op deze uitspraak op. Wanneer alle groepsleden aan de beurt geweest zijn, heeft iedereen een lijstje voor zich met ‘eerste reacties’.

    Stap 3

    U maakt tweetallen in de groep en vraagt te bekijken of er een patroon valt te ontdekken in de reacties. � Bent u geneigd om te reageren met vragen? � Reageert u vooral met gevoelsreflecties, zoals “dat moet erg aangenaam voor u zijn” of