PLEURALE EFFUSIE BIJ DE KAT - Ghent University 2018-08-29آ  Wanneer een kat met een pleurale...

download PLEURALE EFFUSIE BIJ DE KAT - Ghent University 2018-08-29آ  Wanneer een kat met een pleurale effusie

of 40

  • date post

    26-Jul-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of PLEURALE EFFUSIE BIJ DE KAT - Ghent University 2018-08-29آ  Wanneer een kat met een pleurale...

  • PLEURALE EFFUSIE BIJ DE KAT

    Aantal woorden: 16.669

    Seline Sturmans

    Studentennummer: 01104029

    Promotor: Prof. dr. Isabel Van de Maele

    Promotor: Prof. dr. Pascale Smets

    Onderdeel van de Masterproef voorgelegd voor het behalen van de graad master in de diergeneeskunde

    Academiejaar: 2017 – 2018

  • Universiteit Gent, haar werknemers of studenten bieden geen enkele garantie met betrekking tot de juistheid of volledigheid van de gegevens vervat in deze masterproef, noch dat de inhoud van deze masterproef geen inbreuk uitmaakt op of aanleiding kan geven tot inbreuken op de rechten van derden.

    Universiteit Gent, haar werknemers of studenten aanvaarden geen aansprakelijkheid of verantwoordelijkheid voor enig gebruik dat door iemand anders wordt gemaakt van de inhoud van de masterproef, noch voor enig vertrouwen dat wordt gesteld in een advies of informatie vervat in de masterproef.

  • Voorwoord

    Ik heb in het kader van deze masterproef bewust gekozen voor een onderwerp waar de eerstelijns dierenarts veelal mee in aanraking komt. Op deze manier zag ik de mogelijkheid om mijzelf verder te verdiepen in een interessant onderwerp dat ook een bijdrage zal leveren aan mijn kennis als praktiserend dierenarts.

    Bij deze wil ik een aantal mensen bedanken voor hun bijdrage in het mogelijk maken van deze masterproef. Allereerst wil ik mijn beide promotoren Prof. Dr. Isabel Van de Maele en Prof. Dr. Pascale Smets, hartelijk bedanken voor de goede begeleiding, ondersteuning en adviezen. Daarnaast wil ik ook nog mijn dank betuigen aan Monique Sturmans en Jeroen Voss voor hun steun en positieve bijdrage aan mijn masterproef.

  • INHOUDSOPGAVE

    1. SAMENVATTING .................................................................................................................................................. 5

    2. INLEIDING ............................................................................................................................................................ 6

    3. ONDERLIGGENDE OORZAKEN VAN PE BIJ DE KAT............................................................................................... 7

    3.1. Feline Infectieuze Peritonitis ........................................................................................................................ 7

    3.2. Congestief hartfalen ..................................................................................................................................... 8

    3.3. Pyothorax ..................................................................................................................................................... 9

    3.4. Neoplasie .................................................................................................................................................... 10

    4. INITIELE STABILISATIE VAN PE BIJ DE KAT ........................................................................................................ 11

    4.1. Symptomen bij aanbieden ......................................................................................................................... 11

    4.2. Beperkt lichamelijk onderzoek ................................................................................................................... 11

    4.3. Zuurstofsupplementatie ............................................................................................................................. 12

    4.3.1. Toepassing in de praktijk ..................................................................................................................... 14

    4.4. Sedatie ........................................................................................................................................................ 14

    4.5. Thoracocentese .......................................................................................................................................... 14

    4.5.1. Toepassing in de praktijk ..................................................................................................................... 15

    5. DIAGNOSTIEK .................................................................................................................................................... 17

    5.1. Diagnosticeren van een PE en opsporen van de onderliggende oorzaak .................................................. 17

    5.1.1. Medische beeldvorming ...................................................................................................................... 17

    5.1.2. Thoracocentese ................................................................................................................................... 20

    5.1.3 Classificatie van het pleurale vocht ...................................................................................................... 21

    5.1.4 NT-proBNP ........................................................................................................................................... 24

    5.1.5 Overige diagnostiek .............................................................................................................................. 26

    5.2. Diagnostiek per onderliggende oorzaak..................................................................................................... 27

    5.2.1. FIP ........................................................................................................................................................ 27

    5.2.2. CHF ...................................................................................................................................................... 28

    5.2.3. Pyothorax ............................................................................................................................................ 28

    5.2.4. Neoplasie ............................................................................................................................................. 29

    6. BEHANDELING ONDERLIGGENDE OORZAAK EN PROGNOSE ............................................................................ 30

    6.1. Behandeling van FIP ................................................................................................................................... 30

    6.2. Behandeling van CHF.................................................................................................................................. 30

    6.3. Behandeling van pyothorax ....................................................................................................................... 32

    6.4. Behandeling van neoplasie ........................................................................................................................ 33

    7. DISCUSSIE .......................................................................................................................................................... 35

    8. REFERENTIELIJST ............................................................................................................................................... 36

  • 5

    1. SAMENVATTING In deze masterproef worden praktische richtlijnen geformuleerd voor de aanpak van katten met een pleurale effusie (PE). Er wordt dieper ingegaan op een efficiënte en snelle stabilisatie van deze katten. Hierbij wordt er onder andere de uitvoering van een thoracocentese besproken. De volgende stap en tevens de volgende uitdaging is het opsporen van de onderliggende oorzaak. De meest voorkomende onderliggende oorzaken (feline infectieuze peritonitis (FIP), congestief hartfalen (CHF), pyothorax en neoplasie) komen uitgebreid aan bod. Belangrijke diagnostische middelen, waaronder verschillende medische beeldvormingstechnieken, worden besproken om een PE en onderliggende oorzaak te diagnosticeren.

    Het nut van classificatie van het pleurale vocht en de manier waarop dit gebeurd wordt uitgelegd. Er wordt ook aandacht geschonken aan een nieuwere diagnostische techniek, de bepaling van de merker NT-ProBNP, die een snel onderscheid tussen een cardiale en niet cardiale oorsprong van de PE mogelijk maakt. De concrete stappen die genomen kunnen worden om de vier meest voorkomende oorzaken te diagnosticeren worden besproken. Hoewel de initiële stabilisatie bij katten met PE gelijkaardig is, zal de behandeling daarna sterk afhankelijk zijn van de onderliggende oorzaak. Tot slot worden dan ook behandelingsopties en prognose van de meest voorkomende oorzaken weergegeven.

  • 6

    2. INLEIDING De pleurale ruimte is een virtuele ruimte die de longen omgeeft. Deze ruimte wordt afgelijnd door een visceraal en een pariëtaal blad (Swinney, 2008; Barrs en Beatty, 2010; Sauvé, 2015). Het viscerale blad omgeeft volledig het longparenchym. Het pariëtale blad wordt onderverdeeld in een diafragmaticaal, costaal en mediastinaal blad (zie figuur 1). Het pariëtale blad omlijnt dus in feite de overige delen van de thoracale ruimte af. Het is niet volledig duidelijk of er wel of geen communicatie is tussen de linker en rechter thoracale ruimte. Unilaterale effusies komen occasioneel voor bij zowel katten als honden, echter wordt er in de praktijk voornamelijk bilaterale effusie gezien (McPhail, 2007; Thrall, 2018).

    Elk pleurablad bestaat uit 5 lagen. De eerste laag bestaat uit een éénlagig plaveiselepitheel dat via tight junctions sterk met elkaar verbonden is, het mesotheel