NEDERLANDS - Bosch Rexroth

of 28/28
3 842 999 888 NEDERLANDS MTNL 525 219/2008-02 Vervangt: – NL Montagehandleiding Lift-transversale module HQ 2/S
  • date post

    03-Oct-2021
  • Category

    Documents

  • view

    3
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of NEDERLANDS - Bosch Rexroth

ER LA
N D
Montagehandleiding
Pas op! Voor installatie, inbedrijfsstelling, onderhoud en reparatie moet de bedienings- en montagehandleiding alsmede de "Veiligheidstechnische instructie van medewerkers" (3 842 527 147), gelezen en in acht genomen worden. Uitvoeren van de werkzaamheden alleen door geschoold, geïnstrueerd vakkundig personeel!
Elektrische aansluitingen volgens overeenkomstige nationale regelgeving. Voor Duitsland: VDE-voorschrift VDE 0100!
Voor alle reparatie- en onderhouds- werkzaamheden moeten de ener- gievoorzieningen (hoofdschakelaar etc.) uitgeschakeld worden! Bovendien zijn maatregelen ver- eist om een onopzettelijk weer inschakelen te voorkomen, bijv. op de hoofdschakelaar een waarschu- wingsbord "onderhoudswerkzaam- heden", "reparatiewerkzaamheden" etc. aanbrengen! Onder doelmatig gebruik van HQ 2/S wordt verstaan het uit- resp. insluizen van de Rexroth-werkstuk- drager WT 2 van een lengtebaan in een transverale baan in het Rexro- th-transfersysteem TS 2plus. De HQ 2/S mag alleen met ge- monteerde beschermkast gebruikt worden. Stuwbedrijf op de HQ 2/S is over het algemeen niet toegestaan!
Aansprakelijkheid: Bij schade die uit niet doelmatig gebruik en uit eigenmachtige, niet in deze handleiding beschreven handelingen ontstaan, vervalt elke vorm van aanspraak op garantie en aansprakelijkheid jegens de fabrikant.
Veiligheidsaanwijzingen
MTNL 525 219/2008-02 | TS 2plus Bosch Rexroth AG 3/28
Garantie: Bij gebruik van niet originele onderdelen vervalt iedere aanspraak op garantie! Onderdelenlijst MTparts.: 3 842 529 770.
Milieubescherming: Bij het vervangen van beschadigde onderdelen moet voor een milieuvriendelijk afvoeren gezorgd worden!
N ED
ER LA
N D
1 Lift-transversale module
HQ 2/O (1x) montageklaar "A": bL = 160 mm, fig. 1 "B": bL > 240 mm, fig. 1 met separate montagehandleiding-nr.: 3 842 525 214 (is bijgevoegd).
2 Reductiemotor (1x)
5 Beschermkast met vier beves- tigingssets, in afzonderlijke onderdelen met separate montagehandleiding-nr.: 3 842 525 217 (is bijgevoegd).
6 Bouwpakket positiecontrole 3 842 311 894 in PE-tas bijge- voegd (zonder naderingschake- laar EN 60947-5-2 I2 A12, a.u.b. separaat bestellen)
Het benodigde bevestigingsmateri- aal en de pneumatische elementen als schroefverbindingen, smoor- terugslagventielen etc. zijn in de leveringsomvang inbegrepen!
Staat bij uitlevering/leveringsomvang
N ED
ER LA
N D
Aanwijzing: Het bevestigen van de module HQ 2/S in het transfersysteem geschiedt volgens het hamerboutprincipe. Dit bewerkstelligt een krachtige, sluitende bevestiging in de langssleuven van de profielen.
Aanhaalmoment 25 Nm.
(momentarm)
MTNL 525 219/2008-02 | TS 2plus Bosch Rexroth AG 7/28
Montage: Montage HQ 2/O in ST 2/Montage van de HQ 2/O in baan ST 2/ ..
De inbouw van de HQ 2/O in de baan ST 2/ .. en montage bouwpakket positiecontrole volgens montagehandleiding-nr.: 3 842 525 214.
Beschermkast volgens separate montagehandleiding-nr.: 3 842 525 217 in elkaar zetten en monteren!
N ED
ER LA
N D
1 Motorsteunplaat met twee
2 Twee hamerbout- bevestigingssets M8x20 op de motorsteunplaat voormonteren (fig. 5).
3 Reductiemotor rechts van de tandriem, ca. in het midden van de aanslagrand van de HQ 2/O los aan de ST 2/.. bevestigen; moet tot de definitieve justering verschuifbaar blijven (fig. 6).
4 Zeskantas invetten met "gleitmo 585K", in transmissie schuiven, O-ring en houdring aan kopse kant met cilinderbout bevestigen (Fig. 7).
Fig. 7
N ED
ER LA
N D
5 2 Omkeerrollen met
bevestigingsset M6 aan de zwenkplaat bevestigen (fig. 9).
6 Zwenkplaat en flens met cilin- derbout M6x40, onderlegring A6 en borgring 6-FST losjes aan de reductiemotor bevestigen (fig. 10).
7 Eerst de afstandshuls en dan het tandriemwiel op de zeskantas steken en met houdring aan kopse kant op de zeskantas borgen (fig. 11).
Montage: Reductiemotor met verbindingsset (fig. 8) HQ 2/O verbinden
Fig. 10
Fig. 11
N ED
ER LA
N D
8 Tandriem van de HQ 2/O vol-
gens fig. 12 om de omkeerrollen en het tandriemwiel leggen.
9 Tandriem spannen fig. 12: Veerbalans in zwenkplaat vasthaken, bij trekspanning van F = 200 N de zwenkplaat vastschroeven, MD = 12 Nm
10 Tandriemwiel van de reductie- motor exact met het tandriem- wiel van HQ 2/O oplijnend uitlijnen! Daarvoor de reductiemotor in de T-sleuf van ST 2/.. verschui- ven fig. 13.
Belangrijk: De assen van de tandriemwielen moeten parallel staan! Anders bestaat het gevaar van vroegtijdige slijtage van de tandriem alsmede schade aan het lager!
11 Reductiemotor bevestigen MD = 25 Nm, fig. 13.
12 Deksel op zwenkplaat drukken, laten vastklikken en met cilinderbout bevestigen, fig. 14
Montage: Reductiemotor met verbindingsset (fig. 8) HQ 2/O verbinden (vervolg)
Fig. 12
N ED
ER LA
N D
Installatie/inbedrijfsstelling
De motoraansluiting moet door vakkundig personeel uitgevoerd worden! VDE-voorschrift VDE 0100 voor Duitsland, resp. de overeenkomsti- ge voorschriften van het land van inzet.
De oppervlakken van motoren en aandrijvingen kunnen onder be- paalde belasting- en werkcondities temperaturen tot 70 °C bereiken. In deze gevallen moet door de nodige constructieve maatregelen (be- schermuitrustingen) of waarschu- wingstekens steeds aan de gelden- de ongevalpreventie-voorschriften (UVV) voldaan worden!
Motoraansluiting De motoraansluiting moet volgens de opgaven van het typeplaatje (fig. A) afhankelijk van de netspan- ning volgens fig. B uitgevoerd worden.
De motor is met een bimetaal-scha- kelaar (potentiaalvrij thermocon- tact, 230 V AC, 300 mA) voor de temperatuurdbewaking uitgerust. De motor moet zo aangesloten worden dat bij aanspreken van de schakelaar de motor stroomloos geschakeld wordt.
Schakelschema's volgens fig. B alsmede het schakelschema in de klemmenkast in acht nemen! De kabelgeleiding zo kiezen dat de kabel tijdens het werk niet bescha- digd kan raken.
Optie aansluitleiding: 3 842 409 645 (M20x1,5) (fig. C). Voorzekering in acht nemen!
Fig. A
Fig. B
Fig. C
PE
Motoraansluiting Eerste inbedrijfsstelling Het systeem slechts kort opstarten (max. 2 s) en de correcte draairich- ting van de motor controleren.
Om de draairichting van de motor te veranderen twee willekeurige draden (L1, L2 of L3, fig. B) wisselen.
Aanwijzing: Corrigeer bij motoren met stek- keruitvoering af fabriek de draai- richting in de schakelkast of op de stekkerkoppeling (aan contact- dooszijde). Dit vereenvoudigt het wisselen.
Typeplaatje (voorbeeld)
N ED
ER LA
N D
Geoliede of ongeoliede, gereinigde perslucht!
De persluchtaansluiting "X" via de vaste steekverbinding (pijpbuiten- diameter 6 mm) met het bijbeho- rende schakelventiel resp. met de onderhoudsunit verbinden (fig. 19). Bedrijfsdruk p: min 4...6 bar
De persluchtaansluiting moet zo gedraaid worden dat de luchtslang voldoende afstand tot de bewegen- de onderdelen heeft.
Persluchtaansluiting!
- Indraaien geeft minder toevoerlucht: hefsnelheid daalt.
- Uitdraaien geeft meer toevoerlucht: hefsnelheid stijgt.
Belangrijk: Bij hard neerkomen (geluid) in middelste stand (ruststand) kan een extra afvoerluchtsmoring (a.u.b. separaat bestellen, bestelnr.: 0 821 200 204) ingebouwd worden, zie "A", "B", fig. 20. Standaard is de aansturing van de bovenste stand voorbereid (zie "A", fig. 20). Wordt steeds naargelang de werk- stukdragerstroom de aansturing van de bovenste en onderste stand gewenst dan moet de geluiddemper (1, fig. 19 + 20) door een tweede smoorterugslagventiel (a.u.b. sepa- raat bestellen, bestelnummer: 0 821 200 187) vervangen worden ("B", fig. 20).
Hefsnelheid Lift speed Vitesse de course
N ED
ER LA
N D
Tandriemspanning HQ 2/O controleren en instellen
Bij onjuiste tandriemspanning kunnen de tandriemen geruïneerd raken! Inbedrijfsstelling pas na controle van de tandriemspanning!
De tandriem wordt over de omkeer- rol ("Y") zo gespannen dat de korte zijde van de tandriem ca. 10 mm di- agonaal met de hand ("Z") richting de rollendrager gedrukt kan worden (fig. 21).
MTNL 525 219/2008-02 | TS 2plus Bosch Rexroth AG 19/28
Definitieve inbedrijfsstelling pas na: afsluiting van alle elektrische en pneumatische installatie- en instelwerkzaamheden, uitvoering van de testgang, montage van de bijbehorende beschermuitrusting! (Zie separate montagehandleiding nr.: 3 842 525 217) Stuwbedrijf op de HQ 2/S is over het algemeen niet toegestaan!
Ingebruikneming
Voor onderhoudswerkzaamheden moeten de energievoorzieningen (hoofdschakelaar etc.) uitgeschakeld worden! Bovendien zijn maatregelen vereist om een onopzettelijk weer inschakelen te voorkomen, bijv. een waarschuwingsbord op de hoofdschakelaar aanbrengen! Alle lagers zijn met een levenslange smering voorzien en onder normale werkomstandigheden onderhoudsvrij, voor zover niet anders aangegeven. Bij de inzet van vetoplossende substanties op het systeem, bijv. voor reinigingsdoeleinden, is echter een regelmatige controle en eventueel een nasmering met alleen zuur- en harsvrij smeermiddel (bijv. "gleitmo 585K" van de firma Fuchs Lubritech) noodzakelijk!
Transmissie (1, fig. 22) De transmissie is onderhoudsvrij.
Motor (2, fig. 22) Om voldoende koeling veilig te stel- len moeten vuil- en stofafzettingen aan de buitenkant van de motor, de aanzuigopeningen van de ventilator- kap en op de tussenruimten van de koelribben, steeds naargelang de condities van de omgeving, echter regelmatig verwijderd worden.
Onderhoud
Tandriem (3, fig. 23)
Regelmatige zichtcontrole op slijta- ge, met name van de las. Looprich- ting (in de richting van de pijl) controleren! Indien nodig tandriem nasmeren met: minerale olie viscositeit 68 volgens DIN bijv. Aral, Shell)
N ED
ER LA
N D
22/28 Bosch Rexroth AG TS 2plus | MTNL 525 219/2008-02
Voor reparatiewerkzaamheden moeten de energievoorzieningen (hoofdschakelaar etc.) uitgescha- keld worden! Bovendien zijn maatregelen vereist om een onopzettelijk weer in- schakelen te voorkomen, bijv. een waarschuwingsbord op de hoofd- schakelaar aanbrengen! Beschrijving van het vervangen van de tandriem en het tandriem- wiel van de HQ 2/O zie separate montagehandleiding-nr.: 3 842 525 214.
Reparatie
Fig. 24: 1 Vier zeskantbouten M5x16
(SW 8) met borgringen A5,3-FST op de aandrijfflens losdraaien
2 Defecte motor van de transmissie verwijderen.
3 Gele beschermkap "X" van de motoras van de nieuwe motor af trekken.
4 Motoras invetten, bijv. met "gleitmo 585K".
Nieuwe motor aan de aandrijfflens bevestigen.
Motor vervangen
N ED
ER LA
N D
Fig. 25:
3 Twee bevestigingsbouten op de zwenkplaat losdraaien.
4 Twee bevestigingsbouten op de motorsteunplaat op de baan ST 2/.. losdraaien.
5 Reductiemotor van de zeskan- tas naar rechts lostrekken.
6 Motorsteunplaat van de transmissie losschroeven.
7 Vier zeskantbouten M5x16 (SW 8) met borgringen A5,3-FST op de aandrijfflens losdraaien
8 Defecte transmissie van de motor verwijderen.
9 Afdekplaat van de defecte transmissie losschroeven en op de nieuwe transmissie aanbrengen.
Nieuwe transmissie in omgekeerde volgorde monteren. De naaf van de nieuwe transmissie is af fabriek ingevet! Zeskantas voor de montage invetten (bijv. met "gleitmo 585K). Tandriem spannen met F = 200 N, zie montagestap (9) pagina 13 + fig. 12.
Transmissie vervangen
Fig. 25
N ED
ER LA
N D
Vervangen van tandriem/tandriemwiel verbindingsset
1 Het deksel verwijderen.
4 Tandriem op HQ 2/O ontspannen.
5 Tandriem van het riemwiel trekken.
6 Borgring met seegerringtang van de zeskantas halen.
7 Tandriemwiel eraf trekken.
8 Zeskantas naar de andere kant uit het lager schuiven totdat het tandriemwiel vrij komt en eraf getrokken kan worden.
9 Zo nodig nieuwe tandriemwiel op de zeskantas schuiven en de nieuwe tandriem omleggen.
10 Uiteinde van de zeskantas invetten met "gleitmo 585K" en voorzichtig in het lager terug schuiven; daarbij niet kantelen!
Beide tandriemen in omgekeerde volgorde monteren. Tandriem van HQ 2/O spannen (zie pagina 18 en fig. 21) Tandriem van de verbindingsset om- leggen en spannen met F = 200 N, zie montagestap (9) pagina + fig. 12. Voor weer inbedrijfstellen de be- schermkast monteren (afbeelding boven)!
Fig. 26
"gleitmo 585K"
N ED
ER LA
N D
S
Bosch Rexroth AG Linear Motion and Assembly Technologies Postfach 30 02 07 D-70442 Stuttgart, Germany DC-IA/MKT Telefax +49 711 811–7777 www.boschrexroth.com [email protected]
Inhoud Veiligheidsaanwijzingen ........................................................... 2 Staat bij uitlevering/leveringsomvang .......................................4 Inbouw in het transfersysteem ..................................................6 Montage van de HQ 2/O in baan ST 2/ .. ...................................7 Montage: Montage HQ 2/O in ST 2/ ..........................................................7 Montage: Reductiemotor met motoraanbouwpakket op ST 2/......8 Montage: Reductiemotor met verbindingsset HQ 2/O verbinden ..10 Installatie: ................................................................................14 Motoraansluiting ......................................................................15 Persluchtaansluiting! ...............................................................16 Hefsnelheid ..............................................................................17 Tandriemspanning HQ 2/O controleren en instellen ...............18 Ingebruikneming ......................................................................19 Onderhoud .............................................................................20 Reparatie .................................................................................22
Technische veranderingen voorbehouden
Montage:
Montage: Reductiemotor met motoraanbouwpakket (fig. 4) op ST 2/..
Montage: Reductiemotor met verbindingsset (fig. 8) HQ 2/O verbinden
Installatie/inbedrijfsstelling
Motoraansluiting
Persluchtaansluiting!
Hefsnelheid
Ingebruikneming
Onderhoud
Reparatie