Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 1...

download Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 1 4-1-2010

of 111

  • date post

    01-Aug-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed? Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 1...

  • Liever Mark dan Mohammed?

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 1 4-1-2010 10:24:33

  • Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 2 4-1-2010 10:24:33

  • Liever Mark dan Mohammed? Onderzoek naar arbeidsmarktdiscriminatie van niet- westerse migranten via praktijktests

    Iris Andriessen Eline Nievers Laila Faulk Jaco Dagevos

    Sociaal en Cultureel Planbureau Den Haag, januari 2010

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 3 4-1-2010 10:24:33

  • Het Sociaal en Cultureel Planbureau is ingesteld bij Koninklijk Besluit van 30 maart 1973.

    Het Bureau heeft tot taak: a wetenschappelijke verkenningen te verrichten met het doel te komen tot een samenhangende beschrijving van de

    situatie van het sociaal en cultureel welzijn hier te lande en van de op dit gebied te verwachten ontwikkelingen; b bij te dragen tot een verantwoorde keuze van beleidsdoelen, benevens het aangeven van voor- en nadelen van de

    verschillende wegen om deze doeleinden te bereiken; c informatie te verwerven met betrekking tot de uitvoering van interdepartementaal beleid op het gebied van sociaal en

    cultureel welzijn, teneinde de evaluatie van deze uitvoering mogelijk te maken.

    Het Bureau verricht zijn taak in het bijzonder waar problemen in het geding zijn die het beleid van meer dan één departement raken. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is als coördinerend minister voor het sociaal en cultureel welzijn verantwoordelijk voor het door het Bureau te voeren beleid. Omtrent de hoofdzaken van dit beleid treedt de minister in overleg met de minister van Algemene Zaken, van Justitie, van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van Financiën, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van Economische Zaken, van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

    © Sociaal en Cultureel Planbureau, Den Haag 2010 scp-publicatie 2010/1 Zet- en binnenwerk: Textcetera, Den Haag Figuren: Mantext, Moerkapelle Vertaling samenvatting: Julian Ross, Carlisle, Engeland Omslagontwerp: Bureau Stijlzorg, Utrecht Omslagillustratie: © Paul van Riel/Hollandse Hoogte

    isbn 978-90-377-0421-1 nur 740

    Voor zover het maken van reprografische verveelvoudigingen uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16h Auteurswet 1912 dient men de daarvoor wettelijk verschuldigde vergoedingen te voldoen aan de Stichting Reprorecht (Postbus 3060, 2130 kb Hoofddorp, www.repro-recht.nl). Voor het overnemen van (een) gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezingen, readers en andere compilatiewerken (art. 16 Auteurswet 1912) kan men zich wenden tot de Stichting pro (Stichting Publicatie- en Reproductierechten Organisatie, Postbus 3060, 2130 kb Hoofddorp, www.cedar.nl/pro).

    Sociaal en Cultureel Planbureau Parnassusplein 5 2511 vx Den Haag Telefoon (070) 340 70 00 Fax (070) 340 70 44 Website: www.scp.nl E-mail: info@scp.nl

    De auteurs van scp-publicaties zijn per e-mail te benaderen via de website. Daar kunt u zich ook kosteloos abonneren op elektronische attendering bij het verschijnen van nieuwe uitgaven.

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 4 4-1-2010 10:24:33

  • Inhoud

    Voorwoord 7

    Samenvatting, conclusies en implicaties voor beleid 9

    1 Onderzoek naar discriminatie via praktijktests 23 2 Opzet en uitvoering 37 3 De uitkomsten van de praktijktests 57 4 Ongelijke bejegening van sollicitanten 71

    Literatuur 89

    Summary 91

    Bijlage a Voorbeeldbrief en cv in verschillend format 103 Bijlagen b en c (te vinden via www.scp.nl bij het desbetreffende rapport)

    Publicaties van het Sociaal en Cultureel Planbureau 109

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 5 4-1-2010 10:24:33

  • Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 6 4-1-2010 10:24:33

  • 7

    Voorwoord

    Bij onderzoek naar de maatschappelijke positie van niet-westerse migranten en hun kinderen is er één vraag die altijd gesteld wordt: in hoeverre heeft hun achterstand op autochtone Nederlanders te maken met het onvoldoende gekwalificeerd zijn? Of is er sprake van discriminatie – onbewust of bewust, direct of indirect? Dat die vraag steeds gesteld blijft worden in studies en debatten komt mede doordat het lastig is vast te stellen of en in welke mate er sprake is van discriminatie. Om meer grip te krijgen op deze kwestie is op verzoek van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, in aanvulling op de bestaande Discriminatiemonitor (Andriessen et al. 2007), deze verdiepende studie uitgevoerd. Daarbij is gebruik gemaakt van zogenaamde praktijktests. Praktijktests vormen een belangrijke methode in het onderzoek naar discriminatie. Door hun experimentele opzet kunnen zij autochtone Nederlanders en niet-westerse migranten op fijnmazig niveau aan elkaar gelijkstellen, waardoor een vrij zuivere vergelijking mogelijk is. Bovendien houden zij een directe meting van het gedrag van werkgevers in, waardoor discriminatie direct gemeten kan worden. Het doel van de test is te bezien of twee fictieve kandidaten die qua arbeidsrelevante kenmerken gelijk zijn, maar een andere etnische achtergrond hebben, een even grote kans hebben om een baan te krijgen. Zo kan worden vastgesteld of een allochtoon klinkende naam, een buitenlandse geboorteplaats of een licht accent op zichzelf aanleiding vormen om mensen nadelig te behandelen. In het onderhavige onderzoek is op grote schaal gebruik gemaakt van praktijktests. Op dergelijke schaal is in Nederland de laatste tien jaar geen onderzoek meer naar discriminatie gedaan. De grootschaligheid van het onderzoek maakt het mogelijk te onderzoeken waar de grootste knelpunten zich voordoen: bij welk type functies, in welke economische sectoren en bij welke categorieën van sollicitanten (etnische groep, geslacht, werk ervaring)?

    Het uitvoeren van praktijktests is een tijdrovende en arbeidsintensieve bezigheid. De inzet en toewijding van onze vier stagiaires Mariëtte Hosemans, Thuy Ngo, Ellen Nieuwenhuis en Nelleke van Os was daarbij onontbeerlijk. Suzanne Ekers was onmisbaar bij het ver- werken van de reacties van de werkgevers. Dank ook aan alle mensen die bereid waren op hun huisadres post voor ons te ontvangen en deze aan ons door te sturen. Prof. dr. F. Bovenkerk was zeer behulpzaam bij de voorbereiding van het onderzoek door over zijn eigen onderzoekservaringen te vertellen. Tegen het eind van het onderzoek konden we rekenen op advies van prof. dr. J. Twisk (umc), dr. C. Maas (uu), Jurjen Iedema en Tom van der Meer (beiden van het scp) omtrent de statistische analyses. We zijn de leden van de klankbordgroep, waarin vertegenwoordigers van werknemers- en werkgeversorganisaties plaats hebben, evenals Art.1 en de Commissie gelijke behandeling, erkentelijk voor hun ondersteuning en raadgevingen. Tot slot danken we Judith Helmons en Sabo Çelik van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die dit onderzoek mogelijk maakten.

    Prof. dr. Paul Schnabel Directeur Sociaal en Cultureel Planbureau

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 7 4-1-2010 10:24:33

  • Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 8 4-1-2010 10:24:33

  • Samenvatting, conclusies en implicaties voor beleid

    1 Achterstand op de arbeidsmarkt: human capital of discriminatie? 11 2 Onderzoek via praktijktests 11 3 Resultaten: is er discriminatie op de arbeidsmarkt? 13 3.1 Kans om uitgenodigd te worden voor een sollicitatiegesprek 15 3.2 Verschil in bejegening 17 4 Hoe ernstig is het gesteld met discriminatie op de Nederlandse arbeidsmarkt? 18 5 Aangrijpingspunten voor beleid 20

    Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 9 4-1-2010 10:24:33

  • Liever Mark dan Mohammed_met correcties.indd 10 4-1-2010 10:24:33

  • 11

    s a m e n vat t i n g

    1 Achterstand op de arbeidsmarkt: human capital of discriminatie?

    De Discriminatiemonitor niet-westerse allochtonen op de arbeidsmarkt heeft als doel om meer licht te werpen op de vraag in hoeverre discriminatie een factor is in de ach- terstand van migrantengroepen op de arbeidsmarkt. In 2007 is de eerste editie van deze monitor verschenen. Op grond van een uitgebreide literatuurverkenning is in de monitor de volgende definitie van discriminatie als uitgangspunt genomen: het nadelig behandelen van personen omdat zij behoren tot een bepaalde groepering of tot een bepaalde groepering worden gerekend (Köbben 1985; Veenman 1990, 2003). Uitgaande van deze definitie is de belangrijkste opgave van onderzoek naar discriminatie om selectie op basis van voor de functie relevante kenmerken te onderscheiden van selectie waarbij etnische herkomst de doorslaggevende factor is. Algemeen wordt experimenteel onderzoek als de beste methode gezien om te constateren of er discriminatie plaats- vindt. In het onderhavige onderzoek is gebruik gemaakt van zogenoemde praktijktests. Praktijktests hebben als doel vast te stellen of twee – fictieve – sollicitanten die qua relevante kenmerken even geschikt zijn voor de functie, maar een andere etnische her- komst hebben, dezelfde kans hebben om uitgenodigd te worden voor een sollicitatiege- sprek. De experimentele opzet van deze methode zorgt ervoor dat andere factoren die tot een andere behandeling kunnen leiden, uitgeschakeld zijn, zodat zo zuiver mogelijk berekend kan worden of de etnische herkomst een rol speelt in de selectiebeslissing van de werkgever. Als er geen verschil is, wordt er dan toch verschil gemaakt? Praktijktests kunnen weliswaar bepalen of er sprake is