Kwartaalblad nr. 73

Click here to load reader

  • date post

    30-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    232
  • download

    6

Embed Size (px)

description

Kwartaalblad nr. 73 van stichting het drentse landschap

Transcript of Kwartaalblad nr. 73

  • Kwartaalbladdecember 2011no. 73

    Exlorkijl

    73

  • 3 Eruitgelicht bestuursberichten 4 Planten als vertellers in het landschap onderzoek U k o V e g t e r

    9 Harry de Vroome Penning

    10 Speciale activiteiten

    11 Kerstwandeling 12 Ritsen op het Balloorveld cultuurhistorie J a n K r a a k

    15 WMD

    16 De hervormde kerk van Nijeveen Stichting Oude Drentse Kerken O l a v R e i j e r s

    18 De toren boog en eindje mee cultuur R o e l S a n d e r s

    21 SODK

    22 Sieralgen flora H e n k v a n d e r M e u l e n e n M a r i e n v a n W e s t e n

    24 Kremboong en Stuifzand wandelroute B e r t u s B o i v i n / E r i c v a n d e r B i l t

    26 Samen de samenleving gezonder en mooier maken interview S o n j a v a n d e r M e e r

    28 Schaapskooi Orvelte herbouwd beheer E r i c v a n d e r B i l t

    30 Drents heideschaap beheer J o a n D . D . H o f m a n

    31 Wervingsactie

    32 Grote zilverreiger fauna G e e r t d e V r i e s

    34 Landgoed Rheebruggen boekbespreking S o n j a v a n d e r M e e r

    37 Hunzeloop

    38 Dieren in de natuur fotograferen educatie E d o v a n U c h e l e n e n B a r t S i e b e l i n k

    40 Kortweg berichten 46 Ganzen gedicht R u t g e r K o p l a n d

    38 In/uit de politiek

    Kwartaalblad van Stichting Het Drentse Landschap

    Uitgave Stichting Het Drentse LandschapBezoekadres: Kloosterstraat 5 - 9401 KD AssenPostadres: Postbus 83 - 9400 AB AssenTel. (0592) 31 35 52 / Fax (0592) 31 80 89e-mail: [email protected]: www.drentslandschap.nlBankrek. nr. 30.28.75.751

    Redactie E.W.G. van der Bilt, J.D.D. Hofman, S.S. van der Meer, m.m.v. H. Colpa, J.G. Schenkenberg van Mierop en B. ZoerVormgeving Albert Rademaker BNO, AnnenGrafische productie Koninklijke van Gorcum BV, Assen

    Omslag Exorkyl / foto: Geert de Vries

    ISSN 1380-3263

    Overname van artikelen met bronvermelding is toegestaan.De inhoud van de bijdragen van gastschrijvers weerspiegelt niet noodzakelijk de opvattingen van Stichting Het Drentse Landschap.

    Het Drentse Landschap is een uitgave van Stichting Het Drentse Landschap. Het geeft informatie over de terrein-bezittingen en activiteiten van de stichting. Het blad verschijnt viermaal per jaar, bij het wisselen der seizoenen en wordt gratis toegezonden aan de beschermers van het Landschap. Begunstiger kan men worden door bijgevoegde kaart in te vullen en te verzenden. Minimale bijdrage 17,50 per jaar. Begunstiger voor het leven 400, .

    Als u Het Drentse Landschap extra wilt steunen dan kan dat op de volgende wijze:

    Periodieke gift In plaats van of naast uw begunstigersbij-drage. Dit is een voor de inkomstenbelasting volledig aftrek-bare periodieke bijdrage, die u voor minimaal 5 jaar met een eenvoudige notarile akte toezegt. Voor bijdragen van 50 en hoger per jaar regelt en betaalt de stichting de akte. Het kwartaalblad wordt u gratis toegezonden om u op de hoogte te houden van Het Drentse Landschap.

    Andere giften Indien het totaal van uw giften in enig jaar zowel 1% van uw drempelinkomen als ook 60 te boven gaat, is het meerdere aftrekbaar voor de inkomstenbelasting tot ten hoogste 10% van het drempelinkomen.

    Legaten of erfstellingen U kunt Stichting Het Drentse Landschap en/of Stichting Oude Drentse Kerken ook in uw testament begunstigen.

    Stichting Het Drentse Landschap en Stichting Oude Drentse Kerken zijn vrijgesteld van schenkings- en successierecht, zodat uw gift, schenking of legaat geheel ten gunste komt van deze stichtingen.

    Nadere inlichtingen over de hierboven vermelde mogelijke vormen van steun kunt u inwinnen bij het kantoor van de stichting of bij uw notaris.

    Het Drentse Landschap

    www.de12landschappen.nl

    3 Eruitgelicht bestuursberichten

    4 Exlorkijl terreinbeschrijving G e e r t d e V r i e s

    9 Speciale activiteiten

    10 Vervenershuis Valthermond cultuurhistorie E r i c v a n d e r B i l t

    12 Speenkruid flora J o a n D . D . H o f m a n

    14 De IJsvogels van de Hunze boekbespreking

    16 Honingbij fauna G e e r t d e V r i e s

    19 Hunebeddengids

    20 Met de postwagen over het Ballorveld digitaal J o k e W o l f f

    22 Kamspheide wandelroute B e r t u s B o i v i n / E r i c v a n d e r B i l t

    24 Voorjaar in de Landgoedbossen flora H a n s D e k k e r e n B e r t H o e n t j e s

    27 WMD

    28 Knapzak-app wandelen P a u l S t r a a t s m a

    30 Drenthe grondig bekeken educatie H a n s C o l p a e n M a r k Tu i t

    31 NPL

    32 De hervormde kerk van Wapserveen Stichting Oude Drentse Kerken O l a v R e i j e r s

    34 Kleurige Dahlis erfgoed J a n n i e O u d e g a

    36 Waarvan Akte

    37 Kortweg berichten

    38 In/uit de politiek

    Kwartaalblad van Stichting Het Drentse Landschap

    Uitgave Stichting Het Drentse LandschapBezoekadres: Kloosterstraat 5 - 9401 KD AssenPostadres: Postbus 83 - 9400 AB AssenTel. (0592) 31 35 52 / Fax (0592) 31 80 89e-mail: [email protected]: www.drentslandschap.nlBankrek. nr. 30.28.75.751

    Redactie E.W.G. van der Bilt, J.D.D. Hofman, S.S. van der Meer, m.m.v. H. Colpa, J.G. Schenkenberg van Mierop en B. ZoerVormgeving Albert Rademaker BNO, AnnenGrafische productie Koninklijke van Gorcum BV, Assen

    Omslag Exorkijl / foto: Geert de Vries

    ISSN 1380-3263

    Overname van artikelen met bronvermelding is toegestaan.De inhoud van de bijdragen van gastschrijvers weerspiegelt niet noodzakelijk de opvattingen van Stichting Het Drentse Landschap.

    Het Drentse Landschap is een uitgave van Stichting Het Drentse Landschap. Het geeft informatie over de terrein-bezittingen en activiteiten van de stichting. Het blad verschijnt viermaal per jaar, bij het wisselen der seizoenen en wordt gratis toegezonden aan de beschermers van het Landschap. Beschermer kan men worden door bijgevoegde kaart in te vullen en te verzenden. Minimale bijdrage 17,50 per jaar. Beschermer voor het leven 400, .

    Als u Het Drentse Landschap extra wilt steunen dan kan dat op de volgende wijze:

    Periodieke gift In plaats van of naast uw beschermersbij-drage. Dit is een voor de inkomstenbelasting volledig aftrek-bare periodieke bijdrage, die u voor minimaal 5 jaar met een eenvoudige notarile akte toezegt. Voor bijdragen van 50 en hoger per jaar regelt en betaalt de stichting de akte. Het kwartaalblad wordt u gratis toegezonden om u op de hoogte te houden van Het Drentse Landschap.

    Andere giften Indien het totaal van uw giften in enig jaar zowel 1% van uw drempelinkomen als ook 60 te boven gaat, is het meerdere aftrekbaar voor de inkomstenbelasting tot ten hoogste 10% van het drempelinkomen.

    Legaten of erfstellingen U kunt Stichting Het Drentse Landschap en/of Stichting Oude Drentse Kerken ook in uw testament begunstigen.

    Stichting Het Drentse Landschap en Stichting Oude Drentse Kerken zijn vrijgesteld van schenkings- en successierecht, zodat uw gift, schenking of legaat geheel ten gunste komt van deze stichtingen.

    Nadere inlichtingen over de hierboven vermelde mogelijke vormen van steun kunt u inwinnen bij het kantoor van de stichting of bij uw notaris.

    Het Drentse Landschap

    www.de12landschappen.nl

  • Foto

    : Han

    s D

    ekke

    rG

    ele

    anne

    moo

    n

    Foto

    : Han

    s D

    ekke

    r

    3Bestuursberichten

    Toen de regering haar voorgenomen bezuinigingen aan-kondigde, liet de kunst- en cultuursector luidkeels van zich horen. In den lande gingen stemmen op die zich toen afvroegen waarom het zo stil bleef vanuit de natuursector, die het relatief nog veel harder te verduren kreeg. Op 14 december bleek in Assen in het provinciehuis echter dat in Drenthe de natuur wel degelijk een stem heeft. Er kwamen wel driehonderd natuurliefhebbers naar een sta-tencommissievergadering waar het akkoord werd besproken dat het Rijk met de provincies wilde sluiten. Ze lieten zien dat de natuur beter verdient dan in de plannen voorligt. En in de week daarna herhaalde dat zich in de twee daarop aansluitende vergaderingen van de voltallige Provinciale Staten, waar het onderwerp opnieuw aan de orde kwam.Ik kan u vanuit mijn ervaringen uit het verleden zeggen dat zoiets hoogst zelden voorkomt in het provinciehuis. Ik vond het hartverwarmend. Ga ik te ver als ik durf te bewe-ren dat de betrokkenheid bij de natuur deel uitmaakt van de Drentse cultuur? Zelf geloofde ik daar altijd al in en deze bijeenkomsten in het provinciehuis hebben mij in die overtuiging gesterkt. Ik vind dat zeer bemoedigend. Ook is het een opsteker dat er zowel door Gedeputeerde Staten als door Provinciale Staten besloten is om het Natuurakkoord in deze vorm af te wijzen. In Drenthe staat de natuur er niet alleen voor, dat weten we nu zeker. U als sympathisant van Stichting Het Drentse Landschap wist en bewijst dat overigens als sinds jaar en dag. We kunnen u er niet dankbaar genoeg voor zijn.

    Natuur is deel Drentse cultuur

    Ali Edelenboschvoorzitter Het Drentse Landschap

    3

  • T

    opog

    rafis

    che

    dien

    st

    Vroeger bevond zich hier het grootste hoogveenmoeras van West-Europa: het Boertangermoeras. Dit immense moeras strekte zich uit van Hoogezand tot Emmen. Wie nu door de veenkolonin rijdt, kan zich nauwelijks voorstellen dat hij over de bodem van een voormalig moeras rijdt dat een paar honderd jaar geleden nog 5 tot 8 meter hoger lag dan het huidige maaiveld! Onvoorstelbaar dat zon groot moeras bijna volledig is afgegraven met het eenvoudige gereedschap van een turfsteker: de stikker en de oplegger. De stikker diende om het veen in stukjes te steken en met de oplegger werd de natte turf op een kruiwagen gelegd.

    ExlorkijlG e e r t d e V r i e s *

    Het landschap van het Boertangermoeras is in rook opge-gaan. Wat restte was een fijnmazig patroon van kanalen en wijken. Wijken zijn kleine watergangen die om de 200 meter werden aangelegd om het moeras droog te leggen. Later konden schippers via deze wijken hun turf afvoeren. Daarna was deze infrastructuur heel geschikt om landbouw-producten af te voeren. Dit veenkoloniale landschap met zijn vele kanalen, wijken en bruggen is uniek in West-Europa.

    DempenIn de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw, toen het vervoer per auto een grote vlucht nam, veranderden die kanalen en wijken van een lust in een last. Tientallen kilo-meters kanalen werden dichtgegooid. Op de plek waar nu het natuurreservaat Exlorkijl ligt, werd zand gewonnen om de vele kanalen te kunnen dempen. Geleidelijk aan ontstond een grote en diepe zandplas. Staatsbosbeheer richtte het gebied in voor de recreatie: de zandwinput werd omgetoverd tot een visplas. In 2004 werd dit 70 ha grote gebied overge-dragen aan Het Drentse Landschap. Exlorkijl is een tastbaar bewijs hoe men in de jaren zeven-tig tegen het veenkoloniale landschap aankeek. Geld noch moeite werden gespaard om die kanalen te dempen. Nog geen vijftig jaar later wordt geld nog moeite gespaard om kanalen weer een scheepvaartfunctie voor de plezierjacht te geven. Het kan verkeren. De visplas is de beelddrager van dit natuurreservaat, al snel gevolgd door drie wijken die min of meer bewaard zijn gebleven. De rest van het gebied ademt de sfeer uit van een parklandschap. Loof- en naaldbosjes wisselen elkaar af, waar-bij vooral de fraaie overgangen tussen bos en grasland opval-len. Een kleine zandverstuiving geeft het natuurreservaat een extra dimensie.

    Het natuurreservaat Exlorkijl van Het Drentse Landschap ligt op het eerste gezicht zomaar plompver-

    loren midden in een uitgestrekt veenkoloniaal landschap nabij Tweede Exlormond. In de geschiedenis

    van dit landschap vormt Exlorkijl echter een afsluitend hoofdstuk van een boeiend verhaal over hoe de

    mens hier een hoogveenmoeras heeft bedwongen en hoe het gebied zich na de turfwinning uiteindelijk

    geformeerd heeft tot het huidige veenkoloniale landschap. Een landschap dat door buitenstaanders vaak

    wordt verguisd en gekwalificeerd als kaal en saai. De bewoners van de veenkolonin denken hier anders

    over; zij koesteren deze ruimte vol met fraaie luchten en eindeloze vergezichten.

    4 Terreinbeschrijving

  • Foto

    : Gee

    rt d

    e Vr

    ies

    Exlorkijl

  • Foto

    s: G

    eert

    de

    Vrie

    s

    Rondje meerNatuurgebieden, zoals Exlorkijl, die zo dicht aan bewoond gebied grenzen, lenen zich bij uitstek voor het maken van een ommetje: even een frisse neus halen, even met de kin-deren uitwaaien of de hond uitlaten. Of even bezoekers laten zien hoe mooi het wel niet is om in de veenkolonin te wonen. Zon ommetje levert soms ook fraaie waarne-mingen op en die scoren qua beleving veel hoger dan die in verweggebieden.Elk seizoen leent zich voor ommetjes; er is altijd weer iets anders te beleven. In de winter zijn op de visplas veel vogels te zien en in de lente worden wandelaars getrakteerd op fraaie vogelconcerten. In de zomer trekken de bloeiende braamstruwelen vol met insecten de aandacht. In de herfst is een bezoek aan de Exlorkijl een waar feest door de vele paddenstoelen in allerlei vormen en kleuren.Laten we een denkbeeldige wandeling maken langs enkele biotopen in verschillende seizoenen. Juist door hetzelfde gebied in verschillende jaargetijden te bezoeken, kan men zelf veel over het gedrag van dieren ontdekken.

    SlaapplaatsDe visplas is een soort winterslaapkamer die dag en nacht wordt gebruikt. Ganzen en zwanen zijn dagdieren, die over-dag voedsel zoeken in de omliggende landbouwgebieden. Tegen de avond gaan ze op de visplas slapen. Regelmatig zijn hier alle drie de Europese zwanensoorten te zien. De Knobbelzwanen die hier s winters slapen, broeden in het voorjaar in de kanalen en wijken van de veenkolonin. De Wilde zwaan komt vooral met strenge vorst naar Nederland en de Kleine zwaan is een wintergast uit Siberi die regel-matig met enkele families de visplas als slaapkamer gebruikt.

    Eenden zijn nachtdieren, die de visplas overdag als slaapka-mer gebruiken. Tegen de avond gaan ze in de veenkolonin foerageren. Ze keren in de ochtend zo vroeg terug dat menig wandelaar denkt dat die eenden daar dag en nacht zitten. De meest voorkomende eenden op de visplas zijn in volgorde van talrijkheid: Wilde eend, Smient, Krakeend, Wintertaling, Kuifeend en Tafeleend. In de winter vormen de eenden paartjes voor een kortston-dig huwelijk. Wanneer men elk seizoen een ommetje maakt ontdekt men veel over het gedrag van dieren. Ter illustratie de Wilde eend. Wie kwaakt er eigenlijk bij de Wilde eend? Kunnen alleen vrouwen daar wat van? Mannen kunnen niet kwaken. Wanneer worden de eerste jonge eendjes gezien? Ma eend draait alleen voor de opvoeding op. In de zomer-maanden lijken alle manlijke eenden van de aardbodem ver-dwenen te zijn. Waar zijn die mannen dan? Eenden verliezen net zoals ook ganzen en zwanen tijdens de rui in de zomer in een keer hun slagpennen uit de vleugels en kunnen daarom een maand niet vliegen. Ze zijn dan erg kwetsbaar. Voor de manlijke eenden is hun fraai opvallende verenpak in die periode niet handig. Ze krijgen daarom tijdelijk net zon bruin verenpak als de vrouwtjes.

    BijenVanuit de bosjes zingen de vogels in de lente hun hoogste lied. Ook al kent men al die vogelgeluiden niet, het is al leuk aan je mede-wandelaars te vertellen dat het uitsluitend man-netjes zijn die zich laten horen. Vrouwtjes zingen niet. Hoe meer afwisseling in het bos hoe meer verschillende vogel-soorten. Elke vogelsoort zingt niet alleen zoals die gebekt is, hij eet ook zo als die gebekt is. De Merel eet het liefst wormen. Huisjesslakken zijn voor de Zanglijster. Rupsen

    Wilde eenden

    Grijze zandbij

    6

    Foto

    s: G

    eert

    de

    Vrie

    s

  • worden door de mezen van de bladeren gehaald. De Bonte vliegenvanger plukt het liefst vliegjes uit de lucht. Zo leven wel 15 verschillende soorten vogels in deze jonge bosjes naast elkaar zonder last van elkaar te hebben. Een Sperwer plukt daar op zijn beurt weer de vruchten van. In het vroege voorjaar is een bezoek aan de zandverstuiving een verrassing. Niet alleen vanwege het fraai roodgekleurde haarmos, maar vooral door de aanwezigheid van honderden, zo niet duizenden Grijze zandbijen. Neem op een warme lentedag eens de tijd om bij die honderden zandhoopjes te gaan zitten. Bij elk zandhoopje zit een gangetje. Vrouwtjes maken in het voorjaar holletjes. Dan gaan ze naar bloeiende wilgen waar ze nectar en stuifmeel verzamelen. Dit energie-rijke voedsel wordt in een holletje gestopt. Het vrouwtje legt daar een eitje in. Deurtje dicht en op naar de volgende klus. Volgend voorjaar kruipt uit elk holletje een jonge zandbij, precies op het moment dat de wilg het meeste voedsel in de aanbieding heeft.

    KikkerconcertVooral in het voorjaar is de waterkant spannend. Voor de kinderen is het halen van een kletspoot een topbelevenis. Langs de oevers van de wijken en de visplas zijn in april regelmatig parende padden te zien. De padden hebben de winter slapend in de bosjes doorgebracht en gaan slechts enkele dagen naar het water om zich voort te planten. Het vrouwtje zet het dril niet in eiklompen af, zoals de Bruine kikker, maar legt haar eitjes in snoeren tussen de waterplan-ten. Tijdens de ei-afzetting worden de eitjes door het man-netje bevrucht. Na de paring verlaten ze het water en schar-

    relen de rest van het jaar in het bos hun kostje bij elkaar. Vissen weten dat de paddenvisjes giftig zijn en laten die daarom met rust. Vanaf eind mei kwaakt de Groene kikker (bastaardkikker). Kwakende kikkers zijn hier altijd Groene kikkers. Padden en Bruine kikkers maken alleen maar zachte knorrende geluiden. Een kwakende kikker is overigens altijd een mannetje want vrouwtjes kwaken niet. Groene kikkers leven altijd in de buurt van water.

    VerrassingenIn mei en juni komen de eerste libellen tevoorschijn. Elke libel heeft zijn jeugd in het water doorgebracht. Jonge libel-len zijn vaal van kleur en verlaten meestal de waterkant en jagen langs bosranden en in tuinen. Na ongeveer 14 dagen zijn ze geslachtsrijp en keren in bruiloftskleed terug naar de waterkant om te paren. In Exlorkijl zijn de volgende libellen algemeen: Vuurjuffer, Lantaarntje, Viervlek, Grote roodoogjuffer, Paardenbijter en de Grote keizerlibel. Ook komt hier een voor Drenthe zeldzame glazenmaker voor: de Glassnijder. In de zomer is de natuur overweldigend. Op de graslandjes bloeit dan massaal het Jacobskruiskruid. Voor het vee giftig, maar voor de rupsen van de Sint Jakobsvlinder een ware lek-kernij. De bloemen zitten vol nectar en zijn geliefd bij vele vlindersoorten. In Exlorkijl komt het Oranje zandoogje veel voor. Dit is een karakteristieke Drentse dagvlinder, die hier veel meer voorkomt dan in de meeste andere provincies. Helemaal verassend is de aanwezigheid van de Argusvlinder. Geen vlindersoort is in Nederland in zon korte tijd zo snel verdwenen als de Argusvlinder. Exlorkijl is een van de wei-nige plekken in Drenthe waar hij nog voorkomt. Ook zie je hier nog veel Bruine vuurvlinders die op de Rode lijst staat

    Oranje zandoogje

    < Bastaardkikker

  • Foto

    s: G

    eert

    de

    Vrie

    s

    en overal heel hard achteruit gaat, maar gelukkig (nog) niet in Exlorkijl. De rups leeft van Veldzuring en Schapenzuring. Een bezoek aan de rijk bloeiende braamstruwelen mag niet ontbreken. Dit zijn ideale nectar-kroegen voor vele insecten zoals hommels. Elke hommelsoort heeft zijn eigen streepjescode. De Aardhommel is het meest algemeen, maar ook de fraai gekleurde Weidehommel en de warmbruine Akkerhommel zijn hier te bewonderen.

    PlantenDe verscheidenheid aan planten is groot. Tijdens een wan-deling zijn grote moerasplanten niet te missen die langs de waterkant groeien, zoals de Grote lisdodde en Gele lis. De zaadjes van de Gele lis hebben zwembandjes, zodat de zaadjes bij de moederplant wegdrijven. Na enige dagen ver-dwijnt de lucht uit de zaadjes en zakken die naar de bodem. Volgend jaar groeit daar dan een nieuwe Gele lis. Stijve ogentroost is een heel kleine plant. In Nederland is het niet zon algemene plant. In Exlorkijl groeit hij bij duizenden.Heel bijzonder is het voorkomen van maar liefst twee soor-ten wolfsklauwen. Dit zijn nog miniatuurafstammelingen van de reusachtige wolfsklauwen uit de tijd van de dinosaurus-sen. De Moeraswolfsklauw is hier nog talrijk. Spectaculair is de aanwezigheid van de Grote wolfsklauw. Nog maar pas geleden werden in het gebied enkele groeiplaatsen van deze zeer zeldzame plant ontdekt.In een ven groeit massaal Waterveenmos. Afgezien van de hoogveennatuurreservaten is dit een van de weinige plekken

    in de veenkolonin waar hij nog voorkomt. Al die miljoenen turven die hier gestoken zijn, zijn opgebouwd uit veenmos-sen.Veenmos heeft het eeuwige leven: van boven groeit het door en van onderen sterft het af. Veenmos kan alleen maar leven in regenwater.

    DraagvlakHet natuurreservaat Exlorkijl grenst aan Tweede Exlor-mond. Onder meer daarom heeft Het Drentse Landschap in samenwerking met de Dorpsbelangenvereniging een wandelroute met informatieborden gemaakt en zitbankjes geplaatst. In de toekomst zullen steeds vaker maatschappe-lijke organisaties medegebruikers worden van natuurgebie-den. Denk bijvoorbeeld maar aan de zorgverzekeraars die zich inspannen om meer mensen in beweging te houden met allerlei wandel- en andere sportactiviteiten. Het Drentse Landschap is in dit soort situaties op zoek naar win-win: hoe meer mensen van de natuur gaan houden, hoe meer ze hun best gaan doen om die natuur te behouden. Het natuurge-bied Exlorkijl leent zich in ieder geval er zeker voor om van te houden

    V.l.n.r.Stijve ogentroostVuurjuffer

    *G.W. de Vries is projectleider bij het IVN Consulentschap Drenthe en lid van de Wetenschappelijke Adviescommissie van Het Drentse Landschap.

    In kwartaalblad 53, maart 2007, is een wandelroute Exlorkijl opgenomen (nr. 32). U kunt de route ook gratis downloaden op www.drentslandschap.nl/eropuit/wandelroutes.

    8

    Foto

    s: G

    eert

    de

    Vrie

    s

  • Activiteiten eruit gelichtKijk voor meer activiteiten in de agenda april t/m september 2012 of op www.drentslandschap.nl

    Foto

    : Joh

    an V

    osFo

    to: H

    an v

    an H

    agen

    Foto

    : Eric

    Wan

    ders

    Foto

    : Han

    na S

    chip

    per

    Tijdens deze interessante wandeling vertellen deskundigen van de Werkgroep Boerenerven Drenthe over de geschiedenis en het gebruik van de erven rond de boerderijen, aan de hand van de voorbeelden die in Grolloo te zien zijn.Startpunt: Caf restaurant Hofsteenge, Hoofdstraat 11, 9444 PA Grolloo.

    In het voorjaar roepen vogels uit volle borst. Ze zingen met overtuiging: Hier woon ik. Iedere vogelsoort op zijn eigen manier. Maar hoe zien die mooie zangers eruit? Kinderen gaan zelf op zoek. Ze beginnen hun speurtocht bij het schathuis van landgoed Lemferdinge. Toegang is gratis. Opgave is noodzakelijk en kan via [email protected] of 0592-313552.Locatie: Huize Lemferdinge, Lemferdingelaan 2, 9765 AR Paterswolde.

    Het beeldenpark De Havixhorst is uniek in Nederland. Hier is een prachtig overzicht te bewonderen van de beeldhouwkunst van de 20ste eeuw. Deze zondagmiddag zal Han van Hagen een boeiende en enthousiasmerende lezing geven over de geschiedenis van de beeldhouwkunst en het beeldenpark. Tijdens de rondleiding door de tuin wordt door beeldhouwer Bert Denneman uitleg gegeven over het maken van een bronzen beeld. Het belooft een kunstzinnig en informatief samenzijn te worden. Na afloop kan er samen met de deskundigen onder het genot van een high tea worden nagepraat.Kosten: 49,50 p.p. (incl. lezing, demonstratie, rondleiding en high tea). Aanmelden is noodzakelijk en kan via [email protected] of 0592-313552.

    Voor het eerst sinds 2009 vinden dit jaar weer de traditionele Lammetjesdag plaatst. Niet zoals u gewend bent in de kooien zelf, maar buiten in het veld kunt u samen met u (klein)kinderen de vele tientallen lammetjes bewonderen die zijn geboren. Voor kinderen zijn er verder allerlei doe-activiteiten die met schapen te maken hebben. De route naar de Schaapskooi Hijkerveld wordt vanaf het dorp Hijken aan gegeven met bordjes. De Schaapskooi Huenderhoeve bevindt zich aan de Huenderweg 1 in Doldersum.

    Zo 15 april 13.30-17.00 uur

    Beeldenpark arrangement met

    high tea

    Zondag 25 maart11.00 - 16.00 uur

    Bezoek de Lammetjesdag!

    Zo 22 april 11.00 uur

    Boerenerven rond Grolloo

    Zo 20 mei 10.00 uur

    Vogels en hun geluid

    9Activiteiten

  • Open Dagen

    De vervenerswoning in Valtermond is op zondag 1 april en zaterdag 12 mei te bezichtigen tussen 13.00 16.00 uur. Bezoekers kunnen dan met eigen ogen het gerestaureerde voorhuis bekijken. Hier bevindt zich een klein museum met een kruidenierswinkeltje. Een enthousiaste vrijwilligers-groep die het museum en de winkel beheren zullen de bezoekers welkom heten.

    Locatie: Zuiderdiep 22, 7876 AA Valtermond.

    Vervenershuis Valthermond E r i c v a n d e r B i l t *

    De eerste turf werd al in 1853 in Valthermond gestoken. Het Vervenershuis, Zuiderdiep 22, dateert uit de laatste periode van de vervening en werd in 2005 als laatste pand in Drenthe als rijksmonument aangewe-zen. De woning werd in 1916 door de veenbaas Freerk Kamst gebouwd en werd mede gebruikt als kantoor-tje voor de uitbetaling van de lonen aan de veenarbeiders. Zijn vrouw Henderika Beekman dreef er een win-keltje met stille knip (illegaal kroegje). Met name het voorhuis met winkel en kantoor bleek in 2005 nog goeddeels in originele staat. Het vervenershuis is n van de weinige panden die bij de enorme veenbrand in 1917 gespaard bleef omdat het door de veenarbeiders nat gehouden werd. In de redengevende beschrijving van dit rijksmonument wordt als karakte-ristiek van het vervenershuis het vol-gende aangegeven.Het vervenershuis met aangebouwd achterhuis uit 1929 vertegenwoordigt volgens het Rijk het algemeen belang om een vijftal redenen. De ouder-dom, de betrekkelijk gave uitwendige en geheel gave inwendige staat en de belangwekkende interieurelementen uit de bouwtijd waaronder dat van

    winkel, kantoor en woonkamer.Verder spelen het sociaal-historisch en typologisch belang als voorbeeld van de verveningsgeschiedenis in ons land met tenslotte de belevings- en ervaringswaarden. Ter plaatse veroor-zaakt door de zich wijds uitstrekkende veengronden aan de overzijde van het Zuiderdiep.

    De aankoopHet huis werd recent nog door een kleinzoon van de vervener, Freerk Hollander (1927), bewoond. Naast de voordeur bevond zich het naam-plaatje van zijn vader P. Hollander, vervener, zoals dat nu na de restauratie nog steeds te zien valt. Ten tijde van de onderhandelingen over de aan-koop was de geestelijke gezondheid van Freerk van dien aard dat met zijn bewindvoerster mevr. Van der Schans-Berga werd gesproken. De aankoop ten bedrage van 150.000,-- vond op 13-11-2006 plaats met goedkeuring van de rechtbank. Dit in verband met de wilsonbekwaamheid van Freerk, die er tot juli 2009 zou blijven wonen. Na een kort verblijf in een verpleeghuis is hij overleden in 2011. Het pand verkeerde in verwaarloosde staat, evenals de met bos overwoekerde

    Reeds in 2005 werd Het Drentse Landschap door een aantal partijen benaderd om mee te helpen het

    voor Valthermond zo beeldbepalende rijksmonument aan het Zuiderdiep voor de gemeenschap te

    behouden. Het betrof een oorspronkelijk en nog nauwelijks veranderd vervenershuis uit 1916.

    De in 2003 opgerichte Stichting Cultuurhistorische Waarden in de Drentse Veenkolonin wilde in het

    pand een klein streekmuseum inrichten. Dit initiatief werd door de Gemeente Borger-Odoorn en de

    Provincie Drenthe in het kader van een Leader+ project van harte gesteund. De middelen om het pand

    te verwerven ontbraken echter.

    Foto

    : Arc

    hief

    HD

    L

    10 Cultuurhistorie

  • Foto

    s: S

    onja

    van

    der

    Mee

    r

    tuin. In overleg met de bewindvoer-ster kreeg Het Drentse Landschap ook de beschikking over de inboedel van Freerk die na een zorgvuldige selectie later weer is overgedragen aan de Stichting Cultuurhistorische Waarden in de Drentse Veenkolonin. Momenteel maken zijn spulletjes deel uit van de expositie in het voorhuis.Het restauratieplan betrof een zeer ingrijpend plan gericht op volledige restauratie van het casco en het interi-eur van het voorhuis. Het achterhuis en de eerste verdieping zou tot een moderne gezinswoning worden omge-toverd. De financiering bleek best moeilijk rond te krijgen. Uiteindelijk lukte het met omvangrijke steun van het Rijk (Ministerie OCW, Rijksdienst Cultureel Erfgoed), de Provincie Drenthe en de Nationale Postcode Loterij.

    De restauratieHet vervenershuis is geen klein pand. Het vloeroppervlak bedraagt 375 m2 en de inhoud bijna 950 m3. Onder begeleiding van Architecten Meppel en de mensen van Het Drentse Landschap heeft de aannemer Hofstra-Hulshof b.v. uit Nieuw-Buinen echt een mooi staaltje werk afgeleverd. In het voorjaar

    van 2011 werd het pand opgeleverd. Inmiddels is het voorhuis als streekmu-seum verhuurd en de woning aan een gezin. Het werk vormde een restauratie opleidingsproject (ROP) waarbij de aannemer via het leerbedrijf Fundeon jonge bouwvakkers schoolde in het restauratiewerk.Het gebouw is aan de buitenkant hele-maal teruggerestaureerd naar hoe het vroeger was. Met platte friese pannen, blauw gesmoord, als dakbedekking. Alle kozijnen en ramen werden ver-nieuwd en het voegwerk werd nage-lopen. Het bordes en de voordeur met bossingspanelen met boven een sleutel-rooster, werden volledig vernieuwd.Binnen werd de lambrizering hersteld. Waar houtimitatie aanwezig was werd het gerestaureerd. Toonbank, stelling-kasten en houten vloeren in het win-keltje werden bijgewerkt en na uitvoe-rig kleuronderzoek door Helmer Hut in de oorspronkelijke kleuren uit 1916 bijgeschilderd. Ook de plafondschil-deringen werden bijgewerkt en het oude kantoor werd van nieuw behang voorzien. Na inrichting lijkt het wel of de tijd in het voorhuis heeft stilge-staan. Maar ook de woning is prachtig geworden. Grote woonkeuken, 3 slaap-kamers, twee badkamers en berging.

    Samen sterkDe herbestemming van het verve-nershuis is een schoolvoorbeeld van gebiedsgericht werken. Het idee begon bij een kleine lokale stichting waarna met hulp van verschillende part-ners een uniek stukje cultuurhistorie werd gerestaureerd. Inmiddels is het streekmuseum er gekomen en kan de Stichting Cultuurhistorische Waarden in de Drentse Veenkolonin vanuit haar thuisbasis aan het Zuiderdiep haar activiteiten ontplooien. Op het vlak van erfgoedbehoud, recreatie en het bevorderen van sociale cohesie was dit project zeer succesvol. Dat alles binnen een economisch duurzame context die Het Drentse Landschap voor de toe-komst garandeert. Dank aan allen die dit project tot een succes maakten.

    * Drs. E.W.G. van der Bilt is directeur/bestuurder van Het Drentse Landschap.

    11Cultuurhistorie

  • Foto

    : ???

    ????

    ????

    ????

    ?

    SpeenkruidJ o a n D . D . H o f m a n *

    Het wordt weer lente! En dat betekent dat allerlei planten die ondergronds overwinterd hebben, weer

    boven de grond komen en zorgen voor een kleurrijke start van het nieuwe groeiseizoen. Op sommige

    plaatsen zo massaal dat ze hele tapijten vormen: bijvoorbeeld witte van de Bosanemoon of heldergele

    van het Speenkruid.

    Foto

    : Arc

    hief

    HD

    L

    12 Flora

  • Foto

    : ???

    ????

    ????

    ????

    ?

    In loofbossen hebben voorjaarsbloeiers weinig tijd. Zodra het voorjaarszon-netje de bodem een beetje opwarmt, komen ze boven de grond. Dan moe-ten ze groeien, bloeien en zaad vormen en ervoor zorgen dat de wortelstokken, knollen of bollen weer worden gevuld voor het volgende jaar. Dat moet voordat in mei het blad aan de bomen zit en er te weinig licht op de bodem komt om dit te kunnen doen.Speenkruid slaat zijn voedselvoorraad voor het volgende jaar op in knotsvor-mige knolletjes. Sommigen menen dat deze zozeer op spenen lijken, dat de plant hierdoor zijn naam heeft gekre-gen. De knolletjes kennen echter ook andere oude volksnamen. Destijds in de vijftiger jaren noemde mijn leraar biologie op een christelijke (!) HBS ze hanenkloten. Op internetsites zag ik dat er in andere volksnamen meer gelijkenis werd gezien in dezelfde organen van mol of kat c.q. kater.

    RanunculusAls je de heldergele sterretjes van Speenkruid ziet, doen ze je aan boter-bloemen denken. Ze zijn zozeer verwant aan boterbloemen dat ze in hetzelfde geslacht Ranunculus zijn ondergebracht. Dat is ook wel anders geweest. Ooit vormde Speenkruid een eigen geslacht: Ficaria. Bij het onder-brengen bij de echte boterbloemen is deze naam als soorttoevoegsel behou-den. Speenkruid heet nu Ranunculus ficaria. Het probleem bij de inde-ling en dus de naamgeving was dat Speenkruid op een aantal punten anders is dan de echte boterbloemen. Wat de kleur van de kroonblaadjes betreft, het heldere, vettige geel, zie je geen verschil. Het aantal en de vorm van de kroonblaadjes is echter duidelijk anders. Speenkruid heeft een stuk of twaalf smalle, puntige kroonblaadjes, terwijl de boterbloemen er vijf min of meer ronde hebben. Verder heeft

    Speenkruid bijvoorbeeld min of meer ronde, donkergroene, glanzende blaad-jes die bij de echte boterbloemen heel anders zijn. En zo zijn er nog een paar verschillen die Speenkruid binnen de boterbloemengroep tot een apart geval maken.

    OkselknolletjesSpeenkruid bloeit van maart tot in mei. Daarna vergelen en verdwijnen de bovengrondse delen vrij snel. Een opvallend verschijnsel is dat de bloe-men worden gesloten als het donker wordt en als het regent. Bijzonder is, dat Speenkruid nauwelijks of geen vruchtjes/zaden produceert. Voor de voortplanting heeft deze soort een ongeslachtelijk systeem ontwikkeld. Na de bloeit ontstaan er in de oksels van de onderste bladeren kleine ronde knolletjes. Als deze op de bodem belanden, fungeren ze als stekken: op geschikte plekken zetten ze zich met worteltjes vast en kan zich een nieuwe plant ontwikkelen. Ook op dit punt onderscheidt Speenkruid zich van boterbloemen. Overigens verspreidt de soort zich ook gemakkelijk met de ondergrondse knolletjes, die bij gerommel in de bodem kunnen wor-den verspreid. Dat merk je wel als je Speenkruid in de tuin hebt en ze plot-seling op nieuwe plekken opduiken.

    Vochtige standplaatsSpeenkruid is niet tot bossen beperkt. Ook op andere vochtige plaatsen kun je hem aantreffen, zoals vochtige gras-landen en slootkanten. Hoewel hier de beschaduwing geen rol speelt, verto-nen de planten die hier groeien toch hetzelfde ritme als de bosbewoners. Temeer omdat hij wat het bodemtype betreft niet kieskeurig is, is Speenkruid in ons land een zeer algemene soort op vochtige, voedselrijke standplaatsen. Op het voedselarme droge zand dat een groot deel van Drenthe vormt en waar

    de naaldbossen zijn aangeplant, zul je hem dan ook niet op grote schaal aan-treffen. Ook in de veenkolonin vind je hem nauwelijks.

    *Drs. J.D.D. Hofman is redacteur van Het Drentse Landschap.

    Foto

    : Arc

    hief

    HD

    L

    13Flora

  • De Hunze ontpopt zich als natuurlijke beek met allure. De rivier verandert in snel tempo. Van een kaarsrechte gekanaliseerde beek - waar met een natuurbril op kraak nog smaak aan zat transformeert de Hunze in een slin-gerend natuurgebied van bijna twaalf-duizend hectare. Een immens stuk natte natuur met moerassen en natuur-lijke oevers, waar waterplanten terug-

    keren en moerasvogels, Bevers en zelfs Otters zich weer thuis voelen. Over deze transformatie gaat het boek De IJsvogels van de Hunze. Het omvangrijke boekwerk bevat honderden aquarellen, schilderijen, etsen en tekeningen van kunstenaar Erik van Ommen. Treffend weet hij de vogels, bevers en vissen die leven in het Hunzedal weer te geven. Addo van der Eijk sprak voor het boek

    meer dan twintig mensen die langs de oevers van de Hunze vogels kijken, natuur beschermen, vissen vangen of zich net als Erik van Ommen als kunstenaar laten inspireren door de natuur. De rode draad door alle verha-len vormt de liefde voor de vogels, de natuur en het landschap. De gebieden langs de Hunze waren begin dit jaar volop in het nieuws. Zo was de Westerbroekstermadepolder n van de waterbergingsgebieden, waar in totaal vier miljoen kuub Hunzewater tijdelijk in is opgeslagen. De nieuwe natte natuur bewees de steden en dorpen, waar het water aan de lippen stond, een enorme dienst. Dankzij de natte natuur was het gevecht tegen het water voorlopig gewonnen. In de ondergelopen gebieden was het daarna een drukte van belang. Zon tiendui-zend eenden, waaronder Slobeenden, Wintertalingen en Pijlstaarten, streken er neer. De wateroverlast maakte weer eens duidelijk hoe belangrijk een dynamische natuur is.

    Een passage uit het boek:Eerst kronkelend, toen recht en later weer krom. Zo luidt in n zin de recente geschiedenis van de Drentse Hunzeloop. Jacob Glas maakte het

    De IJsvogels van de HunzeEind april verschijnt De IJsvogels van de Hunze, een prachtig en rijk gellustreerd boek waar ook Het Drentse Landschap aan heeft meegewerkt. Het boek brengt een ode aan de Hunze, een relatief onderbelicht, maar zeer aantrekkelijk stroomdal, waar de natuur in volle glorie terugkeert. Beeldend kunstenaar Erik van Ommen en schrijver Addo van der Eijk volgen in het boek de rivier van bron tot monding, een afstand van vijfentachtig kilometer. Onderweg komen ze onder meer langs de nieuwe Drentse natuurgebieden. En treffen ze talloze IJsvogels, d ambassadeur van de kronkelende beek.

    E

    rik v

    an O

    mm

    en

    14 Boekbespreking

  • mee, vlakbij zijn huis in Spijkerboor, een dorp van zon vierhonderd zielen dat aan de oever van de Hunze ligt. Als jong jochie streek hij er in de jaren vijftig neer, als jongste telg van een molenaarsfamilie. Van de inmiddels afgebroken korenmolen staat een klei-ne replica in zijn tuin. Aan het einde van de jaren vijftig zag Glas met eigen ogen hoe de Hunze op de schop ging. De beek werd gekanaliseerd, uitgebag-gerd en verbreed. De kranen, de bag-germachines: Glas ziet ze nog zo voor zich. Ook de oude houten brug, die destijds verdween, kan hij zich heugen. Aan de zijkant van de nieuwe brug, die nog steeds over de Hunze ligt, lezen we de bouwdatum: 1959. Dertig jaar later, rond de eeuwwisse-ling, zag Glas weer kranen, machines en bulldozers bij de Hunze. Nu om het werk van destijds ongedaan te maken. De Hunze moest weer kronkelen. Binnen een paar decennia verander-den de ideen over de loop van de rivier ingrijpend. In plaats van rechter en breder moest de rivier juist gril-liger en natuurlijker worden. Menig dorpsbewoner zag het gebeuren en stond er hoofdschuddend bij. Glas niet. Hij lacht als hij vertelt: Ik dacht toen: als ik mijn huis wil verkopen,

    wat nu het geval is, dan staat het mooi bij een natuurgebied. En brengt het hopelijk meer op. Het nieuwe natuur-gebied, dat Glas zag ontstaan, heet het Annermoeras. Hij is er vroeg in de ochtend geregeld te vinden. Dan werpt hij zijn hengel uit, en tuurt hij naar de dobber, die in het ochtendgloren nauwelijks zichtbaar is. Af en toe schiet er dan een blauwe flits voorbij: een IJsvogel. Echt prachtig. Laatst ging een IJsvogel zelfs op mijn hengel zit-ten, zegt Glas. In zijn jeugd zag hij de IJsvogels nooit. Nu wel. Op de vraag sinds wanneer, denkt Glas even na. Sinds het natuurgebied Annermoeras er ligt, zegt hij dan, sinds de Hunze weer kronkelt.Erik van Ommen houdt over het pro-ject een weblog bij, surf daarvoor naar www.erik-van-ommen.nl. In het kader van het boek worden komend jaar tal-loze lezingen, workshops en excursies georganiseerd. Informatie over de acti-viteiten vindt u op de website www.ijsvogelsvandehunze.nl. Hieronder heb-ben we er een aantal uitgelicht.

    Het project IJsvogels van de Hunze is mede mogelijk dank-zij bijdragen van Het Groninger Landschap, Het Drentse Landschap, het JM fonds, De Gemeente Groningen en Vogelbescherming Nederland.

    Het boek De IJsvogels van de Hunze, een uitgave van de KNNV-uitgeverij, is vanaf eind april verkrijgbaar in de boekhandel. Beschermers van Het Drentse Landschap kunnen het boek met 5,00 korting bestellen. U betaalt geen 29,95 maar 24,95 (exclusief verzendkosten). Kijk voor meer informatie op www.drentslandschap.nl/webwinkel. Vermeld bij uw bestelling de actiecode ijsvogel2012. De aanbieding is geldig t/m 15 juni. Voor meer boeken van Erik van Ommen kijk op www.knnvuitgeverij.nl

    Lezersaanbieding

    22 april - 16 juniAlle aquarellen, schilderijen en etsen uit het boek zijn tijdens twee tentoonstellingen te bewonderen in:

    Atelier Brink 2Atelier Brink 2 - Brink 2 - 9481 BE Vries.zaterdag en zondag van 13.00 - 17.00 uurMeer info op www.atelierbrink2.nl

    Galerie LemferdingeLandgoed Lemferdinge - Lemferdingelaan 2 - 9765 AR PaterswoldeZaterdag en zondag van 12.00 - 17.00 uurDe galerie van Lemferdinge kan gesloten zijn vanwege andere activiteiten. Raadpleeg daarom voor een bezoek eerst de website www.cultureleraadeelde.nl

    Excursie IJsvogels en Bevers bij het Zuidlaardermeer

    Zo 13 mei 10.00 uur Met deskundige gidsen gaat u langs de zuid- en oostoevers van het Zuidlaardermeer. Onderweg wordt veel aandacht geschonken aan de aanwezige Bevers n de IJsvogels die hier binnenkort veel meer voor zullen komen dan nu het geval is. Ook wordt er stil gestaan bij het nieuwe natuurgebied bij Wolfsbarge dat bij Het Groninger Landschap in ontwik-keling is.Startlocatie: Dorpshuis Klein Kruierij, De Kruierij 2 in De Groeve.

    Tentoonstellingen IJsvogels van de Hunze

    15Boekbespreking

  • Foto

    : ???

    ????

    ????

    ????

    ?

    Bijen houden geen winterslaap. Ze zit-ten s winters in een bijenkast dicht bij elkaar en snoepen af en toe wat stuif-meel en honing. Zodra de Krokussen bloeien komen de eerste Honingbijen tevoorschijn. Bijen verzamelen drie belangrijke producten: nectar, stuifmeel en water. Nectar bestaat voor een groot deel uit water. In de kast zorgen de bijen ervoor dat 80 % van het water uit de nectar verdwijnt. Na enige

    HoningbijG e e r t d e V r i e s *

    In West-Europa komt maar n soort honingbij voor. Wel leven in

    ons land maar liefst zon 350 soorten wilde bijen, zoals hommels en

    graafbijen. In tegenstelling tot een bijenvolk gaat een hommelvolk

    al voor de winter dood. Alleen de hommelkoninginnen overwinte-

    ren. Elke hommel die je in het vroege voorjaar ziet vliegen is dan ook

    een koningin.

    bewerking ontstaat honing. Honing is behalve voedsel ook brandstof voor bijen. Zonder honing staat een bij-envolk stil. De imker oogst jaarlijks gemiddeld 20 kilo honing per kast en geeft daar suikerwater voor terug. Stuifmeel is eveneens belangrijk voed-sel. Zonder stuifmeel wordt geen bij groot. De hoeveelheid nectar die ze in hun honingmaag vervoeren is de helft van hun eigen lichaamsgewicht. Geen

    wonder dat de meeste honingbijen alleen nectar of stuifmeel vervoeren. Water is van levensbelang. Niet alleen om hun dorst te lessen, maar ook om als een soort airco voor verkoeling in de kast te zorgen. Zodra de tempera-tuur in de kast hoger dan 35 graden wordt, brengen de bijen extra water naar de kast. Door met hun vleugels te wapperen wordt de waterdamp door de kast verspreid en daalt de tempera-tuur tot de gewenste warmte.

    BijenvolkEen bijenvolk bestaat niet alleen uit sociaal levende wezens, het is in feite een sociaal levend organisme met een sublieme taakverdeling. De koningin staat in dienst van het volk en met allerlei geuren communiceert zij met haar volk. s Zomers legt ze zon 2000 eitjes per dag en bestaat het volk uit zon 50.000 werksters. Deze werk-sters werken de eerste 3 weken thuis. Zodra ze uit hun pop zijn gekropen worden ze poetsvrouw. Aan hun voor-poten zitten lange haren die uitste-kend als poetsdoek fungeren. Na deze periode krijgen ze nog allerlei taken zoals de larven voeren, stuifmeel en nectar in de cellen stoppen en nieuwe honingcellen bouwen. Tot slot worden ze nog drie weken ingezet voor de buitendienst om nectar, stuifmeel en water te halen.

    VerhuizingIn de voorzomer groeit het volk zo hard dat er overbevolking dreigt. De oude koningin neemt een deel van haar werksters mee en zoekt een nieuw onderkomen. Elk jaar brengen

    Foto

    s: G

    eert

    de

    Vrie

    s

    16 Fauna

  • Honingbij

    de media dit zwermen als iets bijzon-ders. Toch is dit voor honingbijen de enige manier om zich als volk te ver-menigvuldigen. Imkers nemen maat-regelen om te voorkomen dat een volk gaat zwermen. Zodra de werksters merken dat de oude koningin weg wil, bouwen ze moerdoppen waarin zich supersnel enkele prinsesjes kunnen ontwik-kelen. Slechts een van deze aspirant koninginnen wordt de nieuwe konin-gin van het achtergebleven volk. Ondertussen zijn er ook enkele hon-derden darren tevoorschijn gekomen. Deze mannen hangen in de omgeving van de bijenkasten rond, op zoek naar uitvliegende maagdelijke koningin-nen. Zodra die mannen een konin-gin in het vizier krijgen, neemt hun liefdesleven een hoge vlucht. Vijf tot

    tien dieren mogen hoog in de lucht met haar paren. De bekroning van deze bevruchtingsdaad is echter geen koningschap, maar de dood. Na de paring vallen de darren namelijk dood uit de lucht De koningin heeft nu genoeg sperma om enkele jaren bevruchte eitjes te kunnen leggen.

    BloemvastBijen zijn bloemvast. Wanneer ze bijvoorbeeld een klaverweitje hebben gevonden, bezoeken ze die bloemen net zo lang tot de nectarbron is leeg-gezogen. Daarna gaan speurbijen op zoek naar nieuwe nectarbronnen. Als een speurbij bijvoorbeeld een linde-boom vol bloesem heeft gevonden, vertelt ze haar collegas in de bijen-kast het grote nieuws in geuren en met dansjes. Hoe meer ze met haar

    Zo 15 april 10.30 uurBijen op het Orvelterzand

    Tijdens deze excursie hoort u meer over het prachtig glooiende Orvelterzand en bijen in het bijzonder. Er is een demon-

    stratie en uitleg over de wondere wereld van deze nuttige insecten.

    Startlocatie: Picknickplaats. Vanaf de Orvelterbrug het Oranjekanaal volgen richting Schoonoord. Dan 1e weg links,

    na ca. 600 meter is de picknickplaats aan de linkerkant.

    Zo 17 en 24 juni vanaf 13.00 uur Op zoek naar zoemende honingbijen

    Een leuke gezinsactiviteit over de Honingbij. Kinderen krijgen uitleg over het leven van de bij. De dapperen bren-

    gen met imkermuts en rookpijp een bezoek aan enkele bijenkorven. Ook

    is er gelegenheid voor het maken van een waskaars of een metselbijen-hotel. We doen dit in samenwerking met de

    Gemeente Assen en de bijenvereniging. Aanmelden is noodzakelijk. Dit kan per

    mail: [email protected] Locatie: De Kroezenhof, Wethouder

    Bergerweg 26, 9406 XP Assen.

    Za 25 augustus 13.30-16.00 uurHoningbijen op het Doldersummerveld

    De bijenstand loopt de laatste jaren snel terug. Dit jaar wordt veel aandacht geschonken aan de mogelijke oorzaken. De bij is essentieel voor bestuiving van

    gewassen. U gaat onder deskundige leiding op zoek naar de Honingbijen in het Doldersummerveld. De heide kleurt paars en geurt naar honing. Naast de

    Honingbijen fladderen er ook tientallen bijzondere vlindersoorten rond.

    Startlocatie: informatiecentrum bij de schaapskooi, Huenderweg 1, 8386 XB

    Doldersum.

    Het Drentse Landschap organiseert deze zomer de volgende activiteiten

    die in het teken van bijen staan:

  • kontje draait en zwaait hoe groter de nectarbron is. Ook geeft ze aan de werksters door in welke richting ze de nectarbron moeten zoeken en hoeveel meter die van de kast is verwijderd. Deze communicatie vindt in de kast plaats!

    Het jaar van de bijHet jaar 2012 is uitgeroepen tot het jaar van de bij. Mondiaal gezien bestui-ven bijen minstens 80 procent van de landbouwproducenten. Zonder bijen geen peulvruchten, geen appels, geen aardbeien en ook geen tomaten. De economische betekenis van bijen voor bevruchting van landbouwgewassen is veel groter dan het geld wat met de

    verkoop van honing wordt verdiend. Het wordt geschat op zon 1,4 miljard euro.De verontruste achteruitgang van de Honingbij en de wilde bijenwordt veroorzaakt door een combinatie van factoren.Een belangrijke reden van de achteruitgang van de Honingbij is de komst van een buitenlandse parasiet: de Varroamijt.Deze mijt zuigt zijn voedingsstoffen uit zowel de larven als de volwassen Honingbijen, waar-door een bijenvolk verzwakt.Nog erger zijn de verschillende virussen die ondermeerdeze mijt verspreidt waar-doorvele volkensterven.Stuifmeel is een van de beste remedies om een verzwakt bijenvolk er weer boven op te helpen. Helaas neemt in het bui-tengebied de biodiversiteit nog steeds af, waardoor er op cruciale momenten niet genoeg stuifmeel te vinden is. Nieuwe pesticiden maken het alleen maar erger.De achtergang van bijen heeft dan ook grote gevolgen voor de voedselvoorziening op mondiaal niveau. Het is daarom goed dat ze dit jaar eens in het zonnetje worden gezet

    *G.W. de Vries is pro-jectleider bij het IVN Consulentschap Drenthe en lid van de Wetenschappelijke Adviescommissie van Het Drentse Landschap.

    Voor dit artikel is gebruik gemaakt van actuele informatie van Bert Willigenburg van de Nederlandse Vereniging van Bijenhouders.

    Lezersaanbieding

    De uitgever, Wbooks te Zwolle, stelt lezers van het Kwartaalblad van Het Drentse Landschap in de gelegenheid deze handige gids met korting aan te schaffen. In plaats van 12,95 betaalt u slechts 9,95. Maak 9,95 over op rekening 691813574 van uitgeverij WBOOKS te Zwolle. Vermeld daarbij uw adresgegevens en voer de actiecode 901-92852 in.U krijgt dan het boek gratis thuis-bezorgd. De actie is geldig van 1 april tot 1 juli 2012.

    Foto

    : Gee

    rt d

    e Vr

    ies

  • Nieuwe gids over hunebedden in Drenthe en Groningen

    De Hunebedden Beheergroep werkt aan een geheel vernieuwde ontsluiting vanNederlands oudste zichtbare monumenten. Deze graven uit de Nieuwe Steentijd zijn gebouwd tussen 3400 en 3100 v.Chr., door boeren van de Trechterbekercultuur. Er komen nieuwe, tweetalige informatiepanelen, een folder en een gids. En natuurlijk wordt er aandacht besteed aan de digitale ontsluiting van deze collectieve graven. Zo worden er onder meer korte filmpjes gemaakt die ter plaatse via QR-codes op te roe-pen zijn. Voor de huisstijl tekende vormgevingsbureau In Ontwerp uit Assen.Het eerste dat verschijnt, is de Gids voor de hunebedden in Drenthe en Groningen, geschreven door provinciaal archeoloog Wijnand van der Sanden. De gids geeft in beknopte vorm een compleet overzicht van alle nog bestaande hunebedden in de pro-vincies Drenthe en Groningen, 54 in totaal. De lezer vindt er alle mogelijke informatie over de hunebedden: waar ze liggen, hoe oud ze zijn en natuurlijk welke vondsten er gedaan zijn, maar ook over hun landschappelijke ligging, grootte, orintatie, restaura-ties en andere bijzonderheden. Bij veel van de hunebedden wordt een thema behan-deld, zoals de herkomst van de stenen, de ligging bij moerassige plekken of langs een weg, de wijze van dodenbijzetting, de zorg voor de hunebedden (onder meer in de Tweede Wereldoorlog), vandalisme, en nog veel meer. De gids wordt voorafge-gaan door een inleiding over de mensen die de hunebedden hebben gebouwd en de manier waarop hun nazaten er mee omgesprongen zijn. Ook alternatieve theorien komen aan de orde. Voor het boek zijn nieuwe fotos gemaakt door Hans Dekker. De gids is onmisbaar voor iedereen die de hunebedden wil bezoeken en de laatste stand van zaken wil weten. Het boek is genaaid en gebrocheerd, telt 96 paginas en is 19 bij 26 cm groot. Er worden 90 illustraties opgenomen, de meeste in kleur.

  • Met de postwagen over het Ballorveld

    Binnenkort wordt een wandeling over het Ballorveld een belevenis. Je wordt meegenomen in het verhaal van stu-

    dent Johan Antoon Willinge die de reis met de Coevorder postwagen in 1854 levensecht beschreef. Je volgt oude kar-

    rensporen waar deze postwagen echt gereden heeft! Een gids wijst je op elementen als grafheuvels in het landschap.

    Daarnaast komen de passagiers in de wagen aan het woord. Doordat je meegenomen wordt in een hoorspel dat tot de

    verbeelding spreekt, ervaar je het Ballorveld op een andere manier. En dat allemaal via je smartphone.

    J o k e W o l f f *

  • Het Drents Archief presenteert eind maart de website annodrenthe.nu en de mobiele app. Informatie over geschiedenis, cultuur, natuur en milieu wordt gekoppeld aan een plek op de digitale kaart en is op die manier op locatie in heel Drenthe toegan-kelijk. De basis voor annodrenthe.nu is de kaart van Drenthe: een heden-daagse kaart; de Topografische Kaart rond 1940; de Topografische Kaart rond 1900; de Topografisch Militaire Kaart (Veldminuten 1850 met latere aanvullingen); de Franse Kaarten en Hottinger Kaarten rond 1800 en de kaart van Drenthe uit 1638. Met een tijdsbalk is het mogelijk door deze tijd-lagen te navigeren. Op tal van plekken op de kaart is informatie uit de collectie van het Drents Archief te vinden: fotos, films en documenten die betrekking hebben op die locatie. De innovatieve toepas-sing kan niet alleen thuis achter de computer bekeken worden, maar ook met een smartphone overal in Drenthe.

    Wie een wandeling maakt, krijgt via de mobiele telefoon zijn positie op een van de kaarten in beeld. Zo is bijvoor-beeld meteen te zien of het bos waarin je loopt er rond 1850 ook al was. Of wandelend langs een diepje, is op de oude kaarten de vroegere loop van de stroom te zien, het gebruik van de hooilanden en vaak ook de veldnamen in het gebied. Je hebt als het ware de geschiedenis van het landschap in je binnenzak. En zittend op een terras in een Drents dorp, bekijk je een filmpje

    van het straatbeeld in de jaren 60. Het bereik van de mobiele telefoon moet natuurlijk wel voldoende zijn en het is raadzaam met een opgeladen batterij op pad te gaan.

    VerhalenroutesVanaf eind maart is een aantal bijzon-dere verhalenroutes van het Drents Archief, Natuur en Milieufederatie Drenthe en Stichting Het Drentse Landschap te volgen. Naast de eerder-genoemde postwagenroute leidt een ander verhaal je bijvoorbeeld langs de havezaten van Zuidwest Drenthe. Tijdens de route is telkens een deel van het verhaal te zien of te horen op de telefoon, al dan niet voorzien van archiefstukken.

    De app en de routes zijn gratis. Zelf informatie en routes toevoegen kan ook. Eind maart staat de website www.annodrenthe.nu online en is de app annodrenthe voor Iphones te down-loaden in de appstore. Voor Android telefoons komt de app later in de Market. Wie niet in het bezit is van een smartphone kan er vanaf zomer 2012 een huren in het vernieuwde Drents Archief in het centrum van Assen.

    Met de postwagen over het Ballorveld

    * J. Wolff is medewerker communicatie bij het Drents Archief

    Een achttiende-eeuwse reiziger maakte deze tekening van een grafheuvel met als onderschrift Fabeleuse woonplaats der soogenaamde witte wijve in Drent

    Foto

    : Hen

    k Re

    inde

    rs

    21Digitaal

  • B e r t u s B o i v i n / E r i c v a n d e r B i l t

    KampsheideVijftien jaar geleden hebben we onze eerste wandeling voor dit tijdschrift over Kampsheide gemaakt.

    Is er veel veranderd, vragen we ons af als we beginnen. Gelukkig niet, realiseren we ons achteraf.

    Natuurlijk, boerderij Kamps is inmiddels gerestaureerd, maar dat is al weer nt lang genoeg geleden

    om het gebouw eruit te laten zien alsof er niets gebeurd is. Verder lijkt alles op Kampsheide hetzelfde

    gebleven: de heideveldjes, de Jeneverbessen, de strubbenbosjes, de grafheuvels, het hunebed, de es,

    het ven Alles hetzelfde gebleven? Wij in ieder geval niet, wij zijn veranderd. Vijftien jaar ouder en we

    lopen met de telefoon in de hand het veld over.

    Drenthe in n uur tijdKampsheide is slechts 35 hectare groot en daarmee hoort het tot de kleinere terrei-nen van Stichting Het Drentse Landschap. Een bijzonder terrein is het zeker, al was het alleen maar door de afwisse-ling van heide, bos, beekdal en es. Op Kampsheide kun je in n uur tijd kennis-maken met het Drentse landschapEen andere bijzonderheid is dat het indertijd het eerste terrein van Het Drentse Landschap was. In 1948 kocht de

    stichting het voor een bedrag van bijna 14duizend gulden van de familie Von Baumhauer - Oldenhuis Gratama.

    Begraven op KampsheideDwalend langs de grillige eiken en myste-rieuze jeneverbesstruiken op Kampsheide moet u zich voorstellen dat op deze plek duizenden jaren lang mensen gewoond en gewerkt hebben. En zijn gestorvenTussen 3500v.Chr. en het begin van de jaartelling is het gebied nagenoeg onaf-

    Foto

    : Han

    s D

    ekke

    r

    Deze route over Kampsheide is de eerste wandeling van Het Drentse Landschap die je met je smartp-hone kunt lopen. Via de website annodrenthe.nu en de mobiele app annodrenthe is de wandeling gra-tis te downloaden op een iPhone of een Android-toestel. Het Drentse Landschap werkt bij deze routes nauw samen met het Drents Archief, de bedenker en ontwikkelaar van annodrenthe.nu. De app is eind maart beschikbaar.

    Als u de app onderweg gebruikt, ziet u precies waar u loopt en waar u naartoe moet. De routeaanwij-zingen verschijnen steeds ter plekke op het schermpje. Uiteraard krijgt u onderweg informatie over opvallende plekken. Soms zijn dat fotos van vroeger of fotos uit andere jaargetijden. U hoort verhalen over boerderij Kamps, de grafheuvels, het hunebed en de Ballooresch. Ook staan er filmpjes op, vogel-geluiden enzovoort.

    Samenstellers Roelof Huisman en Hans Colpa van Het Drentse Landschap hebben hun best gedaan om u onderweg op het veld van alles te laten zien en horen. Hans Colpa vertelt er bijvoorbeeld over: Elk jaar broedt er een paartje Dodaarzen bij het ven, een kleine futensoort. We laten bij die plek een filmpje van deze zeldzame vogelsoort zien. Zo kun je het hele jaar van dit unieke moment genieten.

    Ga voor meer informatie naar www.annodrenthe.nu.

    Wandel over Kampsheide met uw mobieltje als gids

    Tumulibos

    22 Wandelroute 47

  • Kampsheide

    gebroken als begraafplaats in gebruik geweest. Het begon met de trechterbe-kerboeren die het hunebed ten noorden van Kampsheide bouwden om er hun doden in bij te zetten (punt 9 in de route). Later, in de nieuwe steentijd en de bronstijd volgden de grafheuvels mid-den op Kampsheide (punt 7). Ongeveer 2000 v. Chr. bouwden de nabestaanden met heideplaggen en zand hoge heuvels voor hun overledenen om de urnen met asresten bij te zetten. Er zijn zon vijftig

    van deze grafheuvels op Kampsheide. Een aantal ervan wordt door de archeo-logen meerperiodenheuvels genoemd. Deze zijn niet n keer, maar een aantal malen als begraafplaats gebruikt en wer-den bij elke bijzetting een stukje hoger en breder.De dertig heuvels in het Tumulibosch (punt 2) zijn zogeheten brandheuvels uit de ijzertijd. Ze werden opgeworpen op de plaats waar de dode gecremeerd was. In 1856 kocht de Provincie Drenthe het Tumulibosch om de grafheuvels te redden toen eromheen op grote schaal ontgonnen werd. Het toen nog kale graf-heuvelveld heeft zich sindsdien tot een prachtig beukenbos ontwikkeld.

    Deurzerdiep en LoonerdiepVanaf de zandweg voorbij boerderij Kamps (punt 5) ziet u in de verte het kanaaltje dat sinds 1965 het Deurzerdiep naar het Noord-Willemskanaal afleidt. Op deze manier wist het waterschap een eind te maken aan de wateroverlast in de bovenloop van de Drentsche Aa richting Anreep, Ekehaar en Amen.Gevolg van deze ingreep was dat het Loonerdiep In de groenlanden ten wes-ten van Kampsheide weer helemaal van voren af aan moest beginnen. Toch kun je ook positief naar de ingreep kijken, want hij zorgde ervoor dat men besloot om niet de hele Drentsche Aa aan te pak-ken. Tussen Kampsheide en de grens met Groningen mocht de Drentsche Aa haar gang blijven gaan.Aan de linkerkant van het fietspad (vr punt 6) ligt een laaggelegen plek waar het water van het veld zich verzamelde. Zon plek heet een stroet. Het vormt het begin van een zijdalletje van het Loonerdiep.

    1 Uit onderzoek van de gebinten van boerderij Kamps (punt 4 in de route) weten we dat de boerderij in 1588 meteen al de vorm gekregen heeft die hij nog steeds heeft. Alleen de hooischuur annex schaapskooi erachter is van veel jongere leeftijd, hooguit anderhalve eeuw oud. Deze kampontginning tussen de marken Deurze en Balloo is nog veel ouder, want ze kwam al in de veertiende eeuw in de oorkonden voor als het domeingoed Houwinge. De boerderij is eigendom van Stichting Het Drentse Landschap en wordt particulier bewoond. Regelmatig worden er exposities en culturele activiteiten georganiseerd, zie www.boerderijkamps.nl.

    2 Toen eind negentiende eeuw de schaapskuddes de heide verlieten, kregen allerlei planten en bomen de kans om zich er te vestigen. De Jeneverbes (Juniperus communis) werd de meest opvallende nieuwkomer. Hier op Kampsheide groeide hij uit tot metershoge bomen die het beeld van het gebied gingen bepalen. De bestaande jeneverbesstruwelen zijn hooguit honderd jaar oud. Verjonging vindt bijna niet meer plaats. Ook blijkt de struik gevoelig voor schimmels en insecten.

    3 Een bijzondere verschijning op Kampsheide is de zeldzame Hazelworm. Net als slangen zijn ook Hazelwormen reptielen. De Hazelworm is echter geen echte slang, maar feitelijk een hagedis zonder pootjes. Hazelwormen leven het liefst in bosranden en houtwal-letjes. Ze voeden zich graag met slakken en wormen. Als koudbloedig dier geniet de Hazelworm graag van het zonnetje. Op Kampsheide gebruiken de dieren de voormalige spoorbaan regelmatig voor een zonnebad. Het is wel eens voorgekomen dat mountainbikers hier nietsvermoedende hazelwormen overreden hebben. Het Drentse Landschap heeft maatregelen genomen om te voorkomen dat dit deel van de spoordijk als fietspad gebruikt wordt.

    3

    Uitneembaar routekaartje in dit nummer.Ook te downloaden op www.drentslandschap.nl

    2

    1

    Foto

    : Joo

    p va

    n de

    r M

    erbe

    l

    Foto

    : Arc

    hief

    HD

    L

    foto

    : Joo

    p va

    n de

    r M

    erbe

    l

    Foto

    : Loe

    s va

    n de

    r La

    anFo

    to: A

    rchi

    ef H

    DL

    Wandel over Kampsheide met uw mobieltje als gids

    23

  • Bossen bij landhuizen en havezaten hadden vooral een esthetische functie. Bovendien verdiende de eigenaar er ook geld mee. Hout was schaars en duur. Hoe dichter bij het voorname huis, hoe belangrijker de sierfunctie. Tijdens het flaneren door het land-goedpark wilden de wandelaars graag verrast worden door mooie doorkijkjes op het huis, de gazons en op water-partijen. Paden waren vooral in de tijd dat de Engelse landschapsstijl in zwang kwam vaak met grote slingers aangelegd. Daarnaast zijn nu nog steeds goede voorbeelden te vinden van ster-renbossen, waarvan de paden vanuit een open plek naar alle kanten uitstra-len. Bossen met de naam Sterrenbos vind je bij Frederiksoord, bij Eelde, landgoed Mensinge in Roden en het Kortewegbos bij het Hijkerveld.Zomereik is de meest voorkomende boomsoort in landgoedbossen. Maar vanwege de esthetische functie plantte men bij de aanleg ook tal van andere boomsoorten, vooral in de directe omgeving van het landhuis. Bekend zijn Paardenkastanje, Haagbeuk, Noordse esdoorn en Taxus. Beuken vormden statige lanen, terwijl rode beuken ook vaak een prominente plaats kregen als vrijstaande boom.

    Kenmerkend zijn ook de bosschages met Rododendrons, die een onmisbaar onderdeel vormen in veel landgoed-parken en -bossen.

    StinsenfloraIn het voorjaar, voor het blad aan de bomen komt, zijn landgoedparken op hun mooist. Dat komt door de uitbun-dige bloei van een scala aan bijzondere plantensoorten, die gazons, borders en

    bosranden opvrolijken. Het gaat dan in veel gevallen om de zogenaamde stin-senplanten. De meeste van deze soor-ten komen oorspronkelijk uit Midden- en Zuid-Europese gebergtebossen en stellen hoge eisen aan de bosbodem. Landgoedbeheerders in vroegere tijden importeerden deze mooi bloeiende planten om hun parken te verfraaien. Sommige van deze soorten groeien van nature helemaal niet zo ver over onze

    Volop voorjaar in de Drentse landgoedbossen

    Drenthe bestond in het midden van de 19e eeuw voor 65% uit heide, zandverstuivingen en hoogveen.

    De rest van het oppervlak van onze provincie buiten de kleine dorpen en bescheiden steden was in

    gebruik als akker of grasland. Bos was er haast niet. Alleen rond de essen, in enkele beekdalen n op

    landgoederen was bos van enige omvang te vinden, alles bij elkaar ongeveer 3250 ha. Als je de kaart

    van Drenthe uit die tijd bekijkt, blijkt dat landgoederen met bossen vooral voorkwamen aan de randen

    van de provincie. Denk aan Dickninge en De Havixhorst aan de Reest, en Lemferdinge, Mensinge en

    Vennebroek aan de noordkant van onze provincie.

    H a n s D e k k e r e n B e n H o e n t j e n *

    Foto

    s: H

    ans

    Dek

    ker

    > Landgoed Overcincel Assen

    24 Flora

  • Volop voorjaar in de Drentse landgoedbossenlandsgrens, zoals Holwortel en Gele anemoon die al voorkomen in de hel-lingbossen van het Teutoburgerwoud. Overigens is het woord stinsenflora afkomstig van het Friese stins, de steenhuizen van de Friese landadel. Ook deze heren van naam vonden het blijkbaar prettig om deze kleurige voorjaarsbloeiers rond hun adellijke huizen uit te plantten.Uit de verspreiding van een twintigtal soorten in Drenthe komen de land-goederen met een rijke stinsenflora duidelijk naar voren. Het aardige is, dat nergens dezelfde soortencombinatie voorkomt.

    DickningeDat ze zich in Drentse landgoedbossen kunnen handhaven en zelfs uitbreiden, is te danken aan intensieve bodembe-

    werking en verrijking van de grond met kalk en organisch materiaal vr de aanleg van het bos. Waarschijnlijk de mooiste plek om de Drentse stinsenflo-ra in al haar uitbundigheid te ervaren, is te vinden op landgoed Dickninge bij De Wijk, waar onder andere Holwortel en Italiaanse aronskelk groeien. Via een korte wandeling om het huis en langs de slingerende Reest kun je je verbazen over miljoenen rood en wit bloeiende Holwortels, die dicht opeen-gepakt de bosboden sieren. Maar er zijn meer plekken in Drenthe waar stinsenflora te bewonderen valt. Bij het huis Mensinge bij Roden bijvoorbeeld, waar Lenteklokje en Daslook prachtig bloeien. Ook op de landgoederen De Braak en Oosterbroek bij Paterswolde is van alles te zien, zoals Vingerhelmbloem en

    Donkere ooievaarsbek. Op het land-goed Lemferdinge, ook in Paterswolde, groeit de zeldzame Bostulp. In hartje Assen trekt landgoed Overcingel elk voorjaar veel bekijks door het weelderige tapijt van Krokussen en Bosanemonen. Ook bloeit hier de Turkse lelie. Sommige typische Drentse bossoorten voelen zich uitstekend thuis in het stinsenmilieu. Witte bosklaverzu-ring, Grote muur, Bosanemoon en een heel algemene soort als Speenkruid kom je er vaak tegen. Ook de vroeg-bloeiende bolgewassen Schedegeelster (Mensinge) en Bosgeelster (Laarwoud, Zuidlaren en Lemferdinge) zijn te vin-den op de landgoederen.

    Voedselrijk bosVerder van de landhuizen af hebben de bossen een natuurlijker karakter, maar

    Verspreiding van stinsenplanten in Noord-Drenthe. Bron: WFD, Floron en provincie Drenthe

    1-3

    4-9

    10-12

    Turkse lelie

    Holwortel

    25

  • meestal wel met een voedselrijke inslag. Zo is in de struiklaag vaak Gewone vlier te vinden. Soorten van voed-selrijke bosranden zoals Zevenblad, Fluitenkruid, Robertskruid en Geel nagelkruid domineren de kruidlaag geregeld. Vooral in de omgeving van Lieveren is een aantal jaren geleden een verwant van deze laatste soort als nieuwkomer gesignaleerd: Groot nagelkruid, die met regelmaat langs de paden is aan te treffen in bijvoorbeeld het Sterrenbos en het Mensingebos. Ook in het Asserbos is deze soort al opgedoken. Andere karakteristieke plantensoorten van landgoedbossen zijn Look-zonder-look, Stinkende gouwe en Klein springzaad. De landgoedbossen zijn ook het domein van een schare aan vogels die

    kenmerkend zijn voor oude bossen. Wie op een mooie vroege voor-jaarsmorgen een ronde maakt langs de bloemenzee op de bosbodem, krijgt daarbij begeleiding van een uitbundig vogelkoor. Daarin laat de Boomklever zich vaak luidruchtig gelden. Tot begin jaren tachtig van de vorige eeuw waren deze kleur-rijke druktemakers alleen in een paar oude landgoedbossen in Noordwest en Zuidwest Drenthe te bewon-deren. Met het ouder worden van bossen dieper Drenthe in, vond de Boomklever steeds meer geschikte bosopstanden om succesvol te broe-den. Het aantal broedparen was omstreeks1995 gegroeid tot rond 250. Bij de speciaal op deze blauw-specht gerichte inventarisatie door

    In Natuur in Drenthe verschenen in 2010, zijn de actuele natuurwaarden in Drenthe en de ontwikkelingen daarin in beeld gebracht. Van deze uitgave van de Provincie Drenthe is nog een beperkt aantal exemplaren beschikbaar (prijs per boek 15,=), te bestellen per email [email protected], onder vermelding van Natuur in Drenthe en het verzendadres.

    Literatuur:Drewes, R., H. Olk en H. Steendam (2006): Boomklever Sitta europaea, Drentse vogel van het jaar 2005. Drentse Vogels 20: 62-75.Van den Brink, H.van den, A. van Dijk, B.van Os en P.Venema (1996): Broedvogels van Drenthe. Van Gorcum en Comp. Assen.Werkgroep Florakartering Drenthe (1999): Atlas van de Drentse flora. Uitgave in samenwerking met Provincie Drenthe. Schuyt & Co, Haarlem.

    * H. Dekker en B.J. Hoentjen werken bij de Provincie Drenthe en waren betrokken bij de totstandkoming van het boek Natuur in Drenthe.

    Foto

    : Alb

    ert

    Hen

    ckel

    Boomklever

    de Werkgroep Avifauna Drenthe in 2005 kwam de schatting van de popu-latie al op meer dan 2500 paren uit! Bovendien bleek deze voorheen als echte loofhoutbewoner beschouwde soort zich inmiddels ook in oude Larix- en Grove dennenbossen thuis te voelen. Ook voor de Bosuil, de Kleine bonte specht, Glanskop en Appelvink zijn de landgoedbossen belangrijke voorposten geweest voor hun uitbreiding binnen Drenthe.

    Kortom, in het voorjaar is er van alles te zien en te horen op onze landgoe-deren. De beste tijd om landgoederen te bezoeken is vanaf half maart tot en met half mei. Daarna zijn de boom-kronen weer gesloten en is het gedaan met de kleurige pracht van het land-goedbos.

    26 Flora

  • Kijk voor meer informatie over drinkwater op wmd.nl.In 1897 is de watertoren aan de Rolderstraat gebouwd. In 1961 is de toren gesloopt, omdat hij in slechte staat verkeerde en het reservoir te klein werd.

    In 1961 is de toren aan de noordkant van de Vaart in gebruik genomen. De toren is 34 meter hoog. Het waterreservoir heeft een inhoud van 55000 liter. In 2007 is de toren gerenoveerd.

    Mo(nu)mentjeVanaf 1937 heeft Waterleidingmaatschappij Drenthe, kortweg WMD, er voortvarend aan gewerkt om iedere Drent van drinkwater te voorzien. Dit jaar bestaat WMD 75 jaar. Meer dan tweeduizend jaar zijn mensen al bezig geweest om het drinkwater zo dicht mogelijk bij hun huizen te brengen. In Drenthe behielp men zich tot het eind van de negentiende eeuw met water uit zelf geslagen putten of uit het kanaal. Ook werd regenwater opgevangen om te drinken. In 1894 kwam in Meppel de eerste plaatselijke waterleiding tot stand. Toch heeft het nog tot 1956 geduurd totdat de laatste Drentse gemeenten op het waterleidingnet werden aangesloten.

    WatertorensSinds 1856 zijn in Nederland ruim 260 watertorens gebouwd. Stromend water was een teken van welvaart en was ontzettend belangrijk voor verbetering van de volks-gezondheid. Om die reden, maar ook omdat de hoge watertorens enorm opvielen in het vlakke landschap, werd er veel aandacht besteed aan het uiterlijk van de torens. Dat heeft een unieke verzameling torens opgeleverd. Er zijn geen twee Nederlandse watertorens die helemaal hetzelfde zijn. De watertorens, die in alle soorten en maten bestaan, behoren tot de skyline van vele Nederlandse gemeenten.

    MonumentEen watertoren bestaat uit een draagconstructie met daarop een waterreservoir. In het verleden waren watertorens noodzakelijk om voldoende druk op het waterleidingnet te houden. Op dit moment telt Nederland nog zon 175 torens waarvan een kwart nog in gebruik is. WMD bezit er drie waarvan er nog twee in werking zijn. En van deze torens staat in Assen. De watertoren is een officieel gemeentelijk monument en een stukje Assens cultureel-historisch erfgoed.

    Voorraad drinkwaterHet grondwater dat door WMD is gezuiverd, wordt opgeslagen in kelders of water-torens. Van daaruit pompen we het drinkwater het leidingnet in naar onze klanten. Zo hebben we altijd schoon drinkwater op voorraad. De voorraden zijn daarnaast bedoeld om pieken in de vraag naar water op te vangen: mensen gebruiken overdag soms veel drinkwater tegelijk en s nachts bijna niets. Door de opslag van het water is er op al die momenten voldoende drinkwater, terwijl de productie bij WMD continu ongestoord kan doorgaan.

  • Ansen, een doordeweekse dag aan het begin van een nieuw wandeljaar. De parkeerplaats bij restaurant De Huiskamer is zo leeg dat mijn auto de voorkeur geeft aan een onopvallend plekje ergens in een berm. Fietsende kinderen, met moeders in hun kielzog, voorzien het dorp van levendigheid. In het voorbijgaan groeten ze de wande-laar vriendelijk, op het platteland voelt de onbekende zich gekend.

    Waren het elders in Drenthe de boeren die het in dorp, kerk en kroeg voor het zeggen hadden, in Ansen en Ruinen lagen de verhoudingen toch wel een beetje anders. In dit deel van Drenthe waren de heren van Ansen enRuinen twee potentaten die geen tegenspraak hoefden te dulden. Het mag u overigens niet van deze Knapzakroute weerhouden want u zult onderweg weinig last meer van beide

    heren hebben. Beide adellijke geslach-ten zijn lang geleden uitgestorven en hun eens zo trotse huizen tot de onderste steen afgebroken.

    Voorgaande woorden vormen de inleiding van de Knapzakroute Ansen-Ruinen. De beschrijving is zo beel-dend dat het jammer zou zijn haar niet ook op deze plaats te gebruiken. In een paar zinnen brengt zij de lezer waar die

    Knapzak-app

    P a u l S t r a a t s m a *

    Knapzakroutes zetten sinds jaar en dag de toon voor wandelingen

    in Drenthe. Naast de facelift van de papieren routes vond vorig jaar

    de lancering van de Knapzak-app plaats. Wandelen aan de hand van

    je mobiele telefoon, is dat te doen? We namen de proef op de som,

    liepen Knapzakroute Ansen-Ruinen en ontdekten torenvalkjesdag bij

    Armweide.

    Met de techniek aan de wandel

    Foto

    : Han

    s D

    ekke

    r

  • moet wezen: wandelend in het heden, met aandacht voor het verleden. Die combinatie, in een handzaam boekje gegoten, verklaart de populariteit van de Knapzakroutes. In Drenthe vormen ze, ondanks de wildgroei aan routes, sinds jaar en dag de maat op wandel-gebied.

    Maar ook de Knapzakroutes moe-ten met de digitale tijd mee. De beschrijving lees ik dan ook niet van papier, maar op mijn mobiele telefoon. Vorig jaar, met de facelift van de hele knapzakcollectie, werd de Knapzak-app gelanceerd. Het betrof een voorzichtige start, vier van de ruim zestig wandelin-gen kwamen digitaal beschikbaar. Veel wandelaars aarzelen om de digitale weg te bewandelen, bang als ze zijn dat de techniek met hn aan de wandel gaat, in plaats van andersom.

    De app toont zich uiterst gebruiks-vriendelijk. Door de navigatie is de routebeschrijving in feite overbodig; even handigheid krijgen in het switchen tussen het kaartje en de informatie, dan kan alle aandacht weer uitgaan naar het landschap. Eerst is er de wirwar van de Anserdennen - waar de navigatie meteen zijn meerwaarde bewijst. Het Dwingelderveld laten we links lig-gen, om bij de Mariakerk in Ruinen ons een voorstelling te maken van het klooster dat hier ooit was. Dan gaat het op naar Oldenhave, waar de heren van Ruinen huisden, maar waarvan niets meer te zien is. Bij buurtschap Armweide tot slot is het torenvalkjes-dag.

    App staat voor applicatie, een stukje software dat u van internet haalt en op uw mobiel zet. De nieuwste mobieltjes, smartphones, combineren telefonie met e-mail, internet en navigatie. Dat laatste is een belangrijke meerwaarde van de app. Op het routekaartje wordt namelijk de positie van de wandelaar aangege-ven. U hoeft zich dus geen zorgen te maken of u de beschrijving wel goed gelezen heeft en waar u zich bevindt. Mocht u de beschrijving toch willen raadplegen dan is die met een vinger-beweging op te roepen. Hetzelfde geldt voor informatie over bezienswaardig-heden. Om te kunnen wandelen met de Knapzak-app heeft u een iPhone of een Android telefoon nodig. De app kunt u downloaden uit resp. de Appstore of bij de Google Apps Marketplace. De basis app kost 3,99 en biedt Knapzakroute nr. 1 Gasteren. Heeft u de smaak te pak-ken dan kunt u uw app uitbreiden met andere wandelingen. Verkrijgbaar zijn ook de routes Ansen-Ruinen, Veenhuizen en Oosterhesselen-Zweeloo. Deze uit-breidingen kosten 2,39. Kijk voor meer informatie op www.knapzakroutes.nl.

    Oh ja, die app Altijd bij de hand, kreukelt niet, gemak van navigatie. Valt er dan niets op aan te merken? Uiteraard, je moet er op bedacht zijn dat de batterij van de mobiel opge-laden is, maar dat is een open deur En in de wind, op de open vlakte, ontdek ik hoe vervelend het is dat het touchscreen ongevoelig is voor hand-schoenen. Die moeten dus steeds aan en uit, en al doende krijg ik behoorlijk koude vingers. Blijft een ding over, de vorm. Hoe klein ook, als bewijs van sportieve daden kun je een knapzak-boekje als trofee in je boekenkast zet-ten; of om indruk te maken op visite, nonchalant laten slingeren in huis. Met de app wordt dat verleden tijd. Al wandelend trek ik mijn conclusie: het Knapzakboekje is vooral leuk om te hebben, de Knapzak-app is vooral leuk om te gebruiken. De keuze is aan u. Ondertussen twitter ik mijn vrienden alvast wat fotos van de route

    * P. Straatsma is freelance journalist.

    29Wandelen

  • Foto

    : Gee

    rt d

    e Vr

    ies

    Het project Drenthe grondig bekeken is enkele jaren geleden door het IVNConsulentschap Drenthe en Het Drentse Landschap inhoudelijk vorm-gegeven. Beide organisaties wilden extra aandacht besteden aan de ondergrond van Drenthe. Drenthe heeft immers nog veel aardkundige waarden zoals dekzandruggen, stuifzanden, beekdalen,

    Drenthe grondig bekeken H a n s C o l p a e n M a r k Tu i t *

    Het IVN Consulentschap Drenthe en Het Drentse Landschap werken al jaren samen op het gebied van natuureducatie. Door het aanbieden van educatieve activiteiten proberen beide organisaties kinderen meer bij natuur en landschap te betrekken. Natuurbeleving staat daarbij voorop. En van die activiteiten is het Bodemproject Drenthe grondig bekeken. Hierin wordt aandacht gevraagd voor de ondergrond van Drenthe. Als onderdeel van het project hebben afgelopen herfst ruim 400 basisschoolleerlingen uit de gemeente Meppel meegedaan aan de natuurspeurtocht.

    pingorunes en hoogveenrestanten. Het onderwijsproject richt zich vooral op de eigenschappen van de bodem, het ontstaan van het Drentse landschap, de opbouw van de bodem en het gebruik van bodemschatten. Voor het werven van de kinderen is dankbaar gebruik gemaakt van het scholennetwerk NME van het IVN

    Consulentschap Drenthe. Dit netwerk bestaat uit 230 basisscholen. Elk jaar krijgen basisscholen van twee Drentse gemeenten het Bodemproject aange-boden. Het onderwijspakket is geschikt voor alle groepen van de basisschool. Na 6 jaar zijn alle gemeenten in Drenthe aan de beurt geweest en hebben ruim 33.000 Drentse basisschoolleerlingen aan dit onderwerp geproefd.

    NatuurspeurtochtAls extra onderdeel wordt een natuur-speurtocht aangeboden aan de boven-bouw van de deelnemende basisscholen. Deze speurtocht vindt bewust op een locatie in de natuur plaats. Zo kun-nen leerlingen en leerkrachten een belevenis in de natuur ervaren die, zo is de verwachting, beter beklijft dan het alleen aanbieden van de theorie op school. Veelal wordt er gekozen voor een natuurterrein van Het Drentse Landschap. Bij het Bodemproject onderzoeken de leerlingen zelf de rol van bodemdiertjes en schimmels bij de afbraak van bladeren tot humus. Met een grondboor duiken ze nog dieper de bodem in. Zo ontdekken ze dat de grond verschillende kleuren heeft en dat als je maar diep genoeg boort je op het dekzand komt. Ook gaan ze met laarzen

    30 Educatie

  • aan het moeras in om op zoek te gaan naar laagveen. Het zogenaamde Scholenteam van de stichting ondersteunt het Bodemproject. In dit team zitten vrijwilligers die zich hebben gespecialiseerd in het omgaan met schoolkinderen. Ze geven gastlessen op school of begeleiden schoolkinderen in het veld bij de speurtochten. De vrij-willigers krijgen voordat ze aan de slag gaan met de speurtocht een instructie van het IVN Consulentschap. Tevens zorgt het Consulentschap voor de werk-boekjes en de benodigde lesmaterialen. De vrijwilligers zijn verantwoordelijk voor de uitvoering. Afgelopen herfst was de gemeente Meppel aan de beurt. Ruim 400 basisschoolleerlingen brach-ten een bezoek aan het Reestdal. Ze moesten hun speurtocht uitvoeren in een gebied vlakbij de havezate De Havixhorst.

    ToekomstScholen uit de gemeenten Noordenveld, Assen, Midden-Drenthe, Coevorden en De Wolden zijn Meppel voor geweest. De scholen in andere gemeenten zijn in de komende jaren aan de beurt.Het IVN Consulentschap en Het Drentse Landschap kijken met tevreden-heid terug op de diverse natuurprojecten die ze samen in de laatste 15 jaar hebben uitgevoerd. Beiden hebben de intentie om de samenwerking in de toekomst nog nauwer te maken. Kinderen hebben immers de toekomst. En in de toekomst zal de noodzaak voor een actievere natuurbescherming alleen nog maar toenemen.

    * H. Colpa is medewerker commu-nicatie, educatie en vrijwilligers van Het Drentse Landschap. M. Tuit is projectleider onderwijs bij het IVN Consulentschap Drenthe.

    De 12 provinciale Landschappen zijn

    enorm verheugd met de 11.250.000

    miljoen euro van de Nationale Postcode

    Loterij. Dit bedrag werd bekend gemaakt

    tijdens het Goed Geld Gala op 9 februari

    j.l., de jaarlijkse bijeenkomst met alle

    goede doelen van de loterij.

    In totaal verdeelde de Postcode Loterij

    284 miljoen euro onder haar 85 goede

    doelen een recordbedrag. Dankzij de

    2,5 miljoen deelnemers van de Postcode

    Loterij kunnen goede doelen hun belang-

    rijke werk voortzetten en nieuwe projec-

    ten starten. De helft van ieder lot van de

    Postcode Loterij gaat rechtstreeks naar

    goede doelen op het gebied van ontwik-

    kelingssamenwerking, mensenrechten,

    natuurbescherming, milieu en sociale

    cohesie in Nederland.

    De 12 provinciale Landschappen zijn met

    de bijdrage weer in staat mooie natuur-

    en landschapsprojecten uit te voeren.

    Het Drentse Landschap wil zowel de

    Nationale Postcode Loterij als alle deelne-

    mers van de loterij heel hartelijk bedan-

    ken. Hiermee wordt een belangrijke bij-

    drage geleverd aan natuur in Nederland.

    Natuur en landschap

    krijgen miljoenen euros

    van de Postcode Loterij

  • Wapserveen is een van de langste weg-dorpen van Drenthe. Het strekt zich uit over een lengte van meer dan 7,5 km tussen de Wapserveensche Aa in het noorden en de stuwwal van de Havelterberg in het zuiden. Richting riviertje lagen de hooi- en weilanden, aan de andere kant van de weg de akkers met daarachter de heidevelden bij de Havelterberg waar schapen wer-den geweid en plaggen gestoken. De

    De hervormde kerk van Wapserveen

    O l a v R e i j e r s *

    Kerken zijn normaal gesproken een baken van stabiliteit en zeker-

    heid. Eenmaal gebouwd blijven ze eeuwenlang op dezelfde, gewij-

    de, plek staan, vaak zelfs in een gedaante die door de eeuwen heen

    min of meer hetzelfde is gebleven. Van de kerk van Wapserveen is

    dat niet zeker. Ooit in de middeleeuwen gebouwd, is deze kerk mis-

    schien wel meeverhuisd met een heel dorp naar de huidige plek.

    oudste boerderijen liggen bijna zonder uitzondering aan de zuidelijke, droge kant van de doorgaande weg. Maar waarschijnlijk lag het dorp ooit een stuk noordelijker. Op oude kaarten is nog te zien dat daar een weg liep, de Olde Diek. Toen het gebied steeds natter werd, besloten de bewoners het een stukje hogerop te zoeken. Aan de leeftijd van de boerderijen te zien, moet deze verplaatsing al in de

    loop van de 17e en 18e eeuw hebben plaatsgevonden. Omdat iedere boer een kavel had die loodrecht op de weg stond, kon een boerderij een stukje verder op dezelfde kavel weer wor-den opgebouwd zonder ingewikkelde grenscorrecties. Dat maakt het heel goed denkbaar dat de kerk vroeger ook noordelijker aan de Olde Diek heeft gestaan en uitein-delijk is verplaatst naar de huidige loca-tie toen de bewoningsas van het dorp zuidelijker kwam te liggen. Zekerheid zullen we wel niet meer krijgen, want de Olde Diek is in de ruilverkaveling van begin jaren zeventig volledig weg gegaliseerd.

    Sobere bouwVoor Drentse begrippen is de her-komst van de kerk stokoud. In 1461

  • scheidde Wapserveen zich als eigen parochie af van Diever. Het had toen al een kapel, mogelijk uit de 13e eeuw, die toen in gebruik werd genomen als parochiekerk. We weten zeker dat de oude kerk in 1803 is afgebroken en plaats heeft gemaakt voor het gebouw dat er nu nog staat. Zou dit de datum van de veronderstelde verhuizing zijn? De vorm van de oude kerk is in ieder geval niet meer te achterhalen, de bak-steen is echter hergebruikt in de nieu-we kerk. Aan het grotere formaat en de lichtere kleur is te zien dat de onderste rijen bakstenen een hogere ouderdom hebben dan de lagen onder het dak. De kerk zelf is sober van uitvoering. Bouwkundig is noch aan de buiten-, noch aan de binnenzijde enige frivoli-teit te ontdekken. Voor het gevoel lijkt de kerkruimte daardoor groter dan het in werkelijkheid is. In het interieur vallen vooral de eenvoudige glas-in-loodramen en de moderne orgelluiken op. De ligging is echter prachtig, iets van de weg af, omgeven door een rij bomen met een smalle gracht erom-heen en erachter het weidse uitzicht tot aan de Wapserveensche Aa. Heel bijzonder is de klokkenstoel. Om een toren uit te sparen werd vaak een houten stellage naast de kerk gezet waar de klok in kon hangen. In Friesland zijn nog vele klokken-stoelen bewaard gebleven, in Drenthe is dit de enige. We weten echter dat nog minimaal zeven andere kerken in Drenthe ooit een klokkenstoel beza-ten. Hout is goedkoper maar vraagt ook meer onderhoud zodat de meeste nu zijn verdwenen. Helaas is de oude 18e eeuwse klok in de oorlog door de Duitse bezetters meegenomen

    en waarschijnlijk omgegoten voor geschut; er is nooit meer een spoor van gevonden. De huidige klok dateert van 1948.

    ConcertenNet als in de rest van het land loopt het kerkbezoek terug door vergrij-zing en ontkerkelijking. Omdat het dorp nauwelijks groeit is er ook geen nieuwe aanwas meer te verwachten. Daarom is de Hervormde kerk als een der eersten ooit begonnen met het geven van concerten in de kerk. Deze klokkenstoelconcerten genoten een zekere faam en trokken bekende musici aan. De toeloop werd op een gegeven moment zo groot dat de kerk professionele voorzieningen had moe-ten aanleggen om aan de eisen van een

    echte muziekzaal te kunnen voldoen. Toen in de jaren negentig de concur-rentie ook nog groter werd omdat steeds meer kerken concerten en optredens verzorgden, is de succesvolle reeks gestopt. Maar nog steeds is hier enkele malen per jaar een concert te beluisteren. Omdat dit de enige kerk is in Wapserveen bezochten vanouds ook leden van andere gezindten de dienst. De overgang naar de Protestantse Kerk Nederland stuitte zodoende op weinig weerstand. Inmiddels zijn gereformeer-den en lutheranen ook vertegenwoor-digd in de kerkenraad. Gelukkig bezit de kerk nog eigen landerijen die naast de vrijwillige bijdragen voor voldoen-de inkomsten zorgen voor onderhoud van de kerk en de tegenover gelegen pastorie. Een grote restauratie staat nog niet op stapel