Het beste van de jeugd

Click here to load reader

download Het beste van de jeugd

of 21

  • date post

    11-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    213
  • download

    1

Embed Size (px)

description

Een inkijk exemplaar

Transcript of Het beste van de jeugd

  • HET BESTE VAN DE JEUGD

  • Stijn Sieckelinck

    HET BESTE VAN DE JEUGD

    Een wijsgerig-pedagogisch perspectief op jongeren en hun ideal(ism)en

    KLEMENT | PELCKMANS

  • Deze uitgave werd mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Van Coevorden Adriana Stichting.

    2009, Stijn Sieckelinck Een uitgave van Uitgeverij Klement, Kampen

    Omslagontwerp Karolina Erol / Rob Lucas

    ISBN 978-90-8687-027-1 (Nederland)

    ISBN 978-90-289-5164-8 (Belgi) D/2009/0055/178

  • A final word may be said in appreciation of the idealist. His task requires the highest human powers, and his contribution has been incalculable he is the inventor, the artist, and the prophet. (Mitchell, 1926) Education is not the filling of a pail, but the lighting of a fire. (Yeats, 1962) Vechten voor een droom is de enige manier van vechten waarbij je anderen niet kwetst... ik ben in elk geval iemand die liever voor dromen dan voor een realiteit ten strijde trekt. Daar moet je een dosis gekheid voor in huis hebben. Al blijft de grootste vorm van waanzin deze wereld te accepteren zoals zij is, en niet zoals zij zou moeten zijn. (Brel in Anthierens, 1968 / 1998)

  • 7

    Inhoud INLEIDING 11 I JONGEREN EN IDEALEN 23

    1.1 ADOLESCENTEN 24 1.1.1 Idealen in de identiteitsontwikkeling 24 1.1.2 Problemen en kansen door idealen 30

    1.2 IDEALEN 37 1.2.1 Idealen (hebben) ontleed 37 1.2.1.1 Voorstelling in de verbeelding 39 1.2.1.2 Het beste, excellente 43 1.2.1.3 Langetermijnengagement 44 1.2.1.4 Intrinsieke motivatie 47 1.2.1.5 Identificatie, existentie 49 1.2.2 Aangrenzende concepten 52 1.2.2.1 Doelen 52 1.2.2.2 Waarden 61

    1.3 TER AFSLUITING VAN HET HOOFDSTUK 65 II IDEALEN IN DE PEDAGOGIEK 67

    2.1 IDEALEN VAN, VIA, OVER EN IN DE OPVOEDING 68 2.2 KRITIEKEN 74

    2.2.1 Isaiah Berlins kritiek 74 2.2.2 Een postmoderne kritiek 80 2.2.3 De psychologische kritiek 90 2.2.4 De pragmatische kritiek 95 2.2.5 De kritiek op de morele heilige 101

    2.3 TER AFSLUITING VAN HET HOOFDSTUK 106 III ONTWIKKELINGEN EN ONDERSCHEIDINGEN 107

    3.1 VOORBIJ DE KRITIEKEN 108 3.2 MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELINGEN 110

    3.2.1 Individualisering 111 3.2.2 Pluralisering 116

    3.3 IDEALEN GEDIFFERENTIEERD 118

  • 8

    3.3.1 Persoonlijke versus sociaal-maatschappelijke idealen 119 3.3.2 Substantieve versus deliberatieve idealen 123 3.3.3 Morele versus immorele idealen en morele

    versus non-morele idealen 125 3.3.4 Omgang met idealen versus de idealen zelf 129

    3.4 TER AFSLUITING VAN HET HOOFDSTUK 131 IV DE WAARDE VAN IDEALEN VOOR JONGEREN 133

    4.1 OP IDEALEN GEBASEERD BETEKENISVOL HANDELINGS-VERMOGEN 134

    4.2 ERGENS OM GEVEN 139 4.2.1 Het begrip care 139 4.2.2 Liefde en idealen 144 4.2.3 Geven om idealen 147 4.2.4 Besluiteloosheid 153 Ter afsluiting 156

    4.3 ERGENS VOOR STAAN 158 4.3.1 Morele zelfinterpretatie 158 4.3.2 Hypergoods en sterke evaluatie 163 4.3.3 Staan voor idealen 165 4.3.4 Sociale actie 170 Ter afsluiting 173

    4.4 TER AFSLUITING VAN HET HOOFDSTUK 174 V OVER DE OMGANG VAN JONGEREN MET HUN

    IDEALEN 177 5.1 DE ROL VAN EMOTIES IN DE OMGANG MET IDEALEN 178

    5.1.1 Van idealen naar emoties 178 5.1.2 Van emoties naar idealen 185

    5.2 RADICALISERING VAN JONGEREN 190 5.3 BILLIJKE PASSIE 199

    5.3.1 Rationele passie 202 5.3.2 Morele passie 208 5.3.3 Prudente passie 211 5.3.4 De vorming van billijke passie 215

    5.4 TER AFSLUITING VAN HET HOOFDSTUK 218 VI EEN PEDAGOGISCH PERSPECTIEF OP JONGEREN

    EN HUN IDEALEN 221 6.1 HET PRAKTISCH IDEALISME 223

    6.1.1 Praktisch idealisme en ergens om geven 229 6.1.2 Praktisch idealisme en ergens voor staan 232

  • 9

    6.2 BURGERSCHAPSVORMING MET AANDACHT VOOR IDEALEN 236

    6.2.1 Individualiteit en persoonlijke idealen 244 6.2.2 Tolerantie en politiek-maatschappelijke idealen 246 6.2.3 Tegen schadelijke radicalisering ... 249 6.2.4 ... n voor kritische politisering 256

    6.3 CONCLUSIES LEIDEN TOT EEN NIEUW UITGANGSPUNT 262 6.4 TER AFSLUITING 268

    WOORD ACHTERAF 271 LITERATUUR 275

  • 11

    INLEIDING

    Jongeren, zo wordt algemeen aangenomen, zijn vatbaar voor idealen. Inspanningen noch budgetten worden gespaard om jongeren de juiste idealen bij te brengen of van de verkeerde idealen af te houden. Het-zij met een pleidooi voor activering ter bestrijding van afstomping of onverschilligheid; hetzij met een beroep op tolerantie ter bestrijding van fanatisme of radicalisering. Maar ondertussen weten we uit onder-zoek dat veel jongeren anders en in andere idealen zijn gaan geloven dan voorheen. Zou het kunnen dat we vandaag niet goed weten om te gaan met een aantal kwesties waarin de verhouding tussen jongeren en hun idealen in het geding is? Dat we ondanks die inspanningen en budgetten te weinig aandacht hebben voor de ontvankelijkheid van jongeren voor idealen; dat we de idee veronachtzamen dat jongeren kan worden aangeleerd hoe en waarom ze zich het beste met idealen inlaten? Opgroeien in een samenleving gebeurt binnen een onderhandeld kader van verantwoordelijkheid en vrijheid. Voor de wijze waarop het kind of de jongere die vrijheid opneemt in het besef van de verant-woordelijkheid die zich opwerpt, gebruiken we de termen engagement of commitment. Meestal liggen aan engagement sterke overtuigingen of idealen ten grondslag. Dit boek gaat over de rol en het belang van idea-len voor de ontwikkeling van adolescenten. Het beoogt een bevredi-gend antwoord te geven op de simpele vraag of idealen eigenlijk goed zijn voor jongeren. En op de daarmee samenhangende pedagogische vraag: moeten we jongeren toerusten om zich idealen te vormen? Zo ja, hoe kunnen we dan van jongeren verwachten dat ze er op gepaste wijze mee omgaan? En waarin zit dan precies de waarde van die idea-len? Eerst dient dus te worden uitgezocht op grond van welke argu-menten beweerd kan worden dat adolescenten er goed aan doen zich in te laten met idealen. Dan kan pas de onmiddellijk pedagogische vraag gesteld worden: hoe ziet een pedagogische praktijk eruit die de ont-vankelijkheid van jongeren voor idealen ten volle serieus neemt? Vertrekpunt van deze studie zijn twee uitwassen van opvoeding en

  • 12

    onderwijs: afstomping en radicalisering onder jongeren. Geregeld werd in de jaren 90 geroepen dat jongeren geen idealen meer hebben. Deze uitspraak wekte berusting omdat hij vaak leek te worden be-grepen als zouden jongeren geen idealen meer nodig hebben. De eeuwwisseling lijkt hierin enige verandering te hebben gebracht. We maken ons zorgen over jongeren die geen betrokkenheid tonen bij de wereld en op zichzelf teruggeworpen afgestompt lijken. Jongeren lijken nu eenmaal minder dan eerdere generaties aangesproken door bepaalde sets van idealen die vroeger sterk verbonden waren met de zuilen of alomvattende ideologien uit de jaren zestig van de twintig-ste eeuw. Echter, dit wordt niet alleen maar als een verlies, maar ook als een bevrijding gezien. Bijgevolg is de aandacht beperkt. Dit geldt zeker in vergelijking met onze aandacht voor radicalisering onder jon-geren ofwel voor jongeren met te krachtige idealen. Velen zien dit fenomeen als een ernstige bedreiging voor onze verworven vrijheden. Niet alleen in de media, maar ook op beleidsvlak en dus ook in de we-tenschap is de aandacht voor radicalisering toegenomen. Meestal van-uit een veiligheidsperspectief, want radicalisering boezemt ons angst in. Maar sowieso al de slechtste raadgever, kan angst geen uitgangs-punt zijn van een volwaardig pedagogisch perspectief op radicalisering. Ook al zijn ze tegengesteld aan elkaar, zou het kunnen dat deze twee uitwassen (afstomping en radicalisering onder jongeren) sympto-men zijn van eenzelfde probleem, namelijk van een (pedagogische) cul-tuur die enigszins om idealen van jongeren verlegen zit? Met het af-brokkelen van het geloof in de Grote Verhalen is ook het geloof in Grote Idealen onder vuur komen te liggen. De pedagogische prak-tijk doet sindsdien een appel op het oordeelsvermogen van een op-voeder die zich niet meer zomaar kan beroepen op idealen die van onbetwijfelbare zekerheden afgeleid zijn. De opvoeder blijft in zekere zin alleen achter en vraagt zich af of het wel goed is om jongeren dan berhaupt met idealen te confronteren. Waar de pedagogie tot mid-den vorige eeuw een door sterke overtuigingen genspireerde praktijk was, heerst er sinds de afbrokkeling van de grote zekerheden een cul-tuur van angst voor idealen. Om die cultuur aan de orde te stellen wil ik in dit boek de idealen van jongeren centraal stellen en bestuderen. De titel, Het beste van de jeugd ofwel La meglio gioventu is een stevige knipoog naar de film van Marco Tullio Giordana uit 2003 die het verhaal vertelt van de Itali-aanse familie Carati, dat gesitueerd wordt in de naoorlogse Italiaanse

  • 13

    geschiedenis. In deze film worden niet alleen enkele typische ken-merken van de adolescentie ofwel het adolescent zijn overtuigend in scne gezet, maar wordt ook geloofwaardig gerefereerd aan de kracht die idealen op een mensenleven kunnen uitoefenen. Daarbij worden voornamelijk twee broers geportretteerd, Nicola en Matteo Carati, die aanvankelijk dezelfde plannen en dromen delen, maar door belangrij-ke ontmoetingen in de adolescentie andere wegen inslaan en ook te-genover elkaar komen te staan. Tegelijk is er een latente eenheid aan-wezig: Het beste van de jeugd wordt getekend door een voor zichzelf opkomende generatie die probeert niet toe te geven aan de wereld om hem als het even meezit een beetje beter te kunnen verlaten. In die zin is het niet zomaar een portret van het beste uit het biografi-sche tijdvak jeugd maar ook een schets van de ve