Financial Investigator Jaargang 5 | nummer 1

Click here to load reader

  • date post

    22-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    221
  • download

    6

Embed Size (px)

description

Financial Investigator Jaargang 5 | nummer 1

Transcript of Financial Investigator Jaargang 5 | nummer 1

  • JAARGANG 5 | NummeR 1 | 2013 | 9 .50

    FINANCIALINVeSTIGATOR

    Onafhankelijk magazine Over vermOgensbeheer en securities services

    www.FINANCIALINVeSTIGATOR.NL

    EMIR Kostbare veiligheid voor pensioenfondsen?mylette effecten

    Integraal beheer Renterisicosyntrus achmea

    Ronde Tafel Impact Investing

    PrOf. Dr. harry hummels, tijD vOOr verantwOOrD beleggen 2.0

    Praktijkcasus: duurzaam beleggen door pensioenfondsen

  • Woningen Winkels Kantoren Bedrijfsruimten

    www.alteravastgoed.nl

    Altera Vastgoed is een gewild beleggingsproduct voor pensioenfondsen die een belang wensen in

    Nederlands niet-beursgenoteerd vastgoed. Professioneel, transparant en flexibel. Vrije keuze uit vier

    sectorportefeuilles met een onderscheidende performance, een laag risicoprofiel, zonder externe

    financiering en tegen lage organisatiekosten.

    Van en voor pensioenfondsen

    U ZOEKTEEN VERMOGENS- BEHEERDERU zoekt een vermogensbeheerder die actief is op het snijpunt van traditionele

    en alternatieve beleggingen.

    U zoekt een vermogensbeheerder die streeft naar rendement, niet naar het verslaan

    van benchmarks.

    U zoekt een vermogensbeheerder die werknemers de ruimte biedt die zij nodig hebben

    om hun werk goed te doen.

    U zoekt een vermogensbeheerder die zich consequent richt op risicospreiding.

    U zoekt een vermogensbeheerder die de toekomst van vermogensbeheer vormgeeft.

    Welkom bij Lombard Odier Investment Managers.

    Lombard Odier Asset Management (Europe) Netherlands Branch (LOAM NL) is een bijkantoor van Lombard Odier Asset Management (Europe) Ltd gevestigd in het Verenigd Koninkrijk aan Queensberry House, 3 Old Burlington Street te W1S 3AB London. Lombard Odier Asset Management (Europe) Ltd beschikt over een vergunning en staat onder toezicht van de Financial Services Authority (FSA) in het Verenigd Koninkrijk. LOAM NL is gevestigd aan de Herengracht 466 te 1017 CA Amsterdam en geregistreerd bij de Autoriteit Financile Markten. Deze publicatie is uitsluitend gericht aan professionele beleggers.

    Lombard Odier Asset Management (Europe) Netherlands Branch Herengracht 466 1017 CA Amsterdam The Netherlands T (020) 5220 522 F (020) 3308 681

    LOIM_FinancialInvestigatorNL280213IMNL210x297.indd 1 25.01.13 07:51

  • Woningen Winkels Kantoren Bedrijfsruimten

    www.alteravastgoed.nl

    Altera Vastgoed is een gewild beleggingsproduct voor pensioenfondsen die een belang wensen in

    Nederlands niet-beursgenoteerd vastgoed. Professioneel, transparant en flexibel. Vrije keuze uit vier

    sectorportefeuilles met een onderscheidende performance, een laag risicoprofiel, zonder externe

    financiering en tegen lage organisatiekosten.

    Van en voor pensioenfondsen

    U ZOEKTEEN VERMOGENS- BEHEERDERU zoekt een vermogensbeheerder die actief is op het snijpunt van traditionele

    en alternatieve beleggingen.

    U zoekt een vermogensbeheerder die streeft naar rendement, niet naar het verslaan

    van benchmarks.

    U zoekt een vermogensbeheerder die werknemers de ruimte biedt die zij nodig hebben

    om hun werk goed te doen.

    U zoekt een vermogensbeheerder die zich consequent richt op risicospreiding.

    U zoekt een vermogensbeheerder die de toekomst van vermogensbeheer vormgeeft.

    Welkom bij Lombard Odier Investment Managers.

    Lombard Odier Asset Management (Europe) Netherlands Branch (LOAM NL) is een bijkantoor van Lombard Odier Asset Management (Europe) Ltd gevestigd in het Verenigd Koninkrijk aan Queensberry House, 3 Old Burlington Street te W1S 3AB London. Lombard Odier Asset Management (Europe) Ltd beschikt over een vergunning en staat onder toezicht van de Financial Services Authority (FSA) in het Verenigd Koninkrijk. LOAM NL is gevestigd aan de Herengracht 466 te 1017 CA Amsterdam en geregistreerd bij de Autoriteit Financile Markten. Deze publicatie is uitsluitend gericht aan professionele beleggers.

    Lombard Odier Asset Management (Europe) Netherlands Branch Herengracht 466 1017 CA Amsterdam The Netherlands T (020) 5220 522 F (020) 3308 681

    LOIM_FinancialInvestigatorNL280213IMNL210x297.indd 1 25.01.13 07:51

  • 3nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    // VOORWOORD

    Foto

    : Fot

    oper

    sbu

    reau

    Dijk

    stra

    De zeven belangrijkste gendustrialiseerde landen werken aan een verklaring waarmee ze de toenemende onrust op de valutamarkt een halt willen toeroepen. In de tekst zal komen te staan dat wisselkoersen door de markt bepaald moeten worden, maar daar zal expliciet aan toegevoegd worden dat regeringen geen beleid mogen voeren dat een direct effect heeft op de mondiale verhoudingen.

    Doordat de dure euro de concurrentie-positie onder druk zet, wordt de perifere eurolanden de laatste hoop om zich via groei van de export aan de crisis te ontworstelen, ontnomen. Volgens econoom Desmond Lachman van de denktank American Enterprise institute lijkt het beleid van diverse landen op dat van de jaren dertig. Het IMF is in 1944 juist opgericht om te voorkomen dat de beggar-thy-neighbour politiek weer de kop op zou steken. Het zou dan ook onvergeeflijk zijn als het IMF geen leiderschap toont en multilaterale cordinatie afdwingt.

    Is er onder de huidige turbulente marktomstandigheden, nog wel tijd en aandacht voor duurzaam en verantwoord beleggen? Duurzaamheid mag dan wel een buzz woord zijn, toch lijken veel institutionele beleggers nog enigszins terughoudend te zijn als het gaat om duurzaam en verantwoord investeren. Pleitbezorgers moeten nog vaak uitleggen dat duurzaam en verantwoord beleggen niet ten koste gaat van het rendement.

    Jolanda de Groot / Hoofdredacteur

    Duurzaam en verantwoord investeren beperkt zich in de meeste gevallen tot uitsluiting van bepaalde beleggingen, al dan niet wettelijk afgedwongen. De aandacht van beleggers gaat al snel uit naar andere, ogenschijnlijk urgentere uitdagingen. Om in de bewoording van Harry Hummels te blijven Als je kijkt naar wat er nu echt gebeurt op het gebied van duurzaam beleggen, dan blijft het wat bleek, het beleggingsbeleid moet nu enige substance krijgen. Het is hoog tijd dat grote institutionele beleggers echt duurzaam gaan beleggen in plaats van een groen sausje over hun beleggingen te gieten, aldus Marilou van Golstein Brouwers, directeur van Triodos Asset Management. Aanleiding voor Financial Investigator om uitgebreid stil te staan bij dit onderwerp en de balans op te maken.

    De ronde tafel ging dit keer over Impact Investing. Het Rockefeller Institute definieert impact investing als investeringen die zijn bedoeld om positieve maatschappelijke effecten te bereiken. Deze investeringen moeten daarnaast ook financieel rendabel zijn. Impact investing is, zoals een van de deelnemers aan de ronde tafel over dit onderwerp het verwoordde, na duurzaam of ethisch beleggen de volgende evolutie.

    Ik wens u veel leesplezier bij de nieuwe uitgave die weer veel interessante interviews, artikelen en columns bevat over diverse onderwerpen.

    // colofon

    Hoofdredactie Jolanda de Groot [email protected] Maaike Veen [email protected]

    eindredactie Baart Koster

    redactie Hans Amesz, Harry Geels, Lies van Rijssen en Vera Bruijns

    raad van advies Patrick Groenendijk Ruud Hendriks Bob Homan Dries Nagtegaal redactieraad Harry Geels Marleen Janssen Groesbeek

    aan dit nummer werkten mee Matthew Arnold, Rik Bekkers, Frank van Blokland, Erik Breen, Berry van de Bunt, Matt Christensen, Roger Coenen, Gerard van Dalen, Evalinde Eelens, Steven Evers, Pieter Furne, Marilou van Golstein Brouwers, Bert Hospers, Tjitsger Hulshoff, Harry Hummels, Marleen Janssen Groesbeek, Thijs Jochems, Floris Lambrechtsen, William Ledward, Antoinette van Lier, Anja Meijer, Martine Menko, Gareth Parker, Huw Pill, Pim Rank, Huib-Jan de Ruijter, Greg Saichin, Richard Schreuder, Ian Simm, Alfred Slager, Erik-Jan Stork, Robert Timmer, Eelco Ubbels, Markus Wiedemann en Daniel Wild.

    vormgeving Urban Graphix

    fotografie Fotopersburo Dijkstra Ruud Jonkers Fotografie

    druk Real Concepts

    advertenties Jolanda de Groot [email protected]

    uitgever Financial Investigator Publishers [email protected]

    abonnementen Financial Investigator wordt zonder kosten toegezonden aan lezers die tot de doelgroep behoren waar Financial Investigator zich op richt. U kunt zich aanmelden via onze website www.financialinvestigator.nl. Voor verzending naar het buitenland brengen wij portokosten in rekening. Neem voor meer informatie contact met ons op via [email protected]

    disclaimer Uitgever en auteurs verklaren dat deze uitgave op zorgvuldige

    wijze en naar beste weten is samengesteld, evenwel kunnen

    uitgever en auteurs op geen enkele wijze instaan voor de

    juistheid en volledigheid van de informatie. Uitgever en auteurs

    aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor schade,

    van welke aard dan ook, die het gevolg is van handelingen en/

    of beslissingen die gebaseerd zijn op bedoelde informatie. Niets

    uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een

    geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt worden,

    in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch,

    middels fotokopien, opnamen, of enige andere manieren, zonder

    voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

  • 5nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    // INHOUD

    10

    26 30

    36 48

    23 24

    52

    56 60

    62 64

    66

    14

    32

    46

    50

    Coververhaaltijd voor verantwoord beleggen 2.0, Interview met Prof. Dr. Harry Hummels

    Thema Duurzaam en Verantwoord BeleggenPraktijkcasus: duurzaam beleggen door pensioenfondsen dubbele standaard voor verantwoord beleggen, Marleen Janssen Groesbeek ronde tafel impact investing oog voor duurzaamheid loont, RobecoSAM

    Wetenschap en Praktijkweet wat je niet moet doen, Alpha Research de 5 belangrijkste ontwikkelingen op de etf-markt, SPDR ETFs emir kostbare veiligheid voor pensioenfondsen?, Mylette Effecten clearingstrategie als risicomitigatie, Pragmaat op zoek naar de zon achter de europese donderwolken, Goldman Sachs Asset Management integraal beheer renterisico, Syntrus Achmea vermijd de verborgen risicos van convergerende high yield obligaties in opkomende markten, Pioneer Investments risico kent vele vaders, ING Investment Management

    GesponsordYields bedrijfsleningen laag, maar spreads nog steeds aantrekkelijk, Interview met Markus Wiedemann en Pieter Furne, DWS Hoe esg-factoren waarde kunnen toevoegen aan aandelenbeleggingen, AXA Investment Managers negeren van esg-criteria: loop het risico niet!, F&C Netherlands B.V. met etfs creer je geen werkgelegenheid, Interview met Marilou van Golstein Brouwers, Triodos Investment Management

    Tijd voor verantwoord beleggen 2.0 10

    Dubbele standaard voor verantwoord beleggen 30

  • 6 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    ronde tafels en seminars 2013 ronde tafel PPi: 21 maart ronde tafel Pension fund governance: 26 maart ronde tafel collateral management: 19 aPril ronde tafel alternative beta in fixed income: 24 mei

    Oog voor duurzaamheid loont 48

    Ronde Tafel Impact Investing 36

    Financial Investigator in 2013 zonder kosten (blijven) ontvangen? Meld u dan nu aan op onze website: www.financialinvestigator.nl

    // INHOUD

    17 2229355570

    18 207172

    Columnsivbn: Kantorenmarkt: nog geen sloop, wel transformatie thijs Jochems: SNS, een voorbeeld van een breder probleem cfa: Spaanse covered bonds, een goede belegging? vba: ESG is dood, lang leve Impact Investing Pim rank: Op weg naar stukkenloos effectenverkeer? saemor capital: Ample scope for alternative investments under Solvency II

    RubriekenFacts & Figures Uit de Markt: interview met gerard van dalen On the move special: antoinette van lier On the move kort

    Deze publicatie is uitsluitend bestemd voor professionele beleggers. Deze advertentie is uitgegeven door Aberdeen Asset Managers Limited, 10 Queens Terrace, Aberdeen AB10 1YG, dat onder toezicht staat van de Financial Services Authority in het Verenigd Koninkrijk.

    www.aberdeen-asset.nl/euro

    ALLEEN VOOR PROFESSIONELE BELEGGERS NIET BESTEMD VOOR PARTICULIEREN

    Zoals zoveel dingen zien beleggingen er op het oog vaak goed uit. Ze hebben een gerenommeerde naam, eengoede historie en de juiste herkomst. Maar als je de registers opentrekt en even rondsnuffelt, ontdek je datniet alles klopt wat er onder de kurk zit.

    Precies daarom doen we fundamenteel onderzoek naar Europese aandelen vr we er in beleggen. Dat doen we op lokaal niveau en door bedrijven persoonlijk te bezoeken.

    Op deze manier vinden we ook in deze lastige tijden de weg naar goede beleggingen. Ons onderzoek wijst uit dat een aantal van de best geleide en meest winstgevende bedrijven nog altijd wordt gevonden onder Europas oudste en meest gevestigde namen.

    Wilt u meer weten over ons European Equity Fund of ons beleggingsproces? Ga naar www.aberdeen-asset.nl/euro

    Bij de selectie van onzeEuropese beleggingentrekken we alle registers open.

    Aberdeen Global - European Equity Fund

    sterke instroom in emd zet door, Interview met William Ledward, Franklin Templeton Fixed Income Group a user guide to strategy indexes for european investors, Russell Indexes Europe

    58

    68

  • Deze publicatie is uitsluitend bestemd voor professionele beleggers. Deze advertentie is uitgegeven door Aberdeen Asset Managers Limited, 10 Queens Terrace, Aberdeen AB10 1YG, dat onder toezicht staat van de Financial Services Authority in het Verenigd Koninkrijk.

    www.aberdeen-asset.nl/euro

    ALLEEN VOOR PROFESSIONELE BELEGGERS NIET BESTEMD VOOR PARTICULIEREN

    Zoals zoveel dingen zien beleggingen er op het oog vaak goed uit. Ze hebben een gerenommeerde naam, eengoede historie en de juiste herkomst. Maar als je de registers opentrekt en even rondsnuffelt, ontdek je datniet alles klopt wat er onder de kurk zit.

    Precies daarom doen we fundamenteel onderzoek naar Europese aandelen vr we er in beleggen. Dat doen we op lokaal niveau en door bedrijven persoonlijk te bezoeken.

    Op deze manier vinden we ook in deze lastige tijden de weg naar goede beleggingen. Ons onderzoek wijst uit dat een aantal van de best geleide en meest winstgevende bedrijven nog altijd wordt gevonden onder Europas oudste en meest gevestigde namen.

    Wilt u meer weten over ons European Equity Fund of ons beleggingsproces? Ga naar www.aberdeen-asset.nl/euro

    Bij de selectie van onzeEuropese beleggingentrekken we alle registers open.

    Aberdeen Global - European Equity Fund

  • 8 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    RobeRt timmeRKennisgedreven, samen, creatief, commitment, plezier, hartenwens tot kennisdeling. Ziedaar de krachten achter zowerktpensioen.nl, de onafhankelijke website waarmee Robert timmer & co Nederlandse pensioendeelnemers weer betrokken bij pensioenen willen krijgen. Sinds de oprichting begin 2012 waren er ruim 16.000 bezoekers. Zowerktpensioen.nl is een persoonlijk initiatief van Robert timmer, Robert Verboon en Johan Krijt. timmer is daarnaast bij mastermind Consulting Senior management consultant en als strategisch specialist gericht op verandermanagement en kwaliteitsverbeteringprogrammas bij pensioenfondsen en verzekeraars. thuis in pensioen was timmer al geworden bij Ferm-in-pensioenen, Aegon, interpolis, Raet en Relan/GUo. buitenlandervaring: micropensioenproject Guatemala voor Pension Development Network, wijnmaken in Australi.

    // KORT NIEUWS

    RObERT TImmER

    toPPrioriteiten:1. Pensioen toegankelijk maken door kennisdeling. onze bezoekers

    zelfredzaam maken in pensioenzaken. www.zowerktpensioen.nl 2.0 ging net live. nu kunnen deelnemers ook hun netto pensioen berekenen;

    2. advisering van pensioenfondsen en pensioenuitvoerders. Hoe verhogen zij de kwaliteit van pensioenuitvoering? doel: deelnemers gaan pensioen weer begrijpelijk en betrouwbaar vinden;

    3. visie op de pensioenmarkt neerzetten, mastermind round table Pensioenakkoord voorbereiden;

    4. met robert verboon en Johan krijt, mijn medeoprichters van zowerktpensioen.nl, afstemmen welke thema s we verder oppakken;

    5. voorbereiden vietnam-missie (maart) met Pension development network. doel: opzetten kenniscentrum micropensioenen.

    niet minder belangriJk: Windsurfen:mijnultiemeontspanning.Alshetevenkan,misik

    geen dag met goede wind! net terug van een windsurfvakantie in kaapstad, wil ik binnenkort in nederland het water weer op. Het is nu nog iets te koud;

    Werkofwindsurfikniet,danismijntijdvoormijngezin.Naeenstrandwandeling kook ik graag voor ons, we genieten van een goed glas wijn.

    > O

    P D

    E A

    GE

    ND

    A V

    AN

    marleen Janssen groesbeek

    Wat is impact investing? evalinde eelens: De intentie en het gevolg van impact inves-ting zouden positieve uitwerkingen op milieu en maatschappe-lijke omstandigheden moeten zijn. Er moet ook sprake zijn van een acceptabel financieel rendement.

    ian simm: Het Rockefeller Institute definieert impact inves-ting inderdaad als investeringen die zijn bedoeld om posi-tieve maatschappelijke effecten te bereiken naast financile opbrengsten.

    floris lambrechtsen: Als wij als belegger individuele bedrijven selecteren, beoordelen we naast de resultaten ook hun inspanningen om dit soort effecten te bereiken. Het gaat niet alleen om de intentie. martine menko: Sommige beleggers vinden dat alle investe-ringen die sociaal- of milieuvriendelijk zijn impact investe-ringen zijn. De huidige definitie van pensioenfonds Vervoer is dat impact investing met name de twee miljard mensen op de bodem van de piramide ten goede moet komen.

    Huib-Jan de ruijter: Dat er geen eenduidige definitie van impact investing bestaat, is, denk ik, een hindernis voor de verdere ontwikkeling van het gebied. Het Global Impact Investing Network werkt eraan de definitie van impact inves-ting te harmoniseren en te standaardiseren om inflatie van het begrip te voorkomen.

    lambrechtsen: Na ethisch of thematisch beleggen is impact investing de volgende evolutie van verantwoord beleggen. Bij impact investing gaat het om concrete oplossingen die gevolgen hebben voor het leven van mensen en voor de maat-schappij, zoals het milieu. Dat is een groot verschil met de verantwoorde beleggingen uit het verleden die vooral waren gericht op het vermijden van onverantwoorde praktijken.

    menko: Beleggers zouden zich ervan moeten verzekeren en ervoor moeten zorgen dat de ondernemingen waarin zij inves-teren hun personeel correct behandelen en geen negatieve impact hebben op de maatschappij en het milieu. Een impact belegger gaat verder, die heeft de intentie en het doel om bepaalde problemen in bepaalde gebieden of bepaalde maat-schappelijke problemen op te lossen.

  • 38 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    is sinds 2009 werkzaam bij A&o Services, uitvoeringorganisatie van het bPF Schilders. Ze is onder andere verantwoordelijk voor asset allocatie, risico management en mVb. eelens verwacht dit jaar haar CAiA opleiding af te ronden. in 2012 is zij door Asset international uitgeroepen tot een van de meest veelbelovende en invloedrijke professionals wereldwijd in hun 40 under 40 editie. eelens is eerder werkzaam geweest bij bloomberg News en oyens en Van eeghen.

    >ir. evalinde eelens frm

    // RONDE TafEl IMPACT INVESTING

    eelens: Ik geloof niet dat de onderneming het oogmerk van impact hoeft te hebben, zolang de belegger dat maar heeft. Het gaat erom dat het uiteindelijke resultaat in orde is. Dat wij, als beleggers, ervoor kunnen zorgen dat een onderneming die niet in eerste instantie ergens is heengegaan om de levens van mensen of sociale omstandigheden te veranderen, toch in die zin impact heeft.

    erik-Jan stork: Als beleggers een significante impact willen hebben, moeten ze niet alleen kijken naar de kleinere bedrijven, die bij wijze van spreken puur zijn. Er moet enorm genvesteerd worden in duurzame energie, daarin spelen de grote elektrici-teitsbedrijven een belangrijke rol, zelfs als zij maar een klein aandeel duurzame energie opwekken. Wij willen die inspan-ningen graag meenemen in onze getallen over impact inves-ting. We berekenen twee keer per jaar hoeveel we investeren in bedrijven en projecten die bijdragen aan het oplossen van maat-schappelijke problemen, zoals klimaatverandering en armoede-bestrijding. We nemen onze engagementactiviteiten daarin niet mee, maar daarmee kunnen we wel degelijk impact hebben.

    lambrechtsen: Ik denk niet dat een belegger het gedrag van een onderneming echt kan veranderen. Dat kan alleen de onder-neming zelf: zij moet de business case zien. De afgelopen tien jaar is er werkelijk veel veranderd; een groep van bedrijven is om en werkt nu echt aan concrete oplossingen. Daarvoor waren het vooral mooie woorden.

    eelens: Ja, ondernemingen moeten de business case zien. Moeten ze op een dag wakker worden en die zien of kunnen beleggers daarvoor zorgen? Ik denk dat investeerders dit kunnen en moeten.

    steven evers: Bij impact investing denken wij toch in eerste instantie aan de intentie om de omstandigheden van de BoP (bottom of the pyramid) te verbeteren. Omdat wij investeren in kleinere bedrijven, zijn wij als financier vaak een belangrijke speler en kunnen wij makkelijker invloed uitoefenen. Als wij financiering verschaffen voor een nieuw product, social housing bijvoorbeeld, dan is een belangrijk criterium voor ons dat dit uit de koker van het lokale management komt en hij volledig over-tuigd is van het succes.

    de ruijter: In Nigeria werken wij nauw samen met de banken-sector. Uiteindelijk zal de hele sector, samen met de centrale bank, een veel milieu- en sociaalvriendelijkere manier van bankieren gaan toepassen, beter dan wij nu in het westen doen. Dat is mede tot stand gekomen door discussies met investeerders.

    menko: Ik ben het er volstrekt mee oneens dat engagement met grote ondernemingen impact investing genoemd kan worden. Beleggers doen daarmee niets anders dan vroegere misstappen van de onderneming corrigeren, zij stellen zich op als verantwoordelijke aandeelhouders. Alleen als de onderne-ming, op eigen initiatief, haar business case verandert, kun je het over impact op de maatschappij hebben. Alles heeft impact. Natuurlijk heeft een corrigerende actie invloed, maar dan is dat nog geen impact investing.

    simm: Bedrijven doen verschillende dingen. Neem een bedrijf dat zowel verzorgingsproducten voor de armen maakt, wat wellicht geclassificeerd kan worden als impact investing, alsook ijsjes maakt die mensen dik maken. Hoe moet dat gen-terpreteerd worden?

    menko: De motieven van bedrijven om dingen te doen die een positieve maatschappelijke impact hebben, zijn soms gewoon ingegeven door marketingoverwegingen en helemaal niet door goede bedoelingen.

    eelens: Microfinanciering heeft een aantal slechte kanten, maar dat neemt niet weg dat het toch een vorm van impact investing is, en nog wel een van de populairste. We moeten de positieve kant niet altijd laten verdringen door de negatieve kant.

    kijken jullie klanten naar de sociale- en milieu-impact of zijn zij toch nog steeds meer gericht op hun gewenste financieel rendement?

    stork: Over verantwoord investeren wordt vaak in negatieve termen gesproken: uitsluiten van ondernemingen, voorkomen van reputatierisico. Onze klanten willen zich echter ook richten op de toekomst en het bijdragen aan oplossingen. Ze

  • 39nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    is managing Director bij triple Jump. Voordat hij zich bezig ging houden met impact investing, heeft hij ervaring opgedaan bij diverse banken en is hij als strategie consultant actief geweest, onder andere bij Fmo, KbC en iNG. evers is sinds 10 jaar actief op het terrein van micro- en Sme financiering en zat zowel in het veld als aan de knoppen als fundmanager. evers is als co-founder van triple Jump instrumentaal geweest voor de ontwikkeling van de organisatie. Hij is bij triple Jump verantwoordelijk voor strategie, investor relations en transaction services. evers heeft een mbA behaald aan de ieSe business School in barcelona en heeft economie gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam.

    > steven evers

    hebben ons niet een specifiek impact mandaat gegeven, maar verwachten dat we in alle beleggingsstrategien op zoek gaan naar investeringsmogelijkheden die een positieve bijdrage leveren. Zij vragen ons hierover te rapporteren. We hebben voor iedere beleggingscategorie het vage begrip impact investing vertaald naar specifieke richtlijnen.

    eelens: Het is van groot belang, tenminste voor pensioen-fondsen, voor ogen te houden dat het doel niet het maxi-maliseren van rendementen is. Het doel is rendementen te behalen die voldoende hoog zijn om aan de verplichtingen te voldoen. Toegevoegde waarde is dus belangrijk, maar het is een persoonlijk, zeer arbitrair begrip. Zelfs als we het over de definitie van impact investing eens zouden zijn, wat niet het geval is, is het meten van de toegevoegde waarde daarvan bijna onmogelijk. Voor een pensioenfonds is een mogelijke manier om een meer directe en meetbare impact te krijgen, investeren in de sector of directe omgeving van het fonds. Als je iets kunt verbeteren dat directe invloed heeft op wat de deelnemers in hun dagelijks leven doen, is er misschien sprake van een duidelijker meetbare toegevoegde waarde.

    menko: Wat gepensioneerden van hun pensioenfonds vragen, hangt grotendeels af van de toestand van de economie en het fonds. Op dit moment willen zij allereerst rendement en de rest is nogal irrelevant. Er moet sprake zijn van een marktcon-form financieel rendement, anders zijn impact investeringen niet mogelijk.

    lambrechtsen: Impact investeringen moeten een marktcon-form rendement opleveren, net als elke andere belegging. Daarin zit geen toegevoegde waarde, maar je kunt wel zeggen dat de impactbelegger investeert in groeimarkten, bijvoor-beeld schone energie. De echte toegevoegde waarde wordt dan uitgedrukt in niet-financile termen, zoals vertrouwen. De deelnemers kunnen ervan overtuigd zijn dat het pensioen-fonds niet alleen in hun belang handelt, maar ook in het belang van de maatschappij als geheel.

    evers: Iedereen is zich er zo langzaamaan van bewust dat regeringen alleen de problemen van armoede en werkloos-heid, energieprijzen en klimaatverandering, niet kunnen

    oplossen. Daarvoor zijn private investeringen vereist. Vooral in ontwikkelingslanden zien wij voldoende kansen om finan-cieel en sociaal rendement te behalen.

    de ruijter: Bij impact investment gaat het natuurlijk ook over de risico-rendementverhouding. Wij hebben kunnen vaststellen dat het risico althans in onze portefeuille lager is dan mensen zouden verwachten. En wat belangrijker is, impact investeringen zijn heel laag gecorreleerd met de mainstream markten. Onze corporate-loan portfolio vertoont bijvoorbeeld heel weinig correlatie met wat er in de rest van de wereld gebeurt. Dat zijn goede argumenten om impact investeringen in de portefeuille op te nemen.

    simm: Nog maar zon vijf jaar geleden dacht iedereen in de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling)-landen dat het de plicht van de fiduciair was om rendementen onder alle omstandigheden te maximaliseren.

    Dat er geen eenduidige definitie van impact investing bestaat, is een hindernis voor de verdere ontwikkeling van het gebied.

  • 40 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    is opgeleid als jurist, met een specialisatie in milieurecht. Na een periode in Londen gewerkt te hebben heeft hij een mbA gevolgd, waarna hij in 1999 bij KPmG Sustainability is begonnen als adviseur. Sinds 2000 heeft Lambrechtsen diverse Nederlandse pensioenfondsen, banken en vermogensbeheerders geadviseerd over duurzaam beleggen. Als enig Nederlands lid van de expert Panel schreef hij mee aan de Principles for Responsible investing, die zich inmiddels tot de standaard voor verantwoord beleggen hebben ontwikkeld. in 2007 is Lambrechtsen gestart met Double Dividend.

    > floris lambrechtsen

    // RONDE TafEl IMPACT INVESTING

    Nu is men er in toenemende mate van overtuigd dat fiduci-aire plicht meer holistisch moet worden gezien, in de zin dat opbrengsten in verband moeten worden gebracht met risico, dat het erom gaat de risico-rendementverhouding te maxima-liseren. Of, anders gezegd, hoe kun je het risico in je portfolio managen en verminderen en kan impact investing daarbij helpen?

    als impact investing de volgende stap is in de geschiedenis van verantwoord beleggen, zou je dan kunnen stellen dat positieve impact hoe die te meten, is nog altijd een mysterie - onderdeel wordt van de fiduciaire plicht?

    menko: Ik denk dat het de plicht van de fiduciair wordt om negatieve impact voor alle stakeholders op onder andere milieu- en sociaal gebied te beperken, niet zozeer om posi-tieve impact te bewerkstelligen. Dat is een cruciaal deel van

    de fiduciaire plicht. Als dat niet serieus wordt genomen, kunnen we in de niet al te verre toekomst rechtszaken tege-moet zien die we gaan verliezen.

    eelens: Het is verstandig om te focussen op het voorkomen van negatieve impact. In Scandinavi zijn processen gevoerd omdat pensioenfondsen volgens deelnemers te veel waren gericht op positieve impact en daardoor minder rendement zouden hebben gemaakt.

    stork: Wij leggen onze klanten in de eerste plaats uit dat we marktconforme rendementen moeten behalen, maar dat we ze ook kunnen helpen nieuwe, innovatieve investeringen te vinden. Terwijl bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk privaat-publieke-samenwerking al heel gewoon is, is dat in Nederland een nog weinig ontwikkeld terrein. Door bijvoor-beeld inflatiegerelateerde obligaties kunnen wij het inflatie-risico op de lange termijn verminderen en bijdragen aan het verbeteren van de infrastructuur in Nederland. Dit soort investeringen en nieuwe instrumenten kunnen erbij helpen om meer kapitaal te mobiliseren. Dat vereist goede samenwer-king tussen toezichthouders en financile instellingen.

    simm: Het is interessant om het raakvlak tussen de publieke en private sector verder te onderzoeken. In het Verenigd Koninkrijk worden nu veel wegen en scholen gebouwd met behulp van privaat kapitaal. In Ghana bestaat een ener-giecentrale die een significante bijdrage aan de economie levert. Die centrale is geheel gefinancierd met geld van FMO en andere ontwikkelingsbanken. Over enige tijd, als blijkt dat de centrale succesvol is, zal de private sector wellicht anders denken over het risico om te investeren in of te lenen aan energieprojecten. Zo effent de publieke sector de weg naar het aantrekken van privaat geld.

    Wat zijn de belangrijkste asset classes voor impact investing?

    evers: Naast producten kijken wij vooral naar themas. Wij onderscheiden investeringen gericht op het verbeteren van inkomen en vermogen. Dit gebeurt vooral door de toegang tot financile diensten, energie en educatie te vergroten met

    Impact investeringen zijn heel laag gecorreleerd met de mainstream markten.

  • 41nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    is sinds 2006 werkzaam bij het bestuursbureau van Pensioenfonds Vervoer als medewerker beleggingen. Zij is verantwoordelijk voor de illiquide beleggingen, vastgoed, Nederlandse hypotheken, infrastructuur en impact investing. Daarnaast richt menko haar aandacht met name op verantwoord beleggen in al zijn facetten inclusief stemmen en engagement.

    > martine menko

    het doel meer welvaart te scheppen door banen te creren. Dit is een prioriteit voor ons. Daarnaast richten we ons erop om basisvoorzieningen voor de BoP te verbeteren, zoals housing, voedselvoorziening en gezondheid. Als derde categorie zijn er de fondsen die zich richten op het mitigeren van de klimaatveranderingen.

    stork: We zien ook goede mogelijkheden om te investeren in duurzame energie, waterzuivering, afvalverwerking, ziekenhuizen en scholen in ons infrastructuurmandaat, die al ongeveer 20 procent van het mandaat zijn. We zien ook goede mogelijkheden om via inflation linked bonds meer te inves-teren in duurzame oplossingen. Maar de bekendheid met dit instrument moet nog verbeteren.

    lambrechtsen: Ongeveer zes procent van onze portefeuille is genvesteerd in, wat je zou kunnen noemen, bottom of the pyramid investments: directe leningen en equity. Ongeveer twintig procent zit in grote ondernemingen, die naar onze mening bijdragen aan de mega-trends in de maatschappij als energie en klimaatverandering, gezondheidszorg en armoedebestrijding.

    Houdt dat in dat jullie bijvoorbeeld in unilever en nestl beleggen omdat een bepaald percentage van hun activiteiten werkelijk gefocused is op impact?

    lambrechtsen: Ja, beleggen in grote ondernemingen kan op grote schaal bijdragen aan de oplossing. Dat betekent wel dat je nauwgezet moet nagaan of die ondernemingen deel van de oplossing of van het probleem zijn. Gegeven het feit dat alles wat wij doen een milieu- of sociale impact heeft, is het voor ons belangrijk vast te stellen of de betreffende onder-neming haar activiteiten met negatieve impact vermindert. We moeten dus een ontkoppeling op milieu- en sociaal gebied zien ten opzichte van de omzet, en als dat zo is, zijn we bereid om te investeren.

    simm: In 1999 hebben wij een index ontwikkeld voor bedrijven die actief zijn in de milieutechnologiesector. Vereist

    is dat vijftig procent van de inkomsten, winsten of werk-kapitaal afkomstig is van welomschreven milieutechno-logiesectoren. In 2007 hebben wij met de index provider FTSE een meer precieze methodologie ontwikkeld voor ten eerste de classificatie van milieumarkten en in de tweede plaats voor het definiren van een proces waardoor onder-nemingen in het universum van milieumarkten kunnen komen. Daarbij behoorde het opzetten van een commissie van onafhankelijke deskundigen, die elke zes maanden bijeenkomt.

    stork: Grote beursgenoteerde bedrijven kunnen een belangrijke rol spelen bij bijvoorbeeld het oplossen van klimaatverandering of watertekorten. We maken gebruik van het onderzoek van dergelijke index providers om die bedrijven te identificeren, hun prestaties te beoordelen en erover te rapporteren.

    Het is wellicht makkelijker om een milieu-fonds te ontwikkelen dan een sociaal fonds. Hoe zou dat laatste moeten gebeuren?

    lambrechtsen: Richt je op de grote sociale issues en kijk welke investeringen echt kunnen bijdragen aan een betere inkomensverdeling in de wereld, aan het oplossen van armoede en aan het gezonder maken van mensen. Het is bijvoorbeeld ridicuul dat er nu meer mensen met obesitas op aarde zijn dan mensen die honger lijden.

    stork: Wij hebben veel moeite gedaan om een Global Real Estate Sustainability Benchmark (GRESB) te ontwikkelen, waardoor we nu in staat zijn om de vastgoedfondsen waarin wij beleggen te monitoren en hun performance te meten op onder andere energie- en waterverbruik. We weten dat de ondernemingen, die wij Green Stars noemen, in staat zijn jaarlijks drie procent minder energie te verbruiken tegen-over een gemiddelde van n procent. Investeren in Green Stars beschouwen wij dan ook als impact investing. Het gaat bij ons om circa 3,5 miljard euro. Door GRESB dagen we een hele sector uit om onder andere de energie- en waterperformance te verbeteren.

  • 42 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    is Director Financial markets bij Fmo, de Nederlandse ontwikkelingsbank. Daar is hij verantwoordelijk voor de treasury activiteiten van Fmo en voor het arrangeren van co-investeringen in krediettransacties. Voordat hij zich aansloot bij Fmo, was hij executive Director in de Financing Group bij Goldman Sachs in London. Daarvoor was De Ruijter werkzaam bij AbN Amro in diverse functies in Amsterdam, London en Lissabon. Hij studeerde bedrijfskunde en rechten in Groningen.

    > Huib-Jan de ruijter

    // RONDE TafEl IMPACT INVESTING

    evers: Er is gesproken over het verschil tussen n en drie procent. In een land als Nigeria kan met dezelfde inspanning een verschil van drie-, vier-, vijfhonderd procent gemaakt worden.

    eelens: Het project in Nigeria heeft een asymmetrische verdeling van rendementen. Dit heeft gevolgen voor het risicoprofiel van de portefeuille. Hoe verder je weggaat van je eigen omgeving of maatschappij, hoe moeilijker het wordt om de niet-financile opbrengsten te evalueren en te meten. Theoretisch wordt het rendement van impact inves-ting gevormd door een financieel en niet-financieel deel. Dat moeten wij aan de bestuurders kunnen uitleggen. Dus moeten we alles zo meetbaar mogelijk maken.

    over meetbaarheid kan FMo veel zeggen.

    de ruijter: We hebben het daar al even over gehad. De finan-cile risicos van impact investing zijn lager dan veelal wordt gedacht.

    eelens: Dat komt door de asymmetrische verdeling. Venture capital is ook laag gecorreleerd met andere asset classes. Zolang dit in verhouding staat tot de rest van je portefeuille is je risicoprofiel perfect. Maar het punt is dat selectie steeds moeilijker wordt als je in asset classes met een asymmetrische verdeling gaat beleggen.

    menko: De uitdaging is hoe om te gaan met een toezicht-houder die niet wil dat wij van de standaard benchmarks afwijken. Het tweede is dat het concept van in control zijn een valse zekerheid creert.

    de ruijter: Terug naar het begrip meetbaarheid. De grote vraag is hoe je op een juiste manier kunt meten, dat is onge-looflijk moeilijk. We werken daar al heel lang aan en zijn nog altijd bezig het meetproces verder te verfijnen. Wat interes-sant is, is dat er ex-post een hoge correlatie bestaat tussen een goede financile uitkomst en een maatschappelijke ontwikkelingsuitkomst. Je ziet nauwelijks een goede ontwik-kelingsuitkomst zonder een goede financile uitkomst. Dat is een teken dat beide hand in hand gaan.

    menko: Wat me ergert is dat we wat betreft milieu, maatschappij en governance veel hogere normen lijken te hanteren bij impact investeringen dan bij gewone mainstreambeleggingen.

    omdat we de term impact gebruiken, moet dus alles perfect zijn?

    lambrechtsen: Het is onmogelijk n gemeenschappelijk kenmerk te hebben voor sociale en milieu impact. Dat moeten we accepteren. Bij impact investing gaat het om vertrouwen dat de aanbieder opbouwt door zijn werk goed te doen en adequaat te rapporteren.

    evers: Als het om meten gaat, onderscheiden we tussen twee niveaus. Aan de ene kant maken we gebruik van de ESG-tools om ondernemingen te beoordelen; aan de andere kant van de veel moeilijkere en vaak wetenschappelijke methode om werkelijk te meten wat de impact is op de eindklant. Daarvoor is veel meer onderzoek nodig. Binnen onze investeringspor-tefeuille zien wij dat goede financile prestaties hand in hand gaan met goede sociale prestaties. Als je op een goede en bewuste manier omgaat met je eindklanten, heb je als onder-neming daar ook in financile zin profijt van. Als je de zorg-plicht serieus neemt, worden de kredietrisicos lager.

    stork: Ik zie nog weinig institutionele beleggers rapporteren over hoeveel ze in impact investeren. Voordat we praten over het meten en rapporteren van impact, zou ik graag zien dat meer investeerders inzicht geven in hoeveel ze in bijvoorbeeld duurzame energie investeren in de verschillende asset classes. En om transparanter te zijn over de gebruikte definitie.

    eelens: Vertrouwen is een heel belangrijke basis van elke verhouding, maar het is niet genoeg. Het moet ook meetbaar en controleerbaar zijn. Wat betreft de meetbaarheid van impact investing, is het van groot belang over een geigende benchmark te beschikken. Die te vinden is niet eenvoudig, want de juiste en meetbare benchmark zal op de een of andere manier ook rekening moeten houden met niet-financile impact. Wat is de juiste benchmark? Waarom gebruikt het ene pensioenfonds benchmark A en het andere benchmark B en

  • 43nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    zegt een derde pensioenfonds dat benchmark hetzelfde is als portfolio? De discussie daarover is van groot belang voor impact investing.

    menko: Er zal nooit n benchmark voor impact investeringen komen, want impact investing is een containerbegrip. Er zijn zoveel soorten impact investeringen: fixed income, private equity, hybride, genoteerde, niet-genoteerde. Dat houdt in dat we verschillende benchmarks voor impact investeringen moeten hebben. Zon benchmark vertoont veel gelijkenis met elke andere benchmark aan de financile kant, maar daaren-boven wordt de impact gemeten. Dat wordt bij fixed income, private equity en onroerend goed op dezelfde manier gedaan.

    de ruijter: Het meten van impact is een deel van de vergelij-king. Het andere is attributie, toebedeling, wat in potentie zelfs nog moeilijker is dan meten. We zijn daar nog niet verder dan wat schetsen, want het is buitengewoon ingewikkeld om de uiteindelijke impact toe te schrijven aan een eerder gedane bepaalde investering.

    simm: Misschien ter verduidelijking een voorbeeld: wij meten, in samenwerking met FTSE, heel accuraat het percen-tage ondernemingsactiviteit op een gebied als hernieuwbare energie, maar we meten niet de koolstofbesparing of de impact op opwarming van de aarde.

    menko: Als je vasthoudt aan traditionele indices, maak je de actieve keuze dat je ESG (environment, social, governance)- integratie niet relevant vindt.

    de ruijter: Dat is alleen het geval bij een passief mandaat. Als je een actief mandaat hebt, ben je in staat om van de conven-tionele benchmark af te wijken.

    menko: Dat is precies wat ik bedoel. Iets anders is dat wij te maken hebben met het feit dat anderen, die een bepaalde perceptie van impact hebben, zoals bijvoorbeeld PRI (Principles for Responsible Investment), ons meten. Er moet dus of een heldere eenduidige definitie van impact investing komen, op basis waarvan wij allemaal kunnen rapporteren, of

    we moeten de notie van impact investing laten varen en het gewoon investeren noemen.

    eelens: Beschouw PRI en andere niet als alwetende autori-teiten op het gebied van impact investing. Zij kunnen een andere definitie van impact investing hanteren, maar het belangrijkste voor mij is dat ons bestuur en onze deelnemers het eens zijn over een eigen definitie.

    Is dit een specifiek probleem voor pensioenfondsen?

    simm: Er zijn twee problemen: we leven in een gereguleerde omgeving en de toezichthouder is verantwoordelijk voor het managen van risico binnen het systeem. Het is heel moeilijk

    is oprichter en Ceo van impax Asset management Group plc, dat voor meer dan 100 institutionele beleggers wereldwijd circa GbP 2 miljard beheert danwel adviseert in alternatieve energie en daarmee samenhangende sectoren. Voorheen was Simm werkzaam als engagement manager bij mcKinsey & Company in Nederland, waar hij bedrijven adviseerde op het gebied van milieu gerelateerde vraagstukken. Hij heeft een eerste klas graad in Natuurkunde van Cambridge University en een master in Public Administration van Harvard University.

    > ian simm

    Wat me ergert is dat we wat betreft milieu, maatschappij en governance veel hogere normen lijken te hanteren bij impact investeringen dan bij gewone mainstreambeleggingen.

  • 44 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    // RONDE TafEl IMPACT INVESTING

    is Senior Sustainability Specialist bij APG Asset management. Daar werkt hij nauw samen met portfolio managers van beursgenoteerde aandelen en bedrijfsobligaties aan de verdere integratie van eSG issues in de investeringsprocessen. Daarnaast cordineert hij de monitoring en rapportage van APGs investeringen met hoge duurzaamheidswaarde. Stork heeft een focus op klimaatverandering en zit als vertegenwoordiger van APG in het bestuur van de institutional investor Group on Climate Change (iiGCC). Voordat hij zich aansloot bij APG, was hij werkzaam bij KPmG en Shell.

    > erik Jan stork

    voor de toezichthouder om te accepteren dat elke instel-ling een eigen versie van impact investing heeft. Het tweede probleem, dat meer van praktische aard is, is dat van de transactiekosten. Nu we allemaal worstelen met concepten van definities is het zinvol dat de sector probeert overeen-stemming te bereiken over bepaalde standaards. Dan kunnen we onze beperkte middelen verenigen om benchmarks op een effectieve manier te kopen.

    lambrechtsen: Als de benchmark in financile zin voor main-stream en impact investeringen dezelfde is, waarom zou je dan moeten differentiren en extra moeite doen de impact in een heel klein deel van je portfolio te meten?

    menko: mee eens. Waarom meten we niet de impact van de totale portfolio?

    evers: Als er door professionele partijen qua rendementver-eisten geen onderscheid wordt gemaakt tussen de impact

    portefeuille en de gewone portefeuille, zouden ESG-vereisten ook dezelfde dienen te zijn.

    Welke soorten problemen willen jullie als beleggers helpen oplossen? energie, sociale onrechtvaardigheid? Moet daarbij worden samengewerkt met de World Business Council for Sustainable development (WbcSd), een organisatie waarbij de financile sector volledig afwezig is?

    menko: Op die vraag is geen eenvoudig antwoord te geven, want veel hangt af van wie je deelnemers zijn. Bij een pensioenfonds zoals Zorg en Welzijn liggen sociale welvaart en gezondheidszorg wellicht nader aan het hart dan andere themas. Onze deelnemers zullen zich vermoedelijk zeer betrokken voelen bij het oplossen van vervoersproblemen in Nederland en elders in de wereld. ABP heeft vooral ambte-naren als deelnemers, maar die oefenen heel verschillende beroepen uit. Zo bezien is het heel belangrijk dat institutio-nele beleggers met elkaar overleggen: wellicht kunnen we met zijn allen het hele spectrum dekken.

    lambrechtsen: Als je alleen naar de persoonlijke opvat-tingen van de deelnemers kijkt, zou dat impact investing zeer beperken. Beleggers moeten echt begrijpen wat er in de wereld aan de hand is, ten aanzien van klimaatverande-ring en energie, ecosystemen en natuurlijke hulpbronnen, demografie en welvaart. Vervolgens moet dat begrip worden vertaald naar de verschillende asset classes, wat betekent het voor aandelen, vastgoed, staats- en bedrijfsobligaties? Als je allerlei publicaties, als die van het World Economic Forum en het World Risk Report, bij elkaar voegt, kun je de roadmap van WBCSD begrijpen en toepassen op de samenstelling van de beleggingsportefeuille.

    eelens: Als beleggers zouden wij ons moeten richten op finan-cile duurzaamheid. Als we dat in het verleden meer hadden gedaan, zouden veel crises zijn voorkomen, want die hadden veel te maken met kortetermijn denken.

    stork: De grote uitdaging is hoe we de langetermijnrisicos,

    Ik zie nog weinig institutionele beleggers rapporteren over hoeveel ze in impact investeren.

  • 45nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    Het Rockefeller institute definieert impact investing als investe-ringen die zijn bedoeld om positieve maatschappelijke effecten te bereiken; ze moeten daarnaast ook financieel rendabel zijn. met deze definitie kun je veel kanten op, wat de rondetafeldiscussie nog eens extra duidelijk maakte. Dat er geen eenduidige definitie van impact investing bestaat, is een mogelijke hindernis voor de verdere ontwikkeling daarvan. Dat zou jammer zijn, want impact investing is, zoals een deelnemer zei, na ethisch of thematisch investeren de volgende evolutie bij verantwoord investeren. over de vraag of een impact belegger het gedrag van ondernemingen kan veranderen, lopen de meningen uiteen. De motieven van bedrijven

    om dingen te doen die een maatschappelijke impact hebben, zijn soms gewoon ingegeven door marketingoverwegingen. Hoe maat-schappelijke impact gemeten kan en moet worden is eigenlijk nog een mysterie. er zal nooit n benchmark voor impact investeringen komen, want impact investing is een containerbegrip en daarom zullen er voor de verschillende soorten impact investeringen verschillende benchmarks gebruikt moet worden. om impact inves-teringen meer mainstream te maken, moeten ze transparant zijn: het dient duidelijk te zijn waarom ze bijvoorbeeld over het alge-meen minder toegankelijk en liquide zijn en meestal gepaard gaan met hoge transactiekosten.

    conclusie

    die grote gevolgen kunnen hebben voor de economie en groei, kunnen vertalen naar kortetermijnacties. We willen graag meer investeren in hernieuwbare energieprojecten, maar dan moeten er stabiele beleidskaders aanwezig zijn. Helaas zien we dat ondersteunend beleid soms wordt teruggedraaid of dat weeffouten in bijvoorbeeld het Europese Emissie Handel Systeem niet worden gerepareerd. We trekken samen met 80 andere Europese investeerders, verenigd in de Institutional Group on Climate Change, op om er alles aan te doen om de politiek ervan bewust te maken hoe wij over zon investering denken en hoe we kijken naar de langetermijnrisicos.

    simm: We moeten beleidsmakers een spiegel voorhouden en ze wijzen op de gevolgen van hun beslissingen. Een van de belangrijkste redenen dat projectfinanciering in Afrika niet significant van de grond komt, is het ontbreken van eigendomsrechten en rechtsregels. Institutionele beleg-gers kunnen, in partnership met organisaties als FMO en Wereldbank, regeringen in Afrika helpen wettelijke struc-turen te vormen waardoor het risico van investeerders wordt verminderd.

    eelens: Een van de grootste risicos niet alleen voor pensioenfondsen, maar voor alle beleggers is dat de sector zich met name richt op het minimaliseren van het risico. Dat kan tot de ondergang van ons allemaal leiden. We hebben

    geen risicominimalisering nodig maar risico-optimalisering. De toezichthouder ziet dat vaak niet in, omdat hij teveel is gericht op de korte termijn en zich focust op al die gevallen waarin het fout is gegaan en niet op het gehele universum.

    de toezichthouder belemmert impact investing?

    eelens: Beperkte liquiditeit en gebrek aan een eenduidige benchmark leiden met name tot druk op de alternatieve investeringen.

    stork: Wij moeten momenteel voorzichtig zijn met het vergroten van het mandaat voor minder liquide beleggings-categorien, juist vanwege de discussie met de toezicht-houders over liquiditeit. We moeten kennelijk beter uitleggen wat ons cruciale punt is. De dialoog met beleidsmakers en toezichthouders is daarom heel belangrijk.

    lambrechtsen: Impact investeringen zijn niet altijd toegankelijk, liquide, en de transactiekosten zijn hoog. Dat zijn belangrijke barrires waar we rekening mee moeten houden en die we moeten uitleggen als we willen dat dit soort investeringen mainstream wordt. Ik geloof dat impact investing gediend is bij een bredere definitie, die ook de net genoemde karakteristieken toegankelijkheid, liquiditeit en transactiekosten - omvat.

  • 46 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    negeren van eSg-crITerIa: looP HeT rISIco nIeT!Door Jean Medecin, senior productspecialist BNP Paribas Investment Partners

    // gESPONSORDE bIjDRagE

    Door Anja Meijer, Head of Marketing & Sales Support bij F&C Netherlands B.V

    een decennium geleden was het hebben van een duurzame beleggingsportefeuille een ambitie die maar weinig institutionele beleggers op hun agenda hadden staan.

    i n 2007 nam de vraag naar maatschappelijk verantwoord beleggen onder pensioenfondsen en verzekeraars (vooral genitieerd vanuit een potentieel reputatierisico) in korte tijd toe door de Zembla-uitzending over het beleggen in producenten van clusterbommen en landmijnen.

    Nu, nog geen tien jaar later, lijkt duurzaamheid een thema dat niet meer weg te denken is van de agendas van institutio-nele beleggers.

    Zo heeft het Verbond van Verzekeraars eind 2011 een Code Duurzaam Beleggen voor haar leden gentroduceerd, waarmee leden moeten voldoen aan de VN Principles voor Responsible Investments, de VN Global Compact en beleggen in cluster-munitie moeten uitsluiten. Ook Eumedion heeft in 2011 voor haar deelnemers tien best practices opgesteld om verantwoord en betrokken aandeelhouderschap bij Nederlandse beursvennootschappen te bevorderen.

    Bovendien is vanaf januari dit jaar het wettelijk verbod op aantoonbare directe investeringen (of cruciale onderdelen) in de productie, verkoop en distributie van clustermunitie in werking getreden. De regeling is een nadere uitwerking van het in de Wet financieel toezicht neergelegde principe van integere bedrijfsvoering.

    Kortom, de institutionele markt zelf heeft in de loop der jaren al een aantal richtlijnen opgesteld om de beleggingen van pensioenfondsen en verzekeraars meer duurzaam te maken.

    Uit de meest recente benchmarkstudies van het VBDO voor zowel pensioenfondsen als verzekeraars blijkt eveneens dat er steeds meer aandacht is voor duurzaamheid binnen de beleg-gingsportefeuilles. Een maatschappelijk verantwoorde beleg-gingsportefeuille lijkt dan ook steeds meer gemeengoed te worden en een logische vervolgstap is dan ook het integreren

    van informatie over milieu, maatschappij en corporate governance (de zogenaamde ESG-criteria) in de reguliere beleggingsprocessen. Maar hoe ga je hier in de praktijk mee om?

    kwantificeren van de risicos Allereerst is het belangrijk om de risicos op basis van de ESG-criteria te kwantificeren. Hierbij is een twee- dimensionale aanpak wenselijk, waarbij gekeken wordt op zowel macro- als microniveau.

    MAcro-NiveAu Op macro-niveau kunnen de ESG-risicos op land- en sectorniveau in kaart gebracht worden, bijvoor-beeld op basis van gegevens van externe bronnen als de Wereldbank. Hierbij is het zaak niet alleen te kijken naar het land waarin de onderneming haar hoofdkantoor heeft, maar naar alle landen waarin het bedrijf actief is. Ook moet aan de sector waarin de onderneming actief is, een ESG-risico worden toegekend. Zo heeft bijvoorbeeld de olie- en gassector een hoger ESG-risico dan de zorgsector.

    Micro-NiveAu Parallel dient aan de individuele ondernemingen een ESG-risicoscore toebedeeld te worden op basis van de corporate governance, alsook aan de bedrijfsvoering op het gebied van mens, milieu en maatschappij. Hiervoor kan veelal informatie uit jaarverslagen worden gebruikt.De risicos op macro- en microniveau worden gecombineerd tot een totaalscore ESG.

    Toch moeten beleggers niet blind varen op deze kwanti-tatieve score, omdat data veelal met een verschillende frequentie worden geactualiseerd. Bovendien geven data op zichzelf niet de achtergrondinformatie die nodig is om het land, de sector en/of de onderneming volledig te door-gronden. Een kwalitatieve visie is dan ook niet alleen een wenselijke aanvulling op de kwantitatieve score, maar in principe ook een vereiste.

  • 47nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    Foto

    : Arc

    hie

    f F&

    C

    Anja Meijer

    kwalitatieve visie Deze kwalitatieve visie op de ESG-risicos kan alleen maar worden geleverd door een gespecialiseerd team op het gebied van verantwoord beleggen, dat in alle regios toegang heeft tot senior management binnen de betreffende onderneming. Een dergelijk team kan het genuanceerde onderscheid maken of een dergelijke onderneming de betreffende ESG-risicos al heeft onderkend danwel reeds adresseert of niet. Bovendien heeft zon team veelal toegang tot andere mensen en gege-vens binnen een onderneming dan bijvoorbeeld analisten.

    de PraktiJk Maar betekent een hoog ESG-risico automatisch dat de onder-neming niet geselecteerd wordt? Daar is geen eenduidig antwoord op en dat lichten wij graag toe aan de hand van een aantal illustratieve voorbeelden.

    GleNcore Glencore is een producent en handelaar van grondstoffen, energie en landbouwproducten, een grote onderneming met een significante weging in benchmarks. Combineer je de kwantitatieve score met de kwalitatieve visie, dan zijn de ESG-risicos voor dit bedrijf echter hoog.

    De reden voor dit hoge ESG-risico is het feit dat de onderne-ming onder andere betrokken is bij illegale verschepingen van olie, belastingfraude, ontwijken van internationale sancties, het ondermijnen van veiligheidsvoorschriften en ernstige vervuiling in ontwikkelingslanden. Vanwege de significante weging van Glencore in benchmarks (voor sommige porte-feuilles 0,55%-0,9% in het jaar 2012), kan uitsluiting leiden tot grotere relatieve risicos ten opzichte van de doelstelling (de index).

    AMericAMovil America Movil is een bedrijf in mobiele telefonie dat opereert in 18 landen in Zuid-Amerika en de VS. Het biedt vaste telefonie, internet en betaaltelevisie. America Movil is een sterk en stabiel bedrijf met een conservatief beleid en aantrekkelijke organische groeivooruitzichten. Zonder

    rekening te houden met ESG-criteria lijkt America Movil een aantrekkelijke investering. Echter, America Movil wordt geconfronteerd met diverse lopende mededingingszaken en onvolkomenheden op corporate-governancegebied. Daardoor is er een zeker ESG-risico, maar in combinatie met de fundamentele visie kan ervoor worden gekozen om de weging van deze naam in de portefeuilles te handhaven.

    Tot slot als laatste voorbeeld een onderneming die recent, in 2011 en 2012, nog negatief in het nieuws is geweest: News Corporation (News Corp).

    NeWscorp News Corp is een groot en sterk wereldwijd opererend gediversifieerd mediabedrijf met onder andere activiteiten in film, televisie, kranten, tijdschriften en boeken. De fundamentele visie voor het bedrijf lijkt dan ook positief. Echter, het bedrijf haalde het wereldnieuws met de telefoonafluisterschandalen. Potentile juridische claims, de afbreuk van het imago van het bedrijf in combinatie met de relatieve weging in de benchmarks, zouden ertoe kunnen leiden geen positie meer in de portefeuille aan te houden.

    integratie, maar gn eenduidig beleid Bovengenoemde voorbeelden laten zien dat het incorporeren van ESG-criteria in het beleggingsproces niet noodzakelijkerwijs betekent dat een onderneming wordt uitgesloten. Er kunnen gegronde redenen zijn voor opname van de onderneming in de portefeuille.

    De integratie van ESG-criteria in reguliere beleggings-processen leidt in ieder geval tot beter risicobeheer en betere achtergrondinformatie over de individuele posities. Engagement verschaft u daarbij het alibi dat potentieel kan leiden tot uitsluiting. En zeg nu zelf: het negeren van ESG-criteria, u loopt het risico toch niet?

    Kortom, de institutionele markt zelf heeft in de loop der jaren al een aantal

    richtlijnen opgesteld om de beleggingen van pensioenfondsen en verzekeraars

    meer duurzaam te maken.

  • 48 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    Het belang van duurZaamHeid biJ toonaangevende ondernemingen Over de hele wereld hebben toonaange-vende ondernemingen erkend dat duur-zaamheid een belangrijke strategische succesfactor is voor hun bedrijfsresul-taat en reputatie. Duurzaamheid heeft aan belang gewonnen en is verschoven van een onderwerp voor investor relations naar de agenda van het topmanagement. Dit wordt bevestigd in de MIT Sloan Management Review (Winter 2012). In een onderzoek onder 3.000 topmanagers blijkt dat bij 70% van de ondernemingen duurzaamheid op de agenda van het topmanagement staat. Tien jaar geleden kwam uit dit onderzoek nog slechts 20% naar voren. Een concreet voorbeeld is Unilever met een ambitieus strategisch tienja-renplan om de winst te verdubbelen

    oog voor duurzaaMHeId loonT

    In dit artikel wordt inzicht gegeven in hoe toonaangevende ondernemingen voorop lopen op het gebied van duurzaamheid en in wat de concrete toegevoegde waarde is van een duurzame beleggingsstrategie voor pensioenfondsen en andere institutionele beleggers.

    Door Erik Breen en Daniel Wild

    // THEma DUURzAAM EN VERANTWooRD BELEGGEN

    figuur 1: cumulatieve outperformance in %

    7

    SAM White Paper

    Alfa uit duurzaamheid

    Onderzoeksbenadering

    Duurzaamheid kan leiden tot outperformance

    Long-/shortportefeuille (portefeuille 1 vs. portefeuille 5)Portefeuille 1 Toonaangevend in duurzaamheid (top 20%)Portefeuille 5 Achterblijvend in duurzaamheid (laagste 20%)

    Benchmark: Bedrijven die beoordeeld zijn op basis van de SAM Corporate Sustainability Assessment

    Meeteenheid: Totale duur -zaamheidsscore (economische, milieugerelateerde en sociale criteria)

    In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.

    CUMULATIEVE OUTPERFORMANCE IN %

    PORTEFEUILLE 1 PORTEFEUILLE 5 LONG/SHORT TOONAANGEVEND ACHTERBLIJVEND (PF. 1 VS. PF 5) IN DUURZAAMHEID IN DUURZAAMHEID

    Outperformance (p.j. in %) 1,74 -1,87 3,68Tracking error (in %) 3,27 2,70 5,08Informatieratio 0,53 -0,69 0,72T-Stat 1,66 -2,09 2,25

    TERMINOLOGIE

    Outperformance (per jaar in %): geeft de gemid -

    delde outperformance op jaarbasis van een bepaalde

    portefeuille weer ten opzichte van de gehele groep

    van bedrijven (portefeuilles 1, 2, 3, 4 en 5).

    Tracking error (in %): geeft aan in welke mate

    een portefeuille overeenkomt met de gehele groep

    die als benchmark fungeert, zoals gemeten door de

    standaarddeviatie van de relatieve aandelenrende -

    menten.

    Informatieratio: outperformance/tracking error. Dit

    is een maatstaf van risicogecorrigeerd rendement.

    T-statistiek: in deze context is dit een maatstaf van

    statistische signicantie.

    Bron: Robeco

    en tegelijkertijd de belasting van het milieu te halveren.

    barrires voor institutionele beleggers Een dergelijke ambitie ontbreekt nog bij institutionele beleggers. Wat zijn de barrires voor institutionele beleggers op het gebied van duurzaamheid?

    Een belangrijke verklarende factor is dat het bedrijfsleven stuurt op voor-uitkijkende cijfers en pensioenfondsen sturen op terugblikkende cijfers. Waar bedrijven investeringsbesluiten nemen op basis van verwachte kosten en opbrengsten, beslissen pensioen-fondsen grotendeels op basis van historische datasets en bewezen track-records. Dergelijke lange trackrecords op het gebied van duurzaam beleggen

    zijn er nog niet, maar worden nu gelei-delijk opgebouwd.

    Maar minstens zo belangrijk is de druk van de toezichthouders, waar beheerders van pensioengeld mee te maken hebben. Veel van hen bevestigen dat ze steeds vaker verslag moeten uitbrengen aan hun raad van trustees of toezichthouders over de resultaten van hun beleggings-fondsen en dat ze in sommige gevallen de performancecijfers zelfs bijna dage-lijks moeten volgen. Dit is in strijd met de langetermijnvisie van duurzaam beleggen: het duurt tenminste 3 tot 5 jaar voordat de financile effecten van duurzaamheidsstrategien zichtbaar worden. Duurzaamheid draagt juist bij aan een optimaal rendement op de lange termijn. Nu investeren in duurzaamheid betaalt zich op lange termijn uit.

  • 49nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    1 er zijn kleine veranderingen toegepast in het universum en de methodologie voor de periode tussen 2009 en 2010 (Canadese aandelen zijn wel meegenomen in deze periode), maar dit had geen invloed op de conclusies die hier zijn beschreven.

    Dit artikel is geschreven door erik breen, Senior vice president, Hoofd Governance & Active ownership en Daniel Wild, Hoofd Research en Lid executive Committee bij RobecoSAm.

    argumenten om barrires te doorbreken Duurzaamheid verbetert en verfijnt het beleggingskader. Traditioneel houdt een beleggingskader rekening met asset-allocatie beslissingen, het toezicht op de vermogensbeheerders en het risicobeheer. Duurzaamheid is een toevoeging aan dit beleggingsraamwerk, dat helpt met het behalen van zowel financile als niet-financile doelen.

    financieel voordeel van een duurZame beleggingsstrategie Het is inmiddels herhaaldelijk aangetoond in academisch onderzoek: de financile resultaten van een onderneming, waaronder de waarde voor de aandeelhouder, hebben een positieve correlatie met haar prestaties op het gebied van duurzaamheid. Een voorbeeld hiervan is het RobecoSAM onderzoek Alpha from Sustainability (2011).

    Dit onderzoek heeft als uitgangspunt alle ondernemingen die deelnamen in de jaarlijkse Corporate Sustainability Assessment in de periode 2001 2010, met uitzondering van emerging markets en Canada. Deze dataset bestaat uit ongeveer 465 ondernemingen die elk jaar hebben deelgenomen. Dit universum van ondernemingen is verdeeld in vijf individuele portefeuilles met een gelijk aantal ondernemingen. De verdeling vond plaats op basis van de duurzaam-heidsscore. Portefeuille 1 bevat de

    duurzaamheidsleiders en portefeuille 5 bevat de duurzaamheidsachterblijvers. De portefeuilles werden maandelijks gerebalanced om een gelijkwaardige weging van alle ondernemingen te hand-haven. Om het alpha potentieel onaf-hankelijk van andere factoren te kunnen meten, zijn restricties toegepast om het effect te neutraliseren van omvang, sector of regio1.

    De resultaten van de statistische analyse zijn opgenomen in figuur 1 en figuur 2. In figuur 1 laat de donkerblauwe lijn de outperformance zien van de eerste portefeuille met duurzaamheidsleiders ten opzichte van de gehele steekproef aan ondernemingen. De lichtblauwe lijn betreft de underperformance van portefeuille 5 met duurzaamheidsachter-blijvers versus de brede steekproef. De groene lijn betreft de outperformance van een beleggingsstrategie die long belegt in duurzaamheidsleiders en short gaat in de duurzaamheidsachterblijvers.

    De positieve relatie tussen duurzaamheid en financile prestaties, aandelenren-dementen en superieure alpha, wordt aangetoond door de positieve informa-tieratio van 0,53 van de portefeuille met duurzaamheidsleiders. Alle drie de regios (VS, Europa en Japan) droegen bij aan de outperformance en de informatie-ratio was positief in zowel bull- als bear markten, wat de voordelen op het gebied van risicobeheer bevestigt.

    Dat er ook waarde wordt gecreerd door de leiders te selecteren en de achterblijvers te vermijden, blijkt uit de positieve informatieratio van de long/short strategie van 0,72. Deze strategie deed het uitzonderlijk goed in crisisperiodes en vlak daarna, een indicatie voor inherent betere risicokenmerken.

    andere voordelen Naast bovenstaand financieel voordeel zijn er ook niet-financile voordelen bij een duurzame beleggingsstrategie voor institutionele beleggers.

    Een niet-financieel voordeel is de impact op maatschappelijk verantwoord terrein. Sommige beleggers willen met hun beleg-gingsstrategien een positieve bijdrage leveren op sociaaleconomisch gebied zonder hun financile resultaten in gevaar te brengen. De impact van beleggingen kan worden vergroot door in directe dialoog te treden met de bedrijven over specifieke duurzaamheidsthemas.

    Een ander aspect betreft de communicatie richting sponsoren, deelnemers en het grote publiek. Een duurzame beleggingsstrategie biedt pensioenfondsen de mogelijkheid om te verantwoorden hoe er met het vermogen is omgegaan. De verwachting is dat vermogensbeheerders steeds vaker zal worden gevraagd om informatie te verstrekken over specifieke beleggingsbeslissingen en engagement initiatieven, inclusief kwantitatieve documentatie over de sociaalecologische voordelen van beleggingen. figuur 2

    7

    SAM White Paper

    Alfa uit duurzaamheid

    Onderzoeksbenadering

    Duurzaamheid kan leiden tot outperformance

    Long-/shortportefeuille (portefeuille 1 vs. portefeuille 5)Portefeuille 1 Toonaangevend in duurzaamheid (top 20%)Portefeuille 5 Achterblijvend in duurzaamheid (laagste 20%)

    Benchmark: Bedrijven die beoordeeld zijn op basis van de SAM Corporate Sustainability Assessment

    Meeteenheid: Totale duur -zaamheidsscore (economische, milieugerelateerde en sociale criteria)

    In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.

    CUMULATIEVE OUTPERFORMANCE IN %

    PORTEFEUILLE 1 PORTEFEUILLE 5 LONG/SHORT TOONAANGEVEND ACHTERBLIJVEND (PF. 1 VS. PF 5) IN DUURZAAMHEID IN DUURZAAMHEID

    Outperformance (p.j. in %) 1,74 -1,87 3,68Tracking error (in %) 3,27 2,70 5,08Informatieratio 0,53 -0,69 0,72T-Stat 1,66 -2,09 2,25

    TERMINOLOGIE

    Outperformance (per jaar in %): geeft de gemid -

    delde outperformance op jaarbasis van een bepaalde

    portefeuille weer ten opzichte van de gehele groep

    van bedrijven (portefeuilles 1, 2, 3, 4 en 5).

    Tracking error (in %): geeft aan in welke mate

    een portefeuille overeenkomt met de gehele groep

    die als benchmark fungeert, zoals gemeten door de

    standaarddeviatie van de relatieve aandelenrende -

    menten.

    Informatieratio: outperformance/tracking error. Dit

    is een maatstaf van risicogecorrigeerd rendement.

    T-statistiek: in deze context is dit een maatstaf van

    statistische signicantie.

    Bron: Robeco

    outperformance (per jaar in %): geeft de gemiddelde outperformance op jaarbasis van een bepaalde portefeuille weer ten opzichte van de gehele groep van bedrijven (portefeuilles 1, 2, 3, 4 en 5).

    tracking error (in %): geeft aan in welke mate een portefeuille overeenkomt met de gehele groep die als benchmark fungeert, zoals gemeten door de standaarddeviatie van de relatieve aandelenrendementen.

  • 50 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    Door Maaike Veen

    Het is hoog tijd dat grote institutionele beleggers echt duurzaam gaan beleggen in plaats van een groen sausje over hun beleggingen te gieten. duurzaam beleggen is geen ideologie, het is pure noodzaak, zegt Marilou van golstein brouwers, directeur Triodos Investment Management.

    MeT eTFS creer Je geen WerkgelegenHeId

    // INTERVIEW OP maaT

    d uurzaamheid is geen modegril, maar een religie, betoogden twee redacteuren van dagblad Trouw begin dit jaar. Zij stelden de kleine catechismus van het Groene Geloof op, die veel bijval kreeg. Duurzaamheid wordt met gods-dienstige pathos, apocalyptische beelden, schuldge-voel en zendingsdrang uitgedragen, aldus Trouw

    De discussie moet juist uit de ideologische hoek gehaald worden, zegt Marilou van Golstein Brouwers, managing director Triodos Investment Management. Om te vervolgen: Duurzaamheid is pure noodzaak. Wij zullen duurzaam moeten leven door minder beslag te leggen op resources en de aarde niet uit te putten.

    Triodos Bank en Triodos Investment Management gelden als voorbeelden voor duurzaam bankieren en beleggen. Wij hopen dat de grote institutio-nele beleggers onze manier van beleggen gaan omarmen. Want zoals een paar, maar nog niet veel grote ondernemingen van duurzaam produceren een topprioriteit hebben gemaakt, geldt dat ook voor de grote institutionele beleggers, vindt Van Golstein Brouwers.

    We zien Family offices en grote klanten in private banking meer richting duurzaam beleggen en impact investing bewegen dan de wat grotere pensioen-fondsen in Nederland en daar buiten. We zien ook groei bij particuliere beleggers die keuzes willen maken met hun vermogen. Zij zien ook dat hoe er op dit moment in de financile wereld wordt belegd een doodlopende weg is.

    Er is een grote discrepantie ontstaan tussen de beleggingen in financile producten en de rele economie. De financile crisis is het gevolg geweest, concludeert Van Golstein Brouwers. Om haar woorden te staven, zegt zij: The New Economic Foundation heeft uitgezocht dat wereldwijd meer dan 90% van het geld dat dagelijks via beurzen wordt verhandeld speculatief is, belegd in finan-cile producten waarbij alleen gezocht wordt naar koersverschillen in plaats van dat er wordt gekeken naar wat er met dat geld gebeurt; wat is precies de bijdrage aan de economie, aan bedrijven of projecten? Beleggingen en de rele economie zijn los van elkaar komen te staan. Je ziet ook een vraag ontstaan vanuit de samenleving of pensioenfondsen kunnen bijdragen aan een transitie naar een meer duurzame maatschappij. Ik denk dat pensioen-fondsen daar ook een verantwoordelijkheid voor hebben.

    Triodos hoopt op een tendens dat ook voor grotere beleggers die vraag uiteindelijk belangrijker wordt: hoe zetten we onze investeringen in voor een wereld die wij willen? Je kunt al je geld in ETFs stoppen vanwege de lage kosten, maar daar creer je geen werkgelegenheid mee. Wat wil je met je beleggingen voor elkaar krijgen? Daar wordt te weinig naar gekeken, zegt de impact investeerder uitdagend.

    Het belangrijkste verschil echter met reguliere beleggingsinstellingen is dat Triodos Investment Management niet streeft naar maximaal financieel rendement. Wij willen een impact realiseren, ofwel bepaalde milieu of sociale doelstellingen bereiken. Natuurlijk streven wij naar een bepaald financieel rendement, maar geen maximaal rendement als dat ten koste gaat van andere doelstellingen, stelt de directeur. Een blik op de website naar de rende-menten van de beleggingsfondsen laat een gemengd beeld zien.

    Er is een grote discrepantie ontstaan tussen de beleggingen in financile producten en de rele economie.

  • 51nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    cv 2003-heden: managing Director triodos investment management bV;1995-2003: Senior Fund manager triodos investment management verantwoordelijk voor microfinance Funds;1990-1995: Fund manager biogrond beleggingsfonds en Senior Account manager triodos bank;1987-1988: Account manager emissies en syndicaten Nib;1986-1987: Fund manager bank itec;1983-1986: Commodity trader Cargill.

    Van Golstein brouwers is commissaris geweest bij diverse banken in ontwikkelingslanden. Ze was onder andere lid van de adviesgroep voor het jaar van het microkrediet van de Verenigde Naties. op dit moment is zij lid van de board of Directors van de GiiN, bestuurslid van Stichting max Havelaar, voorzitter steering committee van de PRi-Principles for investors in inclusive Finance en lid raad van advies van Women in Financial Services.Van Golstein brouwers studeerde bedrijfseconomie aan de erasmus Universiteit in Rotterdam.

    Foto

    : Arc

    hie

    f Tri

    odos

    IMHet beleggingsfonds voor microfinanciering rendeert heel goed (+7,8 procent in het afgelopen jaar) en het fonds voor duurzame aandelen (+26,6 procent gemiddeld over de laatste drie jaar) ook. Het duurzame vastgoedfonds van Triodos Bank staat echter in de min (-4,6 procent gemiddeld over de laatste drie jaar). Het duurzame pioniersfonds laat over de laatste drie jaar een gemiddeld negatief rendement van 2,8 procent zien en het Europese renewables fonds een bescheiden rendement van 2,5 procent. Een rendement van twee tot drie procent en toch lopen Triodos-klanten daar warm voor. Voor veel particulieren is de combinatie belangrijk. Zij willen weten hoe hun geld wordt ingezet en kijken naar de achterliggende doelen. Bij microfinanciering bijvoorbeeld meet Triodos niet alleen hoeveel kredieten zijn verstrekt door de microfinancieringsorganisatie waarin het heeft belegd, maar ook hoeveel spaarrekeningen er zijn geopend en door wie. Dat is onderdeel van de kwantitatieve en kwalitatieve metingen van het sociale rendement. Ook hier geldt dat cijfers alleen niet genoeg zijn. Wij willen ook via de verhalen van mensen kwalitatief weten wat er gebeurt.

    Triodos Investment Management belegt in bedrijven en projecten in vijf geselecteerde sectoren waaronder duurzame energie en landbouw en kunst en cultuur. Daarnaast is er een fonds dat in beursgenoteerde aandelen belegt. Daaraan stelt de vermogensbeheerder strenge minimumeisen voordat ze in aanmerking komen als belegging. Zo wordt er alleen belegd in bedrijven waarvan de helft van het aantal producten al duurzaam is, dan wel in bedrijven die best-in-class zijn. Welke bedrijven zijn zich echt bewust van de problematiek? Wat is hun strategie die constructief bijdraagt aan het aanpakken van klimaatsverandering?, vraagt Van Golstein Brouwers zich af. BMW en DSM zijn voorbeelden van grote ondernemingen waar Triodos wel in belegt. Een bedrijf als Unilever, dat geroemd wordt om zijn duurzaamheidsbeleid, haalt vooralsnog niet de minimumvereisten vanwege kwesties op het gebied van genetische manipulatie en het testen met dieren.

    Valt er niet veel meer winst te behalen op weg naar een duurzame economie als Triodos geen bedrijven uitsluit die goed op weg zijn met het verduurzamen van hun bedrijfsvoering? De beleggers die voor ons kiezen, verwachten dat wij vasthouden aan onze criteria, zegt de directeur. Je moet juist ook voorbeeldbedrijven laten zien die als inspiratie kunnen dienen voor hoe het wel kan.

  • 52 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    // WETENScHaP EN PRaKTIjK

    emir kOstbare veiligheiD vOOr PensiOenfOnDsen?Door drs. Roger J.M.G. Coenen RBA CIP

    verplichte centrale clearing van oTc-derivaten onder eMIr houdt de gemoederen al geruime tijd bezig. Stabiliteit en vermindering van systeemrisico waren het oogmerk bij het opstellen. Wat zijn nu de praktische implicaties?

    o nder het regime van de European Market Infrastructure Regulation (EMIR) dienen zowel financile als niet-financile tegenpartijen hun Over-The-Counter (OTC) derivaten trans-acties af te wikkelen bij zogenoemde centrale tegenpartijen. Dit regime geldt voor de 27 landen van de Europese Unie. Voor niet-financile tegenpartijen gelden overigens iets andere regels.

    Sinds 16 augustus 2012 is EMIR van kracht geworden en vanaf 2013 zou EMIR bindend moeten zijn. Echter, begin december 2012, gaf de European Securities and Markets Authority (ESMA) aan dat daadwerkelijke verplichte Clearing naar verwachting pas gaat plaatsvinden medio 2014. Reden: over een aantal standaarden is nog geen overeenstemming bereikt. ESMA is onder meer verantwoordelijk voor de handhaving van de Europese wetten en geeft advies aan de Europese Commissie op het gebied van financile markten.

    Hoewel pensioenfondsen momenteel een vrijstelling hebben voor deze verplichte afwikkeling, betekent dit zeker niet: uitstel is afstel. In beginsel geldt een vrijstelling van 3 jaar, met een mogelijkheid om nog tweemaal voor een periode van 1 jaar te verlengen. Deze vrijstelling is gericht op het voor-komen van disproportionele kosten voor pensioenfondsen, die uiteindelijk op het bordje van de pensioengerechtigde

    komen. Dit kostenaspect wordt nader toegelicht. Hieruit komt in ieder geval naar voren dat pensioenfondsen juist wl met extra kosten worden geconfronteerd.

    Pensioenfondsen In het onderhavige artikel ligt de focus op de buy-side en dan in het bijzonder op pensioenfondsen. Een van de belangrijkste risicos voor een pensioenfonds is het renterisico, daar men veelal merendeels in obligaties en andere rentegevoelige producten is belegd. Dit renterisico kan worden afgedekt met renteswaps. Een rente-swap is een OTC-rentederivaat waarbij 2 partijen een wederzijdse verplichting op zich nemen om gedurende een bepaalde periode rentestromen in dezelfde valuta te ruilen, zonder uitwisseling van de notionele hoofdsom. Volgens de Bank for International Settlements (BIS) bedroeg het wereldwijd notioneel uitstaande bedrag aan renteswaps per eind juni 2012 $379.401 miljard. Totaal stond er op dat moment notio-neel een bedrag van $638.928 miljard uit aan OTC-derivaten. Met andere woorden: bijna 60% van alle uitstaande bedragen aan OTC-derivaten bestaat uit renteswaps.

    rente afdekking Een pensioenfonds dat zich wil afdekken tegen een lagere rente (lees: een lagere dekkingsgraad) zal in de renteswap de variabele rente betalen en de vaste

    rente ontvangen. Doordat de variabele rente wijzigt gedurende de looptijd van de swap, zal de contante waarde van de kasstromen van het variabele gedeelte afwijken van de contante waarde van het vaste gedeelte. Zodoende is de swap voor de ene partij een bezit en voor de andere partij een verplichting.

    marktwaardering swaPs Om de swap te waarderen, dient men alle toekomstige kasstromen te herleiden naar het moment van waardering. Dit gebeurt door het berekenen van de contante waarde van deze kasstromen.

    De waarde van de swap wordt dagelijks berekend en dit noemt men mark-to-market. De reden van het toepassen van mark-to-market is het beperken van het risico voor de tegenpartijen. Het risico voor de tegenpartij van het

    Onder het

    regime van de EMIR dienen zowel financile als niet-financile tegenpartijen

    hun OTC-derivaten transacties af te wikkelen bij zogenoemde centrale

    tegenpartijen.

  • 53nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    emir kOstbare veiligheiD vOOr PensiOenfOnDsen?

    Foto

    : Arc

    hie

    f M

    ylet

    te E

    ffec

    ten

    Roger Coenen

    pensioenfonds (meestal een bank) in de renteswap is dat het pensioenfonds niet aan haar verplichtingen kan voldoen door een oplopende rente. Zodoende is het gebruikelijk om onderpand (colla-teral) te storten bij de tegenpartij. Afhankelijk van de ontwikkeling van de prijs van de onderliggende waarde in het derivaten contract, dient de ene partij collateral (bij) te storten bij diens tegenpartij.

    collateral Collateral kent de vorm van initial margin en/of variation margin. Deze laatstgenoemde vorm van collateral, variation margin, wordt uitgeruild door tegenpartijen om actuele risicos weer te geven. Het risico in deze is gelegen in de waardeverandering van de aange-gane transactie, veroorzaakt door prijsveranderingen van de voorgaande handelsdag. Initial margin wordt

    gestort om mogelijke toekomstige risicos af te dekken. Deze kunnen ontstaan tussen het moment dat de laatste keer margin werd uitgewisseld en de liquidatie van de betreffende positie.

    Bij de afwikkeling van OTC-derivaten transacties onder het oude regime, de zogenoemde niet-centraal geclearde (bilaterale) transacties, zijn pensioen-fondsen al bekend met het fenomeen variation margin. Collateral wordt hier al gestort in de vorm van stukken. Meestal zijn dat hoogwaardige Staatsleningen.

    Onder EMIR worden vrijwel alle OTC-derivaten transacties centraal gecleared. Het nieuwe aspect in deze is dat alle tegenpartijen en dus ook pensioenfondsen verplicht worden om de variation margin te voldoen in cash. In essentie is het overboeken van cash minder omslachtig dan het overboeken van stukken. Voor een pensioenfonds is er echter weinig prikkel om grote hoeveelheden cash aan te houden, aangezien het rendement hierop vrijwel nul is. Als deze verplichting wordt door-gezet, dan kunnen pensioenfondsen er niet aan ontkomen om gedeeltes van hun beleggingsportefeuille te verkopen om de benodigde cash te genereren voor de variation margin. Een dergelijke implicatie kan de wetgever echter nooit hebben bedoeld. Ziehier de reden van de tijdelijke vrijstelling van verplichte

    Clearing voor pensioenfondsen. Hiermee krijgen banken en Central Counterparties meer tijd om met een oplossing te komen om beleggingen in cash om te zetten. Bovendien wordt de initial margin verhoogd bij bilaterale transacties.

    rePo markt Een mogelijke oplossing zou zijn om de repo markt te gebruiken om cash te genereren. De hoogwaardige Staatsleningen uit de beleggingspor-tefeuille van pensioenfondsen worden dan gebruikt om de benodigde cash te genereren.

    Een repo is een tijdelijke lening van cash van bijvoorbeeld een bank en als zeker-heid krijgt de bank van de inlener van de cash - hier dus het pensioenfonds de stukken als onderpand. Een repo wordt na een van tevoren afgesproken periode teruggedraaid. Echter, een repo is niet kosteloos. Het pensioenfonds zal een

    Het nieuwe

    aspect in deze is dat alle tegenpartijen en

    dus ook pensioenfondsen verplicht worden om

    de variation margin te voldoen in cash.

  • 54 nummer 1 / 2013FINANCIALINVeSTIGATOR

    // WETENScHaP EN PRaKTIjK

    Dit artikel is geschreven door drs. Roger J.m.G. Coenen RbA CiP, Senior Consultant Risk management & investments bij mylette effecten.

    Een repo

    is een tijdelijke lening van cash van

    bijvoorbeeld een bank en als zekerheid krijgt de bank van de inlener van de cash, de stukken als

    onderpand.

    kleine afslag (haircut) moeten accep-teren. Stel het pensioenfonds geeft ter waarde van 100, effecten in onder-pand voor een lening. De bank geeft hiervoor dan bijvoorbeeld 98 cash als lening. De haircut in deze is dus 2. In dit geval zou men de haircut kunnen zien als gestorte margin door het pensi-oenfonds. Daarnaast dient ook niet vergeten te worden dat de bank rente zal vragen over de cash lening.

    Verder wordt het pensioenfonds opge-scheept met een extra tegenpartij bij de handel in derivaten: de bank waarmee men de repo aangaat. Zonder EMIR had men geen behoefte gehad aan repos in deze vorm.

    conclusie Puntsgewijs komen de implicaties voor pensioenfondsen aan de orde:

    Lage rendementen: om te kunnen voldoen aan de collateral vereisten van een Central Counterparty zullen pensioenfondsen gaan beleggen in een nog nauwer pallet van activa. Hoe veiliger (lees: minder risicovol) een belegging is, hoe minder rende-ment verwacht mag worden. En pensioenfondsen zijn al verwikkeld in een hevige strijd om meer rende-ment te behalen;

    Collateral tekort: ter invulling van de collateral vereisten zal er een enorme run ontstaan op triple A-papier. Een beweging die feite-lijk al is ingezet. De zorg in deze is dat er een tekort zal ontstaan aan collateral van de hoogste kwaliteit;

    Liquiditeitsschok: verwacht wordt dat het additioneel stellen van initial margin door de autoriteiten bij bilaterale transacties, bovenop de variation margin, een liquidi-teitsschok teweeg zal brengen. De vraag naar cash zal exponentieel toenemen;

    Collateral waarde: het lijkt er op dat de zeepbel op de obligatiemarkten op uiteen spatten staat. Langjarige rentes op historisch zeer lage niveaus, grote overheidsschulden en oplopende inflatiecijfers zijn hiervoor de indicatoren. De kans op een rentestijging neemt elke dag toe. Experts becijferen dat een stijging van 100 basispunten al gauw tot tientallen miljarden aan obligatiewaardeverliezen leidt. Nog verdere rentestijgingen leiden al gauw tot honderden miljarden verlies. Waardeverliezen die ontstaan op collateral zullen weer aangezuiverd moeten worden, leidend tot weer een run op hoog-waardig collateral;

    Vermindering tegenpartijrisico: dit is een beoogd doel van EMIR. De vermindering van dit risico kan in de wielen worden gereden door het aangaan van repos. Er komt een tegenpartij bij;

    Kostenvermindering: een ander beoogd doel van EMIR, gaat ook niet gerealiseerd worden. Of via de variation margin (central clearing) of via de initial margin (bilaterale clearing) gaat het pensioenfonds meer kosten betalen. Het aangaan van een repo, eventueel, komt daar als kostenpost nog bovenop.

    Het kostenaspect geeft stof tot nadenken: of bilateraal of centraal gecleared, beide leiden tot hogere kosten. Het bekende spreekwoord luidt: of je nou gebeten wordt door de kat of door de hond...beide doen pijn. Ook is de verwachting dat het aantal margin calls met een factor 6 tot 8 zal toenemen. Al met al wordt colla-teral management een nog complexer proces, wat nog in hoge mate wordt onderschat.

    De vrijstelling van verplichte clearing is in ieder geval tijdelijk, en op het moment dat er een technische oplos-sing wordt gevonden voor het storten van variation margin in de vorm van cash, zullen pensioenfondsen verplicht gaan clearen, zoals EMIR voorschrijft.

    Het advies luidt om niet in de stand-by modus te gaan vanwege het uitstel van verplicht clearen tot medio 2014. Kijk goed naar de processen van de organisatie en stel de vraag of u EMIR-compliant bent. Vooral collateral management verdient veel aandacht. Een proces dat nog zeker geoptimali-seerd kan worden.

  • 55nummer 1 / 2013 FINANCIALINVeSTIGATOR

    oP Weg naar STukkenlooS eFFecTenverkeer? Prof. mr. W.A.K. Rank, advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en hoogleraar Financieel recht

    aan de Universiteit Leiden.

    geconstateerd kan worden dat er de laatste jaren een ontwikkeling gaande is welke zich kenmerkt door een toenemende immobilisatie en dematerialisatie van uitgegeven effecten. onder immobilisatie wordt verstaan het verminderen van het aantal stukkenbewegingen door centrale bewaring en administratie van fysieke stukken. bij dematerialisatie gaat het om het realiseren van een optimaal stukkenarm en uiteindelijk ook volstrekt stukkenloos effectenverkeer. Sinds 1 januari 2013 is de overstap van effecten in de vorm van fysieke stukken naar volledig gedematerialiseerde effecten in nederland weer een stapje dichterbij gekomen.

    d e Wet giraal effectenverkeer voorziet sinds 1 januari 2011 in een gefaseerde invoering van een steeds verdergaande dematerialisatie van de via het systeem van de wet - lees: v