FELIENE INFECTIEUZE PERITONITIS ... Pedersen, 2009; Riemer et al., 2016). Sommige auteurs...

Click here to load reader

  • date post

    21-Feb-2021
  • Category

    Documents

  • view

    1
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of FELIENE INFECTIEUZE PERITONITIS ... Pedersen, 2009; Riemer et al., 2016). Sommige auteurs...

  • FELIENE INFECTIEUZE PERITONITIS

    Aantal woorden:

    Ann Biscop 01607569

    Promotor: Prof. Dr. Koen Chiers

    Promotor: Bert de Jonge

    Onderdeel van de Masterproef voorgelegd voor het behalen van de graad master in de diergeneeskunde

    Academiejaar: 2018 – 2019

  • 2

    Universiteit Gent, haar werknemers of studenten bieden geen enkele garantie met betrekking tot de

    juistheid of volledigheid van de gegevens vervat in deze masterproef, noch dat de inhoud van deze

    masterproef geen inbreuk uitmaakt op of aanleiding kan geven tot inbreuken op de rechten van derden.

    Universiteit Gent, haar werknemers of studenten aanvaarden geen aansprakelijkheid of

    verantwoordelijkheid voor enig gebruik dat door iemand anders wordt gemaakt van de inhoud van de

    masterproef, noch voor enig vertrouwen dat wordt gesteld in een advies of informatie vervat in de

    masterproef.

  • 3

    Voorwoord

    Ik wil allereerst graag mijn promotor, Prof. Dr. Koen Chiers, bedanken voor zijn kostbare tijd en

    geduld. Uw deur stond steeds open wanneer ik vragen of opmerkingen had. Ik apprecieer echt

    enorm uw begrip voor mijn situatie en de tijd die u last-minute vrijmaakte om mijn masterproef

    toch nog zo snel mogelijk na te lezen.

    Daarnaast wil ik graag mijn medestudenten, waarvan enkelen ondertussen toch wel bijna familie

    te noemen zijn, bedanken voor de steun en het meedenken waar nodig. Natuurlijk ben ik hen

    eveneens dankbaar voor de ontspanning en leuke momenten tijdens onze studiejaren.

    Tot slot ben ik mijn mama en zus heel dankbaar om er steeds voor mij te zijn, zowel in het kader

    van mijn studie als voor andere zaken. Ik zou niet staan waar ik nu sta zonder jullie

    onvoorwaardelijke liefde en steun.

  • 4

    VOORWOORD

    INHOUDSOPGAVE

    SAMENVATTING EN KEY WORDS……………………………...………………………………..…p.5

    INLEIDING…………………….……..……………...……………………………………….…….……p.6

    LITERATUURSTUDIE………………………...………………………………….…………….………p.7

    1. ETIOLOGIE………………………………….……………………………………………….…p.7 2. EPIDEMIOLOGIE………………………………....……………………………………………p.7 3. PATHOGENESE…………………….…………………………………………………………p.9

    i. FECV……………………..……………………………………………………….…….p.9 ii. FIPV……………………..………………………………………………………………p.9

    4. IMMUNITEIT…………………………………………………………………………………..p.11 5. SYMPTOMATOLOGIE………………………………………………………….……………p.12

    i. Natte vorm……………………………………………………………………….……p.12 ii. Droge vorm…………..……………………………………………………….…..…..p.13

    6. DIAGNOSTIEK……………………..…………………………………………………………p.14 I. Historiek…………………….……………………………………………………….……..p.15

    II. Directe testen………………….……………………………………………….….………p.15

    III. Indirecte testen………………….………………………………………………..….……p.19

    i. Bloedonderzoek……………………………………………………………………p.19

    ii. Analyse exsudaat……………………….…………………………………………p.20

    iii. Analyse cerebrospinaal vocht………….……………………….……….………p.20

    vi. Echografie abdomen……………………….……………………………….…….p.21

    7. BEHANDELING…………………………………..…………………………….…….………p.22 i. Antivirale medicatie……………………….…………………………………….……p.22 ii. Anti-inflammatoire en immunosuppressieve medicatie………………………….p.23

    iii. Niet-specifieke immunostimulerende medicatie…………………………………..p.23 8. PREVENTIE………….…………………………………………………………..……………p.24

    I. Management……..……………..…………………………………………………………p.24 II. Vaccinatie…..…………………….…………………………………………………….…p.24

    9. PROGNOSE…………………………..………………………………………………………p.25 10. DISCUSSIE……………………………...…………………………………………….………p.26 11. REFERENTIELIJST………………………..………………………………………..……….p.28

  • 5

    SAMENVATTING

    Feliene Infectieuze Peritonitis (FIP) is één van de meest voorkomende doodsoorzaken bij jonge katten. De diagnosestelling van FIP, met behulp van strikt minimaal invasieve technieken, is helaas alles behalve evident. Tot op heden kan een concrete diagnose enkel gesteld worden na histopathologisch onderzoek in combinatie met immunohistochemie of immunofluorescentie. Indien het de natte vorm van FIP betreft, kan op een weinig invasieve manier effusie bekomen worden voor verder onderzoek. Maar wanneer het echter gaat om de droge vorm, wordt het bekomen van stalen direct een hele uitdaging. Wanneer men geen definitieve diagnose kan stellen, kan op basis van het signalement, de anamnese, bloedonderzoeken, analyse van eventuele effusies en medische beeldvorming meestal wel een vermoeden gesteld worden.

    Naast het gebrek aan diagnosestelling, zijn eveneens de behandeling en preventie van FIP nog steeds het onderwerp van talrijke onderzoeken. Momenteel is er nog geen curatieve behandeling ter beschikking voor FIP. Het verbeteren van de klinische toestand en eventueel verlengen van de levensduur, zijn momenteel de enige therapiemogelijkheden. Verschillende types medicatie worden onderzocht, waarvan enkelen in vitro beloftevolle resultaten tonen. Doch blijken de resultaten in vivo zeer zelden even optimistisch. De weg naar een curatief middel voor FIP lijkt nog lang. Indien het exacte mechanisme achter de mutatie opgehelderd zou worden, kan dit hopelijk helpen in de zoektocht naar een efficiënte behandeling.

    Key words: FIP – diagnose – kat – preventie – therapie

  • 6

    Inleiding

    Feliene infectieuze peritonitis (FIP) is één van de meest voorkomende doodsoorzaken bij jonge katten en werd voor het eerst opgemerkt in de jaren ’50 (Feldmann en Jortner, 1964). In 1978 werd het feliene infectieuze peritonitisvirus (FIPV), dat ontstaat na mutatie vanuit het Felien Enterisch Coronavirus (FECV), als etiologisch agens voor deze aandoening geïdentificeerd (Herrewegh et al., 1995). In tegenstelling tot andere Coronavirussen, beschikt het Felien Coronavirus (FCoV) over verschillende immuno-evasiemechanismen, waardoor het kan persisteren indien de immuniteit niet voldoende optreedt. FIP wordt beschreven bij verschillende soorten katachtigen en kent een mondiale verspreiding. Tot op de dag van vandaag is de pathogenese nog niet volledig gekend, waardoor er nog geen curatieve medicatie kon ontwikkeld worden, noch een werkzaam vaccin (Pedersen, 2009).

    Niet elke infectie met FECV zal leiden tot het ontstaan van FIPV, noch zal elke ontwikkeling van FIPV resulteren in FIP. Dit laatste wordt voornamelijk gezien wanneer een zwakke cellulaire en sterke humorale immuniteit optreden (Pedersen, 2009). Indien de kat FIP ontwikkelt, kan de aandoening zich presenteren op twee manieren. De natte vorm wordt het meest frequent gezien en is eveneens het gemakkelijkst te herkennen is. De droge vorm komt minder vaak voor en is moeilijker te diagnosticeren. De symptomatologie van beide vormen vindt zijn oorzaak enerzijds in het ontstaan van vasculitis en anderzijds in pyogranuloomvorming ter hoogte van verschillende organen.

    Vele pogingen werden reeds ondernomen om diagnosetechnieken voor FIP te ontwerpen. Maar tot op de dag van vandaag is er nog steeds geen diagnostische test die een strikt onderscheid kan maken tussen de aanwezigheid van FCoV en FIPV. Wel kan aan de hand van de historiek en verschillende onderzoeksmethoden een sterk vermoeden gesteld worden van FIP (Dunbar et al., 2018).

    Naast de diagnostiek, zijn ook de behandeling en preventie het onderwerp van talrijke onderzoeken, met wisselend succes. Veel geneesmiddelen tonen in vitro veelbelovende resultaten, maar blijken in de praktijk ofwel toxisch ofwel minder werkzaam dan in experimentele omstandigheden (Hartmann en Ritz, 2008). Tot op heden werd enkel het effect aangetoond van ondersteunende medicatie, die kwaliteit van het leven tijdelijk verbetert. Een volledig curatief effect van medicatie die het verloop van de ziekte kan beïnvloeden, werd nog niet bewezen (Hartmann en Ritz, 2008).

    Vermits het FECV endemisch aanwezig is in bijna alle multi-kat huishoudens en een curatieve behandeling nog niet aan de orde is, ligt