Etienne Wenger Community of Practice - ?? 128 – community of practice proefschrift Toward a theory...

download Etienne Wenger Community of Practice - ?? 128 – community of practice proefschrift Toward a theory of cultural transparency: Elements of a social discourse of the visible en the

of 12

  • date post

    06-Feb-2018
  • Category

    Documents

  • view

    215
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Etienne Wenger Community of Practice - ?? 128 – community of practice proefschrift Toward a theory...

  • Etienne Wenger

    125

    9

    Community of Practice

    1998

  • 9DoorMarc Coenders

  • 127

    Et

    ien

    ne

    We

    ng

    er

    Inleiding

    Mijn ontmoeting met Etienne Wenger kwam tot stand via het web. Eind jaren negentig van de vorige eeuw werkte ik voor een bureau voor kennismanagement en was verantwoordelijk voor de lerende organisatie. Tja, dat kon toen nog. De internetbusiness draaide op volle toeren. Er kon van alles en ik experimenteerde met uiteenlopende aanpakken en werkvormen: systeemdenken, teamleren, im-provisatie en collegiale coaching. Wenger bood een onlineworkshop aan over de fundamenten van CommunitiesofPractice. Een workshop met een doorlooptijd van vier weken. Ik schreef me in en een paar weken later ontving ik een uitnodiging om de onlineleeromgeving te verkennen en kennis te maken met de andere deel-nemers. Het waren ongelofelijk intensieve weken en ik had het gevoel iets te leren over leren wat enerzijds heel nieuw was, maar anderzijds zo vanzelfsprekend dat ik het zelf op had kunnen schrijven. Ik ervoer een gedeeld perspectief op leren en maakte een heuse klik met Wenger.

    Jaren later ontmoette ik zijn leermeester, Jean Lave, tijdens een conferentie in Dur-ham. Samen schreven ze het boekje SituatedLearning waarin ze de term community of practice introduceerden en theoretisch fundeerden. Ik heb deze studie destijds met de grootste moeite gelezen. Door de ontmoeting met Lave begreep ik dat het niet alleen aan mij lag. Situated learning oogstte weliswaar veel lof, maar dat was ondanks de slechte leesbaarheid. Als reden daarvoor gaf Lave dat ze de term par-ticipatie consequent vanuit twee invalshoeken probeerden te beschrijven, van-uit het individu n vanuit de praktijk. Een individu leert door te participeren in de praktijk en schuift daarin steeds meer op naar de kern van die praktijk, maar de praktijk participeert ook in het individu, omdat deze invloed uitoefent op het denken en doen van het individu. Dit steeds wisselen van perspectief maakte vooral de sociale dynamiek duidelijk van leren, opgevat als onderdeel van het al-ledaagse leven en niet als iets wat zich louter in het hoofd van mensen afspeelt. De notie community of practice vormt de kern van de sociale theorie over leren, maar meteen daaraan gekoppeld is legitimate peripheral participation, het toegestaan worden op te schuiven naar de kern van een praktijkgemeenschap.

    Theorie

    Biografie van Etienne Wenger

    Etienne Wenger is geboren in 1952 in Zwitserland. Hij studeerde computerwe-tenschappen in Genve en vervolgde zijn opleiding in Californi. Daar studeerde hij informatie- en computerwetenschappen en promoveerde er in 1990 met zijn

    c om m u n i t y of pr ac t ic e

  • 128

    c om m u n i t y of pr ac t ic e

    proefschrift Towardatheoryofculturaltransparency:Elementsofasocialdiscourseofthevisibleentheinvisible.Wenger gaat er in zijn onderzoek vanuit dat het leerproces niet los gezien kan wor-den van de sociale context waarin dit plaatsvindt. Hij werkt samen met Jean Lave en publiceert samen met haar in 1991 het boek SituatedLearning:LegitimatePeripheralParticipation. Hierin wordt de basis gelegd voor het concept van de community of practice.

    Het Institute for Research on Learning

    Hoewel Etienne Wenger wordt gezien als grondlegger van het concept commu-nity of practice, gaat de eer in feite naar een groep mensen die werkten bij of ver-bonden waren met het Institute for Research on Learning (IRL).De oprichting van dit instituut vond plaats in 1987 na een genereuze schenking van de Xerox Foundation. De directe aanleiding vormde een aantal alarmerende rapporten over de toestand van het onderwijs in de Verenigde Staten. Het IRL besteedde in het begin veel aandacht aan de rol die nieuwe informatie- en com-municatietechnologien konden spelen bij het ondersteunen en verbeteren van leerprocessen. Toen de resultaten uitbleven, kwam de vraag naar wat leren eigen-lijk is, meer centraal te staan. Op dat moment werd de antropologische inbreng groter, met name door Jean Lave. De onderzoekers van het IRL ontdekten dat het meester-gezelleren en met name het leerlingschap (apprenticeship) in alle soorten en vormen voorkwam, breed verspreid was en meestal uitermate succesvol was. In hun ontdekking waarom dit type leren zo goed werkte, lag de kiem van commu-nity of practice als theoretisch concept.Als lerende is het nodig om lid te worden van een met elkaar verbonden, informele gemeenschap, die veel verdergaat en intensiever is dan de relatie met een docent of mentor. Het een van hen worden en zich opgenomen voelen in de gemeenschap vormen een integraal onderdeel van het leren.Inmiddels werd het IRL opgeheven. De onderzoekers werden ondergebracht bij bestaande faculteiten of begonnen voor zichzelf. Wenger maakte van zijn proef-schrift een handelseditie en zette daarmee het concept van community of practice definitief op de kaart. In de tien daarop volgende jaren nam het gebruik van de term exponentieel toe.

    De monteurs van kopieermachines

    Er is nog een naam die onlosmakelijk verbonden is met de notie van communi-ties of practice. Julian Orr, zelf een voormalig monteur van kopieermachines, ver-richtte later etnografisch onderzoek onder monteurs. In zijn boek Talking AboutMachines beschrijft Orr wat deze monteurs werkelijk deden, niet wat ze zeiden dat

  • 129

    c om m u n i t y of pr ac t ic e

    ze deden of wat hun managers dachten ze de deden. Zijn bevindingen waren op-vallend en verbazingwekkend.Orr ontdekte al snel dat de monteurs regelmatig met elkaar afspraken in een restaurant in plaats van naar hun klanten te gaan. De gemiddelde manager zou wellicht een prachtige kostenbesparing bespeuren, Orr concludeerde precies het tegenovergestelde: de monteurs liepen niet de kantjes ervan af, maar waren juist bezig met een van hun meest waardevolle activiteiten. Ze wisselden kennis en ervaringen uit door elkaar anekdotes en verhalen (waarin elk van de kopieerma-chines een eigen identiteit heeft) te vertellen en ze hielpen elkaar met de proble-men die ze tegenkwamen. Als een van hen een probleem op tafel legde waarvan de oorzaken onduidelijk waren, passeerde al snel een scala aan verhalen over eerdere, mogelijk vergelijkbare problemen de revue. De verhalen bevatten hints waar de oplossing mogelijk gevonden kon worden, sloten oorzaken uit en waarschuwden voor bepaalde paden. Voor Orr waren deze conversaties, de beschikbare informa-tie, hun werk en de praktijk onlosmakelijk met elkaar verbonden.De gesprekken tussen de monteurs beperken zich niet tot louter technische de-tails, maar omvatten ook klanten (hoe moet je omgaan met ongeduldige beheer-ders?), de plaats waar de machines staan (daar heb je een pasje voor nodig van...) en de gebruikers (hoe zorg je dat de gebruikers die je niet ziet de machine goed ge-bruiken?). Opvallend genoeg beschouwen de monteurs de uitgebreide technische handboeken die bij elke machine horen als geheel opzichzelfstaande en over het algemeen als weinig bruikbare objecten. Ze maken er slechts selectief gebruik van, als een van de informatiebronnen om zich een beeld te vormen van wat er met een falende machine aan de hand kan zijn. De (technische en sociale) complexiteit van hun werk is vele malen groter dan de (technische) handboeken veronderstellen. Vooral ook omdat de monteurs nauwelijks carrire kunnen maken, concludeert Orr dat thecombinationofindividual,challengingworkwithasupportivecommunitymaybethekeytotheattractionthisjobhasforthetechnician.Xerox is op een dubbele manier verbonden met het ontstaan van het begrip com-munity of practice: het bedrijf was hoofdsponsor van het Institute for Research on Learning en zijn monteurs fungeerden in het werk van Orr als belangrijke casus.

    De community of practice als leerkader

    Leren is meer dan het verwerven van kennis en omvat ook interactie met anderen om kennis uit te wisselen en samen te werken. Leren is fundamenteel sociaal en vindt ergens plaats, het is gesitueerd. Omdat tijdens sociale processen van kennis-uitwisseling een gezamenlijke identiteit groeit, is dit proces zowel uitdagend als krachtig. Als mensen waarden, perspectieven, praktijken van handelen delen en ontwikkelen, ontstaan communities of practice. Men voelt zich meer of minder deelgenoot van deze gemeenschappen en kennis vormt een integraal onderdeel

    Et

    ien

    ne

    We

    ng

    er

  • 130

    van deze gemeenschap. Participatie maakt wie we zijn, wat we doen en hoe we interpreteren wat we doen.De sociale leertheorie is geen grootse leertheorie die andere leertheorien over-bodig maakt. Integendeel, ze draagt bij aan het analyseren en ondersteunen van informeel leren, collegiale ondersteuning en leren in netwerkverband. Het voor-beeld van de monteurs van kopieermachines laat zien dat professionals voor zich-zelf al leeromgevingen creren. De notie van community of practice is op de eerste plaats een perspectief op leren dat tot voorzichtigheid maant. Informele leerpro-cessen en de spontane ontwikkeling van communities of practice laten zich niet verbeteren door ze te instrumentaliseren. In dat opzicht verschilt deze benade-ring van leertheorien waarin de kennisoverdracht en de acquisitie van kennis centraal staan.

    Wenger gaat in zijn theorie uit van vier vooronderstellingen:1 Mensen zijn sociale wezens.2 Kennis is een zaak van competentie met betrekking tot een bepaalde klus of

    bezigheid, zoals toon houden, een fiets repareren, onderwijs geven, enzovoort.3 Kennis is een zaak van participeren in de beoefening van dergelijke klussen of

    bezigheden, dat wil zeggen actieve betrokkenheid in de wereld.4 Zingeving _het vermogen om de wereld en onze betrokkenheid als zinvol te

    ervaren_ is uiteindelijk waar leren over gaat.

    Vanuit deze vier uitgangspunten ontwikkelt Wenger ee