er uit is; er zijn geen mogelijkheden voor efficiency …...er uit is; er zijn geen mogelijkheden...

of 149/149
‘s-Hertogenbosch, 12 april 2018 Geachte heer Looijen, Op 21 maart heeft de kiezer gesproken en vorige week heeft u de informatiefase afgerond. U wacht een interessante en uitdagende klus: het formeren van een nieuw college. Vervolgens zal het zaak zijn om snel een productieve werkrelatie te ontwikkelen tussen het nieuwe college en de ambtelijke organisatie. Ik zal daar als gemeentesecretaris / algemeen directeur graag aan bijdragen! Graag neem ik vanuit dat perspectief de gelegenheid om enkele zaken onder uw aandacht te brengen. Adviezen De ambtelijke organisatie heeft een overdrachtsdocument opgesteld. Dat is aan alle raadsleden uitgereikt en is ook digitaal beschikbaar. Ook u heeft een exemplaar ontvangen. Ik bied u graag aan om zaken aan u toe te (laten) lichten als u daaraan behoefte hebt. U treft hierbij aan een notitie met ingrediënten voor de portefeuilletoedeling. Het bevat een aantal algemene adviezen, alsmede aanbevelingen voor portefeuillevorming. De scope hierbij is praktisch en gestoeld op ervaring: welke uitgangspunten zijn handig, welke portefeuilleverdeling zou doelmatig en doeltreffend zijn tijdens de collegeperiode. Ik realiseer mij natuurlijk dat in de onderhandelingen de politieke component zwaarder kan wegen. Stand van de organisatie ’s-Hertogenbosch mag zich verheugen in een goede ambtelijke organisatie. Traditioneel zijn we inhoudelijk sterk. De afgelopen jaren is –mede door invloed van het nu demissionaire college- ook forse vooruitgang geboekt op het terrein van bestuursgevoeligheid, omgevingsoriëntatie, service en bejegening, integraliteit en resultaatgerichtheid. We investeren stevig in de verdere ontwikkeling van de organisatie. Het nieuwe college kan rekenen op een loyale en ambitieuze organisatie, die op resultaten voor en met de stad, de wijken en de dorpen gericht is en beschikt over veel deskundigheid. Wel zijn de grenzen aan de capaciteit van de organisatie duidelijk bereikt. De door vorige colleges afgesproken efficiencytaakstellingen en bezuinigingen op personeel zijn gerealiseerd. Waar enigszins mogelijk hebben we bovendien nieuwe wensen en externe ontwikkelingen binnen de formatie opgevangen. Te noemen zijn de veel intensievere bewonersbetrokkenheid, de inzet op regionale samenwerking en meer oog voor omgevingsmanagement en communicatie. Ook is er veel extra werkdruk ontstaan door de aantrekkende economie. En tenslotte zijn er nieuwe taken bijgekomen die meer inzet vragen dan we op dit moment beschikbaar hebben. Al met al moet ik u melden dat de rek
  • date post

    20-Jun-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of er uit is; er zijn geen mogelijkheden voor efficiency …...er uit is; er zijn geen mogelijkheden...

  • ‘s-Hertogenbosch, 12 april 2018 Geachte heer Looijen, Op 21 maart heeft de kiezer gesproken en vorige week heeft u de informatiefase afgerond. U wacht een interessante en uitdagende klus: het formeren van een nieuw college. Vervolgens zal het zaak zijn om snel een productieve werkrelatie te ontwikkelen tussen het nieuwe college en de ambtelijke organisatie. Ik zal daar als gemeentesecretaris / algemeen directeur graag aan bijdragen! Graag neem ik vanuit dat perspectief de gelegenheid om enkele zaken onder uw aandacht te brengen. Adviezen De ambtelijke organisatie heeft een overdrachtsdocument opgesteld. Dat is aan alle raadsleden uitgereikt en is ook digitaal beschikbaar. Ook u heeft een exemplaar ontvangen. Ik bied u graag aan om zaken aan u toe te (laten) lichten als u daaraan behoefte hebt. U treft hierbij aan een notitie met ingrediënten voor de portefeuilletoedeling. Het bevat een aantal algemene adviezen, alsmede aanbevelingen voor portefeuillevorming. De scope hierbij is praktisch en gestoeld op ervaring: welke uitgangspunten zijn handig, welke portefeuilleverdeling zou doelmatig en doeltreffend zijn tijdens de collegeperiode. Ik realiseer mij natuurlijk dat in de onderhandelingen de politieke component zwaarder kan wegen. Stand van de organisatie ’s-Hertogenbosch mag zich verheugen in een goede ambtelijke organisatie. Traditioneel zijn we inhoudelijk sterk. De afgelopen jaren is –mede door invloed van het nu demissionaire college- ook forse vooruitgang geboekt op het terrein van bestuursgevoeligheid, omgevingsoriëntatie, service en bejegening, integraliteit en resultaatgerichtheid. We investeren stevig in de verdere ontwikkeling van de organisatie. Het nieuwe college kan rekenen op een loyale en ambitieuze organisatie, die op resultaten voor en met de stad, de wijken en de dorpen gericht is en beschikt over veel deskundigheid. Wel zijn de grenzen aan de capaciteit van de organisatie duidelijk bereikt. De door vorige colleges afgesproken efficiencytaakstellingen en bezuinigingen op personeel zijn gerealiseerd. Waar enigszins mogelijk hebben we bovendien nieuwe wensen en externe ontwikkelingen binnen de formatie opgevangen. Te noemen zijn de veel intensievere bewonersbetrokkenheid, de inzet op regionale samenwerking en meer oog voor omgevingsmanagement en communicatie. Ook is er veel extra werkdruk ontstaan door de aantrekkende economie. En tenslotte zijn er nieuwe taken bijgekomen die meer inzet vragen dan we op dit moment beschikbaar hebben. Al met al moet ik u melden dat de rek

  • er uit is; er zijn geen mogelijkheden voor efficiency en bij nieuwe wensen zal er óf afbouw van taken, óf extra capaciteit nodig zijn. In het overdrachtsdocument is toegelicht dat er bij enkele onderdelen sprake is van een tekort aan personeel in verhouding tot de bestaande of te verwachte werklast. De nieuwe landelijke eisen op eht gebied van ICT worden conform onze spelregels verwerkt in de actualisering van de begroting. De andere knelpunten doen zich voor in het sociale domein en als gevolg van de komst van de omgevingswet. De personele inzet blijft op deze domeinen achter bij wat de gemeente voor zijn bewoners volgens het staande beleid of de landelijke regelgeving zou moeten leveren. Ik vraag graag uw aandacht voor deze problematiek. Impuls voor digitalisering De technologische mogelijkheden nemen steeds verder toe. Dit maakt verdere verbetering van de kwaliteit, service en snelheid van dienstverlening aan bewoners mogelijk. Ook kunnen steeds meer administratieve werkprocessen door digitalisering en landelijke standaardisering fors worden verbeterd. Als stad van innovatie en datascience willen we als gemeente graag mee met deze ontwikkeling. We moeten ook mee. Landelijk en lokaal. Als we niet inzetten op technologie, neemt de betekenis van gemeenten af, blijft de dienstverlening aan bewoners achter, worden de kosten van de bedrijfsvoering op termijn veel hoger en lopen we veel meer risico’s. Investeren in innovatie is van strategisch belang. Het is echter niet mogelijk om de gewenste innovatie in het gewenste tempo naast het gewone werk te organiseren. Ik pleit voor een eenmalige injectie om de dienstverlening en de bedrijfsvoering in de komende jaren substantieel te kunnen innoveren terwijl de winkel openblijft. Met deze impuls gaan we een gemeentebrede opgave aan, die zowel technische als organisatorische en personele ontwikkelopdrachten omvat. Ik ga hier niet de verwachting neerleggen dat we hiermee in deze bestuursperiode al tot besparingen kunnen komen. Ten eerste is er een forse voorinvestering nodig en alle gemeenten hebben nog lange tijd te maken met oude systemen die we niet snel kunnen vervangen. En we moeten digitalisering altijd koppelen met service voor mensen die niet digitaal vaardig zijn; daar zal door de ICT-complexiteit steeds meer tijd voor nodig zijn. Maar het is wel mijn stellige overtuiging dat we op termijn minder ICT kosten zullen hebben als we in deze periode slim gaan innoveren. Tot slot Nieuwe opgaven, wijziging van bestuurders, andere stijl: een nieuwe periode is altijd spannend. Positief spannend. Want de organisatie ziet het elke keer weer als een interessante en mooie opgave om het nieuwe college te gaan ondersteunen, het nieuwe collegeprogramma snel om te zetten in daden en de collegeperiode tot een succes te maken. Het AMT zet zichzelf daar ook deze keer weer graag voor in! Ik wens u veel succes bij uw opdracht. Wij zullen u waar u dat nodig acht graag ondersteunen. We zijn in gesprek over de ondersteuning van het formatieproces. Ook de leden van het Algemeen Management team staan graag voor u klaar. Met vriendelijke groet, Mr. Drs. Irma Woestenberg Gemeentesecretaris

  • 1

    Bijlage

    Ingrediënten voor portefeuille-indeling Algemene adviezen Behapbare portefeuilles

    o Kies voor zo veel mogelijk samenhang in de portefeuilles. Dit bevordert integraliteit en vermindert werklast voor wethouders.

    o Beperk het aantal raadscommissies waarin een wethouder moet optreden. o De portefeuille Ruimtelijke Ordening heeft een bestuurder nodig die goed kan omgaan

    met belangentegenstellingen en die bestand is tegen (maatschappelijke, publicitaire en politieke) weerstanden.

    o Voor het bepalen van een eventuele knip in de portefeuilles Sociaal Domein is het volgende van belang:

    Huidige verdeling (Jeugd/WMO en Werk/Inkomen) is werkbaar Portefeuille Jeugd/WMO kán worden gecombineerd met portefeuille

    Werk/Inkomen tot één portefeuille sociaal domein. Het is gewenst Portefeuille Jeugd/WMO bijeen te houden in vanwege

    samenhang in het stelsel en vanwege één gezin, één plan.

    Integraal besturen o Vele onderwerpen raken meerdere collegeleden. Het is van belang om altijd een

    eindverantwoordelijke- of coördinerende- of projectportefeuillehouder aan te wijzen. o Laat elke bestuurder samenwerken met minimaal 2 sectoren en laat elke sector

    samenwerken met minimaal 2 bestuurders. Dit bevordert integraliteit van denken. Advies voor coördinatie van portefeuilles die in meerdere beleidsterreinen aan de orde zijn:

    o Integrale veiligheid (portefeuille burgemeester) o Binnenstad o Duurzaamheid

    Advies voor projectwethouderschappen op dossiers

    o Theater o Groote Wielen o Spoorzone o Omgevingswet

  • 2

    Adviezen over portefeuilles Primair behorend tot portefeuille Portefeuille burgemeester Algemene bestuurszaken Stedelijke strategie Communicatie Representatie Public affairs Bestuurlijke organisatie Stedelijke betrekkingen Bovengemeentelijke betrekkingen Openbare orde en veiligheid Programma Integrale veiligheid Coördinatie toezicht/handhaving Burgemeestersbevoegdheden Veiligheidsregio/Brandweer Crisisbeheersing/rampenbestrijding

    Passende aanvulling Citymarketing/evenementen Informatiesamenleving

    Primair behorend tot portefeuille Stedelijke ontwikkeling Stedenbeleid Woningbouwopgave Omgevingswet Gebiedsontwikkeling Herstructurering Ruimtelijke ordening Stedenbouw Bouwen Vergunningverlening, toezicht, handhaving Grondzaken

    Passende aanvulling Brabantstad Wonen Energie Verkeer en vervoer Coördinatie Duurzaamheid Coördinatie Binnenstad Maatschappelijk vastgoed

  • 3

    Primair behorend tot portefeuille Economische ontwikkeling Economische zaken Economisch Vestigingsklimaat

    Passende aanvulling Arbeidsmarktbeleid Hoger onderwijs Informatiesamenleving Mobiliteit en bereikbaarheid Brabantstad Coördinatie binnenstad Coördinatie Duurzaamheid Citymarketing/evenementen (muv vergunningverlening) Toerisme Economische promotie/acquisitie

    Primair behorend tot portefeuille Openbare Ruimte Ontwerp, Realisatie, Beheer Toezicht Milieu (lucht, geluid, bodem etc).

    Water Groen

    Passende aanvulling Mobiliteit en bereikbaarheid Wijkgericht werken Coördinatie Duurzaamheid Afvalstoffendienst

  • 4

    Primair behorend tot portefeuille Maatschappelijke ontwikkelingen Jeugd Zorg WMO Welzijn Gezondheid Diversiteit Onderwijs Maatschappelijke participatie

    Passende aanvulling Wonen Maatschappelijk vastgoed Arbeidsmarktbeleid Hoger onderwijs Wijkgericht werken

    Primair behorend tot portefeuille Werk en inkomen Sociale zaken Arbeidsparticipatie Armoedebeleid Schulddienstverlening

    Passende aanvulling Arbeidsmarktbeleid

  • 5

    Beleidsterreinen die in meerdere portefeuilles goed passend zijn Informatiesamenleving

    Portefeuille burgemeester (algemene zaken) Economie (economisch profiel)

    Mobiliteit en bereikbaarheid Openbare Ruimte (inrichting en beheer) Stedelijke Ontwikkeling (ruimtelijke ordening) Economische ontwikkeling (vestigingsklimaat)

    Coördinatie duurzaamheid Stedelijke ontwikkeling (duurzame ruimtelijke ontwikkeling) Openbare ruimte (duurzaamheid openbare ruimte) Economie (duurzaam ondernemen)

    Coördinatie Binnenstad Stedelijke ontwikkeling (ruimtelijke ontwikkeling) Openbare ruimte (beheer, toezicht, inrichting) Economie (economie, vestigingsklimaat)

    Maatschappelijk Vastgoed Stedelijke Ontwikkeling (grondzaken) Maatschappelijke ontwikkeling (welzijnsvoorzieningen)

    Wonen Stedelijke ontwikkeling (Woningbouwopgave) Maatschappelijke ontwikkeling (relatie wonen-zorg)

    Wijkgericht werken Openbare Ruimte (leefomgeving) Maatschappelijke ontwikkeling (maatschappelijke participatie)

    Citymarketing/evenementen Portefeuille burgemeester (communicatie) Economische Ontwikkeling (vestigingsklimaat)

    Afvalstoffendienst Financiën (bedrijfsmatige invalshoek) Openbare ruimte (functionele invalshoek)

    Brabantstad Economische Ontwikkeling (economisch profiel) Stedelijke Ontwikkeling (ruimtelijke ontwikkeling)

    Arbeidsmarkt Economische ontwikkeling (werkgevers) Maatschappelijke ontwikkeling (onderwijs) Werk en Inkomen (mensen met afstand tot arbeidsmarkt)

    Hoger Onderwijs Economische ontwikkeling (vestigingsklimaat) Maatschappelijke ontwikkeling (jeugd en onderwijs)

  • 6

    Beleidsterreinen die in alle portefeuilles passend zijn

    Financiën

    (incl. belastingen, aandeelhouderschappen en bedrijfsmatige activiteiten)

    Cultuur

    Sport

    Erfgoed/cultuurhistorie

    Publieke dienstverlening (coördinerend en Burgerzaken)

    Bestuursraden Empel en Engelen

    Contactwethouderschap wijken/dorpen (als blok bij Wijkgericht Werken of verdeeld over meerdere portefeuilles)

    Organisatie (als blok of verdeeld over meerdere portefeuillehouders) o PenO o Digitalisering en ICT o Informatieveiligheid en Privacy

  • Aan: onderhandelaars coalitiebespreking 2018 Van: ambtelijke organisatie diverse afdelingen Datum: 17 april 2018 Onderwerp: informatie vraag over diverse onderwerpen Vragen gesteld per mail op 13 april 2018 1. Oude 'doorrekening' van het Bestuursakkoord - ik kan die niet meer terugvinden - zouden

    we graag nog eens willen bekijken. 2. Wij hebben behoefte aan een notitie over de stand van zaken van het Structuurfonds. 3. T.b.v. enkele bezuinigingsoperaties in de culturele is er sprake geweest (als ik het goed

    heb) van het stoppen van indexeren. Is dit nog altijd het geval en zo ja, voor welke organisaties geldt dit?

    4. Het fonds Landelijk Onderscheidend loopt af. Welke middelen werden hiervoor uitgegeven en is er zicht op de behoefte/aanvragen de afgelopen jaren ?

    5. Wat was de aangevraagde behoefte t.a.v. de fondsen Lokaal Effectief en Pop-Up en welke middelen waren hiervoor de afgelopen jaren beschikbaar?

    6. Zijn er ontwikkelingen binnen de Bossche Culturele Basis die financiële consequenties kunnen hebben de komende jaren?

    7. Wij hebben behoefte aan een notitie/stavaza m.b.t. de stand parkeerreserve en parkeerexploitatie.

    8. Wat is de (financiële) stavaza van de Oostelijke Landweg? 9. Wat is de stand van zaken m.b.t. het zwembad in West? 10. Wat is de stand van zaken m.b.t. het Vestingmuseum? 11. Is de raadsmotie m.b.t. de hondenbelasting als doelbelasting financieel vertaald in de

    meerjarenbegroting? Zo ja, om welk bedrag gaat het hier? Reactie ambtelijke organisatie: 1. Oude 'doorrekening' van het Bestuursakkoord - ik kan die niet meer terugvinden - zouden

    we graag nog eens willen bekijken. Reactie Concern Financiën: tijdens de vorige periode zijn verschillende documenten aan de orde geweest (zie bijlage 1)

    2. Wij hebben behoefte aan een notitie over de stand van zaken van het Structuurfonds.

    Reactie Concern Financiën: Eind 2017 zit er een bedrag van € 102,4 miljoen in het Structuurfonds. Vanaf 2018 bedraagt de jaarlijkse storting in het fonds € 4,0 miljoen. Tot op heden wordt deze storting niet geïndexeerd. Uit het fonds betalen we de (kapitaal-)lasten van bovenstedelijke strategisch investeringen. Op basis van de huidige stand van zaken zijn we in staat de volgende geplande investeringen te dekken binnen het fonds:

    Brabanthallen 2e fase (€ 3,7 miljoen) Nieuwbouw bibliotheek (€ 5,5 miljoen): defacto is € 4,25 miljoen beschikbaar voor

    renovatie, aangezien daar een kortere afschrijvingstermijn geldt /stadsarchief (€ 6 miljoen):

    Theater (€ 50 miljoen, prijspeil 2013). Dit bedrag is oorspronkelijke bedrag en is niet aangepast naar aanleiding van het raadsvoorstel van juli 2017. Er is op dit moment in het structuurfonds nog ongeveer 7 miljoen beschikbaar voor indexering van het theater.

    GZG (€10 miljoen) Binnenstadhaltes (€ 0,75 miljoen) Overige projecten Koersnota (€ 10,6 miljoen, deels al uitgevoerd) St. Jansmuseum (€ 4 miljoen) Transferium Willemspoort (€ 8 miljoen)

  • Cultuurfonds Landelijk Onderscheidend (€1,7 miljoen deels al uitgevoerd) Economisch Investeringsfonds (€ 10 miljoen deels al uitgevoerd)

    Doordat investeringen later worden gerealiseerd dan gepland, ontstaat er binnen het Structuurfonds ruimte voor indexatie. Opgemerkt moet worden dat we in de doorkijk rekening houden met een terugstorting van € 6,5 miljoen die we uit het structuurfonds gehaald hebben om de “badkuip” uit de parkeerexploitatie voor te financieren. Vooralsnog is er geen dekking aanwezig in het fonds voor de volgende investeringen:

    Avenue A2 (PM) Oostelijke omleiding Rosmalen (€ 10 miljoen) Transferium zuidoostzijde stad (€ 10 miljoen) Parallelweg naar A59 (€ 25 miljoen) Overige projecten Koersnota (€ 12,3 miljoen) Bedrijvencentrum Grasso (€ 4 miljoen) Zwembad-West (€ 6,5 miljoen)

    3. T.b.v. enkele bezuinigingsoperaties in de culturele is er sprake geweest (als ik het goed heb) van het stoppen van indexeren. Is dit nog altijd het geval en zo ja, voor welke organisaties geldt dit?

    Reactie BAZ/Cultuur: Vanaf 2018 worden de reguliere prijsindexatie weer toegepast. In de jaren 2015 t/m 2017 zijn wij voor alle onderdelen van de gemeentelijke begroting uitgegaan van 0% prijsindexatie. De werkelijke consumentenprijsindex voor de jaren 2015 t/m 2017 was: 2015 0,2% 2016 0,1% 2017 1,3% De loonindexatie is gebaseerd op ontwikkeling contractloon marktsector en is wel regulier toegepast.

    4. Het fonds Landelijk Onderscheidend loopt af. Welke middelen werden hiervoor uitgegeven en is er zicht op de behoefte/aanvragen de afgelopen jaren ?

    Reactie BAZ/Cultuur: Het fonds is anderhalf jaar geleden van start gegaan. Dit fonds is bedoeld voor grote en kwalitatief hoogstaande projecten, die kansrijk zijn om door te ontwikkelen en een substantiële impact kunnen maken. Er wordt streng geselecteerd. Voor de hele periode tot en met 2020 is €1,65 mln beschikbaar. Er is in de eerste anderhalf jaar voor bijna €1.3 mln aan plannen aangemeld bij de gemeente. Na intakegesprekken is er uiteindelijk voor €860.000 aan officiële aanvragen voor dit fonds binnengekomen. Dit is globaal conform het budget over deze periode. Uiteindelijk voor €417.000 aan bedragen toegekend. Uit het verschil tussen de eerste aanmeldingen, de aanvragen na intake en de toekenningen zou kunnen worden geconcludeerd dat het budget toereikend is voor de behoefte, maar dat veel van de aanvragen niet gehonoreerd worden omdat ze niet voldoen aan de criteria. Aanvragers moesten in de opstartfase duidelijk wennen aan de eisen en hebben meer tijd nodig om tot een subsidiabele aanvraag te komen. Op dit moment bekijken we de mogelijkheid om knelpunten die hieruit ontstaan op te lossen uit het budget. .De verwachting is dat het aantal aanvragen en toekenningen zal stijgen nu het fonds bekender aan het worden is. Vanaf 2019 wordt het jaarlijks beschikbaar budget echter afgebouwd en in 2021 is het fonds leeg.

    5. Wat was de aangevraagde behoefte t.a.v. de fondsen Lokaal Effectief en Pop-Up en

    welke middelen waren hiervoor de afgelopen jaren beschikbaar?

  • Reactie BAZ/Cultuur: Lokaal Effectief In het eerste jaar (2017) was er voor €330.000 aan aanvragen ingediend, en was er €150.000 beschikbaar. In 2018 is €210.000 beschikbaar, waarvan €42.000 voor aanvragen onder de €2.000. De rest wordt verdeeld over twee rondes. Tot nu toe is er voor een totaal van €75.000 aan aanvragen binnengekomen. Toekenningen nog niet bekend.  Pop Up In 2017 werd er voor €330.000 aangevraagd, en was er €150.000 beschikbaar. In 2018 is beschikbaar € 260.000 (incl. de eenmalige verhoging van €50.000 na motie D66), waarvan €52.000 voor aanvragen onder de €2.000. De rest wordt verdeeld over de twee rondes. Er is tot nu toe voor een bedrag van €161.000 aangevraagd. Toekenningen nog niet bekend.

    6. Zijn er ontwikkelingen binnen de Bossche Culturele Basis die financiële consequenties kunnen hebben de komende jaren?

    Reactie BAZ/Cultuur: Ja, al zijn die nu niet allemaal goed te becijferen en zijn het geen harde verplichtingen. Nieuwe BCB in 2020 en aflopen fonds Landelijk Onderscheidend Belangrijk is dat in 2019 / 2020 voor het eerst de nieuwe verdeling van subsidies voor de komende vier jaar op de agenda van de raad komt. Het is te verwachten dat er, mede uit de projecten van de fondsen, ook nieuwe spelers zullen aanvragen en dat sommige bestaande organisaties die zich nu aan het ontwikkelen zijn, een hogere aanvraag zullen doen. Het fonds Landelijk Onderscheidend loopt af vanaf 2020. Rijksbijdragen In de ontwikkelingen op landelijk niveau speelt dat OCW de gelden anders wil gaan inzetten waarbij op regionaal niveau (Brabantstad) tot afspraken wordt gekomen. Op dit moment krijgen wij van het Rijk en met matching daarvan, van de Provincie (excl het NbM) globaal € 3,0 mln per jaar (tegenover een gemeentelijke bijdrage van € 0,9 mln). Het gaat dan met name om festivals en podiumkunsten. Dat is relatief veel. In de nieuwe opzet zal er meer concurrentie komen van andere regio’s maar ook binnen Brabant. Dat kan betekenen dat er mogelijk gaten kunnen vallen bij organisaties die wij niet willen missen maar als we succesvol zijn, kan het ook betekenen dat een hogere bijdrage van ons wordt gevraagd. Huisvestingskosten amateurkunst Er zijn knelpunten binnen de amateurkunst, terug te voeren op huisvestingskosten. Voor een deel betreft dat nieuwe situaties. Voor een deel is het probleem dat in het bestaande knelpuntenbudget Amateurkunst (€ 56K) een vervuiling is ontstaan aan huurkosten van € 40K. Daarnaast zijn er verschillende kosten te verwachten in de richting van € 90K - € 120K) voor diverse huisvestingsoplossingen (o.a. Lucas v Leydenstraat, Seringenstraat, Bouwhal). Totaal kan het dan gaan om een bedrag rond de € 160 K structureel). Muziekinitiatieven Naar aanleiding van de petitie die verschillende betrokkenen bij muziekonderwijs, in het najaar aan de raad hebben aangeboden is er een eenmalig bedrag van € 50.000 beschikbaar gesteld voor een pilot. Het ligt voor de hand dat dit zal leiden tot een aanvraag voor een vervolg / structurele bijdrage. Lokale omroep De lokale omroep heeft een toezegging voor de jaren 2017-2018-2019 voor een bedrag

  • van € 170.000 per jaar. De zendmachtiging is afgeven voor een periode van 5 jaar. Dit betekent dat er voor 2020 en 2021 afspraken gemaakt moeten worden over de hoogte van de subsidie. De rijksbekostiging (minimaal door te geven budget) bedraagt bij prijspeil 2018 € 1,25 per huishouden - € 91.361. Het eerdere verzoek van de omroep ging om een hoger bedrag afhankelijk van het te kiezen scenario (€ 345K - €475K). Evaluatie vindt plaats in oktober 2018 om voor de voorjaarsnota een voorstel aan de raad te kunnen voorleggen. Bibliotheek/Muzerije/Babel De fusie van Bibliotheek / Muzerije / Babel wordt zoals het er nu uitziet binnen de taakstelling (dus inclusief bezuiniging) gerealiseerd. Wat de effecten zijn van eventuele alternatieve huisvestingsopties is niet te voorzien. Vooralsnog is ten aanzien van de exploitatie gesteld dat dit taakstellend binnen het bestaande budget moet. In ieder geval betekent een andere optie een extra huisvestingslast voor de nieuwe organisatie die we zeer grof schatten op € 200.000. Theater Met betrekking tot het theater is een raadsvoorstel in voorbereiding. Daarin zal ook de exploitatie een onderwerp zijn. Daaraan wordt nu gerekend.

    7. Wij hebben behoefte aan een notitie/stavaza m.b.t. de stand parkeerreserve en parkeerexploitatie.

    Reactie SB/FM: Huidige stand De totale parkeerexploitatie (straat parkeren, parkeergarages, transferia en rijwielstallingen) geeft een positief totaalrendement in 2017 van € 4,2 mln en groeit bij ongewijzigd beleid naar verwachting in 2030 naar € 8,5 mln. Vanuit deze positieve parkeerexploitatie wordt een jaarlijkse resultaatsonafhankelijke afdracht aan de algemene middelen verwerkt. Op basis van de positieve financiële vooruitzichten van 2008 (voor de economische crisis) is door de Raad in 2009 besloten de jaarlijkse afdracht aan algemene middelen vast te stellen op een bedrag ad € 5,8 mln. Deze jaarlijkse afdracht is in het jaar 2017 verhoogd naar € 7,5 mln en vanaf begroting 2018 bedraagt dit € 8,7 mln. De verhoging is het gevolg van de verwerking van een lagere interne rekenrente met een rentevoordeel op kapitaallasten tot gevolg. Er is geen verdere stijging van de jaarlijkse afdracht na 2018 voorzien. De reserve parkeer en verkeer, welke per 2007 nog een positief saldo had van € 15,4 mln, heeft eind 2017 een eindsaldo van € 0,4 mln. Sinds het besluit in 2009 tot verhoging van de jaarlijkse afdracht is het werkelijke resultaat van de parkeerexploitatie lager geweest dan de jaarlijkse afdracht, reden waarom de reserve parkeer en verkeer elk jaar is gedaald. In 2016 is door de Raad besloten tot een tijdelijke injectie van de reserve van € 6,5 mln (reg.nr: 5651524). Vergeleken met de meerjarenraming 2016 zien we de volgende oorzaken voor de naar beneden bijgestelde verwachtingen:

    Parkeergarage St. Jan heeft in 2017 een lagere bezetting dan geraamd in 2016. De gemiddelde dagbezetting bedraagt in 2017 24,4% (prognose 30%) en de avond-/nachtbezetting bedraagt in 2017 9,2% (prognose 10%). Ondanks de lagere realisatie zien we wel een licht positieve trend in de bezetting. We zien in

  • 2017 een tendens van ca. 12% groei bij de dagbezetting. Bij de avond-/ nachtbezetting zien we ook een tendens van ca. 4% groei in het afgelopen jaar.

    De economische groei met betrekking tot parkeeropbrengsten is de afgelopen jaren achtergebleven ten opzichte van de verwachting in 2016.

    Besparingen van de digitalisering controle betaald straat parkeren wordt geraamd met ingang van 2019 i.p.v. 2017.

    Toekomstverwachting Bij ongewijzigd beleid is de verwachting dat het rendement van de parkeerexploitatie in 2018 € 5,4 mln bedraagt. We zien positieve ontwikkelingen op het gebied van straat parkeren en een hogere bezetting van onze parkeergarages als gevolg van een verdere groei van de economie. Op dit moment is echter het rendement feitelijk onvoldoende om aan de jaarlijkse afdracht zoals verwerkt in de begroting 2018 ad € 8,7 mln. te voldoen. Daarnaast zijn de volgende concrete maatregelen voorstelbaar om de parkeerexploitatie te verbeteren:

    Verhoging parkeertarieven parkeergarages Wolvenhoek en St. Joseph (centrum parkeergarages)

    Verhoging parkeertarieven avond parkeren van parkeergarages Wolvenhoek, St. Joseph en Paleiskwartier

    Verhoging tarieven straat parkeren centrum Verhoging tarieven straat parkeren rand centrum en woonwijken Fiscaliseren parkeerregimes zodat opgelegde boetes ten gunste komen aan de

    gemeentekas ipv het Rijk Corrigeren nadelig effect renteverlaging op annuïtaire afschrijving parkeergarage

    St. Jan Besparen kosten beheer en toezicht parkeren (efficiency, onderhoud en beheer)

    8. Wat is de (financiële) stavaza van de Oostelijke Landweg?

    Reactie SO/Leefomgeving: In april 2018 start het onderzoek naar het meest geschikte tracé of combinatie van tracés voor de bereikbaarheids- en leefbaarheidsproblematiek in de oostelijke gemeentedelen. Voor dit onderzoek naar de verschillende alternatieven heeft de raad in december 2017 een bedrag van €200.000 beschikbaar gesteld. Verwacht wordt dat de studie eind 2018 afgerond is. Daarna volgt behandeling in de raad en zal de raad zich kunnen uitspreken over een voorkeurstracé, een beschikbaar te stellen voorbereidingsbudget en de te voeren (ruimtelijke) procedures. In het Structuurfonds is een ongedekt bedrag van € 10 miljoen voor realisatie opgenomen. Omdat er nog geen voorkeurstracé bepaald is, is nog niet zeker of deze reservering toereikend is. De feitelijke uitvoering van een eventuele nieuwe weg zal gezien de doorlooptijd van de benodigde procedures naar verwachting op z’n vroegst in 2024 starten.  

    9. Wat is de stand van zaken m.b.t. het zwembad in West?

    Reactie BAZ/Sport & Recreatie: Conform de besluitvorming op 14 november is het project “Zwembad West” opgenomen in de verkenningsfase van het structuurfonds. Stand van zaken: Intergemeentelijke samenwerking De behoefte aan zwemwater van buurgemeenten en mogelijkheden tot samenwerking is mede bepalend voor de omvang en exploitatie van een nieuw te realiseren zwembad in West.

  • Uit overleg met de gemeente Heusden en Vught is gebleken dat een gezamenlijke investering in een regionaal zwembad vooralsnog nu niet aan de orde is. Over circa 10 jaar zal de gemeente Heusden de afweging maken om haar huidige zwembad te renoveren, dan wel te vervangen door nieuwbouw. Vanuit Vught is er weerstand van de lokale zwemvereniging(en) om hun activiteiten structureel te verplaatsen naar een zwembad in ’s-Hertogenbosch West. Het gemeentebestuur van Vught onderkent de voordelen van regionale samenwerking maar hecht grote waarde aan de mening van haar verenigingen. Gezien het standpunt van zowel de gemeente Vught als de gemeente Heusden wordt de exploitatie van een volwaardig zwembad in West bestaande uit minimaal een 25 meter bassin en een instructiebad daarmee financieel aanzienlijk lastiger. Samenwerking met andere maatschappelijke partijen Er zijn diverse samenwerkingsvormen met maatschappelijke initiatieven mogelijk zoals het herinvoeren van schoolzwemmen voor Scholen uit West (geen vervoerskosten), ouderen, beperkten, als werk en ervaringsplaatsen en dagbesteding. De mate waarin studenten vanuit het HBO en MBO gebruik gaan maken van het zwembad is moeilijk te prognosticeren. De mogelijkheden om een samenwerking aan te gaan en zo extra maatschappelijke activiteiten in het zwembad te organiseren zijn er zeker. Dit is goed voor de bezetting en het maatschappelijk rendement van het zwembad maar in financiële zin leveren deze activiteiten geen substantiële financiële bijdrage ten gunste van het exploitatieresultaat Ruimtelijke inpassing De ruimtelijke verkenning maakt duidelijk dat het sportpark “De Schutskamp” (voetbalvelden CHC & vml. RKJVV) de enigste locatie in West is die voldoende ruimte en inpassingsmogelijkheden biedt om een volwaardig (regionaal) zwembad te realiseren, al of niet in combinatie met een vervangende nieuwbouw van sporthal de Schutskamp. Combineren van functies Er zijn zeker interessante combinaties van functies te bedenken die elkaar zouden kunnen versterken, zowel inhoudelijk als in de exploitatie. In de praktijk is het echter zo dat de meeste van die mogelijke te combineren functies grotendeels al voorzien zijn in de wijk van eigen huisvesting.

    10. Wat is de stand van zaken m.b.t. het Vestingmuseum?

    Reactie SB:

    - Het college heeft in december 2017 de raadsinformatiebrief ‘Voortgang herbestemming Kruithuis’ vastgesteld met daarin de mededeling dat zij start met de uitvoering van een haalbaarheidsonderzoek en dat hiervoor een bedrag van € 110.000,00 inclusief btw beschikbaar wordt gesteld. Vanuit het onderhoudsbudget is er € 25.000 inclusief btw beschikbaar voor uitwerking van het renovatieplan.

    ‐ Inhoudelijk zijn het Kringbestuur- en de vereniging akkoord met een onderzoekstraject tot realisatie van een water- en vestingmuseum. De Kring heeft ter ondersteuning van dit initiatief mede aan de wieg gestaan van de oprichting van een Unesco netwerk voor watermusea.1 De huidige activiteiten van de Kring kunnen de toets aan de UNESCO doelstellingen goed doorstaan: de al 28 jaar gedoceerde cursus Boschlogie, de ook al 28 jaar aangeboden vaararrangementen (met

    1 https://www.bd.nl/s-hertogenbosch/den-bosch-gastheer-unesco-congres-voor-watermuseum-in-kruithuis~a2979248/

  • kennisoverdracht), het in het eigen Kenniscentrum uitgevoerde onderzoek en de daaruit voortkomende publicaties zijn daar belangrijke dragers van. Een fysiek museum in het Kruithuis kan gezien worden als een logische vervolgstap op de bestaande water gerelateerde activiteiten.

    ‐ De gemeente en de Kring werken gezamenlijk toe naar een bestuurlijk go/ no go besluit, gebaseerd op de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek. De Kring heeft aangegeven het museum op eigen risico te willen en kunnen exploiteren (aan de gemeente wordt huur betaald), mits de vaarconcessie verlengd wordt. Ook wil zij 500.000 investeren in de museale inrichting. Vanuit de gemeente is op dit moment beschikbaar een bedrag van ruim 900.000 Euro (uit het onderhoudsfonds) en een rendabel krediet van 600.000 Euro (via doorbelasting in de huur).

    ‐ Op basis van de huidige financiële uitgangspunten, uitgewerkt in een zeer voorlopige begroting, is er € 2.150.000 gedekt en is nog € 2.583.000 benodigd.

    ‐ Het vinden/zoeken van aanvullende (kansen op) dekkingsbronnen maakt onderdeel uit van de haalbaarheidsstudie (o.a. subsidie en investeringsbijdragen vanuit de provincie Noord-Brabant).

    11. Is de raadsmotie m.b.t. de hondenbelasting als doelbelasting financieel vertaald in de meerjarenbegroting? Zo ja, om welk bedrag gaat het hier?

    Reactie Concern Financiën: In de motie over de hondenbelasting is het college gevraagd: 

    Te onderzoeken wat de gevolgen zijn om de huidige hondenbelasting om te zetten naar een doelbelasting.

    De hondenbelasting dan de aankomende jaren verlagen met gebruikmakend van de meevallers in de begroting van 2019, 2020 en later.

     Dat onderzoek is gedaan en daarover is de raad geïnformeerd. Hiervan is nu een update gemaakt: Als we de hondenbelasting om zouden zetten naar een doelbelasting moeten we prijspeil 2017 een belastingopbrengst realiseren van 548 K. Met indexering (gemiddelde van prijs en loonindex 2018) komt dit neer op een opbrengst van 570 K prijspeil 2018. In de begroting 2018 staat een opbrengst van 904 K. Per saldo dus een nadeel van 334 K. De motie heeft ons vervolgens verzocht dit nadeel in de begroting van 2019 en later te realiseren. De begroting 2019 moet nog worden vastgesteld, er is daarom tot nu toe nog niets in de meerjarencijfers verwerkt. 

  • Stand van zaken ontwikkeling sociaal domein (excl werk&inkomen),

    inzichten tbv nieuwe bestuursperiode

    Sinds de decentralisaties (2015) heeft de gemeente een majeure opdracht in het sociaal domein; zorgen voor adequate ondersteuning van inwoners terwijl er

    sprake is (geweest) van flinke kortingen op budgetten. Er gaat veel geld in om: als sector Maatschappelijke Ontwikkeling besteden we ca 340 mln. Daarnaast

    hebben we een centrumfunctie voor de regionale inkoop van zorg ter grootte van ca 140 mln.

    Deze notitie heeft tot doel u bij de start van de nieuwe bestuursperiode een goed zicht te geven op hoe we er in ’s-Hertogenbosch en de samenwerking in de

    regio voor staan. Het is een beeld op hoofdlijnen. Op onderdelen wordt verwezen naar een gedetailleerdere bijlage. Hieronder treft u eerst een ‘plaat’ aan van

    de stand van zaken. Vervolgens worden de diverse aspecten nader toegelicht. Dit vanuit de indeling: waarin lopen we voorop, wat gaat voldoende tot goed,

    waar is sprake van (grotere) risico’s en waar zitten op dit moment de echte knelpunten?

    Het overzicht focust op de taken op het gebied van WMO, Jeugdhulp en Financiële Dienstverlening. De verantwoordelijkheid van de sector MO is breder. De

    situatie op het gebied van onderwijs, arbeidsmarktbeleid en wijkmanagement is bijvoorbeeld niet opgenomen. Hier doen zich op dit moment geen bijzondere

    omstandigheden voor die uw aandacht vragen.

    Ik ben uiteraard graag bereid een en ander nader toe te lichten of eventuele vragen (ook over de andere onderdelen van het sociaal domein) te

    beantwoorden.

    Miriam Nienhuis

    20-4-2018

  • stand van zaken sociaal domein

    's-Hertogenbosch

    in de voorhoede:

    - aandacht voor transformatie, samen met partners: 'thuis in de wijk', 'langer prettig thuis' en transformatieopgaven jeugdhulp

    - invulling regiefunctie (conform 'www.regiesociaaldomein.nl)

    - financiële situatie (behoorlijk gevuld Sociaal en Zorgfonds en tov andere regio's nog relatief beperkte tekorten)

    - resultaten 'oude' wmo (zie ook www.waarstaatjegemeente.nl)

    voldoende tot goed:

    - inwonertevredenheid is ruim voldoende

    - samenwerking met partners en aanpalende terreinen (wonen, WXL)

    - inzet, betrokkenheid medewerkers

    - beleid en uitvoering (sociaal wijkteams, consulenten, financiële dienstverlening) in één hand stelt in staat tot

    snel leren/aanpassen.

    Risico's:

    - veiligheid gezinnen kent een risico vanwege wachttijden (oppakken ondersteuningsvraag) en wachtlijsten (beschikbaarheid zorg) en inzicht (privacyregels belemmeren uitwisselen van gegevens),

    - financieel risico jeugdhulp door korting budget (zie brandbrief), WLZ-problematiek, beperkte sturing op toegang (ook via huisartsen en GI's), suboptimaliteit in bekostigingsystematiek en niet gegarandeerd zijn van reeds ingeboekte opbrengst transformatieopgaven

    - Evaluatie centrumregeling en bekostigingssystematiek (besluitvorming eind 2018) kan leiden tot uittreden gemeenten, suboptimale keuzes en/of intensieve ombouwoperatie in 2019.

    - financieel risico Boschwijzer (merendeels factoren buiten het project) bij gelijkblijvende ambitie.

    - kostenstijging WMO tgv vergrijzing

    - zorginstellingen kunnen in de knel komen

    - vinden en binden van medewerkers op schaarse functies (met name jeugdhulpwerkers wijkteams).

    Knelpunten:

    - aanzienlijk capaciteitstekort in uitvoering (WMO/Jeugd en Financiële Dienstverlening) : lange wachttijden en hoog

    ziekteverzuim. Belemmert ook ontwikkeling organisatie.

    - wachtlijsten jeugdhulp tgv financiële klem

    - aansluiting Jeugdhulp bij onderwijs/zorg in de klas

    - vanwege tekorten inkoop zorg is er te weinig financiële ruimte voor lokale versterking voorliggend veld.

    - complexiteit in regionale samenwerking en huidige bekostigingssystematiek: kost veel energie, beperkt de

    slagkracht en sturing.

    - niet kunnen realiseren taakstellingen financiële dienstverlening

  • Nadere toelichting:

    In de voorhoede:

    - We hebben de regierol belegd bij de sociaal wijkteams. We zijn koploper in de mate waarin we voldoen aan criteria zoals genoemd op

    www.regiesociaaldomein.nl. Werkwijze en ontwikkeling krijgt positieve waardering van inspectie en landelijk steeds meer aandacht.

    - Ten opzichte van andere regio’s zijn de financiële tekorten voor de komende jaren bij ons nog beperkt: zie bijlage 1.

    - We hebben op dit moment nog een ruime reserve (Sociaal en ZorgFonds), deze is echter niet toereikend om financiële tekorten voor komende jaren

    op te vangen. Zie bijlage 2.

    - We zijn sneller dan veel andere regio’s gestart met het bepalen van de noodzakelijke transformatieopgaven op de nieuwe WMO en Jeudwet, samen

    met partners, vanuit gezamenlijke visie. Zowel op het gebied van Jeugdhulp, waar ook extra investeringsruimte voor is vrijgemaakt als op het gebied

    van ‘Thuis in de Wijk (van beschermd wonen naar begeleid wonen thuis) en “Langer, prettig Thuis” (extramuralisering in de ouderenzorg).

    Voldoende tot goed:

    - Inwoners geven gemiddeld een ruimvoldoende voor zorg/ondersteuning.

    - Er wordt betrokken en heel hard gewerkt, samen met inwoners en partners, om inwoners tijdig de juiste adequate ondersteuning te bieden.

    - Goede samenwerking met andere partijen zoals zorgpartners en woningcorporaties.

    - We werken steeds meer over de schotten/domeinen heen, bijvoorbeeld door intensievere samenwerking met Wonen en WXL.

    - Beleid en uitvoering zijn (deels: wijkteams, wmo-consulenten en financiële dienstverlening) in één hand waardoor snel geleerd en bijgestuurd kan

    worden.

    Risico’s:

    - Veiligheid gezinnen kent een risico vanwege wachttijden (oppakken ondersteuningsvraag) en wachtlijsten (beschikbaarheid zorg) en inzicht

    (privacyregels belemmeren uitwisselen van gegevens). Overigens wordt wel gedifferentieerd in wachttijden: echte crisissituaties gaan vóór. Werken

    vanuit één gezin, één plan, één regisseur wordt bemoeilijkt door schotten (verschillende wetten, budgetten), knelpunten in delen van informatie

    vanwege privacyaspecten en de mate waarin werkers elkaar kennen, de regierol van het wijkteam accepteren en de mate waarin de

    wijkteammedewerkers met lef en creativiteit kunnen doorpakken.

    - Er is zorg in de regio over mate van beheersing van de regionale inkoop. Er is nu een evaluatie van de centrumregeling en de

    bekostigingssystematiek gaande die in het najaar van 2018 tot besluitvorming moet leiden; reële kans op uittredingen/wijzigingen en daarmee extra

    ombouw/implementatiekosten in 2019.

    - Huidige bekostigingssystematiek (lumpsum, ofwel ‘taakgericht’) heeft in het begin goed gewerkt voor rust, ruimte voor aanbieders om te ontwikkelen

    en ondernemen. Gaat bovendien uit van regiemodel: toegang bepaalt ‘wat’, aanbieder bepaalt ‘hoe’. In de praktijk zijn knelpunten en ongewenste

    effecten ontstaan die hebben geleid tot incrementele aanpassingen van de methodiek. Door deze maatwerkoplossing voldoen we nu niet aan de

  • landelijke standaarden die ontworpen zijn om administratieve lasten te verlagen. De huidige methode leidt op dit moment bovendien tot inflexibiliteit

    en complexiteit. En de verschillende gemeenten in de regio hebben het principe van regie niet allemaal hetzelfde vertaald, zodat aanbieders ondanks

    een gezamenlijk contract te maken hebben met diverse werkwijzen. De evaluatie biedt kans om te gaan voor vereenvoudiging, lagere administratieve

    lasten en meer flexibiliteit. Hierover dienen de regionale gemeenten echter wel overeenstemming te bereiken.

    - Door de gekozen methodiek van lumpsum is er bij de toegangsteams geen inzicht in de prijs per product per aanbieder. Er zijn echter wel

    prijsverschillen tussen aanbieders voor dezelfde soort zorg/ondersteuning. De lumpsumbudgetten zijn (deels nog) gebaseerd op historische

    gegevens. De opbouw van de lumpsumbudgetten zijn echter niet openbaar en als een ‘duurdere’ aanbieder nog ruimte heeft in de lumpsum en een

    goedkopere al vol zit, wordt toegeleid naar de duurdere. Op grond van de in gang zijnde evaluatie van de bekostigingssystematiek kan (al dan niet

    voor een deel van de zorgvormen) gekozen worden voor een andere vorm (van lumpsum naar PxQ of resultaatgericht); dit kan de ‘duurdere’

    instellingen onder druk zetten.

    - Financieel risico Boschwijzer bij gelijkblijvende ambitie. Diverse oorzaken merendeels buiten het project ontstaan - waaronder toename werkdruk in

    diverse teams zodat ‘de beweging naar voren’ niet volledig kan worden gemaakt - maken dat op dit moment een knelpunt in het beschikbaar kunnen

    stellen van de benodigde formatie voor Boschwijzer is ontstaan. Daarnaast is er een risico op het volledig kunnen dekken van de exploitatie

    gebouwen. Totaal risico circa 1 mln. Aanbesteding is om deze reden ‘on hold’ gezet. Er wordt gewerkt aan alternatieven in maatvoering, met zoveel

    mogelijk behoud van het concept, zodat een afweging kan worden gemaakt.

    - Transformatieopgaven Jeugdhulp kennen een juridisch risico (bezwaren van aanbieders die niet mee doen) en een financieel risico: het beoogd

    financieel effect (ca. 3,6 mln voor de regio, waarvan ca. 0,9mln voor s-Hertogenbosch) is al ingeboekt maar is niet gegarandeerd. Dmv deels

    prestatieafhankelijke bekostiging kunnen we dit risico in enige mate beheersen.

    - Er is een risico dat zorginstellingen de omslag niet kunnen maken en daardoor in de problemen komen. Onze primaire insteek is continuïteit van zorg

    voor inwoners. De mate waarin we invloed kunnen en willen uitoefenen om ‘omvallen’ te voorkomen is afhankelijk van de mate waarin we voor die

    continuïteit afhankelijk zijn van de betreffende instelling en beperkingen in de zin van staatssteun / verminderde marktwerking.

    - Krapte op de woningmarkt heeft tot gevolg dat de kanteling langzamer gaat dan gewenst

    - Er is in de huidige, krappe arbeidsmarkt een reëel risico op verloop en het moeilijk kunnen vinden van schaarse capaciteit, met name jeugdwerkers in

    de wijkteams.

    Knelpunten

    - Te lange wachttijden voor inwoners en hoge ziekteverzuimpercentages in de eigen organisatie tgv te krappe bezetting (bezetting is niet aangepast

    aan toegenomen aantallen en complexiteit; zie ook overdrachtsdocument). Er is vanuit de zeer knellende situatie tijdelijk extra ingehuurd maar dit is

    niet gedekt. Vraagt structureel ophoging bij gelijkblijvend beleid. Zie bijlage 3

    - De organisatie is niet op alle onderdelen stabiel en op niveau. Aandachtspunten zijn er primair in de uitvoering en afdeling Sociale Zorg.

    - Wachttijden bij gecontracteerde aanbieders jeugdhulp. Door stijging aantal jeugdigen in zorg en dalende budgetten komen we niet meer uit met de

    gecontracteerde hulp. Levert behalve extra wachttijd voor inwoners ook extra werk voor medewerkers op in het zoeken naar een zo goed mogelijke

    alternatieve oplossing. Bovendien risico op verergering problematiek. En doordat er soms lokaal toch bijgeplust moet worden, vanwege urgente

  • situaties, leidt dit ook tot minder beheersing van de kosten. Dit laatste knelpunt wordt verminderd bij positieve besluitvorming over inkoopkader 2019

    en bijstelling inkoopkader 2018.

    - Financieel knelpunt Jeugdhulp. Oorzaken: korting op decentralisatieuitkering Jeugdhulp (2,3 mln voor ‘s-Hertogenbosch) bij stijgende zorgvraag,

    WLZ-problematiek, toegang niet volledig in eigen hand, nog te weinig (effect van) transformatie.

    - Huidige regionale samenwerking kost veel energie.

    - ’s-Hertogenbosch heeft regionaal verhoudingsgewijs méér taken opgepakt dan alleen de centrumregeling, zonder extra capaciteit. Dit is ten koste

    gegaan van aandacht voor de basistaak van de centrumgemeente, de beleidsmatige focus op de eigen, lokale uitvoering en van de gezondheid van

    medewerkers. Hierop zijn we nu aan het herstellen.

    - Zoals ook in het overdrachtsdocument genoemd, achten we de taakstelling financiële dienstverlening (terugdringen beschermingsbewind) niet

    haalbaar. Alle inspanningen die gepleegd zijn (waaronder vroegsignalering en extra inzet op preventie) hebben er toe geleid dat we tov landelijke

    trend de stijgende lijn hebben weten af te buigen maar van een afname is geen sprake.

    Samengevat:

    Het sociaal domein is ook de komende bestuursperiode nog niet in een rustig vaarwater. Financiële druk, de noodzaak tot transformatie, knelpunten in de

    organisatie/bezetting en ‘ombouwkosten’ vragen:

    - Een gedeelde visie op sturing in het sociaal domein, inclusief verander- en risicomanagement. Hierin ook positie bepalen t.a.v. dilemma’s als:

    o Lange termijn preventief beleid korte termijn inzet tbv urgente hulpvragen

    o Partnerschip, rust in het veld en vertrouwen marktwerking en control.

    o goedkoopst adequaat maatwerk en keuzevrijheid voor de inwoner

    - Een ambitieuze, zakelijke, vasthoudende besturing

    - Uitbreiding van formatie in de uitvoering en scherper onderscheiden centrumtaken van lokale taken.

    - Investering in organisatieontwikkeling

    - Aanpassing van de centrumregeling en bekostingssystematiek, ondersteunend aan ‘de bedoeling’, in de richting van:

    o eenvoud (terugdringen bureaucratie en intensieve afstemming en besluitvorming, zo eenvoudig mogelijk ingericht op basis van Gemeentelijk

    Gegevensknooppunt (GGk)

    o flexibiliteit,

    o integraliteit (met name wmo-jeugd) en

    o verbinding met het lokale, preventieve aanbod

    o lokaal wat lokaal kan, regionaal wat meerwaarde heeft.

    Bijlagen:

    Bijlage 1: meerjarenperspectief WMO, Beschermd Wonen en Jeugdhulp, exclusief financiële risico’s.

    Bijlage 2: overzicht Sociaal en ZorgFonds

    Bijlage 3: capaciteitsvraag WMO en Financiële Dienstverlening, inclusief scenario’s

  • Bijlage 1: meerjarenperspectief Jeugdhulp, WMO en Beschermd Wonen, exclusief financiële risico’s.

    Toelichting

    Jaarlijks stelt de gemeenteraad het inkoopkader Jeugdhulp vast. Dit kader wordt financieel vertaald in de begroting. Op dit moment wordt het inkoopkader

    2019 met bijstelling 2018 opgesteld. De cijfers in de kolommen begroot 2018 en begroot 2019 zijn afkomstig van het vastgestelde inkoopkader 2018. De

    cijfers in de kolommen inschatting 2018 en inschatting 2019 zijn afkomstig van het nog door de gemeenteraad vast te stellen inkoopkader 2019 met bijstelling

    2018.

    Ontwikkelingen in de rijksuitkering

    Gemeenten zijn in 2017 geconfronteerd met een structurele bijstelling op de Integratie-uitkering Jeugdhulp vanaf 2018. Dit is een gevolg van de invoering van

    het objectief verdeelmodel en een landelijke herverdeling tussen Jeugdwet en Wlz. Voor de gemeente 's-Hertogenbosch betekent dit een negatieve bijstelling

    van de te verwachten Rijks(integratie)uitkering van € 2,3 mln.

    Minister De Jonge komt met voorstellen om 200 mln extra beschikbaar te stellen voor de jeugdhulp. 100 mln daarvan wordt gefinancieerd door een uitname

    uit het gemeentefonds. Voor ’s-Hertogenbosch vermindert hierdoor de algemene uitkering met ca 0,9 mln. Onlangs heeft de regio NOB een brandbrief

    gestuurd aan de minister om aandacht te vragen voor de problematiek in de jeugdhulp. Het is nog onduidelijk hoeveel van de extra middelen landen in onze

    regio. Onduidelijk is ook in hoeverre de eventueel te ontvangen middelen de uitname uit het gemeentefonds voor ’s-Hertogenbosch goed maken. Hiermee is

    in bovenstaande cijfers nog geen rekening gehouden.

    Jeugdhulp gemeente 's-Hertogenbosch ,

    begroot real isatie verschi l begroot inschatting verschi l begroot inschatting verschi l

    Rijksuitkering; Integratie-uitkering Jeugd 33.172.067 33.241.522 69.455 33.481.476 30.921.612 -2.559.864 31.153.778 31.051.788 -101.990

    Inkomsten 33.172.067 33.241.522 69.455 33.481.476 30.921.612 -2.559.864 31.153.778 31.051.788 -101.990

    Inkoop Jeugdhulp gemeente 's-Hertogenbosch 28.719.005 31.090.915 2.371.910 28.499.172 33.170.403 4.671.231 28.499.172 30.751.589 2.252.417

    Persoonsgebonden budget 4.423.358 1.443.704 -2.979.654 2.420.000 2.420.000 0 2.420.000 2.420.000 0

    Lokaal beleid en bijdrage uitvoeringskosten regio NOB 2.251.425 1.871.436 -379.989 334.877 1.080.000 745.123 580.000 1.080.000 500.000

    Uitgaven 35.393.788 34.406.055 -987.733 31.254.049 36.670.403 5.416.354 31.499.172 34.251.589 2.752.417

    Verschil -2.221.721 -1.164.533 1.057.188 2.227.427 -5.748.791 -7.976.218 -345.394 -3.199.801 -2.854.407

    Verrekening reserve onttrekking onttrekking dotatie onttrekking onttrekking onttrekking

    20192017 2018

  • Ontwikkelingen inkoop Jeugdhulp 2018 en 2019 (kolommen inschatting)

    Naast de reguliere inkoop voor Jeugdhulp is in 2017 en in 2018 een incidenteel budget beschikbaar gesteld voor de transformatieopgaven (2017: €

    1,6 mln. en 2018: € 1,4 mln.).

    De uitvoering van de transformatie-opgaven is verschoven van de jaren 2017 en 2018 naar het jaar 2018. Dit zorgt voor een opwaartse druk van de

    inkoopkaders voor de jaren 2018 (van € 0,9 mln.) en 2019 (van € 0,3 mln.).

    Tot slot is het inkoopkader 2018 en 2019 aangepast voor extra kosten van o.a. WLZ-compensatie, "meer- en maatwerk" en budgetophoging LTA.

    Ontwikkelingen persoonsgebonden budget

    Op basis van ervaringsgegevens van de afgelopen jaren is vanaf 2018 PGB-budget structureel afgeraamd en ingezet voor dekking inkoop Jeugdhulp.

    Ontwikkelingen lokaal beleid

    In 2018 en in 2019 wordt het lokaal beleid met € 0,5 mln. opgehoogd ter dekking van extra gemeentelijke impulsen voor afschaling zorg naar basis en

    informele zorg.

  • Toelichting

    De inkoop vindt regionaal plaats. In dit overzicht is het aandeel van de gemeente 's-Hertogenbosch opgenomen (ca. 50% van het regionale inkoopbudget). De

    inkoop kent zowel financieel gezien als op basis van aantallen een stabiel verloop.

    Op basis van ervaringsgegevens van de afgelopen jaren is vanaf 2018 PGB-budget structureel afgeraamd en ingezet voor lokale dekking. Dit om het

    groeiend aantal cliënten op te vangen dat door de vergrijzing een beroep doet op de WMO.

    Vanaf 2020 gaan we mogelijk over op een nieuwe bekostigingssystematiek (aanbestedingstraject 2019/2020).

    WMO-nieuw (DAGBESTEDING EN BEGELEIDING) gemeente 's-Hertogenbosch

    begroot realisatie verschil begroot inschatting verschil begroot inschatting verschil

    Rijksuitkering 19.736.100 19.246.970 -489.130 19.485.672 19.457.722 -27.950 19.485.672 19.243.527 -242.145

    Inkoop Hulp In Natura gemeente 's-Hertogenbosch 8.320.730 10.873.028 -2.552.298 10.132.549 10.873.028 -740.479 10.132.549 10.873.028 -740.479

    Persoonsgebonden budget 3.566.030 2.332.778 1.233.252 2.732.778 2.332.778 400.000 2.732.778 2.332.778 400.000

    Lokaal beleid 7.849.340 7.189.164 660.176 6.620.345 7.399.916 -779.571 6.620.345 7.185.721 -565.376

    Uitgaven 19.736.100 20.394.970 -658.870 19.485.672 20.605.722 -1.120.050 19.485.672 20.391.527 -905.855

    Verschil 0 -1.148.000 -1.148.000 0 -1.148.000 -1.148.000 0 -1.148.000 -1.148.000

    Verrekening reserve onttrekking onttrekking onttrekking onttrekking onttrekking

    2017 2018 2019

  • Toelichting

    Het overschot binnen de WMO-OUD wordt ingezet voor de tekorten bij WMO-nieuw. Het financiële voordeel ontstaat voornamelijk door het dalen van de

    aantallen bij de hulp in het huishouden. Hiertegenover staat een kleine stijging voor uitgaven mantelzorg (huishoudelijke hulp toelage). De keerzijde hiervan is

    dat de inkomsten huishoudelijke hulp dalen.

    We benaderen financieel gezien de WMO-nieuw en de WMO-oud als één geheel. Het jaarlijkse tekort op de WMO-nieuw (inkoopkader) compenseren we met

    de WMO-oud. Uiteindelijk worden financiële tekorten e/o overschotten afgewenteld op de reserve Sociaal & Zorgfonds.

    WMO-OUD (w.o. HUISHOUDELIJKE HULP EN HULPMIDDELEN) gemeente 's-Hertogenbosch

    begroot realisatie verschil begroot inschatting verschil begroot inschatting verschil

    Rijksuitkering:

    - Integratie-uitkering t.b.v. WMO 8.524.288 8.524.288 0 10.306.762 10.306.762 0 10.598.151 10.598.151 0

    - Eigen bijdragen 1.800.000 1.050.968 749.032 1.800.000 1.050.968 749.032 1.050.969 1.050.969 0

    - Algemene middelen gemeente 6.125.350 5.402.906 722.444 6.125.350 5.408.172 717.178 6.125.350 6.125.350 0

    Inkomsten 16.449.638 14.978.162 1.471.476 18.232.112 16.765.902 1.466.210 17.774.470 17.774.470 0

    Huishoudelijke hulp 9.413.826 7.637.923 1.775.903 9.962.893 8.360.127 1.602.766 8.230.127 8.230.127 0

    Mantelzorg/vrijwill igerswerk (huishoudelijke hulp toelage) 0 1.390.050 1.383.641 6.409 1.383.641 1.383.641 0

    Hulpmiddelen 3.575.440 3.163.964 411.476 3.737.190 3.229.690 507.500 3.737.190 3.737.190 0

    Vervoer 2.549.910 2.238.942 310.968 2.388.160 2.178.482 209.678 2.388.160 2.388.160 0

    Overig 543.060 599.948 -56.888 596.046 549.450 46.596 583.469 583.469 0

    Persoonsgebonden budget 897.687 677.711 219.976 897.688 700.000 197.688 700.000 700.000 0

    Uitgaven 16.979.923 14.318.488 2.661.435 18.972.027 16.401.390 2.570.637 17.022.587 17.022.587 0

    Verschil -530.285 659.674 -1.189.959 -739.915 364.512 -1.104.427 751.883 751.883 0

    Verrekening reserve onttrekking dotatie onttrekking dotatie dotatie dotatie

    2017 2018 2019

  • Toelichting

    We zien jaarlijkse voordelen ontstaan van € 0,5 mln. in 2017 oplopend tot € 1.5 mln. in 2019. Deze voordelen worden voor het belangrijkste deel veroorzaakt

    door een stijging in de decentralisatieuitkering Beschermd Wonen. Aan deze stijging ligt waarschijnlijk een landelijke trend van toenemend gebruik van

    Beschermd Wonen. Deze trend zien wij nog niet terug in de regio.

    Onder de overige kosten zijn vanaf 2019 o.a. de kosten van het tweede hostel opgenomen.

    Financiële tekorten e/o overschotten worden afgewenteld op de reserve Sociaal & Zorgfonds, waarbij Beschermd Wonen vanwege het regionale karakter

    afzonderlijk wordt gevolgd.

    ONTWIKKELING INKOMSTEN REGIO-BUDGET 2017 realisatie 2018 inschatting 2019 inschatting

    Decentralisatieuitkering Beschermd Wonen 26.755.058 27.323.426 27.950.607

    Eigen bijdragen Beschermd Wonen 1.000.000 1.000.000 1.000.000

    Decentralisatieuitkering Maatschappelijke opvang 5.389.954 5.389.954 5.389.954

    Overgeheveld budget uit eerdere jaren - - -

    Inkomsten 33.145.012 33.713.380 34.340.561

    INKOOPORGANISATIE

    Hulp in Natura 21.756.806 21.137.797 21.137.797

    Persoonsgebonden budget 3.200.000 3.000.000 3.000.000

    Maatschappelijke opvang / verslaafdenopvang en preventie 6.218.980 6.115.200 6.115.200

    Overige kosten 1.424.110 1.424.110 2.639.100

    Uitgaven 32.599.896 31.677.107 32.892.097

    Verschil 545.116 2.036.273 1.448.464

    Verrekening reserve dotatie dotatie dotatie

    Regiobudget Beschermd Wonen / Maatschappelijke opvang (vanaf 2017 incl. Veghel en Sint Oedenrode) +

    Regio Meierij + Zaltbommel en Maasdriel

  • Een mogelijke toekomstige ontwikkeling is dat de rijksuitkering niet langer wordt uitgekeerd aan de centrumgemeente, maar aan de regiogemeenten zelf. Dan

    zal ook discussie ontstaan over de vraag of het onderdeel beschermd wonen binnen de reserve sociaal & zorgfonds moet worden verdeeld en uitbetaald aan

    de regiogemeenten.

  • Bijlage 2: overzicht Sociaal en ZorgFonds

    Toelichting:

    Het sociaal & Zorgfonds is opgebouwd uit de reserve sociaal gemeente ‘s-Hertogenbosch plus de regiomiddelen Bescherm Wonen en opvang. We houden dit

    uit elkaar omdat een mogelijke toekomstige ontwikkeling is dat de rijksuitkering niet langer wordt uitgekeerd aan de centrumgemeente, maar aan de

    regiogemeenten zelf. Dan zal ook discussie ontstaan over de vraag of het onderdeel Beschermd Wonen en Opvang binnen de reserve sociaal & zorgfonds

    moet worden verdeeld en uitbetaald aan de regiogemeenten

    De gele lijn geeft de totale omvang van de reserve weer, exclusief de te verwachten tekorten op jeugdhulp/wmo. De blauwe lijn geeft weer hoe de reserve

    zich ontwikkelt wanneer die tekorten onttrokken worden aan de reserve. De staafdiagrammen geven de opbouw weer:

    2,0 3,13,4

    5,4 5,9 5,9

    6,06,0 6,2

    5,9 5,8 5,8

    10,1

    14,5

    7,91,7 0,9 0,3

    18,1

    23,6

    17,5

    6,6

    2,6 2,0

    18,1

    23,6

    17,5

    13,0 12,6 12,0

    Saldo per ultimo 2015 Saldo per ultimo 2016 Saldo per ultimo 2017 Saldo per ultimo 2018 Saldo per ultimo 2019 Saldo per ultimo 2020

    0,0

    5,0

    10,0

    15,0

    20,0

    25,0

    Ontwikkeling Sociaal & Zorgfonds

    Beschermd Wonen en opvang Buffer (7,5%) * In te zetten reserve (alleen indien positief)

    Werkelijke uitgaven Werkelijke uitgaven saldo fonds

  • Rood: de omvang van het deel Beschermd Wonen en Opvang

    Groen: de aan te houden buffer

    Blauw: de aanwezig ruimte boven de buffer

    Samenvattend financieel beeld vanaf 2019:

    als gerekend wordt exclusief de tekorten jeugdhulp/wmo 2018 en 2019:

    Totale omvang reserve Sociaal & Zorgfonds exclusief tekorten 2018/2019 jeugdhulp/wmo: 12,6 mln

    Daarvan is bestemd voor Beschermd Wonen en Opvang: 5,9 mln

    Saldo exclusief Beschermd Wonen en Opvang: 6,7 mln

    Aan te houden buffer: 5,8 mln

    Resteert aan ruimte boven de buffer: 0,9 mln

    als rekening wordt gehouden met onttrekkingen i.v.m. tekorten jeugdhulp/wmo 2018 en 2019:

    Totale omvang reserve Sociaal & Zorgfonds exclusief tekorten 2018/2019 jeugdhulp/wmo: 12,6 mln

    Daarvan is bestemd voor beschermd Wonen en opvang: 5,9 mln

    Saldo exclusief Bescherm Wonen en Opvang: 6,7 mln

    Tekorten jeugdhulp/wmo: ca. 6,4 mln in 2018 en 3,6 mln in 2019 -/- 10,0 mln

    Resteert aan ruimte exclusief Beschermd Wonen en Opvang: -/- 3,3 mln

    Dit beeld zal verder verslechteren als ook na 2019 tekorten blijven bestaan.

  • Bijlage 3: capaciteitsvraag WMO en Financiële Dienstverlening

    3.1 Niet realiseerbare ombuiging beschermingsbewind

    Het team Financiële Dienstverlening omvat Schuldhulpverlening, Bijzondere Bijstand en Bureau Sociaal Raadslieden. De afgelopen bestuursperiode is

    ambitieus ingezet op voorkomen van (verergering van) problematiek op het terrein van het team financiële dienstverlening, in de hoop hiermee inwoners beter

    te helpen en tegelijkertijd de kosten te verlagen. Om die reden is een taakstelling opgenomen van € 600.000 voor beschermingsbewind. Met alle

    inspanningen op het vlak van o.a. vroegsignalering, Eerste Hulp Bij Geldzaken, samenwerking met budgetbeheerders en zorginstellingen, is de groei van de

    uitgaven beschermingsbewind afgezwakt. We scoren daarmee iets beter dan het landelijk beeld. Van een afname is echter geen sprake. De besparing van 6

    ton is daarmee niet haalbaar.

    3.2. Capaciteitsknelpunten in de uitvoering van het sociaal domein

    We zien een toenemende druk op de uitvoering binnen het sociaal domein. In 2015 zijn de taken Wmo begeleiding en dagbesteding opgepakt zonder extra

    formatie. Ten gevolge van vergrijzing en het langer thuis wonen zien we een stijgend aantal aanmeldingen. Daarnaast zien we een stijgende complexiteit van

    de aanvragen, vooral bij de aanvragen Begeleiding en Dagbesteding. Hiermee neemt de gemiddelde behandeltijd toe met 20%. In 2017 is flink ingezet op het

    efficiënter maken van de werkprocessen, hetgeen ook geleid heeft tot snellere dienstverlening aan de inwoner. Door bovengenoemde ontwikkelingen is

    echter de draagkracht van het team WMO/Jeugd overschreden. Dit heeft geleid tot veel te lange wachttijden voor inwoners (9 weken in plaats van 3 dagen).

    Met extra tijdelijke inzet is dit nu teruggebracht naar 3 tot 4 weken.

    Daarnaast is vanuit het oogpunt van tegengaan bureaucratie het Gemeenschappelijk Gegevens Knooppunt (GGK) ingevoerd. Dit leidt tot een vermindering

    van bureaucratische lasten bij zorgaanbieders, maar vanwege het feit dat we nu niet alleen de eigen gemeentelijke toegang registreren maar ook de toegang

    jeugdhulp via de huisartsen en gecertificeerde instellingen leidt dit tot extra inspanningen. Dit levert wel ook een kwalitatief voordeel op vanuit het oogpunt van

    één gezin, één plan, één regisseur en verbeterde sturingsinformatie.

    Om te bepalen wat nodig is om de organisatie hiervoor op het benodigde peil te brengen is een formatiecalculatie uitgevoerd. Hieruit blijkt dat een uitbreiding

    van 8,9 fte nodig is. Dit vraagt om structurele verhoging van het budget van ca. € 670.000,-.

    3.3. Capaciteitsknelpunten in de financiële dienstverlening

    Binnen financiële dienstverlening zien we een stijging van het aantal schuldregeltrajecten (+21%), budgetbeheer (+12%) en de aanvragen bijzondere bijstand

    (+6%). We zien samenhang met het invoeren van de collectieve ziektekostenverzekering voor minima en het optrekken van de inkomensgrens naar 120%.

    Ook de complexiteit van de aanvragen is toegenomen. Door dit alles zijn lange wacht- en afhandelingstermijnen ontstaan. Hoewel deze door extra tijdelijke

    inzet deels zijn aangepakt, bestaat er nog wel achterstand. Daarnaast is sprake van een hoog, werkgerelateerd ziekteverzuim. Om dit op te lossen en om

  • nieuwe problemen te voorkomen is extra capaciteit nodig. Om de omvang te bepalen is een formatiecalculatie gemaakt en is op de uitkomsten daarvan een

    benchmark met andere gemeenten uitgevoerd. Structureel is € 770.000 voor 11,4 fte uitbreiding nodig bij gelijkblijvend beleid. Er is gekeken naar maatregelen

    die op termijn kunnen leiden tot meer efficiency. Het inverdieneffect schatten wij in op 5 fte, financieel oplopend tot € 268.000 in 2022.

  • Aan: onderhandelaars coalitiebespreking 2018 Van: Rob Kleijwegt, Sector Stadsontwikkeling Datum: 24-04-2018 Onderwerp: informatie vraag over autoverkeer en parkeren in binnenstad Vraag: Wat is de stand van zaken wat betreft autoverkeer en parkeren in de binnenstad? Wat is er aan middelen nodig?

    Reactie ambtelijke organisatie: Verbeteren verblijfskwaliteit binnenstad (doorgaand verkeer en parkeren) Er zijn in het verleden gesprekken gevoerd over (doorgaand) verkeer in het gebied Uilenburg (een

    deel van dit gebied wordt nu opgepakt bij Postelstraat/Kruisstraat (kosten herinrichting 50.000)) en Hinthamerstraat e.o.;

    Het is mogelijk om bezoekersparkeren meer naar de randen van de binnenstad te krijgen (in combinatie met continueren transferiumbeleid), wat positieve effecten heeft voor wachtlijst problematiek bewoners en ruimtelijke kwaliteit. Het is onduidelijk wat dit doet met de parkeeropbrengsten, maar een verlaging is niet uit te sluiten.

    Cijfers van het aantal parkeerplekken voor bezoekers in de binnenstad ‐ In div. straten/pleinen in binnenstad: 775 ‐ garage Wolvenhoek: 465 ‐ garage St. Josephstraat: 175 ‐ garage St. Jan: 990 ‐ garage Station: 160 ‐ garage Museumkwartier: 40 ‐ garage Paleiskwartier: 1070 ‐ Q-park garage Arena: 475 ‐ Q-park garage Tolbrug: 325 ‐ Q-park garage Mayweg: 350 ‐ Transferium Vliert: 700 ‐ Transferium Pettelaarpark: 450 ‐ Transferium Deutersestraat (m.i.v. 23 april 2018): 1100 NB Alle aantallen zijn afgerond NB2 voor wat betreft de parkeerexploitatie verwijzen we naar het antwoord dat eerder op een eerder gestelde vraag is aangeleverd.

  • Aan: onderhandelaars coalitiebespreking 2018 Van: Rob Kleijwegt, Sector Stadsontwikkeling Datum: 24-04-2018 Onderwerp: informatie vraag over binnenstadsring Vraag: Hoe staat het met de binnenstadsring en wat is er nog nodig aan investeringen om deze af te ronden? En is er weerstand?

    Reactie ambtelijke organisatie: In 2018 en 2019 worden uitgevoerd: Oranjeboulevard (Koningsweg) zuidelijk deel: tussen

    Julianaplein en Willemsplein (keerlus / Julianaplein wordt opgepakt in 2017/2018) en Kanaalboulevard (Zuid Willemsvaart) vanaf Kardinaal van Rossumplein tot aan Hinthamerstraat/Sluis Nul (Citadellaan t/m Kardinaal van Rossumplein wordt samen opgepakt met GZG ontwikkeling);

    Er is geen noemenswaardige weerstand tegen de binnenstadring. Er is wel discussie over materiaalgebruik (klinkers versus asfalt). De 30 km/uur voor de hele binnenstadring zou ingevoerd kunnen worden na realisatie van de eerste delen Oranjeboulevard en Kanaalboulevard. Dat vraagt t.z.t. om een verkeersbesluit en bestuurlijke keuze;

    Er is nog geen geld voor de overige delen: ‐ Oranjeboulevard, noordelijk deel: vanaf Brugplein tot aan Julianaplein. Investeringsgeld:

    eenmalig € 4.500.000,- ‐ Vestingboulevard 2e fase (Hekellaan en Zuidwal/Parklaan): nog geen raming of planning, op

    korte termijn geen uitvoering voorzien vanwege recentelijk onderhoud. Investeringsgeld: PM.

  • Aan: onderhandelaars coalitiebespreking 2018

    Van: Rob Kleijwegt, sector Stadsontwikkeling

    Datum: 24 april 2018

    Onderwerp: informatie vraag over duurzaamheid

    Vraag: welke inspanningen kunnen in de komende periode worden verricht om de het

    programma duurzaamheid te versnellen?

    Reactie ambtelijke organisatie:

    Kansen voor nieuwe collegeperiode Eenmalig Structureel

    (per jaar)

    Programma duurzaamheid bestendigen naar structurele inzet 150.000

    Proceskosten, 3 fte voor sturing processen binnen programma duurzaamheid 300.000

    Energietransitie: Energietransitie versnellen, doelen meer haalbaar maken (zie ook memo energietransitie)

    Wijkenergieplannen en pilot 500 woningen aardgasloos i.s.m. Rijkssubsidie 2.500.000 100.000

    Intensivering aanpak particuliere woningen, sturen op toename energiemaatregelen

    particuliere woningeigenaren.

    1.000.000 500.000

    Windmolens en duurzame gebiedsontwikkeling Rosm polder (Oss-’s-Hertogenbosch).

    Procesgeld nodig om proces te kunnen activeren.

    400.000

    Duurzame ontwikkelingsmaatschappij, voor duurzame energieprojecten 200.000

    Handhaven energiemaatregelen bedrijven 100.000

    Projectleider verduurzaming Pettelaarpark 20.000

    Subsidie warmtepompen particulieren (gebaseerd op 200,-/wp, voor gemiddeld 2000

    woningen/jaar)

    400.000

    Opstellen Deltaplan energietransitie in participatietraject met de stad 50.000

    Ontwikkelen circulaire economie: Meer circulair ondernemerschap, minder verbruik primaire grondstoffen.

    Opstellen Ontwikkelplan circulaire economie -in beeld brengen economische kansen

    voor de stad i.c.m. circulaire economie als economisch speerpunt.

    10.000

    Netwerk Circulair ondernemerschap, opstarten 073 Circulair, voorzien in kwartiermaker,

    netwerk en bijeenkomsten

    25.000

    Opstellen gemeentelijk inkoopplan MVI, benutten bestaande inkoopkracht gemeente 10.000

    Duurzame mobiliteit: meer actieve verplaatsingen (te voet, fiets e.d. ip.v. auto) en schonere mobiliteit

    Opstellen actieplan duurzame mobiliteit (cf. Koersnota) 15.000

    Stadsbreed uitrollen elektrisch rijden & energietransitie mobiliteit, mede-investering in

    onrendabele top laadinfra, bij niet rendabele plaatsen, voor hele stad wijkplannen maken

    en in uitvoering brengen.

    300.000 150.000

    Inzet zero emissie openbaar vervoer, sturen op versnelling 10.000

    Vervolg proces binnenstadsbevoorrading 15.000 pm

    Bevorderen duurzame mobiliteitsconcepten, zoals stimulering deelautogebruik incl.

    monitoring

    75.000

    Duurzame gebiedsontwikkeling: actievere verduurzaming gebiedsontwikkeling

    Evaluatie en aanscherping beleid duurzame gebiedsontwikkeling. O.a. standpunt vormen

    over gasloos bouwen. Creëren tools voor projectleiders, bouwers, ontwikkelaars voor

    duurzame gebiedsontwikkeling. Jaarlijks actualiseren. Incl. opleiden interne adviseurs.

    30.000 10.000

    Werken aan bewustwording: Bewustwordingsprogramma ambtelijke organisatie en inbedden in reguliere werk

    Actualisatie Nota duurzaam, creëren overkoepelend duurzaamheidsbeleid incl.

    verankering VN sustainable goals i.c.m. bewustwordingscampagne (The Natural Step).

    Ook Zayaz en Brabant Wonen gebruiken deze methodiek

    Gevolgd door Ynnovate sessies en verankering beleid in afdelingsplannen en

    doorlopende publieksaanpak en activeren initiatieven in de stad.

    85.000 110.000

    Leren duurzaamheidsbeleid bij te sturen adhv data. Aankoop data Telos, dataverwerking 15.000

  • Aan: Onderhandelaars coalitiebespreking 2018 Van: BAZ/Strategie Datum: 24 april 2018 Onderwerp: Cofinanciering provincie, rijk en Europa Vraag 18 april 2018: Kan er een overzicht verstrekt worden van mogelijke co-financieringsbronnen bij de provincie het rijk en Europa? Reactie ambtelijke organisatie: Het is een erg arbeidsintensieve klus om een totaal overzicht te maken van alle cofinancieringsmogelijkheden en voorwaarden die daarbij horen voor alle beleidsgebieden waarop de gemeente actief is.

    In de praktijk scannen we regelmatig de subsidiemogelijkheden voor grotere projecten. Dit doen we voor projecten, die kansrijk zijn. We investeren onze tijd dan gericht ook al is de uitkomst niet zeker. Op dit moment maken we bijvoorbeeld een scan voor het project Zuid‐Willemspark. In bijlage 1 is een concept scan (work in progress) voor het project Zuid‐Willemspark als voorbeeld opgenomen.

    Bij provincie, rijk en/of EU bestaan zeker mogelijkheden voor cofinanciering op het terrein van gebiedsontwikkeling, landschapsinrichting, biodiversiteit, koolstofarme economie, natuurrecreatie, duurzaamheid, klimaatadaptatie, energietransitie, arbeidsmarkt, infrastructuur en mobiliteit . Of deze subsidies daadwerkelijk verworven kunnen worden hangt echter van vele factoren af: zijn samenwerkingspartners nodig e/o aanwezig; is er bijvoorbeeld sprake van een tendersysteem, in dat geval kan overschrijving van de beschikbare budgetten plaatsvinden en toch géén subsidie worden verstrekt. Maar ook vragen als de beschikbare eigen financiering, innovativiteit van de aanpak zijn cruciaal om te beantwoorden alvorens een subsidie kan worden aangevraagd. Tijdens Informeren & Ontmoeten van 25 september 2017 is een presentatie gehouden over Europese samenwerking en het benutten van Europese fondsen. Deze presentatie is als bijlage 2 toegevoegd.

       

  • Bijlage 1: Concept scan Zuid Willemspark (work in progress)

     

     

    project subsidieregeling thema subsidieverstrekker budget  deadline

    gebiedsontwikkelingGroen Ontwikkelfonds Brabant

    biodiversiteit Provincie NB240 mln ongoing

    gebiedsontwikkeling Landschap van Allure biodiversiteit Provincie NB ?gebiedsontwikkeling, watergerelateerd 

    Deltaprogramma Hoge Zandgronden

    klimaatadapatie Rijk50 mln ?

    gebiedsontwikkeling Natura2000/PAS biodiversiteit, Natura2000 Provincie NB 20 mln 13‐12‐2018bijzondere 

    verblijfsplekken, 

    uitkijkposten

    Natuur ‐ Aanleg landschapselement en herstel cultuurhistorisch landschapselement,

    Provincie NB

    75.000,‐ 13‐12‐2018

    aanplant bomenNatuur en landschapsbeheer

    biodiversiteit Provincie NB open nov. 2018

    bedrijventerrein De Brand, Dugense Brug horeca/recreatie, watertaxi 

    ondernemen voor natuur natuurrecreatie Provincie NB

    28‐6‐2019

    tribune, bankjesBuurtfonds: buurnatuur en 

    buurwaternatuurrecreatie Provincie NB

    180.000,‐ 31‐10‐2018

    POP3 ‐ waterfysieke verbetering 

    waterkwaliteitStimulus

    3 mln 16‐7‐2018

    LEADERbiodiversiteit, landschapsinrichting

    Stimulus2,48 mln 16‐12‐2019

    autoluwe binnenstad, electrisch watervervoer, nieuwe energievormen

    OP Zuid‐ 4F1: 

    koolstofarme economie

    koolstofarme economie Stimulus

    ?

    watertaxi, hydropower,  OP Zuid ‐ mkb versterkend innovatie Stimulusverwachting najaar 20

    beplanting, 

    landschapelementen

    Interreg Nederland ‐  

    Vlaanderen: 3A 

    biodiversiteit

    milieu, biodiversiteit Interreg secretariaat

    18‐5‐2018

    Urban Innovative Actions urban environment UIA secretariaat

    waarschijnlijk najaar 

    2018Europe for Citizens/Civil 

    Society projects 2019

    urban environment EU

    80% 

    subsidiabel

    01‐03‐2019

    uitvraag uitkijkposten, landschapselementen 

    Deelregeling architectuur landschapsinrichting Stimuleringsfonds 1.1 mln09‐05‐2018/ 08‐08‐2018/ 17‐10‐2018

    uitvraag uitkijkposten, landschapselementen, bewegwijzering, lichtplan

    deelregeling vormgeving landschapsinrichting Stimuleringsfonds 1.1 mln

    30‐05‐2018/ 08‐08‐

    2018/ 10‐10‐2018gebiedsontwikkeling, living lab, SPARK

    deelregeling stadslab landschapsinrichting Stimuleringsfonds ? ?

    ontmoetingsplekken, informatievoorziening, uitkijkposten

    Landelijke regeling natuur en cultuurPrins Bernard 

    Cultuurfonds ? ?festivals, evenementen, "museum‐achtige" elementen

    Brabants Cultuurfonds natuur en cultuur

    Prins Bernard 

    Cultuurfonds

    01‐05‐2018/01‐08‐

    2018/01‐11‐2018

  • | 26 september 2017 |

    Informatie en Ontmoeting Raad 25 September 2017

    ‘s-Hertogenbosch en EUROPA

  • | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 2 |

    Agenda vanavond

    1) Korte terugblik

    2) “Foto” van het moment

    3) De Toekomst

    Anja van Hout

    Strategisch Adviseur

    BAZ/STRAT

  • Bosch erfgoed, succesvol in Europa

    • 14 verschillende EU fondsen

    verbonden aan restauratie en

    ontwikkeling van erfgoed,

    • Vanaf 2001 totaal 54 miljoen

    geïnvesteerd, met een

    • Hefboom 1:4 (op iedere € 1

    gemeentelijke bijdrage € 3-4

    externe financiering)

    • Effectieve lobby in Europese

    fora

    • Toekenning prestigieuze

    Europa Nostra Award

    • Kennisuitwisseling met

    Europese steden en

    kennisinstellingen

    | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 3 |

  • Europese samenwerking verrijkt onderwijs voor Bossche Leerling

    • Leerling centraal. Belangrijke onderwijsthema’s:

    – Loopbaanoriëntatiebegeleiding

    – Ondernemendheid en ondernemerschap

    – Promotie van technische beroepen

    • EU subsidie als impuls voor lokale onderwijsontwikkelingen en

    methodieken die zowel lokaal als op Europees niveau inzetbaar is

    • Gemeente ‘s-Hertogenbosch al vanaf 2001 zowel regisseur én partner

    van onderwijsinnovatie op Europees niveau

    | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 4 |

  • | 26 september 2017

    |

    Voettekst | 5 |

    Hoeveel €€ brengt EUROPA ons?

    Totaal budget EU projecten met DB als partner € 30.119.703,-

    Netto inkomsten voor gemeente DB € 3.988.853,-

    Netto Totaal voor Bossche partners € 18.092.357,-

    toegekend € 14.031.235,-

    in behandeling € 16.088.469,-

    regelingenOP ZUID € 10.814.859Interreg € 5.243.586Erasmus € 972.502ESF € 3.514.214Horizon 2020 € 8.136.869overige regelingen € 1.437.673

    aantal projecten 22Erfgoed 3duurzaamheid 2Agrifood 1Big data 1onderwijs 7arbeidsmarkt 8

  • | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 6 |

    Waarom EUROPA?

    • Beïnvloeding van Europees beleid op sleutelthema’s

    • Inspireren en geïnspireerd worden via Europese netwerken

    • Vertellen van “ons verhaal”

    • Extra middelen om eigen ambities te realiseren

    “Team Europa”

    - Onderdeel van afdeling Strategie

    - Samenwerking met beleidsafdelingen

    - Portefeuillehouder – Burgemeester

    - Instrumentarium:

    - Beleid

    - Projecten

    - Communicatie

    - Netwerken

    aantal Europese formele

    netwerken 11

    thema jeugd 1

    thema erfgoed 5

    thema sport 2

    thema cultuur 1

    thema agrifood 1

    thema duurzaamheid 1

  • | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 7 |

    Hoe doen we dat?

    Participatie in Netwerken: actief in 11 formele EU netwerken

    InterCityYouth LOCAL – The European Network of Local Departments for Youth Workhttp://intercityyouth.eu/16-9-2017 11:22 - Schermopname

  • En vooral veel samenwerken:

    | 26 september 2017 | Voettekst | 8 |

    • BrabantStad (B5-Provincie: EU Urban Agenda, Eurocities)

    • Agrifood Capital (Regio-Provincie: ERG-Platform, S3

    Platform Agrifood, ERIAFF netwerk)

    • Minimaal 80 formele samenwerkingsverbanden met

    projectpartners uit 22 EU landen

    • Minimaal 50 formele samenwerkingspartners uit NL waarvan

    80% uit de regio en Den Bosch

  • Kansen voor de toekomst

    | 26 september 2017 | Anja van Hout, BAZ/STRAT | 9 |

  • Mobiliteit Digitale Economie /

    Smart Cities

    Onderwijs, Arbeidsmarkt Duurzame stad Agrifood

    Lokaal Transferium

    Deutersestraat

    JADS, SPARK, Jam

    frabriek

    • Succesvol leiderschap

    management PO/VO

    • Stagebegeleiding en

    arbeidsinpassing

    leerlingen VSO en PrO

    Sneller-Beter-

    NulOpdeMeter: lokale

    projecten oa

    Woonconnect pilot

    • bedrijfsleven

    (Plantlab, Protix

    etc)

    • City Deal ikv

    Agenda Stad

    Regionaal HUB: OP Zuid

    financiering

    laadinfrastructuur

    Deutersestraat.

    o.a. diverse

    subsidieprojecten van

    SPARK en JADS

    Bevorderen actieve

    inclusie dmv

    arbeidsinspanning van

    mensen met afstand tot

    arbeidsmarkt

    Sneller-Beter-

    NulOpdeMeter:

    samenwerking B5 en

    Woonconnect

    Agrifood Capital-

    samenwerking

    We Are Food 2018

    Nationaal E-mobility netwerk,

    green deals

    Smart Cities netwerk Ondernemend leren Sneller-Beter-

    NulOpdeMeter

    Agenda Stad – City

    Deal Voedselbeleid

    Europees Intelligent Energy Europe

    project duurzame

    bevoorrading historische

    binnensteden (afgerond)

    • Horizon 2020-project

    (ANALYCS, onderzoek

    resten drugs in water)

    • Augmented in Reality

    (Erfgoed route-app met

    3D visuals)

    • Social entreprises,

    • Employability skills

    European Green

    Capital

    • ERG-Platform

    • S3 Agrifood

    Platform

    • ERIAFF

    • Local Flavours

    (interreg)

    ….. verbinden met de Speerpunten ‘s-Hertogenbosch

    Anja van Hout, BAZ/STRAT26 september 2017

  • U kunt zichzelf of n bestuurder kandidaat stellen voor:

    • VNG commissie Europa en Internationaal.

    • Comité van de Regio’s

    • Raad voor Europa

    Wat kunt u als Raad doen?

    | 26 september 2017 | | 11 |

    Anja van Hout, BAZ/STRAT

    Anja van Hout, BAZ/STRAT

  • Bedankt voor uw aandacht

    | 25 september 2017 |

  • Aan: onderhandelaars coalitiebespreking 2018

    Van: Rob Kleijwegt, Sector Stadsontwikkeling

    Datum: 24-04-2018

    Onderwerp: informatie vraag over slimme en duurzame mobiliteit

    Vraag: Wat is er nodig aan investerings- en exploitatiemiddelen m.b.t. slimme en duurzame mobiliteit

    op de thema’s elektrisch rijden, zero emissie busvervoer, schone slimme binnenstadsbevooorading en

    het ontwikkelen en bevorderen van duurzame en slimme mobiliteitsconcepten?

    Reactie ambtelijke organisatie:

    Voor het ontwikkelen en bevorderen van slimme en duurzame mobiliteit is het volgende benodigd:

    1. Opstellen actieplan duurzame mobiliteit, cf. Koersnota

    Uitwerken van maatregel E.1 van Uitvoeringsprogramma Actualisatie Koersnota 2018-2019

    - Exploitatiegeld: eenmalig € 15.000,-

    2. Stadsbreed opschalen elektrisch rijden & energietransitie mobiliteit

    a. Opschaling: Faciliteren processen implementatie elektrisch rijden

    De markt investeert grotendeels zelf in de reguliere laadinfrastructuur, maar de overheid

    faciliteert processen om de opschaling mogelijk te maken (bijvoorbeeld middels het bepalen

    van locaties, het nemen van verkeersbesluiten, opstellen van wijklaadplannen, organiseren

    van inspraak in de wijk en organiseren van contracten met marktpartijen) en investeert in de

    onrendabele top van de laadinfrastructuur op die plekken waar de markt niet volledig kan

    voorzien.

    - Exploitatiegeld: € 150.000,- per jaar

    b. Opschaling: Elektrisch rijden / publieke parkeervoorzieningen

    Elektrisch rijden voor de eigen organisatie (ten behoeve van het halen van de energie-

    doelstellingen en als voorbeeldfunctie) vraagt laadinfrastructuur, bijvoorbeeld in

    parkeergarages en aanpassing van energiesystemen en materieel. Deze zaken zijn

    randvoorwaardelijk voor het elektrisch rijden.

    - Investeringsgeld: eenmalig € 100.000,-

    c. Innovatie: Wegnemen knelpunten opschaling elektrisch rijden

    Het innovatiespoor is gericht op het oplossen van knelpunten die de opschaling van elektrisch

    rijden belemmeren. Al uitgevoerde innovaties m.b.t. elektrisch rijden zoals in Haverleij en op

    het transferium Deuteren hebben oplossingen opgeleverd zoals het benutten van eigen

    zonnestroom voor auto’s, nieuwe verdienmodellen, innovatieve inpassing in de openbare

    ruimte, het benutten van (markt-)kansen op het gebied van data /JADS. Dit biedt kansen voor

    verdere opschaling en verbreding; laden van voertuigen op het gunstigste moment,

    beïnvloeden laadgedrag, opslag en afgifte van energie, verkopen van “flex”. E.e.a. wordt

    voornamelijk gefinancierd met externe middelen; het vraagt wel om een gemeentelijke

    bijdrage van ca. 15% (blijkt uit ervaring).

    - Exploitatiegeld: € 35.000,- per jaar

    d. Innovatie: Stimuleringsprogramma elektrisch rijden

    ’s-Hertogenbosch is koploper op het gebied van elektrisch rijden; zowel qua innovatie als qua

    opschaling. Hoewel het rijk de grootste stimulans kan geven voor elektrisch rijden,

    bijvoorbeeld door beprijzen, kunnen we gemeentelijk mensen verder verleiden tot elektrisch

    rijden door bijvoorbeeld een stimuleringsprogramma in te stellen. Voorbeelden zijn:

    samenwerking met lokale autodealers, een werkgeversaanpak, community/wijkgerichte

    aanpak, participatie, nieuwbouw, etc.

    - Exploitatiegeld: € 15.000,- per jaar

  • e. Elektrisch rijden eigen organisatie

    De klimaatdoelstelling voor het eigen wagenpark is vastgelegd in het

    energietransitieprogramma. Dit moet vorm gaan krijgen in het eigen wagenpark,

    leasecontracten, doelgroepenvervoer, etc. als onderdeel van de diverse aanbestedingen.

    Vooral voor de (eerste) zwaardere voertuigen worden daarbij functionele en financiële

    knelpunten verwacht.

    - Investeringsgeld: € 150.000,--

    3. Zero-emissie openbaar vervoer

    In ’s-Hertogenbosch rijdt momenteel 40% van de stadsbussen in ’s-Hertogenbosch al elektrisch (lijn

    8/9 en een deel van de transferiumlijnen).

    De volgende stap bestaat uit het elektrificeren van de resterende transferiumlijnen (in combinatie met

    Transferium Deuteren). Transferiumbussen rijden tot diep in de binnenstad en dragen daarmee bij een

    de verbetering van de luchtkwaliteit en verblijfskwaliteit. Hierover zijn afspraken met de provincie en

    implementatie wordt momenteel uitgewerkt. Ruim 50% van de vloot is dan emissieloos.

    - Exploitatiegeld: € 60.000,- per jaar

    Scenario’s voor verdere opschaling zijn vervolgens:

    o Scenario 3: Elektrificatie “kansrijke lijnen”: de meest gebruikte lijnen in de stad elektrisch

    o Scenario 4: Elektrificatie: “100% elektrisch”: alle bussen 100% elektrisch

    Mogelijkheden voor externe financiering en benodigde randvoorwaarden zijn nog niet uitgewerkt. De

    meerkosten zijn voorlopig geschat op € 1,0 mln resp. € 1,3 mln per jaar. Bij scenario 4 (100%

    elektrische bussen) ontstaan kostenvoordelen door vergrote inzetbaarheid en efficiency bij de inzet

    van bussen en doordat slechts 1 energiesysteem benodigd is in plaats van 2 energiesystemen.

    Volledig elektrisch busvervoer kan daarbij de verblijfskwaliteit in de binnenstad -met name bij

    busstations zoals het GZG-terrein- sterk verbeteren omdat geen uitstoot van bussen meer plaatsvindt.

    4. Vervolgproces en uitvoering slimme en schone binnenstadsbevoorrading

    Momenteel loopt een onderzoek naar de kansen om binnenstadsvervoer schoner en efficiënter

    (slimmer) te maken. Dit is een proces dat gezamenlijk met ondernemers en verladers opgezet wordt.

    Mogelijke maatregelen om aan te sluiten bij landelijke afspraken en ons te committeren aan het doel in

    2025 zoveel mogelijk emissievrij worden beleverd zijn:

    a. Venstertijden en ontheffingen aanscherpen t.b.v. schone voertuigen (ook personenvervoer).

    Aanpassen systeem (huidige systeem o.b.v. adres, niet voertuig);

    - Investeringsgeld: eenmalig € 300.000,- - Exploitatiegeld: € 50