ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG...

of 56 /56
ECON nect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb: Jeroen D’Hoedt Education@FEB Academics For Development Alumni@FEB Antwerpen: Anneleen Desmyter (QRF) Met medewerking van:

Transcript of ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG...

Page 1: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

1

ECONnectFEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014

Research@FEB

What's in a name: employability

Students@FEB

Topsport@feb: Jeroen D’Hoedt

Education@FEB

Academics For Development

Alumni@FEB

Antwerpen: AnneleenDesmyter (QRF)

Met medewerking van:

Page 2: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Education@FEB p18

Students@FEB p4

Research@FEB p29

Alumni@FEB p38

• Alumni@Brussel p38• Alumni@Antwerpen p42• Alumni@West-Vlaanderen p45• Alumni@Oost-Vlaanderen p47

• De Vlasroute p48• Alternatieve handelsmissie van

Vredeseilanden p52• Filmonomika: The Wolf of Wall Street p54

• Academics For Development p18• Economen hebben altijd gelijk p22

• Patroonsfeest p24• Jonge bazen: Noteble p26

• Topsport aan de FEB: Jeroen D’Hoedt p4• Student in het buitenland p7• Ekonomika helpt jou aan een job! p10• Eerste semester bij Ekonomika p12

• Crush my candy p13• De Duiveluitdagingen van Boondoggle p14• Skireis Ekonomika p16• Welcome @ Feb p17

• The importance of personnel planning inservices with time-dependent demand p29

• What’s in a name p32

• Academic hero p34• VVE-prijs p37

Inhoud

Page 3: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Beste Lezer

UUtile Dulci! Het is de lijfspreuk van de studenten aan onze faculteit. De spreuk is afkomstiguit de zin ‘Omne tulit punctum qui miscuit utile dulci’ van Horatius: diegene verwerft

algemene bijval, die het nuttige met het aangename verenigt.

Koppel het nuttige aan het aangename, en omgekeerd. De lijfspreuk is alomtegenwoordig.Onze studentenkring draagt ze in haar schild. In de Ekobar springt ze direct in het oog. Ze siert de T-shirts en sweaters. Voor de vele alumni symboliseert ze de band met hun faculteit.Nieuwe generaties studenten hebben overigens al vanaf hun eerste bezoek aan een facultaireinfodag een goed beeld van waar utile en dulci voor staan. In combinatie geven deze tweeeenvoudige woorden krachtig weer dat een rijk en boeiend studentenleven best kan zonderaan focus op het hoofddoel in te boeten. Evenwicht, daar gaat het om.

Vandaag is er een heel hechte band tussen de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappenen haar officiële studentenkring Ekonomika. De studentenkring is voor de faculteit eenonmisbare schakel in de realisatie van haar missie en doelen. Omgekeerd staat de faculteitmee borg voor een optimaal werkkader voor de kring. De kring is een deel van de FEB, de FEB de bestaansreden van de kring.

Dat die hechte band vooral gerealiseerd wordt in het Utile-luik zal u niet verbazen. Dankzij eenuitstekende verstandhouding en spontane wisselwerking slagen we er samen in om de studentvan vandaag een vormingstraject aan te bieden dat ons opleidingsaanbod verder verrijkt. De samenwerking vertaalt zich in de gezamenlijke organisatie van B2U of Business-to-University lectures met captains of industry en toppolitici. Ze resulteert in een ruim extracurriculairaanbod van workshops, management skills programmes, sessies in verband met CV-writing en sollicitatietechnieken, en international immersion initiatives die onze studenten naareconomische metropolen zoals Moskou, Peking of Chicago voeren.

Het is mooi dat faculteit en studentenkring hierbij altijd onvoorwaardelijk gesteund wordendoor de derde partner in ons bondgenootschap, Ekonomika Alumni. Een vereniging vanvrienden, maar ook van ervaringsdeskundigen en experten die weten hoe je op de arbeidsmarktmet al die verworven competenties aan de slag kan. Een vereniging die voor elke afgestudeerdevan de FEB de herinnering aan Leuven levendig houdt. Een vereniging die, wat dacht u, het aangename aan het nuttige koppelt. Haar lijfspreuk? Utile dulci!

Luc Sels, Kjell Geurts, Decaan Faculteit Economie Praeses Ekonomikaen Bedrijfswetenschappen

3

ECONnect

Page 4: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

WANNEER BEN JE PRECIESMET ATLETIEK BEGONNEN?

Ik ben met basketbal begonnen toen ik8 jaar was en het jaar erna met atletiek.Tot mijn zestiende bleef dat beperkt tot eendrietal keer per week trainen. De atletiek -trainingen waren ook zeer speels opgevaten competitie was van secondair belang.Op mijn zestiende eindigde ik met beperktetraining 5de op het BK veldlopen en werdik uitgenodigd om naar de topsportschoolatletiek te gaan in Hasselt. Vanaf danlegde ik mij volop toe op atletiek. Toen ikserieus begon te trainen is alles heel snelgegaan. Als tweedejaars scholier won ikmeteen de Crosscup veldlopen. Ook bijde junioren, de beloften en als eerstejaarssenior won ik dit regelmatigheids criterium.Internationaal brak ik vroeg door. Bij dejunioren behaalde ik eerst een bronzen

medaille op de steeple tijdens hetEuropees Kampioenschap in Novi Sad,later op het jaar werd ik in Dublin Europeesveldloopkampioen. Ik bleef vooruitgangboeken en had het gevoel dat ik de wereldaankon. In de aanloop naar de Spelenvan Londen liep het echter verkeerd enwas ik zelfs verplicht om even volledig testoppen met lopen.

WELKE PROBLEMEN WARENDAT DAN?

Het zomerseizoen 2011 was uitzonderlijkgoed. Op de 1500 meter kwalificeerdeik mij voor het Wereldkampioenschap inDaegu en verbeterde ik het 37 jaar oude1500 meter belofterecord van Ivo VanDamme. Als je dit bovendien kunt op eenjongere leeftijd dan Ivo bij zijn record -verbetering, dan lacht de toekomst je toe.

In 2012 zat ik op schema om het Olympischminimum te lopen, maar kreeg ik helaasgezondheidsproblemen. Tijdens mijn voor -bereidingsstage voor de Spelen traindeik zoals vroeger, maar kon ik niet meerdiep slapen, recupereerde ik onvoldoendeen raakte ik oververmoeid. Bovendienduurde het meer dan 6 maanden voorer een juiste diagnose was van mijnproblemen en dus ook een goedebehandeling kon worden gevonden.Uiteindelijk stopte ik gedurende enkelemaanden volledig met lopen om mijnlichaam de tijd te gunnen om volledig teherstellen. Ik kom dus van heel ver terug ...

Topsport aan de FEB

Jeroen D’hoedt

Jeroen D’hoedt verraste

vriend en vijand op het

voorbije EK veldlopen

met een knappe vierde

plaats. Hij strandde op

enkele hondersten van

een podiumplaats.

Dat Jeroen het jaar

ervoor nog gestopt

was met lopen,

maakte de prestatie

nog opvallender.

De masterstudent TEW

heeft een nieuw elan

gevonden en jaagt nu

resoluut zijn droom na:

de Olympische Spelen

halen in Rio in 2016.

Students@FEB

4

Page 5: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

WAT HEEFT JE DAN DOEN BESLISSEN OMOPNIEUW TE BEGINNEN LOPEN?

Eind 2012 heb ik de corrida in Leuven meegelopen. Bijna zondertraining werd ik er vierde. Het resultaat van deze wedstrijd was nietbelangrijk, wel dat ik terug plezier vond in het lopen. Ik besefte datik niet alles mocht weggooien wat ik had opgebouwd en begonopnieuw te trainen. Mijn stage in Amerika ter voorbereiding van mijnzomerseizoen heeft mij terug gelanceerd. Zonder goede winter -basis kwam ik het voorbije pisteseizoen zelfs terug in de buurt vanmijn beste tijden. Toen besliste ik om mij optimaal voor te bereidenvoor het Europees Veldloopkampioenschap te Belgrado. Terwijl toptien het doel was, behaalde ik een vierde plaats op enkele honderstenvan een podiumplaats. Op dat moment zelf voelde dit heel zuuraan, een vijfde plaats had mij waarschijnlijk gelukkiger gemaakt.Maar nu besef ik dat ik er terug sta en beter ben dan ooit!Zondag 9 maart staat het BK en eveneens ook de laatsteCrosscup-wedstrijd op het programma, hopelijk kan ik daar mijntweede eindzege binnenhalen! (Jeroen werd die dag Belgischkampioen en was ook de eindwinnaar van de Crosscup nvdr.)

WAS DE COMBINATIE STUDEREN-TOPSPORT OOKEEN FACTOR IN JE BESLISSING OM TE STOPPEN?

Nee, ik had gewoon gigantisch geïnvesteerd in het lopen enwas enorm ontgoocheld dat mijn Olympische droom aan mijvoorbij ging. Bovendien had ik omwille van studieplanning eentweede zit, waarbij de studieresultaten bovendien nog tegenvielen.Toen zat ik, ook mentaal, wel even heel diep. Het was ook deeerste keer in mijn carrière dat ik geconfronteerd werd met grotetegenslagen. Deze tegenspoed had gelukkig ook een keerzijde.Het semester dat het op sportief gebied niet vlotte, heb ik vanhet echte studentenleven mogen proeven: normaal naar allelessen kunnen gaan, in de bib zitten en dan samen met mede -studenten uitgaan ... Lopen was toen echt bijzaak en ik voeldeme eens een ‘normale’ student. Uiteindelijk viel alles op zijnplaats, kon ik meer slapen, ging ik opnieuw op stage en warenook de studieresultaten goed.

ZIJN ER BEPAALDE ZAKEN DIE JE EXTRA MOEILIJKVINDT IN DIE COMBINATIE TOPSPORT-STUDEREN?EN ZIJN ER OOK VOORDELEN?

Het moeilijkste is om zich op twee dingen tegelijk te concentreren.De focus op de topsport ging tijdens mijn bacheloropleidingsoms ten koste van mijn studies. Ik miste ook vrij veel lessendoor trainingen en aanverwante activiteiten die veel tijdopslorpen (kiné, doktersbezoeken, verplaatsingen in binnen- enbuitenland). Na een training mis ik bovendien vaak de frisheidom geconcentreerd te studeren. Het is soms ook gewoon heelhectisch. Na het WK 2011 in Daegu landde ik de zaterdag -avond met een tijdsverschil van 9 uur en maandagochtend hadik examen. Het is evenmin verre van optimaal indien je na eenwedstrijd gedurende drie uur vast zit bij een dopingcontrole ende volgende dag een examen moet afleggen, wat ik meemaaktebij de laatste 1ste semesterexamens.

De combinatie topsport-studeren is echter zeker mogelijk en ikraad het ook echt iedereen aan die een topsportcarrièreoverweegt. Indien je je volledig toelegt op de sport zit jeopgesloten in een kleine leefwereld. Een ernstige blessure kanbovendien opeens het einde van je sportloopbaan betekenen.Met een universitaire opleiding (en binnenkort een master diploma)bereid ik mij reeds voor op mijn leven na mijn topsportcarrière.Dat zorgt ervoor dat ik nu ook onbezorgder voluit voor mijnsport kan leven. Dat was ook belangrijk voor mijn ouders diewel sportief waren maar nooit aan topsport hebben gedaan. De nieuwe generatie atleten studeert ook bijna allemaal,geholpen door de faciliteiten die zoveel beter zijn dan vroeger.Er is momenteel bijvoorbeeld een zeer goede wisselwerkingtussen ombudsdienst, prof en student.

ZIJN JE BROERS SPORTIEF GEZIEN EVENGETALENTEERD ALS JEZELF? (JEROEN VORMTSAMEN MET ZIJN ‘JONGERE’ EN ‘OUDERE’ BROEREEN DRIELING NVDR.)

Mijn ‘oudere’ broer was tijdens de jeugdcategorieën mijnevenknie, zeker op de kortere afstanden. Hij heeft zich ookenkele jaren op het wielrennen toegelegd. Als senior haalt hijdoor aanslepende blessures echter niet zijn beste niveau. Mijn ‘jongere’ broer heeft tijdens zijn studies architectuur-ingenieur zijn lopen op een laag pitje gezet. Nu hij afgestudeerdis, wil hij nog dit jaar een marathon onder de drie uur lopen, een weddenschap die hij enkele jaren terug met zijn vrienden is aangegaan.

WELK ATLETIEKNUMMER DRAAGT JE VOORKEURWEG? DE 1500M, DE 3000M STEEPLE OF TOCHHET VELDLOPEN?

Tot de Spelen van Rio in 2016 geniet de 1500 m mijn voorkeur.De Olympische Spelen zijn zoiets uniek en dat is het allerhoogstevoor een atleet. Daar wil ik dus echt wel alles voor doen.Volgend jaar kan ik mij plaatsen en dat wordt meer dan ooit hethoofddoel. De steeple is mijn eerste liefde omdat ik op ditnummer mijn eerste internationale medaille behaalde. Door blessures ben ik echter afgestapt van de steeple en hebik mij toegelegd op de 1500, één van de hoofdnummers vanhet afstandslopen. De tegenstand speelt ook een rol: op de1500m kun je als Europeaan mee, op de 5000 en 10000 meterechter, waar de Afrikaanse concurrentie moordend is, is dat veel moeilijker.

WAAROM BEN JE AAN DE FEB BEGINNENSTUDEREN EN MEER SPECIFIEK TEW?

Ik wou sowieso in Leuven studeren en ik was er snel uit dat ik dataan de FEB wou doen. Ik heb lang getwijfeld tussen Handelsingenieuren TEW. Uiteindelijk heb ik voor TEW gekozen en heb daar achterafzeker geen spijt van. Ik zou later liefst met mensen werken in desportwereld en daar leunde TEW zich meer toe dan Handelsingenieur.

5

Page 6: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Students@FEB

6

ZOU JE BV. GRAAG IN EEN SPORTMANAGEMENT -BUREAU AAN DE SLAG GAAN LATER?

Ik hou alle opties nog open. Ergens zou ik graag meewerkenbij mijn sponsor Asics bv. in hun marketingdepartment. Ik wilmij echter nergens op vastpinnen. Tijdens mijn loopcarrière krijgik via het interimbureau Adecco en het BOIC Olympic AthleteCareer Programme de kans om via stages ervaring op te doenin het bedrijfsleven. Ik hoop nog tien jaar als atleet mee tekunnen draaien en hoop deze definitieve keuze pas te moetenmaken op mijn 34ste.

WELKE ANDERE SPORTIEVE DOELEN ZOU JE NOGGRAAG WILLEN BEHALEN BEHALVE DE SPELEN IN RIO?

Wel, ik zou graag nog drie Olympische Spelen meemaken: Rio in2016, Tokyo in 2020 en tenslotte 2024, waarvan de locatie nogniet gekend is. Buiten de atletiek, wat voor na mijn atletiek carrièrezal zijn, zou ik graag eens deelnemen aan de triatlon in Hawaii.Ik houd niet alleen van grote uitdagingen, maar ben ook eenbeetje verliefd geworden op de triatlon door de bekroondeIronman reportage van NBC. Voor een toptijd in triatlon maakik geen kans, omdat ik voor het fietsen te tenger gebouwd benen dus veel achterstand zal oplopen daar. Maar finishen moetzeker lukken. Ik hou ook van een grote variatie. Golfen bv. zouik ook graag als sport beoefenen. Dat is zo’n technische sport,met enorm veel aspecten in het spel en dat trekt mij echt aan.In mijn rustperiode neem ik graag het basketbal en tennis terugop, zij het wel op recreatief niveau. Hoewel dit altijd een beetjeeen risico inhoudt, kijk ik daar echt naar uit.

BEN JE OOK ACTIEF BINNEN EKONOMIKA? VOLG JE DE ACTIVITEITEN?

Ik heb het eerste jaar aan veel Ekonomika activiteiten deelgenomenom mensen te leren kennen. Ook tussen de seizoenen trachtik dit te doen. Ik vind het bijvoorbeeld ongelofelijk spijtig dat ik nog nooit naar het galabal ben kunnen gaan omdat ik in die periode altijd op stage in Amerika zit. Andere uitstappen,zoals naar Moskou, zou ik echt graag doen, maar dat is niethaalbaar voor mij.

HOE ZIET EEN GEMIDDELDE DAG ER VOOR JOU UIT?

Ik plan mijn trainingen in de mate van het mogelijke rond mijn lessenen maaltijden. In principe sta ik op om 7u20 en doe ik dan mijnnuchtere duurloop. Dan ontbijt ik en ga ik naar de les als ik die om9 uur heb. Zeker in het eerste jaar was dat vaak het geval. Soms hebik groepstraining bv. en dan kan ik niet zelf kiezen. Zo ben ikwoensdag zelden naar de lessen kunnen gaan daarom. Op week -basis heb ik circa twaalf looptrainingen, aangevuld met tweekracht- en twee stabilisatietrainingen. ’s Avonds probeer ik mijnactiviteiten te beperken omdat bv. in de koude fietsen absoluutniet goed is. Het sociale aspect vind ik echter ook belangrijk.Een pint moet zeker kunnen. Dat zijn trage suikers, dus dat magmet mate (lacht). In de voorbereiding van een kampioenschapheb ik echter de discipline om niet alleen hard te trainen, maar ookvoldoende uit te rusten en de studentengenoegens aan mijvoorbij te laten gaan. Waneer ik dan aan de startlijn kom weetik gewoon dat ik er alles voor heb gedaan.

We duimen alvast voor Jeroen in Rio!

Michael Boelaert

Page 7: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Student in het buitenland

Ni Hao!Toen er een bestemming moest worden

gekozen voor mijn uitwisseling, heb ik

niet lang getwijfeld om voor een

Chinese universiteit en daarbij horende

stad te kiezen. Iedereen spreekt over

China als een opkomende economie,

als de sterkst groeiende markt, kortom

de toekomstige grootste wereldmacht.

Tegelijkertijd krijgen we ook nieuws

over milieuproblemen, corruptie -

schandalen, mensenrechten enz.

“Hoe is het nu werkelijk daar?”

was uiteindelijk mijn grootste vraag

waarop ik een antwoord wou krijgen.

Vanaf de aankomst in Shanghai, was het contrast met de plaatsvan vertrek overduidelijk. Zo kun je meteen de Maglev-treinnemen van de luchthaven naar het centrum, waarmee je tegen430 km/u vervoerd wordt. Tijdens de taxirit spreekt de taxi -chauffeur geen Engels en verstaat hij je natuurlijk ook niet als je probeert de Chinese naam van de straat uit te spreken. De enige manier om te communiceren is door het geschrevente tonen. De dagdagelijkse communicatie verloopt meestal in gebarentaal. Wat normaal en eenvoudig is in België, blijkt inChina een hele uitdaging en avontuur te zijn. De bureaucratiemaakt het er natuurlijk ook niet makkelijker op. Om een Chineestelefoonnummer aan te vragen, moest ik minstens 7 verschillendedocumenten ondertekenen.

De eerste indrukken van Shanghai zijn overweldigend. Wat inde laatste 20 jaar gerealiseerd werd is amper te geloven. De skyline van Pudong (nieuwe business district) werd in die tijdvan platteland tot een van de meest indrukwekkende skylinester wereld getransformeerd.

7

Page 8: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Met de bouw van de metro werd begin jaren ’90 begonnen.Deze is met 450 km momenteel een van de grootste metro -netwerken ter wereld. Dit is niet verrassend, aangezien het ookde grootste stad ter wereld is.

In de stad zelf zie je ook enorm veel contrasten. Soms zie jeoude huisjes of tempels door wolkenkrabbers, shopping centers,bars en restaurants omringd worden. Rijkdom en armoede zijnoveral te vinden, wat Shanghai zeer authentiek maakt. Je krijgtnooit de indruk dat het een artificiële stad is, die helemaalverwesterd is om expats aan te trekken. Je krijgt echt het gevoeldat je in China zit, waardoor je vaak met in onze ogen nogalvreemde gebruiken (zoals de andere soort toiletten bijvoorbeeld)geconfronteerd wordt.

Shanghai heeft ook een groot voordeel t.o.v. bvb. Beijing omdatShanghai helemaal niet zo toeristisch is. De meeste westerlingendie er aanwezig zijn, zijn expats of studenten, waardoor je vaakook niet als toerist beschouwd wordt. Shanghainezen zijn vaakook niet verbaasd om buitenlanders te zien in tegenstelling totandere steden, waar je vaak door de Chinezen subtielgefotografeerd wordt, of waar ze zelfs met jou op de foto willenalsof je een bekende ster bent. Leven in Shanghai is ook heelaangenaam, met gezellige buurten vol met restaurantjes encafés. Maar ook voor studenten wordt er goed gezorgd. Er zijntal van clubs en bars, die vaak heel exclusief zijn door hunspectaculaire zicht of interieur (zoals aquariums met haaien).Doordat er grote concurrentie tussen alle soorten clubs is, diemeestal zelfs op zondagavond vol zitten, worden buitenlandersmeestal door clubpromotors van gratis drank voorzien.

Andere interessante activiteiten zijn allerlei sportevenementenen gatherings georganiseerd door het Belgische Consulaat inShanghai, waar je heel informele gesprekken met Belgischebedrijfsleiders in Shanghai kunt hebben, die veel interessanteverhalen over China te vertellen hebben.

Shanghai is vrij goed gelegen om door China te reizen. In debuurt zijn er de heel mooie steden zoals Suzhou of Hangzhou.Met een paar uur met de hogesnelheidstrein ben je ook inNanjing of Beijing. Een kleine anekdote is dat in China eigenlijkelke stad die minder dan 5 miljoen inwoners heeft, eerder alseen dorp wordt beschouwd. Naast die steden of dorpen is erook veel prachtige natuur. Huanshan (Yellow Mountain) is vrijdichtbij gelegen, zodat je aan de drukte en smog van Shanghaikunt ontsnappen.

In Shanghai wordt er natuurlijk ook gestudeerd, bvb. aan deFudan University. Die wordt beschouwd als de 3de besteuniversiteit van China, en de beste in Shanghai. De universitairecampus is dan ook indrukwekkend en de universiteit heeft zelfszijn eigen twin-towers. Lessen worden uiteraard in het Engelsgegeven, soms wel met een Chinglish accent. Onze groepbestond uit ongeveer 50 studenten uit allerlei landen, wat hetheel boeiend en internationaal maakte. Lessen waren dan welmisschien niet steeds van hetzelfde academische niveau als inLeuven, maar door het accent op de Chinese economie teleggen, slaagt de universiteit er wel in om veel kennis over tebrengen. Ook is er de mogelijkheid om Chinees te studeren,maar dat vergt natuurlijk heel veel moeite. Uiteindelijk moet ikeerlijk toegeven dat Chinees minder moeilijk is dan dat het lijkt,aangezien er amper grammatica is, werkwoorden niet vervoegd

DISCOVER THE WORLD @ FEB

The Faculty of Economics and Business @ Leuven hasthe most extensive international exchange programmein Flanders. FEB has partnerships with top universitiesand business schools both in Europe and overseas. FEB students get the opportunity to study at topinstitutions all around the world, a unique experience!

8

Students@FEB

Fudan University

Page 9: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

worden en er geen naamvallen zijn. Schrijven en lezen is natuurlijkeen ander paar mouwen, maar het geeft uiteindelijk veelvoldoening als je op straat iets kunt lezen en begrijpen of ietskunnen bestellen op restaurant (en begrepen worden).

Uiteindelijk kwam ook aan dit avontuur een eind, maar op hetmoment dat ik op de luchthaven zat om te vertrekken, wist ikreeds dat ik geen lang afscheid van China zou nemen. Je kuntChina niet meer wegdenken eenmaal je in de bedrijfs wereldbelandt, China “the land of opportunities”. De dynamiek en hettempo van het leven daar zijn onbeschrijfelijk.

Voor mensen die van grote steden houden is Shanghai tochwaarschijnlijk de voorbeeldstad. Elke dag word je meegezogenin een avontuur, leer je nieuwe mensen kennen, elke dag opnieuw

zeg je tegen jezelf “it’s a once in a lifetime opportunity”. En danland je terug in België, en krijg je meteen het gevoel alsof jeterug in de tijd wordt gekatapulteerd.

De bovenstaande ervaringen zou ik ook graag overbrengen aanandere studenten, door samen met Koen Verschooten, FEB enEkonomika, naast een reis naar Moskou, ook een reis naarChina te organiseren.

Tenslotte zou ik graag de Faculteit willen bedanken voor demogelijkheid om aan zo’n uitwisselingsproject te kunnendeelnemen, die mijn persoonlijkheid en mijn toekomstig leveneen positieve richting heeft gegeven.

Anton Bourtsev

Nanjingroad The Great Wall

9

Page 10: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Students@FEB

10

Ekonomika helpt jou aan een job!

Of je nu al concrete interesse hebt in een bedrijf of

je hebt totaal geen idee waar te beginnen zoeken

naar je toekomstige job, het Ekonomika Career &

Development team helpt jou van CV tot contractvoorstel!

Beginnen doe je best met een overzicht van alle

mogelijke bedrijven die op zoek zijn naar Young

Graduates. Waarom? Zo mis je zeker geen interessant

bedrijf dat perfect bij jou past. Ook kan je makkelijk

de bedrijfscultuur vergelijken zodat je zeker bent dat

het bedrijf waar jij gaat werken perfect aansluit bij

jouw persoonlijkheid!

Page 11: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

11

Ekonomika biedt je dit overzicht op tweemanieren. Eerst en vooral krijg je onzejobgids op kot toegestuurd. Hierin vindje handige CV-tips, een beeld van descholen waar je kan verderstuderen ennatuurlijk een handig overzicht vanbedrijven die op zoek zijn naar YoungGraduates.

Om ervoor te zorgen dat je geen enkelbedrijf mist, organiseert Ekonomika ookde tweejaarlijkse Career Brunch. Hierkan je een aantal bedrijven ontmoetendie zich al in de jobgids hebben voor -gesteld. Op deze informele brunch kanje met een croissant en een drankjerustig kennis maken met de verschillendebedrijven. Vorig jaar zocht maar liefst60% van alle studenten een job via onzeCareerbrunch. De ideale start dus voorjouw zoektocht!

Eens je een aantal interessante werk -gevers hebt ontdekt, heb je natuurlijkeen aantal vragen over hoe en wat. Met al deze vragen kan je terecht op zesverschillende Careerdays, waar bedrijvenzich komen voorstellen aan de hand vaneen bedrijfspresentatie. Op de receptieachteraf kan je dan netwerken met demensen van de bedrijven. Zo spreek jeniet enkel met de HR-mensen maar krijgje ook de kans om met werknemers tespreken die het bedrijf vanuit eenwerknemerstandpunt het best kunnentoelichten.

Als laatste stap in je keuze zijn er de specifieke bedrijfsevenementen. Hier nemen de bedrijven je mee op eeninhouse day, dinner of zelfs een Career Train.

Een exclusieve manier om zeker te zijndat dit bedrijf volledig bij jou past!

Al deze evenementen organiseren wezowel in het eerste als het tweedesemester. Ook als je op Erasmus gaat,mis je dus zeker geen enkele kans omje goed te informeren over je jobkeuze.

Ook met het Career & Developmentteam van Ekonomika willen we jepersoonlijk helpen in je zoektocht. Hebje dus vragen rond je jobkeuze of heb jeadvies nodig voor je zoektocht, spreekons 10-koppig team zeker aan op éénvan de evenementen of mail [email protected] met al jouw vragen!

Jasper Dansercoer

Page 12: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Students@FEB

12

Eerste semester bij Ekonomika

Mijn eerste semester bij Ekonomika heb ik alvast als zeer goedervaren. Al voor het schooljaar van start ging, werden er alactiviteiten georganiseerd om de eerstejaars te verwelkomenen om hen goed thuis te laten voelen. Zoals het onthaal -weekend bijvoorbeeld, waar je al onmiddellijk heel wat mensenleert kennen. Maar ook door het jaar heen zijn er heel wat niette missen dingen. De eerste week van het jaar vindt deonthaalweek plaats, waarbij er heel wat activiteiten zijn om deeerstejaars in te wijden bij Ekonomika.

De doop vond ik ook een zeer leuke ervaring, ik raad hetiedereen aan die geen schrik heeft om een beetje vuil te worden.Vervolgens is er nog de Ekobar, een plaats die ik minstens éénkeer per week een bezoekje ga brengen, je vindt er niet alleenheel lekkere en goedkope broodjes, maar het is ook gewooneen gezellige plek om rond te hangen met je vrienden. Tot nutoe heb ik al zeer leuke tijden beleefd bij Ekonomika en ik bener zeker van dat me er nog onvergetelijke momenten tewachten staan.

Nika Van Leynseele 1e Bachelor EW

Op onthaalweekend werd het al diréct duidelijk: Ekonomika iseen ongeloofelijk bangelijke studentenvereniging. De feestjeszijn werkelijk ongeëvenaard. Tijdens de eerste week van hetacademiejaar, de onthaalweek, werd dit enkel maar bevestigd: een jeneverrondleiding, een TD, ... De typische evenementenvoor een eerstejaars, zoals de schachtenverkoop, de doop, dedoop cantus, ... waren ook dik in orde! Het is goed te merkendat Ekonomika de grootste, en beste studentenvereniging vanhet land is!

Tijdens het jaar kunnen we ook elke dag terecht in Dulci (de fakbar van Ekonomika) voor een ongezien feestje.Maar het zijn niet enkel en alleen feestjes waar Ekonomika voorkan zorgen. Ondersteuning bij het studeren, leerrijke infoavonden,de goedkoopste broodjeszaak van Leuven, bekende sprekers,een introductie tot het spelen op de beurs, ...Kortom: als er één studentenvereniging is waar je lid van wilworden, is het wel Ekonomika!

Matthias Claessens1e Bachelor

Het afgelopen semester was er alvast eentje om nooit te vergeten.Bij Ekonomika voel je je vanaf moment één thuis. Zo zorgt hetonthaalcomité voor tal van activiteiten om ons als eerstejaars zosnel mogelijk thuis te laten voelen, bijvoorbeeld door het onthaal -weekend, de wiskundeweek, de onthaalweek, meters en peters ...Al zingend en lachend de doop doorkomen is toch wel 1 van mijntopmomenten. De schachtenverkoop is daar ook zeker een van.Daarnaast zullen de momentjes in de Ekobar of Dulci me altijdbijblijven.

Mijn leven is pas echt begonnen in Leuven, maar ook ik weet: “The best has yet to come!”

Saar Vandenberghe1e Bachelor TEW

Ik heb met Ekonomika kennis gemaakt op het onthaalweekend.Het was me snel duidelijk dat het een supertoffe vereniging is. Als eerstejaars die totaal niet wisten wat ze van het studentenlevenmoesten verwachten, werden we in onze beginweken heel goedopgevangen door Ekonomika met allerlei leuke activiteiten zoalskroegentocht, stadsrondleiding (altijd handig) en een knaller vanKick-Off TD en -cantus. De fakbar Dulci is geweldig en staatbekend om haar enorm goedkope en erg lekkere cocktails. Watik persoonlijk ook leuk vind is dat de activiteiten niet enkel bestaanuit feesten. Er is namelijk een groot zogenaamd Utile (nuttig)-aanbod. Dit zijn evenementen zoals het beursstappenplan,business 2 university lectures,…. Allemaal nuttig en handig voorzowel nu alsook in de toekomst. Tot slot wil ik nog iets zeggenover de jaarwerking. Iedere eerstejaars krijgt de kans om mee testappen in dit enorm leuke project. De jaarwerking is een groepvan eerstejaars die evenementen mag organiseren voor hunmede-richtinggenoten. Het toppunt van het gebeuren is dan inmaart de eerstebachweek. Dit is een week waarin de jaarwerkingvoor 5 avonden op rij evenementen mag organiseren, met alsbedoeling een topweek te hebben met je fasegenoten die je nooitzal vergeten.

Dankzij Ekonomika kan ik na enkele maanden Leuven zeggen datik mij hier enorm thuis voel en dat ik al uitkijk naar wat mij nog tewachten staat, want student zijn, is meer dan studeren alleen.

Stijn Vossen1e Bachelor HIR

Page 13: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

13

Na wat brainstormen werd er besloten om voor een thema tegaan waar op dit moment heel veel personen van in de ban

zijn: Candy Crush. Velen kennen het enorm verslavende spelletjewaarbij je minstens 3 snoepjes op een rij moet krijgen door 2 snoepjes van plaats te verwisselen. Zowel jong als oud speelthet wel eens, maar tijdens de examens zijn het vooral de studentendie het als een ideale vorm van pauze zien, aangezien ze ermaximaal zo’n 15 minuutjes mee kwijt zijn, maar wel helemaal hetstuderen voor eventjes van zich af kunnen zetten.

Op de dag waarop de meeste studenten hun eerste examenhadden, werd het evenement online gezet, en na slechts 7 uurstonden er al meer dan 500 studenten op “aanwezig”. Deze respons was op z’n minst gezegd iets waar we op voorhandenkel van konden dromen! Het evenement bleef zich verspreidenals een vuurtje, wat er uiteindelijk voor zorgde dat er in de weekvan de TD net geen 2000 personen op “aanwezig” stonden.

Niet alleen via Facebook ging het heel goed, ook de ticketverkoopliep als een trein. Na minder dan 32 uur waren alle 1000 afgedruktevoorverkoopkaarten de deur uit. Omdat we toch zoveel mogelijk

mensen de kans wouden geven om dit geweldig feestje mee temaken, werd er besloten om nog enkele honderden kaarten bij te drukken. Al deze extra tickets waren de deur uit binnen de 16 minuten! Het was zelfs zo’n overrompeling dat niet iedereendie was afgezakt een ticket had kunnen bemachtigen.

Donderdag 13 februari was het dan eindelijk zover. In de zaalhingen gigantische snoepstokken, en ook het podium zag er uitals een verleidelijke snoepwinkel. Ook als je bonnetjes ging kopen,kreeg men gratis en voor niks een bekertje met snoep. En nietzomaar welke snoep, de soorten snoep was op voorhand bepaalddoor de aanwezigen dankzij een online voting. De eerste headliner was DJ Wout, en hij had onmiddellijk de smaakgoed te pakken. Hij kreeg het publiek vanaf de eerste noot goedmee, en de avond kon al niet meer stuk. Na hem mocht TLP hetovernemen, en ook hij ging verder op dat elan.

We kunnen gerust zeggen dat we, dankzij Ekonomika en VRG, de studenten hun tweede semester met een knaller hebben lateninzetten. Een knaller die ze niet snel zullen vergeten!

Jasper Dansercoer

CrushMy Candy“De start van het tweede semester mogen we niet ongezien aan de studenten laten

voorbijgaan!” Zo redeneerden zowel Ekonomika als VRG, en dus sloegen ze de

handen in elkaar om met verenigde krachten de studenten een memorabele start

van het nieuwe semester in Leuven te bezorgen. Omdat het een avond was die

niemand snel mocht vergeten, werd er op zoek gegaan naar een thema dat veel

studenten zou aanspreken, en dat goed te combineren viel met een TD.

Page 14: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

14

Students@FEB

14

Op een warme dinsdag-

voormiddag stapte ik

met knikkende knietjes

naar het hoofdkwartier

van Boondoggle in Leuven.

Ik had er immers een

afspraak met Frederik

Cuyvers, een reclame -

specialist van het

reclamebureau

Boondoggle. Hij was

bereid om op al mijn

vragen omtrent de

duiveluitdagingen een

antwoord te geven.

Een leerrijke voormiddag…

BOONDOGGLE IS EEN GROOTRECLAMEBUREAU. WE KENNENHET ONDERMEER VAN DE VELEDUIVELUITDAGINGEN. HOEVERZIJN JULLIE HIERMEE GERAAKT? We komen met Boondoggle eigenlijk netterug van het reclamefestival in Cannes.Jullie allemaal wel bekend van hetfilmfestival. Hier worden, net zoals op hetfilmfestival, ook grootste reclameprijzenuitgereikt. Dit jaar was er een specialetentoonstelling omtrent mind- en game -changers in de reclame industrie. Dezecampagnes hebben in het verleden demanier waarop reclame werd gevoerddrastisch veranderd. Boondoggle was zelfgeselecteerd met de Duiveluitdagingen.

ZIJN ER NOG BEKENDECAMPAGNES VAN JULLIE?Jullie herinneren jullie waarschijnlijk nogwel het olifantje Kai Mook dat nu 4 jaargeleden geboren werd. Rond het helegebeuren van deze geboorte creëerdenwij ook de activation campagne. Dit wasbest een groot risico, want de kansbestond namelijk dat de olifant doodgeboren werd.

WIE KWAM EIGENLIJK MET HETIDEE VOOR DE CAMPAGNE VANDE DUIVELUITDAGINGEN?Het idee kwam een beetje van twee kanten:de voetbalbond aan de ene kant en wijaan de andere kant. De voetbalbond voertelke keer een campagne uit. Zoalsbijvoorbeeld “We believe” of “We are all

part of the team”. Deze keer voelden wijaan dat je met zulke campagnes veel kandoen. De Rode Duivels waren gechar -meerd door het enthousiasme van de fansin Wembley, waardoor het idee ontstondom direct in dialoog te treden met desupporters. Voor het eerst ontstond zoeen WK campagne, gedragen door despelers en met Facebook als interactieplatform, nl. De Duiveluitdagingen.

AANGEZIEN DE DUIVELUIT -DAGINGEN ECHT EEN HEELGROOT PROJECT IS, VERON -DERSTEL IK DAT JULLIE MEERHULP NODIG HEBBEN OM HETPROJECT OP POTEN TE ZETTEN?Grote projecten worden uiteraardgedragen door een team van mensen.Klassieke campagnes bestaan uit fase 1 strategie, fase 2 creatie, fase 3 productieen fase 4 uitroll. Deze campagne werdbenaderd vanuit het “Boondoggle Now”principe. Dit principe betekent in realtimeinspelen op reacties van alle stakeholderszijnde fans, partners en media.

Bijvoorbeeld toen Kompany opriep omhet land rood te kleuren, was het aan onsteam om de meest leuke initiatieven tefilteren en uit te vergroten. Hierdoor werdenandere geïnspireerd om ook mee te doenaan de campagne. Kortom een sneeuw -bal effect creëren waarbij sociale kanalenbelangrijk waren.

Page 15: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

15

LUKT HET VLOT OM ALLEDUIVELS OP HETZELFDEMOMENT BIJ ELKAAR TEKUNNEN KRIJGEN?Ondanks het feit dat alle spelers zeergeëngageerd zijn, is dit toch wel een vande moeilijkste taken. De meeste van onzeRode Duivels spelen ook al niet meer inBelgië en zijn dus vaak moeilijk bereikbaar.Ze zijn vaak enkel bereikbaar als ze in België zijn om een interland te spelen.Het is toch vaak even puzzelen om allespelers op eenzelfde moment bij elkaar tekrijgen en bovendien een tegenprestatiete kunnen regelen, maar het lukt.

IS ER EEN SOORT VANBEURTROL OF HANGT HETEERDER VAN DE AGENDA’S AF?We proberen wel te kijken dat we altijdverschillende spelers hebben en dat weeen mooie mix hebben van onze tweelandstalen. Dan hang het er een beetje

vanaf wie er beschikbaar is. Maar stilaanzal iedereen wel al eens bij een aan -kondiging of tegenprestatie betrokken zijngeweest.

WIE KOMT ER EIGENLIJK MET DE IDEEËN NAAR VOREN? JULLIEOF DE RODE DUIVELS ZELF?Het is een soort wisselwerking. Er zijn welgezamenlijke brainstormsessies geweestmet de meeste mensen van de ploeg.Daar stemden we onze gezamenlijkeideeën een beetje op elkaar af. Het wasvooral ook om te bepalen welke ideeënrealiseerbaar zijn.

KWAM DE MERCHANDISINGCAMPAGNE OOK VAN JULLIE? Bij dit nieuwe verhaal van de Rode Duivelshoorde ook een merchandising aanpakdie klopte. We zorgden ervoor dat desupporter even belangrijk werd als heteigenlijke product. Ga maar eens naar zo

een shop kijken je zal direct merken dat ermeerdere producten zijn, maar ze proberenwel echt de supporter bij het gebeuren te betrekken met bijvoorbeeld foto’s vande speler.

VANAF WANNEER IS DECAMPAGNE VAN DE DUIVEL -UITDAGINGEN VOOR JULLIEEIGENLIJK GESLAAGD?Voor ons was de campagne geslaagd alsde relatie tussen supporters en spelersbeter was als voordien, los van de sportievesuccessen. Hierdoor koppelden we detegenprestaties ook los van de wedstrijden.Nu ze zich geplaatst hebben voor Brazilië,is voor ons de campagne al grotendeelsgeslaagd.

EEN HELE MOOIE PRESTATIE IS DAT DE RODE DUIVELS TOT PRODUCT VAN HET JAARVERKOZEN WERDEN!Het is natuurlijk wel een heel mooieerkenning en het blijft een heel knappeprestatie van het hele team, maar voorons was verkozen worden tot product vanhet jaar natuurlijk niet de essentie. Het isvooral voor de voetbalbond een mooieerkenning. Zij zijn ermee in gestapt enhebben het mee mogelijk gemaakt.

HEBBEN JULLIE MET HET TEAM EEN FAVORIETEDUIVELUITDAGING?Laat België rood kleuren was zeker envast een leuke die ons altijd zal bijblijven.Misschien ook wel omdat het de eerstewas. Maar voor de rest zijn we altijd fanvan de laatste uitdagingen, aangezien zealtijd populairder en groter worden.

Jaimy Vandenhoeck

DE DUIVELUITDAGINGEN:

1. LAAT BELGIË ROOD KLEUREN2. MOEDIG AAN EN VERZAMEL

DECIBELS3. MAAK VAN JE HUIS EEN

KONING BOUDEWIJNSTADION

4. VERZAMEL EEN STADION VOL MET TEKENINGEN

5. EEN SPIONKOP VOL MET VROUWEN

6. SUPPORTER MEE MET DE FANS IN SCHOTLAND

7. WUIF DE SPELERS UIT OP DE TARMAC IN ZAVENTEM

Page 16: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Students@FEB

SkireisEkonomika2014Dit jaar zijn we met Ekonomika en Snowblend naar het skigebiedLes Portes du Soleil geweest, waar we in het autovrije Avoriazverbleven. Dit dorpje was volledig ondergesneeuwd, waardoorje met jouw ski’s tot elk appartement kon geraken.

Als je niet te voet door de sneeuw wou wandelen, dan had jede mogelijkheid om met paard en koets uit te gaan. Zo werd jedan ook elke ochtend op tijd wakker door de belletjes die ronddeze paarden hingen, wel iets apart op skivakantie.

We hebben kunnen skiën in de mist, zon, sneeuw en wind.Kortom, we hebben alles wel eens gehad. Maar welk weer het ookwas, op het einde van een dag ploegen in de sneeuw kwamenwe samen om te après-skiën, waar vele vakantiegangers zichvoluit lieten gaan.

Het echte feestje startte pas om 21h nadat iedereen zijn buikjevol had kunnen eten. Elke avond kon je je volledig laten gaanop de themafeestjes, waar over de hele week wel 20 vaten zijngezet door Ekonomika! Niets beter dan feesten in de bergen!Natuurlijk mag niet vergeten worden dat Ekonomika eenLeuvense studentenvereniging is en zo hoort bij een skireis ookeen legendarische Skicantus. Dit is een van de zotste cantussenvan het jaar, in beperkte groep en in een zeer uitgelaten sfeer!Voor velen was het een topweek, met veel sport, ontspanning,feestjes, drank, kortom alles wat nodig is voor een geslaagdevakantie na een heftige blokperiode.

Ik kijk al uit naar volgend jaar!

Pieter Gewillig

16

Page 17: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

17

Welcome @ FEB,International StyleEvery year, the Faculty of

Economics and Business

welcomes over 180 students

from all corners of the world.

These students have enrolled

in an exchange programme

at their home university and

study at FEB for a semester

or a year. Most students

start in September, but a

considerable group joins FEB

halfway through the year,

for our Spring-semester,

from February till June.

These exchange students

were welcomed to FEB on

the first day of the 2nd

semester, 10 February,

with a Belgian breakfast

of coffee, hot chocolate

and ‘koffiekoeken’ (cakes

and buns). A perfect start

to a cold winter day in

Leuven, the city which they

will call home for the next few

months. These international

students make the classroom

experience at FEB a more

international place for

everyone and bring a unique

atmosphere to the campus.

“I’m from the University of Illinois, USA and I wanted to go abroad to see different sights.Leuven was a good choice cause obviously it’svery different from America and it’s very closeto everything in Europe. Hopefully I get toexperience the different culture here. I’d like totravel around to discover the surrounding area.I also heard that it’s a really good businessschool. I wanted to study and learn from the topprofessors. So far, it seems like a really fun placeto be!”

“I’m also from the Universityof Illinois, and I chose Leuvencause people back homerecommended it, they hadbeen here in the past andthey all said classes wereinteresting and Leuven was a great town.”

“I’m from Gottingen in Germany. I choseLeuven cause it looked like the bestuniversity on the Erasmus programme offerlist. I expect to learn a bit of Dutch, toimprove my English skills and to have fun.I speak a little bit of Dutch already. It’ssimilar to German so I can understandsome words already.”

“I come from Greece andI chose Leuven becausesomeone told me that it’svery international, thatthey have a lot of foreignstudents here.”

“I am from Singapore. I chose KU Leuvencause Belgium is really central in Europe.I am going to travel around a bit. So farit’s a very interesting change from Singapore.I also heard it’s a very old university, and I am interested in the architecture, the culture,etc. so that helped in my choice for Leuven.”

Loes Diricks

Page 18: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

WAT IS AFD PRECIES? Laurens: Academics for Development heeft als doel om zoveelmogelijk studenten de kans te geven een steentje bij te dragenin het Zuiden. Dit doen we in de eerste plaats via onzeprojecten. Hierbij werkt een multidisciplinair team een heel jaarsamen aan een probleem van een NGO, om vervolgens in dezomer hun oplossing werkelijk tot uitvoering te brengen in hetZuiden. Dit jaar zijn er projecten in Senegal, Venezuela en Peru.Voor studenten biedt een AFD-project een combinatie van drieinteressante factoren: ten eerste wordt theoretische kennis inde praktijk omgezet, ten tweede biedt een AFD-project eeninternationale ervaring en tot slot de mogelijkheid om socialimpact te realizeren in het Zuiden. Daarnaast zet AFD zich inom de Leuvense student vertrouwd te maken met conceptenzoals social entrepreneurship, social profit en microfinance doorhet organiseren van lezingen, debatten en workshops.

EN WANNEER EN HOE IS AFD ONTSTAAN?Laurens: In 2012 ben ik zelf als ingenieursstudent via Humasolnaar Peru geweest om een windmolen te bouwen en eenwaterkrachtcentrale te repareren. Vrienden die aan de FEBstudeerden, vonden het heel jammer dat er geen vergelijkbareinitiatieven bestonden voor niet-ingenieursstudenten.Economie studenten kunnen immers ook veel betekenen in hetZuiden. Ondernemerschap heeft een enorm potentieel om decyclus van armoede te doorbreken aangezien mensen zelf hetheft in eigen handen gaan nemen. Aangezien een vriend vanmij op dat moment in het bestuur van AFC stapte, kreeg ik voorhet eerst het idee van “Academics for the South”. Ik was toen

tijdens de blok al mails aan het sturen naar microfinancierings -instellingen om hen te overtuigen om economiestudenten de kanste geven lokale ondernemers in het Zuiden te helpen. Aangezienik geen positief antwoord kreeg werd het idee in de koelkastgezet toen ik op Erasmus vertrok. Toen ik het idee bijna eenjaar later uiteenzette aan het bestuur van AFC was iedereen

superenthousiast en kwam het allemaal plots in eenstroomversnelling terecht. AFC heeft geïnteresseerde ledenvervolgens proberen overtuigen om mee AFD uit de grond testampen als zusterorganisatie van AFC. Zo zijn er vrij snelmensen zoals Bram bijgekomen. Het was wel een hectischeperiode omdat ik op dat moment in Londen zat. Ik had mijnmedebestuursleden zelfs nog nooit gezien, alles verliep viaSkype en mail.

Bram: Het was inderdaad wel vrij hectisch en praktisch nogalmoeilijk. Laurens zat in Londen, ik zat in Senegal, andere mede-oprichters hadden stages. Evident was het zeker niet. Maar viamail en skype zijn we begonnen met het opstellen van eenbusiness plan, haalden we projecten binnen, schreven we destatuten, enzoverder. Na de zomer waren we allemaal in Leuvenen hebben we de puzzelstukjes van de zomer in elkaar gelegd.Daarna zijn we er nog twee weken gewoon superhard tegenaangegaan. Na een prachtige promocampagne was er een goedeopkomst voor onze infomomenten en waren we vertrokken.

WAT ZIJN DE ALGEMENE DOELSTELLINGEN VAN AFD?Bram: AFD gelooft heel sterk in sociaal ondernemerschap omde armoedecyclus te doorbreken. Volgens ons is ondernemer -

18

Academics for development‘Lokaal ondernemerschap is de bestemanier om de armoedecyclus in hetZuiden te doorbreken’

Films zoals "The Wolf of Wall Street " (zie ook p. 54) zorgen ervoor dat economen

en bedrijfseconomen soms het imago van koude geldwolven toegeschreven

krijgen. Uiteraard is dat een cliché dat zeer mooi weerlegd wordt door de pas

opgestarte studentenorganisatie Acdemics for Development (AFD). AFD bewijst

dat studenten een verschil kunnen maken in het Zuiden en dat ook economen

een sociaal engagement kunnen combineren met onder nemerschap,

Laurens De Poorter (voorzitter AFD) en Bram Van Meldert (projectcoördinator)

leggen uit of hoe profit en social profit perfect kunnen samengaan.

Education@FEB

Page 19: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

19

schap een zeer goede manier om aan ontwikkelings samen -werking te doen, de lokale bevolking de mogelijkheid geven omhet heft in eigen handen te nemen en op die manier een lokaleeconomie draaiende te krijgen. Lokale ondernemingen trekkende lokale economie op gang en op die manier kunnen lokaleondernemers bijdragen tot de ontwikkeling van een bepaaldgebied. Zeker als die ondernemingen bv. bijdragen tot deelektrificatie van een gebied. Zoiets heeft enorm veel socialewaarde. Hierbij gaat het om een onderneming die niet gewoonwinst wil maken maar die naast een winstdoelstelling ook eensociaal doel heeft. Er is niets mis met winst maken, maar je kanook winst maken en ondertussen een sociaal doel beogen. Dat is bij de twee organisaties die we in Senegal en Peru aanhet oprichten zijn het geval: het voorzien van elektriciteit voor de lokale bevolking met hernieuwbare energiebronnen. Die effecten zijn ook direct merkbaar: mensen hebben ’s avonds licht om te studeren of voor andere activiteiten, voelenzich veiliger,… Er zijn vele sociale effecten bij de elektrificatievan een gebied. Vanuit het Noorden helpen we bij het oprichten,maar het is vooral belangrijk dat de lokale ondernemer dit verderdraagt. Een project is voor ons pas geslaagd wanneer hetzelfstandig financieel zin kan hebben. We willen ook aan de studenten bewijzen dat je bv. ook carrière kan maken insociaal ondernemen. Ook de ngo’s hebben managers nodigmet een academische opleiding.

HOE WORDT IN DE PRAKTIJK AAN EEN PROJECTGEWERKT?Bram: In alle projecten werkt een multidisciplinair team een heeljaar in de eigen studentenstad aan een probleem van een ngo omdan in de zomer naar het Zuiden te gaan en die oplossing inwerkelijkheid te realiseren. De projecten beginnen in oktober enworden begeleid door ex-projectstudenten. Zo’n multidiscplinairteam is zeer belangrijk. We werken meestal wel rond economischethema’s en ondernemerschap, dus de link met de FEB is ermeteen. Maar om de problemen op te lossen zijn niet alleeneconomen nodig, maar ook ingenieurs, juristen, enz. We hebbendus een goeie mix van talent en kennis nodig in zo’n team.

HOEVEEL STUDENTEN ZITTER ER IN EEN MUTIDISCIPLINAIR TEAM?Bram: Vijf, en dit is zo voor alle projecten. Dat is ook voor eenproject een goede balans. Anders wordt het moeilijk werkbaar.

Laurens: Inderdaad. Waar we in willen groeien is het aantalprojecten en niet de huidige groepen groter maken. Uiteindelijkwillen we natuurlijk ook niet zodanig groeien dat we niet dekwaliteit kunnen leveren. We willen zeker het aanbod niet grotermaken dan de vraag omwille van het engagement dat je ervoormoet aangaan. Het vergroot ook de werkdruk natuurlijk alsstudent, maar de voldoening is zeer groot achteraf.

HOE GEBEURT DE SELECTIE VOOR DE PROJECTEN?Bram: Op onze infodag in oktober konden geïnteresseerdenlangskomen om te horen wat onze projecten zijn en wat AFDjuist is. We hebben ook een promotiecampagne gedaan, waaronder andere ook de FEB aan heeft geholpen door een mailingnaar de studenten uit te sturen. Nadien konden mensen hun cv en motivatiebrief insturen. Na een eerste selectie hebben wedan op basis van een interview de finale selectie doorgevoerden de teams samengesteld. Vooral de motivatie was belangrijk.Het belangrijkste was ook om te zien of de geïnteresseerdenhet engagement dat gevraagd wordt correct konden inschatten.

WAT ZIJN DE DRIE PROJECTEN?Laurens: Ten eerste Peru. Het project voor AFD is dat we eenbusiness plan opstellen voor een onderneming of coöperatievedie hydroëlektrische installaties gaat bouwen in geïnteresseerdedorpen waar momenteel geen elektriciteit is. Er zal naar extra(lokale) partners gezocht worden die de continuïteit op langetermijn zullen garanderen of helpen met de opstart. In de zomergaan de studenten ter plaatse om in te schatten wat de vraagis en welke mensen ze moeten verbinden om de ondernemingtot stand te brengen opdat er een wisselwerking zou zijn tussendrie partijen: de bouwer van de installaties, de financierders ende dorpen. Humasol gaat dit jaar ook een nieuwe hydro-turbinebouwen en de studenten zullen met het Humasol-team gaansamenwerken om de installatie van een turbine in kaart te brengen en de know-how van Humasol duurzaam over tebrengen.

Bram Van Meldert Laurens De Poorter

Page 20: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Bram: In Senegal gaat het ook om elektrificatie via zonne-energie. Bedoeling is om mensen een lening te laten aangaanvoor een solar home system om dat op drie jaar te latenafbetalen. Probleem is dat die drie partners waar Laurens hetover had elkaar niet vinden. Het project voor de studenten isdan om ervoor te zorgen dat de drie partners samengebrachtworden om op die manier de rurale elektrificatie via solar homesystems een beetje op gang te trekken. We willen dit jaar eenproefproject starten waarbij er een aantal installaties geplaatstworden om dan na te gaan hoe de opvolging kan gebeuren.

Laurens: Het derde project is onder begeleiding van BelloBelgo in Venezuela. Zij proberen in Caracas in de sloppenwijkenjongeren op te leiden in een veilige omgeving, de zogenaamdeSafe Havens. Het doel van AFD is om die safe havens self -sustainable te maken. Bello Belgo wil niet 1 bepaalde sloppen -wijk aanpakken, zij willen net in alle sloppenwijken kinderendezelfde kansen geven. Op korte termijn willen ze veel van diesafe havens creëren. En dan hebben ze niet het geld om die inde toekomst te blijven onderhouden. Dus wij willen in die safehavens ondernemerschap bijbrengen en helpen bij hetopstarten van projecten en ondernemingen om zo te helpen diesafe havens te laten blijven bestaan voor de generaties na hen.

HOE ZIET ZO’N PROJECTJAAR ER DAN IN DE PRAKTIJK PRECIES UIT?Bram: Het team van studenten wordt begin oktober gerecruteerd.Heel het jaar door werken ze aan het project en hebben ze opgeregelde momenten deadlines waarbij het team presentatiesgeeft aan het bestuur van AFD en aan de partner die meewerkt.De projectcoördinator, een ex-projectstudent, zit op wekelijksebasis samen met de studenten en begeleid hen naar diedeadlines toe. Hij kijkt welke vooruitgang ze boeken en welkestappen dienen genomen te worden en coacht hen grondig. In de zomer wordt dan ter plaatse gegaan en dan wordt hetproject afgerond. Nadien wordt een verslag opgesteld met eenpresentatie naar het bestuur toe met de next steps zodat er eencontinuïteit kan zijn qua ervaring voor de vervolgprojecten.

ZIJN JULLIE NOG OP ZOEK NAAR ANDERE PARTNERS?Bram: De drie projecten die we nu hebben, lopen hoogst -waarschijnlijk door in een vervolgproject. Dus de samenwerking

met Humasol en Bello Belgo blijft. Daarnaast zijn we nog opzoek naar partners om andere projecten te kunnen aanbieden.Het gaat dan om een Belgische ngo of vereniging die in hetZuiden actief is qua ontwikkelingssamenwerking en die met eenconcrete vraag zit die uitgewerkt kan worden. Er moet ook deovertuiging zijn dat Belgische studenten vanuit hun academischevorming een meerwaarde kunnen bieden in het kader vansociaal ondernemerschap.

Laurens: Een eerste belangrijke parameter is dat de potentiëlepartner al effectief werkzaam is geweest ter plaatse en dat het niet om een louter theoretisch vraagstuk gaat. We willen destudenten ook echt de kans geven om impact te hebben. Eentweede criterum is dat tijd vrijgemaakt kan worden om destudenten de nodige informatie en feedback te bieden. Tot slotvragen we ook aan elke projectpartner om de nodige financiëlemiddelen ter beschikking te stellen om alle kosten die gepaardgaan met het project te kunnen dekken. We zoeken dusgeëngageerde partners.

Bram: AFD levert dan de expertise en de tijd van de studentenom een vraag uit te werken en succesvol te maken. Wij begeleidende studenten niet alleen in hun project, maar ook in zaken zoalshet inbrengen van het project in hun curriculum en hetaanvragen van beurzen voor persoonlijke kosten. Bovendienondersteunen we de partners door het aanvragen van GROS-beurzen om de kosten van de projecten te helpen dekken.

20

Education@FEB

Page 21: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Laurens: Het gaat dan uiteraard enkel om projectkosten. De persoonlijke kostenzoals de vliegreis worden gedragen door de student zelf. Belangrijk voor destudenten is wel dat de lokale partner de studenten op een veilige manier kanontvangen. En dat die zorgt voor een dak boven het hoofd van de studentenzonder dat ze ervoor moeten betalen.

ZOEKEN JULLIE OOK NOG PARTNERS IN DE VORM VAN EEN SPONSORSHIP?Bram: AFD heeft zelf ook kosten te dragen in haar werking en daar springen deprojectpartners uiteraard niet voor in. Daar zijn we dan inderdaad op zoek naarbedrijven die een social sponsorship willen aangaan, die AFD genegen zijn of diegeïnteresseerd zijn in de kwaliteiten van onze studenten.

Laurens: AFD heeft twee serieuze troeven voor partners. Ten eerste komen ze incontact met ambitieuze en gemotiveerde studenten vanuit verschillende opleidingendie op een gegeven moment ook op de arbeidsmarkt komen. Ten tweede kunnenze zich met de sociale impact die wij door hun steun kunnen realiseren, profilerennaar studenten als bedrijven die duurzame ontwikkelingssamenwerkingbelangrijk vinden. Toch mogen we niet vergeten dat ook particulieren op dedonatiepagina van onze site een vrije bijdrage kunnen doen.

Alle hulp is welkom. En we zoeken daarbij niet alleen naar financiële steun. Een sponsorship voor een bedrijf kan ook betekenen om opleidingen te voorzienof consulting aan te bieden aan de projectteams. Zo zijn we nog op zoek naarpartners die kunnen helpen bij problemen binnen hun expertisegebied en waar wij vaak mee in aanraking komen, zoals bijvoorbeeld microfinance. Een adviserende rol hierin kan ook zeker nuttig zijn voor ons.

21

Een projectstudente aan het woordKlara ging na het middelbaaronderwijs een jaar opcultu rele uitwisseling naarArgentinië. Nu wil ze ietsteruggeven ...

Mijn verblijf in Latijns-Amerika was eenfantastische ervaring, maar het deed meook met eigen ogen zien dat er op sociaalgebied nog heel wat verandering nodig isin het Zuiden. De kans om met de kennisdie ik in mijn bachelor Handelsingenieurverworven heb sociale impact te hebbenin het Zuiden, wou ik dan ook met beidehanden grijpen. Het AFD-project brengtmijn passie voor Latijns-Amerika samenmet de behoefte om iets te veranderen inde zuidelijke helft van onze wereldbol enmet mijn ambitie om beter voorbereid tezijn op een intrede op de arbeidsmarkt.

WAT HEB JE NU AL GELEERD?WAT HEEFT HET JE PERSOON -LIJK AL BIJGEDRAGEN? ZIJN JE VERWACHTINGEN TOT DUSVER INGELOST?Het project in Venezuela vergt veel creativiteit.Er is geen optimale oplossing, het komt ereerder op neer om de beste uitwerking tezoeken rekening houdend met alle uitzon -derlijke externe factoren en beperkingen,en dat zijn er in Venezuela heel wat. Dit staatin groot contrast met mijn theoretischeopleiding Handels ingenieur, en was precieswaar ik naar op zoek was toen ik me in -schreef voor een AFD-project: mijn in theorievergaarde kennis toepassen in de praktijk.De grote hoeveelheid creativiteit die vereistis voor het project vraagt om intensiefteamwork, aangezien elk teamlid eenandere kijk heeft op bepaalde situaties,mede doordat het projectteam is samen -gesteld uit studenten met verschillendeopleidingen. Persoonlijk had ik weinigervaring met werken in teamverband. AFDgeeft me de kans om deze noodzakelijkevaardigheid verder te ontwikkelen.

HOE KIJK JE VOORUIT NAAR WATNOG REST VAN HET PROJECT ENDAN VOORAL DE ZOMER?In de komende twee maanden valt er nogheel wat werk te verzetten binnen onsproject. De huidige situatie in Venezuelavormt daarbij nog een extra uitdaging. Het ultieme doel van het Embajadas projectis beloftevolle jongeren extra kansen tebieden. Indien we er als AFD-team in slagenom hieraan een steentje bij te dragen,zullen we tevreden zijn.

Klara Rolies, 1e Master HIR

Page 22: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

22

Education@FEB

De economische impact

van staats hervor mingen?

De loonkosten?

De super lonen van

CEOs? Telkens lijkt

wat economen daarover

zeggen dia metraal

tegenovergesteld.

‘Weten ze het zelf nog

wel?’ Nochtans slaan

wij niet wild om ons

heen. Alles hangt af

van de context.

Economen geraken het nooit eens,zo besloot Kaaiman gisteren in de

Tijd. Voor buitenstaanders heeft hij eenpunt: De ene groep economen pleit voor saneringen, de andere voor hetKeynesiaanse recept dat door eenverhoging van de overheidsuitgaven de consumptie ondersteunt. Volgenssommigen zijn de loonkosten te hoog enverliezen we daardoor aan concurrentie -kracht, volgens anderen spelen ze geenrol en is er geen groot probleem met deBelgische economie.

En onlangs zei Paul De Grauwe dat deverschillende staats hervormingen in Belgiëgeen effect hebben gehad op econo -mische groei, of toch? De nobelprijseconomie 2013 werd toegekend aanEugene Fama, Robert Schiller en LarsPeter Hansen. Vooral het feit dat Famaen Schiller samen de prijs kregen waseen verrassing, beiden hebben zezonder twijfel hoogstaand academischonderzoek op hun palmares staan, maarhun onderzoeks resultaten staan diametraaltegen over elkaar. Fama is de grond -legger van de ‘efficiënte markthypothese’,de theorie die aangeeft dat beurs -koersen alle beschikbare informatiebevatten zodat het onmogelijk is om debeurs te kloppen op een systematischemanier. Maar Schiller toont daarentegenaan dat markten vooral door emotiegedreven zijn en niet door rationelemodellen, waardoor ‘bubbles’ ontstaan.Hebben ze dan beiden gelijk? Inderdaad!

HOE VERLOOPT DE SAMENWERKING MET DE FEB?Bram: Heel goed. We zijn zeer gelukkig met de manier waarop de FEB onsondersteunt.

Laurens: De decaan was van bij het begin laaiend enthousiast en heeft ons ookmeteen in contact gebracht met Nathalie Jans en Katrien Van Valckenborgh omstudenten de mogelijkheid te geven om studiepunten te krijgen voor hun projectbij AFD.

Bram: Belangrijk is dat op die manier AFD erkend wordt als een waardevol ietsbinnen het curriculum. Het zorgt er ook voor dat men in aanmerking kan komenvoor een VLIR-UOS-beurs om de persoonlijke kosten te helpen dekken.Bovendien ben je als student ook meteen verzekerd.

Laurens: We worden ook logistiek ondersteund in de zin dat we gebruik mogenmaken van de lokalen in Huis De Munter voor onze events. Ook bij decommunicatie naar de studenten worden we gigantisch ondersteund. Da’s eenenorme hulp voor ons en zonder die hulp zouden we nooit staan waar we nu staan.

WELKE HINDERNISSEN HEEFT AFD MOETEN OVERWINNEN?Bram: Zoals alle beginnende organisaties moesten er een aantal kinderziektesoverwonnen worden, maar het voornaamste was gebrek aan naambekendheiden deuren die moeilijk opengingen om zelfs maar het concept te mogenuitleggen.

Laurens: Ook bij het samenstellen van het bestuur was dat zo. Je vraagt eenenorm engagement aan mensen voor iets wat geen zekerheid tot slagen heeftof dat vroeger stopgezet zou kunnen worden. We willen AFC, Humasol en BelloBelgo daarom nog eens expliciet bedanken dat zij van in het begin in ons geloofdhebben en dat zij ons blijven ondersteunen. Zonder hen was dit nooit gelukt.

AFD zoekt nog altijd sponsors om haar werking mogelijk te maken.

Wie geïnteresseerd is kan contact opnemen met Laurens De Poorter [email protected]

Voor meer info: kijk zeker opwww.academicsfordevelopment.be

Page 23: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

23

Economen hebben altijd gelijk.Binnen de juiste context.

LOONKOSTEN

Economen maken regelmatig de fout dat ze geloven dat er maaréén juiste model bestaat, één verhaallijn dat alle eco nomischefenomenen en problemen kan verklaren en ons toelaat heteconomisch beleid te voeden. Maar de echte kracht vaneconomen bevindt zich in het toepassen van het eco nomischinstrumentarium in een specifieke context. Neem nu het debatover de loonkosten. De loonkosten in België zijn bij de hoogstevan de OESO landen, vooral ten gevolge van de hoge lasten oparbeid. Een basis economisch inzicht is dat de loon kosten eenweerspiegeling dienen te zijn van de toe gevoegde waarde perwerknemer. Het is duidelijk dat voor de arbeidsintensievesectoren zoals de horeca of de bouw de toegevoegde waardeper werknemer niet sterk kan toenemen omdat innovatie in dezesectoren veel moeilijker is dan zeg maar in de chemie.

De meeste economen zullen het wellicht eens zijn dat de loon -kosten dus een groot probleem vormen in deze arbeids -intensieve sectoren. Maar er zal wel meer discussie bestaanover de kapitaalsintensieve sectoren die wel in staat zijn teinnoveren en daardoor een toename in de toegevoegde waardeper werknemer kunnen realiseren die hoge loonkosten kunnencompenseren. Sterker, men zou kunnen stellen dat hogeloonkosten en vakbonden net een extra prikkel geven om meerte innoveren in kapitaalsintensieve sectoren en innovatie wastoch goed voor economische groei? De context, hier het typesector, is met andere woorden essentieel om tot een juisteeconomische conclusie te komen over de vraag of de loon -kosten (lees lasten) dienen verlaagd te worden.

Een ander voorbeeld, waar economen het ook over hebben,zijn de superlonen van de CEOs (of voetballers). De jongstedecennia is de inkomensongelijkheid verder toegenomen.

En deze ongelijkheid is vooral veroorzaakt door een sterke toe -name van de top één percent inkomens, zo blijkt uit recentonderzoek. Met andere woorden de rijken worden nog rijker endat is volgens sommigen maatschappelijk onaanvaardbaar,zodat de topinkomens worden onderworpen aan een rijkentaksen zeker die van bankiers.

RIJKENTAKS

Economen gebruikten vroeger vaak vuistregels, zoals hetcriterium van Pareto: Een maatregel is welvaartsverhogendwanneer minstens één burger meer verdient, zonder dat hetinkomen van de andere burgers erop achteruit gaat. Dus indien de hoge vergoeding van CEOs of anderesupersterren gepaard gaat met een kleinere vergoeding voorandere werknemers in de samenleving, lijkt het inderdaadzinvol om als overheid in te grijpen. Maar moet hiervoor eenrijkentaks in het leven worden geroepen, zoals in Frankrijk?Niet noodzakelijk, opnieuw hangt dit af van de context. Het isvan belang om te identificeren wat de bron van dergelijkegraaicultuur is. Dit kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van een(quasi) monopolierecht van een onder neming, zoalsbijvoorbeeld BPost. Of in het geval van banken wanneeroverdreven risicogedrag niet aan banden wordt gelegd. Dezemarktdistorties geven aanleiding tot over dreven winsten diedisproportioneel naar enkele bevoor rechten (managers)vloeien, ten koste van het algemeen belang. In deze gevallenwordt het probleem snel verholpen door het vrijmaken van demarkt, zodat monopolies worden gebroken en concurrentiehaar werk kan doen of in het geval van banken de juisteregulering te implementeren zoals wordt gedaan met deBaselrichtlijnen.

Het feit dat economen het vaak oneens zijn is niet anders danin andere academische disciplines. Ook weten schappers,geneesheren, sociologen, psychologen kennen hun verschillenen debatten. Dankzij these en anti-these ontstond toch desynthese en werd er gesurft van het ene paradigma naar hetvolgende? Dat is toch wetenschaps innovatie? Laten we dusvooral blijven luisteren naar economen in hun context! Zoals debekende statisticus George Box, ooit zei “Essentially, all modelsare wrong, but some are useful.”

Dit is een opiniestuk van de hand van professor Joep Konings (FEB-KU Leuven) verschenen in de krant De Tijd op 16 januari 2014.

Blog: www.joepkonings.org

Page 24: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

24

Education@FEB

PAT

RO

ON

SFE

EST

20

14

PATROONSFEEST 2014

Tijdens het voorbij patroonsfeest op 3 februariwerden 4 eredoctoraten uitgereikt, o.a. aan deIndiase ontwikkelingseconoom prof. AbhijitBanerjee. Prof. Banerjee werd gelauwerdomwille van zijn onderzoek rond armoede,vooral sinds de publicatie van zijn boek PoorEconomics geniet hij wereldfaam. Op 4 februarigaf hij een drukbezochte lezing, georganiseerddoor onze faculteit.

Page 25: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

25

WHAT DOES THIS HONORARY DOCTORATE MEAN TO YOU?Prof. Banerjee: Well, you know this is a very unique institution and being honouredby it and especially being honoured with such a distinguished group of other peopleis very special.

WHAT DO YOU CONSIDER TO BE YOUR MOST IMPORTANTCONTRIBUTION TO THE ACADEMIC RESEARCH CONCERNINGPOVERTY AND WHAT IS YOUR MAIN CONTRIBUTION TO THE FIGHT AGAINST POVERTY ITSELF?Prof. Banerjee: I think in terms of academic research it’s very hard to say: “This ismy contribution” because many other people are part of anything you do. But I thinkI tried to insist that poverty research should meet the same high standards as everyother research and should be subject to the same kind of intellectual discipline. I think that by insisting on that, I somewhat changed the field. So people are muchmore willing to bring up the patience to really think hard about the questionsconcerning poverty. In terms of the world of poverty again I tried to get peoplewho are involved in the policy to think a little harder before they act.

AFTER POOR ECONOMICS, WHAT GOALS DO YOU STILL HOPE TO ACHIEVE WITH THE POVERTY ACTION LAB. WILL THEREPERHAPS BE A NEW BOOK TO FOLLOW POOR ECONOMICS?Prof. Banerjee: I hope there’s another book coming, but I haven’t started writingit yet. It takes a long time for me to have something new to say. In terms of the povertyaction lab, 80 researchers are working on it and I think it’s evolving very fast in itsown way. Many people are doing many creative things. The research is faster everyyear and more people are doing more and more exciting things. In a sense, I’m justadmiring it without having any specific goals of my own.

ARE THERE ANY OPPORTUNITIES FOR OUR OWN FACULTY OFECONOMICS AND BUSINESS HERE IN LEUVEN?Prof. Banerjee: Yes, keeping the interest in research on poverty ongoing. ProfessorSwinnen told me there’s an interest in building a bigger development economicsgroup here, which is great. That seems to be a very good reason to push along.

ARE YOU OPTIMISTIC THAT YOUR NEWBORN BABY WILL GROW UP IN A WORLD WHERE STRUCTURAL AND EXTREMEPOVERTY WILL BE ALMOST EXTINCT?Prof. Banerjee: I think that extreme poverty will be not extinct, but rather a lotlower than it has historically ever been. I’m optimistic.

Michael Boelaert

Page 26: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

JASPER, HOE IS HET IDEE ACHTER NOTEBLEONTSTAAN? Het is eigenlijk allemaal begonnen met het programma JongeBazen. Bart (masterstudent informatiemanagement, nvdr), eenstudie genoot, had zich hiervoor ingeschreven en wist dat ik ookeen passie had voor ondernemen. Ik vermoedde op mijn beurtdat Dominiek (masterstudent TEW, nvdr), met wie ik eerder deLeuvense tak van het Erasmusstudentennetwerk (ESN) hadopgericht, eveneens hierin geïnteresseerd zou zijn en zo hebbenwe elkaar gevonden. Als driekoppig team hebben we ons voorde wedstrijd ingeschreven, eigenlijk zonder concreet idee. We zijndan elk met een concept naar voor gekomen, en daarvan leekNotestore, nu Noteble, ons het beste. Dat hebben we verderuitgedacht, en de rest is geschiedenis.

KAN JE MEER UITLEG GEVEN OVER HET CONCEPTNOTEBLE, WAT HOUDT HET JUIST IN?Noteble is uit een simpel idee ontstaan. We wilden een onlineplatform aanbieden waarop studenten hun samenvattingenkonden publiceren en doorverkopen aan medestudenten. Maar alsnel merkten we dat studenten niet happig zijn om samen -vattingen ‘aan te kopen’. En bij nader inzien waren we ook welvan mening dat kennis niet betalend zou mogen zijn voorstudenten.

Naarmate Jonge Bazen vorderde, zijn we overgestapt op eenconcept waarbij we inkomsten genereerden door bedrijvenadvertenties te laten plaatsen in de samenvattingen zelf. Bedrijvendie op zoek zijn naar laatstejaars TEW met een interesse inentrepreneurship, bijvoorbeeld, kunnen op deze manier zeergericht een vacature, of reclameboodschap verspreiden.

Als incentive voor de studenten om samenvattingen te uploaden,zullen we een systeem van virtual rewarding voorzien, waarbij destudenten punten kunnen sparen, om later in te ruilen tegenleuke prijzen, zoals een abonnement op De Standaard. Vooral dataspect onderscheidt ons van de concurrentie op de markt.

IS ER VANUIT DE STUDENTENGEMEENSCHAPVRAAG NAAR EEN DERGELIJK PLATFORM?BESTAAN ER NIET AL ANDERE KANALEN HIERVOOR:STUDENTENFORA, FACEBOOK, WEBSITES, …?Inderdaad, maar net daardoor is er een wildgroei aan informatieontstaan. We hoorden medestudenten vaak klagen dat er geenoverzicht meer was. Neem nu bijvoorbeeld de Facebookgroepen.Sommige studenten vinden hun weg daarnaartoe, sommigen niet.Facebook is trouwens geen geschikt medium voor lange conver -saties, informatie verdwijnt snel uit het zicht naar beneden. Dan bestaan er ook nog groepen op Dropbox (clouddienst voorhet opslaan van bestanden, nvdr). Maar die zijn niet openbaar en

26

Jonge bazenStudent-ondernemer lanceertplatform voor lessamenvattingen

Dat de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen

een vruchtbare bodem vormt voor ondernemende

studenten, is geen groot geheim. Zo namen FEB-

studenten Jasper, Dominiek en Bart vorig jaar deel

aan Jonge Bazen, een televisiewedstrijd van Kanaal Z

voor jonge ondernemers. Hun concept Notestore,

een platform voor lessamenvattingen, viel bij de jury

in zeer goede aarde en kaapte de hoofdprijs weg.

Een jaar later is Notestore omgedoopt tot Noteble,

en spreken we niet meer van een concept maar van

een heuse beginnende onderneming. ECONnect had

een gesprek met ‘jonge baas’ en tevens masterstudent

Information Management, Jasper Goyvaerts.

Education@FEB

Page 27: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

worden vaak vergrendeld met een paswoord. Hierdoor gebeurthet dat bepaalde studenten op examens beter geïnformeerd zijndan anderen. Bovendien wordt de info op dergelijke media nietaltijd overgedragen en gaat er veel verloren. De toegevoegdewaarde van Noteble zit in het feit dat we alle info opentrekken vooriedereen, het overzicht verbeteren en archiveren. Met anderewoorden, alle info bevindt zich op een centrale plaats en is inhanden van alle studenten. Ons einddoel is ‘open education foreveryone given by anyone’.

GAAT ZO’N OPEN-ACCESS PLATFORM ER NIETVOOR ZORGEN DAT STUDENTEN MINDER NAAR DE LESSEN GAAN?Dat is in ieder geval zeker niet de boodschap die we willenuitsturen aan de studenten. Ik denk dat degene die dat zoudendoen, van zichzelf al weinig intentie hadden om de lessen niette volgen. We willen vooral per domein of vak meerdere samen -vattingen en meer informatie openstellen voor studenten, zodatiedereen niet enkel over dezelfde info beschikt, maar ookverschillende perspectieven krijgt op de materie.

HOE BEWAKEN JULLIE DE KWALITEIT VAN DE AANGEBODEN INFORMATIE? We willen de studenten graag hoogwaardige samenvattingenaanbieden, maar het gaat inderdaad niet makkelijk zijn om dekwaliteit te garanderen. Dat zal vooral gebeuren via ratings encomments van de eindgebruikers. Interactie is een van de keypoints van het platform. Studenten moeten direct kunnen zienof samenvattingen goed of slecht zijn, welke vragen er wordengesteld, … zonder de volledige tekst eerst te moeten doorlopen.Later zullen we ook gebruik maken van een systeem waarbijstudenten, en eventueel alumni, de artikels en documentenreviewen. Afhankelijk van de interesse van de studenten,zouden we ook per vakgebied een moderator of administratorkunnen benoemen die de kwaliteit van de geüploade informatienagaat: ‘klopt alles wel?’, ‘is het relevant met het onderwerp?’, …

WAT HEBBEN JULLIE MEEGENOMEN UIT JULLIE DEELNAME AAN JONGE BAZEN?Het zijn vooral de momenten na Jonge Bazen die heelinteressant bleken: de bonnen die we hebben gewonnen en decontacten die we gelegd hebben. Zo vinden er binnenkortgesprekken plaats met KBC en Ernst & Young over mogelijkesamenwerking. Aan de feedback tijdens het programma hebbenwe niet zoveel gehad. Die was zeer mild. We hadden liever datde jury ons eens volledig had afgebroken, maar dat is nooitgebeurd.

HOE HEEFT JULLIE OPLEIDING AAN DE FEB JULLIEBIJ DE WEDSTRIJD GEHOLPEN? De voorkennis die we hadden van economie en entre -preneurship heeft zeker meegespeeld in onze overwinning. We hadden ook alle drie ervaring met ondernemen dankzij de studentenvereniging AFC (Academics for Companies, nvdr),de top van Leuven als het op ondernemerschap aankomt. Voor mezelf bleek vooral de combinatie van de technischebagage - uit een bachelor toegepaste informatica - met deeconomische kennis, die ik heb verworven in de Master ofInformation Management, een groot pluspunt. Die laat me namelijktoe om zowel technisch te denken en met de programmeur te

praten als met bedrijfsleiders om te gaan. Aan de FEB heb ikook geleerd om een business model op te stellen en na te gaanwat mogelijk rendabel is voor een onderneming.

HOE ZIET DE TOEKOMST ERUIT VOOR NOTEBLE? Zeer rooskleurig. Na Jonge Bazen zijn Bart en Dominiek uit deonderneming gestapt. Ik vorm nu een team met CTO Joost,bachelorstudent TEW, en de Griekse Zoë, een freelance designer.We hebben de toekomstplannen voor Noteble voor de komendedrie à vijf jaar helemaal uitgeschreven. Het eerste half jaar gaan wevooral proberen om een grote basis van studenten naar onsplatform te trekken. In die periode zullen we, normaal gezien, nog geen winst maken. We hadden eigenlijk voorzien om heteerste half jaar ook zonder bedrijven te werken, zodat we hendaarna met een concreter inkomstenmodel konden benaderen.Maar dankzij Jonge Bazen deden zich kansen met KBC en Ernst& Young voor, en daar zeggen we natuurlijk geen ‘nee’ tegen.

Als we mogen afgaan op de reacties van studenten, de studenten - vereniging en bedrijven, vermoeden we dat we onze toekomst -plannen grotendeels gaan kunnen volgen. Het project zou,normaal gezien – en dat zeg ik met de grootste voorzichtigheid– binnen het jaar ook in het buitenland moeten zitten. Daaromzijn we overgestapt op de naam Noteble. Het webadreswww.notestore.com was namelijk niet meer beschikbaar.

HEB JE NOG TIPS VOOR BEGINNENDEONDERNEMERS?Er kruipt enorm veel tijd in ondernemen, onderschat dat zekerniet. Investeer enkel tijd in je idee als je er ook echt in gelooft.Daarnaast heb je als student-ondernemer het voordeel dat jefinancieel niet afhankelijk bent van je onderneming en dat jemeer risico’s kan nemen. Studenten geraken ook makkelijkerbinnen in bedrijven, en leggen sneller contacten. Ten slotte: hebvooral veel plezier in het ondernemen. Het is niet erg als je faalt,want je leert er zoveel uit. Bedrijven zien studenten met onder -nemingservaring trouwens graag afkomen. Dus, ga ervoor enals je geluk hebt, wordt je bedrijf echt succesvol en anders ishet zeker een mooie cv-vuller.

Katrien Vanwetswinkel

27

© E

mili

e B

osse

ns

V.l.n.r.: Jasper, Joost en Zoë.

Page 28: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

HET POSTGRADUAAT IN DE BEDRIJFSKUNDE:

Master Class Fundamentals in Management biedt een grondigekennis aan in de verschillende domeinen van bedrijfskunde enmanagement. De opleiding besteedt zowel aandacht aan theoretischefundering als aan gevalsstudies, problemen en oefeningen die onmiddellijkop de managementpraktijk van elke dag aansluiten.

De opleiding richt zich tot iedereen die zich vanuit zijn/haarpersoonlijke of professionele situatie wil bijscholen in bedrijfskunde enmanagement. De structuur van het programma, met lessen enlezingen op vrijdagavond en zaterdagvoormiddag, is bijzondergeschikt voor diegenen die de opleiding willen combineren met een voltijdse functie in het bedrijfsleven, een open bare instelling ofandere organisatie.

De heterogeniteit van de vertegenwoordigde basis diploma's en sectoren betekent een sterk pluspunt voor het curriculum.

Het programma loopt over één academiejaar en omvat drie blokken van elk elf weken. Alle opleidingsonderdelen zijn verplicht.Daarnaast worden zes lezingen gegeven door de Fellows van het Hogenheuvelcollege, een selecte groep van kaderleden enbedrijfsleiders die hun uitmuntendheid bewezen door het toepassen van principes van weten schappelijke bedrijfsvoering.

Meer info over het programma vindt u op: www.econ.kuleuven.be/ond/postgraduaten/postgraduaatbedrijfskundeEmail: [email protected]

Education@FEB

SID’ins

28

Elk jaar organiseren de centra voor leerlingen -begeleiding en het Agentschap voor Onder -wijscommunicatie in de vijf Vlaamse provinciesstudie-informatie dagen (SID-in). Laatstejaarssecundair onderwijs maken er kennis met de brede waaier aan studie- en beroeps -mogelijkheden na het secundair onderwijs.

De Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen kan op dezeSID-in beurzen natuurlijk niet ontbreken, en ook dit jaar wasonze stek op de KU Leuven stand een succes. Laatstejaarssecundair konden er kennis maken met FEB’s bachelor -opleidingen en konden uitgebreid info vragen.

Page 29: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

29

Research@FEB

MIEKE DEFRAEYE

Mieke Defraeye is a researcher at the Research Center for Operations

Management. She recently completed her PhD dissertation under the

supervision of Prof. Dr. Inneke Van Nieuwenhuyse. This article highlights

the importance and contribution of personnel capacity planning in

service organizations that are confronted with daily fluctuations in

the customer arrivals.

The importance of personnelplanning in services with time-dependent demand

In many service systems, the number ofarriving customers fluctuates with a daily,weekly or monthly recurring pattern. A typical example can be found inemergency departments (EDs): Figures1 and 2 show the expected number ofarrivals to EDs in New York (US, Greenet al., 2007) and a regional hospital inBelgium. The similarities are apparent:EDs are clearly confronted with peakdemand in the morning hours and earlyafternoon; demand then stays relativelyhigh until 8PM, after which it declinesrather steeply during the evening hoursand stays low during the night. Thisillustrates that the variability in demandoften is predictable to a certain degree.

The variations in the arrival rate, however,may increase customer waiting timessubstantially. This issue is especiallyrelevant in healthcare settings such asthe emergency department, where waitingtimes are particularly undesirable:excessive waiting may severely worsena patient’s condition or cause the patientto leave without receiving treatment.Moreover, adequate personnel capacityplanning is crucial to keep waiting timesunder control in the ED, because waitinglists or appointment systems to mitigatefluctuations in the customer arrival rate arenot an option in such systems. Even thoughthe exact arrival time of individualcustomers is not known in advance, the predictability in the daily arrival pattern

can be used to improve the personnelplanning such that the available personnelis more aligned with the demand for service.

TIME-DEPENDENT CUSTOMERARRIVAL RATES AREOMNIPRESENT

These predictable, daily recurring customerarrival rates are prevalent in emergencydepartments and other emergencyservices (such as ambulance planningand scheduling of police patrol cars).Another popular setting in the literature,that displays highly similar arrival patterns,are call centres (see Figure 3).

Figure 1 Arrival rate at a regional emergency

department in New York (source: Green et al., 2007)

Figure 2 Arrival rate at a regional emergency

department in Belgium

Figure 3 Arrival rate at a call centre (source: Green

et al., 2007)

Page 30: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Long waiting times have a clear impacton the call centre’s profitability, as theyresult in lost profits. Time-dependentcustomer arrival rates are omnipresentalso in other service organizations:banks, retail stores, airport check-inqueues, and fast food restaurants are allconfronted with similar challenges.Capacity planning is particularly challengingin such service organizations, because(1) services are direct (they cannot bestocked), (2) they require interactionbetween the provider and the consumer,and (3) the variability in the demand forservice often is high (i.e., arrival ratesfluctuate significantly over time).

Balancing capacity and quality of serviceis an important challenge in the servicesector and the peaks in demand makethis trade-off even more challenging.However, despite the practical relevance,fluctuations in the arrival rate – and inparticular their impact on customerwaiting times – often do not receivesufficient attention in real-life personnelcapacity plans. Decision makerscontinue struggling to adjust capacityplanning to account for the fluctuationsin customer demand and the impact oncustomer waits is often disregarded (oris at least not quantified explicitly). As such, operational models that providea systematic approach to capacity planningare of great value.

LEVEL-CAPACITY AND CHASE-DEMAND: IMPACT ONCUSTOMER WAITING TIME

Two well-known, basic service mana -gement strategies were put forward inthe ’70s (Sasser, 1976). The level-capacitystrategy keeps capacity at a constantlevel, regardless of the demand forservices. It is intuitive that this approachmay cause long customer waiting timesif the demand fluctuates over time(especially during busy periods). Therefore,such a strategy is only advisable inservice systems where it is acceptableto let customers wait and/or whencustomer waiting has little impact on theorganization’s profitability. Call centres,for instance, typically are confrontedwith customers that are not willing toendure long waiting times – instead,they may abort their call before receivingservice, which may imply lost salesand/or lost customers. In EDs, in contrast,ethical arguments come into play:patients should be treated in a timelymanner, whether or not they arrive whenthe ED is crowded.

The chase-demand strategy, on the otherhand, attempts to match capacity withthe time-varying demand for service.

With regard to personnel capacity, achase-demand strategy can only bepursued if there is some flexibility in thepersonnel planning (which is notpossible if the shift start and end timesare fixed, e.g., by government regulations).That said, a modest amount of flexibilitygoes a long way: allowing the personnelshifts to start 30 minutes earlier or later,compared to the standard schedule,may already be sufficient to align thecapacity with the demand for service toa large extent. It is within this strategythat our research at the ResearchCenter for Operations Management canbe positioned. With service systemssuch as EDs and call centres in mind,we explore how personnel plans shouldbe constructed such that the rightamount of personnel is available at the right time.

30

Research@FEB

“The customer arrivalrate fluctuates over theday, but is nevertheless

predictable.”

“We explore howpersonnel plans should

be constructed suchthat the right amount

of personnel is available at the

right time.”

Page 31: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

31

RESEARCH RESULTS

Our research focuses on service systems(i.e., both the provider and receiver ofthe service are human) with time-varyingstochastic customer arrivals, where con -trolling customer waiting times is importantand personnel capacity is the main toolto do so. In a recent article, we developa method that illustrates how personnelscheduling can be used to meet a targeton the customer waiting times consistentlyover the day.

Our approach efficiently constructsinexpensive personnel schedules (i.e.,using few man-hours) that control theprobability that a customer experiencesan excessive waiting time. Additionally,our analysis suggests that the amountof personnel required to meet the targetwaiting time (and thus the personnelcost) depends on a number of factors,among others: the targets on thecustomer waiting time, the flexibility inscheduling, and the size of the arrivalrate fluctuations.

The target on customer waiting timedefines the managerial goal with respectto the customer waiting time: what is an“acceptable” wait? In call centres, thetarget waiting time can be in the orderof minutes; whereas in EDs, it is relatedto urgency of patients (waiting more thanan hour is often deemed acceptable non-urgent patients). This target dictates the extent to which the strategy tendsmore towards a level-capacity or achase-demand strategy. If customersshould be serviced quasi-immediately(e.g., impatient customers in a callcentre, or urgent patients in an ED), thenthere is no other option than to provideenough capacity at all times (this implies

that personnel requirements will fluctuateover the day). If, on the other hand, a certain amount of waiting is acceptable,then there is more flexibility as to whenthe customer’s service process will bestarted. Decision makers can use thisflexibility – temporary personnel shortagesthen do not pose a problem becausecustomers can wait. Note that in theextreme, this would imply a level-capacitystrategy: if mana gement is willing toaccept long customer waiting times,then there is little incentive to matchcapacity with the time-varying demandfor service.

In addition, schedule flexibility is a keydeterminant of the trade-off betweencustomer service and labour cost. If theset of shifts that decision makers canchoose from to construct the personnelschedules is diverse (in terms of startingtimes and/or shift duration), then thewaiting time targets can generally bemet using less man-hours. In practice,this flexibility can be achieved throughthe use of part-time employees, splitshifts, or flexible workers.

Finally, the degree of variability in thearrival rate provides insight into howcostly it will be to provide consistentcustomer service. The more prominentthe fluctuations in demand are, the moredifficult it becomes to construct apersonnel schedule that meets thisheavily fluctuating demand for service.

In conclusion, daily recurring (stochastic)customer arrival patterns are omnipresentin many service systems, and they mayseverely affect the waiting timeexperienced by customers arriving atdifferent times of the day. Carefulpersonnel planning then is crucial toprovide a consistent level of customerservice: only personnel schedules thatare well-adjusted to the fluctuations inthe demand for service, can ensure ahigh quality of service.

Mieke Defraeye, Research Center forOperations Management

REFERENCES

For further reading, we refer to:

• Green, L.V., P.J. Kolesar, W.Whitt. 2007. Coping withtime-varying demand whensetting staffing requirementsfor a service system.Production and OperationsManagement 16(1) 13-39.

• Sasser, W.E. 1976. Matchsupply and demand inservice industries. HarvardBusiness Review 54 (6) 133-140.

• Defraeye, M., I. VanNieuwenhuyse. 2013. Abranch-and-bound algorithmfor shift scheduling withnonstationary demand. FEBResearch Report KBI_1322,28 pp., Faculty of Economicsand Business, KU Leuven,Belgium.

• Defraeye, M., I. VanNieuwenhuyse (sup.). 2014.Personnel planning in servicesystems with nonstationarydemand. PhD Dissertation,Faculty of Economics andBusiness, KU Leuven,Belgium.

“Personnel capacityplanning can be used

to avoid fluctuations inthe customer waitingtimes over the day.”

“Starting personnelshifts 30 minutes

earlier or later mayalready be sufficient to

improve customerwaiting time.”

Page 32: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Research@FEB

What’s in a name:

‘Employability’During the last decades, lifetime employment within the same organization came

under pressure. Because of this evolution towards less job security, ‘lifetime

employability’ instead of ‘lifetime employment’ is put forward as the new protection

in the labour market. Individuals need to be employable in order to cope with

unpredictable, unstable and more flexible employment relations. Although employability

became todays’ buzzword among employees, organizations and policy makers,

there is no clear view on what exactly contributes to a person’s employability

or who is responsible for investing in employability.

32

Page 33: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

33

Employability refers to the individual’s likelihood of obtainingand retaining a job in the internal and/or external labour

market. The concept dates back to the 1950s (Feintuch, 1955).At that time, employability was primarily linked to the economicpurpose of achieving full employment. Accordingly, scholarsexamining the concept mainly focused on vulnerable groups likestudents, the unemployed, or the disabled who experienceddifficulties in finding employment. In the 1980s, attention shiftedto the company level. Employing an employable workforce wasseen as a way for organizations to cope with the constantchanges with which they were confronted. Since the 1990s,attention has shifted back to employability as a labour marketinstrument. However, the focus of attention has altered sinceemployability is now no longer considered important only forthose entering the labour market (e.g. students, unemployed,inactive), but also more and more for employees. Careers arebecoming increasingly fragmented and employer-independent(Arthur & Rousseau, 1996; Hall, 2002) and consequently, individualsare increasingly confronted with job-to-job transitions, both self-initiated or initiated by the organization (De Cuyper, Bernhard-Oettel,Berntson, De Witte, & Alarco, 2008; Van der Heijde & Van derHeijden, 2006). Being employable at all times has therefore becomeincreasingly important to develop a career and guarantee anincome in today’s turbulent labour market.

What, then, affects whether a person is employable or not?Different authors attach importance to different aspects. A firstgroup of authors focuses on the role of personality traits. Since personality traits are believed to be relatively stable, theseauthors implicitly assume that some individuals are simplymore employable than others. A second group of authorspoints to the role of knowledge, skills and attitudes, or, moregeneral, competences. Examples include occupationalexpertise and labour market knowledge. Unlike personalitytraits, competences are thought to be more malleableand can thus be learned and improved through trainingand guidance. Next, a third group of authors emphasizesthe importance of the context (i.e. structural opportunitiesand constraints in the internal and external labourmarket). Someone with valuable employabilitycompetences and dispositions may still have a lowemployability due to a lack of available jobs ordiscrimination.

To capture the complexity of the employability of individuals, it is important to recognize that it is affected by individualcharacteristics as well as by contextual factors.

Just as there is no consensus about what affects a person’semployability, different authors also disagree on who is responsiblefor investing in workers’ employability, the individual or theorganization. However, as employability may have advantagefor both the individual and the organization, both parties have arole to play. On the one hand, it enables individuals to protecttheir labour market position (Forrier & Sels, 2003). On the otherhand, it is an asset to boost performance and to enhanceflexibility (Van der Heijde & Van der Heijden, 2006), which isimportant for organizations. Therefore, both the individual andthe organization share responsibility for maintaining andenhancing employability.

Jill Nelissen, Marijke Verbruggen en Anneleen Forrier

Page 34: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

34

Research@FEB

Academic Hero

Every edition of ECONnect, we place the spotlight on a different FEBprofessor and let them introduce his or her academic hero. For this 5thedition, professor Gerda Claeskens chose professor Jeffrey D. Hart as asource of inspiration.

The ‘academic hero’of Gerda Claeskens

Jeffrey D. Hart Professor of Statistics,Texas A&M University

Page 35: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

35

I have first met Jeffrey

Hart during my PhD

studies. At that time

he enjoyed a sabbatical

leave during which

he visited the university

of Hasselt. Prof. Hart

had just written his

book “Nonparametric

smoothing and lack-

of-fit tests”. While I

was there at that time

working with smoothing

methods, the lack of

fit tests as he explains

it in his book, were new

to me. By talking to him

and by reading his book

I have learned a lot.

I have also had the prive -

lege to work with him.

Prof. Hart continuously

aims for high quality

research with a variety

in relevant topics.

The clarity by which he

explains his research

are an example for

everyone.

WHAT WAS THE TOPIC OF YOUR RESEARCH WHILE YOU MET PROF. HART? At that time I was studying nonparametricestimation methods. Browsing throughProf. Hart’s book again, he opens the topic by explaining that smoothing isthe very essence of statistics by sandingaway the rough edges of the data. This is very nicely expressed whatsmoothing is all about. Also in manyeconomical applications it is needed tomake the systematic features of the setof data more clearly visible, which mighthave gotten hidden by noise.

Such nonparametric methods work withminimal, weak assumptions about thestructure of the data. The nonpara -metric, also called flexible, estimationmethods are broadly applicable andprovide the user with an idea about theunderlying structure, for example abouta relation between a response andexplanatory variables, without having tofirst impose a parametric model. This isquite handy for complicated pheno -menons such as often occur in practice.The lack of-fit-tests that he has studiedcombine nonparametric estimation withhypothesis testing, but also with modelselection. Perhaps that topic might havebeen the starting seed out of which myfurther research about model selectionhas grown.

The idea underlying what prof. Hartcoined the order selection tests is quitesimple. When testing in a nonparametricway whether a parametric model, say ina regression context, fits the data, wedon’t want to specify a specific alternative,as is done in usual hypothesis testing.For the nonparametric component ofthe test, prof. Hart constructs a non -parametric estimator in such a way thatit becomes useful and easy and that itleads to a powerful test of whichstatistical properties can be derived.

Since a nonparametric model may bemade almost arbitrarily complex, profHart uses a model selection method tolet the data determine the complexity.

Does the model selection point towardsa quite complex model? Then we don’tbelieve the parametric null model and wemay reject that null hypothesis. Whenthe nonparametric model selected bythe model selection method coincideswith the parametric model, then there isno indication of lack of fit.

Prof. Hart was the first to combine suchnonparametric estimators with modelselection ideas and work this out for thewidely applicable regression models.

HAS HE WRITTEN OTHER BOOKSON SMOOTHING?No, no books for as far as I know. He is stillworking on testing problems, but forcontemporary applications. For example,prof. Hart is working with high-dimensional

GERDACLAESKENS

• Full professor faculty of Economics andBusiness

• Research Centre for Operations Researchand Business Statistics(ORSTAT), Campus Leuven

[email protected]

Page 36: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

problems where he has a large andgrowing number of density functionsthat he wishes to test whether they areall equal, while having only a limited andfixed size of the individual samples.

IS HE SOMEONE WHO ISACCESSIBLE?Yes, absolutely. He was a member of mydoctoral committee and I rememberfrom a conversation after my defensethat he encouraged me to considerpositions abroad, leaving Belgium.Motivated by that I indeed have takenthe right decision to work abroad forseveral years, including three years as ajunior professor in the department ofStatistics at Texas A&M University, wherehe is working. During those years we didnot collaborate on research projects. As such this is not unexpected since itis probably characterizing him: he ismotivating people, stimulating, thoughwithout pushing. I received from him andother people there all encouragement tofind my own way. He expresses ahealthy interest without necessarilysteering ideas into his own direction.

I have also had the pleasure to meet hisfamily. Jeff has found a healthy balancebetween work and family, which is forresearchers in the U.S. not alwaysevident. Now that I have a family myself,I realize how important it is to find andmaintain such balance.

DO YOU STILL HAVE CONTACTWITH HIM?Yes, from time to time. This summer weboth will be participating at a conferenceon nonparametric statistics in Spain. I already am looking forward to it!

Michael Boelaert

36

WHO IS JEFFREY D. HART

• Texas A&M University• Professor of Statistics

• EDUCATION- 1981 Ph.D., Statistics, Southern Methodist University,

Dallas, Texas.Dissertation Title: “On ARMA Density Estimation and Complex Valued S-Arrays”Advisor: Henry L. Gray

- 1979 M.S., Statistics, Southern Methodist University, Dallas, Texas- 1977 B.S., Mathematics, Southern Methodist University, Dallas,

Texas (Summa Cum Laude)- 1975 A.S., Mathematics, Paris Junior College, Paris, Texas

• HONORS AND AWARDS- Fellow of the Institute of Mathematical Statistics, 1994- College of Science Distinguished Achievement Award in Teaching

(awarded by Texas A&M University Association of Former Students), 1995

- Fellow of the American Statistical Association, 2001- Winner of Don Owen Award, 2007

• ACADEMIC APPOINTMENTS (NON-VISITING)- 1994- Professor, Department of Statistics, Texas A&M University,

College Station, Texas- 1988-94 Associate Professor, Department of Statistics,

Texas A&M University, College Station, Texas- 1982-88 Assistant Professor, Department of Statistics,

Texas A&M University, College Station, Texas- 1981-82 Assistant Professor, Department of Mathematics,

University of Arkansas, Fayetteville, Arkansas- 1977-81 Teaching and Research Assistant, Department of

Statistics, Southern Methodist University, Dallas, Texas

• ACADEMIC APPOINTMENTS (VISITING)

- 1997-98 Visiting Professor, Department of Statistics, LimburgsUniversitair Centrum, Diepenbeek, Belgium.

- 1989 Research Fellow, Statistics Research Section, School ofMathematical Sciences, Australian National University, Canberra,Australia

- 1989 Visiting Adjunct Associate Professor, Department of Statistics,North Carolina State University, Raleigh, North Carolina

- 1988 Visiting Associate Professor, Institut für Wirtschaftstheorie II,Universität Bonn, Bonn, Germany

Research@FEB

Page 37: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

VERENIGING VOOR ECONOMIE

‘Dag van EconomischOnderzoek’ aan UHasselt:KU Leuven in de prijzen

De VvE is de koepelvereniging van alumni -kringen van de faculteiten/ depar tementeneconomie van de Vlaamse universiteitenen hogescholen (waaronder Continéo,voorheen Liekos, van de faculteit BEWvan de UHasselt, maar ook EkonomikaAlumni van de FEB van KU Leuven). Meerdan 50 geselecteerde doctoraats -studenten (toegepaste) economie uit heelVlaanderen namen op campus Hasseltdeel aan één van de vijf parallelle,intensieve werkzittingen rond logistiek,loopbanen, marketing en strategie,milieueconomie en ondernemerschap.

De ‘doctoral colloquia’ werden opgezetdoor een team van twee Vlaamseprofessoren en een buitenlandse expert.In totaal zetten 22 professoren hunschouders onder de onderzoeksdag,die dit jaar in een nieuw jasje werdgegoten. “Met dit nieuwe opzet zijn weerin geslaagd om een zeer heterogeenthematisch landschap toch te kanaliserenin homogene werkgroepen. Een garantie,zo blijkt nu, voor intensieve samen -werking. Ik ben bovendien verheugd datalle Vlaamse universiteiten actief hebbenbijgedragen”, zegt prof. dr. Piet Pauwels,decaan BEW en voorzitter van de VvE-Dag 2013.

VVE-PRIJS

De dag werd afgeslotenmet de uitreiking van deVvE-prijs (2.500 euro). De award bekroont jongeonderzoekers (of eenteam jonge onderzoekers)voor hun wetenschap -

pelijke bijdrage in het domein van deeconomie en bedrijfsbeheer. Na acade -mische jurering en selectie reikten prof.Pauwels en Liesbeth Enkels (voorzittervan Continéo) de VvE-prijs uit aan VivienLewis (KU Leuven) en Arnoud Stevens(Nationale Bank van België) voor hunpaper ‘Entry and Mark-up Dynamics inan Estimated Business Cycle Model’.“De paper leunt inhoudelijk aan bij heeltoepasbare en recente vraagstukken inde algemene economie. Aan de handvan heel degelijke analyses wordt erongetwijfeld een bijdrage geleverd aan totnu toe onbeantwoorde vraag stukken”,aldus het juryrapport.

Laureaat Arnoud Stevens toonde zichaangenaam verrast. “Momenteel overstijgtde verwondering mijn blijdschap. Ik dachtdat we, door onze technische en model -matige insteek en focus, weinig kanszouden maken.

Ik beschouw dit oordeel van de jury danook als een waardering én aanmoedigingvoor een aanpak waarbij de economischerealiteit wordt gegoten in structurelemodellen, om zo die realiteit beter tekunnen begrijpen en analyseren.”

www.vve.be

Op vrijdag 13 december vond op campus Hasselt de tweejaarlijkse ‘VvE-Dag van

het Economisch Onderzoek’ plaats. Vijftig (geselecteerde) doctoraatsstudenten

EW en TEW uit heel Vlaanderen schoven aan voor een reeks intensieve ‘doctoral

colloquia’. De dag werd afgesloten met de uitreiking van de VvE-prijs voor jonge

onderzoekers. Die ging naar Vivien Lewis (KU Leuven) en Arnoud Stevens

(Nationale Bank van België). De VvE-Dag is een initiatief van de Vlaamse Vereniging

voor Economie (VvE), die het event dit jaar organiseerde in samenwerking met

alumnivereniging Continéo van de faculteit BEW van de UHasselt.

Vivien Lewis

Other Awards and appointments

Kris Coolen has won the

“Honorable Mention Award” at

the IEEE International Conference

on Industrial Engineering and

Engineering Management (IEEM)

Ann Gaeremynck has been

appointed as Associate Editor

at Accounting in Europe (AinE)

Frank Smets werd op

1 december de nieuwe

economische adviseur van

de voorzitter van de Europese

Centrale Bank ((ECB) Mario Draghi. Hij volgt

de Duitser Christian Thiman op.

Laurens Cherchye has

obtained a ERC Consolidator

Grant for his project “Structural

household analysis using

revealed preferences”

37

Page 38: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

38

Alumni@FEB

Het bezoek aan het Brussels Parlement van

Alumni Lovanienses Brussel op 17 januari

2014 werd mee mogelijk gemaakt door

Brussels parlementslid Bianca Debaets

(CD&V). Deze gedreven jonge dame is

tevens gemeenteraadslid in Brussel,

en kent onze hoofdstad door en door.

Zij schreef er recentelijk een fraai boek

over: De 10 geboden voor Brussel.

Naar een wereldstad met wereldklasse

(Lannoo). Ze werd ervoor door rector Rik

Torfs figuurlijk in de bloemetjes gezet.

Bianca Debaets ziet de vele uitdagingen waarmee de grootstadBrussel geconfronteerd wordt niet als problemen, maar vooralals kansen, al is ze niet blind voor de soms moeilijke situatie.Telkens reikt ze oplossingen aan die goed doordacht zijn. Zij isimmers vaak gaan kijken bij andere grootsteden hoe die deproblemen hebben aangepakt. Wat werkt en wat niet. Bij delectuur viel ook op hoe divers en talrijk de uitdagingen zijn:op vlak van huisvesting en stadsplanning, scholing, werkloos -heid, integratie van allochtonen, leefmilieu, om nog maar tezwijgen van het politieke kluwen. Ze doet je echt nadenkenover oplossingen. En ze komt vaak verrassend en creatief uitde hoek Bijvoorbeeld haar verwijzingen naar de slow-citybeweging. ‘Het gaat niet per definitie om ‘langzaam’, maar hetbetekent dat je zorg draagt voor de huidige én de toekomstigegeneraties. Duurzaamheid staat hoog in het vaandel. En het isook een levenswijze waarbij je je verzet tegen vervlakking en deratrace, maar streeft naar de hoogst mogelijke levens kwaliteit’.Vandaar ook haar pleidooi bijvoorbeeld voor een echt CentralPark, zoals in New York: een centrale, rustige plek midden inde stad waar mensen kunnen onthaasten en ontspannen.

Maar ook in de hardere sociaal-economische materies bewijst Bianca Debaets in haar boek dat ze de situatiegrondig heeft bestudeerd.

Samen met Dirk Van Gerven stelt zij de overdreven subsidiëringvan gesco’s (gesubsidieerde contractuelen) in vraag, en iservan overtuigd dat de gewestmiddelen beter kunnen wordeningezet. En vooral dat de privésector de belangrijkste werk -verschaffer moet zijn. Een betere scholing (liefst twee derdevan de Brusselse werklozen heeft geen diploma secundaironderwijs!), een betere taalkennis (90% van de Brusselsewerkzoekenden is ééntalig Frans!), een betere mobiliteit (onderandere naar de Vlaamse Rand waar méér jobs zijn voorBrusselse werkzoekenden bijvoorbeeld in en om de lucht havenvan Zaventem…) zijn grote werkpunten. “En extra opleidings -trajecten kunnen laaggeschoolden naar de vijf belangrijksteBrusselse sectoren leiden, namelijk het toerisme, de handel ende horeca, de openbare dienstverlening, en de duurzame bouwen innovatiesectoren zoals informatica. Daarin kan de Brusselsearbeidsbemiddelingsdienst Actiris een cruciale rol spelen”.

Het laatste van de 10 geboden luidt: ‘Gij zult uw stad goedbesturen’… liefhebbers van Kafka zullen van dit hoofdstuk smullen.Al volstaat hier politieke wil om dit veel beter en efficiënter teorganiseren. Maar laat dit nu net het knelpunt zijn.

In elk geval is ‘De 10 geboden voor Brussel' een zeer aan te bevelenboek voor iedereen die Brussel een warm hart toedraagt.

Fa Quix

BRUSSEL

‘10 geboden voor Brussel’Bianca Debaets

Bianca Debaets overhandigt haar boek aan Wouter Beke.

Page 39: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

39

BRUSSEL

Rector Rik Torfs: KU Leuvenheeft grote ambities in Brussel“Vele Vlamingen houden niet van Brussel. Ik vermoedvooral omdat ze Brussel niet zo goed kennen. Zelfspendelaars die al decennialang in Brussel komenwerken kennen Brussel vaak niet. Heel jammereigenlijk. Want Brussel is de enige echte metropoolvan ons land, een heel boeiende stad met velesubculturen. En als KU Leuven zijn wij via deAssociatie nu stevig in Brussel verankerd, via de HUB:de Hogeschool en Universiteit Brussel. Daardoor zijnwij ook een Brusselse universiteit geworden. Ik zouzelfs meer zeggen, door onze centrale ligging in de Stormstraat,zijn we als KU Leuven de meest Brusselse universiteit geworden,méér nog dan de VUB”, zo stak rector Rik Torfs van wal tijdenszijn nieuwjaarsspeech voor de Alumni Lovanienses Brussel in de prachtige spiegelzaal van het Brussels Parlement aan de Lombardstraat op 17 januari 2014.

Die grote ambities in en met Brussel wil rector Torfs onder meerrealiseren op cultureel gebied, bv. in samenwerking met deBozar, met Europese stichtingen, en zeker door het benuttenvan de Europese rol van Brussel. “Dat zal wel niet simpel zijn,want door de Franstalige meerderheid in de stad worden weniet altijd even welgezind ontvangen. Maar voor wie er mochtaan twijfelen, met die andere universiteit in Brussel, de VUB,werken we in elk geval goed samen. Als we willen slagen inBrussel, dan zal dat in de eerste plaats niet zijn door destructuren van de Associatie, maar wel door de bezieling viatalrijke projecten op academisch en op cultureel vlak.”

KU LEUVEN EN HAAR TOEKOMST

Torfs legt de lat voor de KU Leuven bijzonder hoog, zoals hij zelfzegt. “En ik zie onze ambities op vier vlakken: de internationaledimensie, het maatschappelijk debat, het onderwijs, en het levens - beschouwelijke. Op internationaal vlak moet de KU Leuven eentoonaangevende onderzoeksuniversiteit zijn. Dat kunnen wealleen maar worden als we ook internationaal toptalent aan -trekken. Nu al zijn 45% van de nieuwe proffen buitenlanders. Op het vlak van de kwaliteit van het onderzoek mag en zal deKU Leuven geen concessies doen. Alleen als je tegen de stroomin roeit kom je tot de zuivere bron, maar als je met de stroommeevaart kom je in het zout van het zeewater terecht.”

Gelet op zijn recente verleden van politicus zal het niemandverbazen dat rector Rik Torfs veel belang hecht aan hetmaatschappelijk debat en de bijdrage die de KU Leuvendaarin moet leveren. “Wij moeten een kapitale stem in hetmaatschappelijk debat hebben. En wij moeten daarin een licht -punt zijn, een voorbeeld van duurzaam denken, dat betekent ookdat wij minder populaire dingen moeten durven zeggen,tegengestelde visies moeten durven uitspreken en aanvaarden.

Vrijheid van denken én van spreken is daarbijfundamenteel. Onze recente genderpolitiek pastdaarin: 50% van de openkomende academischevacatures zouden wij door vrouwen ingevuld willenzien. Dat gaan we niet blindelings doen, we hebbendaartoe een slim, ambitieus én tegelijk realistisch planopgemaakt. Centraal daarin staan gunstige rand -voorwaarden waardoor wij het kader scheppenwaardoor geschikte vrouwen zich voor die vacatureseffectief ook kandidaat willen stellen. Het hoort bij de

goede corporate governance van onze universiteit. Ik interpreteerdat goede bestuur als een evenwicht van de machten aan onzeAlma Mater.”

Derde grote ambitie van rector Torfs is het onderwijs: Ooit dreigden we af te glijden tot de situatie dat onderwijs nogslechts een bijproduct was, in de schaduw van het veelbelangrijker geachte onderzoek; onderwijs als uitloopbaan voorwat oudere professoren. Maar vandaag is dat lang niet meerhet geval. Integendeel, onderwijs aan de universiteit is een factorvan formaat geworden in de concurrentiestrijd tussenuniversiteiten. Vroeger had onderwijs ook een veeleer beslotenkarakter, het was haast een privé-aangelegenheid tussen deprofessor en zijn/haar studenten. Vandaag is onderwijs zeerpubliek geworden, met de digitale media, en fenomenen zoalsdistance learning. Externen krijgen nu inzage in uw onderwijs.Inhoudelijk moeten we ons in het onderwijs op twee zakenblijven concentreren: er is een deel ‘beroepsbekwaamheid’,zoals voor artsen, ingenieurs, advocaten, … maar er is ook eendeel gericht op kritisch en universeel nadenken. Wij moetenjonge mensen niet alleen opleiden om succes te hebben, maarwe moeten ze ook sterk maken voor het geval ze geen succeshebben, professioneel of privé. Een mens moet ook succesvolniet-succesvol kunnen zijn.”

Tot slot had Rik Torfs het op het einde nog ietwat verrassendover het levensbeschouwelijke. “Wij mogen geen complexenhebben over onze oorsprong. Wij zijn een katholieke universiteit,en we mogen dat luidop zeggen. Maar dat is helemaal ietsanders dan een kerkelijke universiteit, wat we niet zijn. De kerkbepaalt het beleid van de KU Leuven niet! ‘Katholiek’ zie ikeerder als ‘allesomvattend’, vanuit de christelijke traditie.Betekent dat dat we alleen openstaan voor mensen met eenchristelijke levensbeschouwing? Helemaal niet, wij staan openvoor alle levensbeschouwingen. Wij rekenen wel op het‘gevormd geweten’ aan onze universiteit. Wie in zijn latereberoepsuitoefening ethische knopen moet doorhakken moetzijn gevormd geweten gebruiken. Neen, complexen over onzeoorsprong hebben we niet meer, die tijd is al lang voorbij.”

Fa Quix

Page 40: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Zo’n kleine 40% van de inkomsten komen van de toegangs -tickets. “Soms zijn onze concerten op 10 minuten vollediguitverkocht via onze online ticketverkoop. Daarom dat wijpopulaire concerten ook gaan streamen zodat de fans diegeen ticket konden bemachtigen toch het concert kondenvolgen. Dat kost ons wel wat geld maar het is een serviceen tevens goede promotie voor de AB. We hebben ook eendeal met YouTube om hoogtepunten van optredens viraalte verspreiden, omdat we kwaliteits filmpjes willen, en niet depovere amateur opnames van optredens. We hebben ookeen AB App, maar die zal verdwijnen”, zo verraste De Breuck“omdat we werken aan een veel betere en sterkere websitedie de App overbodig zal maken.”

“Naast subsidies en de ticketinkomsten zijn er ook nogandere bronnen van inkomsten: 9% door verhuur van zaalen infrastructuur, 13% uit horeca-uitbating en verder ooknog 11% uit sponsoring (vijf hoofdsponsors: Belfius,WinForLife, Jupiler, Coca-Cola en Samsung). De tijd vanmecenaat is voorbij: de sponsors vragen return oninvestment en dus is een sponsordeal ook een uitgekiende‘give and take’ geworden. Onze horeca is ook rendabel,en we doen alles ‘in het wit’. Hoe we dat kunnen? We hebbennatuurlijk wel de specificiteit dat we na een concert eenhele hoop pinten op een zeer korte tijd kunnen tappen. Dat betekent veel inkomsten op korte tijd, en finaal tochweinig uren te betalen. Zo kunnen we er aan uit, maar datis een heel andere situatie dan die in de gewone cafés.Trouwens, met die barinkomsten van concerten kunnenwe ons café-restaurant mee financieren.”

“Wij hebben 320 concertdagen per jaar,

soms met drie optredens per dag. In totaal

bereiken wij met 400 tot 600 concerten

per jaar circa 300.000 concertbezoekers.

Wij zijn de derde drukst bezochte concert -

zaal ter wereld, jaja, ter wereld.

En wij doen dat als kmo met slechts 47 VTE’s

en een omzet van 10,5 miljoen euro.

En in tegenstelling tot wat vaak gedacht

wordt leven wij niet van subsidies. Voor de

artistieke programmatie kunnen we rekenen

op 1 miljoen euro subsidie, en nog eens

zoveel voor het onderhoud van ons gebouw

dat we in 1996 hebben gekocht en hier aan

de Anspachlaan midden in Brussel-centrum

ligt”, zo overviel financieel directeur Ignace

De Breuck van de ‘Ancienne Belgique’

het talrijk opgekomen Ekonomika-publiek

in ‘zijn’ muziekhuis op 30 januari 2014.

Alumni@FEB

40

BRUSSEL

AB: het meest succesvollemuziekhuis van het land

Page 41: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Langs de kant van de uitgaven staan de programmatie -kosten voor de artiesten en de personeelskosten vooraanmet elk zo’n kleine 40%. In de personeelsuitgaven is ernaast het eigen personeel van 47 VTE’s ook de werking metexternen voor specifieke jobs. Per saldo is er toch een kleinewinst in de uitbating van de AB.

Wat de aantrekkingskracht van de AB is? “Ongetwijfeld deprogrammatie, al die jaren. Het is onze missie, van deVlaamse Gemeenschap, om muzikale uitstraling te gevenaan een ruim publiek. 70% van de programmatie doen wein eigen beheer, 30% komt van privépromotoren die de zaalhuren voor hun artiesten. Bv. Live Nation, maar ook dan blijftde AB alles in eigen beheer houden, de techniek, debeveiliging, de kwaliteits bewaking, … De reputatie van deAB komt ook door de selectie van de beste onbekendegroepen, die daarna doorbreken. Zo zijn hier begonnen:Arno, Selah Sue, Deus, Netsky, en zovele anderen”. En dewilde verhalen van popartiesten? “Neen die zijn er niet meer.Optreden is voor groepen hard werken geworden. Vroegerwaren optredens promotie voor de verkoop van hun platenen CD’s. Maar vandaag is de situatie precies omgekeerd:de artiesten moeten optreden voor hun inkomen, want deCD-verkoop is maar een aanvulling meer. Destijds tourdengroepen maandenlang en hadden vaak een week tussen elkoptreden, nu moet er niet zelden elke dag opgetredenworden. Artiesten moeten fit zijn. Touren is topsport, en daarhoren alcohol en drugs niet bij”, lacht Ignace De Breuck.

Fa Quix

De Ancienne Belgique is de zaalwaar ik mijn allereerste zaal -optreden ooit heb bijgewoond:Simple Plan in 2006. Twee piep -kuikens van 15 jaar werdengebracht door hun ouders enerna weer opgehaald, maar het

was een ervaring om nooit te vergeten. Onder -tussen pik ik regelmatig een concertje mee enonlangs nog werd bekend gemaakt dat de ABwereldwijd op de derde plaats staat van de meestbezochte concertzalen ter wereld. Reden te meerom deze topzaal eens van dichterbij te gaanbekijken tijdens de jaarlijkse nieuwjaarsreceptievan Ekonomika Vlaams-Brabant & Brussel!

Zelf mag ik mij sinds kort alumna van de mooistefaculteit en studentenvereniging van het landnoemen. In september 2008 ben ik gestart metde vierjarige opleiding in Toegepaste EconomischeWetenschappen, erna volgde nog een Masterin Information Management waardoor ik sindsjuni 2013 officieel afgestudeerd ben. Tijdens hetacademiejaar 2011 – 2012, het 82ste werkings -jaar, stond ik als praesidium-lid mee aan hetroer van Ekonomika Studenten. Zwoegen om vanonze studentenvereniging blijvend de mooiste,grootste en beste van het land te maken, zal altijd één van de meest leerrijke en plezanteervaringen ooit blijven.

Ondertussen ben ik nog altijd lid van de Raadvan Bestuur, dus de alumniwerking was mijnatuurlijk niet geheel onbekend. Ik keek er danook naar uit om mijn eerste alumni-avond alswerkmens mee te maken! Na aankomst in hetAB-café en de verwelkoming met een drankje,werden we uitgenodigd om een tipje van definanciële en artistieke sluier van de AncienneBelgique op te lichten. Aangezien deze zaalondertussen al 160 jaar bestaat en al heel watnationale en internationale acts heeft mogenverwelkomen, was het vanzelfsprekend eenzeer interessante en gevarieerde presentatie.Het is natuurlijk altijd leuk om wat geheimen“achter de schermen” te weten te komen…

Achteraf kon er dan nog bijgepraat wordenmet andere alumni, jong en oud, op dereceptie. Kort samengevat hebben we veelbijgeleerd over de AB, hebben we nieuwemensen leren kennen en is er vooral eengezellige avond geweest. Ik kijk al uit naar devolgende alumni-activiteit en een dikke proficiataan de AB voor wat zij dag na dag doen voorenerzijds de muziekindustrie en anderzijds demuziekliefhebbers!

Lio Vloeberghs (promotie 2013)

41

Page 42: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

42

Alumni@FEB

“Wij hebben de trofee ontvangen van de meest

enthousiaste belceremonie bij een beursintroductie in

2013! Dat was op 3 december een geweldige stap voor

ons. De laatste vastgoed bevak die op de beurs in Brussel

werd geïntroduceerd was in 2008 en bovendien hadden

wij nauwelijks naambekendheid. Bovendien zou de beurs

weinig aantrekkelijk zijn, zo werd gezegd. Toch werd het

een groot succes: we haalden 75 miljoen euro op in zeven

spannende dagen. Ik kan de beleggers, institutionele

en privé, niet genoeg bedanken voor het vertrouwen.

En wees gerust: we gaan er met meer dan 100% tegenaan

om van ons vastgoedverhaal een groot succes te maken”

ANTWERPENAnneleen Desmyter (CEO vastgoedbevak Qrf): Het is de passie voor het ondernemen die ons naar de beurs heeft gebracht

Zo bracht Anneleen Desmyter, jonge alumna van FEB (promotie 1998), het relaas van debeursintroductie van haar beleggings vennootschap met vast kapitaal (bevak), toegespitst opretail vastgoed. Zij deed dat tijdens de nieuwjaars activiteit van Ekonomika Antwerpen,georganiseerd samen met de Ekonomika Alumni koepel, op 29 januari 2014 in de KBC-torenin Antwerpen. Zowat 175 alumni namen deel.

Het bestuur van Ekonomika Antwerpen

Page 43: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

In feite is de vastgoedbevak Qrf (www.qrf.be) een logische‘next step’ geworden van de vastgoed dienstengroep Quareswaar Anneleen Desmyter één van de drijvende krachtenvan is. Quares richt zich op vier activiteiten in het vastgoed: het wonen, het beleggen, het beheren, en innovatie.Anneleen Desmyter: “Dat beleggen in vastgoed startte metenkele vastgoedfondsen hoofdzakelijk gericht op de ‘retail’,zo waren er de “Quares Retail Fund I &II”, en het “StudentHousing Fund”. Deze waren niet-beursgenoteerd. En duswas de vastgoedbevak op de beurs de logische next step.De focus van onze bevak Qrf is de retail, maar niet zomaar‘retail’. Onze focus is de niche van het binnenstedelijkwinkelvastgoed. Wij investeren in winkelpanden op top -locaties zowel in grootsteden als in regionale steden waarbijwij een evenwichtige spreiding nastreven. Dat doen we ookmet de huurders, waaronder bv. H&M, Kruidvat, … Centraalstaan ook onze waarden van duurzaamheid en maat -schappelijk verantwoord ondernemen. Wij streven aldus eenunieke positionering na in het ‘city retail’-gegeven”.

Het werd, na wikken en wegen, dus de beurs. “Al was heteen zwaar en lang proces. Onze inschrijving als bevak werduiteindelijk een document van liefst 900 bladzijden, en de goed -keuring van onze prospectus eindigde na een zeer intensonderhandelingsproces in een document van 350 bladzijden.De procedure tot goedkeuring door de beurswaakhondFSMA (de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten)nam zes maanden in beslag. Je moet dus volharden wil je op de beurs geraken”, lacht Anneleen. “En uiteraard zijnwe zeer tevreden dat we het gehaald hebben en de beleggerhebben kunnen overtuigen. Voor 2014 zijn de uitdagingenonder andere: de liquiditeit in het aandeel verhogen, 35 miljoen investeren in nieuwe winkelpanden, vernieuwingzoeken in de bevak, …”.

Of ze niet vreest dat de retail een teruglopende business is,ook door de opkomst van de e-commerce? “Neen dat vreesik helemaal niet. Natuurlijk zal de retail moeten innoveren, ennog veel meer dan nu. Bv. de klant in de winkel verleidenmet persoonlijke boodschappen op de smartphone. Ook zorgen dat de klant iets kan beleven in de fysieke winkel,aandacht voor service en hospitality. En merkidentiteitnatuurlijk. Daarom zijn wij zeer selectief in de opname vanwinkels in onze portefeuille. En ja, e-commerce is een feit,maar neen, e-commerce is geen bedreiging voor die winkelsdie mee zijn met hun tijd. De topwinkelstraten in de stedenblijven enorm aantrekkelijk. E-shopping kan toch nooit hetlive shoppen vervangen, waarbij je kan flaneren metvriendinnen, en daarna of tussendoor iets kan gaan drinkenen eten, of een concert meepikken, toch?”

Fa Quix

43

Jonge EkonomikaAlumni in actieIn juni vorig jaar studeerde ik af aan de KU Leuven als handelsingenieur.Arrivederci Leuven, het echte leven konbeginnen. Het hoofdstuk van motivatie -brieven en sollicitatie gesprekken werdbewust achterwege gelaten, want ik gingmijn ouders en broer vervoegen in hetfamiliebedrijf Jan Noyens nv te Kasterlee.Ik deelde de passie voor de opbouw vanvracht wagens, behaalde daarenbovenook mijn rijbewijs C, en kon meteen aande slag in de Sales en Homologatie.Daarnaast hield ik mij ook graag bezigmet het aanvragen van subsidies en allerhande financierings -bronnen, waar al snel Agentschap Ondernemen bij kwam kijken.Zo kwam Wouter Verhaverbeke – ook bestuurslid bij EkonomikaAntwerpen - enkele zaken ter plaatse toelichten. Al snel ontdektenwe onze gelijke academische achtergrond en week het gesprekvlotjes af richting Leuvense studententijd. Nog geen drie dagenlater werd ik opgebeld door Herman Provost, huidig voorzitter vanEkonomika Antwerpen, die mijn nummer doorgekregen had vanWouter. Hij vertelde enthousiast over de werking van EkonomikaAntwerpen, en nodigde mij uit op de eerst volgende activiteit.

Ekonomika, de Leuvense studentenvereniging, zei me natuurlijkheel veel. Cantussen, het galabal, de kiesweek, ... Maar nu ik netin het bedrijf zat, nog veel bij te leren had, hard wou werken omhet familiebedrijf te doen groeien. Zou er dan nog wel tijdoverblijven voor Ekonomika Alumni? Toch ging ik overtuigd doorde verhalen van Wouter en Herman naar de eerste activiteit. Al snel werd het mij duidelijk waarover het ging. Een hechtevriendenkring, waar ik ontzettend warm onthaald werd, en mijmeteen welkom voelde. Tijdens de eerste bestuursvergaderingwerd mij hun ambitieus programma voorgesteld. Activiteitengaande van bedrijfsbezoeken, recepties, musea of waarom zelfsgeen champagneweekend? Alle ideeën zijn welkom en wordenvia een sterk netwerk professioneel op poten gezet. Wat mijvooral opviel is de openheid van deze vereniging. Ook al kan jeeen tijdje niet aanwezig zijn door familiale of professioneleverplichtingen, je blijft te allen tijden even welkom!

Zin om te organiseren, te netwerken en contacten te leggen, datis waar Ekonomika Alumni om draait. Kortelings organiseerdeEkonomika Antwerpen een nieuwjaarsreceptie in het bedrijfs -gebouw van KBC Antwerpen. Ik ontmoette een ontzettend sterken uiteenlopend netwerk, waar je steeds rijker van thuiskomt.Had ik dáár dan geen tijd voor?

Bij deze zou ik dus graag alle jaargenoten en jonge alumni warmwillen maken en hen van harte uitnodigen op een van devolgende Ekomomika Alumni activiteiten. Het is ontzettend leuksteeds nieuwe contacten te leggen met mensen met dezelfdeacademische achtergrond, hun verhalen te horen, samenactiviteiten ineen te steken. Het is zeker geen fulltime bezigheid,eerder een verrijkende, volledig vrije organisatie. Heb je zelf ookeen leuk idee, kom je graag eens langs op een volgendeactiviteit, of help je ons graag organiseren? Twijfel dan zeker niet.Neem gerust persoonlijk contact op met mij of met een van onzeandere leden. Wij horen graag van je!

Lien Noyens

Voor haar expansie is Qrf op zoek naar (verhuurde)winkel panden gelegen in de binnenstad van regionaleen grootsteden. Geïnteresseerde eigenaars kunnen zichmelden bij volgende Ekonomika – leden. Elk dossier wordt vanzelfsprekend vertrouwelijk behandeld. Anneleen Desmyter ([email protected]). Bert Weemaes ([email protected])

Page 44: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

44

Alumni@FEB

44

OOK ONDERNEMING VAN HET JAAR BIJ EKONOMIKA ANTWERPEN: WILLEMEN

De nieuwjaarsactiviteit van Ekonomika Antwerpen stond openvoor alle Ekonomika Alumni en kon rekenen op een groteopkomst van liefst 175 Ekonomika Alumni. Naast AnneleenDesmyter van vastgoedbevak Qrf en van vastgoeddienstengroep Quares nam ook Johan Willemen, topman van defamiliale bouwgroep Willemen, het woord. Willemen Groep uitMechelen werd eind 2013 uitgeroepen tot onderneming van hetjaar. “Ik ben inderdaad bijzonder trots op deze onder scheiding.In het verleden was het immers nog nooit gelukt dat eenbouwonderneming die trofee kon binnenhalen, en ook nu wasik ervan overtuigd dat het niet zou lukken, omdat de bouw -sector niet de reputatie van een ‘sexy’ business heeft. Althansdat denken velen. Maar in realiteit zijn wij een zeer innovatievesector”. En Johan Willemen toverde meteen een filmpje op het scherm om de vele innovatieve projecten van zijn groep te illustreren.

De Willemen bouwgroep kende een zeer snelle groei vanaf destart in 1999, na een opsplitsing van de bouwgroep Van Poppel.Willemen is tot nu toe een familiale onderneming gebleven meteen omzet in 2013 van ca. 600 miljoen euro met 2000medewerkers. In feite overkoepelt de groep een redelijk grootaantal verschillende bedrijven die in drie clusters samen te vattenzijn: de algemene aannemingsbedrijven, de toelevering aan debouw, en de bouwpromotie. In de aannemingsbedrijven zijn erweer drie belangrijke pijlers: de woningbouw, de burgerlijkebouwkunde (zoals wegen, tunnels en bruggen), en de industriëlebouw. In de woningbouw is er bv. Willemen General Contractornv en Franki Construct nv, in de burgerlijke bouwkunde eenbedrijf dat de meesten wel kennen als ze onderweg wegen -werken tegenkomen: Aswebo nv, en voor de industriële bouw -kunde is er Cosimco nv. De toelevering aan de bouw omvat nietminder dan een vijftiental bedrijven met o.a. De Waal Palen nv enAlbitum nv (bv. voor dakbedekkingen en -dichtingen).

In de derde cluster gaat het om de ontwikkeling van projectenals bouwpromotor (verwerven van gronden, bouwen van bv.appartementen en ze verkopen). Dat gebeurt ondermeer inWillemen Real Estate. Deze cluster heeft ook het buitenland inhet vizier. “België is een mature markt met scherpe concurrentieen daardoor ook kleine marges. Bij uitbreiding geldt dat ook voorheel West-Europa. Daarom dat wij steeds meer kijken naar hetbuitenland, Oost-Europa (Polen, Roemenië, Litouwen), maar ikgeloof ook sterk in Afrika: daar is nog een enorm potentieel. Ik ben bv. fier dat wij de nieuwe Belgische ambassade inKinshasa mogen bouwen”. Omdat Willemen een groeibedrijf is,is het constant op zoek naar geschikte arbeidskrachten, metuiteen lopende profielen, maar vaak toch technische. “Wij hebbenzelf een carrière-oriëntatietool ontwikkeld. Niet alleen voor interngebruik waarbij wij testen of een kandidaat ‘matcht’ met hetprofiel dat zoeken, maar waar iedereen – het is anoniem – eenskan zien wat zijn/haar profiel is en wat bij hem/haar past”.

Zie ook www.willemen.eu

Page 45: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

45

“Wij hebben consequent jobcreatie als leidraad van ons gemeentelijk beleid genomen.

In enkele decennia zijn we daardoor van een agrarische gemeenschap geëvolueerd tot

een welvarende gemeente met een gemengde economie. De gemeente heeft actief

meegeholpen aan die reconversie door een sterk, hooggeschoold team van gemeente-

ambtenaren waaronder een twintigtal universitairen. Een bekwame administratie is

immers essentieel om een goed beleid ook goed te kunnen uitvoeren”, zo stak

Hendrik Verkest al 25 jaar burgemeester van de gemeente Wingene van wal tijdens

de nieuwjaarsreceptie van Ekonomika West-Vlaanderen. Verkest is tevens

bouwondernemer én alumnus van onze faculteit FEB (TEW promotie 1977).

De resultaten zijn inderdaad niet min. De tewerkstellinggroeide van 1997 tot 2013 van 3500 naar bijna 4500 jobs,

de werkloosheid bedraagt amper 3,1%; één van de laagste vanhet land en meer dan de helft lager dan het Vlaamse cijfer.Bovendien is de werkloosheid sinds de crisis vanaf 2008 noggedaald. De werkzaamheidsgraad (aantal mensen dat werkt inde leeftijdscategorie van 18 tot 65 jaar) bedraagt 78% daar waarVlaanderen aan 71,5% komt. Omdat Wingene en de deel -gemeente Zwevezele alsmede de diverse wijken een mooiecombinatie van wonen – werken – ontspanning aanbiedt is debevolking tussen 1990 en 2013 aangegroeid met zo’n 2000personen tot 14.000.

Verkest: “Want niet alleen jobs trekken mensen aan, we hebbenook verschillende kavels voor jonge gezinnen ontwikkeld, envoor hun kinderen hebben we voor kinderopvang gezorgd enook voor een sterke basisschool. Vroeger hadden we tweescholen, die elk eigenlijk te klein waren om leefbaar te blijven.

Daarom hebben we de gemeenteschool doorgeschoven naarhet vrij onderwijs. In feite is dat de logica zelve: is het eenkerntaak van een gemeente om een school in te richten? Neen.Gemeenten moeten zich op hun kerntaken richten en eenschool is daar niet bij. Een rust- en verzorgingstehuis is evenmineen kerntaak voor een gemeente, dus dat hebben we dat ookaan de privésector overgedragen, en die doet dat uitstekend.Werken en wonen is natuurlijk belangrijk, maar de mensenwillen ook ontspanning. We hebben een bloeiend verenigings -leven en dat koesteren we. Wingene heeft ook een sport- enrecreatie aanbod, zoals het domein De Alk dat jaarlijks 130.000bezoekers trekt.”

Maar het sterkste wapen van Wingene is toch de welvaartdankzij vele jobs waarvoor niet minder dan 387 bedrijven (mettewerkstelling) instaan. Landbouw en veeteelt – 15.000runderen, 166.000 varkens en ruim 1 miljoen stuks pluimvee –blijft de basis, maar diversiteit is nu de troef.

WEST-VLAANDEREN

Burgemeester Verkest van Wingene:

“Ook het lokale niveau kan het verschil maken”

Page 46: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

46

“Door de varkenspest in 1990 en 1993 zagen we in dat we alsagrarische gemeente te kwetsbaar waren voor onze welvaart.De nood aan industriële diversiteit liet zich gevoelen. Als gemeentemoesten we niet zelf zorgen voor industriejobs, dat doen debedrijven zelf wel, op voorwaarde dat het investerings klimaatmaar gunstig is, en daar kan een gemeente wél voor zorgen.Zo hebben we nu voedingsbedrijven zoals Veos, dat hoog -waardige dierlijke eiwitten produceert en echt wereldtop is, of een metaalbedrijf zoals Joris Ide Steel Future dat hier voor300 directe jobs zorgt, of Devos Agri dat landbouwmachinesproduceert, Degroote Trucks & Trailers, een topper in tweede -hands transportmiddelen. In de bouw is er bv. Vaneenoo industrie - bouw (silo’s, stapelplaatsen, werkplaatsen, winkels, toonzalen, …),ook goed voor ca. 100 jobs.

Als gemeente hebben we bedrijventerreinen aangelegd, en wedoen dat nog. Voor starters hebben nu 13 modules die permanentbezet zijn, en eigenlijk doorgangsgebouwen zijn: eens de startershun startpositie ontgroeid zijn, verhuizen zij naar een bedrijven -terrein. Jobcreatie heeft altijd centraal gestaan in ons beleid.Een gemeente moet alleen maar de ruimte tot ondernemencreëren.”

Of de crisis nu geen roet in het eten gooit, en de gemeente definanciën niet moet saneren? “Sommige gemeenten hebbenteveel personeel en moeten afbouwen, of deden teveel niet-kerntaken die ze nu noodgedwongen moeten stopzetten ofafstoten. Of ze moeten hun belastingen verhogen. Niet van datalles in Wingene: wij zijn een financieel gezonde gemeente, wij moeten de belastingen niet verhogen, en we kunnen tochhet personeel op peil houden. Ons succes als gemeente is duseenvoudig: alleen kerntaken doen, en ruimte geven aan hetondernemen”, aldus burgemeester Hendrik Verkest.

Deze nieuwjaarsactiviteit op het gemeentehuis van Wingenewerd afgesloten met een hapje en drankje waar de zowat 80 West-Vlaamse Ekonomika Alumni inclusief nationaalvoorzitter Freddy Nurski en afgevaardigd bestuurder LudovicDeprez intens van genoten.

Fa Quix

Alumni@FEB

burgemeester Hendrik Verkest, Dirk Vyncke met echtgenote, mevrouw Verkest Ludovic Deprez, afgevaardigd bestuurder Ekonomika Alumni, Freddy Nurski,voorzitter, Christophe Popelier, bestuurslid Ekonomika West-Vlaanderen, en Fa

Quix, hoofdredacteur ECONnect

burgemeester Hendrik Verkest met Christophe Vandecasteele, voorzitterEkonomika West-Vlaanderen

veel enthousiast jong volk op de Nieuwjaarsactiviteit van Ekonomika West-Vlaanderen

Page 47: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Op 26 januari vierde Ekonomika Alumni Oost-Vlaanderen Nieuwjaar in Kasteel

Cortewalle te Beveren. De aanwezige Leuvense economen waren zeer onder de

indruk van de rijke geschiedenis van dit prachtige kasteel (daterend uit het begin

van de 15de eeuw), zijn prachtig interieur en de boeiende tentoonstelling in de

zolderkamers van het kasteel. De Nieuwjaarslunch vond plaats in het aanpalende

restaurant Koetshuis Cortewalle. Een geslaagde start van het nieuwe jaar 2014!

Alain Verheyden

OOST-VLAANDEREN

Nieuwjaar in het Waasland De inkomhal van Kasteel Cortewalle is rijkelijk

afgewerkt met verschillende soorten marmer, en bevatnog de insignes van de vorige bewoners aan luchters

en vensterramen. Deze inkomhal was ook reeds decorin de vroegere Vlaamse TV reeks “Kapitein Zeppos”!

Een groepsfoto vanuit de trouwzaal van KasteelCortewalle. Op de schilderijen staan de vorige

burgemeesters van Beveren-Waas geschilderd. In devensterramen zijn de prachtige wapenschilden zichtbaar

van de vorige families die op dit kasteel woonden.

Zoals elk kasteel heeft ook Cortewalle een eigen kapel.De gids boeide, net zoals menig pastoor hem daar ooit

heeft voorgedaan.

Op zolder van Kasteel Cortewalleheeft de Heemkundige Kring zijn tentoonstellings- envergaderruimte, met alspronkstuk het met duizendenled’s verlichte vloertapijt datvroeger dienst deed alsvloerbedekking in de Verlatzaal.Nu prachtig geconserveerd op temperatuur onder glas.

Als afsluiter van het kasteel -bezoek nog even met deganse groep op de foto

De nieuwjaarslunch zelf vondplaats op het neerhof van Kasteel Cortewalle, met name in 't Koetshuis, zijnde de gerestaureerde vroegerepaardenstallen van het kasteel.Lekker, en gezellig!

47

Page 48: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

48

Alumni@FEB

De VLASROUTE. Zijderoute. Over land van West naar Oost.

Leren dansenmet de reuzenDe Zijderoute

China is tot de 15de eeuw de grootste

economische macht ter wereld. Tussen

de 1ste eeuw v.C. en de 15de eeuw

verbindt een netwerk van handelsroutes

China met de rest van de wereld, hetzij

Tibet, Indië en Perzië, de Oeigoerse

koninkrijken en Mongoolse nomaden

stammen. De Zijderoute dankt haar faam

minder aan de handel dan aan de manier

waarop nieuwe ideeën en geloofs -

overtuigingen verspreid werden.

In 2012 bestaat VYNCKE Energie honderd jaar. Dirk Vyncke,

de derde telg uit vier generaties, zou de teugels van het

bedrijf vieren maar niet zonder een jongensdroom waar te

maken: op eigen kracht met de auto van Vlaanderen naar

China rijden, in de geest van de Zijderoute. Dirk spreekt

jaargenoot Bob Elsen aan die 30 jaar JOKER viert en het

16de ViaVia Reiscafé opent in Chengdu, het belangrijkste

economische centrum van Westelijk China. Beide kompanen

zijn in de ban van de Zijderoute, het ongrijpbare China,

de uitdaging van het onbekende. Hun stoute droom wordt

‘Vlasroute’ gedoopt, of de trek van Vlaanderen naar China.

Auteur: Lutgart Dusar, project manager

Page 49: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

DE KARAVAAN VERTREKT

In mei 2013 zet een karavaan Vlaamse ondernemers koersrichting China in overjaarse jeeps. Ekonomika Alumni BobElsen, Roger Heijens, Pieter Klingels en Dirk Vyncke zijn vande partij. Ze leggen 18.000 km af zonder schram of boete, in totaal 88 reisdagen in 2 Zijderoute expedities: van 12 mei tot22 juni naar Centraal-Azië met 7 jeeps en 18 deelnemers;

na een zomerpauze, van 8 september tot 16 oktober verkennen4 teams, samen 11 personen, westelijk China.

Voor het vertrek blijkt informatie rond paperassen, dieselbevoor rading, wegennet … schaars en vooral tegenstrijdig.Lonely Planet schrijft in 2011 dat self drive in China niettoegelaten is, reisblogs over Centraal-Azië staan bol vancowboy verhalen over de drie plagen op ons pad: 1) corrupteambtenaren en smeergeld, 2) etnische rellen en boycots, 3) terrorisme in het Oeigoerse Xinjiang. Naar Azerbeidzjan,Turkmenistan, Oezbekistan, westelijk China … rijden is duidelijkom problemen zoeken!

Daarover niet getreurd, maar het zet aan om onze aardrijks -kunde op te frissen, om te leren over de Stanlanden en hunmoeilijke burenrelaties. En ter plaatse ervaren dat de soep nietzo heet wordt gegeten: 1) Wij krijgen te maken met plichts -bewuste ambtenaren, veel stempels maar geen smeer geld aande grenzen: ‘Welcome in Uzbekistan’. 2) Etnische discriminatieis een feit, maar geen Balkanoorlog zoals Russische analistenvoorspelden bij de instorting van de USSR. Wel ziet eenErasmus-student van een ‘verkeerde’ etniciteit in Kyrgyzstan afvan een ontmoeting om onze veiligheid te vrijwaren. 3) Overterreur acties van (en tegen) Oeigoerse moslims, over eenTibetaanse zelfverbranding op onze weg vangen we op wat viabuitenlandse media doorsijpelt, China sluit het internet meteenaf. We hebben er ons nooit onveilig gevoeld en zijn overalvriendelijk onthaald.

STEMMEN UIT DE NIEUWE GROEIPOLEN

Het Vlasrouters-netwerk levert een rits gastheren en gast -vrouwen op die ons verwelkomen en hun verhaal vertellen.

49

DE NIEUWE EURAZIATISCHE ZIJDEROUTE

Op 12 september 2013 rijden de Vlasrouters China binnenvanuit Kirgizië. Diezelfde dag keert de Chinese presidentXi Jinping terug van zijn allereerste buitenlandse bezoek,naar Centraal-Azië (Kazakstan, Turkmenistan, Oezbekistan,Kyrgyzstan)! Hij sluit met de 4 jonge republieken bilateralesamenwerkings akkoorden (geen pottenkijkers) en tekentmiljardencontracten voor gas- en olieleidingen, wegen enspoorwegeninfrastructuur. Om de energiehonger van Chinate stillen, en voor een afzetmarkt voor haar fabricaten. In november zal Premier Li Keqian de EurazatischeZijderoute doortrekken in Oost en Centraal Europa tijdenseen bezoek aan de presidenten van Servië, Roemenië. Dat het de Chinezen menens is, bewijst de eerste ‘hoge -snelheid’ goederentrein die Chengdu in 12 dagen verbindtmet Lódz, het grootste goederenstation van Polen. De test -fase wordt in oktober 2013 afgerond. Twaalf geladentreinen daveren richting Lódz, ze keren leeg terug.

Deze politiek moet 1,3 miljard Chinezen uitzicht geven opnieuwe arbeidsplaatsen, een beter leven, en de socialeonrust temperen. Of het werkt? De zelfbewuste houdingvan jonge Chinezen getuigt volgens een medereiziger vanzelfvertrouwen en ambitie.

Lutgart Dusar

Page 50: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Twee deelnemers kennen Jelica Novakovic die in ‘99-2000dagelijks een portie oorlog opvoert in De Standaard vanuitServië. Prof. Novakovic bezorgt ons een onvergetelijke avondin Belgrado: ‘West-Europa zit gevangen in het rationele denken.Leer van het Oosten de waarde van vriendschap, gastvrijheid,van gekte ook’. We leren snel en dansen en zingen de sterrenvan de hemel in een restaurant op de Savarivier.

In Istanbul schakelt Dirk Vyncke's relatie Abdullah N. familie enkennissen in voor een Anatolisch festijn in stijl. Geen alcoholmaar yoghurt en aardbeiensap, zo gebiedt de islamitische

gastvrijheid. We wisselen gedachten uit over de steile opgangvan Turkije onder Erdogan’s AKP tot 16de economischewereld macht. Het kan verkeren: twee weken na onze passagewordt het Gezi park bezet. Premier Erdogan’s populariteit krijgteen deuk. Hij blundert ook met zijn uitlatingen over de afzettingvan de Egyptische president Morsi. Erdogan zakt in 2013 vande 2de naar de 6de plaats als meest invloedrijke Islamleider(http://themuslim500.com).

Een straffe dame is Maka De Lameilleure, algemeen directeur vanFlanders-In-Shape, meisjesnaam Kharatishvili. Maka reist speciaalnaar Georgië, wacht ons op in Batumi waar de Europese vlagwappert, en begeleidt ons tot de grens met moslim Azerbeidzjan.‘Een uitgelezen gelegenheid om Georgië in de kijker te stellen enideeën uit te wisselen met bedrijfs leiders’. Relaties op hoog niveauin de politiek en academia worden ingeschakeld: “Waarom Europazo weinig interesse heeft in Georgië dat pro-EU is. En constantmoet balanceren tussen de US als NAVO-lid, en Rusland dat dedruk opvoert via het naburige Sochi. De gastvrijheid van familieen jeugdvriendinnen is tomeloos, de Georgische polyfonischemuziek en dans van topklasse.

Ambassadeur Luc Truyens in het opulente Bakoe is evenverwonderd over onze komst: ‘Ik ben 3 jaar op post en herinnerme niet één buitenlandse nummerplaat gezien te hebben’. Hij tempert ons optimisme over de waargenomen rijkdom insteden en dorpen, in tegenstelling tot arm ruraal Georgië:Azerbeidzjan is een gesloten economie. Het autoritairepresidentieel regime concentreert alle macht bij de familie Aliyev.De personencultus wordt nog erger aan de overkant van deKaspische Zee, belooft de ambassadeur.

In smetteloos wit marmeren Ashgabat houdt Theo Hensels uitMaaseik EU-kantoor. Tot op het laatst gelooft hij niet dat we het land in komen. Het aantal internationale toeristen inTurkmenistan daalde van 300.000 in 1998 naar ca.25.000 in2012. Oezbekistan haalt makkelijk het miljoen. De Vlasroute doetalvast de statistieken van Belgische toeristen pieken. “Een toerismevisum is een gunst, geen recht” heet het op deambassade in Brussel. De enkele expats die we ontmoeten zijnvan de Franse bouwreus Bouygues. In Bakoe heeft het BelgischeBesix een vertegenwoordiging.

In Oezbekistan neemt Mw Shakhnoza Karimova van AWEX dehonneurs waar voor het FIT. Het land heeft buitenlandseinvesteringen nodig o.m. in de agro- en voedingsindustrie, maareen 76-jarige despotische president zonder duidelijk opvolgings - scenario blijkt een groot risico, zelfs voor de Chinezen. Pim Sterckx van Gosselin Moving laat het niet aan zijn hartkomen. Pim organiseert verhuizingen van het diplomatiek corpsin Tashkent, expats van buitenlandse bedrijven zijn er nauwelijks.Ondertussen timmert hij aan het onthaal en de kaart van eenGeorgisch restaurant in zijn buurt. Kwestie van zijn gasten goedte ontvangen.

Een warme herinnering blijft de dag met ‘activisten’ in Bishkek(Kirgizië). Via internet komen we in contact met Alina.

50

Alumni@FEB

DE VLASROUTE-EXPEDITIE

Meer over de Vlasroute, het traject, de deelnemers, de reisblog op www.vlasroute.be

Expeditie 1, Centraal Azië: 10.500 km, 43 dagen (11 mei – 8 juni 2013). Route: Duitsland, Oostenrijk,Kroatië, Servië, Bulgarije, Turkije, Georgië, Azerbeidzjan,over steek Kaspische Zee, Turkmenistan, Oezbekistan,Kyrgyzstan. Eindpunt is Almaty in Kazakhstan.Wij zijn trotse bezitters van zes overjaarse Toyota Hiluxen één Landrover Defender. Het wegennet is behoorlijktot wobbelig met potholes. Geen drukte op de wegen,wel stoppen voor kuddes schapen of kamelen. Op 2 pech - verhelpingen na bereiken alle Toyota’s glansrijk Almaty. De Landrover Defender begeeft het in Bishkek, pal voorde eindstreep.

Expeditie 2, Westelijk China: 8.000 km, 44 dagen (8 september – 16 oktober 2013). Na een zomerpauze ‘on the road again’: vlucht Brussel-Almaty, Kyrgyzstan,China: Xinjiang Oeigoers Autonoom Gebied, de Chineseprovincies Gansu, Qinghai, Sichuan en als kers op detaart (Amdo) Tibet. Vier jeeps rijden het parcours uit. Drie teams kiezen voor eencultuur en (spectaculair) natuurcircuit, een team zet koersop Shanghai. Het wegennet in China is onberispelijk metvele bergpassen en tunnels. In de provinciesteden filesen lucht vervuiling door steenkoolverbranding. De jeepsschepen in op 15 oktober in Chongqing op de Yangtze. Op Sinterklaas 6 december worden ze gelost in hetDeurganckdok in Antwerpen.

Page 51: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

51

Haar bedrijvencentrum verwelkomt buitenlandse bezoekers enbrengt ze in contact met informatiehongerige jonge onder -nemers. De stadsplanners, beleidsmakers, creatieve IT-onder -nemers, … blijven in contact via Facebook. De officiële taal inKirgizië is nog altijd Russisch: tekenend voor de trage opgangvan dit land zonder grondstoffen, met enkel natuur als troef?Vanaf 2014 moeten de gemeenteraadsleden in Bishkek eentaal test Kirgies afleggen. Kirgies is net als het Turkmeens enOeigoers verwant aan het Turks – vanwaar Erdogan’s droomover een Gemene best van Turkic sprekende landen, van Turkijetot Xinjiang Oeigoerstan.

De familie Selivanov uit Almaty biedt aan om onze wagens testallen tijdens het zomerreces. De van oorsprong Russischefamilie opent alle registers om de vrienden van haar vriendengastvrij te ontvangen. Wij genieten van een closing dinner vanExpeditie1 met wijnen die de gastronomen onder ons een flauwtebezorgen. De snel verworven (olie en gas)rijkdom vanKazakhstan verbluft: de levenstandaard in het groene, winderigeAlmaty is die van Rome en Los Angeles. Maar ook hier eengesloten economie. Een visum krijgen is evenmin evident.

STEM UIT DE WOESTIJN. ENIGE VLAMING IN WESTELIJK CHINA

Vlamingen die langskomen per auto zijn mogelijk nog zeld -zamer: ‘Kom maar af naar Shihezi’ schrijft Danny Decombel uitOudenburg. Deze landbouwingenieur komt toevallig in China(Guangzhou) terecht in 1986 voor de verkoop van meststoffen.In 2005 waagt hij de sprong van oostkust naar het uiterstewesten, naar Shihezi in Xinjiang Oeigoer Autonome Regio,ruwweg 200 km ten westen van Urumqi, aan de voet van deHemelse Bergen. Shihezi is een landbouwkolonie van hetvoormalige Chinese Bevrijdingsleger, met paramilitaire trekjes.Hij richt ‘FertigAcid’ op, een WFOE (Wholly Foreign OwnedEnterprise) voor de productie en verkoop van irrigatie mest -stoffen voor saline gronden. Een tweede site is in gebruik inAk̡su, een oasisstad op de Zijderoute, op de grens met deTaklamakan-woestijn. Zijn klanten zijn vooral coöperatieven vankatoenboeren. Voor een grotere productiecapaciteit zet Dannyeen fabriek op in Chengdu in Sichuan provincie.

We trekken 4 dagen op met elkaar en verkennen adem -benemende graaslanden en bergpassen. Danny organiseertvorstelijke ontvangsten voor het Vlasroute-gezelschap. Zo ontbiedt hij een minister, een rechter, een televisieploeg, eendansgezelschap om onze komst naar Shihezi en trek doorheenhet TianShan-gebergte te vieren. De kers op de taart is eenbezoek aan het wijngoed ChangyU nabij Urumqi: het Fransekasteel en de installaties zijn klaar, de wijnbouw en vinificatiehebben nog een weg te gaan om de torenhoge ambities waar

te maken. We hebben er vertrouwen in en spreken af in 2020.

INTERCULTURELE ZIJDEROUTE

Wij vervolgen de Zijderoute doorheen de provincies Gansu enQinghai met de mooiste landschappen en monumenten. Hier raken we de essentie van de Zijderoute: hoe keizerlijk Chinain de leer gaat bij India, en het boeddhisme aanneemt, hoe dewervelende zoroastristische dansen uit Perzië een plaatsverwerven aan het Chinese hof, ... We zijn voelbaar getuigenvan de ‘museumificatie’ van China: musea en bezoekerscentraschieten als paddenstoelen uit de grond. China ontwaakt uit zijnhistorische amnesia.

Op weg naar onze eindbestemming Chengdu doorkruisen weAmdo Tibet, een gebied dat historisch en cultureel tot Tibetbehoort. We zien er fraaie boeddhistische kloosters en minderfraaie machtsverhoudingen tussen monniken en landelijkegezinnen. Het water is diep tussen het toekomstgerichteChengdu en de Tibetaanse monniken die het verleden fixeren.Hoog tijd om onze gidsboeken op te bergen. De futuristischetorens van architect Steven Holl waar Jokers’ ViaVia café huist,staat voor de tomeloze ambitie van China. De steile opgang vanChina is zonder twijfel de grootste revelatie van de 21ste eeuw.

EEN REIS MET EEN MISSIE: CHINA WORDT WAKKER, HOE MET WIJSHEID REAGEREN?

Ook het optimisme over de toekomst migreert van west naaroost! Volgens een Pew-onderzoek in 2013 is de grotemeerderheid van Europeanen pessimistisch over de toekomst(http://www.chathamhouse.org/media/comment/view/194633).Defensieve reacties op crisissen zijn gevaarlijk voor inertie.Evenmin kunnen we de globalisering en een toenemende inter -dependentie afwentelen. Niet enkel de economie veert op inChina en de groeilanden, hun leiders volgen zelfgekozenoriënteringen voor hun toekomstige ontwikkeling. China-watcherMartin Jacques waarschuwt: ‘China is hard op weg om eendominante wereldmacht te worden; als dat zo is, zal het de regelsmaken op zijn eigen voorwaarden, met weinig achting voor watvoorafging’ (www.martinjacques.com). Het Westen staat nietlanger model voor gans de planeet, dat voelt onbehaaglijk. Webeseffen nog onvoldoende de reusachtige verandering die we aanhet doormaken zijn. Dus, we moeten liefst zo snel mogelijkoefenen in een nieuwe kunst, “dansen met reuzen”.

Met dank aan prof. Louis Baeck, grote inspirator van de Vlasroute!Wij bevelen van harte zijn essai aan: ‘De nieuwe wereld economieen haar kleurige beeldvorming’ (2011), https://perswww.kuleuven.be/~u0004464/

Page 52: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Het bananenprogramma is het werk van Aprovag, een coöperatievevan 1250 producenten die samen 250 hectare verbouwen.Het is hun ambitie om hun bananen te promoten door meerkwaliteits volle producten aan te bieden op de lokale markt,door een betere organisatie van de verwerking en hettransport, door het uitbouwen van stabiele commerciëlerelaties en door het opstarten van productie-eenheden omde bananen te verwerken tot afgeleide producten. Op diewijze wordt bij gedragen tot een substantiële verhoging endiversificatie van het inkomen van de bevolking. Het sesam-verhaal is gelijkaardig. UGAN, de organisatie van de sesam-producenten, ondersteunt initiatieven van de plaatselijkeboeren en boerinnen om hun productie te verbeteren, nieuweafgeleide producten (sesamkoekjes, olie, enz.) te ontwikkelenen te commercialiseren. Seynabou Gaye, de voor zitster vande groep, drukte de impact van deze actie als volgt uit:“Dankzij de sesam beschikken de vrouwen hier nu over eenstuk eigen inkomen dat gebruikt wordt voor gezondheids -zorg, onderwijs en voor het huis”.

Vredeseilanden ondersteunt deze organisaties zodat zij zichgeleidelijk kunnen professionaliseren. Voor alle landbouw productenis het essentieel dat het goed zit met alle schakels van de keten:van productie tot en met de verkoop aan de eindconsument.Daarom wordt er ingezet op een gecoördineerd geheel vanactiepunten. Bijvoorbeeld het helpen in kaart brengen van de mogelijk heden en moeilijkheden van de diverse schakels vande keten, het versterken van het leiderschap van zowel mannenals vrouwen om hun bedrijf te runnen, het aanwijzen van mogelijkefinanciële middelen, het helpen uitbouwen van stabiele en fairecommerciële relaties met de handelaars van de producten.Vredeseilanden is in dit proces vaak een go between en katalysatorom vele partners (officiële ontwikkelings samenwerking, andereniet-gouvernementele organisaties, overheids instanties, privatebedrijven, …) samen te brengen rond het project.

Op de lange busreizen werd er met de handelsmissie nagekaarten gedebatteerd. Vredeseilanden legde hen de uitdagende vraagvoor: kunnen deze “kleine” boeren een oplossing bieden om degroeiende wereldbevolking te voeden en tegelijk de ecologischevoetafdruk te verminderen?

Op bezoek bij bananen- ensesamproducenten in Senegal:

alternatieve handelsmissie van Vredeseilanden

52

Tijdens de herfstvakantie 2013 vertrok een delegatie

van leidinggevende mensen uit de bedrijfswereld,

politiek, onderwijs en media naar Senegal. Ter plaatse

werd deze groep aangevuld met Senegalese vertegen -

woordigers van ondernemingen, boeren-groeperingen,

overheidsdiensten en pers. Onder begeleiding van de

medewerkers van Vredeseilanden gingen ze op bezoek

bij twee programma’s: de bananenplantages van

Tambacounda, zowat 800 km oostwaarts van Dakar,

en de sesamvelden in de buurt van Sokone, 200 km

ten zuiden van Dakar.

Alumni@FEB

De delegatie die met Vredeseilanden door

Senegal trok om de mogelijkheden van

kleinschalige landbouw te exploreren.

Page 53: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

DE WERELD VOEDEN IN 2050

De wereldbevolking groeit gestaag. Tegen 2050 moeten er negenmiljard monden gevoed worden. Daarenboven leven velenvandaag in armoede en is zowat één op acht mensen ondervoed.Steeds meer gaan mensen ook leven in steden. Nu wonen reedsmeer dan 50% in steden en tegen 2025 verwacht de VN dat ditaantal naar 70% van de wereldbevolking gaat. Deze verstedelijkingleidt tot een toenemende consumptie van verwerkt voedsel, zuivelen vlees. De productie moet stijgen, ja, maar dit is niet voldoende.Het is minstens zo belangrijk dat alle mensen toegang krijgen totvoldoende voedsel. Deze toegang wordt nu belet door een geheelvan factoren zoals oorlog, slechte infrastructuur, corruptie enhandelsbelemmeringen. Maar meestal wordt de toegang simpel -weg belet door het gebrek aan inkomen, door armoede.De huidige landbouw- en voedselindustrie heeft een hogeecologische prijs: 70% van het waterverbruik gaat naar de land -bouw, 30% van het wereldenergieverbruik naar de voedsel -industrie. Deze ecologische druk zorgt nu reeds voorbodem degradatie en een wispelturiger klimaat.

ARMOEDE BESTRIJDEN

In ontwikkelingslanden leven vele mensen van de opbrengst vanhun kleine familiale boerderij. Maar vaak is hun inkomen hieruit erglaag en wisselvallig. Twee derde van de mensen die ondervoedzijn, behoren verbazend genoeg tot deze boerenfamilies.

En toch is er een gigantisch potentieel. Nu reeds wordt zeventigprocent van het voedsel wereldwijd geproduceerd door klein -schalige landbouw. Maar het potentieel is nog sterk onderbenut:Afrika bijvoorbeeld gebruikt slechts 15% van zijn potentieel. De Wereldbank wijst erop dat investeringen in kleinschaligelandbouw de meest efficiënte wijze zijn om armoede te bestrijden.Daarenboven zorgt deze landbouw ook voor een minder groteecologische voetafdruk.

Om succesvol te zijn, moeten deze investeringen gericht zijn opeen geheel van facetten. Het ondersteunen van de boeren om dekwantiteit en kwaliteit van hun producten te vergroten, is uiteraardnoodzakelijk. Even belangrijk zijn investeringen om de bewaringen het transport te verbeteren ten einde verspilling van voedsel toteen minimum te beperken. Een aangepast regelgevend kader isonontbeerlijk om de boeren een eerlijke kans te geven op denationale en internationale markten en om ondernemingen denodige mogelijkheden te bieden om de verwerking en verhandelingvan de producten ter harte te nemen. Wetenschappelijk onderzoeken vorming gericht op de familiale landbouw zijn eveneens eenvoorwaarde tot succes.

EEN ALTERNATIEVE HANDELSMISSIE

Stof genoeg dus voor een vinnig debat en rijke uitwisseling vanideeën tussen de deelnemers van de missie. Christ’l Joris weesop het grote belang van deugdelijk bestuur en aandacht voorgezondheids zorg en onderwijs. Ook Toon Martens benadrukte denoodzaak om te investeren in het onderwijs, en dan voornamelijkhet technische onderwijs. Mieke Vercaeren herinnerde aan dereeds bestaande samenwerking tussen Colruyt en Vredeseilandenrond rijst van familiale boeren uit Benin. Deze samenwerking isgericht op het verhogen van de kwaliteit van de producten en hetuitbouwen van stabiele handelscircuits. Zij illustreerde hiermee decruciale rol van supermarkten om kwaliteitsvolle producten van defamiliale landbouw bij de eindconsument te brengen.

Steven Vanackere merkte op dat er nog veel werk aan de winkelis op het vlak van regelgeving (bijvoorbeeld inzake eigendomsrecht)en correcte contractuele relaties. Pieter Timmermans zei dat hijervan overtuigd is dat ondernemingen ook maatschappelijkedoelstellingen in hun beleid willen opnemen. Zij zijn bereidberekende risico’s te lopen voor zover zij kunnen werken binneneen stabiel regelgevend kader. Ook de Senegalese vertegen -woordigers lieten zich niet onbetuigd en leverden boeiende ideeënvoor hun eigen organisaties en voor de Senegalese overheid.

Deze missie was geen doel op zich maar beoogde deuren teopenen naar alle relevante maatschappelijke spelers om te helpenbijdragen tot de ondersteuning van de familiale landbouw.Wondermiddelen bestaan niet. Het is meer een zoektocht naarnieuwe zakelijke modellen om het hoofd te bieden aan armoedeen aan de ecologische uitdagingen van onze wereld. Essentieelhierbij is de samenwerking van alle betrokken maatschappelijkeactoren. Deze missie was hiertoe een aanzet.

Bijkomende informatie over de missie vindt men in de publicatie“Een gat in de markt, grote kansen voor kleinschalige landbouw”,verschenen als bijlage bij MO*, nr. 110, december 2013. Ik verwijs eveneens naar de website van Vredeseilanden:www.vredeseilanden.be.

Fons Vaes, voorzitter Vredeseilanden

53

De Belgische delegatie bestond uit Pieter Timmermans(gedelegeerd bestuurder VBO), Christel Sacreas (secundaironderwijs), Steven Vanackere (parlementair en onder meervoormalig Minister van Buitenlandse Zaken), Toon Martens(hoofd van de hogescholen van Leuven en Limburg), Christ’lJoris (onder meer voorzitter van Etap Lighting, van het RodeKruis en Flanders Investment and Trade), Sabine Denis(directeur Business and Society), Mieke Vercaeren (duur -zaam heids manager Colruyt), Peter Verbiest (Boondoggle),Gie Goris, Dominique Vanheusden en Jan Bosteels(journalisten) en voor Vredeseilanden Saartje Boutsen(beleids medewerker) en Fons Vaes (voorzitter).

De Senegalese delegatie was samen gesteld uit een gelijk -aardige groep van vertegenwoordigers van het bedrijfs leven,de overheid, landbouworganisaties en pers.

Page 54: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

Wie gehoopt had een inzicht te krijgenin de finesses van de beleggerswerelden hoe men snel – en veilig! – rijk kanworden, komt bedrogen uit in de filmThe Wolf of Wall Street van de onvol -prezen Amerikaanse regisseur MartinScorscese, met Leonardo DiCaprio ineen glansrol van gladde, roekeloze maar ook normenloze beurs makelaar.Desalniet temin is de prent weergaloos:drie uur lang blijf je aan het schermgekluisterd. Nu al dé film van 2014.

Waanzinnige, hectische scenes voldrugs, seks, en geldzucht wisselen afmet intrigerende taferelen en sterkedialogen zodat er altijd vaart én even -wicht in de film blijft. Heel in het begin,wanneer de jonge Jordan Belfort(Leonardo DiCaprio) zijn eerste stappenzet in een gerespecteerd beurshuis legtzijn leermeester en ervaren beursrotMark Hanna (een bijwijlen hilarischeMatthew McConaughey) hem de‘geheimen’ van het beurssucces uit.Althans hoe het volgens hem werkt: ‘Wij kopen aandelen voor onze klanten.Die klimmen in waarde, zeg maar vanbv. 4 naar 8 dollar. En wat doen we dan?Cashen? Niet doen! Eerst regel is: niet uitde virtuele wereld van het beleggenstappen. Je zet om naar andere aan -delen, want dat doet onze carrouseldraaien. De harde cash, die is voor ons,onder de vorm van de commissies op aldie transacties’. De twee middelen omdat stressvol bestaan vol te houden?‘Seks en coke’, zo illustreert Hanna op deeerste lunch met de snel lerende Belfort.

Sommige scenes vol decadentie, zowelop kantoor als daarbuiten, zijn zoonwaarschijnlijk dat men ze over-the-topzou kunnen vinden. Maar ze zijngebaseerd op de gecheckte memoiresvan Belmont, geschreven in de cel.Want u raadt het al - of u heeft de filmgezien - het loopt finaal slecht af.‘Boontje komt om zijn loontje, of wat datook moge betekenen’, zegt Belfort alszijn truken doos leeg is. Zeer nauw metde spelregels van de SEC (deAmerikaanse beurswaakhond) namenBelfort en kompanen het immers niet.Zwendel met aandelen, handel metvoorkennis, combines met stromannen,enzovoort: het gebeurt allemaal. Vooralle duidelijk heid, we zitten ergens in1987 wanneer Belfort aan zijn onge -breidelde ambitie van poenpakkerijbegint. Maar hij geraakt vlug op straatdoor de beurscrash van 19 oktober1987. Evenwel, een beetje per toevalontdekt hij snel een ‘gat in de markt’,namelijk een handeltje in ‘penny stocks’,waar commissies van 50% in die tijd nietongewoon bleken te zijn. Joe thePlummer lust het allemaal en maakt vanBelfort in een mum van tijd een zeer rijkman. ‘Als je wil rijk worden, beleg dan bijons, en als je dat niet durft, ga dan bijMc Donald’s werken’ en meer van ditsoort moraal dist Belfort op om klantente overtuigen.

Agressieve verkoopmethodes en mani pulaties, en een uitgekiende promo - campagne met een nieuwe be leg gings - firma tillen hem naar een hoger niveau.

Verslaafd aan geld ver leggen hij en zijntrawanten hun grenzen. Tot de val komt,al duurt het aardig lang voor dat gebeurt.Handig als hij is, heeft hij goedeadvocaten, maar laat hij zichzelf ook nietvoor één gat vangen. Bij het bezoek vande FBI op zijn fabuleuze jacht bv. probeerthij op een subtiele manier te weten tekomen of de agent omkoopbaar is.Wanneer deze laatste dat door heeft, envraagt om te herhalen wat hij gezegdheeft, geeft hij een geweldige draai aanzijn verhaal, waar hij vooralsnog meewegkomt. Maar het net sluit zich steedsnauwer om hem heen. En vooral dedrugs doen hem de das om. In een echteslapstick scene rijdt hij zo stoned als eengarnaal een mijl met zijn nagelwitteLamborghini denkend dat hij veilig enzonder ongelukken is thuis geraakt. Tot hij ’s anderendaags de ravage ziet, enhet bezoek van de politie krijgt …

Scorsese brengt heerlijke cinema zonderbelerend te zijn. Hij neemt de toe -schouwers als volwassenen die zelf welkunnen beoordelen wat goed en watkwaad is. En die de figuur van Belfort welzelf een plaats kunnen geven. Als je ‘t mijvraagt? Een sympathieke smoel maartevens een geweten loze egoïst, een ge -wiekste beursmakelaar én charlatan maarook een onwaarschijnlijk straffe motivator.‘Ik had de keuze tussen arm blijven en rijkworden. Ik heb gekozen om rijk te zijn’,zegt hij treffend op een gegeven moment.Alles in het leven is inderdaad een kwestievan keuzes maken.

Fa Quix

54

Alumni@FEB

Een wolf in schaapsvacht

FILMONOMIKA

The Wolf of Wall Street:

Page 55: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

ECONnect

Het laatste woordEkonomika Alumni stelt als adagio ‘Er is maar één richting: vooruit!’ Wij mogen immers niet

stilstaan maar moeten veranderen, precies om vooruit te kunnen gaan. Dat is sinds velejaren de leidraad gebleven: ‘Ekonomika Alumni groeit en bloeit!’ Toch wil ik beklemtonen dat de essentie van onze alumniverening nooit veranderd is. En die essentie is dat wij een opennetwerk zijn voor álle afgestudeerden van de Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen (FEB)van de KU Leuven. Zelfs wie jaren niet naar activiteiten is gekomen, blijft altijd even welkom.Vriendschap is de rode draad van onze vereniging. En we willen daarbij het aangename aan het nuttige koppelen, het gekende Utile Dulci, dat nooit veranderd is en dat ook nooit zalveranderen: het is immers ons DNA.

Eén van onze sterke wapens zijn de regionale kernen van Ekonomika Alumni, in de vijf Vlaamseprovincies en in Brussel. Zij zorgen voor een multiplicatoreffect van onze werking: geen enkeleandere alumnivereniging in Vlaanderen beschikt over zulk een sterk regionaal netwerk.Verandering hebben we op vele vlakken doorgevoerd. Soms onzichtbaar voor de leden, zoals definanciële transparantie en rapportering. Maar vaak waren en zijn de veranderingen zeer zichtbaar,zoals de focus op de jongeren. Zij zijn de toekomst van onze vereniging. Daarom ik ben ik zeer blijdat de raad van bestuur vorig jaar Ludovic Deprez heeft aangeduid als afgevaardigd-bestuurdervan onze vereniging: als ex-voorzitter van 5YG is hij uitstekend geplaatst om de vereniging teblijven aanpassen aan de nieuwe lichting afgestudeerden. Als je actief wilt meewerken in een van onze verenigingen, neem dan zeker contact op met Ludovic. Zichtbaar veranderd is ook onze communicatie. De e-nieuwsbrief die u maandelijks ontvangt, met een halfmaandelijkse update, is het werk van Jan Maryssael en houdt u permanent op dehoogte van wat er in onze vereniging te gebeuren staat. En we hebben ook gebrainstormd overons imago, en hoe we ons moeten ‘branden’. Dat gebeurde met bekwame Ekonomika Alumnibestuurders en partners, wat resulteerde o.a. in het vernieuwde logo - fris en bij de tijd - en eenvernieuwd aanbod van ledenvoordelen.

Onze samenwerking met de faculteit werd ook nauwer aangehaald. Dat merkt u bijvoorbeeld aan dit magazine ECONnect dat we nu al voor het tweede jaar gezamenlijk uitgeven. Voor ons is dit de opvolger van de Ekonomika Berichten, voor de faculteit is het een nieuw initiatief, dat dankzij decaan Luc Sels mogelijk is geworden. Ook op het vlak van permanentevorming werden in de samenwerking met de faculteit stappen in de goede richting gezet. Het is natuurlijk onze ambitie om daarin nog verder te gaan, samen met de vakgroepen binnen Ekonomika Alumni. Zoals ook in de samenwerking met de Corporate Council van de faculteit, waar we helpen om de strategische objectieven van de faculteit te realiseren, en haar externe relaties te versterken.

De toekomst stelt ons steeds weer voor nieuwe uitdagingen. Eén ervan is de integratie van de verschillende campussen van de KU Leuven in onze alumniwerking. Blijven het apartealumni verenigingen, of werken we intensief samen, en op welke manier? Ekonomika Alumni is van u, het is uw vereniging. Alleen u bepaalt of we succesvol zijn, of niet. Maar ik heb het volste vertrouwen dat ook in de komende jaren wij allen samen, met bijna 100 bestuursleden er een bloeiende en succesvolle vereniging van zullen maken!

Freddy Nurski - voorzitter

Page 56: ECONnect - 2014 - 11 ECONnect FEB@LEUVEN EN EKONOMIKA ALUMNI • DRIEMAANDELIJKS • 3DE JAARGANG • JAN.FEB.MAA.2014 Research@FEB What's in a name: employability Students@FEB Topsport@feb:

ECONnect

Driemaandelijks magazine

Gezamenlijke uitgave van de Leuvense campus van de Faculteit Economie enBedrijfswetenschappen(FEB@Leuven) van KU Leuven en Ekonomika Alumni, de vereniging van alumni van FEB@Leuven.

Contact: Loes Diricks,[email protected], tel. +32 16 32 66 96, Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen KU Leuven, Naamsestraat 69, 3000 Leuven

Hoofdredacteur: Fa Quix, [email protected]

Voorzitter redactieraad: Freddy Nurski, voorzitter Ekonomika Alumni

Kernredactie: Michael Boelaert,Loes Diricks, Kjell Geurts, Freddy Nurski, Fa Quix, Peter Reusens, Luc Sels, Katrien Vanwetswinkel, Katrien Wauters, Maud Wellens

Fotografen: Jan Maryssael, Rob Stevens

Verantwoordelijke Uitgever:Luc Sels, decaan FEBNaamsestraat 693000 Leuven

Druk: Artoos – www.artoos.be

Heeft u ook interesse om driemaandelijksECONnect toegestuurd te krijgen? Word lid van Ekonomika Alumni of mail [email protected]