De Europese vennootschap: Welke gevolgen voor de werknemers?

Click here to load reader

  • date post

    22-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    217
  • download

    2

Embed Size (px)

description

July 2003. ABVV

Transcript of De Europese vennootschap: Welke gevolgen voor de werknemers?

  • De Europese vennootschap: Welke gevolgen

    voor de werknemers?

    www.abvv.be

  • De Europese vennootschap: Welke gevolgen

    voor de werknemers?

  • MANNEN - VROUWENVerwijzingen naar personen of functies (zoals werknemer,adviseur, ) hebben betrekking op vrouwen en mannen.

  • Voorwoord

    Op 8 oktober 2001 heeft Europa de juridische instrumenten aangenomen waardoor een nieuwsoort vennootschap, de "Europese vennootschap", opgericht kan worden.

    De bedoeling is dat de vennootschappen hun juridische structuur kunnen aanpassen aan hunreeds bestaande Europese economische structuur.M.a.w. om te kunnen functioneren met nenkele rechtspersoon in de hele Europese Unie, zonder dat ze rechtspersoonlijkheid in elke lidstaatmoeten verwerven.

    Met deze globalisering van het vennootschapsrecht gaat ook een globalisering van de rechtenvan de werknemers gepaard. Beide zijn nauw met elkaar verbonden: het is immers onmogelijkeen Europese vennootschap te laten registreren als niet eerst de rol van de werknemers in dieEuropese vennootschap geregeld is. En precies dit is nieuw voor Europa: voor n keer gaathet sociale samen met het economische!

    Tegen 8 oktober 2004 ten laatste moet Belgi in zijn wetgeving alle regels opnemen om in deEuropese vennootschap het sociale en het economische met elkaar te combineren. Dit noemtmen de omzetting in het Belgische recht.

    In deze brochure behandelen we de goedgekeurde Europese teksten.

    Het is niet evident om te voorspellen wat er na 8 oktober 2004 zal gebeuren, noch te zeggenhoeveel groepen gebruik zullen maken van de "Europese vennootschap". Om de eenvoudigereden dat er voor de vennootschappen, Belgische of buitenlandse, geen enkele verplichtingbestaat om zich tot Europese vennootschap om te vormen. Ze kunnen evengoed stellen dat ditstatuut hen niet interesseert.

    Wat wel zeker is, is dat wanneer de onderneming een initiatief neemt, men gedurende zesmaanden - die met evenveel maanden verlengd kunnen worden - zal moeten onderhandelenover alle aspecten van een grensoverschrijdend orgaan voor de vertegenwoordiging van dewerknemers, dat vergeleken kan worden met de Europese ondernemingsraad. Dit is meteeneen nieuwe uitdaging voor de vakbonden.

    Dit nieuwe Europese orgaan, dat bevoegd is voor de informatie en de raadpleging van dewerknemers, komt bovenop de in ons land bestaande sociale overlegorganen(vakbondsafvaardiging, ondernemingsraad, comit preventie en bescherming op het werk) dienormaal zullen blijven voortwerken.

    De onderhandelingen moeten eveneens betrekking hebben op het derde luik van dewerknemersbetrokkenheid, nl. de medezeggenschap.

    Dankzij de Europese ondernemingsraad hebben onze ABVV-afgevaardigden al heel wat ervaringopgebouwd met onderhandelen en het werken met een zuiver Europees orgaan. Die ervaringzou wel eens heel nuttig kunnen blijken in het kader van de Europese vennootschap.

    3

  • Het is inderdaad zo dat de ABVV-afgevaardigden tweemaal betrokken partij zullen zijn.

    Enerzijds nemen ze deel aan de onderhandelingen over dit orgaan, rechtstreeks als ze eenmandaat hebben, of onrechtstreeks.

    Anderzijds vormen de aanwezigheid van de werknemers in dit nieuwe transnationale orgaanen desgevallend de medezeggenschap in de sociale organen van de Europese vennootschapeen grote uitdaging voor de vakbeweging.

    Daarom hebben wij geoordeeld dat onze afgevaardigden in een eerste fase beter ingelichtmoesten worden over de complexe mechanismen, de gevolgen en de inzet van de Europesevennootschap.

    Wij hopen dan ook dat deze brochure alle ABVV-afgevaardigden en hun secretarissen zalhelpen zich voor te bereiden op een mogelijke overgang van hun vennootschap naar het statuutvan Europese vennootschap. En dat ze ook diegenen, die in een Europese ondernemingsraadzetelen, argumenten zal geven voor de komende of lopende discussies over de mogelijkeomvorming van (een deel van) hun groep tot Europese vennootschap.

    Andr MORDANT, Mia DE VITS,

    Algemeen Secretaris. Voorzitter.

    Andr MORDANT, Mia DE VITS,Secrtaire Gnral. Prsidente.

    4

    Mia DE VITS,Voorzitter.

    Andr MORDANT,Algemeen secretaris.

  • Deel I : de Europese vennootschap1.Wat is de Europese vennootschap?

    Er is nu de mogelijkheid voor vennootschappen, ongeacht hun omvang, om vanaf 8 oktober 2004 eennieuw soort vennootschap op te richten: de Europese vennootschap.Dit is facultatief: de bedrijven kunnen een Europese vennootschap (SE) oprichten, maar er bestaatgeen verplichting! Bedrijven die dit wensen kunnen, door het statuut van SE aan te nemen, hun activiteiten in de heleEuropese Unie (EU) uitoefenen vanuit een en dezelfde rechtspersoon, erkend in alle EU-lidstaten. Ditzal eveneens mogelijk zijn in de kandidaat-landen die straks tot de EU toetreden.De officile benaming van deze vennootschap is de societas europea of SE, deze zal dan ook in de heleEuropese Unie gelden.

    Een economische operator kan dus onder EU-vlag in meerdere EU-landen actief zijn,met n enkelejuridische structuur (zelfde koepel) zonder dat men rekening moet houden met de nationale rechten vandie landen, maar met inachtneming van een geheel van Europese regels die gelden over het helegrondgebied van de EU.

    Ook al is dit een grensoverschrijdend statuut, er is nog steeds een nationale verankering: de SE moetin de Lidstaat ingeschreven staan waar het hoofdbestuur gevestigd is.

    De grondidee is dus in gehele EU actief kunnen zijn, zonder in elke afzonderlijke Lidstaatrechtspersoonlijkheid te moeten verwerven.Kortom, de juridische structuur aanpassen aan de economische structuur, die reeds op een Europeseleest geschoeid is.

    Dit nieuwe juridische statuut komt bovenop de statuten die vandaag in de lidstaten bestaan.

    2.Waarom kiezen voor het statuut van Europese vennootschap?Van patronale kant, meer bepaald vanwege de multinationale ondernemingen (MNOs), wordt al zon30 jaar lang gevraagd om de activiteiten in heel Europa te kunnen uitoefenen zonder rekening te moetenhouden met een telkens ander nationaal vennootschapsrecht.Het statuut van SE, dat uiteindelijk goedgekeurd werd, verleent hen dus de mogelijkheid om zich anderste organiseren, op grensoverschrijdend niveau.De Europese wetgever heeft de mogelijkheid om dit statuut te verwerven, niet beperkt tot de grotebedrijven of multinationale ondernemingen. Het volstaat dat een klein of middelgroot bedrijf eendochteronderneming heeft in een ander EU-land en daarbij ook de mogelijkheid heeft een bedrijfskapitaalvan 120.000 te mobiliseren.

    Het statuut van SE biedt volgende voordelen: Uitvoeren van twee verrichtingen, momenteel onmogelijk voor de nationale bedrijven: grensoverschrijdende fusie van bedrijven. Het verwerven van het statuut van SE zou bijgevolg zijnvertaling moeten vinden in een toename van het aantal bedrijfsconcentraties;

    overheveling van de maatschappelijke zetel naar een andere lidstaat, zonder eerst te moetenovergaan tot de ontbinding van de vennootschap of tot het oprichten van een nieuwe rechtspersoon.

    5

  • Ontsnappen aan de nationale administratieve en juridische verplichtingen, in het bijzonder in hetkader van een groep van vennootschappen, om over te stappen naar een Europese dimensie. Kortom,verwerving van een Europese dimensie zonder dat men onderworpen is aan de verplichtingen dievoortvloeien uit de nationale rechtsorde van de landen waar de groep gevestigd is. Het is bijvoorbeeldniet meer nodig om telkens een aparte Raad van Bestuur op te richten.

    Laten samenvallen van de economische en de juridische entiteit: Europese entiteit voor beheer enpublicatie van financile informatie over de grenzen heen.Mogelijkheid tot het realiseren van schaalvoordelen en faciliteiten om de juridische structuur te herzien,te vereenvoudigen of te reorganiseren en middelen samen te brengen (joint-venture).

    Mogelijk fiscaal vehikel: fiscaal gesproken, krijgt een SE precies dezelfde behandeling als om heteven welke multinational: belastingstelsel van het land waar de zetel gevestigd is en nationaalbelastingstelsel voor de dochterbedrijven. De Europese Unie koos voor een neutrale fiscaliteit: de SEblijft onderworpen aan de belastingen en heffingen van alle Lidstaten waar ze zich gevestigd heeft.In het kader van de fusie zou de SE moeten genieten van de richtlijn m.b.t. het gemeenschappelijkfiscaal stelsel van toepassing bij fusies, bij opsplitsing van vennootschappen in de Lidstaten (90/434/CEE).De SE legt nog meer de nadruk op de noodzaak tot fiscale harmonisering. Wanneer men binnen deEU niet komt tot het bepalen van een minimumheffing en van een minimale belastinggrondslag, danzou het statuut van SE de oneerlijke fiscale concurrentie nog meer in de hand werken .

    Opmerking: de werkgevers hebben een aantrekkelijk fiscaal statuut gevraagd voor de SE: fiscaleconsolidatie en keuze van de plaats waar de belasting geheven wordt.

    Voor de bedrijven en de groepen bedrijven betekent dit in de praktijk een revolutie: de SE maakt het mogelijkte ontsnappen aan het gangbare model voor ontplooiing van Europese activiteiten via een netwerk vandochterbedrijven, opgericht en ingeschreven in elk land van inplanting.

    Een dochteronderneming is een commercile instelling die opgericht wordt door een vennootschapof een bedrijf, maar is juridisch gezien niet verschillend. Het is een uitbreiding van het betrokkenbedrijf.

    3. Welke zijn de grondslagen van de EV?Op 8 oktober 2001 keurde de EU twee onderling verbonden instrumenten goed, waardoor de oprichtingvan een SE mogelijk wordt: De Europese verordening (vennootschappenrecht) 2157/2001 inzake de Europese Vennootschap.Ter herinnering: een verordening is volledig van toepassing in de hele EU.

    De richtlijn (sociaal recht) 2001/86 over de rol van de werknemers in de SE.Ter herinnering: elke lidstaat moet een richtli