Christmas story: Net op tijd - Anne West

download Christmas story: Net op tijd - Anne West

of 6

  • date post

    14-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    215
  • download

    1

Embed Size (px)

description

Anne West begon op haar elfde te schrijven. Van haar vierdelige fantasy-serie De Macht van het Zwaard werden al meer dan 20.000 exemplaren verkocht. De aardmagiër won de Debuutprijs van de Jonge Jury 2006. Anne West schrijft ook chicklits.

Transcript of Christmas story: Net op tijd - Anne West

  • Net op tijd! Ho, ho, ho! Sofie rende langs de etalages. Ze had nog precies vijf minuten om bij haar klant, die een half uur verderop kantoor hield, te komen. Op hoge hakken zwenkte ze handig om slenterende mensen heen. Ze had geen oog voor de felverlichte etalages. Ho,ho,ho! Zelfs het snelste rendier zou haar niet kunnen redden. Ze kwam te laat. Veel te laat. Shit, wat haatte ze die kerstdrukte. Of eigenlijk haatte ze kerst. Bijna knalde ze tegen een oud vrouwtje, dat leek te verzuipen in Intertoys en Bart Smit tassen, op. Sorry, sorry! Ze kwam nooit op tijd bij de klant. Hoe kon het zijn dat heel Nederland tijd had om in deze winkelstraat wat op en neer te lopen terwijl zij zich te pletter moest haasten? Ook dit jaar geen kerst voor haar. Zo meteen die nieuwe, belangrijke klant binnenslepen, morgen op eerste kerstdag zijn gegevens verwerken en op tweede kerstdag haar koffer pakken om de dag daarna naar Londen te gaan. Kerst was voor mensen zonder baan en dat waren er zo te zien nog heel wat. Niet dat ze het erg vond. Al die opgeklopte feestvreugde, al die geforceerde gezelligheid. Kerst was nep. Als ze de rest van haar leven kon werken met kerst zou ze dat prima vinden. Ho, ho, ho! Waarom stond die man zo te schreeuwen? Sofie keek over haar schouder naar achteren. Een Kerstman met een dansende buik die overduidelijk niet van hemzelf was rende achter haar aan. Ho,

    ho, ho! Wild zwaaide hij naar haar. Sofie aarzelde. De Kerstman kon onmogelijk haar op het oog

    hebben. Ze was zijn doelgroep allang ontgroeit. Ze rende verder. Ho, ho, h! Voor een oude man was hij behoorlijk fit. Hij had haar al ingehaald. H, stop! Heb je het tegen mij? Sofie hield gergerd stil. Ik riep toch ho? Twinkelende blauwe ogen keken haar aan. Sofie zuchtte en keek op haar horloge. Nog drie minuten. Jij bent zeker de leukste thuis. Dat klopt, maar dat ben je al snel met een paar rendieren en wat elfen. Grappig hoor. Wat is er nou? Dit. De Kerstman hield haar haar portemonnee voor. O, shit! Pardon? Verdomme, de zakken van die klote jas zijn veel te klein. Sofie rukte de portemonnee uit zijn

    handen. Dat vrede op aarde gedoe is aan jou zeker niet zo besteed? raadde de Kerstman. Zijn ogen

    bleven haar trekken, maar misschien kwam dat omdat ze de rest van zijn gezicht moeilijk kon zien door de enorme witte baard en zijn grote muts.

    Ze propte de portemonnee in haar overvolle tas. Luister, Sint, als ik niet over twee minuten op mijn afspraak ben, dan zal er nooit meer vrede op aarde zijn. Tenminste, niet op mijn aarde. Mijn baas vermoordt me en daarna voert hij me aan je dwergen.

    Elfen. En het heeft geen zin dat je baas jou aan hen voert want die eten alleen maar dennennaalden.

    Sofie hield even op met proppen. Elfen eten dennennaalden? De Kerstman keek haar onschuldig aan. Ja, wist je dat niet?

  • Ok, luister. Dank je wel. Ik moet gaan want tenzij je een rendier voor me te leen hebt, kun

    je niets meer doen om mijn zakelijke ondergang te voorkomen. Ik heb geen rendier te leen. Egost! Sofie wilde al verder rennen, maar hij pakte haar bij de arm. Maar ik heb wel een

    scooter. Ze draaide zich om, opeens vol hoop. Echt waar?

    Het leverde veel bekijks op; een Kerstman op een scooter. Ze klemde zich aan hem vast terwijl hij door de straten scheurde. Ho, ho, ho! Wil je daarmee ophouden? Ik schaam me dood! gilde Sofie. En hoe denk je dat ik me voel? Van luxe, gouden arrenslee naar armzalige scooter. Maar gelukkig kan ik nog wel bellen en TV kijken zoals ik gewend ben. Wat? Laat maar. Hoe zei je dat die straat heette? Koninginnegracht. O jee, daar staat het vast muurvast. Je kunt er toch wel langs? Nou, ik weet het niet, hoor. Op de Zuidpool is het nooit zo druk. Noordpool, verbeterde Sofie hem. Op de Zuidpool heb ik mijn vakantiehuis. Weet je dat ze tegenwoordig excursies maken om mij te zien? Het is een forse inbreuk op mijn privacy dus vandaar dat ik een tweede huis heb laten bouwen. Het is wel wennen. Pinguns spreken een heel andere taal dan elfen. Sofie zuchtte. Doe je dit al lang? gilde ze terwijl de Kerstman een scherpe bocht naar links maakte. Vanaf 1890. Weet je wat? We rijden een beetje om. Sofie sloeg haar armen stevig om zijn middel toen hij een slinger naar rechts maakte en besloot geen vragen meer te stellen. Sorry, ik heb wel slalom geoefend met wat walrussen maar dit is toch heel anders. Kijk uit! De scooter schoot recht op een blauwe auto af. Ho, ho, ho! De Kerstman remde hard en Sofie vloog bijna over hem heen. Idioot! Niets aan de hand. Hij trachtte de afgeslagen motor weer te starten. De scooter sputterde alleen nog maar. Niets aan de hand. O, geweldig. Waar zijn we? Trillend stapte Sofie van de scooter af. Waar we zijn? De Kerstman keek om zich heen. Niet op de Zuidpool in ieder geval. Je weet het niet? Ja, sorry hoor. Ik kon Tomtom, mijn favoriete rendier moeilijk voor de scooter spannen. Wil je nou eens ophouden met dat stomme Kerstman gedoe? Ik kom te laat! Veel te laat. Ik raak mijn baan kwijt! Ze stampvoette met tranen in haar ogen. Verdomme! Verbijsterd keek hij haar aan. Er zijn belangrijkere dingen dan werk, hoor. Zoals? Vrede op aarde, lichtjes in de kerstboom, liefde. Liefde! Sofie spuwde het woord zowat uit. Liefde is net zo opgeklopt en nep als kerst! Juist ja. De Kerstman nam haar onderzoekend op. Staat het er zo voor. En wat bedoel je daarmee? vroeg Sofie fel.

  • Niets. Ik wil je alleen deze belofte doen; aan het eind van de dag denk je heel anders over liefde. En misschien wel over kerst. Sofie lachte schamper. Wedden van niet? Wedden van wel? Hij liet eindelijk haar blik los. Ho, ho, ho. Voor ze er erg in had sleurde hij haar mee de weg over. Een koor van claxons klonk op.

    Ben je gek geworden! gilde Sofie boven alles uit. Ze kon net een fietser ontwijken. Als het zo doorging zou ze het einde van de dag niet eens halen.

    Met gevaar voor eigen leven sprong de Kerstman voor een tram. Ho, ho, ho! Stop! Vloekend stak de tramchauffeur zijn hoofd uit het raampje. Rot op. Waar is uw kerstgevoel. We willen mee. Dan kun je naar een halte lopen. Die is daar. De chauffeur wees vaag voor zich uit. Sofie kon

    niet anders dan verbijsterd naar het tafereel staren. Waar was ze in vredesnaam in beland? Een snelle blik op haar horloge leerde haar dat ze haar klant wel kon afschrijven. Ze trok de Kerstman aan zijn pak. Weet je wat? Laat maar.

    Hij draaide zich naar haar om. Die afspraak is belangrijk. Ik ben al te laat. Dit wordt niets meer. O ja wel. Dit is de belangrijkste afspraak van je leven. Nou, dat is natuurlijk wel een klein beetje overdreven. Als ik dit aan mijn baas uitleg dan

    begrijpt hij het wel. Misschien. Sofie zuchtte. In gedachten probeerde ze een samenhangend verhaal te maken van het afgelopen uur. O, dit was hopeloos. Ze kon net zo goed meteen haar ontslag aanbieden.

    De Kerstman pakte haar bij de schouders. Die baas van jou zit allang onder de kerstboom met zijn gezin, geloof mij maar. Het interesseert hem helemaal geen barst wat jij aan het doen bent. Maar toch moet je naar die afspraak. Kom op!

    Sofie had nauwelijks tijd om over die woorden na te denken. Ik ben al te laat. H, blijven jullie hier op de rails discussiren? Mijn hele dienstregeling loopt in de soep,

    schreeuwde de tramchauffeur. En jij, jonge man, houd op met dat geschreeuw. De Kerstman liet haar los en draaide zich

    naar de tram. Je was al elf minuten te laat omdat je te laat vertrokken bent wegens een leuk blond meisje dat je bij het beginpunt van deze lijn aardig bezig hield.

    Tot Sofies verbazing werd de chauffeur net zo rood als het pak van de Kerstman. Ok, deze dag werd met de minuut meer bizar. Op een gebaar van de Kerstman deed de chauffeur de deur open.

    Ik moet even mijn ov chip, begon Sofie. Niet nodig, zei de Kerstman. We krijgen dit ritje gratis. Toch? Ehja, natuurlijk, stamelde de chauffeur. De Kerstman draaide zich om naar de vele passagiers in de tram. Ho, ho, ho! Gelukkig

    kerstfeest! Kunnen we nu eindelijk doorrijden, verdomme! schreeuwde iemand terug. Sofie kon wel door de grond zakken. De Kerstman zuchtte. Er was een tijd dat men respect

    voor mij had. De tram scheurde langs het stilstaande verkeer door de stad. Het begon al donker te worden

    en de vele kerstversieringen voor de ramen gaven de straten een bijna sprookjesachtige sfeer. Koninginnegracht, klonk het door de tram.

  • Daar moet ik zijn. Sofie stortte zich op de deur. Bij de halte kwam de koude lucht haar

    tegemoet. De eerste sneeuwvlokjes dwarrelden naar beneden. Ze holde de treden af. De Kerstman volgde haar niet. Ga je niet mee?

    Mijn werk is gedaan. Veel geluk! Wacht! Sofie sprong de treden weer op. Hoe heet je? Ik bedoel, echt. Hoe bedoel je? Dat weet je. Toe nou! Je bent al te laat. Hij gaat bijna naar huis. Sofie haalde haar schouders op. Ze voelde zich een beetje weemoedig. Ok, dan niet.

    Bedankt. Graag gedaan. Ik zie jou, je vriend en baby volgend jaar wel weer. Sofie glimlachte. Het spijt me, Kerstman of hoe je naam ook is. Nu zit je er echt helemaal

    naast. Hij zwaaide alleen maar. Ho, ho, ho. De deuren van de tram gleden dicht. Verdwaasd en een

    beetje verdrietig keek Sofie de tram na. Dit was een krankzinnige dag. Het gebouw waar ze moest zijn lag een tiental meters verder en opgelaten meldde ze zich bij de receptie. Ik kom voor meneer Bouwman. Ik had een afspraak, maar

    Ik bel wel, zei de receptioniste. Tot Sofies verbazing werd haar meteen de weg naar boven

    gewezen. Het kantoor van meneer Bouwman lag op de vijfde verdieping en keek uit over de lichtjes van de stad. De deur stond open en op haar kloppen draaide een man in een stoel zich om. Zo, ben je daar eindelijk.

    Ja, ik.sorry. Al goed. Ga zitten. Hij klonk niet onvriendelijk. Sofie schuifelde naar binnen terwijl ze