Chemie magazine - maart 2013

of 56/56
Technologie in 2013: veel chemie Drie finalisten Plant Manager of the Year Nadelen Reach voor mkb-bedrijven 'JULLIE CONCURREN- TIENADEEL MAAKT ONS NIET BLIJ' LAWRENCE SLOAN, CEO SOCIETY OF CHEMICAL MANUFACTURERS AND AFFILIATES (VS): Maandblad van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie 03 20 maart 2013
  • date post

    08-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    235
  • download

    10

Embed Size (px)

description

Maandblad van de VNCI

Transcript of Chemie magazine - maart 2013

  • Technologie in 2013: veel chemie

    Drie fi nalisten Plant Manager of the Year

    Nadelen Reach voor mkb-bedrijven

    'JULLIE CONCURREN-TIENADEEL MAAKT

    ONS NIET BLIJ'

    LAWRENCE SLOAN, CEO SOCIETY OF CHEMICAL MANUFACTURERS AND AFFILIATES (VS):

    Maandblad van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie 03 20 maart 2013

  • EMPOWERING PEOPLE AND INDUSTRIES

    Loire 150 Postbus 24090 2490 AB Den Haag

    T 070 337 83 00 T 070 320 51 86 E [email protected] I www.vapro.nl

    Zijn uw medewerkers al duurzaam inzetbaar?

    Wat gebeurt er binnen uw bedrijf aan het bevorderen van gezond, veilig en vitaal werken? Zijn uw medewerkers zich bewust van hun eigen verantwoordelijkheid om duurzaam in-zetbaar te blijven en maken ze gebruik van regelingen die beschikbaar zijn om te (blij-ven) functioneren? Al deze vragen en meer komen in het onderzoek aan bod dat VAPRO in opdracht van Opleidingsfonds voor de procesindustrie OVP uitvoert onder productie-medewerkers.

    Nederland behoort al jarenlang tot een van de rijkste en welvarendste landen van de wereld. Die

    positie is echter niet vanzelfsprekend. Landen als Brazili, Rusland, India en China worden steeds

    slimmer en sneller waardoor de concurrentie met deze landen groeit. Tegelijkertijd staat Nederland

    voor grote uitdagingen. De beroepsbevolking ontgroent en vergrijst in snel tempo, de vraag naar

    energie en grondstoffen stijgt, er is een groeiende schaarste en klimaatverandering eist ingrijpende

    acties.

    Om de concurrentiepositie van de industrie in Nederland te verstevigen en ons land economisch

    aantrekkelijk te houden is het noodzakelijk dat de sector mee gaat in de trends en ontwikkelingen

    die nu op de stoep staan. Dit vraagt om een daadkrachtig en helder beleid, creatieve ideen en op-

    lossingen en het verkennen van nieuwe markten. Duurzame inzetbaarheid van personeel is daarvan

    een essentieel onderdeel.

    Duurzame inzetbaarheid

    Duurzame inzetbaarheid is een breed begrip. In het onderzoek definiren we duurzame inzetbaar-

    heid als het vermogen van een medewerker om aantrekkelijk te blijven voor de organisatie en de

    arbeidsmarkt gedurende zijn werkzame leven. Dit betekent onder andere

    dat de medewerker flexibel is en daardoor gemakkelijk kan anticiperen bij

    veranderingen en zijn kennis en vaardigheden up-to-date houdt. Hierdoor

    is de medewerker in staat om meerwaarde voor de organisatie te gener-

    eren en wanneer gewenst intern of extern van functie te veranderen. Hier-

    bij spelen werkvermogen - de mate waarin iemand in staat is om zijn werk

    zonder fysieke en/of psychische klachten uit te voeren - en vitaliteit een

    cruciale rol. U kunt hierbij een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld door

    het bieden van een goede fysieke en sociale werkomgeving.

    Deelname aan het onderzoek

    Het is belangrijk dat productiemedewerkers zelf meedenken hoe ze tot

    het einde van hun loopbaan goed inzetbaar kunnen blijven. Daarom is een

    (online) enqute uitgezet onder productiemedewerkers. Uw medewerkers

    hebben vast ook een mening over het belang van duurzame inzetbaarheid.

    Wanneer u de vragenlijst onder uw productiemedewerkers verspreidt, ont-

    vangt u naast de rapportage van het onderzoek ook een bedrijfsspecifieke

    bijlage. We verwachten het onderzoek binnen drie maanden af te ronden

    dus reageer tijdig!

    (Advertorial)

  • INHOUDINHOUD

    maart 2013 Chemie Magazine 3

    Volgens Lawrence Sloan, CEO van de Amerikaanse Society of Chemical Manufacturers and Affiliates, zou een vrijhandelsverdrag waarbij Europese importheffingen worden weggestreept ten gunste van exportvergunningen voor Amerikaans schaliegas tot een win-win-situatie kunnen leiden.20

    Drie veertigers die pas enkele jaren aan het roer staan van hun fabriek en in die korte tijd veel verbeteringen hebben doorgevoerd, dingen mee naar de titel Plant Manager of the Year 2013: Cas Knig van ESD-SIC, Peter Kilburn van Lubrizol en Gerwin Meulenbeld van Purac Biochem.

    03 | 20 maart | 2013

    24WIE WORDT HET BOEGBEELD VAN DE PROCESINDUSTRIE?

    VS-HANDELSORGANISATIE SOCMA ZIET WIN-WIN

  • INHOUD

    maart 2013 Chemie Magazine 5

    Ambitie VVVF en VNCI: in 2030 is de helft van alle verven biobased

    Van 3D-printer tot licht-gevend behang: chemie is ook in 2013 onmisbaar

    Reach is voor mkb te complex, kostbaar en niet uitvoerbaar

    30

    48

    34

    38Ook aandacht voor vermeden emissies in handleiding broeikasgassen

    7

    7

    111315 15

    20

    24

    28

    30

    32

    34

    38

    40

    42

    46

    48

    5353545454

    03 | 20 maart | 2013

    Voorwoord Onredelijke nalevingslasten ReachAgenda

    NIEUWS

    WaterLuchtActueelTwitter

    ACHTERGROND

    EnergieCEO Larry Sloan van Socma over scha-liegasPlant Manager of the YearPresentatie van de drie kandidatenWetenswaardigGroene afdekplaat in Mercedes-Benz A-KlasseVerfVerfi ndustrie schakelt over op biogrond-stoffenOnderwijsGymnasium Hilversum succesvol in olympiadeStoffenReach brengt kleine bedrijven in problemenEnergie en klimaatHandleiding voor rapportage CO2-emissiesUitgelichtMinister bezoekt haven Rotterdam en HuntsmanInnovatieBelofte microreactoren nog niet ingelostVeiligheidOnduidelijkheid over eigen bedrijfsbrand-weerInnovatieVeel chemie in meest belovende technolo-gien in 2013

    BedrijvenColumn Mensen Volgende maand Colofon

  • Asset Integrity Services... Kwaliteit verzekerd.

    www.ApplusRTD.com

    Applus RTD Nederland Delftweg 144 3046 NC Rotterdam T+ 31 10 716 60 00

    Postbus 10065 3004 AB Rotterdam E [email protected]

    Of bezoek ons op StocEXPO Antwerpen.

    Applus RTD is de wereldwijde referentie voor Asset Integrity Services, met een solide basis in Niet-Destructief Onderzoek en Inspecties. Onze focus ligt op het leveren van totaal oplossingen op het gebied van testen, inspecteren en certificeren, die de integriteit van uw installatie waarborgen. Dit doen we al sinds 1937. Onze Asset Integrity Services, standaard en op maat gemaakt, verzekeren de integriteit en conformiteit van uw installaties en verlagen daarmee uw total cost of ownership. Meer informatie ?

  • AGENDA

    Voorwoord

    ie met gevaarlijke stoffen wil werken moet bereid zijn aan te tonen dat dat veilig gebeurt. Men moet de discipline kunnen opbrengen om procedures te volgen, checklijsten te hanteren, administraties bij te houden, trainingen te volgen, en verantwoording af te leggen aan de buitenwe-

    reld. Die buitenwereld heeft het recht om te begrijpen wat de risicos zijn, hoe die binnen aanvaardbare grenzen worden gebracht, en welke con-trole men daarover zelf kan uitoefenen. Dat is allemaal een vanzelfspre-kend onderdeel van onze professie. Het hoort bij een chemiebedrijf zoals het ook hoort bij een luchtvaartmaatschappij of een kerncentrale. Moeilijker kan het worden als de regels worden opgeschreven. De natuurlijke neiging is om bij het maken van regels uit te gaan van de worst case en die van toepassing te verklaren op alle gevallen. Als naleven van die regels niet al te belastend is, dan is daar ook wel wat voor te zeggen. Regelgeving wordt nodeloos ingewikkeld als die toegesneden moet wor-den op verschillende situaties. Maar wat te doen als naleving wl grote lasten met zich meebrengt? Die vraag is actueel bij Reach. Immers, een recente inventarisatie door de Europese Commissie toont dat de Reach-regelgeving een van de meest belastende is, vooral voor het mkb. Mijn antwoord is dat de regelgeving in dat geval meer maatwerk moet toelaten. Zoals de vergunningverlening op milieugebied een manier is om de regelgeving toe te snijden op onze complexe bedrijven, zo moet dat ook bij Reach werken.Zijn er verplichte ingewikkelde overlegstructuren nodig als er maar twee fabrikanten betrokken zijn? Zijn er complexe processen nodig voor kostenverrekening wanneer de kosten per stof niet veel verschillen? Is het nodig dat iedere gebruiker alles over een stof in zijn boekenkast heeft staan, ook al is maar een deel ervan voor hem van toepassing? Nale-vingslasten zijn acceptabel zolang ze een redelijk doel dienen. Mijn pleidooi is om onredelijke nalevingslasten met maatwerk te lijf te gaan.

    W25 aprilCoatings Innovatie DagEvoluon, Eindhovenwww.vvvf.nl30 meiBCF Career EventRAI, Amsterdam www.bcfcareerevent.nl

    VNCI19 maart RGC-werkgroep Communicatie & ImagoVNCI, Den Haag

    20 maartBG OnderwijsVNCI, Den Haag

    21 maartWG Energie en Klimaat Novotel, Breda

    27 maartBG Veiligheid, Gezondheid en MilieuShell, Moerdijk

    3 aprilResponsible Care StakeholderdialoogDrijvend Paviljoen, Rotterdam

    5 aprilBG CommunicatieVNCI, Den Haag

    11 aprilRegiegroep ChemieAcademiegebouw, Utrecht

    15 aprilWG RC Global CharterVNCI, Den Haag

    17 aprilBG Energie en KlimaatLyondellBasell, Maasvlakte

    23 aprilVNCI Advocacy Team VNCI, Den Haag

    Meer agenda: www.vnci.nl/actualiteit/evenementen-kalender.aspx

    VNCI-directeur Colette Alma

    NALEVINGSLASTEN

    maart 2013 Chemie Magazine 7

  • YOU NEED EXTRA COOLING FOR INDUSTRY

    RENTAL SOLUTIONS FORTEmpERATURE CONTROL & pOwER GENERATION

    REAL ENERGY COmES FROm ENERGYST

    In industrial environments you need safe and reliable temperature control to maintain process efficiency. From a dependable partner that has proven expertise

    in your sector and can help you plan ahead for the cooling season. Trust Energyst to take care of all your cooling needs. We can provide the extra rental capacity

    you need for reliable, energy-efficient cooling between -15C to +90C. Including high quality air coolers and chillers from 50 1500 kW. Brought to you by truly

    passionate and professional people that keep their cool, however great your challenge. How can we bring more energy to your world?

    FOR mORE INFORmATION vISIT www.ENERGYST.COm

  • Innovatie

    Biologisch afbreekbare golfbal Jaarlijks komen wereldwijd honderden miljoenen golfballen in de natuur terecht. Het duurt naar schatting 50 tot 500 jaar voordat ze zijn afgebroken. De zware metalen die erin zitten en het kunststof vervuilen het milieu. De oplossing komt van Biogolf, dat er na vier jaar onderzoek in geslaagd is een bio-logisch afbreekbare golfbal te maken met dezelfde kwalitei-ten als een reguliere golfbal.

    De NatureSX, zoals de biologische golfbal is gedoopt, is gemaakt van restmateriaal uit de patatindustrie en enkele andere natuurlijke materialen. De bal wordt in de natuur naar schatting in twee tot acht jaar vanzelf volledig afgebroken en opgenomen in de natuurlijke kringloop. Wat het spel betreft heeft de bal dezelfde kwaliteiten als traditionele golfballen. Professionele Nederlandse golfers hebben na tests geconclu-deerd dat deze bal zo goed als een normale golfbal is. De NatureSX geeft bij afslag en gedurende het spel een natuurlijk, vertrouwd gevoel en geluid, zowel op lange als korte afstand.

    De productie is van start gegaan dankzij een crowdfunding-actie. Biogolf wist via OnePlanetCrowd bijna 35.000 euro op te halen bij meer dan 125 investeerders. Het streefbedrag was 25.000 euro. Van het surplus worden andere producten voor de golf-sport ontwikkeld. Biogolf verwacht dat de bal een goed alterna-tief is voor 80 tot 90 procent van alle golfspelers, die het verschil nauwelijks zullen merken. De overige 10 tot 20 procent, de betere golfspelers en de pros, zullen de voorkeur blijven geven aan de duurdere plastic kwaliteitsgolfbal. p

    Stenen met een speciale coating van titaandioxide kunnen een bijdrage leve-ren aan het oplossen van problemen als smog en luchtvervuiling in grote steden en langs drukke wegen. Dat claimt MBI De steenmeesters. De producent van gevelstenen en tegels heeft een steen op de markt gebracht die onder invloed van daglicht schadelijke stikstofoxiden (NOx) omzet in nitraat, dat weggespoeld wordt door regenwater.

    Dat titaandioxide als katalysator onder invloed van zonlicht NOx kan afbre-ken was al langer bekend. De chemi-sche reactie heet fotokatalyse en vindt bij planten in de natuur plaats. Onder de naam Clairplus heeft MBI de technologie nu toegepast in een gevelsteen, een straatsteen en een tuinsteen. Het bedrijf claimt dat een vierkante meter Clairplus

    de lucht net zo veel zui-vert als een grote boom, en dat een oppervlakte van 9 vierkante meter zelfs net zo veel NOx reduceert als een gemiddelde auto per jaar uitstoot. Tijdens de bouw van wijken op plekken met veel luchtverontreiniging en normpro-blemen kun je 20.000 vierkante meter luchtzuiverende steen aanbrengen in gevels, straten en tuinen. Zo krijg je groene longen van steen in de stad, zegt manager innovatie Harm van der Ploeg. Tijdens proeven met luchtzuiverende straatklinkers in een straat in Hengelo bleek dat de concentraties NOx over de hele dag met 19 procent afnamen. De ste-nen konden 40 tot 50 procent van de NOx afbreken. Op de Technische Universiteit Eindhoven, waar de steen is getest door

    professor Jos Brouwers, brak Clairplus zelfs 63 pro-

    cent van NOx af. Steeds meer steden krijgen problemen om onder

    de aangescherpte normen te blijven, zegt Brouwers. Dit is een duurzame oplossing, want het enige wat je gebruikt is het mine-raal titaandioxide en uv-licht van de zon. De professor wil meer proeven nemen. De titaandioxide tast vanwege de geringe hoeveelheid de kwaliteit van de gevelsteen niet aan en heeft geen invloed op de uit-straling. Omdat de katalysator niet zelf aan de reactie meedoet raakt deze in theorie nooit op. Bijkomend voordeel is het zelfrei-nigende vermogen van de steen. Op de toplaag krijgen vuil, algen en mossen geen kans om zich te hechten, waardoor de gevelsteen zijn kleur behoudt. p

    Gevelsteen zuivert lucht

    maart 2013 Chemie Magazine 9

  • Toonaangevendin duurzaam afvalbeheerwww.indaver.com

    Duurzame valorisatie tot materialen & energie

    Indaver biedt een duurzame aanpak voor industrieel afval. Indaver valoriseert 90 %

    van de 4.6 miljoen ton afvalstoffen die ze beheert tot materiaal of energie. Eigen

    grootschalige installaties, sterke expertise en een goede kennis van de Europese

    afvalmarkt vormen hierbij onze unieke troeven. Ook via on site investeringsprojecten

    bij de grootindustrile klant valoriseren we energie en materialen uit reststromen.

    Dit vereist een juiste kennis van complexe afvalstoff en en voldoende inzicht in

    productieprocessen. Indaver realiseert lange termijnoplossingen tegen de laagste

    Total Cost of Ownership. Conformiteit aan wet- & en regelgeving en zero risk op

    liabilities staan hierbij steeds voorop.

    [email protected] Tel. +31 115 61 90 48

    www.indaver.nl

  • Water

    N aNticipereN op toekomstig zoetwatergebrekDe Vereniging voor Energie, Milieu en Water (VEMW) heeft een methodiek gelanceerd die industrile bedrijven inzicht biedt in de maatregelen die ze kunnen nemen om hun waterverbruik te reduceren en zo kosten te besparen. Met de Ladder voor duurzaam industri-eel watergebruik anticiperen we onder meer op het toekomstige gebrek aan zoet water, zegt Roy Tummers, directeur Water van VEMW.Tekst: Adriaan van Hooijdonk

    Door klimaatverandering verwacht VEMW dat Nederland vaker te maken krijgt met relatief langdurige droge periodes, met name in de zomer. Daarnaast zal de afvoer van water via de rivieren verminderen en wordt het pro-bleem van verzilting van oppervlaktewater steeds nijpender. In de zomer van 2003 leidde dat al eens tot productieverlies, waardoor onder meer bedrijven in de Bot-lek miljoenen euros schade leden. Ook het warme voorjaar van 2011 zorgde bij een aantal bedrijven voor problemen met de inname van oppervlaktewater.Het is een van de redenen waarom de overheid momenteel werkt aan de Natio-nale zoetwaterstrategie die binnen het Deltaprogramma wordt opgesteld. Het belangrijkste doel is om in kaart te bren-gen op welke manier Nederland haar toe-komstige zoetwatervoorziening duurzaam en economisch doelmatig in kan richten. Dit is van groot belang voor de waterafhan-kelijke bedrijven die gezamenlijk verant-woordelijk zijn voor circa 20 procent van de totale productiewaarde in ons land.

    Dit jaar neemt de overheid een aantal cruciale besluiten in de opmaat naar de zoetwaterstrategie die in 2014 verschijnt, licht Tummers toe. VEMW vond het belangrijk om niet alleen door middel van praktijkvoorbeelden te laten zien dat steeds meer industrile watergebruikers echt werk maken van duurzaam waterver-bruik, maar ook om de overheid erop te wijzen dat ze de belangen van de industri-ele gebruikers in het oog moet houden. Zo wil de vereniging onder meer dat de over-heid de zoetwatervoorziening centraal blijft regisseren en dat er geen nieuwe heffingen komen op het gebruik van oppervlaktewater. Dat zou volgens VEMW een verkeerd signaal afgeven voor duur-zaam ondernemende bedrijven.

    De ladderOm zelf het goede voorbeeld te geven, heb-ben VEMW-leden uit verschillende indus-trile sectoren gewerkt aan het opstellen van de Ladder voor duurzaam industrieel watergebruik. Het hulpmiddel is afgeleid van de ladder voor afvalbeheer van minis-ter Lansink van eind jaren 70. De metho-diek helpt bedrijven onder meer om hun waterverbruik te reduceren en zo kosten te besparen. De ladder bestaat uit vijf stappen die in volgorde de voorkeur voor de omgang met water binnen een bedrijf op een rij zetten. Preventie richt zich op een zo laag mogelijke watervoetafdruk, hergebruik focust zich op het sluiten van de waterkringloop, dan volgt het voorko-men van verontreiniging, het terugwinnen van energie en nutrinten en uiteindelijk een verantwoorde lozing. p

    VEMW INTrODucEErT LADDEr VOOr DuurZAAM INDusTrIEEL WATErgEBruIk

    EuRopEsE WETgEVingTummers wijst erop dat niet alleen de Nederlandse overheid, maar ook de Europese Commissie bezig is om nieuwe wet- en regelgeving op te stel-len om het waterverbruik in de indus-trie te reduceren. De aandacht slaat duidelijk om: van waterkwaliteit naar waterkwantiteit. Emissies van de industrie zijn vandaag de dag een beperkt en overzichtelijk probleem, maar de toegang tot voldoende zoet water kan op termijn een probleem worden. Daarom overweegt de Euro-pese Commissie om in 2014 wet- en regelgeving te introduceren die bedrij-ven verplicht om nog meer werk te maken van waterhergebruik. De methodiek die VEMW heeft gentrodu-ceerd helpt bedrijven om de juiste maatregelen te nemen.

    Meer informatie: download het rapport Duurzaam industrieel watergebruik, gezamenlijke opgave voor industrie en overheid op www.vemw.nl . De Ladder voor duurzaam industrieel watergebruik is terug te vinden in dit rapport.

    fo

    to: s

    hu

    tte

    rs

    toc

    k

    maart 2013 chemie Magazine 11

  • Kennis verbreden en verdiepen www.cursus.paotechniek.nl

    Interesse in andere cursussen op het gebied van Chemie of Techniek? Kijk voor alle cursussen op www.cursus.paotechniek.nl

    015 278 83 [email protected]

    Postbus 50482600 GA Delft

    Polymeerchemie- en technologie 6 modules van 1 of 2 dagen in de periode van 17 april t/m 8 oktober 2013

    Drogen in de procesindustrie 24 en 25 april 2013

    Carcinogene stoffen op aanvraag; 1-daagse cursus

    Design of Experiments 11, 13, 18, 20 juni 2013

    Management Development Programma Module 3 - Valkuilen bij Projectmanagement: herkennen en hanteren 25 april 2013

    Module 4 - Time Management: Wat te kiezen? Hoe te handelen? 14 mei 2013

    Module 5 - Implementatie van verandertrajecten 31 mei 2013

    Module 6 - Professioneel presenteren 13 juni 2013

    Process Control voor procestechnologen Module 1 - Conventionele regelsystemen: PID-tuning 28 en 29 mei 2013

    Module 2 - Regelsystemen bij chemische processen 4 juni 2013

    Module 3 - Geavanceerde regelsystemen 25 juni 2013

    Chemie Magazine is nu ook (gratis) beschikbaar voor bezitters van een iPad, Galaxy Tab of een ander tablet (met Android 3.2 of hoger). Via een gratis abonnement ontvangt u automatisch iedere maand Chemie Magazine op uw tablet. U ontvangt een e-mail wanneer dit het geval is.

    ZO SLUIT U EEN GRATIS ABONNEMENT AF:

    Maak een account aan via www.magzine.nu Ga naar www.magzine.nu/magazine/Chemiemagazine, klik op Abonnementen en vervolgens op Nu kopen

    In de winkelwagen klikt u vervolgens op Afrekenen en Verder Pak uw tablet en download via www.magzine.nu de gratis

    MagZine-app In de MagZine-app logt u in met het zojuist aangemaakte

    account Klik op Download Magazines en lees de laatste Chemie

    Magazine via de knop Mijn Magazines

    VRAGEN OF OPMERKINGEN?Neem contact op met Igor Znidarsic, hoofdredacteur van Chemie Magazine, [email protected]

    CHEMIE MAGAZINE NU OOK OP IPAD EN ANDERE TABLETS

  • Milieu

    Strengere eU-normen op komSt2013 is door de Europese Commissie aangewezen als het Jaar van de Lucht (Year of Air). Luchtkwaliteit staat het hele jaar door hoog op de milieuagenda van de EU. Met aan het einde van het jaar een herziening van de Europese richtlijn Thematic strategy on air pollution, die zal leiden tot nieuwe aangescherpte emis-sieplafonds (National emission ceilings) ten opzichte van 2010 en mogelijk ook normen voor luchtkwaliteit.

    Uit enqutes onder Europese burgers, bedrijven en ngos is gebleken dat er grote waarde wordt gehecht aan de luchtkwaliteit. Gevraagd naar een effec-tieve manier om luchtvervuiling te vermin-deren, noemt 43 procent van de respon-denten aanvullende maatregelen, zoals strengere emissiecontrole bij industrie en energieproductie. Ze nemen aan dat autos (96 procent), industrie (92 procent) en internationaal transport (86 procent) de grootste bijdrage leveren aan de luchtver-vuiling. Zeven op de tien respondenten vinden dat hernieuwbare energie prioriteit moet krijgen als de belangrijkste energie voor de toekomst. En zon 85 procent staat achter het principe dat de vervuiler betaalt, waarbij de vervuiler ook zou moeten beta-len voor de kosten van de negatieve impact op de luchtkwaliteit. Gevraagd naar wat ze persoonlijk kunnen bijdragen aan de ver-betering van de luchtkwaliteit, stelt 63 procent van de Europeanen voor om het autogebruik te verminderen en 54 procent om oude energieslurpende apparaten te vervangen door duurzamere apparatuur.

    Grote bijdrageEen vervolgenqute van de Europese Com-missie moet gaan uitwijzen waar het nieuwe EU-beleid voor luchtkwaliteit zich op moet focussen. De VNCI, die heeft mee-gedaan aan deze enqute, heeft aangege-ven dat de industrie in Nederland al een grote bijdrage heeft geleverd, en dat ook zal blijven doen, doordat haar emissies voldoen aan de Beste Beschikbare Tech-nieken (BBT). De verplichting om aan BBT te voldoen reguleert de emissies bij grote

    industrile bedrijven, zoals die van de chemie. Emissiereducties van stoffen die vallen onder de National emission ceilings (NEC-stoffen: NOx, SO2, NH3, NM VOS en fijn-stof) zijn in Europa gerealiseerd door regelgeving, door genstalleerde technie-ken en door lagere zwavelgehaltes in brandstoffen. Ook bij de leden van de VNCI is een continue dalende trend van emissies van NEC-stoffen te zien. Maar mede van-wege uitlaatgassen van autos voldoet de luchtkwaliteit in de stedelijke omgeving nog niet overal aan de normen. De VNCI vindt dat de emissieplafonds rea-liseerbaar moeten zijn met de richtlijnen, zoals de Industrial emissions directive (EID). Omdat de IED in Nederland goed is gem-plementeerd en in de industrie Beste Beschikbare Technieken worden toege-past, vindt de VNCI dat in het Nederlandse luchtbeleid de (chemische) industrie niet als sluitpost gebruikt moet worden.

    NatuurbeschermingswetBij emissies moeten industrile bedrijven ook steeds meer rekening houden met de Natuurbeschermingswet, stelt Leantine Mulder, VNCI-beleidsmedewerker Milieu. Op het gebied van emissies ervaren bedrijven een verschuiving in aandacht van de milieuvergunning naar de natuurbe-schermingswetvergunning, waar bedrijven bijvoorbeeld mee te maken krijgen bij een wijziging van activiteiten. De Natuurbe-schermingswet regelt de bescherming van leefgebieden. De invloed van luchtvervui-ling op deze gebieden resulteert in verzu-ring en eutrofiring (een overmaat aan voedingsstoffen), die erger blijkt dan voor-zien. Nieuwe wetenschappelijke ontwikke-lingen tonen aan dat ecosystemen veel gevoeliger zijn dan eerder was ingeschat.Volgens Mulder zal bescherming van de natuur het voor industrile bedrijven moei-lijker maken om de benodigde vergunnin-gen te verkrijgen. Dat kan leiden tot ver-traging en tot significant meer investe- ringen dan de IED vereist op basis van Beste Beschikbare Technieken. p

    VEEL aaNDaCHT VOOr LUCHTkwaLITEIT TIjDENS jaar VaN DE LUCHT

    fo

    to: s

    hu

    tte

    rs

    toc

    k

    maart 2013 Chemie Magazine 13

  • SITECH SERVICES VERBETERT UW PRESTATIES

    Sitech Services verzorgt het complete onderhoud van fabrieksinstallaties, van management en uitvoering tot verbeterprojecten. We hebben alle expertise in huis om de maximale opbrengst uit uw installaties te halen. U profi teert van synergievoordelen op specialistische terreinen en daardoor het waarborgen van technische competenties.

    Houdt u uw kennis binnenboord?

    www.sitech.nl

    Mengen ...

    Geavanceerde stortgoedtechnologie

    CH-8105 RegensdorfT +41 (0)44 871 36 36

    FR-95100 ArgenteuilT +33 (0)1 39 98 29 29

    www.gericke.net

    Singapore 787813T +65 64 52 81 33

    GB-Ashton-under-LyneLancashire, OL6 7DJT +44 (0)161 344 1140

    DE-78239 RielasingenT +49 (0)7731 92 90

    NL-3870 CA HoevelakenT +31 (0)33 25 42 100

    [email protected]

    ... transporteren, doseren, breken, zeven: GERICKE

    beschikt over de kennis en de technieken voor iedere

    denkbare processtap of totaaloplossing. Wij leveren al

    meer dan 115 jaar machines en complete systemen als

    optimale toepassing in stortgoed gerelateerde processen.

    Wij bieden u onze kennis en kwaliteit in com binatie met

    onze betrouwbaarheid, ef cinte en wereldwijde service.

  • Actueel

    AkzoNobel s werelds duurzAAmste bedrijf AkzoNobel is wereldwijd het duurzaamste chemie-bedrijf, op de voet gevolgd door DSM. Dat blijkt uit het Sustainability Yearbook 2013 van het in duurzame investeringen gespecialiseerde RobecoSAM en adviesbureau KPMG.

    In deze jaarlijkse ranglijst brengen de schrijvers in kaart hoe duurzaam bedrijven en sectoren wereld-wijd opereren. Zij doen dit aan de hand van de inspanningen van bedrijven voor economische weer-baarheid, aandacht voor het milieu en sociaal werkge-verschap. Als zogeheten sector leader is AkzoNobel het bedrijf dat in zijn sector het beste voorbereid is om de kansen te benutten en de gevaren te beheersen die voortvloeien uit economische, sociale en milieu-ontwikkelingen. DSM scoort nog geen 5 procent lager dan AkzoNobel en krijgt daarvoor het predicaat zilver. Een bronzen medaille, bedoeld voor bedrijven die 5 tot 10 procent lager scoren dan de sector leader, gaat naar BASF, Bayer, Dow en Praxair.

    Het jaarboek brengt ook in kaart welke bedrijven het afgelopen jaar de grootste groei in duurzaamheid hebben doorgemaakt. Ook hierbij gooien veel leden van de VNCI hoge ogen, zoals Air Products, Dupont, Linde Gas, Solvay, Teijin en Umicore. De sector chemie brengt het er goed vanaf. De 68 beoordeelde chemiebedrijven scoorden namelijk gemiddeld 5 procentpunt hoger dan het gemiddelde. Vorig jaar was de uitslag grofweg hetzelfde, alleen ging DSM toen met de hoofdprijs naar huis. p

    Alle chemie op n online plekDe belangrijkste websites over chemie bij elkaar. Dat doel heeft ChemieIsOveral.nl, d website van de chemiesector voor het brede publiek. Deze portal laat zien wat er alle-maal met chemie mogelijk is en fungeert als springplank naar andere chemiewebsites.

    De website is opgedeeld in vier onderde-len: school en studie, werk en carrire, onderzoek en innovatie, en industrie. Kinderen vinden hier materiaal voor spreek-beurten, jongeren komen te weten welke mogelijkheden er zijn om chemie te studeren, professionals kunnen snel de belangrijkste vacatures vinden, en journalisten zien in n oogopslag welke chemiebedrijven er in Nederland draaien. Bovendien biedt ChemieIsOveral.nl een afde-ling met verrassende weetjes en toepassingen van chemie, zoals in het Stedelijk Museum, of videos van de meest opmerkelijke varianten van het periodiek systeem. Chemie is overal is een initiatief van de Regiegroep Chemie, met als doel om Neder-landers een juist beeld over chemie te geven. Het project verenigt onderwijs, onderzoek en ondernemers en geeft antwoorden op vragen als: wat doet de chemie, waar is zij goed in, en welke oplossingen biedt de chemie voor maat-schappelijke problemen? p

    Scan de QR-codeom naar de site

    ChemieIsOveral.nl te gaan.

    Extra data cursus BrZO-cOrdinatOrEnSinds eind 2010 organiseert PHOV/Chorda in samenwerking met de VNCI een driedaagse cursus voor BRZO-cordinatoren. Die is inmiddels door 20 medewerkers van 85 ver-schillende bedrijven gevolgd. De cursus richt zich op medewerkers van BRZO-bedrijven die de veiligheidsbeheerssystemen beheren en het contact onderhouden met bevoegd gezag, Inspectie SZW en brandweer, onder meer bij het begeleiden van BRZO-inspec-ties. Vanwege de grote vraag worden extra sessies ingelast op 16, 22 en 23 mei. De daarop volgende cursus staat gepland op 11, 24 en 25 september. p

    Meer informatie: www.phov.nl en www.chorda.nl

    fO

    tO: a

    kZO

    NO

    Be

    l

    maart 2013 Chemie Magazine 15

  • ChemiCals managementHoud de controleBij het werken met chemische stoffen moet u al aan veel regels voldoen. de gevolgen van reAcH worden nu ook voor alle gebruikers van kracht.

    Het niet voldoen aan de eisen van REACH brengt uw bedrijfs-continuteit in gevaar. Bent u bereid dat risico te nemen?

    tno triskelion kan er samen met u voor zorgen dat u aan alle verplichtingen voldoet. Wat wij aanbieden is o.a.:-- Inspectie van uw reAcH implementatie systeem-- Hulp bij voldoen aan maatregelen uit veiligheidsbladen-- evalueren van risicos met nano-deeltjes-- risicos van humane en milieu blootstelling in kaart brengen-- opstellen van veiligheidsbladen en exposure scenarios-- Assisteren in reAcH autorisatie/SVHc processen-- nieuwe stoffen registraties en/of dossier updates

    Voor meer informatie zie onze website www.triskelion.nl/chemistry of neem contact met ons op.tel: 088 866 16 20 / e-mail: [email protected]

  • Actueel

    Dow en LinDe Gas GenomineerD voor sociaL-meDiaprijs Dow Terneuzen en Linde Gas Benelux in Schiedam zijn genomineerd voor de IndustrialSocialMedia Award. Deze prijs is bedoeld voor het technische b2b-bedrijf dat het afgelopen jaar het beste social media (zoals Face-book, Twitter en LinkedIn) heeft ingezet om zijn bedrijfsdoelen te bereiken. Ook het grote publiek mag via een online stemming laten weten wie zijn favoriet is.

    Dow is op de longlist gekomen vanwege zijn activitei-ten op Facebook en de bijna vijfhonderd volgers die het bedrijf daar heeft. Linde Gas Benelux zet onder meer Twitter en Facebook in om potentile klanten te vin-den en gebruikers te informeren over zijn producten.

    De IndustrialSocialMedia Award wordt georganiseerd door IndustrialSocialMedia, het kennisplatform voor social media in het technische b2b-segment. In de jury, aange-voerd door hoogleraar John Koster, zit onder meer de VNCI. Aan de competitie doen achttien bedrijven mee, vari-erend van internationale concerns tot innovatieve mkbers. Op 8 april wordt bekendgemaakt wie de winnaar is van de jury- en van de publieksprijs. p

    Meer informatie: www.industrialsocialmedia.nl

    vnci-jaarverGaDerinG: hoe komen we aan GoeD personeeL?Hoe kan de chemische industrie in de toekomst over voldoende, goed gekwali-ficeerd personeel beschikken? Deze vraag staat centraal tijdens de komende VNCI-jaarvergadering.

    De positie van Nederland in de top-5 van de meest concurrerende econo-mien moet de komende jaren ver-ankerd en versterkt worden, zo stelt het regeerakkoord. Cruciaal hiervoor is vol-doende, goed geschoold personeel. Tij-dens De VNCI-jaarvergadering gaan ver-schillende sprekers op dit thema in, waaronder DSM-directeur Atzo Nicola en Jan van Zijl, voorzitter MBO Raad. Vragen die aan de orde zullen komen zijn: welke kennis en vaardigheden hebben werkne-mers in de chemie nodig; welke rol hebben industrie, onderwijs en overheid bij het aantrekken van voldoende, goed gekwalifi-ceerd personeel; en wat zijn de conse-quenties van de huidige economische omstandigheden voor de vraag naar per-soneel in de sector? Vanzelfsprekend staan ook de jaarlijkse onderdelen, zoals de jaarrede van VNCI-voorzitter Fuhrmann en de overhandiging van de Responsible Care-prijs, op het programma. p

    De VNCI-jaarvergadering is gratis toeganke-lijk en vindt plaats op donderdagmiddag 30 mei in de Nieuwe Kerk in Den Haag. Inschrij-ven kan via e-mail: [email protected]

    VNCI: EuropEEs ENErgIEbElEId hard NodIg Wil de industrie in Europa haar concurrentiekracht behouden, dan moet er op korte termijn een Europees energie- en grondstofbeleid komen. Dit beleid moet ervoor zorgen dat bedrijven gegarandeerd toegang hebben tot energie en grondstoffen tegen concurrerende prijzen. Dat stelt de VNCI in reactie op de ontwikkelingen van scha-liegas in de Verenigde Staten.

    Door de grootschalige winning van schaliegas ligt de gasprijs in de VS gemiddeld drie keer lager dan in Nederland, waardoor de bestaande chemische industrie daar een enorm concurrentie-voordeel heeft op energie- en grondstofkosten. Ook zullen chemiebe-drijven eerder nieuwe fabrieken in de VS openen ten koste van investe-ringen in Nederland. Het Europese beleid dat de VNCI voor ogen heeft zou door de Nederlandse overheid genitieerd moeten worden, aange-zien de industrie hier in grote mate mondiaal opereert. p

    fo

    to: c

    as

    pe

    r r

    ila

    maart 2013 Chemie Magazine 17

  • Transportservice van huis uit

    Internationaal Transportbedrijf

    L. van der Lee en Zonen B.V.

    T (015) 213 59 11

    E [email protected]

    I www.vanderlee.nlLeschaco Nederland B.V. | Hoogvlietsekerkweg 164 | NL 3194 AMRotterdam-Hoogvliet | [email protected] | www.leschaco.com

    LESCHACO

    your specialist

    for supply chain

    solutions.

    We offer

    integrated,

    intercontinental

    logistics with

    responsible care

    for the chemical

    industry.

    Logistics

    and beyond.

    Since 1879.

    Experienced. Dedicated. Customized.

    phone +31

    (10) 2953 153

    Download de app ADR-Pro 2013 van Beurtvaartadres De ADR-Pro 2013 is een zeer complete app voor iPhone en Android. Het is een ideaal

    hulpmiddel voor iedereen die te maken heeft met wegvervoer van gevaarlijke stoffen. Bent u

    vrachtwagenchauffeur, veiligheidsadviseur, planner of magazijnmedewerker? De ADR-Pro 2013

    biedt u veel handige tools die u kunnen ondersteunen in uw dagelijkse praktijk. Naast een

    alfabetische stoffenlijst bevat de app een helder overzicht van alle gevaarsetiketten. Heeft

    u uw transportlijst ingevoerd? Dan brengt de app ook de betreffende tunnelbeperkingen en

    tankcleaningstations voor u in kaart. Ook kunt u aan de hand van uw transportlijst zien

    of uw transport in aanmerking komt voor de 1000-puntenvrijstelling. Bereken het gemakkelijk

    en snel met de ADR-Pro 2013. De app denkt zelfs met u mee over de omschrijving van uw

    goederen op de vrachtbrief. En met de kennisquiz kunt u uw parate kennis op peil houden.

    Voor meer informatie bezoekt u www.beurtvaartadres.nl/adr-app

    Beurtvaartadres is voor de logistieke keten geen onbekende.

    Al sinds 1927 faciliteert Beurtvaartadres de keten in het

    onderling uitwisselen en bewaren van gegevens over

    logistieke transacties, om zo de totale transactiekosten te

    verlagen. De ADR-app is de eerste in een reeks van applicaties

    voor smartphones en tablets, die Beurtvaartadres de komende

    tijd gaat introduceren.

    Postbus 24023, 2490 AA Den Haag E [email protected] I www.beurtvaartadres.nl T 088 55 22 111 F 088 55 22 103

    Direct duidelijkheid over gevaarlijke stoffen

    ADR-Pro 2013

  • twitter

    Actueel

    Dana @FriendlyVampireHet mooie van werken in de Chemie: het lab ruikt altijd zo

    lekker chemisch

    Anne-Wil Lucas @annewillucasVoorzitter branchevereniging chemische industrie vraagt

    terecht aandacht voor energie en grondstofschaarste die dreigt. #indu-striepoort

    Ruben Wiersma @rubwieZonder chemie geen geur. Appeltaart is ook een chemi-

    sche geur. RT @provgroningen @rubwie Een chemische geur. #eemshaven

    Barbara Breeuwer @BarbaraBreeuwerDe chemie van de liefde. Wat gebeurt er in ons persoonlijke

    scheikundelab als we verliefd zijn?

    DSM Nederland @DSMNederlandEreplaats voor @DSM in het

    Sustainable Yearbook 2013, samenge-steld door @RobbecoSAM en @KPMG

    Willem Lageweg @willemlagewegUit LCAs blijkt dat chemische sector ook belangrijke bijdrage

    levert aan duurzaamheid. Desondanks veel aandacht bij VNCI voor milieu-impact

    Danielle Schimmel @DanielleJyranne*Zucht* De dag dat ik organi-sche chemie ga begrijpen, is de

    dag dat Pasen en Pinksteren op dezelfde datum gaan vallen

    Meer actueel nieuws op www.vnci.nl en in de wekelijkse gratis Chemie nieuwsbrief (meld je aan via de site).

    Chemie zorgt voor meeste investeringen in nederland 294 miljoen euro. Zo veel hebben buitenlandse bedrijven in 2012 in de Nederlandse chemie genves-teerd. Hiermee is het de sector waarin afgelopen jaar het meeste geld is gestoken. Dat blijkt uit cijfers van het NFiA, de uitvoeringsorganisatie van het ministerie van eZ die zich bezig-houdt met het aantrekken van buitenlandse investeringen.

    De 294 miljoen euro aan investeringen betekent een gigantische groei ten opzichte van de voorgaande vier jaren, waarin buitenlandse bedrij-ven nooit meer dan 100 miljoen in de Nederlandse chemie inves-teerden. Ook het aantal projecten groeide. De meest in het oog

    springende projecten waren de productie-uitbreiding in Rotter-dam van Invista (VS) en de uitbrei-ding van de R&D en productie van Lanxess (Duitsland) in Geleen.

    Volgens het NFIA was 2012, ondanks de crisis, voor Nederland een topjaar qua investeringen. Het bureau ondersteunde 170 buiten-landse investeringen, goed voor ruim vijfduizend banen. De VS was goed voor 58 projecten, maar Azi als geheel nam meer dan de helft van alle investeringen voor haar rekening. De IT-sector bleek de sector waar de meeste investe-ringsprojecten plaatsvonden (28) en zo de meeste banen werden gecreerd (bijna 700). p

    Dag van De Chemie op 5 oktoberOp zaterdag 5 oktober openen vele (chemie)bedrijven weer hun deu-ren voor het grote publiek. Zij gebruiken deze Dag van de Chemie om in contact te komen met hun omgeving, om nuttige relaties op te bouwen, om goed gekwalificeerd personeel aan te trekken of om hun naamsbekendheid te vergroten.

    De Dag van de Chemie wordt om het jaar georganiseerd om de kennis over chemie bij het grote publiek te vergroten en het imago van de sector te verbeteren. Dit jaar staat de Dag van de Chemie in het teken van veiligheid. Chemie-bedrijven kunnen laten zien wat zij

    allemaal doen op dit gebied.Behalve chemiebedrijven kunnen aan de Dag van de Chemie ook orga-nisaties deelnemen die veel te maken hebben met chemie, zoals onderwijsinstellingen, ziekenhuizen, bloedbanken, laboratoria, water-schappen en transportbedrijven. Zij kunnen laten zien welke belangrijke plek de chemie in de Nederlandse maatschappij inneemt. In de voorgaande editie bezochten 58.000 bezoekers een of meer van de zeventig deelnemende bedrijven en instanties.p

    Meer informatie: www.dagvandechemie.nl

    maart 2013 Chemie Magazine 19

  • Sloan is bekend met de slechte reputatie die schaliegas ook in de Ver-enigde Staten heeft. In fi lms als Promised Land en de documentaire Gaslands wordt schaliegas voorgespiegeld als ver-vuilend en potentieel gevaarlijk voor de volksgezondheid. Maar ook zon-der deze fi lms, die hij niet gezien heeft, weet hij dat er veel verwar-ring bestaat over het exploitatiepro-ces. Het zou mooi zijn als de dis-cussie een wat wetenschappelijker karakter zou krijgen. In de afwezig-heid van feiten gaan mensen helaas altijd uit van het negatieve. Gelukkig werkt de federale milieudienst Envi-ronmental Protection Agency momenteel aan richtlijnen voor gas-bedrijven om openheid van zaken te geven over de chemicalin die ze gebruiken.

    Hoeveel schaliegas zit er volgens u nog in de Amerikaanse bodem? De overheidsdienst Energy Information Administration gaat uit van een eeuw aan rendabel winbaar scha-liegas. Maar het consultancybureau Probe Economics stelt dat er nog hooguit voor vijftig jaar voorradig is. Dat is moeilijk te beoordelen, want we hebben niet de middelen om die cijfers zelf te controleren. Er is in ieder geval genoeg om de investe-

    Dankzij spotgoedkoop schaliegas hebben Amerikaanse chemiebedrijven een oneerlijk voordeel op hun Europese concurrenten. Maar volgens CEO Lawrence Sloan van de Amerikaanse Society of Chemical Manufacturers and Affiliates (Socma) hoeft de Nederlandse chemische industrie daardoor niet weg te kwijnen. Een vrijhandelsverdrag kan volgens hem tot een win-win situatie leiden. Tekst: Jeroen Ansink

    ringen die de industrie momenteel maakt te rechtvaardigen. Of het nu gaat om vijftig of honderd jaar, er is schaliegas voor een lange tijd.

    Toch zetten sommige deskundigen vraagtekens bij het economisch ren-dement. Zo is de gasprijs momenteel zo laag dat energiebedrijven veel meer aan de productie zouden uitge-ven dan dat de verkoop oplevert. Het klopt dat de gasprijzen histo-risch laag zijn, en dat veel bronnen niet kostendekkend zijn. Zes jaar geleden kostte 1000 kubieke voet nog tussen de 8 en 10 dollar, van-daag de dag zitten we rond de 3 dol-lar. Maar ik denk dat dat een tijdelijk fenomeen is. Vergeet niet dat de Amerikaanse economie nog steeds zwak is en dat we een relatief warme winter hebben gehad. Daar-naast gaan er stemmen op om het overschot aan gas te exporteren. Dat zou de prijs iets opdrijven, zodat het weer rendabel wordt om meer bronnen aan te boren.

    Dat is koren op de molen van de olie- en gasbedrijven. De Ameri-kaanse overheid is echter terughou-dend met exportvergunningen, omdat daarmee het economisch voor-deel aan het buitenland zou worden weggegeven.En zij niet alleen. Een coalitie van

    Lawrence Sloan van Amerikaanse chemiekoepel ziet kansen voor Europa

    AMERIKAANS SCHALIEGAS ALS WISSELGELD VOOR SOEPELER EUROPEES IMPORTBELEID

    grote chemiebedrijven verzet zich eveneens met hand en tand. Bij-voorbeeld een grote speler in de markt die momenteel 4 miljard dol-lar in de Golf van Mexico investeert om de capaciteit voor etheen en propeen te vergroten. Het is interes-sant om te zien, want normaliter zitten energiebedrijven en de che-mische industrie op n lijn.

    Wat is de mening van uw organisatie? Zelf hebben we hier geen offi cieel standpunt over. Onze leden zijn kleine tot middelgrote bedrijven die zich richten op nicheproducten met een hogere marge. Anders dan de fabrikanten van bulkproducten zijn zij minder kwetsbaar voor fl uctua-ties in energieprijzen. Wat ik wel kan zeggen is dat we voorstander zijn van vrije handel.

    In Europa hebben we voorzichtig een begin gemaakt naar een economie die is gebaseerd op duurzame ener-giebronnen. Critici zeggen dat de transitie naar schaliegas wat dat betreft een stap terug is.Ze hebben niet helemaal ongelijk. Interessant genoeg hebben de Ver-enigde Staten de afgelopen jaren juist minder CO2 uitgestoten, gedeeltelijk vanwege de recessie, maar ook omdat we zijn overgestapt

    20 Chemie Magazine maart 2013

  • eFO

    TO: J

    OH

    N N

    EL

    SO

    N

    Energie

    AMERIKAANS SCHALIEGAS ALS WISSELGELD VOOR SOEPELER EUROPEES IMPORTBELEID

    BELANGENORGANISATIE VOOR BATCHPRODUCENTENDe Society of Chemical Manufacturers and Affi li-ates (Socma) behartigt de belangen van de zoge-heten batchproducenten, gespecialiseerde fabrieken die vaak op bestelling relatief kleine volumes draaien. De circa tweehonderd Socma-leden bedienen onder meer de automobielindu-strie, farmaceutische en cosmetische bedrijven, de kleding- en voedselsector, en de verfi ndustrie. Zij zetten gezamenlijk 24 miljard dollar om en er werken in totaal vijftigduizend mensen.

    van steenkool op schaliegas.

    Dat kun je geen beleid noemen. Het is een toevalstreffer, inder-daad. Maar uiteindelijk zal de VS toch een alomvattend energiebeleid moeten ontwikkelen in plaats van door te gaan met de huidige ad hoc benadering. Het probleem met duurzame energiebronnen is alleen dat ze voor een groot deel afhanke-lijk zijn van overheidssubsidies. En daar houden de meeste Amerikanen niet van.

    Is dit berhaupt nog wel een aan-dachtspunt? Volgens president Obama zal de VS in de toekomst ener-gie-onafhankelijk zijn. Klopt, maar dat is voornamelijk vanwege schaliegas. We zullen uit-eindelijk moeten beslissen wat we met al die andere energiebronnen gaan doen. De meeste Amerikanen hebben een voorkeur voor een gemengde strategie, waarbij duur-zame energie gecombineerd wordt met investeringen in offshore dril-ling. Persoonlijk denk ik dat Obama voordat zijn termijn afl oopt nog een energiewet zal tekenen. Maar dat is ook afhankelijk van wat er gebeurt na de tussentijdse verkiezingen in 2014. De komende twee jaar heeft hij in ieder geval zijn handen vol aan andere dingen, zoals het schuldpla-

    fond, belastinghervormingen en immigratiewetgeving.

    De American Chemistry Council (ACC), uw concurrent, pleit voor een nieuw handelsverdrag met de EU. De ACC denkt dankzij goedkoop scha-liegas voor 58 miljard dollar meer te kunnen exporteren, zo stelt zij in recent onderzoek. Wat is uw visie?Ik kan geen commentaar geven op onderzoek dat door de ACC is uitge-voerd, maar we steunen zeker een nieuw verdrag tussen de VS en de EU. De Amerikaanse chemische industrie is jaarlijks 1 miljard dollar kwijt aan importheffi ngen. Daarvan komt 600 miljoen voor rekening van de organische chemische sector, die voor het grootste deel vertegen-woordigd wordt door Socma.

    Hoe zou zon verdrag er volgens u moeten uitzien? Onze voorkeur gaat uit naar een volledige afschaffi ng van de import-heffi ngen. Daarnaast willen we Reach aan de orde stellen. Dat is weliswaar geen importheffi ng, maar kan wel degelijk gezien worden als een handelsbelemmering. Met name de kleinere ondernemingen hebben vaak niet de middelen om aan die verordening te voldoen, en hebben daarom besloten de export naar Europa te stoppen.

    Lawrence Sloan: Het maakt ons niet blij dat jullie een concurrentienadeel hebben en dat jullie economie het niet goed doet. Europa is een van onze belangrijkste exportmarkten.

    maart 2013 Chemie Magazine 21

  • Worden dat dan geen eenzijdige onderhandelingen? U heeft alle reden om die situatie in stand te houden. De Amerikaan in mij zegt: ja, haha. Maar serieus, het maakt ons niet blij dat jullie een concurrentienadeel hebben en dat jullie economie het niet goed doet. Europa is een van onze belangrijkste exportmarkten, helemaal voor de grotere spelers in ons ledenbestand. Als wij jullie kun-nen helpen om concurrerend te worden met de export van scha-liegas, dan doen we dat graag.

    Is er een kans dat er uiteindelijk een compromis wordt gesloten: het weg-nemen van Europese tariefmuren in ruil voor de export van goedkoop Amerikaans schaliegas?Dat zou me niets verbazen. Ik ben geen deskundige op dit vlak, maar

    een handelsverdrag is een kwestie van geven en nemen. Amerikaans schaliegas zou wat dat betreft heel goed kunnen worden ingezet als wisselgeld.

    Heeft u hierover al iets gehoord van de regering-Obama en uit Brussel?Toevallig hadden we kort geleden een ontmoeting met deputy ambas-sador Miriam Shapiro, die recht-streeks rapporteert aan de Ameri-kaanse handelsgezant Ron Kirk. Zij liet doorschemeren dat ze goede hoop heeft dat we binnen twee jaar een vrijhandelsverdrag kunnen tekenen. Binnenkort organiseert de Amerikaanse Kamer van Koophan-del in Washington een bijeenkomst hierover. Daarbij is ook een verte-genwoordiger van de European Fine Chemicals Group, dat onderdeel uitmaakt van Cefi c, uitgenodigd.

    Als de regering-Obama en de ambte-naren in Brussel het eens worden over zon handelsakkoord, moeten we in Europa dan vrezen voor een moor-dende concurrentie uit Amerika? Dat hangt af van de concessies die worden gemaakt. Als Amerika de Europese chemische industrie kan helpen versterken, dan worden we er allebei beter van. Wat betreft Socma: onze leden maken chemi-sche halffabrikaten die bestemd zijn voor geformuleerde producten. Het zou heel goed kunnen dat Europas chemie-industrie daar voordeel uit kan halen, bijvoorbeeld als die eind-producten weer terug naar de VS kunnen worden gexporteerd.

    Maar is dat voldoende om de dreiging van een nieuw concurrentieland-schap te compenseren?Er zijn delen in de wereld die jullie

    effi cinter kunnen bedienen dan wij. Denk aan het Midden-Oosten of Rusland. Dat geografi sche voordeel neemt niemand jullie af. Bovendien zijn Nederlandse en zeker ook Duitse bedrijven innova-tiever, met name als het gaat om automatisering. Ik heb het gevoel dat we wat dat betreft een beetje achterlopen. Het lijkt erop dat de trends op dit gebied altijd in Europa beginnen.

    Welk advies zou u de Europese en Nederlandse chemische industrie willen meegeven? Investeer in Amerikaanse chemie-bedrijven. Voor de voorzienbare toekomst is dat een van de beste plekken om je geld in te stoppen. p

    AMERIKA WERELDLEIDER Met een omzet van 760 miljard dol-lar is de Amerikaanse chemische industrie de grootste ter wereld: 15 procent van alle chemicalin wordt in de VS geproduceerd. Daarvan werd in 2011 voor 187 miljard dollar uitgevoerd, 12 procent van de totale export. De Amerikaanse chemie is bovendien een groeisector: in tien jaar tijd is de omzet met bijna 75 procent toegenomen. Die groei wordt voor een deel aangezwengeld door goedkoop schaliegas. Kostte Amerikaans gas in januari 2001 nog 6,8 dollar per 1000 kubieke voet en in juli 2008 zelfs 10,8 dollar, van-daag de dag is de prijs gezakt tot 3,35 dollar per 1000 kubieke voet.

    Volledig afschaffen van importheffingen heeft onze voorkeur

    REACTIE VNCIDe VNCI onderschrijft het belang van de beschik-baarheid van betaalbaar gas als energie en grond-stof voor de Nederlandse chemie. De huidige prijs-verschillen met de VS leveren alleen al op de inzet van aardgas een concurrentienadeel van 1 miljard euro per jaar op voor de Nederlandse chemie. De VNCI pleit er daarom voor export van schaliegas uit de VS mogelijk te maken.

    FO

    TO: J

    OH

    N N

    EL

    SO

    N

    22 Chemie Magazine maart 2013

  • Bereken nu zelf w besparing opwww.idsnl.com/besparing

    D Logistics Control Tower voor de chemische industrie

    Bekijk de DSM business case

    Een stap in jouw carrire maken?Ga dan voor de opleiding HVK en/of AH

    Kies je voor PHOV, dan kies je voor kwaliteit!

    docenten uit de praktijk en autoriteiten op hun vakgebied

    praktijkgericht met opdrachten binnen het eigen bedrijf

    PHOV al 20 jaar toonaangevend in veiligheidskunde

    9 april 2013 (middag-avond): Arbeidshygine, Hogere Veiligheidskunde

    en HVK-AH combi

    Al afgestudeerd HVK-er of AH-er? Volg dan:

    6 juni 2013 (avond): Specialisatie Arbeidshygine en Specialisatie

    Hogere Veiligheidskunde

    Meer informatie: www.phov.nl

    Voor persoonlijk studieadvies: 030 231 82 12, [email protected]

  • 24 Chemie Magazine maart 2013

    met de verkiezing van Plant Manager of the Year wil organisator Petrochem bijdragen aan een positief imago van de Nederlandse procesindus- trie. De inspanning en prestaties van plantmanagers op het gebied van onder andere veiligheid, gezondheid, milieu en productiviteit worden met de verkiezing gewaardeerd. Een vakkundige jury beoordeelt de kan-didaten op hun maatschappelijke betrokkenheid, leiderschap en com-municatieve vaardigheden. De win-naar wordt een jaar lang het boeg-beeld van de procesindustrie.Tijdens Deltavisie 2013 op 6 juni gaan de fi nalisten de strijd met elkaar aan. De jury bestaat uit: Jos Ben-ders, voormalig topman van Lyon-

    dell Europe, Colette Alma, directeur VNCI, Cor Kloet, directeur Spie Nederland, en de voorgaande drie winnaars van de verkiezing: Michel Meertens van DSP, Edith Romp van Avebe en Dik Schipper van Dow. Net als vorig jaar mag het publiek meebeslissen over wie de winnaar wordt, via een online stemronde en een stemming tijdens Deltavisie. De fi nalisten gaan daar met elkaar en de zaal in debat over het thema Innoveren, combineren en commu-niceren. De zaal kan de kandidaten daarvoor met extra punten belonen.

    Petrochem organiseert de verkiezing van Plant Manager of the Year in samenwerking met de VNCI. Meer informatie: www.deltavisie2013.nl

    WiE VAN DE DriE? Cas Knig (ESD-SIC), Peter Kilburn (Lubrizol) en Gerwin Meulenbeld (Purac Biochem) zijn de drie finalisten die strijden om de felbe-geerde titel Plant Manager of the Year 2013. De drie veertigers staan pas twee tot vijf jaar aan het roer van hun fabriek, maar hebben al heel wat verbeteringen verwezenlijkt.Tekst: Evi Husson

  • fo

    to: j

    an

    bu

    wa

    ld

    a

    maart 2013 Chemie Magazine 25

    e

    Plant Manager of the Year

    Peter Kilburn is met zijn 49 jaar de oudste van de drie finalisten. Hij is plantmanager sinds mei 2011 en werkte daarvoor als technoloog bij Lubrizol. Hij begon zijn carrire als operator bij AkzoNobel. Een aty-pisch pad, zegt hij zelf. Ik ben erg lang operator bij AkzoNobel geweest. Ik participeerde in een aantal grote projecten, waaronder de bouw van een nieuwe centrale. Dat nam ongeveer twee jaar in beslag. Terug in de controlekamer raakte ik een beetje uitgekeken en besloot ik de studieboeken in te dui-ken. In 2006 rondde ik mijn studie chemisch technologie aan de hts af en kort daarna ging ik als techno-loog aan de slag bij Lubrizol. Lubri-zol is een klein bedrijf en ik werd als enige technoloog overal bij betrok-ken: van productieondersteuning tot milieuzaken en vergunningen. Al snel groeide ik door naar de functie van plantmanager.

    Zelfsturende teamsDe afgelopen twee jaar is bij Lubri-zol veel veranderd. En van de aspecten die Kilburn erg belangrijk vindt is om de verantwoordelijkheid dieper in de organisatie te leggen. Ik wil iedereen in de organisatie betrekken bij wat we realiseren. Mensen worden vaak onderbenut in het werk dat ze doen, terwijl je zeker

    in kleine organisaties grote stappen voorwaarts kunt maken door ieder-een te betrekken bij de hele bedrijfsvoering. Een van de voor-beelden die Kilburn geeft, is het werken met zelfsturende teams zonder hoofdoperator. De zeventien operators die hier werken spreken zelf onderling af wie tijdens welke dienst productieverantwoordelijk is. Om de twee maanden stellen ze zelf een nieuw rooster samen.Qua veiligheid hanteert Kilburn de Amerikaanse kreet: Easy on the people, hard on the problem. Ik ga er altijd van uit dat iedereen zijn werk met de beste intenties uitvoert. Wanneer er iets misgaat, onderzoe-ken we waar de oorzaak ligt met root-cause-analysis. Het menselijke aspect komt daarin altijd aan bod, maar als je zegt dat het een mense-lijke fout is, moet je juist dieper graven. Een tijdje geleden werd een reactor die net gevuld was met grondstoffen verwisseld met een reactor die klaar was om gedropt te worden in het downstream-proces. Aan deze ernstige fout hing volgens Kilburn een behoorlijk kostenplaatje. Niet alleen nze fabriek, maar ook de fabriek in Belgi lag hierdoor stil. Na onderzoek merk je dat er diverse factoren aan de fout ten grondslag lagen. Zo was er sprake van een

    LubrizoLLubrizol in Delfzijl is onderdeel van het Amerikaanse bedrijf Lubrizol, dat groot werd met smeermiddelen en smeeroliead-ditieven. In de fabriek in Delfzijl produceert Lubrizol de basis voor nagechloreerde pvc, dat onder meer wordt toegepast in waterlei-dingen. De resin die de fabriek in Delfzijl maakt, wordt door de Belgische zusteron-derneming verrijkt met additieven en kleur-stoffen om uiteindelijk te komen tot een kunststof voor de kunststofverwerkende industrie. De fabriek heeft n productielijn. Er werken 26 mensen.

    Naam: Peter KilburNleeftijd: 49 jaarbedrijf: lubrizol iN delfzijlPlaNtmaNager siNds: 2011

    wachtwissel en liep het automati-sche programma vast. Er moest handmatig worden ingegrepen in het proces en daar ging het fout.

    Stijgende lijnDe procedures en werkprocessen zijn inmiddels flink aangescherpt, er is meer controle en er wordt nieuwe software genstalleerd. Maar er is hierover vooral veel gecommuni-ceerd. Communicatie en herhaling blijven erg belangrijk, om elkaar scherp te houden. En ondanks het incident is Kilburn erg trots op het bedrijf. We doen alles samen en de sfeer is buitengewoon goed. We zetten goede resultaten neer, willen onszelf continu blijven verbeteren en de knelpunten in de processen elimineren. Op die manier blijven we in een stijgende lijn opereren. En dat is mooi om te zien.

    Ik wil iedereen betrekken bij wat we realiseren

  • fo

    to: j

    an

    bu

    wa

    ld

    a

    26 Chemie Magazine maart 2013

    Net als de loopbaan van Peter Kil-burn van Lubrizol is ook de loopbaan van Knig van ESD-SIC enigszins bijzonder te noemen. Als 26-jarige deed hij voor een milieu-adviesbu-reau bodemonderzoek bij ESD-SIC en raakte meteen gefascineerd door het bedrijf. Als je ergens milieu-functionaris wilt zijn, dan is ESD-SIC met zijn bijzondere productieproces d plek om aan de slag te gaan. Toen er hier niet veel later, in 1993, een plek als milieu-veiligheidsfunctio-naris vacant kwam, ben ik bij ESD-SIC begonnen.

    ZorgverzekeringenIn zijn vrije tijd studeerde Knig bedrijfskunde en wisselde het bedrijf in 2000 in voor een heel andere bedrijfstak: zorgverzekerin-gen. Al snel bleek die functie niet bij mij te horen en besefte ik dat mijn hart bij ESD-SIC lag. Toen me in 2005 ter ore kwam dat ze bij ESD-SIC iemand zochten voor internatio-nale verkoop, ben ik weer bij mijn oude werkgever gaan werken. In 2009 heb ik de functie van plantma-nager op mij genomen.De situatie was op dat moment allesbehalve rooskleurig, vertelt Knig. De crisis had er flink inge-hakt. Ik heb als eerste getracht weer terug te gaan naar de oude situatie wat sfeer en functioneren

    betreft. Goed functioneren heeft vooral te maken met het bezig blij-ven met productie en voldoende aandacht geven aan personeel. Daarnaast wilde ik meer gebruik maken van de kennis die al aanwe-zig was in de organisatie. Dit hebben we gerealiseerd met zware trainin-gen voor het middenmanagement en later ook voor het management-team, omdat ook hier de rollen wat moesten veranderen. De trainingen waren puur gericht op het bewust maken van de eigen verantwoorde-lijkheden en mogelijkheden. Dit heeft volgens Knig zijn vruchten afgeworpen. In de oude situatie werd een fout gemakkelijk in de schoenen van een ander geschoven. Daarnaast werd vroeger ook soms gekeken naar wie op dat moment wachtchef was om bepaalde zaken geregeld te krijgen, omdat dit bij de ene persoon eenvoudiger beklonken was dan bij de andere. Die situatie is nu helemaal anders. We opereren veel meer als n hecht team. Dat is mooi om te zien.

    Nieuwe ketel Naast gedeelde verantwoordelijk-heid vindt Knig duurzaamheid een bijzonder belangrijk aspect. ESD-SIC is de meest milieuvriendelijke en energiezuinigste siliciumcarbide-producent ter wereld en is als Best

    Naam: Cas KNigleeftijd: 46 jaarbedrijf: esd-siC iN delfzijlPlaNtmaNager siNds: 2009

    Reference beoordeeld in de EU. Toch zijn we nog continu bezig om het milieuaspect te kunnen verbete-ren. In onze elektriciteitscentrale bijvoorbeeld verbranden we het gas dat bij het productieproces vrijkomt. Hiermee wekken we ongeveer 15 procent van onze eigen energiebe-hoefte op. Vorig jaar deden we een grote investering in een nieuwe ketel om van dat percentage 18 pro-cent te maken. Met een relatief klein team is ESD-SIC continu bezig met innovaties en verbeteringen. De moeilijkheid is dat er geen gelijksoortige fabriek in Europa is en dat we alles wat we willen veranderen zelf moeten ont-werpen. In de toekomst wil Knig onder meer de geuremissie verder aanpakken, om de hinder voor omwonenden terug te dringen. Hiervoor is met de omgeving een memorandum van verstandhouding gesloten. We zijn bezig met een nieuw geurreductieplan, dat de komende jaren als gespreksdocu-ment zal dienen.

    ESD-SiCESD-SIC produceert silicium-carbide (SiC) in Delfzijl. SiC wordt onder meer toegepast in dieselroetfilters, watermem-braanfilters en slijp- en polijst-middelen. Het bedrijf heeft een capaciteit van 65.000 ton op jaarbasis. Dit is 3 procent van de wereldmarkt. Er werken 100 mensen.

    We opereren veel meer als n hecht team

  • fo

    to: h

    an

    s l

    eb

    be

    maart 2013 Chemie Magazine 27

    Naam: gerwiN meuleNbeldleeftijd: 40 jaarbedrijf: PuraC bioChem iN goriNChemPlaNtmaNager siNds: 2,5 jaar

    Gerwin Meulenbeld studeerde in Wageningen bioprocestechnologie, waarin hij vervolgens ook promo-veerde. Zijn eerste drie jaar buiten de academische wereld werkte hij als process engineer bij Purac in Amerika. In die tijd kreeg Purac plannen om in Thailand een nieuwe fabriek te bouwen en haalde Meu-lenbeld naar Nederland om te wer-ken aan het design van de fabriek. Met het slaan van de eerste heipalen ging Meulenbeld naar Thailand en werkte daar vijf jaar. Als operations manager kwam hij weer terug naar Purac in Nederland.

    RapportcijferIn 2009 zat Purac in zwaar weer, vertelt Meulenbeld. De situatie was

    onzeker en moeilijk, en het was nodig om dit logge schip weer op koers te krijgen. We hebben een bepaalde index waarin factoren als veiligheid, milieu, capaciteit, kost-prijs en supplychain zitten, waar we indicatoren voor hebben gemaakt. Eenmaal per maand worden die indicatoren doorgerekend en krijgt de fabriek een rapportcijfer. Toen ik hier net was aangesteld, merkte ik dat dit hier - in tegenstelling tot andere productielocaties - niet zo leefde. Dat moest anders. Per item hebben we systematisch gekeken hoe we iedere factor konden verbe-teren. Small Group Activities-teams (SGA) kregen binnen een strak afge-bakend kader de ruimte om zelf met oplossingen te komen.Een voorbeeld van een verbeterpro-ject is het aanpakken van spills of lekkages. Hiervoor is bedacht dat operators een aantal keer per wacht rondlopen met scanners om vast te stellen of er geen onregelmatighe-den zijn. Op die manier wordt elk

    We moesten het logge schip weer op koers krijgen

    stukje van de fabriek op regelmatige basis gecontroleerd en kan eerder worden vastgesteld of er actie moet worden ondernomen.

    SuccesverhaalHet managementteam wil deze lean manier van werken volgens Meulenbeld consequent blijven doorvoeren en heeft hiervoor veel tijd ingeruimd. Als je dit doet, krij-gen de deelnemers aan de SGAs vertrouwen. En af en toe een suc-cesje boeken, helpt natuurlijk ook. De eerste SGAs moesten meteen winners zijn. Het scannen is zon succesverhaal. Maar ook de door-looptijd van grondstoffen tot product hebben we aanzienlijk kunnen ver-korten. Een aantal papierstukken bleek onnodig lang op een bureau te liggen. In de doorlooptijd hebben we uren en dagen gewonnen, waardoor een product eerder kan worden opgeleverd. Door deze manier van werken kwam er meer tijd vrij om ook aan nieuwe innovatieprojecten te werken, zegt Meulenbeld. Al een tijdje hadden we hier een pilotfabriek met een nieuwe technologie om melkzuur te maken. Als team hebben we samen met de centrale researchafdeling bekeken of er mogelijkheden waren om de output van die pilotfabriek naadloos in de primaire processen te laten overlopen. Het was niet eenvoudig om dit bij de board te ver-dedigen, maar met een goed verhaal en het nodige vertrouwen creer je mogelijkheden. De technologie om melkzuur te maken is veel schoner, het levert veel minder restproduct op, is dus duurzamer, en tegelijker-tijd zijn er minder bijproducten. Wij zien het als d volgende technologie om melkzuur te maken. p

    PuracPurac produceert melkzuur en derivaten die uiteindelijk onder meer in voedingsmiddelen wor-den gebruikt om ze langer houdbaar en op smaak te hou-den. De site in Gorinchem is op dit moment geen primaire melkzuurfaciliteit maar een derivatenfaciliteit. In Gorinchem maakt Purac derivaten voor de food-, farma- en chemicalin-markt. Het gaat om honderden tonnen per week. Het melkzuur hiervoor komt met name uit Thailand en Brazili. Er werken 150 tot 160 mensen.

    Plant Manager of the Year

  • AfdekplAAt vAn groene dSM-polyAMide in MercedeS-Benz A-klASSe

    minder CO2-uitstOOt

    40%28 Chemie Magazine maart 2013

  • Wetenswaardig

    Voor het afdekken van de motor van de nieuwe A-Klasse heeft Mercedes-Benz gekozen voor de hoogwaardige polyamide EcoPaXX Q-HGM24 van DSM, grotendeels gemaakt van wonderolie van de wonder-boom. De productie levert 40 procent minder CO2-uitstoot op vergeleken met een conventionele polyamide.

    De afdekplaat, met een afmeting van 57,5 bij 55 centimeter, moest aan zeer hoge eisen voldoen. Het materiaal - dat blootge-steld wordt aan temperaturen tot boven 200 graden Celsius, met uitschieters naar 235 graden - mag niet kromtrekken en niet uitzetten of krimpen. Ook moet het de sterke trillingen van de motor weerstaan. Daarnaast moet de afdekplaat licht zijn,

    omdat Mercedes-Benz de brandstofef -cintie van de nieuwe A-Klasse ten opzichte van de vorige generatie verder wil verbeteren. Met een gewicht van slechts 1320 kilo is dat goed gelukt. Overall is de brandstofef cintie van de nieuwe serie met 26 procent verbeterd. Volgens Merce-des-Benz levert de productie van een afdekplaat op basis van de EcoPaXX Q-HGM24 40 procent minder CO2-uitstoot op vergeleken met een conventionele poly-amide. Omdat de afdekplaat het eerste is wat de klant ziet bij het openen van de motorkap, was ook de afwerking belang-rijk. Volgens de autofabrikant is ook dat met het gebruikte materiaal, dat versterkt is met glasvezel en minerale deeltjes, ruimschoots gelukt. p

    maart 2013 Chemie Magazine 29

  • 30 Chemie Magazine maart 2013

    DE HELFT VAN ALLE VERVEN BIOBASED IN 2030

    VERFINDUSTRIE KLEURT GROEN In 2030 is de helft van alle verven op de Nederlandse markt op biogrondstoffen gebaseerd. Deze ambitie heeft de Vereniging van Verf- en Drukinkt-fabrikanten (VVVF) eind 2011 uitgespro-ken in de Roadmap biobased coatings. TNO begeleidt de VVVF-leden naar hun groene toekomst. Inmiddels zijn ook de VNCI-leden aangehaakt om de benodigde hernieuwbare grondstoffen te leveren. Waar staan we nu?Tekst: Adriaan van Hooijdonk

    W ie in de bouwmarkt op zoek is naar een emmertje verf op basis van biogrond-stoffen moet nu nog goed zoeken. Het merendeel van de schappen is gevuld met verf die uit petrochemische grond-stoffen is samengesteld. Maar daar moet de komende jaren verandering in komen, blijkt uit de Roadmap bio-based coatings die de Vereniging van Verf- en Drukinkt-fabrikanten (VVVF) in 2011 samen met TNO heeft opge-steld. Het streven is dat in 2030 de helft van alle verven in ons land is gebaseerd op biogrondstoffen en dat de verf gelijke of zelfs verbeterde prestaties levert.

    Twee jaar geleden werd TNO-projectleider Corn Ren-trop door de VVVF gevraagd om de bedrijfstak te bege-leiden naar deze groene toekomst. De olie waarop de meeste verf is gebaseerd raakt immers schaars en het percentage oplosmiddelen moet in verband met steeds strengere wet- en regelgeving omlaag, evenals de CO2-uitstoot. Daarnaast biedt de technologie van hernieuw-bare verf ook volop commercile kansen in een maat-schappij waar duurzaamheid op termijn een steeds grotere rol zal gaan spelen. De vraag hoe groot het aandeel biobased coatings nu is, is volgens Rentrop lastig te beantwoorden. Verf bestaat immers uit verschillende componenten, zoals bindmiddel, oplosmiddel, additief en kleurstof. Som-mige ingredinten bestaan al sinds jaar en dag uit bio-based grondstoffen, andere bestanddelen zijn voorna-melijk uit petrochemische grondstoffen gemaakt. Het percentage van biogebaseerde grondstoffen is een kwestie van de juiste defi nitie en welke componenten er worden meegeteld.

    Stapje voor stapjeMarlies van Wijhe, directeur-eigenaar van Van Wijhe Verf, producent van het merk Wijzonol en voormalig voorzitter van de VVVF, vindt het niet zo belangrijk dat verf voor 100 procent uit biogrondstoffen is samenge-steld. We staan immers aan de vooravond van een transitie waarbij we langzaam maar zeker de petroche-mische grondstoffen vervangen door biogrondstoffen. Een grote uitdaging, want het is zeker niet eenvoudig om verf van een vergelijkbare kwaliteit te produceren. Veel belangrijker vind ik de ambitie die wij met zn allen heb-ben uitgesproken. Nu moeten we hier stapje voor stapje invulling aan geven.Zelf geeft ze het goede voorbeeld, want vorig jaar heeft

    EERST MEER DUIDELIJKHEIDChemiebedrijven staan volgens VNCI-speerpuntmanager Onderwijs en Innovatie Nelo Emerencia te popelen om de biogrondstoffen voor groene verf te leveren. Maar dan moeten ze wel eerst weten of de markt groot genoeg is. De verfi ndustrie bevindt zich volgens hem in een fase waarin ze nog aan het onderzoeken is welke bestandde-len van reguliere verven door biobased ingredinten vervangen kunnen worden. Als daar meer duidelijkheid over is, zal de interesse van chemiebedrijven om de biogrondstoffen te produceren zeker toenemen. VVVF-directeur Martin Terpstra is inmiddels bezig om de potentie van biobased coatings in bepaalde markten in kaart te brengen. Aan de hand van modelrecepten van verven in de meest gangbare productgroepen, zoals alkydhars, acrylhars en polyurethaan, probeer ik hier een beeld van te krijgen. Het is immers essentieel om bulk-producten te maken om onze doelstelling te halen.

  • maart 2013 Chemie Magazine 31

    Biobased

    Van Wijhe Verf als een van de eerste producenten in ons land een duurzame latexverf ontwikkeld. Het traditio-nele bindmiddel hebben we kunnen vervangen door bindmiddel op basis van zetmeel, afkomstig uit afval-stromen van niet voor consumptie geschikte aardappe-len, licht Van Wijhe toe. Achter de schermen is het bedrijf volgens haar volop bezig om andere bestandde-len van verf op basis van biogrondstoffen te ontwikke-len. Maar we kiezen heel nauwkeurig het moment uit waarop we daarmee naar buiten treden.TNO heeft de afgelopen twee jaar verschillende work-shops georganiseerd om verf- en chemiebedrijven bij de overgang te ondersteunen. Daarbij kwamen verschil-lende vragen aan bod, zoals: hoe kunnen we de transitie maken, welke materialen zijn hiervoor nodig en welke aanpassingen moeten er plaatsvinden in de productie-processen? Tijdens de eerste workshop gaven de verf-producenten aan dat het erg lastig is om aan groene grondstoffen te komen. Chemiebedrijven kunnen ze maken, maar willen eerst weten of er wel een markt voor is, vertelt Rentrop. Daarom lag de focus van de tweede workshop vorig jaar maart op alkyd- en acry-laatverven. Die zijn immers van belang voor decora-tieve- en bouwtoepassingen, waar grote hoeveelheden van worden geproduceerd.

    Levensduur belangrijk Verfproducenten, chemiebedrijven en onderzoeksin-stellingen moeten nog wel een aantal obstakels over-winnen voordat het grootste deel van de verf in ons land op biogrondstoffen is gebaseerd. Biocoatings moeten over dezelfde eigenschappen beschikken als reguliere verf. Vooral de levensduur is erg belangrijk, stelt VVVF-directeur Martin Terpstra. Wanneer je een houten con-structie in vijftig jaar bijvoorbeeld tien keer met een biocoating moet schilderen, in plaats van vier keer met een op olie gebaseerde verf, schiet je je doel voorbij. De uiteindelijke milieubelasting is dan alleen maar groter.Daarnaast heeft de markt volgens hem minimaal tien jaar de tijd nodig om aan de nieuwe verf te wennen. Schilders moeten ermee leren werken, en dat kan alleen maar door er ervaring mee op te doen. Daarom is het essentieel dat we deze producten al in 2020 groot-schalig introduceren. Dan hebben we nog genoeg tijd om kinderziektes op te lossen, om het bewijs te leveren dat de verf over dezelfde eigenschappen beschikt en om het vertrouwen van de afnemers te winnen. Ook is het belangrijk dat de politiek maatregelen neemt tegen de hoge importheffi ngen op biomateriaal. p

    DOORBRAAK DSM: BIOBASED ALKYDHARS DSM heeft samen met een Amerikaanse verfproducent een watergedragen, op biogrondstoffen gebaseerde alkydhars ontwikkeld. Een technologische doorbraak die in 2013 eerst in de Verenigde Staten en daarna in Europa op de markt komt, zegt Dimitri de Vreeze, directeur van de businessgroep DSM Resins & functio-nal materials. De levenscyclusanalyse is met 60 pro-cent verbeterd in vergelijking tot een op olie geba-seerde alkydhars. Uit verschillende testen blijkt verder dat de verf net zo goed presteert als reguliere verf.De Vreeze heeft bewondering voor de ambitie van de VVVF om in 2030 de helft van alle verven op biogrond-stoffen te baseren. Shaping the industry, noem ik dat. Er zijn niet veel sectoren die zon vergezicht schetsen. Daarmee stimuleren ze DSM en andere bedrijven om samen aan de overgang naar een op groene grondstof-fen gebaseerde economie te werken.

    FO

    TO: H

    OL

    LA

    ND

    SE

    HO

    OG

    TE

  • 32 Chemie Magazine maart 2013

    Gymnasium Hilversum meest succesvol in scHeikundeolympiade

    n finalist wordt nu als de nieuwe einstein beschouwd Ieder jaar strijden havo- en vwo-leerlingen om een finaleplaats in de Nationale Scheikundeolympiade. De beste vier mogen door naar de Internationale Chemieolympiade. Het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum scoort het beste, zo blijkt uit VNCI-onderzoek. Scheikun- dedocent Peter de Groot: Ik denk dat ik enthousiast les kan geven en leerlingen kan aanmoedigen om mee te doen.Tekst: Inge Janse

    Het Gemeentelijk Gymna-sium Hilversum is de meest succesvolle school bij de Nationale Schei-kundeolympiade (NSO). De school wist tien keer een student door de voorronde te loodsen naar de landelijke finale, en vier daarvan gingen door naar de internationale finale. Dit blijkt uit VNCI-onderzoek van alle resultaten sinds 1998, aan-geleverd door de Stichting Schei-kundeolympiade Nederland en het

    nationaal expertisecentrum leerpla-nontwikkeling SLO. De Hilversumse school wordt op de voet gevolgd door het Pius X College in Almelo. Deze scholengemeen-schap wist de afgelopen vijftien jaar tien finalisten naar de NSO af te vaardigen, alleen bereikten slechts drie de internationale finale. Andere hoogvliegers zijn het Christelijk Gymnasium Beyers Naud (Leeu-warden) en het Agnieten College locatie Meander (Zwolle) met beide tien finaleplaatsen en een internati-onale finalist.De Nationale Scheikundeolympiade wordt jaarlijks georganiseerd voor bovenbouwleerlingen op havo- en vwo-niveau. Gemiddeld doen er tussen de 150 en 200 middelbare scholen mee, die samen zon twee-duizend leerlingen afvaardigen. De drijvende kracht achter het succes van het Gemeentelijk Gymnasium Hilversum is Peter de Groot, die er sinds 1976 scheikunde geeft en al 28 jaar betrokken is bij de olympiade. Ik ben er in 1984 mee begonnen omdat ik toen een eindexamenklas had die heel goed was. Het werd een heel bijzonder jaar, want van mijn zeven leerlingen die meededen kwamen er zes in de eindronde. De

    organisatie geloofde het eerst niet!Gevraagd naar de reden voor het succes van zijn school reageert De Groot bescheiden. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik denk dat ik enthousiast les kan geven en leer-lingen kan aanmoedigen om mee te doen. Dat is doorslaggevend. Daar-naast speelt het karakter van de school mee. Zowel gymnasia als christelijke scholengemeenschap-pen scoren altijd heel goed.

    SpinozaprijsGek genoeg is het voorspellend ver-mogen van de olympiade voor de studiekeuze beperkt. De Groot: We zijn al heel blij als vijf van de twintig finalisten uiteindelijk scheikunde gaan studeren. Dat komt doordat uitblinkers in scheikunde niet alleen goed zijn in bta, maar ook in talen, muziek en sport. Zo zijn er ook fina-listen die Nederlands zijn gaan stu-deren, of filosofie. In het buitenland is dat minder vaak het geval.Niettemin was een finaleplaats regelmatig de voorbode van grootse successen voor de deelnemers. In 1980 zaten bijvoorbeeld de broers Verlinde, Herman en Erik, in de eer-ste Nederlandse afvaardiging naar de Internationale Chemieolympiade

    wat doe je op een nso?periodiek stratego, sla Je (neer)slag en verover de ananas. Het zijn zomaar wat ludieke activiteiten tijdens de finale van de nso, de jaarlijkse competitie voor de beste scheikundestudenten van havo en vwo. de hoofd-moot wordt niettemin gevormd door chemische theorie en praktijk die de lesstof op school overstijgt. de voor-rondes vinden plaats op de middelbare scholen die meedoen, waarna de beste twintig voor een week ver-trekken naar een universiteit of chemiebedrijf voor de finale. de uiteindelijke top-4 van het acht uur durende examen vertegenwoordigt nederland tijdens de inter-nationale chemieolympiade. de vnci is betrokken bij de nso via een geldprijs voor de beste vier, aangezien zij veel waarde hecht aan goed scheikundeonderwijs en de ontwikkeling van chemietalenten

  • maart 2013 Chemie Magazine 33

    onderwijs

    hoe doen we het internationaal?nederland doet sinds 1981 mee aan de internationale scheikundeolympi-ade. eenmaal, in 1986, was nederland met twee gouden en twee zilveren medailles de beste. sindsdien is zelfs de top-3 niet meer bereikt, en eindi-gen we meestal in de middenmoot. dit is in lijn met de algemene scores voor wetenschap van nederland in het driejaarlijkse pisa-onderzoek (programme for international student assesment). Hierin wordt van 67 landen in kaart gebracht hoe de middel-bare scholieren scoren, en nederland eindigt hier voor wetenschap op de elfde plek. dat komt niet zozeer doordat onze bollebozen zo slim zijn (de beste 1 procent leerlingen scoort met wetenschap een mondiale elfde plaats), maar doordat de slechtste 1 procent leerlingen relatief goed scoort (de slechtste leerlingen in andere landen brengen het er veel slechter vanaf). We zijn blijkbaar beter in schadebeheersing dan in het uitdagen van uitmuntende leerlingen.

    test uZelf!Drie opgaven uit de voorronde van de Nationale Scheikundeolympiade 2012. Hoe brengt u het er vanaf?

    1. een oxide van vanadium bestaat uit vanadiumionen en oxide-ionen. dit oxide bestaat uit 56,0 massa% v en 44,0 massa% o. Hoe groot is de lading van de vanadi-umionen in deze verbinding?

    2. een bekerglas bevat 20 ml 0,5 m nH 3 oplossing en een ander bekerglas 20 ml 0,5 m Hcl oplos-sing. de inhoud van beide beker-glazen wordt bij elkaar gedaan. Wat is ongeveer de pH van de resulterende oplossing?

    3. Welke stof is Geen isomeer van 2-methylpentaan-3-on?

    a cyclohexanolB 2,3-dimethylbutanalc 4-methylcyclopenteen-3-old 2-methylpent-3-een-2-ol

    in Oostenrijk, en zij zijn nu specialis-ten in theoretische natuurkunde aan de UvA, herinnert De Groot zich. Erik heeft vorig jaar de Spinozaprijs gewonnen en wordt beschouwd als de nieuwe Einstein.

    Geen tijdEmiel de Kleijn is al zes jaar olympi-adecordinator bij SLO. Het belang-rijkste ingredint dat een school succesvol maakt bij de olympiade is volgens hem een enthousiasme-rende docent. Als een docent een leerling stimuleert om mee te doen en vertrouwen in hem uitspreekt, geeft dat de leerling zelfvertrouwen. Als leerlingen vervolgens wllen, dan kan het leerproces snel gaan en krijgen ze vleugels. Maar waarom doen sommige scho-len nooit mee? De Kleijn: Regelma-tig hoor ik van docenten: we hebben geen tijd of, nog erger, onze school heeft niet zulke goede leerlingen. Onzin! Statistisch is de kans dat op die scholen goede leerlingen zitten net zo groot als op scholen die wel meedoen. Ik zou deze collegas wil-len zeggen: geef je leerlingen op zn minst de kans om mee te doen en zo te laten zien wat ze kunnen. p

    Het Nederlandse team dat meedeed aan de 44ste Inter-nationale Schei-kundeolympiade 2012 in Washington bestond uit (v.l.n.r.) Jeroen Eijkens, Jorrit Hortensius, (in het midden staat gids Bryan Holler), Daan van de Weem en Ivo Slegers. Duitsland won. Nederland werd 44ste (van de 180 landen).

    1= 5+

    2=ongeveer 5

    3= c

    ANTWOORDEN:

    scan de Qr-code om de vol-ledige uitleg bij de antwoorden te lezen.

    Pieter van de Kamp tijdens de Nationale Scheikundeolympi-ade 2012 aan de TU/e.

  • 34 Chemie Magazine maart 2013

    REACH IS DE DOODKLAP

    VOOR HET MKB

    KLEINE ONDERNEMERS SLAAN ALARM

  • emaart 2013 Chemie Magazine 35

    Stoffen

    De Europese wetgeving Reach voor de registratie en evaluatie van chemicalin is voor het mkb veel te complex en kostbaar. Drie handelaren in chemische producten luiden de noodklok. Ze vrezen dat tiental-len kleine ondernemers hierdoor straks de deuren moeten sluiten. Directeur Peter Steetskamp van WTC Products: Reach is net een casino, je zet in, maar weet niet wat de uitkomst is.Tekst: Adriaan van Hooijdonk

    W im van Loon (Gentrochema), Ad Koopman (Roda-Chem) en Peter Steetskamp (WTC Products) benadrukken dat ze vol-ledig achter de doelstellingen van Reach staan. Natuurlijk willen wij dat de chemische stoffen die wij verhandelen zo veilig mogelijk wor-den gebruikt door onze afnemers, zegt Ad Koopman. Daarom is het een goede zaak dat Reach ontbre-kende informatie over stoffen ont-sluit. Ook vinden wij het belangrijk dat er meer eenheid in wet- en regelgeving komt. En wie kan er nu tegen het vergroten van het Euro-pese concurrentievermogen en innovatie zijn? Toch maken de drie ondernemers zich grote zorgen over de effecten van Reach op hun bedrijf en dat van andere mkb-ondernemers. En dat heeft alles te maken met het feit dat de wet de komende jaren aange-scherpt wordt. Nu hoeven bedrijven een stof pas te registeren bij een geproduceerd of gemporteerd gewicht vanaf 1 miljoen kilogram per jaar. Vanaf juni zakt die grens naar 100.000 kilogram en medio 2018 naar 1000 kilogram. Daardoor krij-gen veel meer mkb-ondernemers met de wet te maken, benadrukt Van Loon.

    Goed voorbereidDe afgelopen jaren hebben de heren tientallen symposia en voorlich-tingsbijeenkomsten bezocht. Ook hebben ze voor veel geld (175 euro per uur) consultants en onder-zoeksbureaus ingehuurd om ont-brekende informatie over de chemi-sche stoffen die ze verkopen

    compleet te maken. Niemand kan dus zeggen dat wij ons niet goed hebben voorbereid, stelt Koopman. Integendeel, we doen er alles aan om aan de wet te voldoen. Maar vanaf het begin waarschuwen we al dat Reach voor het mkb niet werk-baar is. Soms lijken onze zorgen aan dovemansoren gericht. Van Loon wijst erop dat Helma Nep-prus van de VVD al in 2009 in de Tweede Kamer kritische vragen heeft gesteld over de effecten van Reach voor het mkb. En in het voor-jaar hebben we nog contact gehad met VVDer Ren Leegte. Tijdens het gesprek hebben we hem herinnerd aan de belofte van de partij uit 2003 dat ze alleen akkoord zouden gaan met de wet als de administratieve lasten voor het bedrijfsleven tot een minimum beperkt zouden blijven. Daar komt in de praktijk echter bit-ter weinig van terecht. Sterker nog, Reach zadelt ons met zulke hoge kosten op dat we op termijn de deur beter kunnen sluiten.

    Complexe wetgevingHet grootste probleem van de ondernemers met Reach is de com-plexiteit van de wetgeving. De ruim 4300 paginas aan teksten, richtlij-nen, verordeningen en wegwijzers zijn volgens hen in de praktijk vrij-

    wel onuitvoerbaar voor kleinere bedrijven die niet over de fi nancile slagkracht en Reach-teams beschikken zoals internationaal opererende miljoenenconcerns. Daarnaast kost het erg veel geld, soms wel 200.000 euro, om een dos-sier samen te stellen met informatie over een chemische stof, zoals toxi-cologische testen. Bedrijven moeten hun eigen registratie verzorgen, maar de EU stimuleert dat onderne-mers met elkaar samenwerken om onder meer onnodige dierproeven te voorkomen.

    Juridische vragenDe onderzoeksresultaten zijn ech-ter vaak in handen van verschillende partijen, verzucht Van Loon. En dat brengt weer allerlei juridische vra-gen met zich mee, zoals onder welk wettelijk stelsel de contracten in een samenwerkingsverband moe-ten worden opgesteld. Het Neder-lands recht is immers niet gelijk aan het Engelse of het Duitse recht. In de praktijk is er soms geen touw aan vast te knopen.Ook is bij de start van het registra-tieproces vaak niet duidelijk wat exact de kosten zullen zijn, vult Koopman aan. Er is vaak extra onderzoek nodig. Zo kreeg ik van-ochtend nog een telefoontje dat de

    EUROPESE KOEPEL MOET REGISTRATIES REGELENHet probleem met Reach is dat er weeffouten in de opzet van de wetgeving zitten. Die zijn er zeer moeilijk uit te halen, stelt Koopman van RodaChem. Hij kan eigenlijk maar n oplossing bedenken: De oprichting van een overkoepelende, bij voorkeur Europese organisatie, die de registraties en dergelijke verzorgt voor het mkb. Dan kan een mkb-bedrijf tegen een vaste fee, wellicht varirend per tonnagebandbreedte, een registratie voor een stof kopen. Helder, transparant en voor alle bedrijven in Europa gelijk.

  • 36 Chemie Magazine maart 2013

    kosten van een dossier 200.000 in plaats van 70.000 euro bedragen. En dan is het regelmatig ook nog eens onduidelijk of het Europees Chemi-calin Agentschap wel met de aan-geleverde informatie akkoord gaat. Vaak weet je pas na de evaluatie hoeveel je precies moet betalen. Op zon manier kun je niet onderne-men. Steetskamp vergelijkt Reach dan ook met een casino: Je zet in, maar weet niet wat de uitkomst is.Het recente voorstel van de Euro-pese Commissie naar aanleiding van de evaluatie van Reach om de kosten voor registratie bij het agent-schap te verlagen, zet volgens de drie handelaren weinig zoden aan de dijk. Van Loon: Ik zit nu midden in een registratieprocedure en kreeg een voorstel van het agentschap onder ogen dat ze de registratie fee van 3450 euro met 217 euro zouden willen verminderen. Waar hebben we het over?

    Shake-outPositiever zijn ze over het onderzoek dat onderzoeksbureau Panteia momenteel in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu uitvoert. Dat moet de effecten van Reach op het Nederlandse mkb in kaart brengen. Van Loon: Alleen begrijp ik niet dat het onderzoek pas eind april gereed is. De Tweede Kamer debatteert immers in maart over het onderwerp. De betrokken ministeries houden volgens Steetskamp al rekening met een shake-out in het mkb. Zo hoorde ik onlangs tijdens een congres van een hoge ambtenaar dat de overheid verwacht dat een deel van het mkb de deuren zal moeten sluiten als deze bedrijven niet de juiste strate-gische keuzes maken. Dat kan toch niet de bedoeling zijn? Het betekent de doodklap voor het mkb.Tegelijkertijd signaleren ze dat grote chemiebedrijven zich steeds meer zorgen gaan maken. Koopman: Wij

    leveren niet alleen aan kleinere bedrijven, maar ook aan grote che-mische concerns. En die gaan straks veel meer voor bepaalde stoffen betalen dan in andere lan-den, zoals in de VS en China. Boven-dien zullen er straks stoffen van de markt verdwijnen omdat de kosten van de registratie niet opwegen tegen de verdiensten. En dat is niet goed voor het Europese concurren-tievermogen en de innovatie. Steetskamp merkt nu al dat er voor sommige producten, zoals caustic soda, maar een beperkt aantal pro-ducenten overblijft, waardoor de concurrentie verdwijnt.

    HandhavingVerder plaatsen de handelaren grote vraagtekens bij de toekom-stige handhaving van Reach. In Nederland is er al geen uniformiteit, kun je nagaan hoe dat straks op Europees niveau geregeld is, stelt Koopman. Een paar jaar geleden, importeerden wij zinkoxide. Tot de anti-dumpingregels kwamen. Maar in Spanje arriveerde het ene na het andere containerschip in de havens. De EU wist ervan, maar kreeg het niet onder controle. Er zijn landen in de EU die het niet zo nauw nemen met de wet- en regelgeving, dus ik ben heel benieuwd hoe de Reach-handhaving in de toekomst zal ver-lopen. Ik heb er in ieder geval een hard hoofd in.Over de vraag waar ze over een jaar of vijf staan met hun bedrijf, moeten de ondernemers even nadenken. Waarschijnlijk heb ik dan met mijn partners een veel kleinere