Boeken lezen en bergen beklimmen. - Ghent Faculteit Letteren Academiejaar 2008...

Click here to load reader

download Boeken lezen en bergen beklimmen. - Ghent Faculteit Letteren Academiejaar 2008 ¢â‚¬â€œ 2009 Boeken lezen

of 78

  • date post

    27-Jul-2020
  • Category

    Documents

  • view

    0
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Boeken lezen en bergen beklimmen. - Ghent Faculteit Letteren Academiejaar 2008...

  • Faculteit Letteren

    Academiejaar 2008 – 2009

    Boeken lezen en bergen beklimmen.

    Waarom kinderen niet graag lezen en hoe we ze kunnen verleiden om toch eens een boek te lezen.

    Céline Bleuzé

    Promotor : Prof. dr. Bart Keunen

    Masterproef voorgedragen tot het behalen van de graad van master in de Vergelijkende Moderne Letterkunde.

  • Inhoudstafel Voorwoord Deel 1. Waarom lezen (allochtone) kinderen niet graag? 1. Inleiding: het PIRLS-onderzoek van 2006 2. Parcours 3. De sociologische invalshoek

    3.1. De materialistische cultuurtheorie van Bourdieu. 3.1.1. Socialisatie 3.1.2. De esthetische dispositie 3.1.3. Praxis = habitus + veld 3.1.4. De verschillende klassen en hun kapitaal 3.1.5. Klassengebonden levensstijlen en de situatie in Vlaanderen 3.1.6. Bourdieu en het onderwijs 3.1.7. Etniciteit

    3.2. De diffusietheorie. Pelleriaux 3.2.1. Etnic boundaries 3.2.2. Diffusie 3.2.3. Symbolic boundaries 3.2.4. Conclusie

    3.3. De rol van etniciteit in het onderwijs. Jan Meert en Ingeborg Van Gansbeke. 3.4. De rol van etniciteit in vrijetijdsbeleving. Elchardus.

    3.4.1. Beïnvloedende factoren op vrijetijdsbesteding 3.4.1.1.Theoretische achtergrond 3.4.1.2.Belangrijkste resultaten van het onderzoek 3.4.1.3.Conclusie van het onderzoek

    3.4.2. Gezinssocialisatie en etniciteit als verklarende factoren 3.4.2.1.Gezinssocialisatie 3.4.2.2.Etniciteit

    4. De literatuurwetenschappelijke invalshoek 4.1. Het onderzoek van Helma van Lierop-Debrauwer

    4.1.1. De voorstudie 4.1.2. Toetsing van het vooronderzoek 4.1.3.Conclusie

    4.2. Het Vlaamse onderzoek van Ghesquiere en Ramaut 4.2.1. Het onderzoek 4.2.2. Leesplezier en de verwachtingshorizon 4.2.3. Conclusie

    4.3. Hanauer en het monoculturele beleid 5. Conclusie

    5.1. De sociologische invalshoek 5.2. De literatuurwetenschappelijke invalshoek 5.3. Huidige situatie en persoonlijk standpunt

    2

  • Deel 2. Hoe moeizame lezers bereiken? 1. Ten geleide

    1.1. Onderwerp en motivatie 1.2. Doorlopen traject

    2. Moeizame lezers 2.1. Het begrip ‘moeizame lezers’ 2.2. Lezers van diverse pluimage

    2.2.1. Leerstoornissen 2.2.2. Taalachterstand

    2.2.2.1.Allochtone kinderen 2.2.2.2.Kinderen uit cultuurarme gezinnen

    2.2.3. Verstandelijk gehandicapte kinderen 2.3. Leeftijden

    2.3.1. Beginnende lezers 2.3.2. 9-12 jaar 2.3.3. 12-16 jaar 2.3.4. Adolescentie en de overgang naar boeken voor volwassenen

    2.4. Focuspunt 3. Huidig aanbod

    3.1. Speciale reeksen 3.1.1. Zoeklicht 3.1.2. Andere reeksen

    3.2. Toegankelijke ‘gewone’ boeken 3.3. AVI: de boze stiefmoeder 3.4. Het tweede leven van prentenboeken 3.5. Informatieve boeken 3.6. Besluit

    4. De Vlaamse uitgeverijen 4.1. Het standpunt van de gemiddelde Vlaamse uitgeverij

    4.1.1. De Vlaamse uitgeverijen vandaag 4.1.2. Een te kleine afzetmarkt 4.1.3. Subsidies voor uitgevers

    4.2. Zij doen het wel! 4.2.1. De Geronimo’s van Baeckens Books

    4.2.1.1.Het succesverhaal: Geronimo leert je kind lezen 4.2.1.2.De aversie 4.2.1.3.De sprong in het ondiepe 4.2.1.4.Succesfactoren

    De vormgeving Universeel

    4.2.1.5.Conclusie: het opstapje 4.2.2. De Zoeklichten van Zwijsen

    4.2.2.1.Werkwijze 4.2.2.2.Succesfactoren 4.2.2.3.Promotie 4.2.2.4.Casestudy: Zoeklicht Survival

    4.2.3.Vergelijking Geronimo Stilton - Zoeklicht

    3

  • 5. Het Vlaamse onderwijs 5.1. Gewoon onderwijs

    5.1.1. ‘Zwarte scholen’ 5.1.2. ‘Witte scholen’

    5.2. Buitengewoon onderwijs: onderwijstype 8 5.3. De lerarenopleiding 5.4. De schoolbibliotheek 5.5. Boeken voor moeizame lezers op school

    6. De Vlaamse Bib 6.1. Het vignet ‘Makkelijk Lezen’ 6.2. Het Makkelijk Lezen rek 6.3. De bibliotheekschool 6.4. Informatie voor ouders en leerkrachten

    7. De Vlaamse literatuurorganisaties 7.1. Stichting Lezen 7.2. Boek.be 7.3. Advies

    8. Hoe bereik je kinderen? 8.1. Aantrekkelijk aanbod

    8.1.1. Wat boeit kinderen? 8.1.2. Het kind in de veranderende samenleving 8.1.3. Verduimelde boeken, weg ermee!

    8.2. Internet Websites voor moeizame lezers

    8.3. Onderwijs 8.4. Ouders, bibliothecarissen, organisaties,…

    9. Project: de toegankelijke website 9.1. Opbouw 9.2. De boeken 9.3. Promotie

    10. Advies tot verder onderzoek 11. Conclusies Nawoord

    Bijlagen

    Bijlage 1: Handige adressen Bijlage 2: Mede dankzij… Bijlage 3: Richtlijnen voor boeken voor moeizame lezers

    Bibliografie

    4

  • Voorwoord

    Wat weerhoudt kinderen ervan om af en toe een boek te lezen ter ontspanning? Het is een vraag die we ons constant moeten stellen. Want steeds meer kinderen houden niet van lezen. En hoewel lezen een zeer persoonlijke aangelegenheid is, zijn er verschillende factoren die het leesgedrag van een kind kunnen beïnvloeden. De jongste jaren is er in Vlaanderen veel aandacht voor deze problematiek. Heel wat leesbevorderingsprojecten werden uit de grond gestampt. De kinder- en jeugdliteratuur komt meer en meer op het voortouw te staan. En toch is er meer voor nodig om de kinderen aan het lezen te krijgen. Zo is er nauwelijks aandacht voor kinderen met leesproblemen. Leesbevordering is vooral gericht op het modale kind en leesproblemen worden aan specialisten overgelaten. Maar soms zijn die leesproblemen mits enkele kleine inspanningen eenvoudig te verhelpen. Vaak hebben kinderen met leesproblemen een extra stimulans nodig om aan een boek te beginnen en het tenslotte uit te lezen.

    In wat volgt wil ik onderzoeken waarom kinderen niet graag lezen. Welke factoren spelen mee? Dit is immers de vraag van waaruit alle leesbevorderingsacties zouden moeten vertrekken. Waar knelt het schoentje en wat kan eraan gedaan worden? Pas dan kan je kinderen overtuigen een boek ter hand te nemen.

    Het eerste deel van dit onderzoek is een theoretische uiteenzetting over de oorzaken van leesproblemen van allochtone kinderen. Het is een algemeen aanvaard gegeven dat heel wat kinderen uit allochtone gezinnen met leesproblemen kampen. Ik wil nagaan in hoeverre dit vooroordeel klopt met de werkelijkheid en wat de oorzaken zijn van leesproblemen bij allochtone kinderen. Spelen er andere factoren mee dan bij Vlaamse kinderen? In dit deel steun ik vooral op wetenschappelijke onderzoeken en geef ik een overzicht van de standpunten die sociologen en literatuurwetenschappers innemen ten opzichte van deze problematiek.

    Het tweede deel van dit onderzoek is praktischer. Ik ging op zoek naar initiatieven die kunnen worden genomen om moeizame lezers beter te kunnen bereiken. Met moeizame lezers bedoel ik het brede gamma aan kinderen met leesproblemen. Daarom geef ik eerst een overzicht van de verschillende soorten moeizame lezers en hun specifieke leesproblemen. Daarna bekijk ik wat er momenteel voor hen op de kinderboekenmarkt is. Tenslotte ga ik één voor één de instituties na die met moeizame lezers te maken krijgen en bekijk wat zij kunnen doen om moeizame lezers er toch toe te verleiden een boek te lezen. Met het onderzoek hoop ik die instanties te bereiken die het verschil kunnen uitmaken voor moeizame lezers. Ik heb het onderzoek gevoerd met het oog op haalbare initiatieven. Want leesbevordering is broodnodig en mag volgens mij gerust nog wat uitbreiden. Kinderen moeten ervan overtuigd worden dat lezen leuk is, want het is ontzettend belangrijk voor hun ontwikkeling. Daarom moeten we onze aanpak kritisch bevragen en verbeteren indien nodig. Want boeken zijn er voor iedereen, al moeten daar nog heel veel mensen van overtuigd worden.

    5

  • Deel 1. Waarom lezen (allochtone) kinderen niet graag? 1. Inleiding: het PIRLS-onderzoek van 20061

    Uit het PIRLS-onderzoek in 2006 bleek dat slechts 38% van de Vlaamse leerlingen in het vierde leerjaar positief staat ten opzichte van lezen. 16% van hen leest helemaal niet graag. Aan het PIRLS-onderzoek namen 45 landen in de hele wereld deel. Uit de percentages moesten de onderzoekers besluiten dat Vlaamse leerlingen een minder positieve houding hebben ten opzichte van lezen in vergelijking met de andere landen. Bovendien werd vastgesteld dat Vlaamse gezinnen een minder sterke leescultuur hebben en dat de Vlaamse ouders ook minder positief ingesteld zijn als het om lezen gaat. Positief was dan weer dat er weinig verschillen bestaan tussen leerlingen wat hun leesvaardigheid betreft. Zo heeft sociale ongelijkheid een geringe invloed op de leesvaardigheid. De invloed van de socio-culturele achtergrond is het grootst bij kinderen die thuis Turks. 99% van de Vlaamse leerlingen haalt de laagste standaard, maar slechts 5% behoort tot de top. Dat wil zeggen dat het verschil tussen de slechtst en best scorende Vlaamse leerlingen klein is. Daarmee komen we met Vlaanderen op de 22e plaats van de 45 landen te staan. Onze leescultuur is er dus niet zo goed aan toe. Hoewel al onze kinderen kunnen lezen, zijn ze niet de meest fervente lezers. De PIRLS-onderzoekers geven verschillende oorzaken voor deze schokkende resultaten. Ten eerste blijkt 25% van de Vlaamse leerlingen over helemaal geen voorschoolse geletterdheid te beschikken wanneer ze in het lager onderwijs aankomen. Slechts 11% is heel goed geletterd. De attitude van ouders ten opzichte van lezen is gelijklopend. Slechts 49% van de ouders staat daar positief tegenover en maar liefst 13% heeft een negatieve attitude. Vervolgens lig