bijlage 9 Nota zienswijzen anoniem

Click here to load reader

  • date post

    11-Jan-2017
  • Category

    Documents

  • view

    220
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of bijlage 9 Nota zienswijzen anoniem

  • Gemeente Leusden

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    Nota zienswijzen

    Maart 2016

    Kenmerk 0327-06-N03

    Projectnummer 0327-06

  • Nota zienswijzen

  • Inhoudsopgave

    1. Inleiding 1

    2. Ingediende zienswijzen 2

    3. Aanpassingen van het wijzigingsplan 6

  • 1

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    1. Inleiding

    Het ontwerp wijzigingsplan Landgoed De Horst heeft in het kader van artikel 3.8 van de Wet

    ruimtelijke ordening vanaf 8 december 2015 t/m 18 januari 2016 voor belanghebbenden ter in-

    zage gelegen. Gedurende deze periode zijn belanghebbenden in de gelegenheid gesteld een

    zienswijze te geven op het ontwerp wijzigingsplan en de bijbehorende stukken.

    Het ontwerp wijzigingsplan De Horst gaat over het realiseren van een landgoed en is gericht op

    het omzetten van agrarische grond naar de bestemming landgoed met een bos- en natuurfunc-

    tie. Het plan betreft het bestaande agrarische bedrijf op de hoek van de Horsterweg en de Eng-

    weg in Stoutenburg. Dit bedrijf wordt gesaneerd, waarbij de oude wederopbouwboerderij ge-

    handhaafd blijft en een woonbestemming krijgt. De agrarische gronden worden ontwikkeld tot

    een natuurgebied en aan de (verlegde) Engweg worden vier nieuwe woningen gebouwd: een

    landhuis, een portierswoning, een koetswoning en een schuurwoning.

  • 2

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    2. Ingediende zienswijzen

    Gedurende de tervisielegging zijn 5 zienswijzen tijdig ingediend. Daar bij dient te worden opge-

    merkt dat twee reclamanten een "bezwaar tegen het bestemmingsplan" kenbaar hebben ge-

    maakt. In dit stadium van planvorm kunnen geen bezwaren worden ingediend. De "bezwaren"

    zijn dan ook behandeld als zienswijzen tegen het wijzigingsplan.

    De ingediende zienswijzen komen in grote lijn met elkaar overeen. Hieronder worden deze

    zienswijzen themagewijs behandeld.

    Zienswijze 1: Aantasting uitzicht

    Alle reclamanten wijzen er op dat naar hun mening het uitzicht vanuit hun woning wordt beperkt

    door de voorgenomen bouw van het landgoed en de bijkomende landschappelijke inrichting.

    Reclamant 4 verzoekt daarnaast om enkele kleine aanpassingen ten aanzien van de inrichting

    van het gebied, zoals het verplaatsen van de schuilgelegenheid voor vee en de rij eikenbomen

    kleiner te maken en de ruimte tussen de eikenbomen vrij te houden van beplanting (struiken of

    ander hoog gewas).

    Reactie gemeente: Het valt niet te ontkennen dat de omvang van de bebouwing toeneemt. Door

    een aantal maatregelen is er in het inrichtingsplan voor gezorgd dat de uitstraling van de be-

    bouwing zoveel mogelijk wordt beperkt. Ten eerste zal bij de bestaande boerderij het grote bij-

    gebouw worden gesloopt, zodat ter plaatse meer openheid ontstaan en bovendien de niet al te

    fraaie bebouwing verdwijnt. Ten tweede is bij de opzet van de nieuw toe te voegen woningen

    gekozen voor een compacte opzet. Op deze wijze blijven er tussen de bestaande boerderij en

    de nieuwe woningen (en ten oosten daarvan) zichtlijnen naar het open landschap intact. Het-

    geen niet het geval zou zijn indien de woningen verspreid over het gebied zouden komen te

    liggen. Tot slot is ook de opzet van het ensemble zodanig dat de woningen, met uitzondering

    van het hoofdgebouw, een lage goot- en nokhoogte krijgen (3,5 respectievelijk 7 meter).

    Het gebied wordt historisch gezien gekenmerkt door een rijke aanwezigheid van landschappe-

    lijke beplanting, zoals houtwallen-/singels, bomenrijen en boscomplexjes. Openheid is dan ook

    alleen aanwezig binnen dit landschappelijke raamwerk. In het inrichtingsplan zijn deze land-

    schappelijke kenmerken als uitgangspunt gehanteerd waardoor het plangebied past binnen het

    grotere landschappelijke geheel.

    Ten aanzien van het verzoek van reclamant 4 om de schuilgelegenheid voor vee te verplaatsen

    en een grotere ruimte tussen de bomen in een bomenrij te bewerkstelligen, dient te worden

    opgemerkt dat de plaats van de schuilgelegenheid en de afstand van bomen niet worden gere-

    geld in het wijzigingsplan. Formeel heeft deze opmerking dan ook geen betrekking op het wijzi-

    gingsplan. De initiatiefnemer heeft positief gereageerd op het verzoek. In overleg met reclamant

    zal een voor reclamant aanvaardbare oplossing worden gezocht.

  • 3

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    De gemeente is van mening dat met de gehanteerde uitgangspunten een zorgvuldige inrichting

    van het gebied wordt bereikt waarbij rekening is gehouden met de landschapskenmerken van

    het gebied.

    Conclusie: De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het wijzigingsplan. In overleg met

    reclamant 4 zal een voor reclamant aanvaardbare oplossing worden gezocht voor de plaatsing

    van de schuilgelegenheid. Verder worden er geen struiken of ander hoog gewas onder de ei-

    kenrij aangebracht zodat een doorkijk mogelijk blijft.

    Zienswijze 2: Waardedaling woningen

    Reclamanten 1, 2, 3 en 5 hebben aangegeven dat het plan een waardedaling van hun woning

    zal betekenen.

    Reactie gemeente: Gelet op de kwalitatieve inrichting van het gebied is van een waardedaling

    naar onze mening geen sprake gelet op de ligging van de voorgenomen nieuwbouw. Immers,

    de bestaande grote agrarische opstal wordt gesloopt, voor de nieuw toe te voegen woningen is

    gekozen voor een compacte opzet, en de afstand tussen de woningen aan de Slaperdijk en de

    nieuw te bouwen woningen bedraagt minimaal 235 meter. Eventuele waardevermindering is

    ruimtelijk gezien geen toetsingskader en wordt ook niet in een wijzigingsplan geregeld, hier is

    de wettelijke planschaderegeling eventueel van kracht.

    Conclusie: De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het wijzigingsplan.

    Zienswijze 3: Landgoed niet passend

    Reclamanten 1, 2, 3 en 5 hebben aangegeven dat het plan qua schaal en functie niet past in

    het agrarisch gebied.

    Reactie gemeente: Nieuwe landgoederen leveren een bijdrage aan de (recreatieve) belevings-

    waarde van een gebied, versterken de natuurlijke kwaliteiten en dragen bij aan het creren van

    hoogwaardige woon- en werkmilieus. Het buitengebied krijgt steeds meer andersoortige func-

    ties dan (uitsluitend) agrarisch en gaat fungeren als stedelijk uitloopgebied. Op de ontwikke-

    lingskaart, behorende bij het bestemmingsplan Buitengebied 2009, is het gebied aangewezen

    als stedelijk recreatief uitloopgebied. Waarbij in het onderliggende beleidsdocument voor 'vrij-

    komende agrarische gebouwen' (VAB-beleid) een landgoedontwikkeling in dit plangebied als

    mogelijkheid wordt benoemd. Door het opnemen van wandelpaden zal het plangebied bijdragen

    aan het verbeteren van het recreatieve medegebruik van het buitengebied. Ook het opnemen

    van natuur (en het op een natuurlijke wijze beheren van het gebied) komt het recreatieve me-

    degebruik ten goede. Daarnaast is het toevoegen van natuur en waterberging een positief ele-

    ment.

    Wat de bij het landgoed behorende bebouwing betreft is in het vigerende bestemmingsplan, dat

    als kader fungeert voor het wijzigingsplan, ten aanzien van de gewenste omvang van de be-

    bouwing uitgegaan van een huis van allure en formaat met een inhoud van maximaal 3.000 m3.

    Zoals ook bij zienswijze 1 reeds is aangegeven is er voor gekozen om dit bouwvolume te sprei-

    den over een hoofdgebouw met een drietal kleinere volumes (met een lage goot- en nokhoog-

    te). Daarmee is geen sprake van grootschalige bebouwing. Het hoofdgebouw is dan weliswaar

    groter dan de drie "bijgebouwen" maar voor "landhuizen" redelijk kleinschalig (maximaal 1.100

  • 4

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    m3). De dakvormen en het materiaalgebruik zijn passend in de omgeving. De bebouwing zal

    een kwalitatief hoogwaardig karakter krijgen een daarmee bijdragen aan de recreatieve meer-

    waarde van het gebied.

    Conclusie: De gemeente is het niet eens met reclamanten dat de schaal en functie niet passend

    is in het gebied. De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het wijzigingsplan.

    Zienswijze 4: Precedentwerking

    Reclamanten 1, 2, 3 en 5 hebben aangegeven dat zij vrezen dat het voorgenomen bouwplan

    een precedent zal scheppen voor het bebouwen van het agrarisch gebied.

    Reactie gemeente: Ingevolge het bestemmingsplan Buitengebied 2009 hebben de aangren-

    zende percelen de bestemming Agrarisch gebied. Ter plaatse is geen bouwperceel opgenomen

    anders dan de bestaande (agrarische) bouwpercelen. Dat betekent dat verdichting volgens het

    bestemmingsplan is uitgesloten. Verder valt het gebied in het 'inpassingsplan Grebbelinieland-

    schap' van de provincie Utrecht. Dit inpassingsplan is mede gericht op het in stand houden van

    de karakteristiek en het borgen van de kwaliteiten van de Grebbelinie. Het staande beleid is

    gericht op het zo weinig mogelijk aantasten van de openheid.

    Binnen deze beleidskaders is het realiseren van een Landgoed op de nu voorliggende plek mo-

    gelijk (zie ook de beantwoording bij zienswijze 3). Het ontwikkelen van een landgoed (zoals

    Landgoed De Horst) is onderhevig aan vele voorwaarden. Zo dient te worden voorzien in de

    aanleg van een openbaar toegankelijk, aaneengesloten bos- of natuurgebied met een opper-

    vlakte van ten minste 5 hectare. Daarbij dient dan ook een substantile hoeveelheid agrarische

    bebouwing te worden gesloopt. Bovendien moeten de gronden niet (of althans niet op een

    doelmatige wijze) kunnen worden gebruikt voor areaalvergroting of structuurversterking van

    nabijgelegen niet-intensieve veehouderijen. Tot slot dient aan de hand van een inrichtingsplan

    redelijkerwijs te worden aangetoond dat het nieuwe landgoed een duidelijke meerwaarde heeft

    op het gebied van ecologie, landschap en behoud van cultuurhistorische waarden, ten opzichte

    van de oude situatie.

    Conclusie: De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het wijzigingsplan.

    Zienswijze 5: Engweg

    Reclamanten 3 en 5 hebben voorts aangegeven dat de Engweg gelet op de oorlogshistorische

    achtergrond (Grebbelinie) niet aangepast mag worden.

    Reactie gemeente: Het plan voorziet in het handhaven van de Engweg. Zij het dat deze over

    het eerste deel (ten zuiden van de huidige boerderij) zal, in tegenstelling tot hetgeen op pagina

    29 van het ontwerp-wijzigingsplan staat aangegeven, worden afgesloten voor alle verkeerssoor-

    ten. De historische Engweg zal als een hoger gelegen rug in het landschap zichtbaar blijven. De

    ontsluiting van het achterliggende gebied gaat in de toekomst ten noorden van de bestaande

    boerderij lopen zodat de aansluiting op de Horsterweg plaatsvindt ter plaatse van de aansluiting

    van de sportvelden. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid is dit een betere oplossing dan

    twee gescheiden aansluitingen.

  • 5

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    De gemeente is van mening dat het handhaven en zichtbaar houden van de Engweg voldoende

    rekening houdt met de historische waarde van de weg. Vanuit verkeerstechnische overwegin-

    gen gaat de voorkeur uit naar een volwaardige kruising op de Horsterweg.

    Conclusie: De zienswijze leidt tot een aanpassing van het wijzigingsplan. Op pagina 29 van de

    plantoelichting zal de tekst over de Engweg aangeven dat deze wordt afgesloten voor alle ver-

    keerssoorten.

  • 6

    Nota zienswijzen

    Wijzigingsplan Landgoed De Horst

    3. Aanpassingen van het wijzigingsplan

    Naar aanleiding van de ingekomen zienswijzen is op pagina 29 van de plantoelichting de tekst

    over de Engweg gewijzigd. Voor het overige worden er geen wijzigingen aangebracht in het

    wijzigingsplan.