Aanvulling Smit Personenauto 2020 - “Aanvulling Smit Categorie B - A en AM_2020” Tip:...

Click here to load reader

  • date post

    30-Jan-2021
  • Category

    Documents

  • view

    2
  • download

    0

Embed Size (px)

Transcript of Aanvulling Smit Personenauto 2020 - “Aanvulling Smit Categorie B - A en AM_2020” Tip:...

  • 1

    Aanvulling categorie B

    rijschoolservice

    Na het produceren van het theorieboek B zijn er bij het CBR enkele wijzigingen doorgevoerd. De reden hiervoor waren de stikstofmaatregel van de regering en een verbetering in de examens. Deze worden hieronder uitgelegd. Verder heeft de inhoud van dit boek geen invloed op de slagings- kans als je het goed bestudeerd hebt.

    Naar aanleiding van de stikstofmaatregel is bepaald dat er in Nederland tussen 6.00 uur en 19.00 uur een maximumsnelheid van 100 km per uur geldt. Dit wordt echter overal met borden en onderborden aangegeven.

    Maximumsnelheid motorvoertuigen op autosnelwegen Zoals gezegd geldt er op de autosnelweg een maximumsnelheid van 130 km per uur. Maar dat geldt niet overal. Dus kan de vraag opkomen: Hoe snel mag er nu eigenlijk gereden worden op de autosnelweg? Dat lijkt ingewikkeld, daarom zetten we het even voor je op een rijtje. De norm is dus 130 km per uur. In verband met diverse omstandigheden (soms op bepaalde tijden) kunnen lagere snelheden gelden, denk bijvoorbeeld aan wegwerkzaamheden of in verband met de natuur en het milieu (stikstofnorm). Dat wordt dan altijd door borden aangegeven. Als je een oprit van de snelweg oprijdt weet je direct welke snelheid er geldt. De beperking wordt door de vertrouwde ronde borden aangegeven. Als je eenmaal op de autosnelweg rijdt en de maximumsnelheid verandert, dan wordt dat aangege- ven door een vierkant bord met daarin het bord wat de nieuwe snelheid wordt. Borden einde maxi- mumsnelheid worden daar dus niet geplaatst.

    Maximumsnelheid geldig op bepaalde tijden Als er op een wegvak op verschillende tijden een maximumsnelheid geldt dan wordt dat op de gewone borden middels een tijdvenster aangegeven. Dat betekent (zie borden hierna) dat je in dit geval tussen 06.00 uur ’s ochtends en 19.00 uur ’s avonds de snelheid mag rijden die op het bord staat, dus 100 km per uur. Tussen 19.00 uur ’s avonds en 06.00 uur de volgende ochtend is de maxi- mumsnelheid dan 130 km per uur. Want dat is de norm. Natuurlijk kan er ook een bord staan dat er op die tijd een maximumsnelheid van 120 km per uur geldt.

    Borden die de snelheidsovergang aangeven op de autosnelweg.

    Deze borden staan op de oprit.

    De aangegeven maximumsnelheid geldt voor het aangegeven tijdvak.

  • 2

    Maximumsnelheid op hectometerbordjes Naast de gewone snelheidsborden wordt de maximumsnelheid ook vermeld op de hectometerbord- jes die de hele kilometers aangeven.

    De bordjes geven je ook informatie over de weg waarop je rijdt, het bordje A4 of A2 geeft het rou- tenummer van een autosnelweg aan, ‘Re‘ betekent rechter wegdeel, ‘Li‘ betekent linker wegdeel en 39,0 en 85,0 zijn kilometeraanduidingen. Bij pech, ongeval of een ander noodgeval geef je deze informatie door aan de politie, wegenwacht of andere hulpverleners. Zij weten dan waar zij moeten zijn.

    Spitsstrook Op drukke autosnelwegen waar in de spits lange files ontstaan, mag je de vluchtstrook gebruiken als extra rijstrook om zodoende het fileprobleem enigszins tegen te gaan. Wanneer en over welke afstand je deze zogeheten spitsstrook mag gebruiken wordt met borden en/of rijstrooklichten aan- gegeven. Als de spitsstrook in gebruik is dan is deze strook ook voorzien van een groene pijl. Een gesloten spitsstrook wordt aangegeven door een rood kruis of door borden. Bij openstelling van de spitsstrook mag je de tussenliggende doorgetrokken streep overschrijden. Voor weggebruikers met pech zijn naast deze strook op regelmatige afstand vluchthavens aanwezig.

    Als een spitsstrook geopend of gesloten is heeft dat ook gevolgen voor de ter plaatse geldende snelheid. Dat is duidelijk aangegeven middels borden. Bijvoorbeeld: je mag maximaal 100 km per uur of 80 km per uur rijden als de spitsstrook open is. Bij een gesloten spitsstrook gelden de door de borden aangegeven maximumsnelheden. Links gelegen spitsstroken worden ook wel plusstroken genoemd. Over het algemeen zijn deze plusstroken wat smaller.

    Aangegeven op de hele kilometers dus 71,0, 50,0 en 113,0 km.

    Op hectometerbordjes wordt in voorkomende gevallen ook het tijdvak vermeld.

    Spitsstrook gesloten: 100 km per uur tussen 6-19 uur.

    Spitsstrook open. Aangepaste maximumsnelheid.

    C 23-03C 23-02C 23-01

  • 3

    De nadruk in het CBR examen is iets meer komen te liggen bij verkeersinzicht en het toepassen van de regels, dus de verkeersveiligheid. Deze aanpassing heeft in principe geen invloed op de inhoud.

    Het theorie-examen Het CBR theorie-examen voor de auto bestaat uit 65 vragen. Deze vragen zijn verdeeld over 3 categorieën:

    1. Gevaarherkenning - 25 vragen Dit onderdeel gaat over het herkennen van gevaar en wat je moet doen in een situatie. 2. Kennis - 12 vragen In dit onderdeel word getoetst of je feiten en regels kunt herkennen en benoemen. 3. Inzicht - 28 vragen In dit onderdeel word getoetst of je de regels kunt toepassen en een juiste beslissingen kunt ne-

    men.

    Het CBR theorie-examen voor de motorfiets en de bromfiets bestaat uit één onderdeel waarin je kennis van feiten en regels en het toepassen ervan getoetst wordt. Ook hier komt in het examen steeds meer de nadruk te liggen op verkeersinzicht, het toepassen van de regels en hierin een juiste beslissing kunnen nemen.

    Vanaf de volgende pagina vindt je een aantal vragen over thema’s die de laatste tijd actueel gewor- den zijn. De vragen zijn ingedeeld in de onderdelen zoals ze in examen gevraagd kunnen worden.

    Het CBR neemt het examen af via een computergestuurd examensysteem. Je doet individueel examen met behulp van een touchscreen. In het examen kom je verschillende soorten vragen tegen.

    Dit kunnen zijn: - de hotspotvraag; tik het juiste antwoord in de afbeelding aan. - de sleepvraag; sleep de cijfers naar de juiste plaatsen in de afbeelding. Degene die als eerste mag geef je nummer 1, de volgende nummer 2 en de laatste geef je nummer 3. - de single-sleepvraag; sleep het vinkje naar de juiste plaats in de afbeelding. - de invulvraag; vul met behulp van het toetsenbord op het scherm het juiste getal in. - de ja/nee-vraag; beantwoord de vraag met ‘ja’ of ‘nee’. - de meerkeuzevraag; je kiest het juiste antwoord uit twee of drie mogelijkheden.

    Voorbeelden van dit soort vragen zijn opgenomen in de pdf met oefeningen: “Aanvulling Smit Categorie B - A en AM_2020”

    Tip: Kijk voor je op examen gaat op de CBR website naar, “Hoe gaat het theorie-examen auto?”

    Aanvulling op pagina 29 bij het onderwerp Slepen. Een auto met een automatische versnellingsbak mag je niet slepen zonder specialistische kennis.

    Aanvulling op pagina 33 bij het onderwerp Autogordels. Een zwangere vrouw draagt de bovenste riem diagonaal over het bovenlichaam en het horizontale deel van de gordel op de heupen en dus onder de zwangere buik. Zo worden mogelijke schokken opgevangen met de bekken en niet met de buik.

  • 4

    Aanvulling vragen categorie B onderdeel

    Wet- en Regelkennis

    01. Welke kleur licht heeft een achteruitrijlicht?

    A. Ambergeel. B. Wit. C. Rood

    02. Automobilisten kunnen het rijbewijs, naast de bestaande straf en/of boete, kwijtraken als zij met meer dan ........ km per uur de toegestane maximumsnelheid overschrijden.

    ........... km per uur.

    03. Wat is de maximumsnelheid op autosnelwegen?

    A. 100 km per uur. B. 120 km per uur. C. 130 km per uur.

    04. Mag het zicht naar achter in de binnenspiegel belemmerd zijn als de auto niet is voorzien van een rechterbuitenspiegel?

    A. Ja. B. Nee.

    rijschoolservice

  • 5

    05. Welke bestuurders mogen een weg met dit bord inrijden?

    A. Bestuurders van personenauto’s. B. Bestuurders van trekkers met een oplegger. C. Bestuurders van vracht auto’s.

    06. Op welke ruiten is het toegestaan deze te voorzien van een verduisteringsfolie?

    A. De achterruit en zijruiten mogen zijn voorzien van een folie of coating.

    B. De achterruit en achterzijruiten (vanaf de B-stijl) mogen zijn voorzien van een folie of coating als het voertuig beschikt over een rechter- buitenspiegel.

    C. Alleen de achterruit mag zijn voorzien van een folie of coating als het voertuig beschikt over een rechterbuitenspiegel.

    07. Is het toegestaan de vooruit te voorzien van een spiegelfolie?

    A. Ja. B. Nee.

    08. Het koelvloeistofpeil is regelmatig te laag. Wat is daar mogelijk de oorzaak van?

    A. Het water verdampt en dat is normaal. B. Door het regelmatig controleren verdampt er veel vloeistof. C. Waarschijnlijk is er een kleine lekkage.

    09. Wat is het doel een aftelverkeerslicht?

    A. Om sneller te kunnen accelereren als het verkeerslicht op groen springt.

    B. Om vlotter te reageren als het verkeerslicht op groen springt.

  • 6

    10. In welk reservoir moet de ruitensproeiervloeistof bij gevuld worden?

    A. Afbeelding A B. Afbeelding B. C. Afbeelding C.

    11. Mag een auto voorzien zijn van blauwkleurige waarschuwingsknipperlichten?

    A. Ja, dat mag. B. Nee, dat mag niet. C. Dat mag alleen als ze buiten de bebouwde kom gebruikt worden.

    12. Eén van de geel gekleurde koplampen is stuk. Mag deze vervangen worden door een wit gekleurde koplamp?

    A. Ja. B. Nee.

    13. Welk bord geeft een alternatieve route aan?

    A. Bord A. B. Bord B.

    14. Wat is het beste moment om de koelvloeistof te controleren?

    A. Regelmatig bij een koude motor. B. Regelmatig bij een warme motor. C. Alleen bij een grote beurt.

    A

    C

    B

    A