05.05.2014 Jansen, Golan

download 05.05.2014 Jansen, Golan

of 22

  • date post

    28-Mar-2016
  • Category

    Documents

  • view

    219
  • download

    2

Embed Size (px)

description

Programmes for different events (such as concerts and plays) produced by the Brussels Centre for Fine Arts, which include biographies of the artists in question, information on the works being performed, etc.

Transcript of 05.05.2014 Jansen, Golan

  • BOZARMU SIC

    Janine Jansen, viool | violonItamar Golan, piano

    05.05.2014Henry Le BufzaaL | SaLLe Henry Le Buf

  • 1Nederlandse teksten, p. 4 Textes franais, p. 7 Biografien | Biographies, p. 11

    RP1 - Recitals in het Paleis | Rcitals au Palais

    Janine Jansen, viool | violonItamar Golan, piano

    Leo Janek 1854-1928Sonate voor viool en piano | Sonate pour violon et piano, JW VII/7 Con moto Ballada (Con moto, meno mosso, poco mosso) Allegretto Adagio

    Franz Schubert 1797-1828Fantasie voor viool en piano in C | Fantaisie pour violon et piano en do majeur, op. 159, D 934 Andante molto Allegretto Andantino Allegro vivace - Allegretto - Presto

    pauze | pause

    Ernest Chausson 1855-1899 Pome, voor viool en piano | pour violon et piano, op. 25 (arr.)

    Johannes Brahms 1833-1897Sonate voor viool en piano nr. 3 in d | Sonate pour violon et piano n 3 en r mineur, op. 108 Allegro alla breve Adagio Un poco presto e con sentimento Presto agitato

    22:00 Einde van het concert | Fin du concert

  • 2Gelieve uit respect voor de artiesten en de muziek de stilte te bewaren. Schakel uw gsm of elektronisch uurwerk uit en hoest niet onnodig. Het is verboden te fotograferen, te filmen en opnames te maken.Pour les artistes et la musique, merci de respecter le silence. Veillez teindre tlphones portables, montres lectroniques et rprimer les toux. Il est interdit de photographier, filmer et enregistrer.

    coproductie | coproduction opname | captation

    COnCerT CLaSSICarTe

    BOZARMUSIC

  • 3

  • 4Leo Janek Sonate voor viool en piano, JW VII/7 (1914-1921)

    Janeks muziek is ruw, direct en kort van stof, al laat zij vaak ruimte voor lyriek en melodie. De componist putte creatieve kracht uit emoties, uit leed en liefde, uit vreugde en verdriet. Typisch voor zijn werken is de gejaagdheid waarmee sterk contrasterende gemoedstoestanden elkaar opvolgen. In de muziek blijkt dit op verschillende niveaus. Schrale, schrij-nende samenklanken staan vaak naast volle romantische akkoorden; motivische brokken wisselen af met zangerige cantilenen; onregelmatige maatsoorten en ritmes verstoren de rust, als die er al is. Janek voltooide de Sonate voor viool en piano in 1921, het jaar waarin hij ook zijn opera Katja Kabanova afwerkte. In feite is dit werk Janeks derde vioolsonate, maar de twee andere sonates gingen verloren. De hierboven beschreven karak-teristieken komen in dit werk duidelijk tot uiting: de sonate is hitsig en rapsodisch. Vele fragmenten wekken zelfs een improvisatorische indruk. Omwille van haar bittere en rusteloze karakter beschouwen verschillen-de critici de Sonate als een naklank van Katja Kabanovas tragische liefde. Hoewel deze interpretatie weinig of geen substantile informatie over de muziek zelf geeft, toont ze terecht aan hoezeer de menselijke emotionali-teit als richtsnoer fungeerde in vrijwel alle werken van Janek.

    franz Schubert fantasie voor viool en piano in C, op. 159, D 934 (1828)

    Schubert componeerde de Fantasie uit 1828 voor de Tsjechische vio-list Josef Slavik, een virtuoos die door Chopin beschreven werd als een tweede Paganini. Voor de premire van de Fantasie kon Slavik rekenen op de pianist Carl Maria von Bocklet met wie Schubert regelmatig sa-menwerkte tijdens de laatste jaren van zijn leven. Slavik was pas in 1826 in Wenen aangekomen, maar hij werd onmiddellijk opgenomen in de in-tieme vriendenkring van Schubert.

    Deze Fantasie is Schuberts laatste kamermuziekwerk. Het is erg uit-zonderlijk dat het werk nog tijdens zijn leven gecreerd is: talrijke com-posities kregen immers pas na zijn dood hun eerste publieke uitvoering. Naar aanleiding van de creatie in januari 1828 schreef een Weens criticus:

    TOeLICHTInG

  • 5De Fantasie nam bijna teveel van de tijd die een Wener bereid is op te brengen voor geestelijke genoegens. De zaal liep geleidelijk aan leeg en de schrijver bekent dat ook hij niet in staat is iets te zeggen over het einde van dit stuk muziek. Dit is hoogstwaarschijnlijk de enige getuigenis van die aard, de enige keer dat een criticus de zaal verlaat tijdens een werk van Schubert. Jammer voor hem, want de coda is zeer briljant gecomponeerd en doet de fantasierijke ongelijkheid van al het voorgaande vergeten.

    ernest Chausson Pome, voor viool en piano, op. 25 (arr. - 1896)

    Men heeft lange tijd aangenomen dat Pome, op. 25 een zuiver muzi-kaal stuk was, zonder literaire aanzet. In werkelijkheid ligt De zang van de triomfantelijke liefde, een novelle van Toergenjev, aan de basis van het muziekwerk. Twee verliefden maken ruzie om een meisje. Degene die wordt afgewezen vertrekt naar het Oosten en keert enkele jaren later te-rug. Op een hindoeviool speelt hij een passionele melodie die het mooie meisje hypnotiseert. Wanneer de echtgenoot van het meisje de betovering ontdekt, steekt hij zijn dolk in het hart van zijn rivaal. De jonge vrouw ontwaakt, als werd ze bevrijd uit een nachtmerrie. Chausson nam in zijn partituur, die hij schreef op vraag van violist Eugne Ysae, afstand van het oorspronkelijke verhaal om er slechts de kern van over te houden. Het resultaat is een vreemde, passionele en verwarrende liefdeszang gewor-den. Het Pome van Chausson vereist een grote virtuositeit, maar deze is nooit te nadrukkelijk. Precies hierin schuilt de geheime verleidingskracht van dit onmiskenbare meesterwerk.

    Johannes Brahms Sonate voor viool en piano nr. 3 in d, op. 108 (1886-1888)

    Brahms hield van de natuur omdat deze hem stimuleerde: hij kon er samen met zijn muzikale ingevingen gaan wandelen, zoals hij dat noemde. Het is dan ook niet verwonderlijk dat telkens tijdens de zomer-maanden een groot deel van zijn mooiste liederen en instrumentale com-posities het licht zag. Reeds in 1877 schreef hij de Weense muziekcriticus Eduard Hanslick: De Wrthersee is een maagdelijk terrein waar de me-

  • 6lodien rondfladderen; men moet oppassen er geen stuk te trappen... In een van de daaropvolgende zomers zag de Vioolsonate nr. 1 in G, op. 78 het licht in Prtschach aan de Wrthersee. De zomer van 1886 bracht Brahms door aan de oevers van de Thunersee in Zwitserland, eveneens een gelief-de plaats. Hij componeerde er de Sonate voor viool en piano nr. 2 in A, op. 100 en werkte er twee jaar later de Sonate voor viool en piano nr. 3 in d, op. 108 af.

    De Derde sonate in d, opgedragen aan Hans von Blow, heeft weinig van doen met ingetogen kamermuziek. Het is een echte concertsonate die door de grote spankracht en het symfonische karakter losstaat van haar voorgangers. Het openingsthema van het eerste deel gaat totaal voorbij aan elke voorgeschreven, klassieke regel. Wanneer het tweede thema zich dramatisch opdringt, is meteen het nodige contrast geschapen voor de ontwikkeling van een geladen conflict. Het aansluitende Adagio is ernstig en afstandelijk en vormt het meest eenvoudig opgebouwde luik uit het geheel. Na een kort intermezzo volgt een tarantella-achtige finale waarin alle demonen losgelaten worden, tot een intense tragische coda het werk afsluit.

  • 7Leo Janek Sonate pour violon et piano, JW VII/7 (1914-1921)

    La musique de Janek est rugueuse, directe, peu loquace, mais elle laisse la place au lyrisme et la mlodie. Janek tire sa force cratrice des motions. Trait typique de ses uvres, la prcipitation avec laquelle il fait se succder des situations motives contraires qui sexpriment de nom-breux niveaux : des configurations sonores sches et noueuses, ctoient des accords romantiques, des motifs fragments alternent avec des can-tilnes mlodieuses, des mesures et des rythmes irrguliers troublent la paix, si tant est quelle soit.

    Janek donna la forme dfinitive sa Sonate en 1921, anne qui est aussi celle de lachvement de son opra Katia Kabanova. En fait cette uvre est la troisime sonate de Janek, mais les deux uvres prc-dentes ayant disparu, cette dernire est considre comme unique . Les caractristiques voques ci-avant transparaissent clairement dans luvre : la sonate est ardente et rhapsodique, avec de nombreux frag-ments proches de limprovisation. Malgr sa duret et son caractre agit, de nombreux critiques considrent cette sonate comme une rminiscence sonore de lamour tragique de Katia Kabanova. Si cette interprtation noffre sans doute pas suffisamment dinformations quant la substance de la musique, elle permet cependant dapprhender quel point les mo-tions humaines sont au cur de luvre de Janek.

    franz Schubert fantaisie pour violon et piano en do majeur, op. 159, D 934 (1828)

    Schubert utilisait frquemment le matriel provenant de ses lieder dans ses uvres instrumentales, linstar de cette Fantaisie qui contient des variations sur le thme de Sei mir gegrsst (pome de Friedrich Rckert). La pice est compose de sept sections diffrentes, relies entre elles pour former une unit homogne. Les diffrentes sections prsentent ds lors de nombreuses parents, plusieurs passages rapparaissant dans chacune delles sous des formes diffrentes. Au dbut de luvre, le vio-

    CLef D'COuTe

  • 8lon slve avec une intensit poignante sur un fond tremolando au piano. Dans lAllegretto la Paganini qui suit, le sujet principal est arrang selon les principes du canon. LAndantino une srie de variations sur Sei mir gegrsst est la pice matresse de luvre. Schubert sattarde bri-vement sur lide tremolando du dbut qui dbouche finalement sur une section hroque inspire du lied, avant de plonger dans une coda presto.

    ernest Chausson Pome pour violon et piano, op. 25 (arr. 1896)

    Longtemps on a cru que le Pome, op. 25 tait une uvre de musique pure, sans propos littraire. La ralit est tout autre : le Pome se base sur une nouvelle de Tourgueniev intitule Le chant de lamour triomphant. Deux amoureux sy disputent les faveurs dune belle. Celui des deux qui est conduit sen va vers lOrient et revient quelques annes plus tard